Besluit Omgevingsvisie Heerlen 2050 - Een oude stad met een jong hart klein
Tekst van het document
Omgevingsvisie Heerlen 2050 - Een oude stad met een jong hart De gemeenteraad van de Gemeente Heerlen, gelezen de tekstinhoud van de Omgevingsvisie Heerlen 2050 - Een oude stad met een jong hart van 9 oktober 2025, Overwegende dat: • Op 1 januari 2024 de Omgevingswet in werking is getreden. • Op 1 januari 2027 de gemeente verplicht is om een gebiedsdekkende omgevingsvisie te hebben gepubliceerd in het omgevingsloket.
gelet op de artikelen 2.4 en 16.26 van de Omgevingswet, artikel 10.7 van het Omgevingsbesluit en afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht; Besluit:
Artikel I De Omgevingsvisie Heerlen 2050 - Een oude stad met een jong hart zoals opgenomen in bijlage 1, bestaande uit het vaststellingsbesluit en Bijlage A, ten opzichte van het ontwerp gewijzigd vast te stellen.
Artikel II De Structuurvisie Heerlen 2035 te laten vervallen en de Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg en de Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg te behouden. Aldus vastgesteld door de gemeenteraadvan de Gemeente Heerlen, 26-11-2025. Deze visie wordt aangehaald als: Omgevingsvisie Heerlen 2050
De voorzitter, De griffier,
1
Bijlage A Bijlage bij artikel I
Omgevingsvisie Heerlen 2050 - Een oude stad met een jong hart 1 Inleiding 1.1 Voorwoord Heerlen 2050: Pionier in balans en bloei Heerlen is een unieke stad, met een inspirerend Romeins, middeleeuws, en modern verleden, een veelbelovende toekomst, en veerkrachtige inwoners die soms dwars tegen de stroom in zichzelf en de stad vooruit stuwen. Dat is een bron van grote trots. En trots, zo gonst het van Heerlen-Noord tot HeerlenZuid, is de brandstof van onze inhaalrace. Gericht op onze leefomgeving schetst de voorliggende omgevingsvisie zowel de finish van die inhaalrace als de route ernaartoe. Als de mijnsluitingen onze stad 50 jaar geleden een diepe sociaal-ruimtelijke wond toe dienden, dan wordt de komende 25 jaar een periode van definitief herstel. Zichtbaar, voelbaar herstel. Met groenstructuren die het prachtige landschap dat Heerlen omringt de stad in dragen, zodat de weergaloze Brunssummerheide binnen handbereik voelt zodra je het Maankwartier uitloopt. Met gemengde buurten in balans, waarin iedereen, van starter tot senior, een thuis kan vinden. Met veilige wijken, omzoomd door biodivers groen en verbonden door fiets- en wandelroutes, die tezamen een coherent stedelijk mozaïek vormen.
Met een mijnsteenberg en heuvels die boven de toegankelijke beekdalen uittorenen en uitzicht bieden op verduurzaamde mijnkoloniën, de tot natuur- en recreatiegebied herontwikkelde Sibelcogroeves als groen-blauwe poort van Heerlen-Noord, en op een spoorlijn die Eindhoven en Aken eindelijk met een intercity verbindt. Met een uniek cultureel profiel, waarin Romeinse resten en murals moeiteloos samengaan. Met een dynamische, circulaire economie ingebed in Parkstedelijke en (Eu)regionale samenhang, waarin niet alleen het bruisende onderwijscluster in het stadscentrum en de florerende bedrijventerreinen aan de stadsranden, maar ook MKB’ers een sleutelrol vervullen. En met een stevig, stimulerend sociaal vangnet dat álle Heerlenaren in staat stelt op een wezenlijke manier deel uit te maken van het verhaal van onze stad. De route naar deze toekomst is complex en bepaald niet zonder obstakels. De ingezette beweging van krimp naar groei en bloei vereist evenveel integraliteit als focus, evenzeer identiteitsbehoud als pioniersgeest. Het houden van deze precaire balans is misschien wel de kern van de Heerlense opgave de komende decennia. En hoewel er beslist tegenslagen zullen zijn, beschikken Heerlen en de Heerlenaren ruimschoots over de veerkracht die nodig is om deze opgave te doen slagen.
Samen met bestaande en nieuwe partners, van regio tot Rijk, gaan we de komende decennia de enorme potentie van onze stad verzilveren. Want Heerlen is allang niet meer die stad zonder plan. Heerlen is een stad met een wil. Die wil is de kern van de overkoepelende visie die voor u ligt, en wijst de weg naar verwezenlijking in de komende 25 jaar. Casper Gelderblom Wethouder, portefeuillehouder omgevingsvisie Francine Houben Architect en stedenbouwkundige, verantwoordelijk voor het inspirerende handvest “Perspectief op Noord”
1.2 Uit liefde voor de stad en haar bewoners De omgevingsvisie is de visie op de (fysieke) leefomgeving van Heerlen. Het zijn immers de mensen die de stad maken. Mensen van jong tot oud, van alle achtergronden en kenmerken. De Heerlenaren met hun specifieke kracht en talenten, en natuurlijk ook met hun uitdagingen. De omgevingsvisie moet de randvoorwaarden bieden om talenten verder te ontwikkelen en uitdagingen aan te pakken. De Heerlenaar is gevormd door zijn omgeving en turbulente geschiedenis. Heerlen, met haar mooie beekdalen, is een stad die grenst aan het groene Heuvelland. Ontstaan als Romeinse nederzetting Coriovallum, die in de Middeleeuwen het Landsfort Herle werd en groot is geworden door de mijnbouw. De mijntijd heeft grote invloed gehad op onze stad en gemeenschap. De Heerlense samenleving was een smeltkroes van toegestroomde mijnwerkers, die van aanpakken wisten en goed samenwerkten. Die open houding is nog steeds kenmerkend. Door de snelle mijnbouwontwikkeling groeide ook de stad in sneltreinvaart, steeds met oog voor allerlei moderne vernieuwingen. Deze historie is nog altijd voelbaar en zichtbaar.
2
De Heerlenaar ondervond echter ook nadelen van de mijnbouw. De gemiddelde gezondheid was duidelijk slechter dan in andere beroepen en de sluiting van de mijnen leidde tot massaontslag, waarbij het vanuit Den Haag beloofde vangnet van vervangende werkgelegenheid goeddeels ontbrak De klap was zo groot, dat de naweeën in delen van de stad nog steeds aanwezig zijn. Dat geldt voor de mens, maar ook voor de omgeving, zoals mijnschade aan woningen. Tegelijkertijd heeft zowel het DNA van de stad – Heerlen is open, vastberaden, creatief, eigenzinnig en veerkrachtig - als de ruimtelijke omgeving heel veel potentie. Die kracht willen we benutten. Daarvoor is herstel nodig, vanuit sociaal-ecologische opgaven, in de ruimtelijke omgeving. Met een nieuw, stevig en gezond investeringsklimaat als resultaat. We willen dat iedereen prettig in Heerlen kan leven, met alles wat daar bij hoort: jong, oud en alles ertussen in moet in Heerlen met plezier kunnen wonen, werken, ondernemen, ontspannen, leren, winkelen, recreëren, sporten, spelen, inspireren, ontmoeten en zich ontplooien. Dat vertaalt zich bijvoorbeeld naar een fijn en betaalbaar huis, in een aangename en gezonde omgeving. Openbare ruimte die schoon, heel en veilig is, waar men elkaar kan ontmoeten.
Gezonde, biodiverse flora en fauna in een robuuste groenstructuur waar het voor dieren en planten goed toeven is, waar ook mensen zonder de natuur te verstoren kunnen bewegen en ontspannen. Voldoende en kwalitatief goed onderwijs als basis om een goed bestaan te kunnen opbouwen. Werkgelegenheid in verschillende sectoren, zodat er voor iedereen een interessante baan te vinden is en onze economie weerbaar is. Een rijk cultuuraanbod als inspiratie en ontspanning. Voorzieningen voor het verenigingsleven, zoals buurthuizen en sportclubs. Een aantrekkelijk winkelaanbod en goede zorg, van ziekenhuis tot thuiszorg tot een volwaardig ziekenhuis – waar we voor zullen blijven knokken. Goede contacten met de buren van Heerlen, ook de naburige steden. Een omgeving die duurzaam is ingericht, zodat ook de volgende generatie Heerlenaren er fijn leeft. In de omgevingsvisie zetten we het welzijn van zowel samenleving als natuurlijke omgeving centraal. Uiteraard zijn er soms botsende belangen. We hebben nou eenmaal een bedrijvenpark en snelweg nodig voor de economie en om werkgelegenheid te bieden. Tegelijkertijd zijn ondernemers op zoek naar mogelijkheden om te verduurzamen. Dat is cruciaal om veilig te stellen dat de groei en bloei die Heerlen doormaakt de draagkracht van de natuur niet overschrijdt en de omgeving minder last heeft van bijvoorbeeld geluid of fijnstof.
