CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Ontwerpbegroting 2026 FUMO

Raadsvergadering 16 oktober 2025, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Ontwerpbegroting 2026 FUMO2.328 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de gemeenteraad Opsteller Heide, Arjan van der Kenmerk Z.25.497775 / D.25.2029533 Vertrouwelijkheid Openbaar Onderwerp Ontwerpbegroting 2026 FUMO

Voorgesteld besluit 1. Op basis van de voorgelegde ontwerpbegroting 2026 van de FUMO in te stemmen met het indienen van een zienswijze op de ontwerpbegroting 2026 bij het Dagelijks Bestuur van de FUMO voor de volgende punten: • De focus te verleggen naar een Fryslân brede benadering. • Het opvangen van eventueel extra benodigde financiële middelen. • De kwetsbare financiële positie van de FUMO.

Inleiding De ontwerpbegroting van de gemeenschappelijke regeling (GR) Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO) is ontvangen. De nadruk bij de begroting ligt op bezuinigingen die zijn doorgevoerd voor € 865.000 en de uitzettingen van € 880.000. De gemeenteraad heeft op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen de bevoegdheid tot het indienen van een zienswijze. Deze bevoegdheid is ook opgenomen in artikel 28 van de GR FUMO. Voorstel is om een zienswijze op de ontwerpbegroting 2026 in te dienen bij het dagelijks bestuur (DB) van de FUMO gezien het belang van de bijdrage van de FUMO aan een schone, gezonde, veilige en duurzame leefomgeving en gezien de zorgelijke financiële positie van de FUMO.

Beoogd effect De belangen van gemeente Heerenveen in de GR FUMO behartigen.

Argumenten 1.1

De totstandkoming van de begroting heeft tot discussie geleid.

Voorafgaand aan het opstellen van de begroting 2026 is de kadernota 2026-2030 behandeld in het Algemeen Bestuur (AB) op 10 april 2025. In deze kadernota waren naast de indexering uitzettingen opgenomen met een totaalbedrag van € 1,9 miljoen. Hier tegenover stonden bezuinigingen van € 558.000. Het AB heeft besloten de kadernota niet vast te stellen en in plaats daarvan een amendement in te dienen. In dit amendement is gevraagd om in de begroting alleen ontwikkelingen op te nemen die voldoen aan de criteria onuitstelbaar, onontkoombaar en onvermijdbaar (drie O’s). De FUMO heeft vervolgens de begroting 2026 opgesteld waarin de uitzettingen met € 670.000 naar beneden toe zijn bijgesteld en de bezuinigingen met € 307.000 naar boven toe zijn bijgesteld. Deze begroting is aan het AB voorgelegd op 10 juli 2025. Het AB heeft besloten nog een aantal uitzettingen te schrappen (€ 540.000), omdat niet voldoende was gemotiveerd dat deze uitzettingen voldeden aan de drie O’s. Uiteindelijk heeft dit geresulteerd in de voorliggende begroting. De voor 2026 geschrapte uitzettingen die leiden tot het doorontwikkelen naar een toekomstbestendige en robuuste FUMO worden meegenomen in de begroting 2027 en eventueel in een begrotingswijziging 2026. 1.2

Diverse ontwikkelingen kunnen mogelijk van invloed zijn op de taakuitvoering.

Er is een aantal ontwikkelingen op het gebied van beleid, organisatie, informatisering en automatisering die van invloed kunnen zijn op de taakuitvoering van de FUMO in 2026. Het betreft de volgende ontwikkelingen: Beleidsmatige ontwikkelingen • De Omgevingswet Om volledig te kunnen werken onder deze wet, is een transitieperiode nodig. 2025 fungeert als graadmeter voor de daadwerkelijke uitvoeringspraktijk. De overgangsfase van de Omgevingswet duurt nog tot 1 januari 2032. • Toekomstbestendige doorontwikkeling vanuit het IBP VTH In het kader van het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel (IBP VTH) zijn door het Rijk en de overkoepelende organisaties robuustheidscriteria opgesteld. Omgevingsdiensten moeten hier uiterlijk op 1 april 2026 aan voldoen. • Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2025-2028 (U&H strategie) In 2024 heeft de FUMO de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie (voorheen: VTH-beleid Fryslân) herzien en herijkt. Deze herziening resulteerde in de nieuwe strategie voor de periode 2025–2028. De strategie is compacter en beter afgestemd op actuele thema’s, met een duidelijke gezamenlijke ambitie van onze deelnemers. • Toenemende urgentie rondom Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) De lijst van ZZS blijft groeien, net als het inzicht in de schadelijke effecten ervan op onze gezondheid en het milieu. ZZS is geen abstract probleem.

