Verslag infoavond Moskoupleats 09022021
Tekst van het document
INFORMATIEAVOND Initiatief voor De Moskoupleats te Katlijk 9 februari 2021 (digitaal)
Aanwezig in de Teams-meeting: De heren Jaap Wijma (voorzitter), Rik Visser (namens Plaatselijk Belang Katlijk), Jeroen Terpstra (Thorp), Harry Mars (ontwikkelaar), Maurice van Merode (jurist Omgevingszaken bij de gemeente), Pieter Engelsma (adviseur Maatschappelijke Ontwikkeling bij de gemeente) en Jaap van Veen (wethouder) De Teams-meeting is gestreamd via de website van de gemeente. De inwoners van Katlijk hebben een uitnodiging + link ontvangen om deze stream live te volgen. Zij konden via de chat live vragen stellen. De bijeenkomst is via de website tevens na te luisteren.
Welkom door Jaap Wijma
Jaap Wijma heet iedereen welkom en geeft aan dat het jammer is dat door technische knelpunten de bijeenkomst wat later begint. Jaap Wijma geeft aan dat de gemeente hem heeft gevraagd om onafhankelijk gespreksleider te zijn bij deze bijeenkomst. Jaap Wijma benadrukt dat het een informatiebijeenkomst is en geen discussiebijeenkomst. Hij raadt bewoners die het niet eens zijn met dit initiatief aan om dit in de officiële voorbereidingsprocedure kenbaar te maken. Dit komt later op de avond verder aan de orde. Jaap geeft aan dat het belangrijk is om standpunten op een goede manier kenbaar te maken en deze infoavond daarvoor te gebruiken. Jaap Wijma stelt zichzelf voor. Jaap Wijma geeft het woord aan Rik Visser van Plaatselijk Belang Katlijk (PB), die namens PB een verklaring aflegt.
Verklaring door Plaatselijk Belang Katlijk Bij de informatieavond op 4 november 2019 over de plannen met De Moskoupleats werd voor velen het beeld opgeroepen van een dagbesteding, zoals we die hier in de omgeving wel kennen. Hiervoor bestond en bestaat veel sympathie. Toen later meer informatie beschikbaar kwam, zoals dat er niet sprake was van een stichting, een ideële organisatie dus, die de activiteiten zou uitvoeren, maar van een B.V. en wat de werkelijke problematiek is van cliënten in de zorgzwaarte 3 en 4, toen kantelde de mate van instemming volledig. Direct omwonenden trokken aan de bel. De buurtverenigingen staken de koppen bij elkaar en vroegen Plaatselijk Belang om hen bij te staan. Om te voorkomen dat de situatie en de weerstand uit de hand zou lopen, werd besloten gezamenlijk op te treden en naar de initiatiefnemers en gemeente te communiceren. We hebben aan de projectontwikkelaars, de heren Mars en Smale, en aan de gemeente kenbaar gemaakt onoverkomelijke bezwaren te hebben tegen de plannen. Met Thorp hebben wij geen contact gehad. De bezwaren betreffen zowel de zorgzwaarte, als de omvang ( aantal cliënten), als ook dat deze activiteiten niet passen in deze omgeving. We hebben voorgesteld, nu alle informatie beschikbaar is, deze met de inwoners van Katlijk te delen.
Dit zou moeten op een wijze dat ten minste de direct omwonenden ook fysiek aanwezig zouden kunnen zijn. Dan zou op een open wijze gediscussieerd kunnen worden. Antwoorden op vragen leiden vaak tot nieuwe vragen. Wij vinden het belang van deze zaak eigenlijk veel te groot om deze avond geheel digitaal te organiseren. Van verschillende buurtbewoners hebben we vernomen dat ze, of digitaal niet vaardig zijn, of dat hun verbinding mogelijk niet stabiel is. We pleiten er dan ook met klem voor, om wanneer dit i.v.m. Covid weer mogelijk is, een gewone informatieavond te houden. Zorgvuldigheid gaat voor snelheid. De digitale informatieavond biedt dan de mogelijkheid voor de gemeente en de initiatiefnemers om de bezwaren en vragen te inventariseren en voor zover mogelijk te beantwoorden. Op deze wijze kunnen dan de plannen of voorwaarden eventueel worden aangepast.
Dhr. Visser geeft aan dat de vertraging en technische problemen niet meehelpen. Jaap Wijma geeft aan dat de avond bestaat uit drie onderdelen: het zorggedeelte, het bouwplan en de procedure. Jaap Wijma stelt de aanwezigen in de Teams-meeting voor. Vervolgens geeft hij dhr. Terpstra het woord voor de presentatie over het zorggedeelte van het initiatief.
