Concept verordening WMO 2022def_3.docx.pdf
Tekst van het document
57-58) staat dat cliënten in beginsel moeten kunnen klagen over alles wat hen niet aanstaat in de manier waarop zij zich bejegend voelen. Is de cliënt niet tevreden over een gedraging van de aanbieder, dan kan het ook gaan om bijvoorbeeld de kwaliteit van de geleverde maatschappelijke ondersteuning (in verband met de deskundigheid van de medewerker of een bepaalde houding of uitlating, gebrekkige communicatie of (on)bereikbaarheid van de aanbieder). Het ligt voor de hand dat cliënten die zich benadeeld voelen zo veel mogelijk deze klacht eerst bij de betreffende aanbieder deponeren. Zij moeten erop kunnen vertrouwen dat de aanbieder de klacht snel in behandeling neemt en de klacht ook snel afhandelt. Daar waar de afhandeling niet naar wens is, staat alsnog de weg naar de gemeente open. Artikel 20 Medezeggenschap bij aanbieders van maatschappelijke ondersteuning Dit artikel geeft uitvoering aan artikel 2.1.3, tweede lid, onder f, van de wet, waarin is bepaald dat in ieder geval moet worden bepaald ten aanzien van welke voorzieningen een regeling voor medezeggenschap van cliënten over voorgenomen besluiten van de aanbieder, die voor de gebruikers van belang zijn, vereist is. In dit artikel gaat het dus om medezeggenschap van cliënten tegenover de aanbieder.
Voorheen moest de aanbieder voldoen aan de in de Wet klachtrecht cliënten en de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) gestelde regels. Onder de Wmcz werd inspraak tegenover de aanbieder reeds verwezenlijkt via de cliëntenraad. Onder
Pagina 30/35
de Wmo 2015 is het stellen van regels geheel aan gemeenten overgelaten. Dit is hier uitgewerkt door te bepalen dat aanbieders een regeling voor medezeggenschap dienen vast te stellen. De aanbieder is ten aanzien van alle voorzieningen verplicht een medezeggenschapsregeling op te stellen (artikel 3.2, eerste lid, onder b, van de wet).
Artikel 21 Betrekken van ingezetenen bij het beleid Deze bepaling geeft uitvoering aan artikel 2.1.3, derde lid, van de wet. In het eerste lid is verwezen naar de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet vastgestelde inspraakverordening. Op deze manier wordt gewaarborgd dat er eenzelfde inspraakprocedure geldt voor het Wmobeleid als op andere terreinen. De inspraak geldt voor alle ingezetenen. Dit is uitdrukkelijk de bedoeling van de wetgever. In het derde en vierde lid zijn de specifieke vereisten voor medezeggenschap in het kader van de Wmo 2015 opgenomen. Met het vierde lid wordt het aan het college overgelaten om de exacte invulling van de medezeggenschap vorm te geven. Op dit moment bestaat hiervoor in Heerlen de MO Adviesraad.
Artikel 22 Hardheidsclausule Juist omdat het in de Wmo om maatwerk gaat, zal het college er niet aan ontkomen om uiteindelijk toch te beoordelen of in bijzondere gevallen sprake kan zijn van onbillijkheden van overwegende aard. Deze afweging zal niet vaak voorkomen. Als toch nog sprake is van een niet billijke situatie is de hardheidsclausule een vangnet. Bovendien kan de aanvrager zelf ook een beroep doen op deze clausule.
Pagina 31/35
BIJLAGE I. BEREKENING VAN DE PGB-UURTARIEVEN ARTIKEL 8 1.
