CConstaterende datHeerlen
Koppel je AI →
Document · PDF

b_NL.IMRO.0917.BP030300W000010-0401_tb7.pdf

Raadsvergadering . (video) 19 oktober 2022, gemeente HeerlenBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Woningbouw Dr. Jaegersstraat'9.849 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

RAAP-PvE 2239 / versie 20-01-2020

[35]

Programma van Eisen Dr. Jaegersstraat te Heerlen

9 Deponering 9.1 Eisen betreffende het depot  Vondsten, monsters en documentatie worden binnen twee jaar na afronding van het veldwerk overgedragen aan het depot van de provincie Limburg conform de daar geldende eisen.  Binnen twee jaar na afronding van het veldwerk zijn alle conform het PvE gespecificeerde digitale producten overgedragen aan het e-depot (www.edna.nl) onder vermelding van het onderzoeksmeldingsnummer. Na verwerking in EDNA krijgt de documentatie een persistent identifier, zodat de data digitaal zijn te traceren.

9.2 Te leveren product Het eindproduct is de projectdocumentatie volgens de specificatie conform het protocol 4003. Bij het eindproduct hoort een overdrachtsverklaring (af te geven door de depothouder / eigenaar) voor de overgedragen vondsten, monsters en documentatie. Specificatie van de te leveren product(en)  Een (goedgekeurd) evaluatierapport volgens de in dit PvE beschreven KNA-specificaties en de overige bepalingen in dit PvE, inclusief een voorstel voor het te analyseren en te conserveren materiaal, inclusief een volledig kostenoverzicht van gemaakte en eventueel nog te verwachten onderzoekskosten bestemd voor de opdrachtgever.  Een standaard rapport volgens KNA-specificaties en de bepalingen in dit PvE.  Het bewijs van overdracht van monsters, onderzoeksdocumentatie en vondstmateriaal bij het depot van de provincie Limburg.

RAAP-PvE 2239 / versie 20-01-2020

[36]

Programma van Eisen Dr. Jaegersstraat te Heerlen

10 Randvoorwaarden en aanvullende eisen 10.1 Personele randvoorwaarden  Het onderzoek wordt verricht door een archeologisch bedrijf of instantie met certificaat 4004 op basis van de BRL 4000.  Het onderzoek wordt uitgevoerd onder leiding van een Senior KNA Archeoloog, met aantoonbaar ruime ervaring in de archeoregio en met de in dit PvE beschreven archeologische periodes.  Het veldteam bestaat verder uit een KNA Archeoloog (MA) of hoger gekwalificeerd, met ervaring in de archeoregio en met de in dit PvE omschreven archeologische periodes.  De documentatie en interpretatie van profielen wordt uitgevoerd door een specialist fysische geografie of KNA archeoloog (MA), met aantoonbaar ruime ervaring in de archeoregio.

10.2 Overlegmomenten  Voorafgaand aan de veldwerkzaamheden dient een startoverleg plaats te vinden tussen de initiatiefnemer, de civieltechnische en de archeologische uitvoerder. Tijdens dit overleg dienen de werkzaamheden op elkaar te worden afgestemd, waarbij getracht wordt de werkzaamheden zo soepel mogelijk te laten verlopen. Tijdens de werkzaamheden dient een balans te worden gezocht waarbij enerzijds de archeologische resten zo verantwoord mogelijk in kaart worden gebracht en anderzijds de voortgang van de civiele werkzaamheden zo min mogelijk wordt gehinderd. De daadwerkelijke start van de werkzaamheden wordt minimaal tien dagen van tevoren gemeld aan de uitvoerder van het archeologisch onderzoek.  Indien zich zaken voordoen waarin dit PvE niet (tot in detail) voorziet, wordt dit door de uitvoerder van het archeologisch onderzoek gemeld aan de bevoegde overheid. Deze neemt een besluit over de te nemen vervolgstappen en informeert de initiatiefnemer.  Bij het aantreffen van bijzondere, mogelijk behoudenswaardige archeologische resten, bijvoorbeeld concentraties artefacten, of bijzondere sporen of structuren, zoals crematie- of inhumatiegraven, wordt terstond contact opgenomen met de bevoegde overheid over de te volgen strategie.  Contacten met de media verlopen altijd via de opdrachtgever.

 Omwonenden en andere belangstellenden (geen pers) kunnen door de uitvoerende instantie te woord worden gestaan vanaf het moment dat hier goede afspraken over zijn gemaakt met de opdrachtgever.

