Technische vragen transitievisie warmte
Tekst van het document
ID 82
Onderwerp Transitievisie Warmte
Fractie VVD
Vraag Is er een reële kans dat een voorspoedige warmte transitie (dus van het gas af) kan betekenen dat Liander niet voldoende netwerk capaciteit heeft om iedereen van elektriciteit te voorzien? Hierbij wordt aangenomen dat de extra elektriciteit die nodig is voor ondermeer warmtepompen middels zonnepanelen wordt opgewerkt. Het gaat dus om elektriciteit in beide richtingen, dus ook om netwerk capaciteit in beide richtingen.
Antwoord De gehele energietransitie, dus de overgang naar een duurzaam elektriciteits- en warmtesysteem, lijkt samen te gaan met een sterke elektrificatie. Nu al zien we dat er meer elektriciteit nodig is voor warmtepompen, elektrisch koken en elektrische auto’s. Dit levert de laatste jaren al problemen op met de netwerkspanning in een buurt of wijk (waardoor zonnepanelen soms afgeschakeld worden) en met grotere netwerkaansluitingen. Grootste beperkingen in woonwijken zijn nu de zonnepanelen die groene stroom terug leveren aan het net. Hier werkt Liander al hard aan, zowel proactief als reactief. Voor de (middel)lange termijn wordt de oplossing ook veelal gezicht in innovaties en systeemveranderingen, zoals het zo lokaal mogelijk verbruiken van de opgewekte energie, het opvangen van ongelijktijdige vraag en aanbod, opslag van energie in batterijen (stroom), WKO (warmte) en in waterstof. Dit wordt regelmatig besproken met Liander (op niveau van de gemeente Heerenveen en in Fries/ RES verband). Daarbij worden de oplossingen en termijnen afgesproken. Liander werkt druk aan de oplossingen op korte, middellang en lange termijn, maar erkent daarbij ook dat uitvoeringscapaciteit beperkt wordt door een krappe arbeidsmarkt (tekort aan mecaniciens). Een Transitievisie Warmte helpt Liander om te zien waar en op welke onderdelen zij het elektriciteitsnet moeten versterken en wanneer.
Beperkte netcapaciteit
ID
Onderwerp
Fractie
Vraag
83
Transitievisie Warmte
VVD
De doelstelling voor 2030 is om 20% van de gebouwen aardgas vrij te hebben. Kan deze doelstelling ook zo gelezen worden dat vermindering van aardgasverbruik door bijvoorbeeld hybride warmtepompen of isolatie meegenomen wordt in de doelstelling? Dus 20% van de gebouwen aardgas vrij en/of 20% minder aardgasverbruik in 2030. Hierdoor worden de goede initiatieven om te isoleren of te investeren in hybride warmtepompen meegenomen in de doelstelling.
Antwoord is ook een van de redenen om de kansen voor een warmtenet o.b.v. geothermie voor de kern Heerenveen verder te verkennen. Het doel uit het Klimaatakkoord is dat in 2030 in Nederland circa 1,5 miljoen woningen en overige gebouwen aardgasvrij zijn gemaakt of verduurzaamd. Dat is ongeveer 20% in 2030. De uitvoering van die plannen moet leiden tot een forse CO2-reductie in de gebouwde omgeving. De doelen voor 2030 zijn een tussenstap voor de doelstelling om in 2050 aardgasvrij te zijn. In het Heerenveense Duurzaamheidsprogramma 2019-2022 hebben we voor 2030 de doelstelling opgenomen om 20% van de gebouwen in de gemeente aardgasvrij te hebben. Op weg daar naar toe informeren en stimuleren we inwoners, ondernemers en organisaties over meerdere kleinere stappen, als dat beter haalbaar is dan een grote stap in een keer. “Heerenveen, één voor één groener” vertolkt dit. Woningcorporaties zetten in op CO2 reductie in plaats van aardgasvrij worden: om de investeringen te spreiden over de tijd kiezen zij veelal voor isoleren en hybride warmtepompen. Dit is een veel gekende aanpak, waarbij de piekverwarming door aardgas op termijn vervangen kan worden. In de Transitievisie Warmte 2.0 gaan we een start maken met evaluatie en monitoring. We kunnen bijvoorbeeld de reductie in aardgasverbruik in gebouwen en de voortgang in aantal aardgasvrije gebouwen in kaart brengen.
