Advies MO adviesraad beleisplan armoede en schulden
Tekst van het document
Advies: Gemeente Heerlen. College van B&W en de leden van de Gemeenteraad Betreft:
advisering van het nieuwe Beleidsplan armoede & schulden voor de periode 2022-2025 van de gemeente Heerlen
Datum:
23 november 2021
1.
Inleiding.
Gemeenten zijn verplicht om iedere 4 jaar opnieuw het Armoedebeleid vorm te geven. Het te formuleren beleid komt eind december in de gemeenteraad aan de orde. Binnenkort, maart 2022, zijn er raadsverkiezingen en treedt een nieuwe raad en een nieuw college aan. De vraag is in welke mate het vast te stellen beleid overeind blijft en daadwerkelijk in uitvoering kan worden genomen. In dat opzicht zou de nota te vroeg of te laat kunnen zijn. De Adviesraad MO wil, inleidend, beginnen met te stellen dat het goed is dat er dus een beleidsplan armoede en schulden voor die periode komt. Immers, een meerjarige visie op een integrale aanpak van armoede en schulden waarbij ook wordt gekeken naar de oorzaken, is het begin van een professionele en structurele aanpak van het probleem! We ondersteunen als Adviesraad MO de tal van voorgenomen maatregelen. Een aantal maatregelen is weliswaar niet nieuw. Men zou zich dan ook de vraag kunnen stellen wat alle eerdere maatregelen concreet hebben opgeleverd en hoe realistisch de huidige aangegeven plannen zijn. Belangrijke voorwaarden voor het succes is in de visie van de Adviesraad MO dat alle activiteiten in samenhang met elkaar, integraal dus, worden aangepakt en uitgevoerd. Maar ook dat er sprake is van een bestendige aanpak.
Met andere woorden, het beleidsplan moet, zoals hiervoor al door ons aangegeven, ook na de verkiezingen begin 2022 door de nieuwe coalitie omarmd worden en ten uitvoer worden gebracht. Op 12 oktober 2021 zijn een aantal betrokken organisaties, waaronder de Adviesraad MO, Alcander en ook de gemeente Heerlen een conferentie bijeengekomen met als doel te komen tot een betrokken en gedegen advies van het nieuw in de steigers te zetten armoedebeleid van de gemeente Heerlen voor de periode 2022-2925. Spreker op die conferentie was de heer Martijn Schut, opsteller van het concept Armoedebeleid voor de gemeente Heerlen. In het tweede deel van deze nota gaat de Adviesraad MO over tot het aangeven van relevante en actuele opmerkingen, aanvullingen en suggesties op het voorgelegde beleidsplan armoede 2022-2025, die mede in de hiervoor aangehaalde conferentie naar voren zijn gekomen. Ook zullen mogelijke constructief-kritische vragen in dit tweede deel aan de orde komen. 2.
Inhoudelijke commentaar door de Adviesraad MO.
In dit deel van deze nota komen nadere suggesties, aanvullingen en mogelijke vragen aan de orde t.a.v. de voorgelegde beleidsnota. De Adviesraad MO is daarbij verheugd dat dit niet alleen vragen en/of opmerkingen van de Adviesraad MO zelf zijn, maar dat het ook opmerkingen en/of vragen en aanvullingen zijn van de diverse deelnemers aan de conferentie van 12 oktober 2021. 1
Tevens is ook nog geput uit: 1. Een schrijven van de landelijke cliëntenraad (LCR) van 9 november 2021 aan de leden van de Vaste Tweede Kamercommissie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. 2. Een brief van de FNV van 4 november 2021 aan de voorzitter en leden van de Vaste Tweede Kamercommissie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. In dit tweede deel van deze nota heeft de Adviesraad MO tenslotte, daar waar nodig c.q. gewenst, korte reacties op de voorgelegde nota opgenomen. 2.1. Aanvullingen, nadere suggesties en vragen van de deelnemers aan de conferentie van 12 oktober 2031. In deze conferentie heeft de heer Martijn Schut de nota met de Adviesraad MO en tijdens de conferentie met de aanwezige deelnemers op open wijze gedeeld, de mogelijkheid tot commentaar geboden en toegezegd om, zoveel als mogelijk, nader commentaar en mogelijke suggesties en/of aanvullingen in de definitieve nota op te nemen. De Adviesraad MO begroet dit initiatief van zijn kant en gaat in de onderstaande opsomming dan ook gaarne nader in op mogelijke aanvullingen en nadere suggesties. Nadere suggesties, aanvullingen en mogelijk kritische vragen. 1.
2.
3.
