Raadsvoorstel Rekenkamerrapport toezicht en handhaving in het fysieke domein
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad Opsteller Van Henten-Meijer, Betske Kenmerk D.25.2017616 Vertrouwelijkheid Openbaar Onderwerp Rekenkamerrapport ‘Toezicht en handhaving in het fysieke domein’ Voorgesteld besluit 1. In te stemmen met de conclusies van het Rekenkamerrapport ‘Toezicht en handhaving in het fysieke domein’. 2. Het college opdracht te geven om: 1. Een startnotitie beleidsplan Vergunning Handhaving en Toezicht (VTH) en een startnotitie Integraal Veiligheidsplan (IVP) voor te leggen aan de raad in het eerste kwartaal van 2026, waarin de ambities, het proces en de rol van de raad beschreven wordt. 2. De raad te informeren over de voortgang van de opvolging van de aanbevelingen aan college/organisatie in het rekenkamerrapport ‘Toezicht en handhaving in het fysieke domein’ voorafgaand aan het behandelen van de startnotitie Vergunning Handhaving en Toezicht (VTH). Inleiding De rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar toezicht en handhaving in het fysieke domein. In dit voorstel geeft de raad aan hoe zij wil omgaan met de conclusies en aanbevelingen.
Doel onderzoek Doel van het onderzoek van de rekenkamer is de raad inzicht te bieden in: ● de beleidskaders en -doelen voor toezicht en handhaving binnen de fysieke ruimte voor de onderdelen bouwen, ruimtelijke ordening en milieu; ● de mate waarin de doelen voor toezicht en handhaving doeltreffend en doelmatig worden bereikt; ● welke ontwikkelingen binnen het domein spelen en welke rol de raad hierbij heeft. Conclusie De rekenkamer trekt de volgende hoofdconclusie:
-
-
Er is beleid vastgesteld dat voldoet aan de geldende wet- en regelgeving; Beleid is uitgewerkt in uitvoeringsprogramma’s, maar het uitvoeringsprogramma 2025 is nog niet vastgesteld; Verantwoording vindt plaats via het jaarverslag; jaarverslag 2024 is nog niet beschikbaar (april 2025). De personele capaciteit schiet te kort om de beoogde doelen en de omvang van de toezicht- en handhavingstaken uit te voeren; het meest in het oog springend zijn de grote achterstanden bij toezicht omgevingsvergunningen c.a. bouw (ultimo maart 2025 zijn er 860 lopende zaken). De (zaak)systemen zijn onvoldoende toegerust om de werkzaamheden te ondersteunen. De raad wordt volledig geïnformeerd over de voortgang van de toezicht en handhavingstaken, maar staat op afstand (is niet betrokken bij het vaststellen van het VTH-beleid 2023 en het VTH-uitvoeringsprogramma 2023-2024).
Aanbevelingen Op basis van de conclusie komt de rekenkamer tot de volgende aanbevelingen: Raad 1. Ga als raad met het college het gesprek aan om te bepalen hoe de uitvoeringscapaciteit op sterkte gebracht kan worden. 2. Verzoek het college om de raad aan de voorkant bij beleidsvorming en beleidskeuzes in deze nadrukkelijker te betrekken. College/organisatie 3. Investeer in ondersteunende systemen en werkprocessen voor toezicht en handhaving. 4. Werk de SMART-formulering van doelen verder uit, zodat effectiviteit beter te monitoren is. 5. Ontwikkel toezichtsprotocollen en standaarden om uniformiteit en kwaliteit te borgen. 6. Stimuleer kennisopbouw en behoud van expertise, met oog op personeelsverloop en krapte op de arbeidsmarkt. Voorstel uitvoering aanbevelingen In dit voorstel wordt het college opdracht gegeven om zowel een startnotitie Vergunningen Toezicht en Handhaving (VTH) als een startnotitie Integraal Veiligheidsbeleid (IVP) aan de raad voor te leggen. In de startnotities worden de ambities, het proces en de rol van de raad beschreven. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan de aanbevelingen van de rekenkamer om de raad aan de voorkant te betrekken bij beleidsvorming en beleidskeuzes en in gesprek te gaan hoe de uitvoeringscapaciteit op sterkte gebracht kan worden.