Presentatie zorggedeelte door Jeroen Terpstra van THORP Dhr. Terpstra geeft aan blij te zijn dat vanavond de gelegenheid is toelichting te geven op het zorgconcept van dit initiatief. Hij geeft aan transparant te willen zijn in de samenwerking met omwonenden en betreurt dat er niet eerder contact is geweest met plaatselijk belang. Hij staat ook open voor een fysiek bijeenkomst als dit helpt om misverstanden weg te nemen. In aanvulling op de PowerPoint-presentatie, die gedeeld is: Dhr. Terpstra geeft aan een duidelijke visie te hebben op kleinschalig, beschut en beschermd wonen, die wordt vormgegeven op een nieuwe, moderne manier. Een BV is een betere rechtsvorm dan een stichting, om het intellectueel eigendom te borgen. Er wordt ingezet op zinvolle en betekenisvolle activiteiten in een kleinschalige en overzichtelijke omgeving die helpen om de doelgroep een gestructureerde dag te bieden. De ervaring is dat het probleemgedrag bijna altijd volledig verdwijnt. De Wet Langdurige Zorg is er pas net, en de zorgprofielen wat betreft de GGZpatiënten zijn pas in 2020 vastgesteld en per 2021 in werking getreden. Deze zorgprofielen zijn gebaseerd op de vroegere ‘zorgzwaartepakketten’. De doelgroep die voorheen viel in het zorgzwaartepakket 3-4, vallen nu in categorie 1-2 van de nieuwe zorgprofielen.
Omdat dit net nieuw is, is in de vorige informatiebijeenkomst in 2019 nog gesproken over categorie 3-4, de oude categorie. Op de Moskoupleats gaan geen cliënten wonen met ernstige gedragsstoornissen of een justitieel kader. De groep gaat voor het individu: er moet altijd een veilige sfeer zijn voor de hele groep. Dhr. Visser breekt in om aan te geven dat hij signalen krijgt dat het geluid niet goed is en de sprekers onverstaanbaar zijn. Dit is zonde van de bijeenkomst.
Jaap Wijma vraagt even geduld om uit te zoeken waar dit aan ligt. Hij geeft aan dat als de techniek ons in de steek laat, het misschien nodig is een nieuwe bijeenkomst te beleggen. Jaap Wijma geeft aan dat er ook mensen zijn die het wel goed kunnen verstaan en dat het mogelijk aan de techniek van de luisteraars ligt dat het niet goed te verstaan is. De uitzending wordt ook opgenomen, zodat deze later nageluisterd kan worden. Jaap Wijma besluit om nu eerst toch door te gaan en na de bijeenkomst te beraden of een nieuwe bijeenkomst nodig is.
Vragen over het zorggedeelte
Er zijn veel vragen via de chat binnengekomen over het zorggedeelte. Deze worden nu behandeld. In hoeverre is er samenwerking met het Fryske Gea? Dhr. Terpstra geeft aan dat die er op dit moment niet is. Dat was in een eerder stadium wel het geval. Vanwege de onrust die er is bij PB en omwonenden is deze nu on hold gezet. Dhr. Terpstra geeft aan graag weer in gesprek te gaan om die samenwerking op te pakken. Waar zit de ‘plus’ van dit plan voor onze gemeenschap? Dhr. Terpstra geeft aan graag samen met de buurt de zorg voor deze mensen vorm te geven. Er kunnen door de cliënten klusjes worden verricht voor de omwonenden. Er zijn veel reacties geweest van mensen uit de buurt die graag willen solliciteren bij de instelling. De plus zit dus in dienstverlening, onderhoud, zingeving en werkgeverschap. Er zijn meerdere vragen die betrekking hebben op de veiligheid. Wat is het effect van het plan op de veiligheid van omwonenden, hoe zit het met het criminele verleden van cliënten, dragen ze een enkelband, en wat gebeurt er als er een crisis is in de woonvorm? Dhr. Terpstra geeft aan dat de Moskoupleats geen TBS-kliniek wordt. Er is geen vergunning en ook geen wens om ex-gedetineerden of tbs’ers te huisvesten. En de Moskoupleats is er bouwtechnisch ook niet op ingericht. De doelgroep van de Moskoupleats heeft geen ernstige gedragsstoornis wanneer zij worden geplaatst.
