CConstaterende datHeerlen
Koppel je AI →
Document · PDF

Burgemeester Gijzelslaan te Heerlen_vastgesteld_1_Bijlage 7 Aanvullend bodemonderzoek perceel s.pdf

Raadsvergadering . (video) 23 november 2022, gemeente HeerlenBij agendapunt: Bestemmingsplan “Burgemeester Gijzelslaan te Heerlen”13.397 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

9.3

8.6

9.3

0.01 0.01 0.31 0.31 0.09 0.09 0.63 0.63 0.33 0.33 0.27 0.27 0.14 0.14 0.23 0.23 0.15 0.15 0.13 0.13

-

2.29 2.29 WO 0.02

BC BI

8.6

<0.01 0.007 1.9 1.9 0.61 0.61 3.3 3.3 2.0 2 1.4 1.4 0.78 0.78 1.5 1.5 0.84 0.84 0.88 0.88

-

13.21713.2

IN 0.30

Toetsing volgens BoToVa, module T.1-Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem (Toetsversie 3.0.0, toetskader BBK, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 07-01-2020 - 12:19)

Projectcode Projectnaam

369663 Burgemeester Gijzelslaan ong. 5-02-1 Grond (AS3000) Klasse wonen

Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie Analyse

Eenheid SR

droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies)

% g %

BT BC BI

82.5 82.5 <1 Geen 2.2 2.2

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS 15

15

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kg 0.02 0.02 fenantreen mg/kg 0.47 0.47 antraceen mg/kg 0.12 0.12 fluoranteen mg/kg 0.89 0.89 benzo(a)antraceen mg/kg 0.79 0.79 chryseen mg/kg 0.49 0.49 benzo(k)fluoranteen mg/kg 0.32 0.32 benzo(a)pyreen mg/kg 0.55 0.55 benzo(ghi)peryleen mg/kg 0.36 0.36 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg 0.32 0.32 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) mg/kg 4.33 4.33 WO 0.07

Monstercode 13169894-001 13169894-002 13169894-003

Monsteromschrijving 5-02-1 5-02 (0-10) 5-02-2a 5-02 (10-50) 5-02-3 5-02 (50-100)

369663 Burgemeester Gijzelslaan ong. 5-02-2a Grond (AS3000) Klasse industrie SR

BT BC BI

369663 Burgemeester Gijzelslaan ong. 5-02-3 Grond (AS3000) Altijd toepasbaar SR

BT

84.6 84.6 <1 Geen 2.0 2

85.5 85.5 <1 Geen 0.9 0.9

10

8.8

10

0.05 0.05 2.8 2.8 0.72 0.72 4.9 4.9 3.0 3 1.9 1.9 1.1 1.1 1.7 1.7 1.1 1.1 1.0 1

-

18.2718.3 IN 0.44

BC

BI

8.8

<0.010.007 0.06 0.06 0.05 0.05 0.15 0.15 <0.010.007 0.08 0.08 <0.010.007 0.08 0.08 <0.010.007 0.01 0.01

-

0.4580.458<=AW-0.03

Toetsing volgens BoToVa, module T.1-Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem (Toetsversie 3.0.0, toetskader BBK, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 07-01-2020 - 12:19)

Projectcode Projectnaam

369663 Burgemeester Gijzelslaan ong. 5-07-2 Grond (AS3000) Altijd toepasbaar

Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie

BT

BC

BI

369663 Burgemeester Gijzelslaan ong. 5-08-1 Grond (AS3000) Altijd toepasbaar

Analyse

Eenheid SR

droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies)

% g -

87.9 87.9 <1 Geen

81.8 81.8 <1 Geen

82.6 82.6 <1 Geen

%

0.9

0.9

0.7

0.7

2.2

2.2

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS 7.3

7.3

19

19

15

15

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kg <0.010.007 fenantreen mg/kg 0.11 0.11 antraceen mg/kg 0.03 0.03 fluoranteen mg/kg 0.29 0.29 benzo(a)antraceen mg/kg 0.19 0.19 chryseen mg/kg 0.17 0.17 benzo(k)fluoranteen mg/kg 0.10 0.1 benzo(a)pyreen mg/kg 0.16 0.16 benzo(ghi)peryleen mg/kg 0.11 0.11 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg 0.11 0.11 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) mg/kg 1.2771.28 <=AW-0.01

Monstercode 13169894-004 13169894-005 13169894-006

Monsteromschrijving 5-07-2 5-07 (10-60) 5-08-1 5-08 (0-50) 5-09-1 5-09 (0-50)