Op basis van een aantal parameters kunnen we
ID
Onderwerp
Fractie
Vraag
84
Transitievisie Warmte
VVD
Onder veelgestelde vragen staat dat Nederland helemaal onderaan bungelt m.b.t. Duurzame energie. Betekent dit dat heel veel landen al (deels) van het gas af zijn en hun warmte op duurzame wijze opwekken? Welke landen zijn dit?
92
Transitievisie Warmte
CU
Vraagt het plaatsen van grote batterijen/buurtbatterijen aanpassing van de omgevingsvisie? Moeten hier straks participatieprocessen aan vooraf gaan?
Antwoord dan eventueel onze aanpak bijsturen (zie ook paragraaf 7.2 van de Transitievisie Warmte). Het aandeel duurzame energie in Nederland is laag t.o.v. ander landen als het gaat om elektriciteit en warmte. Het aandeel van elektriciteit uit groene Nederlandse bronnen, zoals zonne- en windenergie en biomassa was in maart 2021 bijna een kwart van het totale stroomverbruik. In 2019 was dat nog 18 procent (bron: CBS). Voor warmte is de transitie in Nederland nog pril. Nederland is dankzij de aardgaswinning in eigen land erg op aardgas gericht, terwijl andere landen dat nooit gehad hebben. In met name Scandinavische landen is veel ervaring opgedaan met de toepassing van warmtepompen en kleinere warmtenetten in buurten/dorpen. De score van Nederland voor duurzame elektriciteit en warmte is laag t.o.v. andere Europese landen en ook lager dan onze eigen doelen. Bijgaande grafiek illustreert dit. Bij het plaatsen van bouwwerken in de buurt, zoals de (buurt)batterijen, wordt er eerst getoetst aan het dan geldende juridisch kader. Afhankelijk van de tijd is dit een bestemmingsof omgevingsplan. Pas wanneer iets niet passend is binnen het juridisch kader wordt er gekeken naar de Omgevingsvisie. Wanneer er in het plan sprake is van goede ruimtelijke inpassing, verwachten wij op dit moment niet dat de Omgevingsvisie aangepast moet worden voor het plaatsen van buurtbatterijen.
Als er in een wijk wordt besloten tot de plaatsing van een buurtbatterij dan komt dit voort uit het (wijk)uitwerkingsplan dat gemaakt is voor en
ID
Onderwerp
Fractie
Vraag
93
Transitievisie Warmte
CU
Blz 40: De ontwikkelingen op technisch gebied gaan snel. Er is veel aandacht voor batterijen, mede door de autoindustrie. Hoe krijgen we het gebruik van warmtepompen en batterijen meer onder de aandacht? Hoe schatten jullie versnelling van aardgasvrij hierop in?
94
Transitievisie Warmte
CU
95
Transitievisie Warmte
CU
Welk besluit heeft het Algemeen Bestuur van het Wetterskip over de slibverbranding genomen? Via de Regeling Reductie Energie Woningen (RREW) kunnen
Antwoord met de wijk of buurt. Om te komen tot dit uitwerkingsplan wordt een grootschalig participatieproces opgezet, waarin inwoners een grote stem hebben bij het komen tot een geschikt plan. Bij de realisatie is dan in mindere mate participatie nodig om dat alle plannen al besproken en afgestemd zijn met de buurt. Het gebruik van warmtepompen en batterijen gaat met grotere investeringen gepaard, waarvoor minder subsidies beschikbaar zijn dan voor de kleinere maatregelen. Het is (daardoor) voor veel inwoners nog niet aan de orde. In (wijk)uitvoeringsplannen komt dit straks wel concreet aan bod. Ook zijn er nu al (groepen) inwoners die geïnteresseerd zijn om warmtepompen en/of batterijen aan te schaffen en zich laten infomeren door leveranciers/installateurs. Bij hen en in de startgebieden zal rond 2030 een versnelling zichtbaar worden. Meer massaal gebruik van warmtepompen en/of batterijen kan het hopelijk ook betaalbaarder maken, zoals bij zonnepanelen is gebeurd. Inwoners met vragen hierover kunnen bij de gemeente terecht bij de voorlichter Duurzaam Wonen, het energieloket Heerveen en het duurzaam bouwloket en binnenkort via de energiecoach. Via de communicatiecampagne “Heerenveen één voor één groener” worden bovenstaande kanalen ook onder de aandacht gebracht. Het Wetterskip heeft gekozen voor verbranding van het slib, dit gaat na 2027 in.