Mensen willen graag een baan hebben, maar ook gezonde lucht en een ongestoorde slaap. En zo zijn er heel veel voorbeelden. Het gaat erom de optimale balans te vinden en samen te werken bij het vinden van mogelijkheden en oplossingen. Het overkoepelende doel is dat iedere inwoner een goed leven kan hebben in onze stad in harmonie met haar of zijn sociale en ecologische omgeving: gelukkig, gezond, veilig en met voldoende mogelijkheden om zich te kunnen ontplooien. We willen in 2050 graag onze achterstanden hebben ingelopen, zodat we als stad goed scoren op allerlei ranglijsten: gezondheid en inkomen rond het landelijke gemiddelde. Zodat Heerlen weer duurzaam kan groeien, in kwaliteit, in welzijn en in (brede) welvaart. In de volgende hoofdstukken is beschreven wat de kracht van Heerlen is, welke uitdagingen onze stad heeft en wat ons verhaal is, onze visie op de toekomst. Daarbij komen tal van onderwerpen aan bod. Vaak hebben ze raakvlakken met elkaar, en moeten verschillende zaken in de toekomst verder worden uitgewerkt. Ook moet er ruimte zijn voor ontwikkelingen die we nu nog niet kunnen voorspellen. Als we 25 jaar terug kijken, waren veel huidige technologieën er nog helemaal niet. Als we 25 jaar vooruit kijken, zullen zaken als kunstmatige intelligentie onze wereld zeker hebben beïnvloed. Hoe, dat weten we nog niet.
Wat we wel weten, is dat we met onze typisch Heerlense open blik onze uitdagingen enthousiast zullen aangaan.
1.3 Wat is een omgevingsvisie? De omgevingsvisie is een instrument uit de Omgevingswet. Deze wet is op 1 januari 2024 in werking getreden. De Omgevingswet regelt het beheer en de ontwikkeling van onze fysieke leefomgeving. Hiervoor golden allerlei losse wetten en regels, wat tot een onoverzichtelijk geheel leidde. Daarom zijn nu de regels voor onder andere wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water gebundeld in één wet. Dit maakt het mogelijk om regels meer in samenhang in te richten. De Omgevingswet stelt gemeenten en andere overheden bovendien in staat om meer lokaal maatwerk te leveren bij het inrichten van hun fysieke omgeving. Ze kunnen regels die voorheen nationaal golden, nu lokaal toepassen. Dit vraagt om een andere werk- en denkwijze van onze gemeente, maar ook van andere overheden, burgers en bedrijven. Integrale afweging van initiatieven en het geven van vertrouwen zijn sleutelbegrippen. Het doel en de meerwaarde van een initiatief in de fysieke leefomgeving moet centraal staan. Dus in plaats van de vraag: ‘mag het wel?’ stellen we nu de vraag: ‘draagt het plan bij aan een goede inrichting van onze omgeving?’. De Omgevingswet bevat een aantal instrumenten waarmee overheden de doelen van de wet in de praktijk kunnen brengen. Deze instrumenten worden de ‘kerninstrumenten’ genoemd.
Eén van de (verplichte) instrumenten voor gemeenten, die voortvloeit uit de Omgevingswet, is de omgevingsvisie. In de omge-
3
vingsvisie zetten we ‐ samen met onze inwoners, ondernemers, partners en gebruikers - de integrale koers uit op weg naar 2050, gericht op een fysieke leefomgeving waarin mensen gelukkiger, gezonder en veiliger zijn. De bestaande kwaliteiten en opgaven vormen daarbij het vertrekpunt. Tegelijkertijd willen wij met een heldere visie aangeven waar we met onze gemeente op de langere termijn naartoe willen. De omgevingsvisie vormt hiermee een ideaalbeeld van wat de gemeente in 2050 wil zijn, maar het is ook een realistisch verhaal, want het gaat in op de hoofdopgaven in de komende jaren. Figuur 1: Doorwerking beleidscyclus
De manier van werken onder de Omgevingswet Bron: Memorie van Toelichting op de Omgevingswet, bewerkt door KuiperCompagnons
De omgevingsvisie biedt bovendien een ‘flexibel raamwerk’ (met ‘spelregels’) voor nieuwe ontwikkelingen met heldere uitgangspunten voor alle partijen. Het is de toetssteen voor het gemeentelijk bestuur waarlangs plannen, projecten en initiatieven zullen worden gelegd. Tegelijkertijd is het een enthousiasmerende uitnodiging naar de samenleving. Kortom, het is een ‘integraal inspiratie- en afwegingskader’ en een opmaat voor de andere kerninstrumenten, zoals het omgevingsplan. Wij zien de omgevingsvisie als vliegwiel om de eerste stappen richting de toekomst te zetten en duidelijk te maken welke vervolgstappen nodig zijn. Het is dan ook belangrijk de omgevingsvisie te plaatsen in het geheel van de beleidscyclus. Zelfs wanneer de omgevingsvisie ‘af’ is, zal deze om de zoveel tijd geactualiseerd moeten worden. Als langjarige, coherente en realistische toekomstvisie moet de omgevingsvisie de herdefinitie, nieuwe identiteit en de toekomst van Heerlen ondersteunen. Nu de Heerlense lente heeft ingezet, moet de stad bij het maken van haar keuzes prioriteit geven aan visies en programma's die voor de langere termijn zijn en voor 'de gemeente als geheel' van bepalend voordeel (sociaal-economisch en anderszins) zijn, en als zodanig het incidentele ontstijgen.
Het streven is een ontwikkeling in gang te zetten, die zoveel mogelijk de vigerende initiatieven en plannen dienstbaar maakt aan een universele toekomstvisie die daarmee versterkt wordt. Een dergelijke visie uitwerken is onze grootste opgave voor de komende jaren. Dit vergt interdisciplinair denken, verbinden en vindingrijkheid.
1.4 Hoe zijn we te werk gegaan? We zijn het maakproces van de omgevingsvisie begonnen door eerst goed te kijken wat de kernkwaliteiten van Heerlen zijn, wat er op de stad afkomt en wat er al aan (door de gemeenteraad vastgesteld) beleid ligt. Deze brede analyse is gedaan door een integraal projectteam, aangevuld vanuit de participatie met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners (zie hieronder). De kwaliteiten van Heerlen, die samen de ‘kracht van Heerlen’ vormen, zijn opgeschreven in hoofdstuk 2. Op basis van gesprekken met het college en de directie hebben we de gewenste koers voor de lange termijn opgehaald. Vervolgens beschrijven we de opgaven en aandachtspunten voor de toekomst. Dit zijn lokale en autonome ontwikkelingen, maatschappelijke trends en andere aandachtspunten waarop we willen of moeten inspelen. Voor zover we die op dit moment kunnen voorzien. Voor veel van deze aandachtspunten hebben we al beleid en soms gaat het om zaken die doorlopend aandacht behoeven. Toch is het belangrijk alle aandachtspunten op een rijtje te zetten, zodat we deze integraal mee kunnen nemen bij het opstellen van de omgevingsvisie. Door de integrale benadering van de omgevingsvisie kunnen immers nieuwe kansen aan het licht komen.
De opgaven voor de toekomst zijn op basis van gesprekken met bestuurders en medewerkers van de gemeente vertaald in een duidelijke visie voor Heerlen in 2050. Daarbij is het participatietraject een rijke bron van inspiratie geweest.