SR

BT

<0.010.007 <0.010.007 <0.010.007 0.02 0.02 0.01 0.01 0.01 0.01 <0.010.007 <0.010.007 <0.010.007 <0.010.007

BC

BI

369663 Burgemeester Gijzelslaan ong. 5-09-1 Grond (AS3000) Altijd toepasbaar

-

0.0890.089<=AW-0.04

SR

BT BC

0.01 0.01 0.07 0.07 0.02 0.02 0.13 0.13 0.07 0.07 0.07 0.07 0.04 0.04 0.06 0.06 0.04 0.04 0.04 0.04

BI

-

0.55 0.55 <=AW-0.02

Verklaring kolommen SR Resultaat op het analyserapport BT Berekend toetsresultaat (omgerekend naar standaard bodem). Bij organische stof en lutum staan de voor de toetsing gebruikte waarden. BC Toetsoordeel BI SYNLAB berekende BodemIndex waarde: =(BT - (S of AW) ) / (I - (S of AW) ) Verklaring toetsingsoordelen Geen toetsoordeel mogelijk -Heeft geen normwaarde, zorgplicht van toepassing --Interventiewaarde ontbreekt, zorgplicht van toepassing # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat <=AW Kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde WO Wonen IN Industrie ,zp Interventiewaarde ontbreekt, zorgplicht van toepassing. >I Groter dan interventiewaarde >(ind)I INEV (Indicatieve interventiewaarde) wordt overschreden somIW>1 Interventiewaarde wordt overschreden door som fractie interventiewaarde > 1 (interventie factor) ^ Enkele parameters ontbreken in de som NT>I Niet toepasbaar > interventiewaarde NT Niet toepasbaar BT/BC gemiddelde op basis van standaard bodemtype (humus 10% en lutum 25%) gem Kleur informatie Rood overschrijding klasse B / Interventiewaarde, nooit toepasbaar Oranje >= Tussenwaarde (BI ligt tussen 0.5 en 1) of groter dan de B waarde (component niveau) Klasse wonen of klasse industrie (monsterniveau) Blauw >= Achtergrond waarde, industrie of wonen op component niveau

Normenblad Toetskeuze: T.1: Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem

Analyse

Eenheid AW Wo Ind

I

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN pak-totaal (10 van VROM) (0.7 mg/kg 1.5 6.8 40 40 factor)

* Indicatief niveau voor ernstige verontreiniging Legenda normenblad AW = Achtergrondwaarden WO = Maximale waarden bodemfunctieklasse wonen IND = Maximale waarden bodemfunctieklasse industrie I = Interventiewaarden Normen en definities http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/downloads

Bijlage 6

Toetsingskader bodemkwaliteit

Algemene toelichting toetsingskader en toetsingsnormen De Wet bodembescherming (Wbb) geeft regels voor de bescherming en sanering van de bodem. In de Wbb is aangegeven wanneer sprake is van bodemverontreiniging en wanneer deze zodanig is dat sanering met spoed nodig is. Tevens is in de Wbb aangegeven waar de saneringsdoelstelling aan moet voldoen. De concrete uitwerking hiervan is vastgelegd in circulaires, besluiten en regelingen op grond van de Wbb. De toetsingskaders en normen voor landbodemkwaliteit zijn opgenomen in het Besluit bodemkwaliteit (Staatsblad 2007, nr. 469, met wijzigingen), de Regeling bodemkwaliteit (Staatscourant 2007, nr. 247 met wijzigingen), de Circulaire bodemsanering 2013 (Staatscourant 2013 nr. 16675) en het Tijdelijke handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie (Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, 8 juli 2019).

Mate van verontreiniging Voor het toetsen van de mate van bodemverontreiniging worden de volgende toetsingswaarden onderscheiden: · Streefwaarde grondwater: De Streefwaarde grondwater geeft aan wat het ijkpunt is voor de milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van Verwaarloosbare Risico’s voor het ecosysteem. · Achtergrondwaarde voor grond: De Achtergrondwaarden voor grond zijn vastgesteld op basis van gehalten aan stoffen zoals die voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland die niet zijn belast door lokale verontreinigingsbronnen. Grond die voldoet aan de Achtergrondwaarde is duurzaam geschikt voor elk bodemgebruik. · Interventiewaarde bodemsanering voor grond en grondwater: De interventiewaarde geeft het milieukwaliteitsniveau aan waarboven ernstige vermindering optreedt van de functionele eigenschappen van de bodem. De Interventiewaarden voor landbodems zijn gebaseerd op een uitgebreide RIVM-studie naar zowel humaantoxicologische als ecotoxicologische effecten van bodemverontreinigende stoffen. De Interventiewaarden voor landbodems zijn daarom gekoppeld aan de potentiële risico's van een bodemverontreiniging op een bepaalde locatie. Of sprake is van actuele risico’s is afhankelijk van de specifieke locatie (inrichting van de locatie en soort gebruik). Deze risico’s kunnen worden bepaald met behulp van de Risicotoolbox (Sanscrit).