• Circulaire economie Een circulaire economie is onderdeel van de Europese klimaatdoelstellingen. Nederland wil in 2050 circulair zijn en in 2030 vijftig procent minder grondstoffen gebruiken. Als de FUMO een rol wil vervullen in dit actuele thema en van toegevoegde waarde wil zijn, moet kennis op dit gebied verder worden ontwikkeld. • Risicogerichte en robuuste vergunningverlening Bij risicogericht vergunnen krijgen onderdelen in de vergunning met een hoge risico-inschatting de meeste aandacht. Bij robuust vergunnen wordt een vergunning afgegeven die meer toekomstbestendig is. • Omgevingsdienst NL Met de Omgevingsdienst NL is de samenwerking binnen het VTH-stelsel een nieuwe fase ingegaan. De Omgevingsdienst NL ontwikkelt zich tot een vereniging van omgevingsdiensten.

Organisatorische ontwikkelingen • Robuuste afdeling bedrijfsvoering Er wordt in 2026 toegewerkt naar een zelfstandige en robuuste omgevingsdienst. In deze ontwikkelingsfase wil de FUMO een koers varen die wordt gedreven door onafhankelijke deskundigheid, waarbij tegelijkertijd oog is voor alle belangen. • Personeel en organisatie Vanuit de afdeling Bedrijfsvoering ziet de FUMO drie kernopgaven voor 2025 en 2026, namelijk: • Het vertalen van de missie en visie naar richting en regie • Het professionaliseren van sturing, processen en informatievoorziening • Het investeren in leiderschap, cultuur en medewerkers. • Huisvesting Het kantoorpand van de FUMO wordt gehuurd van de gemeente Leeuwarden. De huurovereenkomst loopt af op 1 januari 2026. Gesprekken over eventuele verlenging lopen nog. Ontwikkelingen Informatisering en Automatisering Onder andere de complexer wordende wetgeving heeft impact op de informatisering en automatisering. De impact uit zich in zowel de implementatie van nieuw beleid als de structurele uitvoering daarvan. 1.3 De opzet van de begroting sluit aan bij de governance en het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). De opzet van de begroting 2026 is ten opzichte van 2025 gewijzigd. Voorheen werd in de begroting onderscheid gemaakt tussen de programma’s toezicht en handhaving en vergunningverlening en specialistisch advies.

In de begroting 2026 is dit samengevoegd tot één programma genaamd ‘milieu’. Dit sluit aan bij de behoefte vanuit de governance. Er is sprake van herhaling in de programma’s en het hanteren van één programma sluit aan bij het BBV. 1.4

De begroting bevat alleen noodzakelijke uitzettingen.

De omvang van de begroting 2026 is met € 1,2 miljoen gestegen ten opzichte van de begroting 2025. Dit is het gevolg van: • Indexering personeel en materieel (€ 1.000.000 Nadeel) Conform voorgaande jaren worden hiervoor de uitgangspunten van het Centraal Planbureau gebruikt. De loonontwikkeling bedraagt 5%, de materiële kosten 1,6%. Het gewogen gemiddelde van de indexering bedraagt op basis hiervan 4,68%. • Taakinbreng (€ 600.000 Nadeel) De uren/taken die deelnemers inbrengen kunnen jaarlijks muteren. Gemeenten brengen in 2026 minder uren in. De provincie brengt in 2026 aanmerkelijk meer uren in. • Overig (€ 400.000 Voordeel) In deze post zit bijvoorbeeld de ontwikkeling van de loonsom door verjonging personeelsbestand maar ook het vervallen van het éénmalige budget voor onderzoek naar efficiëntie bij toezicht. • Uitzettingen (€ 700.000 Nadeel)

In de begroting zijn alleen uitzettingen opgenomen die onontkoombaar zijn, omdat deze voortvloeien uit indexering van lonen en prijzen, al aangegane verplichtingen en eerder door het AB geaccordeerde voorstellen. De uitzettingen zijn toegelicht in bijlage 7 van de begroting. • Bezuinigingen (€ 900.000 Voordeel)