4
Figuur 2: Planning omgevingsvisie
Het inhoudelijke en participatieproces van de omgevingsvisie Bron: KuiperCompagnons
Participatie van inwoners en andere belanghebbenden We hebben Heerlenaren, maatschappelijke organisaties en de regio- en ketenpartners bij de totstandkoming van de omgevingsvisie betrokken. Op tal van momenten en in diverse vormen konden zij meepraten en -denken over de kwaliteiten van Heerlen en de toekomstwensen. Het participatietraject rondom de omgevingsvisie is afgetrapt door de verschillende wijken in te trekken. Hier zijn verschillende interviews gehouden met mensen op straat over hun toekomstdromen voor Heerlen. Tijdens de stakeholdersbijeenkomst gingen de maatschappelijke organisaties en de regio- en ketenpartners vervolgens met elkaar het gesprek aan over belangrijke thema's voor de toekomst van Heerlen. De belangrijkste thema's zijn vervolgens per groep geformuleerd in een 'visiestatement’ waarin staat hoe Heerlen er in 2050 uitziet. Ook zijn er vier stadsdeelbijeenkomsten georganiseerd. Hier gingen bewoners met elkaar in gesprek over de vraag aan welke onderdelen van de leefomgeving de gemeente Heerlen de komende jaren moet werken. Bewoners konden aangeven wat er moet veranderen in hun buurt en in de stad als geheel. De centrale vraag van de gesprekken was, net als tijdens de stakeholdersbijeenkomst: “Wat zijn uw dromen voor Heerlen in de nabije en verre toekomst?” Bovendien konden mensen een digitale enquête invullen. Daar is goed gebruik van gemaakt.
Bij elkaar hebben meer dan 2.600 inwoners, ondernemers en belanghebbenden die betrokken zijn bij hun stad, hebben meegewerkt aan het participatietraject door deze inbreng of door deel te nemen aan één van de bijeenkomsten. Aanvullend zijn interviews uitgevoerd met vertrokken, teruggekeerde en nieuwe Heerlenaren, nog meer jongeren, basisschoolkinderen, leden van het meeleespanel, leden van de ziel van Heerlen en met niet-Nederlanders. Het participatietraject heeft mooie inzichten en ideeën opgeleverd. Er zijn zes kernthema's geïdentificeerd die volgens inwoners, ondernemers en belanghebbenden van belang zijn voor de toekomst van Heerlen. Deze thema’s komen terug in hoofdstuk 5 waarin we beschrijven hoe we onze visie op Heerlen in 2050 gaan bereiken. De inbreng van de participatie is op de volgende pagina visueel samengevat.
1.5 Leeswijzer Deel I van de omgevingsvisie bevat de hoofdstukken 1 tot en met 4. In hoofdstuk 2 leest u de kracht van Heerlen. Dit vertelt wie we als gemeente zijn en waar onze kernkwaliteiten liggen. Dit zijn belangrijke
5
uitgangspunten voor de omgevingsvisie. In hoofdstuk 3 worden de uitdagingen van Heerlen behandeld. In hoofdstuk 4 wordt de visie op Heerlen in 2050 gepresenteerd: Het verhaal van Heerlen. Dat is onze ambitie en het streefbeeld waar we naartoe werken. Deel II van de omgevingsvisie bestaat uit de thematische uitwerking. Hoofdstuk 5 beschrijft per thema welke acties we moeten uitvoeren om te komen tot de visie zoals beschreven in hoofdstuk 4. Tot slot leest u in hoofdstuk 1 van de bijlagen hoe we werken in de beleidscyclus. Figuur 3: Uitkomst participatie
De resultaten van het participatieproces verbeeld Bron: Maatschap voor communicatie
2 De kracht van Heerlen 2.1 Inleiding Het is belangrijk de omgevingsvisie op te bouwen vanuit de identiteit en kernkwaliteiten van Heerlen omdat deze het minst veranderlijk zijn en dus een solide basis bieden voor het vervolg. In het kader hiernaast is dat uitgelegd. Identiteiten en kernkwaliteiten In de geest van de Omgevingswet gaan we op zoek naar kwaliteiten en identiteiten, de lijnen uit het verleden (om te verrijken en) door te trekken naar de toekomst, van groot naar klein te werken - en andersom - en onderscheid te maken in koersen voor verschillende (deel)gebieden met een eigen karakter. De omgevingsvisie bouwen we in de regel op vanuit de kern die bestaat uit de belangrijke identiteiten en kernkwaliteiten van Heerlen (zie onderstaand figuur). Deze zijn het minst veranderlijk en dus het langst houdbaar.
6
Figuur 4: Identiteiten en kernkwaliteiten
De doelen van de omgevingsvisie, van abstract naar concreet Bron: KuiperCompagnons
We beschrijven in de omgevingsvisie welke beleidsdoelstellingen en eventueel uitvoeringsgerichte stappen de gemeente nastreeft om die kwaliteiten en identiteiten te beschermen en waar mogelijk te verrijken. Wanneer de omgevingsvisie de komende jaren geactualiseerd wordt, blijven de identiteiten en kernkwaliteiten van Heerlen als het goed is min of meer gelijk. Beleidsdoelstellingen die bijdragen aan deze identiteit en kernkwaliteiten veranderen sneller, bijvoorbeeld door het wisselen van raad en college, of op basis van monitoring en evaluatie. De buitenste ring kent de grootste dynamiek: Initiatieven komen immers op dagelijkse basis op de gemeente af.
2.2 Een stad die haar nek uitsteekt Figuur 5: Een stad die haar nek uitsteekt
Impressies van de gemeente Bron: Beeldenbank van de gemeente
Van oudsher zijn de mensen in Heerlen gewend de mouwen op te stropen en aan de slag te gaan. In de tijd van de mijnen, maar ook nu nog. Niet kletsen, maar aanpakken. Dat is de mentaliteit en tevens de basis van de sterke vernieuwingsdrang en experimenteerdrift. Na een onstuimige economische groei, waarin Heerlen in de jaren vijftig uitgroeide tot de op één na rijkste stad van Nederland, volgde met het sluiten van de mijnen een plotseling verlies van werkgelegenheid. Doordat de economie te zwaar op één pijler rustte, was dit een grote sociale en economische klap voor de stad. Ondanks dat het lang geleden is, werkt het nog steeds door in de samenleving van Heerlen. Vooruitgang is veel te lang veel te weinig terecht gekomen bij mensen die het écht nodig hebben en dat is niet rechtvaardig. Heerlen is als nooit tevoren klaar voor ontwikkeling. Verbreding van de economische structuur, om weerbaar te zijn bij conjuncturele golfbewegingen, is daarom een blijvende opgave. Zoals gezegd, komen we van ver maar werken we hard aan verbetering, waarbij we de nadruk op het welzijn van onze inwoners leggen. ‘Operatie Hartslag’ was een belangrijk keerpunt in de strijd tegen (drugs)criminaliteit en de maatschappelijke uitwassen daarvan. Onder de noemer ‘Heerlen Inclusieve Stad’ helpen we alle Heerlenaren om deel te nemen aan het maatschappelijk leven.
Trajecten zoals IBA Parkstad, de gebiedsgerichte aanpak van de sociaaleconomische problemen in het Nationaal Programma Heerlen-Noord (zie kader), het Verbond voor Energierechtvaardigheid (zie kader), de transitie van het centrum en de beweging van het onderwijs naar de binnenstad, het economische cluster medische logistiek en de Smart Services Campus zijn voorbeelden van een bijzondere aanpak en een brede samenwerking. Andere recente opgaven zijn de landelijke transities op het gebied van duurzaamheid, maar ook het
7
slechten van de grensbarrières is een belangrijke opgave. Deze opgaven, maar ook andere opgaven, komen in hoofdstuk 3 in meer detail aan bod. Wat dat betreft is Heerlen een veerkrachtige stad die een positieve beweging opzoekt in de transitie van een krimpende regio. Dit maakt de weg vrij voor een nieuw elan in de stad. Heerlen zet fors in op cultuur. Cultureel centrum SCHUNCK, festival Cultura Nova, Street Art, International Breakdance Event; Pionier in stad maken met lef en durf. Nationaal Programma Heerlen-Noord Heerlen-Noord is een prachtig gebied met een rijke historie. Maar het is ook een gebied met grote uitdagingen. De afgelopen decennia is veel geïnvesteerd in het wegwerken van sociale-, economische- en gezondheidsachterstanden. Ook is er ingezet op het verbeteren van de woon- en leefomgeving. Dit heeft zeker effect gehad, maar toch zijn de verschillen nog steeds groot; al jaren is Heerlen-Noord aanvoerder van de ‘verkeerde’ lijstjes. In het Nationaal Programma Heerlen-Noord werken bewoners, bedrijven, overheden en maatschappelijke organisaties de komende 25 jaar samen aan een betere toekomst voor Heerlen-Noord. De volgende ambitie staat centraal in het Nationaal Programma Heerlen-Noord: “De volgende generatie jeugd groeit gezonder op, heeft betere ontwikkelkansen, heeft meer werkperspectief en een fijnere leef- en woonomgeving.