Het is wel mogelijk dat zij in het verleden een delict hebben gepleegd. Bijvoorbeeld verstoring van de openbare orde door verward gedrag, denk aan het verkeer ontregelen. Ze hebben geen TBS en ook geen justitieel verleden in de zin van moord, verkrachting, brandstichting en dergelijke zware vergrijpen. Wat is de procedure als er een probleem met een cliënt is? Hoe lang duurt het voor herplaatsing plaats vindt? Hoe zit het met het toezicht ‘s nachts? Dhr. Terpstra geeft aan dat er altijd begeleiding is in de woonvorm, die is het aanspreekpunt. De cliënten slapen ‘s nachts. Zij ‘spoken’ niet. Het zijn geen mensen die gedragsregulerend toezicht nodig hebben. Dat past niet binnen dit zorgprofiel 1-2. Bij zorgprofielen 3 en 4 is dat wel het geval: gedragsregulering en beveiliging. Dan is er sprake van hekken en van bewaking. Dat is bij ons niet aan de orde. Het gaat om ‘beschut wonen’. In het theoretische geval dat een cliënt buiten op straat voor problemen zorgt, kan de politie gebeld worden en kan ook de woonvorm gebeld worden. Dan nemen wij dat serieus. Maar
dit is niet het probleemgedrag waar de mensen die bij ons zijn mee bekend zijn. Zij zijn meer het slachtoffer van het gedrag van anderen. Ze zijn kwetsbaar, er wordt misbruik van hen gemaakt, i.p.v. dat ze dader zijn. Als er een cliënt is die toch ander gedrag vertoont dan verwacht, hoe lang duurt het dan voor die cliënt herplaatst wordt? Dhr. Terpstra geeft aan dat de Moskoupleats geen kliniek is. Mensen met dit gedrag, moeten in een kliniek worden opgenomen. Dan is het acuut en kan dat vrij snel gaan. Dat duurt geen maanden. Dhr. Terpstra geeft aan dat het niet alleen om herplaatsing gaat, maar dat van hun kant ook de woonovereenkomst kan worden ontbonden en de samenwerking opgezegd. Dan gaan de cliënten weer thuis wonen. Dhr. Terpstra geeft aan dat bij de Moskoupleats veiligheid geen issue is. Er komen geen mensen die een enkelband moeten dragen. Kunnen bewoners worden betrokken bij de keuze wie er komen? Dhr. Terpstra geeft aan dat omwonenden die geïnteresseerd zijn om dagelijks samen te werken met de zorgaanbieder, daarvoor van harte worden uitgenodigd. Dat is wel intensief. Dhr. Terpstra geeft aan graag te willen samenwerken met de omgeving. De vraag is of dat wat betreft die toewijzing praktisch haalbaar is. Het is wel goed mogelijk met omwonenden in contact te gaan door middel van gesprekken, het maken van onderlinge afspraken en gezamenlijk intenties uit te spreken.
Hij staat hiervoor open. Daarnaast gaat het ook over zorgindicatie: de Wet, de normen, de Inspectie die toetst. Dat is de formele kant. Daar kunnen omwonenden geen invloed op uitoefenen. Dhr. Terpstra geeft aan wel in gesprek te willen om onderlinge ideeën uit te wisselen, dat hij dit vanaf het begin al wil, maar dit er nog niet van gekomen is met plaatselijk belang. Hij maakt graag constructieve afspraken. Jaap Wijma vraagt dhr. Visser hoe plaatselijk belang daar in staat: om onderling afspraken maken. Dhr. Visser geeft aan daar hier niet op in te willen gaan, aangezien het een informatiebijeenkomst is. Jaap Wijma merkt op dat hier dan wellicht in een vervolg verder naar gekeken kan worden. Is de Moskoupleats groot genoeg om 24 personen ‘bezig te houden’? Is verband gelegd met andere zorgaanbieder in de omgeving? Dhr. Terpstra geeft aan dat de Moskoupleats zeker groot genoeg is. Het verschilt per persoon wat de behoefte is aan dagbesteding. Als iemand bijvoorbeeld viool wil spelen, dan moeten we kijken wie in de omgeving dat kan bieden. Dagbesteding vindt plaats met groepen van max. 6 personen. Daarnaast houden bewoners zicht bezig met schoonmaken, koken, onderhoud, enz. Verder is er een groep die de tuin doet, de kleine dieren verzorgt, of creatieve activiteiten doet. Hiervoor is voldoende plek voor op de Moskoupleats.