De Vereniging van Friese Gemeenten heeft de gemeenschappelijke regelingen gevraagd om mee te helpen met de taak van gemeenten vanaf 2026 een sluitende begroting te realiseren. De FUMO heeft hier invulling aan gegeven door structureel € 865.000 per jaar te bezuinigen. Dit wordt gerealiseerd door het percentage hercontroles te verlagen, dubbelingen in de begroting bij vergunningactualisaties te schrappen, de omvang van de bodemtaken aan te passen, uren voor handhaving te reduceren en diverse efficiëntiemaatregelen door te voeren. • Verhoging opleidingsbudget (€ 200.000 nadeel) Met de omgevingswet is de FUMO weliswaar uitgegroeid in het primaire proces, maar niet als het gaat om de bedrijfsvoering. Er worden hogere eisen gesteld aan professionalisering met betere sturing en meer outcome-gerichte rapportages. Door de aangescherpte eisen van het toetsingskader voor de

opleidingseisen is, om aan de gestelde criteria te voldoen, het opleidingsbudget verhoogd van 2% naar 3% van de loonsom. 1.5

Het uurtarief en de deelnemersbijdrage stijgen.

Uurtarief Het integrale uurtarief in 2026 voor de basistaken bedraagt € 124,68. Dit is een stijging ten opzichte van 2025 van 8,7%. Deze stijging is het gevolg van indexeringen en van investeringen in de bedrijfsvoering. Voor aanvullende taken worden gedifferentieerde tarieven gehanteerd, afhankelijk van de taak/opdracht die wordt uitgevoerd. In 2026 varieert dit tarief van € 98,50 tot € 142,00. (2025: € 90,50 tot € 129,50) Deelnemersbijdrage De deelnemersbijdrage stijgt ten opzichte van 2025 met € 1,2 miljoen (5,9%). Voor gemeenten betekent dit een daling van gemiddeld -0,2% en voor de provincie een stijging van 20,7%. Het verschil in percentages is opvallend. Doordat de bezuinigingen betrekking hebben op taken van gemeenten en gemeenten minder uren hebben ingebracht, heeft dit voor gemeenten een dempend effect. De provincie heeft extra taken ingebracht en profiteert niet mee van de bezuinigingen. 1.6

De raad is bevoegd een zienswijze over de begroting in te dienen.

De FUMO opereert in een taakveld waarin de nodige uitdagingen zijn. Zo lopen de landelijke ambities rond het VTH-stelsel en de financiële situatie bij de gemeentelijke deelnemers niet gelijk op. Ook bestaat er onzekerheid over de vergoeding vanuit het Rijk voor de versterking van het VTH-stelsel. Het gesprek gaat hoofdzakelijk over geld, rol en taakafbakening. Dit terwijl het gesprek zou moeten gaan over hoe de FUMO binnen haar takenpakket en de begroting kan bijdragen aan een schone, gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. In deze transitie in focus kan de FUMO een belangrijke rol spelen. Tot op heden zien wij hiervan onvoldoende terug in het uitvoeringsprogramma basistaken en het jaarverslag VTH. Om die reden wordt in de zienswijze de FUMO geadviseerd om samen met de deelnemers het gesprek op gang te brengen over hoe de focus kan worden verlegd naar een Fryslân brede benadering en minder op de resultaten op deelnemersniveau. Gemeente Heerenveen blijft met de verhoging van de bijdrage voor 2026 (4,5%) op het inflatiepercentage (4,68%) zitten. Gemiddeld daalt de gemeentelijke bijdrage met 0,2%. Geadviseerd wordt om de FUMO te verzoeken te kijken welke mogelijkheden er zijn om binnen de totale bijdrage eventueel benodigde extra financiële middelen op te vangen. Ook wordt in de zienswijze aandacht gevraagd voor de financiële positie van de FUMO.