In eerste instantie wordt bij de RREW ingezet op huurders. Woningeigenaren hebben namelijk
ID
Onderwerp
Fractie
Vraag energiecoaches huurders daarbij helpen. Deze regeling geldt toch ook voor eigenaar-bewoners? Welke regelingen zijn er voor ondernemers/ gebruikers bedrijfspanden?
96
Transitievisie Warmte
CU
In de middelste fase worden problemen verwacht en daar moet goede afstemming voor gaan plaatsvinden. De te verwachten problemen zijn nu al grotendeels bekend. Welke problemen zijn er, waarvan we de oplossingen nu al in de steigers kunnen zetten? Hoe kunnen we dit doen? Vraagt dit aanpassing van omgevingsplannen?
Antwoord via de RRE al de mogelijkheid gehad om energiebesparende maatregelen aan te schaffen. Mocht er onder huurders weinig belangstelling zijn voor de RREW dan wordt er in het voorjaar gekeken of de regeling ook voor woningeigenaren beschikbaar wordt gemaakt. Dit zou dan alleen voor woningeigenaren zijn die geen gebruik hebben gemaakt van RREregeling. De energiecoaches worden in eerste instantie ingezet voor huurders. Wanneer na evaluatie blijkt dat dit goed loopt en het project energiecoaches een vervolg krijgt dan wordt er mogelijk ook ingezet op woningeigenaren. Voor ondernemers is op dit moment de subsidieregeling verduurzaming MKB (SVM) beschikbaar. Met deze subsidie kunnen ondernemers een gespecialiseerde adviseur inhuren voor energieadvies op maat. Het energieadvies geeft hen inzicht in het verder verduurzamen van hun onderneming en/of wagenpark. Ook geeft de SVM subsidie voor de ondersteuning bij het uitvoeren van een of meer maatregelen uit dat advies. De energietransitie is een systeemverandering waarvan we nu nog maar aan het begin staan. Een deel van de problemen kunnen we nu inderdaad voorzien, oa de knelpunten in de elektriciteitsvoorziening (zie vraag 82). Daarin komt ook naar voren dat er bij een systeemverandering ook later, nieuwe knelpunten zullen ontstaan op systeemniveau.
Dat hangt af van de ontwikkelingen op het gebied van (juridische) regelgeving (bijvoorbeeld wie beslist over warmtenetten? En wie mag ze exploiteren?), techniek (innovaties
ID
Onderwerp
Fractie
Vraag
Antwoord voor opslag, lokale netwerken, transport), fiscaal/financieel (voor bijv. gebouwgebonden leningen, belasting voor bepaalde voertuigen), financiering/administratie) en consumentengedrag. Er is niet één ‘aangewezen’ partij die de systeemverandering bepaalt dat doen de overheid, markt en consumenten samen. Waarbij eindgebruikers ook weer leverancier kunnen worden. De Autoriteit Consument en Waren borgt de huidige verworvenheden, zodat het systeem blijft werken, maar dat blokkeert soms ook vernieuwingen. Het is een enorme opgave om van een betrouwbaar en betaalbaar eenrichtings-energiesysteem te komen tot een duurzaam ‘netwerk’ systeem. Het aandeel duurzame elektriciteit en warmte in Nederland is nog laag t.o.v. ander landen en t.o.v. onze eigen doelen (Zie ook vraag 84) . Pas na verloop van tijd zullen bovengeschetste ontwikkelingen zich duidelijker beginnen af te tekenen. Dan kunnen oplossingsrichtingen en nieuwe mogelijkheden beter in beeld gebracht worden. Wij schatten in dat dit in de middelste fase zal zijn (2030-2040). In die fase zullen de oplossingen voor de laatste fase (2040-2050) voorbereid moeten worden. Voor de kortere termijn is het vooral zaak om meters te maken en die middelste fase van de transitie te bereiken. Het is is zaak om voortdurend alert te zijn op systemische ontwikkelingen en oplossingen.