4.
In de inleiding heeft de Adviesraad MO al de cruciale vraag gesteld in welke mate het vast te stellen beleid in de adviesnota weergegeven ook na de komende Gemeenteraadsverkiezingen overeind blijft. Het is in de visie van de Adviesraad MO een cruciaal in te vullen uitgangspunt! Achteraf bezien is het voor de Adviesraad MO onduidelijk in welke mate de betrokken professionele instellingen ook de kans hebben gekregen om hun opvattingen goed te berde te brengen. De Adviesraad MO vraagt zich af of dat wel is geëffectueerd en zo niet hoe hierin alsnog kan worden voorzien? Geef dan ook als vervolg van het vorige punt bij de opstelling van een uitvoeringsprogramma de professionals c.q. de achterliggende organisaties de mogelijkheid om hiervoor medeverantwoordelijkheid te dragen. Leg die vraag voor in de verschillende Sociale Buurt Teams. Immers: ▪ de vraag hoe uit de armoede te komen blijft in Heerlen urgent ▪ het gaat niet alleen maar huishoudens die gebaseerd op de bijstandsnorm arm zijn, maar ook over de z.g. “werkende armen”.
De Adviesraad MO vraagt zich daarbij uitdrukkelijk af of we de omvang van die groep wel voldoende in beeld hebben? ▪ de overheid speelt bij de problematische schulden als preferente schuldeiser een niet geringe rol Als vervolg van de hiervoor genoemde punten 2 en 3 begroet de Adviesraad MO weliswaar de tekst over de wens tot meer samenwerking met de maatschappelijke organisaties door de gemeente Heerlen, maar dan moet dat wel volgens de Adviesraad MO ook worden gericht op goede en vroegtijdige preventie! De gewenste beleidsvernieuwing richt zich op de wens dat er een plan moet komen, maar helaas niet primair op het constateren dat er een einde moet komen aan situaties van mensen in armoede en de hoeveelheid van die gevallen in Heerlen. Het is dan ook voor de Adviesraad MO niet duidelijk hoe er eerder actie wordt ondernomen om schuld en armoede meer en meer te voorkomen! De aanpak van vroegsignalering en preventie leunt volgens onze waarneming op een min of meer traditionele aanpak. Zoals al hiervoor gesteld hebben maatschappelijke organisaties hierin een belangrijke rol. Maar ook en vooral tal van vrijwilligers. De inzet van vrijwilligers kent echter ook enig afbreukrisico als het gaat om continuïteit, kwaliteit en kwantiteit. 2
5.
6.
7.
Wat wij als Adviesraad MO missen is een aanpak in de breedte, de inzet, betrokkenheid en verantwoordelijkheid van buurt- en wijkverenigingen en die van elke individuele burger. De Adviesraad MO vraagt dan ook uitdrukkelijk de nodige aandacht hiervoor! T.a.v. de hiervoor genoemde inzet van vrijwilligers, die toch een sleutelrol in het geheel vormen, vraagt de Adviesraad MO zich af of de gemeente een goed inzicht heeft, zowel kwantitatief als kwalitatief, in de “voorraad gekwalificeerde vrijwilligers? Tevens is de Adviesraad MO van mening dat er sprake moet zijn van een structureel opleidings- en trainingsplan om vooral de vrijwilligers op het adequate en actuele competentieniveau te houden. De gang van zaken rondom de toeslagen toont aan dat overheidsbeleid vaak tegenstrijdig is. Armoedebeleid moet daarom bij het ontwerpen van beleid op andere terreinen een toets zijn voor de ontwikkeling van nieuwe plannen. Een goede aanleiding kan zijn het ontwerpen van plannen voor het gebied Heerlen Noord De Adviesraad MO is dan ook van mening dat de plannen voor Heerlen Noord daarom getoetst moeten worden op de bijdrage die ze in dit beleidsplan leveren aan de aanpak van armoede. De Adviesraad MO constateert dat bij het opstellen van beleid heel vaak bestaande intenties en plannen in een min of meer nieuwe versie terugkomen.