In de begroting 2026 zijn alleen de onontkoombare uitzettingen opgenomen. Deze uitzettingen kunnen worden opgevangen door bezuinigingen. De omvang van de begroting neemt hierdoor per saldo alleen toe door indexering. Wel is de financiële positie van de FUMO zorgelijk. Er is onvoldoende weerstandsvermogen en er is sprake van oplopende tekorten. De FUMO heeft over 2024 een negatief resultaat behaald van € 361.000. In het eerste tertaalbericht over 2025 verwacht de FUMO voor 2025 een tekort van € 1,3 miljoen. De tekorten kennen de volgende oorzaken: Het niet behalen van de productiviteitsnorm als gevolg van een hoog ziekteverzuim en hoge scholingsuren. Overschrijding kosten bedrijfsvoering als gevolg van: • o Hogere ICT-kosten door autonome groei van de licentiekosten. o Overschrijding ontwikkelkosten door niet begrote onderzoeken inzake het huisvestingsvraagstuk en het verder professionaliseren van Personeel en Organisatie. o Hogere inhuurkosten door ziekte en om de werkdruk op de medewerkers van bedrijfsvoering te verlagen. Ten slotte wordt in de zienswijze de FUMO geadviseerd om de oorzaken die ten grondslag liggen aan de kwetsbare financiële positie mee te nemen in het aangekondigde robuustheidsonderzoek.

Risico’s of kanttekeningen Risico's 1.1

Het weerstandsvermogen is ontoereikend.

Op basis van een risico-inventarisatie is de omvang van het weerstandsvermogen bepaald op € 1,7 miljoen. Het huidige weerstandsvermogen van de FUMO bedraagt € 1,2 miljoen. Het weerstandsvermogen is hiermee onvoldoende om de financiële risico’s op te vangen. In het accountantsverslag bij de jaarrekening 2024 adviseert de accountant de FUMO tijdig het gesprek aan te gaan met de deelnemers over de financiële situatie en de gevolgen voor het weerstandsvermogen, en om te komen tot een structurele oplossing voor het herstel van de financiële positie. In de visie op een robuuste FUMO wordt dit meegenomen. 1.2

De productiviteitsnorm is het grootste financiële risico

De productiviteitsnorm bedraagt vanaf 2022 1.360 uur per fte. In 2024 is de norm niet gehaald en de verwachting is dat de norm ook in 2025 niet wordt gehaald. Het DB vindt het op dit moment niet nodig de norm naar beneden toe bij te stellen. De verwachting van het DB is dat de norm in de toekomst weer gehaald gaat worden. Kanttekeningen 1.1

Ontwikkelingen kunnen in de toekomst leiden tot een begrotingswijziging.

In de begroting wordt aangegeven dat er aantal ontwikkelingen zijn die kunnen leiden tot een wijziging van de begroting, namelijk: • Onderzoek robuuste FUMO De FUMO wil zich graag door ontwikkelen naar een toekomstbestendige en robuuste organisatie. Het grootste deel van de uitzettingen die eerder waren opgenomen in de begroting waren er ook op gebaseerd om dit mogelijk te maken. Een gedeeld beeld over wat de FUMO robuust maakt ontbreekt en er is geen overeenstemming over toerekening van collectieve, basis- en plustaken. Daarom heeft het AB besloten tot een verdiepend onderzoek naar een gezamenlijke en gedragen visie/plan voor een robuuste FUMO. Het streven is om de uitkomsten in het najaar van 2025 beschikbaar te hebben. Eventuele noodzakelijke aanpassingen worden meegenomen in de begroting 2027. De uitkomsten van het onderzoek kunnen ook nog leiden tot een begrotingswijziging voor 2026. • Reparatie weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is ontoereikend om de financiële risico’s op te vangen. Om het weerstandsvermogen op peil te houden is het negatieve resultaat over 2024 in rekening gebracht bij de deelnemers. De verwachting is dat het tekort in 2025 fors zal oplopen. De FUMO geeft aan dat naar alle waarschijnlijkheid met een aanvullende bijdrage van de deelnemers het weerstandsvermogen wordt gerepareerd.

Communicatie en participatie Boodschap

Doelgroep

Via welk middel

Door wie

Wanneer

Wij dienen een zienswijze in op de ontwerpbegroting

Dagelijks Bestuur FUMO

Brief

2026.

Gemeenteraad

Na besluitvorming raad op 16 oktober 2025

Financiën De bijdrage van Heerenveen stijgt in 2026 4,5% ten opzichte van 2025. Dit is het gevolg van het hogere uurtarief door indexering. De verhoging van € 38.000 wordt meegenomen in onze eigen begroting voor 2026.

Bijlagen Aanbiedingsbrief ontwerpbegroting 2026 FUMO. Ontwerpbegroting 2026 FUMO. Amendement AB FUMO 10 juli 2025. Uitslag stemming amendement AB FUMO 10 juli 2025. Conceptbrief gemeenteraad Heerenveen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=71af6cd9-106e-407b-812d-cca60cc62d76