Vragen en antwoorden technische vragenronde - Commissie Gezamenlijk 04-02- 2021 6.2 Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet.docx
Tekst van het document
Vragen en antwoorden technische vragenronde - Commissie Gezamenlijk 04-02- 2021 6.2 Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
Fractie
ID
Onderwerp
Vraag
Antwoord
Portefeuille houder
PvdA
230
kaders uitvoering Omgevingswet
Het college geeft de suggestie mee een gemeentebreed participatiebeleid te ontwikkelen, maar is dit per 1/1/22 niet een verplichting op basis van een hiertoe aangenomen motie in de 2e Kamer?
De wettelijke motie zien toe op participatie bij ‘eigen’ gemeentelijke initiatieven/plannen, en niet op initiatieven van externen. Met de passage in het raadsvoorstel willen we benadrukken dat het de voorkeur heeft het algemene participatiebeleid voor de gemeente, en de vertaling hiervan in de participatieverordening voor het fysieke domein, vast te stellen voor - of gelijk met - de vaststelling van het participatiebeleid voor aanvragen van externe initiatiefnemers. Zo stellen we geen eisen aan externen waar we ons zelf niet ook aan houden.
Jaap van Veen
Nader toelichting: De aangenomen motie Nooren is een oproep aan de regering om gemeenten, provincies en waterschappen om participatiebeleid op te stellen voor het fysieke domein. Dus bij het opstellen van onder andere omgevingsvisies, omgevingsplannen en projectbesluiten. In het participatiebeleid moet staan hoe participatie wordt vormgegeven
Vragen en antwoorden technische vragenronde - Commissie Gezamenlijk 04-02- 2021 6.2 Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
binnen de gemeente en welke eisen daarbij gelden. De regering geeft hier invulling aan met het wetsvoorstel ‘Versterken participatie op decentraal niveau’. Met het wetsvoorstel ‘versterking participatie op decentraal niveau’ is de bestaande verplichte inspraakverordening in artikel 150 van de Gemeentewet verbreed naar een participatieverordening. In deze verordening dient door de gemeente te worden vastgelegd hoe de betrokkenheid van inwoners wordt geregeld bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van het beleid (voor de verschillende beleidsdomeinen). Doel is duidelijk te maken ‘hoe breed de marges van beïnvloeding zijn’ op het gemeentelijk beleid. Dit heeft dus geen betrekking op participatie bij externe initiatieven. PvdA
229
kaders voor de uitvoering Omgevingswet
Wat participatie betreft stelt het college voor participatie verplicht te stellen bij alle aanvragen die afwijken van het omgevingsplan.. Eerder werd aangegeven dat dit mogelijk veel vraagt wat betreft ambtelijke capaciteit. Kan het college aangeven wat de kosten ongeveer zijn van de keuze?
Het is (nog) moeilijk dit op kosten te zetten. Veel hangt er van af in hoeverre particuliere initiatiefnemers in staat zijn hun eigen participatieproces goed te organiseren, en hoeveel tijd aan ondersteuning van de gemeente hier toch nog mee gemoeid is. Dit zal per initiatiefnemer verschillen. We
Jaap van Veen
Vragen en antwoorden technische vragenronde - Commissie Gezamenlijk 04-02- 2021 6.2 Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
constateren dat in de lopende oefenprojecten de betrokkenheid en inzet van de gemeente groot is. Verwachting is dat dit in de loop der jaren beter gaat worden doordat er meer ervaring is opgedaan en voorbeelden zijn. Naast de externe initiatieven zijn er ook de ontwikkelingen waar de gemeente zelf initiatiefnemer is. Daarvoor passen we nu in de praktijk doorgaans ook al participatie toe. De kosten bij eigen projecten worden vooral bepaald door het ambitieniveau in het nog uit te werken participatiebeleid. VVD
220
Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
Bij het onderdeel Participatie wordt voorgesteld alle aanvragen voor een buitenplanse omgevingsactiviteit aan te wijzen als activiteit waarin voorafgaand aan het indienen van de aanvraag de mogelijkheid voor participatie door belanghebbenden verplicht is. Om hoeveel aanvragen zou dit gaan per jaar (schatting)? Komt dit wel ten goede aan het doel van de Omgevingswet (sneller, efficiënter, j-tenzij)? Nodigt dit wel uit tot nieuwe initiatieven?