Aanpassing van omgevingsplannen is nodig als de oplossingen een ruimtelijke verandering met zich meebrengen.
ID 97
Onderwerp Transitievisie Warmte
Fractie CU
Vraag De werkgroep duurzaamheid van VvE Heidemeer Waterfase heeft al veel bereikt qua duurzaamheid in de wijk. Zij willen andere werkgroepen/burgers graag informeren. Welke mogelijkheden worden benut om dit bekendheid te geven?
99
Transitievisie Warmte
CU
Hoe helpen we burgers die als laatste aan de beurt zijn om van het gas af te komen (als dit buiten hun schuld om gebeurd en ze zelf niet de financiën bezitten)?
Antwoord Hiervoor worden vooral eigen netwerken gebruikt. Andere inwoners wordt verteld over de aanpak in Heidemeer Waterfase en er wordt aangegeven aan dat ze de werkgroep kunnen benaderen. Actiever communiceren we het nu niet, om de vrijwilligers niet te veel te belasten, nu zij ook met hun eigen (wijk)uitvoeringsplan aan de slag gaan. Daarnaast zijn leden van de werkgroep duurzaamheid regelmatig aanwezig bij bijeenkomsten over duurzaamheid om daar hun verhaal te vertellen. In de laatste dorpen, buurten en wijken (die tussen 2040 en 2050 aardgasvrij worden) kunnen we de geleerde lessen en de ontwikkelde oplossingen toepassen. We helpen hen individueel (zie laatste alinea) en ook “wijk voor wijk” (middels een uitvoeringsplan). In de tussenfase (2040-2050) zal ook een beeld en oplossing moeten ontstaan voor het socialiseren van de kosten voor het aardgasnet, met andere woorden hoe voorkomen we dat de laatste aardgasgebruikers de kosten voor het hele gasnet moeten betalen? Hopelijk levert dit ook bredere bewustwording op dat energiebesparing nodig is. Duur aardgas maakt een duurzaam alternatief bereikbaarder, mits er financieringsconstructies beschikbaar komen waardoor de voorinvestering doenlijk wordt voor grotere groepen mensen. Kortom in de komende circa 5 jaren zullen we de vraag over 2040-2050 nog niet concreet in een aanpak vertalen.
In de Transitievisie Warmte 2.0 of 3.0 kunnen we waarschijnlijk een reëler beeld van de impact en beste oplossingen vormen. Wel richten we ons nu voortdurend op het
ID
Onderwerp
Fractie
Vraag
102
Transitievisie Warmte
CU
Blz 10 visie: Er wordt gekeken naar verdere samenwerking met potentiele warmteleveranciers en warmteafnemers en de mogelijke rol voor de gemeente hierin. Hoe verliep de eerdere samenwerking? Zijn er al reacties? En zo ja, hoe zien die eruit?
104
Transitievisie Warmete
SP
108
Transitievisie Warmete
SP
De SP vindt het goed dat de gemeente energiearmoede en dan het tegengaan er van, meeneemt in haar beleid. Zijn er inmiddels signalen van energiearmoede bekend bij de gemeente? Zo ja, wat wordt er mee gedaan? Hoe ziet de financiële ondersteuning van de rijksoverheid en/of provincie er uit bij dit proces. Nu zitten we nog in het proces van het ontwikkelen van een visie per gebied en betalen we vooral uit eigen middelen. Maar zodra dit concreter wordt hoe gaat dit er bij de uitvoering uitzien?