Wat betreft het toezicht ’s nachts, hoe lang duurt het voor de politie er is? Dhr. Terpstra geeft aan dat dat net zo is als bij de mensen thuis. Hij geeft aan niet op de hoogte te zijn van de aanrijtijd van de politie in Katlijk. Er is altijd een begeleider aanwezig, die is het eerste aanspreekpunt. De bewoners slapen ‘s nachts. Dat (overlastgevend) gedrag past niet bij de mensen die op de Moskoupleats geplaatst worden. In een kliniek is dat anders, daar zijn altijd 3 verpleegkundigen en beveiliging. Wij hebben een slaapwacht, omdat onze cliënten ‘s nachts slapen. Onrust ‘s nachts past niet bij deze doelgroep. Hooguit als een cliënt een keer niet kan slapen, dat hij een sigaretje rookt en een praatje maakt met de slaapwacht. Heeft de zorgaanbieder ervaringen met vergelijkbare voorzieningen? Dhr. Terpstra geeft aan dat die ervaringen er zijn. Bijvoorbeeld een woonvorm in Utrecht. Daar gaat het om verslavingszorg, dus dat is net anders. Dat is een boerderij aan de rand van een woonwijk. Daar waren omwonenden ook bang voor overlast, bijvoorbeeld door middelengebruik. Maar dat heeft niet plaatsgevonden. Omwonenden zijn hier nu heel tevreden over. Als mensen een zinvolle dagbesteding hebben, dan veroorzaken ze geen overlast meer. “Gereguleerd middelengebruik” moet je zien als onder afspraken een biertje drinken in het weekend’. Dit leidt niet tot vechtpartijen en politie e.d.
Wie controleert of er niet cliënten komen uit een zwaardere categorie dan 1 of 2? Dhr. Terpstra geeft aan dat enerzijds het Zorgkantoor controleert: die betaalt voor de indicaties. En daarnaast de Inspectie, die houdt toezicht op de geleverde zorg. De Moskoupleats is niet ingericht op het leveren van zorg aan zwaardere doelgroep. Het gebouw is daar niet op ingericht en we hebben daarvoor niet het juiste personeel. Bij het huisvesten van TBS-gestelden e.d. is vergunning nodig van het Ministerie Veiligheid en Justitie. Die vergunning ambiëren wij niet. Wat is de impact qua drukte op de weg? Dhr. Terpstra geeft aan dat dit voor en deel personeel betreft. Er zijn behoorlijk wat mensen direct uit de buurt die gesolliciteerd hebben. Maar een deel van het personeel zal met de auto komen. Cliënten zullen eerder gestimuleerd moeten worden om het terrein te verlaten dan dat ze dat uit zich zelf doen. Deze doelgroep moet juist gestimuleerd worden om van hun kamer te komen, te bewegen, gezond te leven en te eten. Dat doen we met de dagbesteding. O.a. door gezamenlijk boodschappen te doen, met of zonder begeleiding. Dit gaat geleidelijk aan afhankelijk van de persoonlijke groei. Die persoonlijke groei is heel beperkt. Wij hebben een kleine uitstroom van mensen die toch iets van groei laten zien en iets zelfstandiger kunnen wonen. Bij de meesten van hen zal het blijven zoals het is.
De meeste bewoners blijven bij ons en zullen bij ons oud worden en overlijden. Wat gaan de mensen precies doen? Dhr. Terpstra antwoordt dat dan gedacht moet worden aan het schoonmaken van hun kamer en de gemeenschappelijke ruimte, de was e.d. Daarnaast verzorging van kleine huisdieren, kippen, konijnen e.d. Als de samenwerking het Fryske Gea toch ontstaat, zouden dit ook schapen en koeien kunnen zijn.