Meestal gebeurt een dergelijke risicobepaling pas in het stadium van een nader bodemonderzoek omdat dan voldoende gegevens voorhanden zijn. Voor PFAS zijn nog geen interventiewaarde en streef- of achtergrondwaarden vastgesteld. Bodemtypecorrectie Achtergrondwaarden en interventiewaarden met betrekking tot grond zijn getalswaarden die zijn afgeleid voor de zogenaamde standaardbodem. De standaardbodem is gedefinieerd als bodem die 25% lutum en 10% organische stof bevat. Toetsing van de gehalten aan geanalyseerde stoffen vindt plaats na omrekening van de gemeten gehalten naar gehalten in standaardbodem. Deze omrekening vindt plaats op basis van het lutum- en organische stofgehalte dat het betreffende bodemmonster is bepaald. De Interventiewaarden voor grondwater zijn afgeleid van de Interventiewaarden voor grond, maar zijn onafhankelijk van het bodemtype. Zorgplicht Los van het toetsingskader bodemkwaliteit is in 1987, bij de inwerkingtreding van de Wet bodembescherming, het zorgplichtartikel van kracht geworden. Iedereen die vanaf 1987 handelingen verricht die de bodem (verder) verontreinigen, is verplicht direct saneringsmaatregelen te treffen, zodat de oude situatie wordt hersteld.

Hergebruik grond Voor het toetsen van de hergebruiksmogelijkheden van grond, zijn in het Besluit bodemkwaliteit en het tijdelijke handelingskader PFAS de volgende toetsingswaarden opgenomen: · Achtergrondwaarde: grond die voldoet aan de achtergrondwaarde is geschikt voor elke functie. Deze grond is altijd vrij toepasbaar. · Wonen: grond die voldoet aan de maximale waarde wonen is geschikt voor de functie wonen. Deze grond kan worden toegepast in gebieden die de functie ‘’Wonen’’ hebben in de gemeentelijke toepassingskaart · Industrie: grond die voldoet aan de maximale waarde industrie is geschikt voor de functie industrie. Deze grond kan worden toegepast in gebieden die de functie ‘’Industrie’’ hebben in de gemeentelijke toepassingskaart. Deze grond kan niet worden toegepast in gebieden met de toepassingskwaliteit Wonen of Natuur/landbouw (Achtergrondwaarde). · Niet toepasbaar: grond waarin de gehalten de maximale waarde industrie overschrijden maar de interventiewaarde niet. Deze grond kan niet worden toegepast zonder maatregelen te treffen om besmetting van de omgeving te voorkomen (IBC-maatregelen). · Nooit toepasbaar: grond waarin de gehalten de interventiewaarde overschrijden. Deze grond kan niet worden toegepast maar moet worden gereinigd of gestort. Opgemerkt wordt dat de interventiewaarden niet voor alle stoffen gelijk is aan de maximale waarde industrie.

Voor een aantal stoffen is deze waarde lager dan de maximale waarde industrie. Het gevolg is dat licht verontreinigde grond in enkele gevallen als niet toepasbaar wordt beoordeeld. Dit is met name het geval bij minerale olie. De toepassingsmogelijkheden zijn dus als volgt:

Kwaliteit Grond

bodemfunctie Natuur/landbouw

Wonen

Industrie

GBT

Achtergrondwaarde

Ja

Ja

Ja

Ja

Wonen

Nee

Ja

Ja

Ja

Industrie

Nee

Nee

Ja

Ja

Niet toepasbaar

Nee

Nee

nee

Ja

Nooit toepasbaar

Nee

Nee

Nee

nee

Daarnaast mag de grond: · ten hoogste 20% m/m steenachtig materiaal of hout bevatten; · sporadisch ander bodemvreemd materiaal bevatten, voor zover redelijkerwijs niet kan worden gevergd dat het uit de grond wordt verwijderd vóór de toepassing. Met ander bodemvreemd materiaal wordt met name plastics en piepschuim bedoeld. Dergelijke materialen mogen slechts sporadisch aanwezig zijn. Daarbij moet baggerspecie zorgvuldig worden ontgraven of bewerkt, zodat er zo min mogelijk bodemvreemd materiaal in de baggerspecie terecht komt. Voor zover in de baggerspecie bodemvreemd materiaal aanwezig is, moet dat vóór het toepassen daaruit worden verwijderd, voor zover dat redelijkerwijs kan worden gevergd.