De Adviesraad MO is dan ook van mening dat het aanbeveling verdient om, alvorens met nieuwe plannen aan de slag te gaan, je als gemeente en samenwerkende organisaties je af te vragen wat nu alle eerdere concrete maatregelen concreet hebben opgeleverd. Het resultaat van die beschouwing zou dan een soort graatmeter moeten zijn voor de vraag hoe realistisch de nieuw opgezette plannen zijn, en of mogelijke bijstelling vereist is. Dat alles brengt nadrukkelijk de noodzaak tot gericht en structureel evalueren aan de orde. In onze visie ontbreekt het aan een goede, consistente en verantwoorde evaluatiemethode van voorbije perioden! Echter, voordat wij als Adviesraad MO ons beeld van goed evalueren uitspreken willen wij toch nog de volgende twee kanttekeningen plaatsen: ▪ zorg bij het stellen van doelen voor de vereiste helderheid door vooral doelen SMART te formuleren ▪ communiceer de gestelde doelen goed naar de betrokken organisaties en breng structureel een soort “voortgangsrapportage” uit.
8.
9.
T.a.v. het evalueren van het proces ziet de Adviesraad MO graag duidelijkheid in de volgende evaluatiestructuur: ▪ stel van tevoren vast hoe de deelnemers gaan evalueren (bijv. ex-post of ex ante) ▪ bepaal ook wie aan de evaluatie gaan deelnemen en wat de frequentie van het evalueren zal zijn ▪ geef aan wat geëvalueerd gaat worden en bepaal van tevoren wat met de uitkomsten van de evaluatie wel/niet gaat gebeuren. De Adviesraad MO begrijpt natuurlijk dat de gemeente zich moet houden aan wettelijk vastgestelde beleidsregels. Maar feit is wel dat die vaak bijdragen aan het ontstaan en in stand houden van armoede. Dit zorgt volgens de Adviesraad MO voor de uitdaging dat de gemeente moet gaan voor het bieden van maatwerk dat aan gestelde regels voorbij kan gaan. Een obstakel daarbij is de vigerende AvG die uit privacyregels vaak belemmerend voor te leveren maatwerk kan werken. Bijkomend probleem van die AvG is dat het gemeenten tevens mogelijkheden verschaft zich voor mogelijke maatwerkachtige inzet te verschuilen! De Adviesraad MO beveelt dan ook, met inachtneming van de wet, de gemeente aan afspraken te maken zowel met organisaties en burgers om een tijdige aanpak mogelijk te maken. Het voorgaand punt stelt mede aan de orde de betrokkenheid van de burgers in het armoedebeleid. De Adviesraad MO stelt voorop dat zelfredzaamheid een goed 3
uitgangspunt is bij de aanpak van armoede. Echter, niet altijd zijn de wegen bekend waarmee hulp bij armoede of schulden te bereiken is. Dat geld niet alleen voor bekendheid met maar ook voor de toegankelijkheid. Hierbij speelt volgens de Adviesraad MO mee dat ook de psychologische drempel die genomen moet worden voor veel mensen vaak (te) hoog is. Het wegnemen van beelden – denk aan de uitspraak “als je voor een dubbeltje geboren bent, word je nooit een kwartje!” - die aansluiten bij generatie armoede is dan ook volgens de Adviesraad MO noodzakelijk. Natuurlijk is dat niet alleen een “Heerlens” maar ook en vooral een maatschappelijk probleem. Dat leidt volgens de Adviesraad MO tot de noodzaak de hele Heerlense gemeenschap te betrekken bij het begrijpen en terugdringen van armoede. Wellicht dat de site van de gemeente Heerlen dan niet alleen informatie moet geven over het aanvragen van een bijstandsuitkering, maar ook een aanknopingspunt zou moeten vormen voor de burgers van de gemeente Heerlen, waarbij het in dit punt aan de orde gestelde meegenomen zou moeten worden.
10.
11.
Nog een enkele kanttekening is in het kader van dit punt mee te nemen: ▪ de wens bestaat om burgers vroegtijdig in beeld te krijgen die met betalingsachterstanden kampen. Dit is een aan te bevelen prioriteit, echter de vraag van de Adviesraad MO is of er beelden zijn over een toe te passen methodiek, en zo ja welke methodiek staat dan voor ogen? ▪ In het kader van de in deze tijd zo actuele gedachte van de “menselijke maat” zouden we het nodige inzicht moeten verkrijgen in het aanbod van mogelijke cursussen voor burgers en professionals ▪ Organiseer goede nazorg! Dat is niet alleen een traject om zaken adequaat af te wikkelen, maar vooral ook ter voorkoming van nieuwe problemen, en dus een integraal onderdeel van preventie. Er is sprake van een samenstel van factoren die schuld- en armoede situaties veroorzaken. Dat de sector “onderwijs ”daar ook een rol in speelt, moge duidelijk zijn.