Verder het tuinonderhoud, maaien, schilderen van het gebouw. Dit zou onder begeleiding ook in de omgeving kunnen. Bijvoorbeeld het onderhouden van de tuin van omwonenden. Kunt u iets toelichten over de stichting en de BV? Dhr. Terpstra geeft aan dat het nadeel van een stichting is dat er een bestuur moet worden aangesteld. Dat bestuur moet jouw ideeën (het intellectueel eigendom) omarmen, anders ben je het kwijt. Dan is innovatie soms lastig. We willen ons graag onderscheiden van anderen: het toekomstgericht, duurzaam vormgeven van de zorg. Wij hebben ons hierin goed laten adviseren, en een BV bleek dan beter te zijn. Wat als de bewoners weg willen uit de woonvorm. Ontstaan dan dezelfde problemen als in Drachten, waar uit huis geplaatste bewoners voor veel overlast hebben gezorgd? Dhr. Terpstra geeft aan dat procedureel gezien mensen niet op staande voet uit huis kunnen worden geplaatst. Echter de doelgroep is bij ons heel anders. Zij hebben geen ernstige gedragsstoornissen. De doelgroep in Drachten zijn jongeren in een andere fase van hun problematiek en zitten veelal ook niet in de WLZ, en dan in een veel zwaardere categorie. Onze bewoners zijn anders. Zij zitten aan het eind van een traject. Zij zijn tot rust gekomen en uitgeblust. Er is geen verbetering te verwachten en kunnen bij ons in een beschutte omgeving oud worden.
Er wordt steeds gesproken over dagbesteding, maar het is toch 24 uur per dag opvang? Dhr. Terpstra geeft aan dat dat klopt, het is een 24 uurs woonvorm. Het betreft beschermd wonen. Het gaat om begeleiding, niet om behandeling. Er zijn geen verpleegkundigen en doctoren die zorg geven aan complexe patiënten. Er is wel zorg en toezicht. Dus als er toch klachten komen, wordt gekeken welke passende interventie er moet komen. Bewoners bij ons zijn niet actief psychotisch of actief verslaafd. Als ernstige gedragsstoornissen zichtbaar worden, wat gebeurt er dan? Dhr. Terpstra geeft aan dat in het theoretische geval dat iemand die al lang uitbehandeld is, ineens toch een terugval vertoont, er snel wordt ingegrepen. Dan wordt een klinische verwijzing gevraagd bij GGZ Friesland. Dhr. Terpstra geeft aan dat hij zodra de vergunning verleend is, met de GGZ in de regio afspraken gaat maken over hoe dat georganiseerd wordt. We gaan dit goed inrichten en willen dit transparant doen. Bewoners die dat willen, kunnen wij hierbij betrekken. De kans dat we ooit gebruik gaan maken van die afspraken nadert 0. In de brochure die eerder is verspreid stonden nog de zorgcategorieën 3-4 en nu is het ineens 1-2. Hoe zit dat? Dhr. Terpstra geeft aan dat de oude naamgeving en nieuwe naamgeving zorgen voor verwarring. De oude benaming was “Zorgzwaartepakketten 3-4 vanuit PGB van toepassing op GGZ-cliënten”.
In de nieuwe naamgeving van 2020 gaat het om “WLZ Zorgprofielen”. De zorgzwaartepakketten 3-4 zijn omgezet naar zorgprofielen 1-2. Wat voorheen 3-4 was, is nu 1-2. 1-2 is de lichtste categorie en kunnen we vatten onder beschermd en beschut wonen. Dhr. Terpstra geeft aan het spijtig te vinden dat dit tot verwarring heeft geleid.
Wie zegt dat Thorp geen vergunning gaat aanvragen voor zwaardere doelgroepen? Dhr. Terpstra geeft aan dat dit eigenlijk een kwestie van vertrouwen is. Hij geeft aan dat hij dit sowieso niet gaat aanvragen. Wethouder Jaap van Veen vult hierop aan: Er is hier geen sprake van een wijziging van bestemmingsplan, maar een vergunning en Verklaring van Geen Bedenkingen voor specifiek dit initiatief. Op het moment dat er zwaardere categorieën worden gehuisvest dan wordt er gehandeld in strijd met de vergunning, en kan handhaving plaatsvinden. Als er in de toekomst toch de wens is om zwaardere categorieën te huisvesten dan moet dat aangevraagd worden. Dan zal opnieuw een verklaring van geen bedenkingen moeten worden afgegeven, en wordt die aanvraag weer opnieuw beoordeeld. Het is en blijft categorie 1-2. Waar komen de cliënten vandaan? Is er in deze regio vraag naar deze voorziening? Dhr. Terpstra geeft aan dat cliënten uit heel Nederland zich kunnen aanmelden voor de woonvorm in de Moskoupleats. Er is veel vraag naar deze vorm van woonbegeleiding. De landelijke inschatting was 10.000 plekken, maar inmiddels is de vraag al gestegen naar 21.000 plekken. Ook in Friesland is er veel vraag, dus ook uit eigen regio. Dhr. Engelsma vult aan dat in de gemeente Heerenveen op dit moment ongeveer 100 personen gebruik maken van beschermd wonen.