10.3 Kwaliteitsbewaking, toezicht, overleg en evaluatie  De senior (KNA-)archeoloog van de archeologische aannemer is verantwoordelijk voor de archeologische kwaliteit van het onderzoek en de te doorlopen processtappen.  De bevoegde overheid toetst of het onderzoek voldoet aan de eisen zoals gesteld in dit PvE.

RAAP-PvE 2239 / versie 20-01-2020

[37]

Programma van Eisen Dr. Jaegersstraat te Heerlen

 Tijdens het uitvoeren van het veldwerk worden door de verantwoordelijke archeoloog dagrapporten opgemaakt waarin de vordering van de werkzaamheden, de personele inzet, de verwerking en de opslag van kwetsbare materialen, de wetenschappelijke of technische ontwikkelingen en de inhoudelijke keuzes worden opgenomen.

10.4 Overige randvoorwaarden en aanvullende eisen  In alle gevallen waarin dit PvE niet voorziet, zijn de procesbeschrijvingen en specificaties van de KNA 4.1 van toepassing.  De opdrachtnemer zorgt ervoor dat de volgende documenten tijdens het veldwerk op de werklocatie aanwezig zijn: o

het door de bevoegde overheid en de opdrachtgever getekende PvE;

o

een Plan van Aanpak/draaiboek inclusief veiligheidsplan;

o

KLIC-gegevens.

 De gangbare eisen bij een project van deze aard ten aanzien van veiligheid en Arbo worden in acht genomen. Details zijn opgenomen in een standaard veiligheidsplan dat door de archeologisch aannemer bij het PvA / draaiboek gevoegd zal worden.

RAAP-PvE 2239 / versie 20-01-2020

[38]

Programma van Eisen Dr. Jaegersstraat te Heerlen

11 Wijzigingen ten opzichte van het vastgestelde PvE 11.1 Wijzigingen tijdens het veldwerk Relevante wijzigingen worden (telefonisch of) schriftelijk (mag per e-mail) aan de bevoegde overheid en de opdrachtgever voorgelegd. De bevoegde overheid neemt een besluit over de voorgelegde wijzigingen en informeert de initiatiefnemer hierover. Indien noodzakelijk wordt de depothouder door de bevoegde overheid op de hoogte gebracht. Afspraken ten aanzien van wijzigingen op het vastgestelde PvE worden in het evaluatierapport en de eindrapportages geregistreerd en verantwoord.

11.2 Belangrijke wijzigingen Onderstaande belangrijke wijzigingen worden te allen tijde aantoonbaar voorgelegd aan alle betrokken partijen:  afwijkingen van de archeologische verwachting;  wijzigingen van de in het PvE / PvA vastgelegde onderzoeksmethode;  wijzigingen van de fysieke en/of technische omstandigheden;  significante afwijkingen van het verwachte vondstmateriaal / vondsten (hoeveelheid, soorten, materialen, soorten voorwerpen, type conservering);  wijzigingen die selectie en conservering van vondsten beïnvloeden.

11.3 Procedure van wijziging na de evaluatiefase van het veldwerk  Relevante wijzigingen worden per e-mail aan de bevoegde overheid en de opdrachtgever voorgelegd.  Behalve voorstellen rondom de uitwerking, conservering en deponering van de onderzoeksresultaten kan in de evaluatiefase ook worden vastgelegd of bestaande onderzoeksvragen komen te vervallen of dat juist aanvullende onderzoeksvragen dienen te worden geformuleerd.

11.4 Procedure van wijziging tijdens uitwerking en conservering Relevante wijzigingen worden schriftelijk (mag per e-mail) aan de bevoegde overheid en de opdrachtgever (en indien van toepassing de depothouder) voorgelegd.

RAAP-PvE 2239 / versie 20-01-2020

[39]