De Adviesraad MO vraagt zich daarbij af hoe het onderwijs zijn rol vervuld met het geven van onderwijs en voorlichting op het gebied van geld en zelfmanagement? Immers, hier ligt volgens de Adviesraad MO een mogelijke taak in het mede dichten van kloven van toekomstige generatiearmoede! Het is een uitgelezen kans volgens de Adviesraad MO om kinderen te leren hoe je geld goed gaat besteden, je budget adequaat kunt bewaken en het aanstippen van het belang van het volgen van een goede opleiding als kind ten gunste van jouw eigen toekomst. De Adviesraad MO is dan ook stellig van mening dat het onderwijs een belangrijke participant in het uit te voeren armoedebeleid binnen de gemeente Heerlen moet zijn! Het huidige college heeft ingezet op het bestrijden van generatie armoede. Niet duidelijk is wat dat heeft opgeleverd. In dat kader blijft aandacht voor armoede onder kinderen een must. Daarbij vervult de stichting Leergeld een belangrijke rol. De Adviesraad MO vindt het raadzaam om verenigingen en wijkorganisaties die activiteiten voor kinderen organiseren uit te nodigen om de toegankelijkheid voor kinderen waarvan ouders onvoldoende middelen hebben om ze aan activiteiten te laten deelnemen, te vergroten.
Hierbij moet niet alleen gedacht worden aan individuele ondersteuning, maar ook aan regelingen die ertoe leiden dat de activiteiten zoveel als mogelijk gratis kunnen worden gehouden. Werkende minima maken te weinig gebruik van regelingen die er zijn. Een manier om hen beter te bereiken is gebruik te maken van spreekuur op school. De toegang is daar laagdrempeliger. De Adviesraad MO is van mening dat met het onderwijsveld overlegd moet worden hoe het beste aan een dergelijk spreekuur vorm kan worden gegeven.
12.
Armoedebeleid is een verantwoordelijkheid voor de hele stad. Dat houdt volgens de Adviesraad MO in dat ook de hele stad op die verantwoordelijkheid aangesproken moet worden. Dus moeten gemeente en particulier initiatief de nodige initiatieven 4
13.
14.
15.
nemen om alle maatschappelijke organisaties ertoe te verleiden zich daarvoor in te zetten. Deze gezamenlijke bundeling van krachten, mits in een zo vroeg mogelijk stadium op actieve wijze achterstanden signalerend, kan mogelijke problemen voorkomen en aanpakken. Veel armoede blijft “onder de radar”. Op straatniveau is een schuldhulp maatje vaak in staat om dit te signaleren. Schuldhulpmaatjes opereren vanuit Alcander. Hun inzet is in de visie van de Adviesraad MO niet alleen van betekenis bij het ordenen van administratie en ondersteunen bij armoede, maar ook moet er ruimte zijn om te signaleren. Het leidt tot de aanbeveling van de Adviesraad MO dat het schuldhulpmaatje als voorziening behouden moet blijven en hun taak tevens moet worden verruimd om op straatniveau te kunnen signaleren. De Adviesraad MO begrijpt dat de gemeente de mogelijkheden voor het toekennen van subsidie aan groepen die ondersteuning nodig hebben onderzoekt i.p.v. het toekennen van individuele bijzondere bijstand. De Adviesraad MO stelt daarbij dat het gaat om de bestrijding van armoede en de aanpak van schulden. Regelgeving staat daarvoor ten dienste. Dat betekent in onze visie dat regelgeving niet voorop staat maar de mogelijkheden die deze bieden om armoede te bestrijden. Indien nodig moet daarom in de visie van de Adviesraad MO voor het leveren van maatwerk van regels kunnen worden afgeweken.
Dus zijn wij van mening dat regels op een soepele wijze moeten worden gehanteerd als dat voor de bestrijding van armoede nodig is Daarbij moeten in onze visie termijnen helder en vooral kort zijn. Wij constateren tevens dat de regelgeving in buurgemeenten, bijv. binnen Parkstad, afwijken van die van de gemeente Heerlen. De Adviesraad MO is dan ook nadrukkelijk van mening dat het een goede zaak zou zijn als de gemeenten samen bij de invoering van regels met elkaar goed overleg plegen, wat naar onze mening ook de uitvoering van die regels ten goede zou komen. Tenslotte: het scheppen van vertrouwen is en blijft in de visie van de Adviesraad MO een belangrijke factor in de gehele aanpak. Als burgers in armoede het idee hebben dat ze bij de overheid “van de regen in de drup” raken of bang moeten zijn voor allerlei maatregelen voor de controle, dan bevordert dit niet een cultuur van samenwerking tussen de betreffende burger en de dienstverlenende functionaris. Dat blijft volgens de Adviesraad MO cruciaal voor de aanpak van armoede en het vertrouwen van burgers in hun overheid.
