Technische vragen FNP en D66
Tekst van het document
Vraag D66
Artikel 13 lid 8 is als volgt aangepast: "In afwijking van lid 1 en gelet op het bepaalde in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 bedraagt de reizigersbijdrage voor het Wmo-vervoer € 1,- per taxirit en € 0,20 per kilometer. Indien Wmo-taxipashouders een gezamenlijke huishouding voeren en op hetzelfde adres wonen, betalen zij één keer de reizigersbijdrage als zij samen naar dezelfde bestemming reizen." Waarom betalen mensen die bijvoorbeeld wel een gezamenlijke huishouding voeren maar niet op hetzelfde adres wonen wel een dubbele reizigersbijdrag, ook als zij van en naar hetzelfde adres reizen. Antwoord Het college wenst Wmo-taxipashouders die een gezamenlijke reis maken en de reizigersbijdrage uit ‘een gezamenlijke portemonnee’ moeten betalen tegemoetkomen. Het college volgt hierin de definitie van een gezamenlijke huishouding waarvan sprake is als inwoners het hoofdverblijf in dezelfde woning hebben. Mocht een uitzonderlijke situatie op deze regel zich voordoen, kan door de meitinker maatwerk worden geboden.
Fraach FNP it ferfier fan en nei de deibesteging sit by de priis yn, dy’t soarchferlieners krije per deidiel as per oere, at de soarchferlienen hjir net mei ut komt, om’t de kliint te fier fuort wennet fan’e deibestegingslokaasje, hoe wurd der dan mei omgien, kin der dan in ekstra fergoeding foar jún wurde? Antwurd Het uitgangspunt is dat inwoners zelf of met hulp van het netwerk naar de betreffende dagbestedingslocatie reizen. Het komt voor dat inwoners niet zelfstandig naar de voorziening kunnen reizen en hierbij vervoersondersteuning nodig hebben. Wanneer dit het geval is nemen wij dat op in de indicatie. Het tarief dat zorgaanbieders ontvangen voor het vervoer van en naar de dagbestedingslocatie is een apart tarief (dus naast het dagbestedingstarief). Het vervoerstarief is onderverdeeld in een regulier en rolstoeltarief. Bij de totstandkoming van de hoogte van deze tarieven is rekening gehouden met verschillende ritlengtes.