Ervaring van de afgelopen 5 jaar is dat jaarlijks tussen de 3 en 10 van dit soort initiatieven in de raad zijn gekomen. Aangezien het buitenplanse omgevingsplanactiviteiten betreft, gaat het ons inziens sowieso om initiatieven waarvoor participatie wenselijk is. De zwaarte van de participatie hangt daarbij samen met de zwaarte/omvang van het initiatief. De 'ja, mits' benadering dient onderdeel te zijn van het participatie proces. Als voorbeeld: De centrale vraag kan zijn: "Wilt u
Jaap van Veen
Vragen en antwoorden technische vragenronde - Commissie Gezamenlijk 04-02- 2021 6.2 Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
meedenken over de realisatiemogelijkheden voor mijn droom-initiatief?", in plaats van: "Heeft u bezwaar tegen mijn (al geheel uitgewerkte) droominitiatief?". Verwachting van de wetgever is dat goede participatie vooraf zal leiden tot en sneller verloop van de formele procedure en de kans op bezwaar verkleint. In de praktijk merken wij dat goede participatie inderdaad veelal bijdraagt aan een soepeler planprocedure, maar dat bezwaar niet altijd uitblijft. Ook merken wij dat de gemeente vaak meer betrokken raakt dan voorgenomen als blijkt dat de participatie stroef verloopt. Agendapunt VVD
221
Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
Ten aanzien van Participatie de volgende vragen: De wet spreekt van Participatie met derden. Niet van belanghebbenden. Waarom is er toch voor gekozen om in het raadsvoorstel van belanghebbenden te spreken? Het initiatief van participatie ligt bij de initiatiefnemer en niet bij de gemeente. Moet de raad bij onvoldoende participatie altijd de initiatiefnemer aanspreken of
De participatieplicht gaat om een vereiste opgelegd door de gemeente. Ons inziens moet de opgelegde eis zich beperken tot de inspanningen die zeker nodig worden geacht. Het betrekken van 'derden' is een breder begrip dan 'belanghebbenden'. Ons inziens is derden niet in alle gevallen in die breedte noodzakelijk, daarom is gekozen voor de gerichtere term ‘belanghebbenden’.
Jaap van Veen
Vragen en antwoorden technische vragenronde - Commissie Gezamenlijk 04-02- 2021 6.2 Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
heeft het college daarin ook een verantwoordelijkheid? Wanneer is participatie geslaagd of voldoende geweest?
Indien geen invulling is gegeven aan de participatieplicht zal de aanvraag niet ontvankelijk worden verklaard. Indien wordt aangegeven dat participatie wel is uitgevoerd, ligt de beoordeling of deze voldoende is geweest in eerste instantie bij het college. De beoordeling of de participatie voldoende is geweest vindt plaats op basis van het participatiebeleid en de participatieverordening. De zwaarte van het initiatief en de verkregen uitkomsten zullen daarbij een rol spelen.
VVD
219
Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
Op pagina 2 van het raadsvoorstel staat: Deze benadering hebben wij op uw verzoek juridisch vertaald in een concrete lijst van gevallen waarvoor de gemeenteraad adviesrecht zou moeten hebben. Deze lijst is opgenomen in het conceptraadsbesluit. Waar kunnen we deze lijst vinden?
Gedoeld wordt op de (lijst met) ontwikkelingen in het concept raadsbesluit (pagina’s 7 en 8 van het raadsvoorstel).
CU
231
Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
Nav raadsvoorstel pagina 7 binnen de bebouwde kom If. Bij meerdere woningbouwaanvragen, niet direct aansluitend, maar wel in een kleine straal van elkaar, waarbij het ruimtebeslag meer
Ja, het advies geldt voor iedere aanvraag (dus ook voor een woning) met een ruimtebeslag van meer dan 250m2. Het gaat om het ruimtebeslag, dat is bij een woning dus ook de bijbehorende grond.
Jaap van Veen
Vragen en antwoorden technische vragenronde - Commissie Gezamenlijk 04-02- 2021 6.2 Kaders voor de uitvoering van de Omgevingswet
dan 250m2 is en bepalend is voor het stads- of dorpsgezicht, geldt het adviesrecht dan ook?
Voor twee los van elkaar staande aanvragen die elk voorzien in een ruimtebeslag van minder dan 250m2 geldt het adviesrecht niet