2.2. Relevante opmerkingen uit brieven van de landelijke cliëntenraad van 9 november 2021 en van de FNV van 4 november 2021 aan de voorzitter en leden van de Vaste Tweede Kamercommissie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. In het kader van de kabinetsformatie hebben beide instanties gereageerd met opmerkingen en suggesties over het te vormen Armoede- en Schuldenbeleid van het te vormen nieuwe Kabinet. De Adviescommissie wil de volgens haar meest relevante en actuele aan u meegeven t.a.v. het beleidsplan 2022-2025 van uw gemeente. 1.
Relevante opmerkingen gemaakt door de FNV.
1.
Weliswaar hebben in Nederland veel mensen een inkomen boven de armoedegrens, maar de stijging van de vaste lasten en de hogere winkelprijzen van dit moment zorgen ervoor dat veel mensen niet rondkomen en armoede toch een dermate schrijnend probleem wordt dat een kwart miljoen kinderen in Nederland in armoede opgroeit. Gezien de positie die de gemeente Heerlen in de “landelijke lijstjes” inneemt, is de Adviesraad MO van mening dat dit probleem in de gemeente Heerlen uitdrukkelijk ook aan de orde zal zijn!
2.
De FNV heeft op 17 oktober 2921 een plan gelanceerd om lokaal armoede te bestrijden. Hierin wil de FNV o.a. dat mensen die minder dan 159% van het Wettelijk 5
3.
4.
5.
6.
Sociaal Minimum moeten rondkomen geen gemeentelijke belastingen hoeven te betalen. Echter, gemeenten zijn natuurlijk beperkt in hun mogelijkheden om armoede bij de wortel aan te passen. De FNV doet dan ook een uitdrukkelijk beroep op de landelijke politiek en de Tweede Kamer om op korte termijn tot maatregelen te komen die ervoor zorgen dat mensen door de grote prijsstijgingen niet in grote problemen komen. De recente maatregel van het Kabinet betreffende de exorbitante energieprijzen is daar een goed voorbeeld van. De Adviesraad MO brengt het FNVplan dan ook onder uw aandacht en spreekt de hoop uit dat u de essentie van dit plan in uw beleidsnota meeneemt. Het Nibud heeft in september er al voor gewaarschuwd dat 2022 voor groepen in onze samenleving een somber jaar kan worden voor mensen die moeilijk rond kunnen komen. Gelukkig heeft de landelijke Politiek empathie gekregen voor het pleidooi van de FNV het sociaal minimum naar een leefbaar niveau te verhogen. Het Nibud is met zijn waarschuwing in goed gezelschap van de FNV, maar zeker ook van de Adviesraad MO. De Adviesraad MO adviseert u dan ook nadrukkelijke, niet alleen oog te hebben voor het FNV-plan, maar ook met de hulpmiddelen van het Nibud aan de slag te gaan! Het huidige energieprobleem is hiervoor al kort aan de orde gesteld.
De FNV – en de Adviesraad MO deelt dit – vindt het problematisch dat voor de (gedeeltelijke) oplossing van het probleem voor een generieke compensatie is gekozen. De FNV heeft dan ook samen met de Woonbond en Milieudefensie een oproep gedaan voor een meer gerichte compensatie waarbij de lage inkomens meer worden gecompenseerd. Natuurlijk bent u als gemeente afhankelijk van het landelijk beleid, maar de Adviesraad MO verzoekt u dit initiatief nadrukkelijk in het oog te houden en daar waar mogelijk ook enige druk uit te oefenen. De FNV heeft nog aparte aandacht besteed aan een in september 2021 door de SER gehouden verkenning Werk en Armoede, waarin de SER min of meer hard constateerde dat het minimumloon te weinig garantie biedt om armoede te voorkomen. In deze verkenning kwam de SER tot een aantal interessante aanbevelingen. Het gaat te ver om die in deze nota op te sommen. Wel is de Adviesraad MO van mening dat het aanbeveling verdient de verkenning van de SER in het vorm geven van uw beleidsplan 2022-2025 mee te nemen. Tenslotte besteed de FNV in zijn brief aandacht aan de Participatiewet en komt daarbij tot een aantal bevindingen, te weten: ▪ de Participatiewet zou menselijker moeten zijn: dus meer aandacht voor de menselijke maat ▪ mensen met een arbeidsbeperking verdienen een betere ondersteuning.