Programma van Eisen Dr. Jaegersstraat te Heerlen

Literatuur Diepen, L., van, 2014. Archeologische begeleiding Bekkerveld, Heerlen. Archeologische begeleiding protocol opgraven, plangebied Bekkerveld en Bekkerweg te Heerlen, gemeente Heerlen Grontmij Archeologische Rapporten 1402, Eindhoven. Dijk, X.C.C. van, 2014. Plangebied Burg. Waszinskstraat/Benzenraderweg te Heerlen, gemeente Heerlen; archeologisch vooronderzoek: een verkennend booronderzoek. RAAP-notitie 4570. RAAP Archeologisch Adviesbureau, Weesp. Gemeente Heerlen (mevr. H. Vanneste, regioarcheoloog Parkstadgemeenten), 2018. Erfgoed is identiteit. Beleidsnota archeologie gemeente Heerlen. Kadastraal Minuutplan 1811-1832, gemeente Heerlen, sectie E, blad 01. Keijers, D.M.G., 2017. Alle wegen leidden naar Heerlen, gemeente Heerlen; archeologisch onderzoek: een archeologische begeleiding van de Ruys de Beerenbroucklaan. RAAPrapport 3296. RAAP Archeologisch Adviesbureau, Weesp. Keijers, D.M.G., 2018. 2000 jaar Romeinse weg; rioolrenovatie Bekkerweg - Dr. Jaegersstraat, gemeente Heerlen; archeologisch onderzoek: een archeologische begeleiding. RAAPrapport 3458. RAAP Archeologisch Adviesbureau, Weesp. Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), versie 4.1 Landbodems, SIKB Gouda. Nillesen, R. & H. Kremer, 2011. Bureauonderzoek, Molenberglaan te Heerlen, Synthegra rapport S100302, Doetinchem. Nutte, G.M.L., De, 2011.

Plangebied MAB Bekkersveld te Heerlen, gemeente Heerlen; archeologisch vooronderzoek: een inventariserend veldonderzoek, karterende fase. RAAPnotitie 3856. RAAP Archeologisch Adviesbureau, Weesp. Paulussen R. 2012. Vlotstraat-Akerstraat, Heerlen, ArcheoPro-rapport Volgnr: 12055, Maastricht. Peters, P., 1927. Uit Heerlens verleden. Vondst van Romeinsch Vaatwerk, De Maasgouw, 47: p. 65. Peters, P., 1928. Uit Heerlens Verleden. Romeinsche vondsten, Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg, 64: p. 349-357. Peters, P., 1933. Romeinsche vondsten in Heerlen, De Maasgouw, 53: p. 32-34. Rondags, E.J.N., 2018. Plangebied rioolrenovatie Welterlaan - Burgemeester Gijzelslaan in Heerlen, gemeente Heerlen; archeologische begeleiding van de civiele werkzaamheden. RAAPrapport 3488. RAAP Archeologisch Adviesbureau, Weesp. Rondags, E.J.N. & G. Tichelman, 2017. Programma van Eisen opgraving landbodems – variant Archeologische Begeleiding, Plangebied rioolrenovatie Welterlaan-Burgemeester Gijzelslaan te Heerlen, gemeente Heerlen, RAAP-PvE 1822, RAAP, Weesp. Staring Centrum/RGD, 1989. Geomorfologische kaart van Nederland, schaal 1:50.000. Toelichting op de kaartbladen 59 Genk, 60 Sittard, 61 Maastricht en 62 Heerlen.

RAAP-PvE 2239 / versie 20-01-2020

[40]

Programma van Eisen Dr. Jaegersstraat te Heerlen

Stichting voor Bodemkartering/Rijksgeologische Dienst. Stiboka, 1990. Bodemkaart van Nederland, schaal 1:50.000. Toelichting bij kaartblad 61 Maastricht en 62 West en Oost Heerlen. Stichting voor Bodemkartering/Rijksgeologische Dienst, Wageningen/Haarlem. Tichelman, G., in prep. Midden in Coriovallum. Archeologisch onderzoek (proefsleuven, opgraving en begeleiding) op het Tempsplein te Heerlen, RAAP-rapport 4111, Weesp. Tichelman, G. & M. Janssens, 2012. Wonen langs de Romeinse weg in Coriovallum, Valkenburgerweg 25A, gemeente Heerlen: een opgraving in de vicus van Heerlen. RAAPrapport 2210. RAAP Archeologisch Adviesbureau, Weesp. Verhoeven, M.P.F., 2007. Hoog, middelhoog en laag; een archeologische verwachtings- en cultuurhistorische advieskaart voor de Parkstad Limburg gemeenten en de gemeente Nuth. Deelrapport I: de archeologische verwachtings- en cultuurhistorische advieskaart en Deelrapport II: Catalogus van archeologische vindplaatsen en bouwhistorische elementen RAAP-rapport 1483. RAAP Archeologisch Adviesbureau, Weesp.

RAAP-PvE 2239 / versie 20-01-2020

[41]

Programma van Eisen Dr. Jaegersstraat te Heerlen

Overzicht van figuren, tabellen, bijlagen en appendices Figuren: Figuur 1. De ligging van het plangebied. Inzet: ligging in Nederland (ster).

7

Figuur 2. Ligging van de te slopen gebouwen.