Tot nu werd dit vanuit Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) betaald. Een deel hiervan gaat nu over naar de WLZ. Dat is zo’n 30%. In de gemeente Heerenveen zijn er dus zo’n 30-35 personen die in aanmerking komen voor deze woonvorm. Er is dus ook lokaal vraag naar deze voorziening. Heeft Thorp ergens anders al een instelling? Dhr. Terpstra geeft aan dat dit niet het geval is. De Moskoupleats is de eerst locatie met deze woonvorm. Wel zijn alle oprichters al werkzaam in de zorg. Dhr. Terpstra en mevr. Terpstra hebben elk hun eigen zorginstelling. Dhr. Dijkgraaf heeft al veel ervaring als directeur in zorginstellingen. Heeft Thorp voor de Moskoupleats een WTZI-toelating? Dhr. Terpstra geeft aan dat Thorp nu nog in oprichting is. De toelating wordt aangevraagd. We voldoen al aan alle eisen. Dhr. Terpstra geeft aan dat zijn psychiatrische instelling al een WTZI-toelating heeft, die garant kan staan voor de te leveren zorg. Zodra de vergunning is verleend, wordt de toelating aangevraagd. Jaap Wijma bedankt dhr. Terpstra voor de presentatie en het beantwoorden van de vragen. En hij schorst even de vergadering voor het volgende onderdeel, het bouwplan.
Presentatie over het bouwplan Dhr. Mars verzorgt de presentatie over het bouwplan. In aanvulling op de powerpoint-presentatie die is gedeeld:
Dhr. Mars vormt samen met Erik Smale Moskoupleats BV De staat van het pand is op het moment zeer slecht. De situatie is nu onveilig. De contouren van de boerderij en bijgebouwen blijven hetzelfde. Maar alles wordt wel vernieuwd. De vorm en het karakter blijven bewaard. De voorgevel blijft in z’n geheel bestaan. Het glas in lood wordt opgeknapt. De goten hersteld. De achterkant wordt zo herkenbaar mogelijk houden. De stalramen worden vervangen door iets grotere ramen. Er komt een uilenkast. Naar aanleiding van het Flora en fauna onderzoek worden daarnaast nestkasten opgehangen voor zwaluwen en vleermuizen.
Vragen over het bouwplan Wordt de boerderij gesloopt, gerestaureerd of nieuw gebouwd? Dhr. Mars geeft aan dat de boerderij niet echt gerestaureerd wordt. Het voorhuis zal zo goed mogelijk behouden blijven. De gevels in de rode steen blijven bestaan. De gevels tot aan de corridor blijven bestaan. De schuur zal in z’n geheel bestaan blijven, maar wel met een nieuw dak. Het stookhok wordt in oude glorie hersteld. De schuur erachter wordt wel helemaal nieuw. Waarom is niet gekozen voor een ouderenvoorziening conform de wens die is omschreven in de dorpsvisie? Dhr. Mars geeft aan dat dat wel jammer is misschien, maar misschien ook niet. In 2018 is contact gezocht met plaatselijk belang en gevraagd om mee te denken met een invulling voor de locatie. Het “Zijn-plek’ had belangstelling. Daar is mee gesproken. Maar heeft uiteindelijk niet geresulteerd in een plan. Verder zijn er vanuit plaatselijk belang geen reacties en ideeën aangedragen. Dhr. Mars geeft aan dat in het begintraject er ruimte was voor inbreng, maar dat het proces nu te ver gevorderd is. Dhr. Visser interrumpeert en stelt dat dit feitelijk onjuist is. In de afgelopen 4 jaar is er nooit met plaatselijk belang over gesproken. Dhr. Mars reageert dat zij meerdere malen met de voorzitter van plaatselijk belang hierover hebben gesproken.
Er is niet voor niets op 4 november 2019 al een bijeenkomst georganiseerd in samenwerking met plaatselijk belang en de gemeente voor de omwonenden. Dhr. Mars geeft aan dat wanneer zij met de voorzitter spreken, zij er vanuit gaan dat die het plaatselijk belang vertegenwoordigt. Dhr. Visser reageert dat die gesprekken niet waren in hoedanigheid van het plaatselijk belang. Jaap Wijma reageert dat hier verschil van mening over is waar we vanavond niet uit komen. Hoe groot zijn de appartementen? En hoe groot is de gemeenschapsruimte? Dhr. Mars antwoordt dat de kamers ongeveer 30m2 worden (het varieert van 28 tot 31 m2) De dagbestedingsruimte is 15x14 dus 210m2.