Dat zou (door de FNV kort beschreven) consequenties moeten hebben voor de bestaande sociale werkbedrijven ▪ de FNV pleit ook voor de afschaffing van de kostendelersnorm omdat deze leidt tot armoede en dakloosheid
Natuurlijk is de brief van de FNV een oproep tot de landelijke Politiek door de FNV, en staat de gemeente Heerlen min of meer aan de zijlijn. Maar de Adviesraad MO is wel van mening dat het aanbeveling verdient dat de gemeente Heerlen zich mogelijke antwoorden van de Kamercommissie nauwlettend volgt en daar waar er mogelijkheden landelijk als antwoorden worden geboden die ook in de eigen beleidsnota verwerkt. Tevens verzoekt de Adviesraad MO u het FNV-plan, de hulpmiddelen van het Nibud en de SER-verkenning in het verder vormgeven van uw beleidsplan, waar dat mogelijk is, mee te nemen.
2.
Relevante opmerkingen gemaakt door de Landelijke cliëntenraad (LCR).
De cliëntenraad begrijpt wel dat aan de Vaste Tweede Kamercommissie de begroting is voorgelegd van een demissionair kabinet, maar komt in zijn schrijven toch tot het meegeven van enkele overwegingen die volgens deze cliëntenraad extra aandacht verdienen bij de besluitvorming door de Tweede Kamer over deze begroting. De Adviesraad MO vindt in deze 6
brief een aantal overwegingen –weliswaar landelijk gericht – die bij de samenstelling van de beleidsnota door de gemeente Heerlen relevant dan wel actueel zijn. In de onderstaande opsomming heeft de Adviesraad MO de belangrijkste, met soms eigen kanttekeningen opgenomen. 1.
2.
3.
De landelijke cliëntenraad gaat met burgers in gemeenten in gesprek om te zien wat hij kan bijdragen. Waar professionele organisaties als UWV en SVB bouwen aan een goede infrastructuur om de dialoog aan te gaan, ziet de landelijke cliëntenraad een meer versplinterd beeld bij gemeenten. Door de decentralisatie ziet zij een groot verschil tussen gemeenten die een menselijk beleid voeren en gemeenten die heel wat minder compassie en empathie tonen met burgers. De Adviesraad MO hoopt dat de gemeente Heerlen ook als deelnemer aan dat gesprek is uitgenodigd, en indien dat niet het geval is adviseert de Adviesraad MO de gemeente Heerlen zich voor dat gesprek aan te melden! De Participatiewet is een wet met een aantal zeer gedetailleerde voorschriften die de overheid de mogelijkheden geeft om (streng) toezicht te houden op de rechtmatige verstrekking van het sociaal vangnet. De landelijke cliëntenraad constateert dat diezelfde regels ertoe leiden dat onderlinge solidariteit en participatie niet worden bevorderd. Het afgelopen jaar heeft onderzoek ‘Als verrekening een beperking is’ – dat de LCR initieerde – laten zien dat werken niet voor iedereen lonend is en dat overleven op het sociaal minimum gepaard gaat met hoge administratieve lasten.
De centrale aanname in het Nederlandse overheidsbeleid is dat de burger over de middelen beschikt om zelfredzaam te zijn, wordt steeds vaker onderuitgehaald: de LCR constateert dat steeds meer duidelijk is dat dit voor veel burgers niet geldt. De Adviesraad MO gaat er dan ook van uit dat dit binnen de gemeente Heerlen niet anders is! De LCR constateert dat het stelsel van sociale zekerheid groot achterstallig onderhoud kent. De sociale zekerheid in Nederland staat volgens de LCR onder druk. Dit is in haar visie mede te wijten aan groot achterstallig onderhoud op het stelsel. Voor veel mensen is het bestaande vangnet niet afdoende. Er is behoefte aan aandacht voor knellende uitvoeringsvraagstukken. In het Nederlandse socialezekerheidsstelsel bestaat volgens de LCR gebrekkig inzicht in de duureffecten van het beroep op sociale zekerheid van verschillende groepen. De Landelijke Cliëntenraad wil de discussie over de sociale zekerheid en de transitie t.a.v. de duureffecten vanuit het perspectief van de cliënten samen met Tweede Kamer voeren. Deze discussie is volgens de Adviesraad MO een cruciaal bestanddeel van een meer eigentijds armoede- en schuldenbeleid. De Adviesraad MO-raad u dan ook aan deze komende discussie met aandacht te volgen en mogelijke “win-win-kansen” in uw beleidsnota mee te nemen.
2.3. Korte reacties en opmerkingen door de Adviesraad MO op het voorgelegde plan. De Adviesraad MO wil tenslotte een aantal korte kanttekeningen maken t.a.v. het door u voorgelegde beleidsplan 2022-2025. 1.
