Technische vraag FNP huisvesting scholen
Tekst van het document
Vraag: Op pagina 34 Deel B onder A eerste stúk staat bij c dat van scholen voor VO in de jaren 2023 t/m 2025 de vergoeding voor nieuwbouw en renovatie wordt vastgesteld op basis van de feitelijke kosten en vanaf 2026 op basis van normbedragen. Antwoord: De verordening sluit aan bij de investeringsplanning van het raadsvoorstel IHP VO. Er is bewust gekozen om van 2023 t/m 2025 uit te gaan van feitelijke kosten. Dit omdat deze schoolgebouwen geschouwd zijn waardoor we voor deze gebouwen en periode vrij nauwkeurig de investering weten. Vanaf 2026 wordt het BDB normbedrag genomen net zoals bij de PO scholen. Vraag: Ook op pag 43 en 44 wordt gesproken over kosten. Vaak gaat het ook hier over de feitelijke kosten omdat de VNG normbedragen kennelijk niet altijd toereikend zijn. Antwoord: In de plaats van de VNG normbedragen gebruiken we de BDB normbedragen omdat die beter aansluiten bij de werkelijk kosten. De feitelijke kosten kunnen hoger liggen dan de BDB norm. Het is dan aan de raad om een afweging te maken of deze meerkosten beschikbaar worden gesteld door de gemeente of bij het schoolbestuur worden neergelegd.