Beoogd effect De raad inzicht te bieden in de doelmatigheid en doeltreffendheid van de beleidskaders en beleidsdoelen voor toezicht en handhaving in het fysieke domein en de rol van de raad hierbij. Argumenten 1.1. Rekenkamer is een hulptroep van de raad De rekenkamer werkt primair voor de raad. De uitkomsten van de onderzoeken ondersteunen de raad bij het uitvoeren van de controlerende en kaderstellende rol,
waarbij het accent ligt op het mogelijk lerend effect dat van de uitgebrachte onderzoeken kan uitgaan. De rekenkamer trekt op grond van het verrichte onderzoek conclusies en verstrekt vervolgens aanbevelingen aan de raad voor de toekomst. De raad besluit over het rapport. 2.1. Borging uitvoering aanbevelingen in opdracht aan college Het is aan de raad om vanuit zijn rol als opdrachtgever aan te geven hoe hij wil omgaan met de conclusies en aanbevelingen van de rekenkamer. In de bestuurlijke reactie geeft het college aan op welke wijze zij invulling wil geven aan de aanbevelingen. Met de geformuleerde besluit voor het voorleggen van startnotities en een raadsinformatiebrief borgt de raad de opvolging van de aanbevelingen. 2.2. Startnotities natuurlijk moment voor gesprek met de raad over rol en betrokkenheid De rekenkamer beveelt aan om als raad het gesprek aan te gaan om te bepalen hoe de uitvoeringscapaciteit op sterkte gebracht kan worden. Daarnaast beveelt de rekenkamer aan om het college te verzoeken om de raad aan de voorkant te betrekken.
Deze aanbevelingen zijn ook gedaan bij het rekenkamerrapport ‘Toezicht en handhaving in de openbare ruimte.’ In maart 2025 heeft de raad bij de behandeling van het rekenkamerrapport ‘Toezicht en handhaving in de openbare ruimte’ besloten dat er een gesprek over de rol en betrokkenheid van de raad bij beleidskeuzes en kaders gaat plaatsvinden met betrekking tot het Integraal Veiligheidsplan (IVP). Afgesproken is hiervoor een passend moment te kiezen na het verschijnen van het rekenkamerrapport over het fysieke domein. Het beleidsplan Vergunningen Toezicht en Handhaving (VTH) en het Integraal Veiligheidsplan (IPV) zijn meerjarige beleidsdocumenten met een looptijd tot en met 2026. Dat betekent dat aanpassing in 2026 aan de orde is. Er vindt brede afstemming plaats zodat beide documenten elkaar kunnen versterken waardoor portefeuilles en onderwerpen zo effectief en efficiënt mogelijk uitgevoerd kunnen worden. Aanpassing van de beleidsdocumenten is een natuurlijk moment om met de raad in gesprek te gaan hoe de raad betrokken wil worden bij beleidsvorming en beleidskeuzes. Startnotities zijn daarvoor een goed instrument. Met een startnotitie wordt de raad in positie gebracht in haar kaderstellende rol. In de startnotitie worden de ambities, het proces en de rol van de raad beschreven. De startnotities zullen in het eerste kwartaal van 2026 aan de raad aangeboden worden.