8

Figuur 3. Toekomstig inrichtingsplan (conceptversie).

9

Figuur 4. Uitsnede AHN met in het rood het plangebied (www.ahn.nl).

11

Figuur 5. Uitsnede uit de geomorfologische kaart, (bron: ARCHIS3).

12

Figuur 6. Uitsnede uit de bodemkaart (bron: ARCHIS3).

13

Figuur 7. Overzicht van bekende onderzoeken en vondstlocaties binnen een straal van 500 m rond het plangebied (bron: ARCHIS3).

14

Figuur 8. Overzicht historische kaarten met in het rood het plangebied (www.topotijdreis.nl).

18

Figuur 9. Het te slopen gebouw betreft gebouw 2.

24

Tabellen: Tabel 1. Relevante onderzoeken en vondstlocaties, bron ARCHIS3.

16

Bijlagen: Bijlage 1. Lijst met te verwachten aantallen (conform de KNA) Bijlage 2. Overzicht te raadplegen specialisten en specialismen

RAAP-PvE 2239 / versie 20-01-2020

[42]

Bijlage 1. Lijst met te verwachten aantallen (conform de KNA) Onderzoek

Verwachting

Omvang (m 2 )

Verwachte aantal m 2

1800 m2

1800 m2

Vondstcategorie

Verwachte aantallen (N)

Aardewerk

30

Bouwmateriaal

15

Metaal (ferro)

2

Metaal (non-ferro)

1

Slakmateriaal

2

Vuursteen

0

Overig natuursteen

5

Glas

0

Menselijk botmateriaal onverbrand

0

Menselijk botmateriaal verbrand (crematiegraf)

1

Dierlijk botmateriaal onverbrand

0

Dierlijk botmateriaal verbrand

1

Visresten

0

Schelpen

0

Hout

0

Houtskool(monsters)

2

Textiel

0

Leer

0

Submoderne materialen

0

Monstername

Verwachte aantallen (N) als stelpost opnemen in offerte

Algemeen biologisch monster (ABM)

1

Algemeen zeefmonster (AZM)

1

Pollen, diatomeeën en andere microfossielen

0

Monsters voor anorganisch chemisch onderzoek

0

Monsters voor micromorfologisch onderzoek

0

Monsters voor luminescentiedatering (OSL)

0

14

Monsters voor koolstofdatering ( C)

2

DNA

0

Dendrochronologisch monster

0

Bijlage 2. Overzicht te raadplegen specialisten en specialismen Vondstcategorie

Raadplegen bij PvA

Raadplegen bij veldwerk

Raadplegen bij uitwerking

Aardewerk

Nee

Nee

Ja

Bouwmateriaal

Nee

Nee

Ja

Metaal (ferro)

Nee

Nee

Ja

Metaal (non-ferro)

Nee

Nee

Ja

Slakmateriaal

Nee

Nee

Ja

Vuursteen

Nee

Nee

Ja

Overig natuursteen

Nee

Nee

Ja

Glas

Nee

Nee

Ja

Menselijk botmateriaal onverbrand

Nee

Ja

Ja

Menselijk botmateriaal verbrand

Nee

Nee

Ja

Dierlijk botmateriaal onverbrand

Nee

Nee

Ja

Dierlijk botmateriaal verbrand

Nee

Nee

Ja

Visresten (handverzameld)

Nee

Nee

Ja

Schelpen

Nee

Nee

Ja

Hout

Nee

Nee

Ja

Houtskool(monsters)

Nee

Nee

Ja

Textiel

Nee

Nee

Ja

Leer

Nee

Nee

Ja

Submoderne materialen

Nee

Nee

Ja

Monstername

Raadplegen bij PvA

Raadplegen bij veldwerk

Raadplegen bij uitwerking

Algemeen biologisch monster (ABM)

Nee

Nee

Ja

Algemeen zeefmonster (AZM)

Nee

Nee

Ja

Pollen, diatomeeën en andere microfossielen

Nee

Nee

Ja

Monsters voor anorganisch chemisch onderzoek

Nee

Nee

Ja

Monsters voor micromorfologisch onderzoek

Nee

Nee

Ja

Monsters voor luminescentiedatering (OSL)

Nee

Nee

Ja

Monsters voor koolstofdatering ( C)

Nee

Nee

Ja

Vismonsters

Nee

Nee

Ja

DNA

Nee

Nee

Ja

Dendrochronologisch monster

Nee

Nee

Ja

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerlen&id=7dad0940-c86f-499a-892d-212d59b1a13f