We groeien met Heerlen-Noord naar het Nederlands gemiddelde.” In het programma wordt gewerkt aan vijf samenhangende thema’s: a. Gezondheid: Ouders/verzorgers zijn veerkrachtig in staat hun kinderen gezond op te laten groeien, het aandeel kinderen en jongeren dat zich mentaal en fysiek gezond voelt groeit naar het landelijke gemiddelde. b. Veiligheid: Bewoners zijn weerbaar tegen criminaliteit en de leefbaarheid en sociale veiligheid stijgt naar het landelijk gemiddelde. c. Leren: Ieder kind gaat kansrijk van start, kan gebruik maken van een intensief en passend taal- en ontwikkelaanbod en kan hun talenten ontwikkelen. d. Werken: Het aandeel mensen in de bijstand en werkenden in armoede daalt naar het landelijk gemiddelde. e. Wonen: Het aandeel bewoners woonachtig in passende, duurzame en betaalbare woningen groeit naar het landelijke gemiddelde en de fysieke inrichting van Heerlen-Noord draagt bij aan een gezonde leefomgeving. Voor de levenskansen en gezondheid van de volgende generaties mag het niet uitmaken of je in HeerlenNoord of ergens anders in Nederland geboren wordt. We gaan voor gelijke kansen voor iedereen. Het Nationaal Programma Heerlen-Noord is onderdeel van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Dit programma is gestart om in 20 kwetsbare wijken in Nederland de leefbaarheid te verbeteren. Heerlen Noord is één van die wijken. Samen met het Rijk zorgt de gemeente voor een integraal uitvoeringsprogramma waarin staat hoe de komende jaren de leefbaarheid verbeterd gaat worden. Met een krachtige samenwerking van bewoners, scholen, woningcorporaties, gemeente, Rijk, zorgverzekeraar, GGD, ondernemers en andere maatschappelijke organisaties uit het gebied wordt geïnvesteerd in een generatielange aanpak. Verbond voor Energierechtvaardigheid De gemeente Heerlen vindt het belangrijk om iedereen te helpen bij energiebesparing en verduurzaming, maar heeft extra aandacht voor kwetsbare inkomensgroepen. Aan de andere kant raakt de crisis ook mensen die net geen recht hebben op de energietoeslag. Daarom heeft de gemeenteraad ingestemd met een voorstel om budget beschikbaar te stellen voor aanvullende maatregelen tegen energiearmoede waarvan een bredere groep kan profiteren.
8
Figuur 6: Een stad van maatschappelijke voorzieningen
Maatschappelijke voorzieningen Bron: Bureau Verbeek
9
Figuur 7: Een stad van maatschappelijke voorzieningen - 2
Brede maatschappelijke voorzieningen Bron: Bureau Verbeek
2.3 Een groene stad van bijzondere vormen Figuur 8: Een groene stad van bijzondere vormen
Impressies van de gemeente Bron: Beeldenbank gemeente
Heerlen ligt op een bijzondere plek, tegen het Heuvelland en ingeklemd tussen de Caumerbeek en de Geleenbeek. Deze blauwe linten, aangevuld door verschillende bronbeekjes, verbinden de stad met het groene buitengebied. Dat groene buitengebied bestaat uit een diversiteit aan landschappen. De Brunssummerheide (Natura 2000-gebied) in het oosten en een beekdalenlandschap (met het Natura 2000-gebied Geleenbeekdal) in het westen, met bijzondere cultuurhistorische waarden en het laaggelegen kasteelstadje Hoensbroek. Het plateaulandschap (onderdeel van het Nationaal Landschap Zuid-Limburg)
10
aan de noord- en zuidzijde, dat reikt tot in het stedelijke weefsel en zorgt voor de karakteristieke hoogteverschillen in Heerlen. Daarnaast heeft Heerlen ook een bijzondere geomorfologische opbouw; er ligt een mijngangenstelsel onder de grond en de bodem is rijk aan delfstoffen. De sterke groenstructuren van het landschap, gecombineerd met nieuwe groen- en parkstructuren in de stad door het verwijderen van ongebruikte gebouwen, creëert een samenspel van ‘park’ en ‘stad’. Het beekstelsel van de Caumerbeek is de groene ruggengraat die zorgt voor de groene dooradering van Heerlen en een verbinding met grotere groenbieden als het Geleenbeekdal en de Brunssummerheide. De groene beekdalen zijn ook kansrijke waterbergingsgebieden als spons voor de stad. Met de komst van de Parkstadroute wordt het natuurgebied bovendien beter ontsloten en recreatief verbonden met de rest van Parkstad. Figuur 9: Een stad van groene kwaliteiten
Gebieden met natuur en water Bron: KuiperCompagnons
11
Figuur 10: Een groene stad van bijzondere vormen
Impressies van de gemeente Bron: Beeldenbank gemeente
Heerlen is van oudsher een stad van transformaties. Er zijn vier belangrijke cultuurhistorische periodes die medebepalend zijn geweest voor de ontwikkeling van de stad. Ten eerste het stichten van de Romeinse stad Coriovallum, met het Romeinse badhuis als de belangrijkste getuige en een monument van (inter)nationale allure. Na de Romeinse tijd ontstond middeleeuws Heerlen rond het zogenaamde Landsfort Herle, waarvan de contouren nog zichtbaar zijn rond de Pancratiuskerk. Heerlen en omgeving kennen verder een grote dichtheid aan kastelen en buitenplaatsen uit deze periode, waaronder kasteel Hoensbroek. In de omgeving en in Heerlen zelf zijn veel archeologische vondsten gedaan die dateren uit die tijd. ANWB-verkiezing
Bron Kasteel Hoensbroek
verkiezing
Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Figuur 11: Een groene stad van bijzondere vormen
Impressies van de gemeente Bron: Beeldenbank gemeente
12
Heerlen groeide uit tot een stad in de mijnperiode, een periode die een allesbepalende stempel op de stad zou drukken. De mijnbouwperiode, met een snelle economische groei, is zeer bepalend geweest voor de ruimtelijke opbouw en het huidige beeld van de stad. Rondom de mijnzetels (het hoofdgebouw van de mijn) en oude gehuchten ontstonden hele woonwijken voor de mijnwerkers. De stad is hierdoor niet gegroeid vanuit een concentrische ontwikkeling rond één centrum, maar is gefragmenteerd van opbouw. De mijnwerkers waren afkomstig van het platteland. De nieuwe wijken werden ingericht naar het idee van tuindorpen. Er was veel ruimte voor groen en de wijken hadden een duidelijke verbinding met het platteland. Zo zouden de mijnwerkers zich hier thuis voelen, was de gedachte. Elke wijk had een eigen school, kerk en winkels. Tuindorpen Het idee van tuindorpen, of tuinwijken of -steden, is ontstaan aan het eind van de 19e eeuw. Veel mensen trokken in die tijd naar de steden om te gaan werken in de fabrieken. De stad werd steeds drukker en de levenstandaard was slecht. De tuindorpen moesten hierin een oplossing bieden. Dit zijn wijken met een dorps karakter en veel groen. De grondlegger van de tuindorpen is Ebenezer Howard, die inspiratie ontleende aan utopische invloeden; sociale balans, duurzame energie en balans met de natuur speelden een prominente rol in zijn ontwerpen.
De architect Jan Stuyt, die zich liet inspireren door Howard, ontwierp ook verschillende mijnkoloniën in Heerlen en Parkstad. De utopische invalshoek van Howard moest in Stuyts ontwerpen vaak wijken voor een combinatie van bedrijfseconomische overwegingen van de mijnindustrie en het conservatieve keurslijf van de katholieke kerk. De komende decennia hebben we echter een kans om de utopische wortels van de tuindorpgedachte in ere te herstellen in Heerlen. Die kans willen we met beide handen aangrijpen. De radiaalwegen die de dorpskernen met elkaar verbonden, werden dichter bebouwd tot bebouwingslinten. De komst van de mijnindustrie betekende ook de aanleg van (spoor)wegen en omdat de snelgroeiende samenleving ook in haar levensonderhoud moest kunnen voorzien, kwamen er kantoren, warenhuizen, winkels, banken en uitgaansgelegenheden. Heerlen transformeerde van een dorp naar een stad. Door de gigantische bouwactiviteit en welvaart rond de mijnindustrie (einde 19e eeuw en eerste helft van de 20e eeuw) heeft Heerlen veel modernistische architectuur voortgebracht met Frits Peutz als belangrijkste exponent en gebouwen zoals SCHUNK, de Stadsschouwburg en de Royal. De explosieve groei van woonwijken, elk met eigen voorzieningen rondom de voormalige mijnzetels, geeft de stad in de basis een decentraal of multipolair karakter.