De beleidsdocumenten kunnen dan in de tweede helft van 2026 worden vastgesteld. 2.3 Startnotitie sluit aan bij bestuurlijke reactie college Het aanbieden van startnotities aan de raad sluit aan bij de bestuurlijke reactie van het college op het rapport ‘Toezicht en handhaving in het fysieke domein’ om voorafgaand aan het maken van beleid(skeuzes) een ambitieniveau vast te laten stellen door de raad. In haar bestuurlijke reactie geeft het college aan open voor een gesprek over het op sterkte brengen van de uitvoeringscapaciteit en dat daarvoor bij de Perspectiefnota een eerste aanzet is gedaan. De raad heeft de Perspectiefnota 2026 op 7 juli 2025 vastgesteld. 2.4. Controleren en sturen door meetbare doelen De raad heeft zowel een sturende als een controlerende rol. Om de controlerende rol goed te kunnen vormgeven is het belangrijk dat de raad beschikt over informatie waaruit duidelijk wordt op welke wijze aanbevelingen aan college/organisatie uitgevoerd zijn. Het college krijgt de opdracht om de raad voorafgaand aan de behandeling van de startnotitie te informeren over de voortgang van de uitvoering van de aanbevelingen (nummers 3-6) aan het college en de organisatie, bijvoorbeeld via een raadsbrief.
Risico’s en kanttekeningen 2.1. Niet eerst plan van aanpak In de Verordening op de gemeentelijke rekenkamer artikel 14 staat de werkwijze bij de besluitvorming over een rapport: ‘De raad besluit over het rapport en geeft het college zo nodig opdracht om binnen drie maanden te komen met een plan van aanpak.’ Dit voorstel bevat geen opdracht om met een plan van aanpak te komen. Reden is de bestuurlijke reactie waarin het college aangeeft hoe de aanbevelingen worden opgepakt. Eerst een plan van aanpak maken vraagt capaciteit en tijd en zou vertraging van de uitvoering betekenen. Door het voorgestelde besluit geeft de raad invulling aan zijn rol als opdrachtgever en wordt de opvolging van de aanbevelingen geborgd in een opdracht aan het college. 2.2. Vaststellen beleid Vergunning, Toezicht en Handhaving (VTH) collegebevoegdheid De rol van de raad is bij het Integraal Veiligheidsplan (IVP) anders, dan bij het beleid Vergunning, Toezicht en Handhaving (VTH). Bij het beleid Vergunning, Toezicht en Handhaving (VTH) ligt wettelijk vast dat het college bevoegd is het uitvoeringsbeleid vast te stellen.
Gelet op de aanbeveling van de rekenkamer om de raad te betrekken bij beleidsvorming, beleidskeuzes en het ambitieniveau en de bestuurlijke reactie waarin het college aangeeft open te staan voor een gesprek met de raad wordt voorgesteld om twee startnotities voor te leggen waarin het ambitieniveau en de beschikbare middelen, het proces en de rol van de raad afgestemd wordt. 2.3. Het aan de voorkant betrekken van de raad kost meer tijd In de bestuurlijke reactie geeft het college aan dat het aan de voorkant betrekken van de raad bij het vormen van nieuw beleid extra tijd in beslag leidt. Het nu voorgestelde proces past in de tijdsplanning. 2.4. Jaarlijkse terugkoppeling voortgang aanbevelingen Naast de in dit besluit gevraagde informatie voor de behandeling van de startnotities ontvangt de raad jaarlijks in mei in een raadsbrief terugkoppeling over de voortgang van de aanbevelingen van alle rekenkamerrapporten. Ook in jaarverslagen en in de P&C documenten wordt verantwoording afgelegd.
Communicatie en participatie De rekenkamer Heerenveen plaatst het onderzoeksrapport op de website. Financiën N.v.t.
Bijlagen 1. Rekenkamerrapport ‘Toezicht en handhaving in de fysieke domein’ 2. Aanbiedingsbrief aan de raad – Rekenkameronderzoek Toezicht en handhaving 3. Bijlage 2 – Ondertekend bestuurlijke reactie eindrapportage 4. Raadsbrief Uitvoering raadsbesluit n.a.v. Rekenkamerrapport ‘Toezicht en handhaving in de openbare ruimte’