Waar komt de fruitgaard/boomgaard? Dhr. Mars geeft aan dat die er al is en aan de achterkant van de boerderij ligt. Hij is van plan deze weer opknappen, goed te snoeien, zodat deze weer gebruikt kan worden voor de vruchten. Jaap Wijma dankt dhr. Mars voor z’n presentatie en het beantwoorden van de vragen. Hij geeft Maurice van Merode het woord om toelichting te geven op het juridische proces.
Presentatie over het juridische proces Dhr. Van Merode verzorgt de presentatie over het juridische proces De PowerPointpresentatie is gedeeld.
Vragen over het juridische proces Is er ook een andere invulling onderzocht? Wethouder Van Veen reageert dat als die alternatieven waren aangedragen, die ook beoordeeld waren en dezelfde procedure hadden doorlopen. Die alternatieven zijn er niet geweest. Dit plan ligt nu voor, is beoordeeld door het college, die dit met een positief advies voorlegt aan de Gemeenteraad. Wat als er toch een andere categorie cliënten komt, kan de vergunning dan worden ingetrokken? Dhr. Van Merode geeft aan dat dat het geval is. De vergunning wordt verleend voor deze doelgroepen, ZZP 1-2. Dit staat beschreven in de bijlage bij de vergunning, en is ook een voorwaarde die gekoppeld is aan de vergunning. Als er een andere doelgroep moet komen, dan moet een nieuwe aanvraag omgevingsvergunning worden aangevraagd. Dhr. Terpstra breekt in en benadrukt dat het is ZP 1-2 (en niet ZZP). Ter correctie om misverstanden te voorkomen. Het is niet mogelijk en wenselijk om een andere doelgroep te kiezen. Dan zouden we weer opnieuw in gesprek moeten met de gemeente en de omgeving. Jaap Wijma herhaalt de reactie van de wethouder dat er dan gehandhaafd wordt.
Op welke vergunning kan bezwaar worden ingediend? De omgevingsvergunning wordt verleend voor 3 activiteiten Bouwen Handelen in strijd bestemmingsplan Handelen met gevolgen voor beschermde plant- diersoorten Zienswijzen kunnen zich richten op de ontwerpvergunning, op de ontwerp-VVGB van de Gemeenteraad en de ontwerp-VVGB van Provinciale Staten.
Is hier behoefte aan deze dagbesteding? Dhr. Engelsma antwoordt dat aan het loket van de gemeente dagelijks wordt ervaren dat deze doelgroep toeneemt. Er zijn steeds meer mensen die voor deze vorm van opvang in aanmerking komen. Voor deze mensen biedt dit initiatief een plek en een welkome aanvulling. Moet de gemeente niet opkomen voor het woongenot van de buurt? Er is duidelijk geen behoefte aan dit initiatief. Waarom zou je hiervoor een bestemmingsplanwijziging toestaan? De wethouder reageert dat de gemeente er is voor alle inwoners, voor omwonenden maar ook voor de mensen die in deze woonvorm gaan wonen. Dat mensen er niet op zit te wachten is niet zijn ervaring als hij met mensen hierover goed doorspreekt. Er is onrust ontstaan over zorgprofielen. Dat is jammer. Daardoor is een verkeerd beeld gecreëerd. Hij hoopt dat n.a.v. deze informatieavond die zorg weggenomen kan worden. Het is niet de verwachting dat deze categorie het woongenot van de buurt aantast. Dat hebben de initiatiefnemers ook goed toegelicht. En hebben ook aangegeven wat er wordt gedaan als dit wel zou gebeuren. Waarom dit initiatief toestaan? Zo steekt de wet in elkaar. Als er een aanvraag komt, dan beoordelen wij die. Dit plan is integraal beoordeeld. Niet voor niets heeft dit 1 jaar geduurd en daarom heeft u ook lang niets gehoord.