Werken in en met verontreinigde bodem De CROW 400 geeft een methodiek voor het veilig, zorgvuldig en risicogestuurd werken met verontreinigde bodem. De systematiek om de veiligheidsklasse voor verontreinigde bodem vast te stellen is in het volgende schema weergegeven.

Voor de beoordeling van niet-vluchtige stoffen is de norm ‘’SRC’’ (Serious Risk Concentration) vastgesteld, zijnde niveau waarboven ernstige risico’s voor de veiligheid en gezondheid van volwassen personen kunnen optreden, inclusief een bepaalde veiligheidsmarge. De arbeidshygiëne maatregelen behorende bij de veiligheidsklassen zijn weergegeven in navolgende tabel.

Mogelijke beheersmaatregelen

Oranje Niet-

Vluchtig

vluchtig

Rood Niet-

Vluchtig

vluchtig

Zwart Niet-

vluchtig

vluchtig

Organisatie V&G-plan

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Logboek

Afwijking

Afwijking

Ja

Ja

Ja

Ja

rapport

rapport

MVK

MVK

HVK

HVK

HVK

HVK

Aansturing

MVK

MVK

MVK

HVK

HVK

HVK

Toezicht

DLP

DLP

DLP

R-DLP

R-DLP

R-DLP

Uitvoering

Basiskennis

Basiskennis

OPM

OPM

OPM

OPM

Deskundigheid

DLP

DLP

MVK

HVK

HVK

HVK

Startwerkinstructie

MVK

MVK

MVK

HVK

HVK

HVK

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Deskundigheid Definitieve vaststelling veiligheidsklasse en maatregelen

Voorlichting en onderricht

Geschiktheidsverklaring Metingen Bodemvocht

Optie

Lucht

Optie Optie

Ja

Ja

Materieel Sanitare voorzieningen

Was/toilet

Was/toilet

Ja

Ja

Ja

Ja

Laarzenspoelbak

Optie

Optie

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Drietraps sanitaire unit Vonkenvrij systeem Filters materieel aanwezig Filters materieel te gebruiken

Ja Optie Optie

Optie Optie

Stof- en

Stof- en

koolfilter

koolfilter

Situatie-

Situatie-

afhankelijk

afhankelijk

Ja Ja

Ja

Ja

ja

Sproei-installatie

Optie

Optie

Ja

Ja

Ja

Ja

Wasplaats materieel

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Afscherming werkgebied

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Te bepalen

Te bepalen

Te

Te

door HVK

door HVK

bepalen

bepalen

door HVK

door HVK

Signalering Persoonlijke beschermingsmiddelen Filters persoon

Handschoenen

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Overall

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Veiligheidsschoenen

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

MVK: middel veiligheidskundige

V&G-plan: veiligheids- en gezondheidsplan

HVK: hogere veiligheidskundige

R-DLP:register Deskundig Leidinggevende Projecten

DLP: Deskundig Leidinggevende Projecten

OPM: Operantioneel medewerker

Bijlage 7

Kwaliteitsborging

Sweco Nederland B.V. wil met haar producten en diensten zo goed mogelijk aan de behoeften, doelstellingen en eisen van haar opdrachtgevers voldoen. Voor het bewijsbaar en zichtbaar maken van de kwaliteit (kwaliteitsborging) beschikt Sweco Nederland B.V. over een kwaliteitssysteem. Dit kwaliteitssysteem is er mede op gericht de individuele kennis, kunde en activiteiten van de medewerkers zodanig te organiseren en af te stemmen, dat de kwaliteit van de gezamenlijk tot stand gebrachte producten en diensten zo goed mogelijk beheerst en gewaarborgd worden. De kwaliteit van de door Sweco Nederland B.V. uitgevoerde onderzoeken en gegeven adviezen op het gebied van bodembeheer wordt gewaarborgd door onderstaande: NEN-EN-ISO 9001 Het managementsysteem van Sweco Nederland B.V. is gecertificeerd voor NEN-EN-ISO 9001. Deze norm geeft een model voor externe kwaliteitsborging en certificatie. Hierin wordt een aantal activiteiten aangegeven, die zorgen voor vertrouwen in de relatie klant/leverancier. Dit omvat zowel randvoorwaarden voor kwaliteitsverbetering als eisen voor kwaliteitsborging. NEN-EN-ISO 14001 Het managementsysteem van Sweco Nederland B.V. is gecertificeerd voor NEN-EN-ISO 14001. Deze norm geeft eisen en richtlijnen voor het gebruik van milieuzorgsystemen.