Doordat de mijnzetels op zichzelf waren gericht, met de rug naar elkaar toe, ontstonden daartussen open groene structuren. De nattere beekdalen bleven vrij van bebouwing. In de mijnperiode zijn veel beken gebruikt voor afvalwaterafvoer en overkluisd. De Caumberbeek is sindsdien grotendeels hersteld. Die confrontaties tussen park en stad zijn zo kenmerkend voor Parkstad. De belangrijkste identiteitsdragers uit het mijnbouwtijdperk zijn, met uitzondering van de karakteristieke mijnwerkerswijken en enkele monumentale gebouwen, echter verdwenen. Wel zijn oude mijngroeven nog zichtbaar in het landschap. Het Maankwartier is een volgende moderne stap in de transitie van de stedelijke identiteit van Heerlen.
13
Figuur 12: Waar komen we vandaan?
De geschiedenis van Heerlen Bron: Bureau Verbeek
14
Figuur 13: Een bijzondere opbouw
De functionele opbouw Bron: Bureau Verbeek?
2.4 Centrumstad en economische motor van Parkstad Figuur 14: Centrumstad en economische motor van Parkstad
Impressies van de gemeente Bron: Beeldenbank gemeente
15
Heerlen is de centrumstad van Parkstad-Limburg, een agglomeratie van 250.000 inwoners. Heerlen zelf telt anno 2024 ongeveer 87.000 inwoners en is na Maastricht en het stedelijk gebied Sittard-Geleen de derde stad van Zuid-Limburg. Er werken in Heerlen ruim 57.000 mensen (Heerlen aan het werk, 2023); dit is meer dan de helft van de werkgelegenheid in Parkstad. De binnenstad van Heerlen is de huiskamer van een kwart miljoen Limburgers. Een herkenbaar centrum met goede voorzieningen voor winkels, kantoren, horeca en cultuur, waarin levendigheid en leefbaarheid zorgen voor een unieke dynamiek. Deze mix, gecombineerd met een multimodale ontsluiting via spoor en (internationale) autowegen, levert gunstige voorwaarden voor het vervullen van de rol van ‘Parkstad City’. Heerlen is met een filmhuis, theater, poppodium en een breed cultureel aanbod het culturele hart van Parkstad. Daarnaast is Heerlen een belangrijke regionale evenementenstad met een breed scala aan evenementen, activiteiten, wedstrijden, een goed lopend theater en veel straatkunst. Voor elk wat wils en goed bezocht door de Heerlenaar en bezoekers van verder weg. De cultuur- en erfgoedsector is bloeiende in Heerlen en er wordt volop ingezet op de verdere uitbouw van het culturele leven. Heerlen-Centrum is bovendien één van de belangrijkste werklocaties in de gemeente.
Hier concentreren zich de meeste banen in een relatief klein gebied waarvan de sectoren detailhandel en horeca belangrijke werkverschaffers zijn. In en direct rondom het centrum liggen ook een aantal grote en kleinere kantoren. De Woonboulevard Heerlen staat bekend als euregionaal koopicoon. Daarnaast huisvest Heerlen (boven)regionale voorzieningen onder andere in de gezondheidszorg. De zorg concentreert zich in de zorgvallei met het Zuyderland Medisch Centrum, de Mondriaan-kliniek en de Zorgacademie. Belangrijke zorgverleners zoals Sevagram en revalidatiekliniek Adelante zijn ook in Heerlen gevestigd. Verder kent Heerlen een sterk onderwijs- en kenniscluster. Op de onderwijscampus liggen Zuyd Hogeschool, Vista College (MBO), Sintermeerten College en de Open Universiteit. Verspreid over de stad liggen diverse andere scholen voor voortgezet onderwijs die samen de regionale onderwijsfunctie vervullen. Een relatief nieuwe en veelbelovende ontwikkeling is de Brightlands Smart Services Campus. Dit is een belangrijk kenniscluster voor digitale ontwikkeling en zakelijke dienstverlening. Hierin werken allerlei bedrijven samen met de Open Universiteit, de Universiteit Maastricht en Zuyd Hogeschool om slimme oplossingen voor toekomstige vraagstukken te ontwikkelen, denk aan kunstmatige intelligentie (AI).
De Smart Service Campus bevindt zich in het centrum en in een aantal andere grootschalige kantoren in de directe omgeving en is in korte tijd een belangrijke economische drager geworden. De verwachting is dat die in de toekomst verder in belang gaat toenemen. Tot slot is er in het meest zuidelijke deel van Heerlen maakindustrie op de Beitel en een grote concentratie van ‘Medtech & Logistics’ op de bedrijventerreinen Avantis en Trilandis. In korte tijd is dit uitgegroeid tot het grootste logistieke cluster van Europa op het gebied van producten in ‘care, cure en pharma’. Hier zijn diverse wereldwijde spelers in de medisch-technologische bedrijvigheid gevestigd om vanuit Parkstad hun logistieke activiteiten uit te voeren. De uitstekende bereikbaarheid en nabijheid van diverse vliegvelden maakt dat deze bedrijven zich in Heerlen vestigen. Zo worden vanuit Heerlen en Parkstad diverse producten waaronder pacemakers en insulinepompen verzonden naar heel Europa. Heerlen is bovendien de oostelijke stad in de stedelijke regio Zuid-Limburg midden in de Euregio (Maastricht-Aken-Hasselt-Luik) En ligt hiermee op een strategische plek in Zuid Limburg nabij Aken. Bijzonder is dat Zuid-Limburg zich midden in het Europese netwerk van Vlaamse Ruit, Ruhrgebied en Randstad bevindt en ook liggen er stedelijke gebieden vlak over de grens.
Het versterken van agglomeratiekracht binnen de Euregio biedt potentieel enorme kansen, niet alleen op economisch vlak. De Euregio zou kunnen functioneren als een Daily Urban System met diverse kennisinstituten en een grote arbeidsmarkt. Heerlen is dan ook goed bereikbaar via de weg en het spoor, ook vanuit de Euregio[1]. Het Maankwartier in het Centrum is een multimodaal knooppunt met een aantrekkelijke uitstraling als toegangspoort tot de stad. Daarnaast zijn we ook een grensgemeente met veel potentie vanwege het interessante achterland, dat uitstekend verbonden is via autowegen. Aken als kennisstad met de uitmuntende en grote technische universiteit (RWTH) en als sterke culturele en economische regio ligt op een steenworp afstand.
16
Figuur 15: Diverse bedrijvigheid
De plek van de verschillende economische activiteiten Bron: Bureau Verbeek?
17
Figuur 16: Centrumstad van Parkstad
De maatschappelijke en economische activiteiten van Heerlen in het perspectief van Zuid-Limburg en Parkstad Bron: Bureau Verbeek
[1]Euregio is een samenwerkingsverband tussen regio’s uit verschillende Europese landen. In Europa zijn verschillende Euregio’s. Heerlen behoort tot de Euregio Maas-Rijn, met de steden Luik, Hasselt, Maastricht en Aken.
3 De uitdagingen in Heerlen 3.1 Inleiding Heerlen heeft de laatste jaren hard gewerkt aan een levendige, aantrekkelijke en mooie leefomgeving voor de inwoners, bedrijven en ondernemers, maatschappelijke organisaties en de bezoekers van de gemeente. Maar er moet ook nog veel gebeuren. Mede uit de gesprekken met mensen in de wijken bleek dat belangrijke opgaven spelen, waar een passende aanpak voor nodig is. Daarom hebben we het perspectief van inwoners, ondernemers en maatschappelijk partners op die (maatschappelijke) opgaven richting 2050 hieronder beschreven. Deze opgaven staan ook in beleidsstukken op nationaal, provinciaal en regionaal niveau, zoals de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), de gebiedsuitwerking van de NOVI voor Zuid-Limburg (NOVEX), de Provinciale Omgevingsvisie, Panorama Zuid-Limburg, het Regionaal Afstemmingskader Parkstad en de Strategische Agenda Parkstad 2023. Die hebben we daarom ook beschreven. We realiseren ons dat we lang niet alle opgaven kunnen voorzien; crisissen volgden zich de afgelopen jaren sneller en veelvuldiger op dan ooit. Ook in de toekomst zullen onvoorziene omstandigheden ons pad kruisen. Hoe het ook zij, we gaan deze opgaven met vertrouwen aan en zullen ons telkens inzetten voor de op dat moment meest passende, kwalitatieve en duurzame oplossingen.