Antwoord voorkomen van energie-armoede. Inwoners in gebieden die volgens de Transitievisie Warmte pas na 2030 aardgasvrij worden, kunnen ook zelf starten met de eerste stappen (aardgasvrijready of helemaal aardgasvrij worden. Met vragen hierover kunnen ze terecht bij de voorlichter Duurzaam Wonen, het energieloket Heerveen en het duurzaam bouwloket (en straks bij de energiecoach). In het kader van de voorverkenning heeft adviesbureau Greenvis in de zomer van 2020 interviews gehouden met een technische insteek. Momenteel verkennen experts van adviesbureau ProDO samen met de gemeente de mogelijkheden. We verwachten de resultaten in een Plan van Aanpak eind dit jaar. Begin volgend jaar worden deze met de raad gedeeld. In de beantwoording van schriftelijke vragen hierover (ID 219 PvdA, tevens bijgevoegd) staat dit beschreven.
Het is nog steeds onbekend welke financiële ondersteuning we in de toekomst van de rijksoverheid en/of provincie kunnen verwachten. De VNG dringt namens de gemeenten dan ook bij de rijksoverheid aan op duidelijkheid, over financiële ondersteuning van de decentrale uitvoering bij gemeenten (voor menskracht en procesontwikkeling). Daarnaast pleit de VNG sterk voor betaalbaarheid en financierbaarheid bij de eindgebruikers. Voor de warmtetransitie in het algemeen en het
ID
Onderwerp
Fractie
Vraag
109
Transitievisie Warmete
SP
Ligt er een duidelijk plan, samen met de woningcorporaties, om woningen in de sociale sector die nog slecht geïsoleerd zijn en een rood energielabel hebben binnen twee jaar goed te isoleren? Dit mede in het kader van bestrijding energiearmoede.
Antwoord opstellen van de Transitievisie Warmte in het bijzonder is een rijksbijdrage van €202.000 gedaan middels een algemene uitkering van 2019, via de December circulaire. Deze bijdrage is in de Jaarrekening ten goede gekomen van de algemene middelen. Het programma duurzaamheid wordt grotendeels gedekt uit de algemene middelen. Daarnaast is een rijkssubsidie (van €20.600) voor Extern Advies Warmte aangevraagd en verkregen. De ontwikkeling van (wijk)uitvoeringsplannen (WUPs, waarin een visie per gebied vertaald wordt naar concrete uitvoering) en de realisatie ervan in de praktijk start nu. Een aanpak voor de WUPs ontwikkelen we begin 2022. Ook hiervoor is financiële ondersteuning van de rijksoverheid en/of provincie wenselijk, maar nog niet geconcretiseerd noch toegezegd De ontwikkeling van (wijk)uitvoeringsplannen (WUPs, waarin een visie per gebied vertaald wordt naar concrete uitvoering) en de realisatie ervan in de praktijk start nu. Een aanpak voor de WUPs ontwikkelen we begin 2022. Ook hiervoor is financiële ondersteuning van de rijksoverheid en/of provincie wenselijk, maar nog niet geconcretiseerd noch toegezegd In de prestatieafspraken die de gemeente met de woningcorporaties maakt, staan ook de investeringen voor het verduurzamen van het woningbestand. Ook gelden er landelijke verplichtingen (Energieakkoord) voor de woningcorporaties.
Dat betekent oa dat de woningcorporaties uiterlijk 2030 de isolatiegraad van hun woningvoorraad allemaal (dus niet meer gemiddeld) op label B gebracht
ID
Onderwerp
Fractie
Vraag
Antwoord moeten hebben. Dit is een forse financiële / sociale opgave, ook omdat de woningcorporaties aangeven dat de investeringen in betere isolatie in verhouding moet zijn met de financiële draagkracht van de huurders. In de sociale huursector zijn de financiële mogelijkheden gemiddeld kleiner dan bij particuliere huurwoningen of koopwoningen. De vraag is of isoleren altijd leidt tot minder maandelijkse lasten en daarmee minder energie armoede. De woningcorporaties stellen dat dit niet altijd geldt, en dat hun huurders de (verdisconteerde) investeringen niet kunnen dragen.