Met het certificaat toont Sweco aan dat zij de zorg voor het milieu in haar dienstverlening en interne bedrijfsvoering goed heeft georganiseerd. Kernpunten daarbij zijn het naleven van wet- en regelgeving en de voortdurende verbetering van milieuprestaties. VKB Sweco Nederland B.V. is actief lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). Deze vereniging van milieuadvies- en veldwerkbureaus werkt aan de kwaliteitsborging van bodemonderzoek en bodemadvies door o.a. het stellen van eisen inzake opleiding en ervaring, toepassing van normen en voorschriften en certificatie. De advies- en veldwerkzaamheden van Sweco worden uitgevoerd conform de kwaliteitseisen van deze vereniging. SIKB De Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer (SIKB) is een samenwerkingsverband van markt en overheid, die werk aan de kwaliteit binnen de praktijk van bodem en ondergrond (bodembeheer, bodembescherming, waterbeheer en archeologie). De SIKB-activiteiten bestaan o.a. uit het samen met betrokkenen ontwikkelen van (werk)methoden en het vastleggen van deze methoden in handreikingen of richtlijnen (BRL’s) en daaronder vallende protocollen. Daarnaast biedt zij een platform voor kennisoverdracht en kennisdeling. Sweco is actief betrokken bij het werk van SIKB en is gecertificeerd voor de BRL SIKB 2000 (uitvoeren ven veldwerk) en 6000 (milieukundige begeleiding van bodemsanering).

ARBO en VGM Sweco Nederland B.V. voldoet aan de specifieke veiligheidseisen die voor ARBO, veiligheid, gezondheid en milieu gelden. Risico’s worden op bedrijfs-, vakgebied- en projectniveau geïdentificeerd en geëvalueerd. Ook de effectiviteit van de genomen maatregelen wordt gemonitord.

Besluit Bodemkwaliteit (BBK) Het Besluit bodemkwaliteit (onderdeel KWALIBO) richt zich op kwaliteit én integriteit van de bodemintermediair. De kwaliteitseisen zijn vastgelegd in beoordelingsrichtlijnen, protocollen en andere documenten. Met een certificaat moeten bodemintermediairs (aannemers, inspectie-instellingen, milieukundige begeleiders e.d.) aantonen dat hun bedrijf aan de kwaliteitseisen voldoet. Het bevoegd gezag mag alleen gegevens accepteren van een erkende intermediair. Bovendien moeten de personen en instellingen die bepaalde cruciale functies in het bodembeheer vervullen (milieukundige begeleiding, monsterneming bij partijkeuringen, veldwerk, certificatie en inspectie), onafhankelijk zijn van hun

opdrachtgever (eigenaar / initiatiefnemer). Functiescheiding en het (laten) uitvoeren van de aangewezen werkzaamheden door erkende bodemintermediairs gelden vanaf de datum dat erkenning verplicht is. Kwaliteitskader veldwerk Volgens het Besluit bodemkwaliteit dient onderzoek uitgevoerd te worden volgens door de SIKB vastgestelde beoordelingsrichtlijnen. In de rapportage wordt vermeld welke werkzaamheden zijn uitgevoerd onder de beoordelingsrichtlijnen en onderliggende protocollen: · (water)bodem- of asbestonderzoek onder beoordelingsrichtlijn ‘BRL SIKB 2000 Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek’ versie 5 of 6.0, en de bijbehorende protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018; · partijkeuringen onder beoordelingsrichtlijn ‘BRL SIKB 1000 monsterneming voor partijkeuringen’, versie 8.2 of 9.0 en de bijbehorende protocollen 1001, 1002, 1003 en 1004; · mechanische boringen worden uitgevoerd onder beoordelingsrichtlijn ‘BRL SIKB 2100 Mechanisch boren’, versie 3.3 of 4.0 en het bijbehorende protocol 2101; · milieukundige begeleiding onder beoordelingsrichtlijn ‘BRL SIKB 6000 Milieukundige begeleiding van (water) bodemsaneringen, ingrepen in de waterbodem en nazorg’, versie 4.2 of 5.0 en de bijhorende protocollen 6001, 6002 en 6003.