3.2 Onze mensen: Vitaal, leefbaar en gezond Heerlen Inleiding Idealiter is de stad leefbaar en zijn de mensen vitaal en gezond. Op dit gebied liggen er in Heerlen dringende opgaven, zoals de sociale problematiek, een slechte (ervaren) gezondheid, een relatief laag opleidingsniveau, een relatief hoge werkloosheid, een te laag regionaal inkomen en wegtrekkende hoger opgeleide jongeren. De kwaliteit, het achterstallig onderhoud en de slechte isolatie van vele woningen, dragen evenmin bij aan een gezond leefklimaat. Door klimaatverandering hebben we daarnaast te maken met steeds warmere zomers, waardoor er meer hittestress wordt ervaren. Bij kwetsbare mensen kan dit een nadelige invloed op hun gezondheid hebben. Gelijke kansen Er is sprake van een sociale, maatschappelijke en economische kloof met de rest van Nederland. Dit gat blijkt moeilijk te dichten. De sociaalmaatschappelijke achterstanden, zoals onderwijsachterstanden,
18
slechtere (ervaren) gezondheid (zie figuur 9 links), lager inkomensniveau (zie figuur 9 rechts) en gevoelens van onveiligheid, van vandaag de dag zijn hardnekkig, diepgeworteld en worden aan opeenvolgende generaties doorgegeven. Relatief veel kinderen groeien op in armoede of krijgen te maken met jeugdhulp. Figuur 17: De ervaren gezondheid
Het aandeel inwoners met een goede ervaren gezondheid[1] (links) en het aandeel huishoudens met een bijstandsuitkering [2] (rechts). Bron: CBS 2023
De opgaven zijn duidelijk groter in het noordelijk deel van de stad (ook wel ‘boven het spoor’ in de volksmond genoemd) en concentreren zich daar in de wijken waar de eerdergenoemde sociaalmaatschappelijke achterstanden het grootst zijn. Deze ruimtelijke spreiding vindt zijn oorsprong in de historische verdeling van de mijnwerkerswijken. De Heerlenaren erkennen deze opgaven ook. Zij geven aan gevoelens van onveiligheid te ervaren mede vanwege (drugs)criminaliteit, agressie en afval op straat. De jeugd krijgt extra aandacht bij het aanpakken van de problematiek en het oplossen van de sociaaleconomische- en gezondheidsachterstanden. Vanuit de regio wordt al gewerkt vanuit het principe dat problemen opgelost moeten worden door een veilige basis te bieden aan de jeugd. Met een langdurige aanpak en inzet op een vitale samenleving onder meer via het Nationaal Programma Heerlen-Noord, het regionaal uitvoeringsprogramma VIE en het Zuid-Limburgse Trendbreukprogramma willen we de bestaande achterstanden doorbreken. citaat 1 “In Heerlen vind ik de slecht onderhouden stoepen, de gaten in de wegen en het rondslingerende afval het minst fijn.”
– Bewoner uit Heerlerbaan-Schil
citaat 2 “Ik voel mij in bepaalde delen van Heerlen onveilig en vermijd het om daar (alleen) te lopen.”
– Inwoner
Demografische ontwikkelingen Ontwikkelingen zoals vergrijzing, ontgroening en veranderende huishoudens zetten door. Deze ontwikkelingen zorgen ervoor dat de al bestaande druk op de woningmarkt nog groter wordt. Op dit moment is er te weinig passend woningaanbod door een mismatch tussen kwalitatieve vraag en aanbod. Met andere woorden, er zijn wel woningen - maar niet de juiste. Inwoners kunnen daardoor geen passende woning vinden. Hoewel recent Woonbehoefteonderzoek aantoont dat de gezonde groeiambitie die Heerlen heeft omarmd zeker haalbaar is, laten prognoses vooralsnog zien dat de bevolkingsontwikkeling in Heerlen richting 2050 negatief uitvalt. Dit krimpscenario is zeer onwenselijk. Het steeds verder afnemen van het aantal inwoners zou grote gevolgen hebben voor het voorzieningenaanbod en daarmee ook voor de leefbaarheid. Dit heeft een weerslag op de mentale en fysieke gesteldheid en ontwikkelmogelijkheden van onze inwoners. Vanuit Parkstad waarin wij deelnemen, maar ook op basis van nationaal beleid, willen we het tij keren en daarmee inzetten op groei, zowel kwalitatief als kwantitatief.
19
Met name de kwalitatieve groei is belangrijk voor de leefbaarheid in de wijken en het centrum. Daarom moet de focus liggen op het aantrekken van ‘dragers’ omdat dit bijdraagt aan de vitaliteit, economie en sociale samenhang van Heerlen. De vergrijzing heeft grote gevolgen voor onze economie en samenleving. De verwachting is dat de vergrijzing de vraag naar zorg verder doet toenemen, maar ook verandert. Dit betekent een extra grote behoefte aan personeel. Om de samenleving in balans te houden, is het belangrijk om de werkzame beroepsbevolking en arbeidsparticipatie op niveau te houden. citaat 3 “Huur- en koopwoningen beter mixen binnen één buurt en ook hoger- en lager opgeleiden beter mixen binnen één buurt.”
– Bewoner uit Heerlerbaan-Centrum
Daarnaast wordt er op landelijk niveau op gestuurd dat mensen langer thuis blijven wonen. Het realiseren van voldoende levensloopbestendige woningen, zowel in de koop- als de huursector, is daarom de komende jaren een grote opgave. Hierin moeten we ook rekening houden met de veranderende zorgvraag waarbij de gezondheidszorg steeds dichter naar de inwoner wordt gebracht. Denk hierbij aan (ook ingrijpende) behandelingen die in de thuissituatie worden uitgevoerd zoals het ondergaan van chemokuren. Afbrokkeling van de verenigingsstructuur Veel inwoners zijn lid van een sport- of culturele vereniging en ontmoeten elkaar bij verenigingsactiviteiten. Daarmee vormen verenigingen de smeerolie van de samenleving en vervullen ze ook een rol in het versterken van de zelf- en samenredzaamheid van onze inwoners. Tegelijkertijd brokkelt de vroegere verenigingsstructuur af. Het is steeds moeilijker om burgers te vinden die zich structureel willen inzetten voor buurt- en wijkgerichte activiteiten en verenigingen. [1] RIVM Buurtatlas; https://buurtatlas.vzinfo.nl/#ervaren_gezondheid [2] Parkstad in cijfers, sociale zekerheid; https://parkstad.incijfers.nl/dashboard/sociale-zekerheid
3.3 Onze leefomgeving: Dé tuinstad van Parkstad ,Inleiding Voor het welzijn is een fijne leefomgeving heel belangrijk. Het hebben van een passende woning heeft grote invloed op het welbevinden. Daarnaast hebben het milieu en het groen invloed op de gezondheid. Zonder natuur kunnen wij niet leven. Wij zijn er zelf deel van en stellen tegelijkertijd die natuur zwaar op de proef. In onze huidige tijd worden we geconfronteerd met uitdagingen die ons dwingen zorgvuldig na te denken over de manier waarop we groeien en ontwikkelen. Materiaalschaarste zet ons voor een realiteit waarin grondstoffen niet onbeperkt beschikbaar zijn, terwijl de noodzaak tot klimaatadaptatie vraagt om aanpassingen die onze leefomgeving toekomstbestendig maken. Dit stelt grenzen aan wat mogelijk is, maar biedt tegelijkertijd een kans om anders te kijken naar groei. Door duurzame en circulaire principes centraal te stellen, kunnen we deze grenzen niet alleen erkennen, maar ook benutten als leidraad voor vernieuwing. Het is een pad dat ons niet alleen de plicht, maar ook de mogelijkheid biedt om met creativiteit en verantwoordelijkheid vorm te geven aan een duurzamere toekomst. Vergroening speelt een cruciale rol in het vormgeven van deze toekomst.