Het voorgelegde plan bevat veel zaken over het “’wat”, echter veel minder is te lezen hoe aan mogelijke plannen uitvoering wordt gegeven (het “hoe“ dus). De Adviesraad MO gaat er dan ook van uit dat hij bij de nadere uitwerking m.b.t. de uitvoering van plannen in nog op te zetten beleidsregels adviserend wordt betrokken.
2.
Gestelde doelen en gemaakte plannen vallen of staan bij de juiste en adequate middelen. De tabellen op pagina 11 en 12 van het beleidsplan geven uitvoerig aan welke doelen nagestreefd gaan worden en via welke indicators de voortgang gemonitord gaat worden. Echter de Adviesraad MO mist een noodzakelijke derde kolom, te weten een opgave van het benodigde geld om de plannen ook met succes uit te voeren. Een nadere heldere aanduiding van dit cruciaal gegeven is volgens de Adviesraad MO dan ook een must! Dit is volgens de Adviesraad MO temeer een 7
3. 4.
5. 5.
6. 7.
8
3.
noodzaak omdat weliswaar cijfers over 2020 worden genoemd, maar juist belangrijke cijfers over 2021 ontbreken! De cijfers van de kledingdagen, weergegeven in de tabel op pagina 8 van het beleidsplan zijn niet representatief. Reden daarvan is dat in 2020 maar éénmaal de kledingdagen zijn georganiseerd, terwijl dat normaal twee keer per jaar het geval is. Het meldpunt Financieel (pagina 15) bestaat niet meer. Hiervoor wordt het meldpunt van SHM Heerlen gebruikt. De financiële quickscan wordt uitgevoerd door het samenwerkingsverband SHM Parkstad (Heerlen). Hier zitten Alcander, Schuldhulpmaatje en Humanitas samen in. Ook de cliëntentelefoon bestaat per 1 januari niet meer. Dit wordt verder uitgevoerd door SHM Heerlen/Alcander. T.a.v. de voorzieningenwijzer is de Adviesraad MO voorstander van de creatie van één punt waar mensen zich kunnen melden. Betreffende de inburgering maakt de Adviesraad MO zich zorgen, in die zin over de voortgang in 2022! T.a.v. “Vrijwilligers helpen bij thuisadministratie” is het relevant aan te vullen dat deze vrijwilligers bij alle financiële vragen en problemen helpen. Er zijn ook spreekuren en een budgetteam waar mensen met en zonder afspraak gratis terecht kunnen voor advies en begeleiding bij financiële vragen en problemen. Tenslotte nog de opmerking dat Moneytalk los staat van het team schuldhulpverlening. Zij doen hierin nog niet mee.
Het aantal genoemde bezoekers, 1600, van de Kledingbank op pagina 10 van het beleidsplan is onjuist. Volgens opgave bedroeg dit ca. 2500. Het op pagina 21 van het beleidsplan weergegeven schema toont een aantal “loketten” waar de bewoner die zich meldt voor schuldhulpverlening “langs” moet. De Adviesraad MO is van mening dat het aanbieden van hulp door diverse organisaties die zich met deze problematiek bezighouden an sich een verheugend feit is. Echter, alle samenwerkende loketten moeten in onze visie wel één loket gaan vormen waardoor de burger ook duidelijk het gevoel krijgt dat hij/zij echt ook wordt geholpen! De passage over de toekenningscriteria en voorwaarden (oude plan pagina 23) staat niet in het nieuwe beleidsplan. De Adviesraad MO ziet hier wel een nadere uitleg over tegemoet. Conclusie en vragen van de Adviesraad MO.
De Adviesraad MO begrijpt dat hij in dit schrijven veel vragen, opmerkingen, aanvullingen en nadere suggesties naar voren heeft gebracht. Wellicht bent u van mening dat het onmogelijk is om op al die zaken een afdoend antwoord te geven dan wel alle aangebrachte zaken in het definitieve beleidsplan te verwerken. Toch heeft de Adviesraad MO behoefte aan expliciet een aantal volgens haar cruciale zaken te benadrukken met de vraag én daar nader antwoordend op in te gaan én na goed overleg met ons toch in het definitieve beleidsplan te verwerken. Het betreft de volgende zaken die de Adviesraad MO in dit schrijven uitvoeriger in de diverse punten heeft beschreven: 1.
De Adviesraad MO is uitdrukkelijk van mening dat het vast te stellen beleid in het beleidsplan weergegeven ook na de komende Gemeenteraadsverkiezingen overeind moet blijven.