Ondersteuning geleverd door een zorgaanbieder of een bij de Kamer van Koophandel geregistreerde zelfstandig ondernemer. Bij het bepalen van het PGB-uurtarief is rekening gehouden met het volgende: Gemiddelde bruto-uurloon conform CAO VVT: - Hulp bij het huishouden basis = FWG 10 (artikel 7 tweede lid onder b.) - Hulp bij het huishouden plus = FWG15 (artikel 7 tweede lid onder c.) Gemiddelde bruto-uurloon conform CAO GHZ: - Persoonlijke begeleiding individueel = FWG 40 (artikel 8 tweede lid onder b.) - Persoonlijke begeleiding individueel, module gedrag = FWG 45 (artikel 8, tweede lid onder c.) -Toeslag voor indirecte uren, reistijd, mogelijke afdrachten belastingdienst en werkgeverslasten. - Toeslag voor extra kosten m.b.t. tot het uitvoeren van de werkgeverstaken door de pgb-houder zoals extra telefoonkosten en portokosten. In het geval dat de ondersteuning geleverd wordt door een Zelfstandige zonder Personeel (ZZP’er), dient deze ingeschreven te zijn bij de Kamer van Koophandel (KvK). De inschrijving bij de KvK dient verband te houden met de Wmo-ondersteuning die geleverd wordt.
2. Ondersteuning geleverd door iemand uit het sociaal netwerk Hiervoor wordt aangesloten bij het wettelijk minimumloon.
Uurtarieven persoonsgebonden budgetten 2020 Hulp bij het huishouden Persoonlijke begeleiding – individueel
Sociaal netwerk
€ 13,74
Basis
€ 16,76
Plus
€ 20,94
Sociaal netwerk
€ 13,74
Individueel
€ 32,00
Individueel – € 40,00 module gedrag Tabel 8: Uurtarieven PGB voor ‘hulp bij het huishouden’ en ‘persoonlijke begeleiding – individueel’. II Tarieven voor kortdurend verblijf/ logeeropvang/ respijtzorg Het tarief per etmaal, voor ondersteuning die wordt geboden door het sociaal netwerk of mensen die niet als zelfstandig ondernemer bij de Kamer van Koophandel geregistreerd zijn, is gebaseerd op basis van de kosten voor bed-bad-brood en een
Pagina 32/35 dagactiviteit met belanghebbende. Voor het bepalen van deze kosten is uitgegaan van informatie van het NIBUD. Activiteit
Kosten
Gebruik wasmachine en -droger
€ 2,50
Baden/ douchen
€ 1,00
Voeding
€ 6,35
Dagactiviteit
€ 10,00
Totaal
€ 19,85
Voor professionele organisaties (die wel als zelfstandig ondernemer bij de Kamer van Koophandel geregistreerd zijn) geldt een tarief van € 75,00 per etmaal. Dit komt overeen met het tarief dat bij de inkoop 2015-2016 voor Zorg in Natura gold. Ook dit tarief wordt niet geïndexeerd. Voor zorg in natura liggen deze tarieven inmiddels lager: Vanaf 2017 is ingekocht via Stand-By! op basis van een lumpsum, waarin een korting op de bestaande tarieven is meegenomen. III Tarieven dagbesteding Dagbesteding kan alleen op professionele basis met een pgb ingekocht worden. De tarieven zijn hier de tarieven vanuit de inkoop Wmo 2015-2016, zonder indexatie. Voor zorg in natura liggen deze tarieven inmiddels lager: Vanaf 2017 is ingekocht via Stand-By! op basis van een lumpsum, waarin een korting op de bestaande tarieven is meegenomen.
IV Tarieven beschermd wonen in een kleinschalige woonvoorziening In dit tarief zijn de huisvestingskosten en kosten voor voeding niet inbegrepen, in tegenstelling tot wat geldt voor de zorg in natura. Het tarief is gebaseerd op een gemiddeld bedrag dat hiervoor door de betreffende organisaties berekend wordt.
Pagina 33/35
BIJLAGE II. KOSTENBEREKENING WOONVOORZIENINGEN Ingevolge paragraaf 3.3 is het mogelijk om een maatwerkvoorziening te krijgen voor het verwerven van extra grond ten behoeve van een aanbouw of uitbreiding van een bepaald vertrek indien dit op grond van ergonomische beperkingen noodzakelijk zou zijn. Het aantal m2 wat voor een maatwerkvoorziening in aanmerking komt is per vertrek (zie tabel) gemaximeerd. 1.a Aantal m2 waarvoor ten hoogste een maatwerkvoorziening kan worden verleend, aangegeven per vertrek in een zelfstandige woning Maatwerkvoorziening in geval van aanbouw van een vertrek soort vertrek woonkamer keuken eenpersoons slaapkamer tweepersoons slaapkamer toiletruimte badkamer doucheruimte entree / gang / hal
Maatwerkvoorziening in geval van uitbreiding van een reeds aanwezig vertrek
30 10 10 18
6 4 4 4
2 2 3 5
1 1 2 2
1.b Kosten padverharding Het aantal m2 verhard pad tussen de openbare weg en de hoofdingang tot een woonruimte, dan wel tussen een tweede ingang en een berging en/of tuinpoort dat bij het nieuw aanleggen van paden, dan wel bij het aanpassen van bestaande paden ten hoogste voor financiële tegemoetkoming in aanmerking komt bedraagt 20 m2.