Het gaat hierbij niet alleen om het letterlijk groener maken van onze leefomgeving door bijvoorbeeld het aanplanten van bomen, maar ook om een fundamentele transitie in hoe we produceren en consumeren. Vergroening is niet louter een ecologische noodzaak, maar ook een kans om veerkrachtige en mooie gemeenschappen te creëren. Transformatie groevegebieden Een spectaculair heidelandschap bij Heerlen ligt op slechts 1500 meter van het Maankwartier. Daarnaast heeft Heerlen -met name aan de noordkant- een groot potentieel aan natuurelementen van geweldige kwaliteit, die nu nog als losse flodders verborgen, onbereikbaar of nauwelijks 'dienend' zijn ingericht.
20
En deze onbekende, maar ongewoon mooie vijvers, beken en plassen liggen pal naast de armste wijken. Heerlen beschikt in het noordelijk deel over een aantal zandgroevegebieden. Deze zijn belangrijke leveranciers van zilverzand, maar zijn ontoegankelijk voor bewoners. Daarnaast zorgen de zandgroevegebieden voor overlast, met name door op en af rijdende vrachtwagens die het zand vervoeren. Het transformeren van de groevegebieden biedt verschillende mogelijkheden voor onze samenleving, bijvoorbeeld in de vorm van de recreatie en ontspanning, omdat het tegen de Brunssummerheide aan ligt en deels onder water staat. Natura 2000-gebieden onder druk Groen is heel belangrijk voor onze inwoners. Heerlen is een groene stad en beschikt over veel natuurgebieden waaronder het Imstenraderbos, het Geleenbeekdal en Terworm, het Caumerbeekdal en het Aambos. Tegelijkertijd hebben de natuurgebieden het moeilijk en neemt de biodiversiteit er af. Ruimtelijke ontwikkelingen en klimaatveranderingen zijn hier de voornaamste oorzaak van. Door klimaatverandering hebben we namelijk steeds vaker te maken met extreme hitte, lange perioden van droogte en piekbuien. Dit heeft een negatief effect op onze omgeving en brengt de leefbaarheid en gezondheid van onze inwoners in gevaar. Door meer ruimte te bieden aan groen en water kunnen deze negatieve effecten verlicht worden.
Vanuit de samenleving wordt veel waarde gehecht aan het groen en wordt het versterken ervan gezien als een belangrijke opgave om de leefbaarheid te verhogen. Het belang van klimaatadaptatie wordt door alle overheidslagen benadrukt. Dit is terug te zien in de NOVI en het Regionaal Afstemmingskader Parkstad. citaat 4 “Het altijd goed om méér groen te krijgen. Gelukkig is Heerlen hier al goed mee bezig! Daarnaast hebben we nog altijd het Aambos; het Central Park van Heerlen.”
– Bewoner uit Heerlen-Centrum
Het Geleenbeekdal heeft daarnaast ook te maken met een slechte grondwaterkwaliteit en voldoet niet aan de normen van de Kaderrichtlijn Water (KRW). De hoge concentraties voedingsstoffen in het water hebben een negatieve invloed op de ontwikkeling van natuurgebieden. Voor het verbeteren van de grondwaterkwaliteit ligt de verantwoordelijkheid bij de provincie. Bodem kwaliteiten en opgaven Een groot deel van Nederland ligt onder NAP. Mede door klimaatverandering hebben deze delen van Nederland te maken met bodemdaling. Zuid-Limburg, en daarmee ook Heerlen, vormt hierin een uitzondering. In Heerlen stijgt de bodem en dit biedt vele kansen voor lokale-, regionale- en nationale ontwikkelingen. Maar de ondergrond kent nog meer kwaliteiten, zoals drinkwater, bodemenergie en klimaatadaptatie. Dat neemt niet weg dat deze kwaliteiten ook grote opgaven met zich meebrengen. Zo kunnen huidige en nieuwe ondergrondse functies (zoals mijnwater) de druk op de ondergrond vergroten en kunnen verkeerde keuzes uit het verleden en in de toekomst het aanpassingsvermogen verminderen. Dit is terug te zien bij piekbuien in de kwetsbare beekdalen. Om onze bodem te beschermen, in Heerlen, maar ook in de rest van Nederland, heeft het rijk ‘water en bodem sturend’ gemaakt bij ruimtelijke ontwikkelingen.
Nieuwe functies mogen daardoor alleen plaatsvinden als dit past bij de bodem en deze niet (verder) aantast. citaat 5 “Het zou mooi zijn als mensen wat meer groen in hun tuin hebben. Nu zijn veel tuinen compleet betegelt of liggen ze vol met grind. Daarnaast is veel van het groen vervuild met plastic en hondenpoep. Langs de wegen zou ik ook graag meer aankleding zien, zoals bloemenbakken in lantarenpalen of ‘slaloms’ met groen erin. Kleine dingetjes maken al een groot verschil.”
– Bewoner uit Molenberg
Verandering in de woningmarkt en woonbehoefte Voor onze inwoners is het enorm belangrijk dat zij goed kunnen wonen. Dit staat onder druk van demografische en maatschappelijke ontwikkelingen, zoals huishoudensontwikkeling, ontgroening, vergrijzing, individualisering, afnemend aantal vrijwilligers en verruiming van de actieradius. Nieuwe wettelijke kaders
21
en ontwikkelingen in het onderwijs hebben daarnaast ook grote invloed op de maatschappelijke voorzieningen en accommodaties. Huishoudensontwikkeling, de ontwikkeling waarbij de huishoudensamenstelling verandert, vraagt om transformatie van onze woningvoorraad. De vraag naar eengezinswoningen verschuift naar kleinere en levensloopbestendige woningen in alle segmenten. Op de langere termijn heeft de woningmarkt vooral te maken met grote kwalitatieve opgaven. Door de vergrijzing, maar ook vanwege de individualisering en het grote aantal Heerlenaren in een kwetsbare positie, wordt zoals hiervoor aangegeven, de vraag naar maatschappelijke ondersteuning, zorg en dagbesteding groter. Ontgroening zet daarnaast druk op het aanbod van en het aantal scholen, speelvoorzieningen en aanverwante activiteiten. Zoals gezegd, is op de lange termijn een kwalitatieve impuls van de woningvoorraad nodig, maar ook nu staan we al voor een grote opgave. De huidige woningvoorraad is verouderd en eenzijdig en sluit niet meer goed aan bij de huidige en toekomstige behoefte van de inwoners. Zo is er meer behoefte aan: a. gerenoveerde en verduurzaamde woningen b. huurwoningen voor middeninkomens; c. levensloopbestendige woningen. Doordat het aanbod en de vraag niet op elkaar aansluiten ontstaat op sommige plekken leegstand.
Zowel onze inwoners als Parkstad benadrukken de noodzaak de woningvoorraad te verduurzamen. Zo hebben ook veel woningen een laag energielabel, waardoor de maandelijkse energiekosten hoog zijn. De verduurzamingsopgave draagt niet alleen bij aan het wooncomfort van onze inwoners, maar is ook goed voor het milieu. Tegelijkertijd is bij het isoleren van de woning aandacht nodig voor hittestress binnenshuis. Zo wordt voorkomen dat tijdens warme zomerdagen de woning teveel opwarmt, omdat de warmte er niet meer uit kan. citaat 6 “Huur- en koopwoningen beter mixen binnen één buurt en ook hoger- en lager opgeleiden beter mixen binnen één buurt.”