In belang van inwoners en dat woongenot is een zorgvuldig traject doorlopen, samen met initiatiefnemers en zorgaanbieders. Ook wij wilden precies weten hoe het in elkaar stak. Kan het zwart op wit dat deze zwaardere categorieën er niet kunnen komen. Kan dat worden vastgelegd in vergunning? Dhr. Van Merode antwoordt dat die voorwaarde in de ontwerpvergunning staat. Moet de gemeente een soort quotum halen voor dit type zorg? Dhr. Van Merode antwoordt dat dat niet het geval is. Is er ook gekeken naar de meervleermuis? Dhr. Van Merode geeft aan dat in het onderzoek ten behoeve van de vergunning staat vermeld naar welke dieren onderzoek is gedaan. Er is ter plekke gekeken wat er is. Dhr. Mars vult aan dat de hele situatie is beoordeeld door deskundigen. Hij gaat er vanuit dat die alles beoordeeld hebben wat zou moeten: o.a. uilen, vleermuizen en zwaluwen. Hoe kan de gemeente de goede ruimtelijke onderbouwing onderbouwen? Dhr. Van Merode geeft aan dat alle omgevingsaspecten bij de aanvraag zijn beoordeeld en ook per aspect is beoordeeld waarom dat aspect geen belemmering vormt. De conclusie was dat er geen belemmeringen zijn. En dat het plan daarmee in overeenstemming is met goede ruimtelijke ordening. Jaap Wijma vraagt de wethouder of hij een terugblik wil geven op de avond en daarbij ook in wil gaan op de laatste vraag: hoe zwaar weegt de mening van buurtbewoners?
De wethouder geeft aan: fijn dat u er allen bent bij deze informatieavond. Hij spreekt zijn waardering uit naar plaatselijk belang en de buurtverenigingen voor de betrokkenheid in dit proces en alle individuele inwoners. Hij geeft aan dat de start van deze avond niet vlekkeloos was en hij ook kopzorgen had aan het begin om wel of niet door te gaan. Toen bleek dat veel mensen het wel konden horen, is dit toch doorgezet. Voor die het niet hebben gehoord, is het belangrijk dat zij toch alle informatie krijgen. De uitzending is opgenomen en is beschikbaar op de website, zodat deze teruggeluisterd kan worden. Er wordt een verslag gemaakt. Alle vragen worden beantwoord en deze komen op de website. De presentaties worden gedeeld. U heeft straks spreekrecht in commissie. U kunt zienswijzen indienen en er staat beroep open. Er zijn daarmee genoeg mogelijkheden om uw mening te laten horen. Dhr. Van Veen geeft ook lof aan de initiatiefnemers. Want eigenlijk zitten we nog erg aan het begin van het proces. Er is alleen een aanvraag ingediend. Er is geen plicht om een infoavond te houden of voor participatie. Daarom de complimenten aan initiatiefnemer dat zij op diverse manieren contact gezocht hebben. Eind 2019 met de bijeenkomst in het kerkje in Katlijk, de nieuwsbrief, het aanbod om te komen kijken bij andere locaties en deze avond.
Het voornemen van de gemeente was om deze informatieavond iets later in het proces te houden, vlak voor de definitieve verklaring van geen bedenkingen in de gemeenteraad zou komen. Omdat er ruis was over de zorgprofielen en onrust in het dorp meenden we dat het verstandig was deze tussenstap te nemen. Hoe dan verder? Wij staan als gemeente voor een zorgvuldig proces. Maar wat is dat? De aanvrager van de vergunning, de initiatiefnemer, mag ook verwachten dat op redelijke termijn over zijn aanvraag wordt besloten. Gegeven het feit dat participatie niet verplicht is, dat het nog maar een ontwerp is, dat wij binnen gemeente het afgelopen jaar ook een zorgvuldig proces hebben doorlopen en dat het plan op onderdelen is bijgeschaafd is dit nu besluitrijp voor de Gemeenteraad. En dan gaat het om een concept verklaring van geen bedenkingen. Dhr. Van Veen geeft aan niet mee te kunnen gaan in oproep van plaatselijk belang en de mening dat dan geen zorgvuldig proces is doorlopen. Dhr. Van Veen doet nog een aanbod: als een inwoner vindt dat er een persoonlijk gesprek moet plaatsvinden met bijv. de wethouder dan kan dat. Wij willen er alles aan doen om maximaal transparant te zijn en maximaal informatie te delen. Daar is in het proces genoeg ruimte voor. In aanloop naar gemeenteraad van maart staan alle stukken op de website.
4 maart is de raadscommissie en 18 maart de raadsvergadering waarin wordt besloten over het ontwerpVVGB. Jaap Wijma bedankt iedereen hartelijk voor de voorbereidingen, de presentaties en de vragen die zijn gesteld. Hopelijk heeft dit bijgedragen aan de meningsvorming. Er zijn nog veel mogelijkheden voor bewoners om invloed uit te oefenen. Maak gebruik van alle mogelijkheden en kijk naar alle stukken die beschikbaar komen op de website.