Pagina 34/35
BIJLAGE III. VERGOEDING VOOR KOSTEN VAN ONDERHOUD, KEURING EN REPARATIE Alleen de werkelijk gemaakte kosten van keuring, onderhoud (met een maximum van de in de tabel genoemde bedragen) en reparatie (niet expliciet gebonden aan een maximum) aan de hieronder genoemde onderdelen komen in aanmerking voor een financiële tegemoetkoming: a. stoelliften; b. rolstoel- of sta-plateauliften; c. woonhuisliften; d. hefplateauliften; e. balansliften; f. de mechanische inrichting voor het verstellen van een in hoogte verstelbaar keukenblok, bad of wastafel; g. elektromechanische openings- en sluitingsmechanisme van deuren; h. sanibroyeur en; i. douche-föhninstallatie. De maximale vergoeding van kosten voor onderhoud en/ of onderhoudscontract en keuring van diverse soorten liften in woningen en trappenhuizen bedraagt:
Soorten liften Stoellift Rolstoel-plateaulift Woonhuisliften Hefplateaulift Balanslift * *
Keuringen Frequentie keuring 1x per 4 jaar 1x per 4 jaar 1 x per 1,5 jaar 1x per 1,5 jaar 1x per 1,5 jaar
Kosten excl. BTW € 254,09 € 309,59 € 309,59 € 314,03 € 89,91
Onderhoud Frequentie onderhoud 1x per jaar 1x per jaar 2x per jaar 2x per jaar 1x per jaar
Kosten excl. BTW € 521,04 € 521,04 € 1.042,06 € 1.042,06 € 531,16
Balansliften worden niet meer nieuw gemaakt. Bestaande balansliften kunnen nog wel gewoon
gekeurd en onderhouden worden. Het lifteninstituut berekent de kosten voor periodieke keuring van balansliften op grond van een uurtarief.
Maximale toeslagen op bovengenoemde tarieven: 50% voor installaties geplaatst buiten de woning; 50% voor installaties die meer dan 1 verdieping overbruggen; 50% voor installaties, uitgevoerd met elektrisch aangedreven plateaus en/of afrijdbeveiliging resp. elektrisch wegklapbare raildelen.
Pagina 35/35
Formulier algemene informatie Vastgesteld door:
Gemeenteraad van Heerlen
Officiële naam van de verordening:
Verordening maatschappelijke ondersteuning Heerlen 2020
Citeertitel van de verordening:
Verordening maatschappelijke ondersteuning Heerlen 2020
Onderwerp van de verordening:
Uitvoering WMO 2015
Wettelijke grondslag:
WMO 2015
Afdeling:
Uitwerkingsbesluiten en/of beleidsregels op
Nee
63000 Maatschappij
grond van eventuele in te
Bureau Beleid
trekken verordening blijven van kracht
Auteur: Karin Kremer
Telefoonnummer:
Algemeen verbindend voorschrift?
Ja
Domein:
63000 Maatschappij
4533 Mede-auteur: Astrid Schotanus
Registratienummer van de verordening: Registratienummer raadsvoorstel:
BWV-………….
Rubriek
Meedoen en Zorg
Datum inwerkingtreding:
1 januari 2020
Datum terugwerkende kracht (t/m) (indien
…………..
van toepassing Datum besluit/ondertekening: Geldig voor bepaalde duur: (ja/nee)
Nee
Deze verordening treedt in de plaats van:
Verordening maatschappelijke ondersteuning Heerlen 2018
Registratienummer vorige verordening:
BWV-18003015
Onderstaande gegevens niet zelf invullen. Datum besluit intrekking: Datum publikatie intrekking: Datum inwerkingtreding intrekking