2.
Bij de opstelling van een uitvoeringsprogramma – het “hoe is in ieder geval in het plan niet beschreven –is de Adviesraad MO uitdrukkelijk van mening dat de professionals c.q. de achterliggende organisaties de mogelijkheid krijgen om hiervoor ook de noodzakelijke medeverantwoordelijkheid te dragen. Cruciaal aspect voor deze samenwerkingsgedachte is in de visie van de Adviesraad MO het belangrijke uitgangspunt van de noodzaak van goede en vroegtijdige preventie! In dat verband stelt de Adviesraad MO dat de inzet van vrijwilligers, die toch een sleutelrol in het geheel vormen, hier de nodige relevantie heeft. De Adviesraad MO 8
3.
4.
5.
verzoekt u dan ook aan te geven hoeveel inzicht u, zowel kwantitatief als kwalitatief, heeft in de “voorraad gekwalificeerde vrijwilligers? De Adviesraad MO ziet dan ook een antwoord in deze met belangstelling tegemoet! De Adviesraad MO vraagt zich af wat alle eerdere concrete maatregelen concreet hebben opgeleverd? Dat alles brengt nadrukkelijk de noodzaak tot gericht en structureel evalueren aan de orde. In onze visie ontbreekt het tot nu toe aan een goede, consistente en verantwoorde evaluatiemethode van voorbije perioden! Op pagina 3 punt 7 heeft de Adviesraad MO uitvoeriger zijn visie op de vraag wat goed evalueren is gegeven. De Adviesraad MO vindt deze zaak vooral voor monitoring van de voortgang van het plan dermate cruciaal dat hij een antwoord van u in deze met veel belangstelling tegemoetziet. Om armoedebeleid te laten slagen is de betrokkenheid van de burgers van de gemeente Heerlen een absoluut vertrekpunt. De Adviesraad MO is hier in zijn schrijven al uitvoerig op ingegaan. Dat leidt dus volgens de Adviesraad MO tot de noodzaak de hele Heerlense gemeenschap te betrekken bij het begrijpen en terugdringen van armoede. Het scheppen van vertrouwen is en blijft dus een belangrijke factor in de gehele aanpak.
Burgers in armoede moeten niet het idee hebben dat ze bij de overheid “van de regen in de drup” raken of bang moeten zijn voor allerlei maatregelen voor de controle. Dat bevordert niet de volgens ons noodzakelijke cultuur van samenwerking tussen de betreffende burger en de dienstverlenende functionaris. Juist omdat volgens de Adviesraad MO dit vertrekpunt cruciaal is voor de aanpak van armoede en het vertrouwen van burgers in hun overheid ziet de Adviesraad MO met belangstelling niet alleen een antwoord van u tegemoet maar ook een nadere uitwerking hoe u in het beleidsplan aan de betrokkenheid vorm gaat geven! De Adviesraad MO heeft u in dit schrijven opmerkzaam gemaakt dat er sprake is van een samenstel van factoren die schuld- en armoede situaties veroorzaken. Daarbij zijn wij van mening dat de sector “onderwijs“ daar ook een rol in speelt. De Adviesraad MO verzoekt u dan ook aan te geven welke visie u heeft op de vraag hoe het onderwijs zijn rol daarin moet vervullen met het geven van onderwijs en voorlichting op het gebied van geld en zelfmanagement. Maar de Adviesraad MO ziet ook graag van u kant een nadere passage in het beleidsplan tegemoet van wat u van het onderwijs in deze verwacht en hoe u, mogelijk faciliterend, het onderwijs in deze wil “gebruiken”?
De Adviesraad MO beseft zich terdege dat hij met zijn opmerkingen, aanvullingen en vragen mogelijk t.a.v. cruciale zaken in deze "de kat de bel aanbindt". Hij doet dit echter niet vanuit het op de procedure gaan zitten maar veel meer en vooral vanuit zijn insteek in het proces, de inhoud van dit beleidsplan 2022-2025. En dat is vanuit een positieve insteek in het gebeuren. Immers, de Adviesraad MO staat wel positief t.o.v. het voorgelegd beleidsplan maar is van mening dat we dit samen met u als gemeente, maar ook met alle betrokken maatschappelijke organisaties alleen maar via betrokkenheid met elkaar tot een succes kunnen maken! Wij zien met grote belangstelling uw antwoord op onze suggesties, opmerkingen, kanttekeningen en vragen, vooral de 5 gestelde vragen van paragraaf 3 tegemoet.
Namens Cluster Participatie.
Namens de Adviesraad M.O. Heerlen.
9