– Bewoner uit Heerlerbaan-Centrum
Kwalitatief goede woningbouwplannen Om in te spelen op de uitdagingen van de stad is het van groot belang dat Heerlen een woningbouwprogrammering kent die zowel de kwantitatieve als kwalitatieve ambities op woongebied van de stad reflecteert. De afgelopen jaren hebben we gezien dat een gebrek aan kwantitatieve programmering de stad op slot dreigde te zetten, en te weinig ruimte liet voor kwalitatieve initiatieven. Nieuw woonbehoefteonderzoek creëert meer ruimte aan de kwantitatieve kant, die benut moet worden door sterk en streng te sturen op kwalitatief goede plannen - zowel qua product als qua doelgroep. Kwalitatief goede woningbouwplannen worden bereikt door een goede woning op een geschikte plek voor de juiste doelgroep. Dus om het: • vastgoed (energielabel, woninggrootte/type, levensloopbestendigheid, milieukwaliteit) • de woonomgeving (buurt, woonmilieu, hittestress en groen) • evenwichtige mix in de buurten/wijken
Want ook een goede menging van verschillende doelgroepen in relatie tot de omgeving waarin deze gehuisvest worden, draagt bij aan de kwaliteit van woningbouwplannen. Op deze weg zal de stad door moeten om gewenste woonontwikkelingen te faciliteren. Knooppuntontwikkeling De afgelopen periode hebben we Heerlen succesvol neergezet als een goede plek om volkshuisvestingssubsidies te investeren, getuige de verschillende succesvolle aanvragen bij het Volkshuisvestingsfonds (VHF), de Woningbouwimpuls, de Start Bouwimpuls, en meer. Op deze strategische weg willen en moeten we voort. Deelname aan het provinciale traject Limburg Centraal is daarvan een lopend voorbeeld, en de nieuwe landelijke ambitie om 130.000 woningen in de NPLV-gebieden (waaronder Heerlen Noord) te realiseren ten bate van de leefbaarheid is een volgende grote kans. Momenteel wordt er veel ingezet op knooppuntontwikkeling in het mobiliteitsnetwerk (TOD). Om de stad toekomstbestendig, gezond en aantrekkelijk te maken, zetten we in op gerichte verdichting in de centra en rondom mobiliteitsknooppunten. Deze aanpak brengt meerdere voordelen met zich mee, zowel ruimtelijk als sociaal-maatschappelijk. Die duurzame groei vraagt stevige investeringen in infrastructuur
22
en voorzieningen voor die toekomstige bewoners van onze stad. Daarom moet kwalitatieve woningbouw hand in hand gaan met de verbetering en vergroening van de openbare ruimte, zijn maatschappelijke en culturele voorzieningen onlosmakelijk met die opgave verbonden en zetten we volop in op de vestiging van onderwijsinstellingen als bron van nieuwe dynamiek en trots in onze binnenstad. Autogebruik De mobiliteitssector is verantwoordelijk voor een substantieel aandeel van de CO2 emissie van Heerlen. Dit betreft zowel logistiek en distributie als ook autogebruik. Ook de dichtheid van personenauto’s per km2 is zeer hoog met 999 personenauto's per km² land in Heerlen, in tegenstelling tot 265 gemiddeld in Nederland. Volgens de Corona Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2022 voldoet in Nederland gemiddeld 47,5% van de volwassenen van 18 jaar en ouder aan de beweegrichtlijnen. In Heerlen is dit ‘slechts’ 36,7%. Gezond bewegen is daarmee een opgave. Het autogebruik in onze regio is bovengemiddeld hoog. Uit enquêtes weten we dat voor boodschappen doen 65% van de mensen de auto neemt, tegenover 35% landelijk. In het beleid staan echter de fiets, voetganger en het openbaar vervoer op de eerste plek. Maar ook (vracht)auto’s blijven een rol vervullen.
citaat 7 “Ik ben zelf een fervent automobilist, maar als Heerlen daadwerkelijk succesvol wil worden dan dient het lef te tonen met betrekking tot het weren van auto's. Zet maximaal in op compact wonen, voetganger vrije zones, fietsen, superieur OV en heel veel groen (in plaats van extra wegdek en parkeerplaatsen!). Jonge mensen zullen dan vanzelf de stad komen versterken met levendigheid, inzichten en hoogwaardige kennis.”
– Bewoner uit Nieuw Lotbroek
Wandelen en fietsen Er wordt veel gewandeld in Heerlen, maar het gebruik van de fiets blijft ver achter op de regio en het landelijk gemiddelde. Dit komt onder andere door het gebrek aan veilige, goede en doorlopende (snel)fietsroutes. Daarnaast is de fietsparkeergelegenheid in diverse winkelclusters benedenmaats. Ruimtevraag van de energietransitie In 2050 moet de energievoorziening in Nederland bijna helemaal duurzaam en CO2-neutraal zijn. Hiervoor is het nodig om duurzame energie op te wekken door middel van wind en zon en de overgang te maken naar duurzame aardgasvrije warmtealternatieven. De energie- en warmtetransitie kost ruimte, zowel in opwekfaciliteiten als in kabels en leidingen in de bodem, die nodig zijn om de energie te vervoeren. Een goede ruimtelijke inpassing hiervan is één van de grote opgaven. Tegelijkertijd zijn er belangrijke meekoppelkansen, omdat de ingrepen in de openbare ruimte kansen bieden om deze klimaatadaptief en meer biodivers in te richten onder andere door deze te vergroenen. Dit heeft eveneens een gunstige effect op de aantrekkelijkheid en beleving van de buitenruimte. De energietransitie stelt ons ook voor een aantal andere belangrijke opgaven waaronder de groeiende netcongestie. Daarom moet het elektriciteitsnet worden verzwaard en op plaatsen vernieuwd.
Ongeacht de komst van warmtenetten legt Enexis in alle gevallen ‘all electric’ aan waarbij de energievraag volledig elektrisch ingevuld wordt. Netcongestie betekent letterlijk: file op het elektriciteitsnet. Het treedt op als de volledige capaciteit van het net is bereikt. Netbeheerders kunnen hierdoor niet meer altijd de groeiende vraag naar stroom blijven leveren. De infrastructuur van ons elektriciteitsnet is door de versnelde energietransitie verouderd. Het is dus een distributievraagstuk. Het elektriciteitsnet in Nederland staat al langer onder druk. Dit komt vooral door de snelle opkomst van hernieuwbare energie en de elektrificatie van de industrie. Denk aan wind- en zonneparken, laadinfrastructuur en warmtepompen. Te veel stroom van deze opwekkers vindt plaats op hele zonnige dagen maar ook winderige dagen. Hoe meer zon en wind, hoe groter de kans dat netcongestie optreedt. Daarnaast komt het ook door de toenemende energievraag en nieuwe bedrijven. Op het moment dat de vraag naar het transport van elektriciteit (zowel bij de aanbieder als de afnemer) groter is dan de transportcapaciteit van het net is er sprake van netcongestie.
23
Circulaire economie De omslag van een lineaire economie waarin we grondstoffen gebruiken, producten maken en deze vervolgens weggooien, naar een circulaire economie waarin we producten blijven hergebruiken, er geen afval meer is en kringlopen gesloten zijn, is iets wat zowel op regionaal, provinciaal als nationaal niveau de aandacht heeft. Dit vraagt niet alleen om een andere manier van bedrijfsvoering, maar ook om een andere manier van omgaan met onze producten en ons afval. Voor de omslag naar een circulaire economie is meer ruimte nodig voor bedrijfsactiviteiten zoals reparatie, delen, recycling, de verwerking van (bio)grondstoffen en de benodigde transportinfrastructuur. Dit vraagt om een juiste afweging bij het transformeren of invullen van beschikbare ruimte. Kiezen we daarboven voor sociale circulariteit, dan is zelfontwikkeling een feit, met onderwijs en arbeid voor en door de stad, en daarmee een gezonde toekomst voor Heerlen ingezet.
3.4 Onze economie: Centrumstad van Parkstad Inleiding Naast een goede leefomgeving is het voor onze inwoners van belang passend werk te hebben. Dat kan zijn als ondernemer, als zzp’er of in loondienst. De opgave is om een welvarende stad te worden en te blijven, waar iedereen een goed bestaan voor zichzelf kan opbouwen. Dat is in Heerlen niet zo vanzelfsprekend. Na de mono-economie van de mijnen blijft het belangrijk om de economische basis te verbreden in harmonie met de natuurlijke omgeving. Enkele grote instellingen worden aangestuurd vanuit elders, waardoor er altijd een zeker risico is dat deze ten prooi vallen aan een centralisatietrend (als bijvoorbeeld het hoofdkantoor wordt verplaatst). In dat opzicht is de stad nog steeds kwetsbaar. We willen graag dat er een breed palet aan bedrijven en instellingen is zodat onze economie weerbaar is en tegenslagen kan opvangen. Mismatch op de arbeidsmarkt In Heerlen is er sprake van een mismatch tussen de vraag uit de markt en het aanbod aan werknemers. Er is een tekort aan passend opgeleide werknemers terwijl er een relatief grote groep minder goed opgeleide mensen rond moet komen van een uitkering. De opgave is om niet alleen een stevige economische structuur te hebben, maar ook een goed en passend aanbod aan opleidingen. Soms worden oplossingen voor de banenmismatch ook belemmerd door de landsgrenzen.