De in werking zijnde versies van de beoordelingsrichtlijnen en de daaronder vallende protocollen worden gehanteerd door de uitvoerende partij. Het certificaatnummer van de uitvoerende partij wordt opgenomen in de rapportage. Het moment van certificaatvernieuwing is te controleren op www.bodemplus.nl. Tevens wordt in de rapportage opgenomen op welke punten eventueel is afgeweken van de protocollen en wat de mogelijke consequenties zijn van de afwijkingen. Sweco Nederland B.V. voert werkzaamheden uit waarvoor zij is gecertificeerd (BRL SIKB 2000, protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018), dan wel worden de werkzaamheden binnen de van toepassing zijnde beoordelingsrichtlijnen en bijbehorende protocollen uitbesteed aan partijen welke hiervoor door het ministerie van I&W zijn erkend. Kwaliteitskader Laboratoriumonderzoek De laboratoria die Sweco inschakelt voor het uitvoeren van milieukundig laboratoriumonderzoek, voldoen aan de accreditatiecriteria van de Raad voor Accreditatie conform NEN-EN-ISO/IEC 17025. Onafhankelijkheid Sweco Nederland B.V. verklaart hierbij dat zij en haar onderaannemers geen belang hebben bij de uitkomsten van een partijkeuring, bodem-, asbest- en/of waterbodemonderzoek. Het onderzoek wordt derhalve volgens de eisen uit het Besluit bodemkwaliteit onafhankelijk uitgevoerd.

Klachtenafhandeling Wanneer er een meningsverschil ontstaat over de uitvoering van de werkzaamheden binnen bovengenoemd kwaliteitskader, is het mogelijk een klacht in te dienen bij Sweco. In nadere afstemming wordt dan getracht een oplossing te bieden. Indien dit geen uitkomst biedt is het mogelijk zich in tweede instantie te wenden tot de betreffende certificatie-instelling.

Bijlage 8

CROW400 toetsing

Toetsing analyseresultaten grond, waterbodem en grondwatermonsters Toetsing is gebaseerd op CROW 400: "CROW-400-V4,-190620" van 19 september 2019 Synlab rapport nr. Project: Monster: Matrix:

13166897

Datum toetsing:

7-1-2020

Versie: SYNLAB20191107

Burgemeester Gijzelslaan ong. 5-02-2 5-02 (10-50) AS3000 Grond

Gebruikte bodemkenmerken voor toetsing: 1,9 % @ - org. stofgehalte: 9,6 % @ - lutumgehalte:

GROND

WATERBODEM

normwaarden parameter

eenheid

Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen Naftaleen mg/kg ds Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen mg/kg ds Benzo(g,h,i)peryleen mg/kg ds Pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) mg/kg ds

gemeteng ehalte

0,17 7 1,7 11 4,6 5,9 4 2,4 2,6 2,5 41,87

gecorr. gehalte

0,1700 7,0000 1,7000 11,0000 4,6000 5,9000 4,0000 2,4000 2,6000 2,5000 41,870

T/I SRC SRC SRC SRC SRC SRC SRC SRC SRC

T of 75% SRC

I of SRC

21 6023 6023 7500 7500 750 75 750 750 4523 -

40 8030 8030 10000 10000 1000 100 1000 1000 6030 -

klasse

Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse --

- : In de "CROW 400 stoffenlijst met toetswaardes" staat deze component niet beschreven of zijn erg geen toetsingswaardes beschikbaar

normwaarden

T/I SRC SRC SRC SRC SRC SRC SRC SRC SRC

T of 75% SRC

I of SRC

21 6023 6023 7500 7500 750 75 750 750 4523 -

40 8030 8030 10000 10000 1000 100 1000 1000 6030 -

algemene stofeigenschappen volgens CROW 400

klasse

Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse Geen Veiligheidsklasse --

Vluchtig

Carcinogeen

Mutageen

Reprotoxisch

Ja Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee --

Nee Nee Nee Nee Ja Ja Ja Nee Ja Nee Nee

Nee Nee Nee Nee Nee Nee Ja Nee Nee Nee Nee

Nee Nee Nee Nee Nee Nee Ja Nee Nee Nee Nee

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerlen&id=f31d65d7-f690-434c-a4ac-61b1a74cf9aa