CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbrief aanscherping raadsvoorstel versie college 10 juni 2021

Raadsvergadering 9 september 2021, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Strategie Realiseren Taakstelling Jeugd2.821 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

De gemeenteraad

uw brief van:

ons kenmerk:

bijlage(n): 2

datum: 15 juni 2021

Onderwerp: aanscherping raadsvoorstel ‘Strategie realiseren taakstelling jeugd’

Beste Raad, Tijdens de commissievergadering van 31 mei heeft u gevraagd om een aanscherping van het raadsvoorstel ‘Strategie realiseren taakstelling jeugd’. U vroeg ons in te gaan op de volgend onderwerpen: 1. De gevolgen van de uitspraak van de arbitragecommissie 2. De aard van het onderzoek in spoor 2 en dan met name de wijze waarop de rechtmatigheid van de maatregelen een plek in krijgt. 3. De wisselwerking tussen het transformatiespoor en het kostenbesparingsspoor 4. Monitoring Hieronder gaan we achtereenvolgens in op deze onderwerpen. Eerst schetsen we echter de context van het raadsvoorstel en het besluit dat u gevraagd wordt te nemen. Context: perspectiefnota Het raadsvoorstel is geschreven binnen de context van de perspectiefnota. In de perspectiefnota stellen we u voor om een taakstelling van 1,5 miljoen op het taakveld jeugd op te leggen (ingaande vanaf 2024 oftewel: de uitgaven voor het taakveld jeugd liggen in 2024 1,5 miljoen lager dan de raming in de Pnota voor 2022). Dit voorstel maakt deel uit van een breed pakket aan maatregelen om de financiën van onze gemeente op orde te brengen. Ook hebben wij ervoor gekozen om de begroting nog niet voor alle jaarschijven structureel sluitend te maken. De omvang van het tekort op de begroting bedraagt circa 1,5 miljoen euro.

Op deze manier geven we net als in voorgaande jaren blijvend een signaal af aan het rijk: we kunnen onze wettelijke taken in het sociaal domein onmogelijk uitvoeren met het budget dat ons ter beschikking wordt gesteld. Gevraagd besluit In geval u besluit deze taakstelling op te leggen, vragen wij u in te stemmen met de strategie om deze taakstelling te realiseren. Deze strategie is beschreven in het raadsvoorstel ‘Strategie realiseren taakstelling jeugd’ en bestaat uit twee sporen: a. Het opstellen van een lokaal transformatieakkoord, samen met partners in het veld. b. Het uitvoeren van een onderzoek naar de mogelijkheden van kostenbesparende maatregelen.

1

Aan het opstellen van het transformatieakkoord en aan het uitvoeren van het onderzoek zijn kosten verbonden. Een gedragen transformatieakkoord komt alleen tot stand na een intensief proces van dialoog met onze partners. Het ontwerpen, begeleiden en uitvoeren van een dergelijk proces is dermate arbeidsintensief dat dit door onze eigen mensen er niet ‘zomaar’ bij gedaan kan worden. Extra formatie is noodzakelijk, naast de kosten voor facilitaire zaken. We schatten de kosten van het transformatiespoor op € 190.000. Het onderzoek naar kostenbesparende maatregelen besteden we uit. De kosten hiervan worden geschat op € 35.000. Indien u instemt met de strategie, wordt u gevraagd ook in te stemmen met het beschikbaar stellen van de middelen die noodzakelijk zijn om uw besluit uit te voeren. Indien u er voor kiest geen middelen beschikbaar te stellen voor het transformatiespoor en het onderzoek naar de kostenbesparende maatregelen, kunnen deze sporen niet worden uitgevoerd. Dit zal dit effect hebben op de financiële uitkomsten van de perspectiefnota. Een alternatief pakket van ombuigingen zal dan nodig zijn. Noodzaak van de taakstelling: arbitragecommissie Op 28 mei heeft de arbitragecommissie onder leiding van Richard van Zwol uitspraak gedaan in het geschil tussen de VNG en het rijk over de jeugdzorg.

Deze uitspraak houdt in dat het rijk gemeenten dient te compenseren voor het feitelijke tekort voor de jeugdzorg. Indien het rijk deze uitspraak overneemt, ziet het financiële perspectief er anders uit. U zou dan bijvoorbeeld kunnen besluiten om geen kostenbesparende maatregelen te treffen of om een sluitende begroting in te dienen. Op 3 juni heeft het kabinet bekend gemaakt dat het in 2022 €1,314 miljard extra beschikbaar stelt aan gemeenten voor de tekorten vanwege de jeugdzorg. Dat komt bovenop de eerder toegezegde € 300 miljoen. Hier zijn wij erg blij mee. Echter: er is nog geen zekerheid over structurele middelen. Hierover zal het nieuwe kabinet beslissen. Daarbij moet bedacht worden dat de uitspraak van de arbitragecommissie een semibindend karakter heeft. Het laat dus ruimte aan het nieuwe kabinet om er geen – of slechts deels - opvolging aan te geven. Zelfs als het nieuwe kabinet zou besluiten om het door de arbitragecommissie genoemde bedrag volledig en structureel beschikbaar te stellen aan gemeenten, is het nog onduidelijk welk aandeel daarvan voor de gemeente Heerenveen beschikbaar zal zijn en welke voorwaarden het rijk daar aan verbindt. Het is onbekend op welke termijn het nieuwe kabinet aantreedt.

Ondertussen dienen wij onze volgende meerjarenbegroting op te stellen en aan de provinciale toezichthouder te onderbouwen hoe Heerenveen uitvoering geeft aan deze taakstelling. Omdat we niet weten of en hoeveel geld voor Heerenveen beschikbaar komt (en onder welke voorwaarden), achten wij het van belang ons voor te bereiden op een scenario waarin de financiële compensatie van het rijk niet voldoende is voor de uitvoering van onze taken. Het kostenbesparingsspoor In het kostenbesparingsspoor verrichten we onderzoek naar de mogelijkheden om te komen tot kostenbesparende maatregelen. Ook maatregelen die de efficiëntie vergroten maken hier deel van uit. Deze maatregelen moeten vanaf 2024 financieel effect sorteren. Zoals aangegeven in raadsvoorstel, heeft de gemeente binnen de Jeugdwet weinig mogelijkheden om te sturen op de kostenontwikkeling. Gemeenten hebben volgens de Jeugdwet weliswaar beleidsvrijheid, maar in de praktijk is deze beperk door onder andere de jeugdhulpplicht en externe verwijzers. Bovendien ligt de keuze of het ‘goed genoeg’ gaat met een kind uiteindelijk bij de professional. Zij zijn naar de aard van hun

2

professionele achtergrond en vanwege hun intrinsieke motivatie vooral gericht op het bieden van hulp en ondersteuning. Desalniettemin hebben we de afgelopen jaren veel maatregelen getroffen om grip te krijgen op kostenontwikkeling van de jeugdhulp. Daarbij hebben we prioriteit gegeven aan de maatregelen met relatief weinig maatschappelijke impact. De mogelijkheden die wij op dit moment nog zien, hebben allen grote impact. Een inventarisatie hiervan staat in bijlage 2 van het raadsvoorstel. We hebben de mogelijke maatregelen op inhoud in drie scenario’s geclusterd. De volgorde waarin ze gepresenteerd zijn, is volstrekt willekeurig. De maatregelen kennen juridische bezwaren en/of hebben gevolgen voor de kwaliteit van de dienstverlening van inwoners. Ook zijn de financiële opbrengsten op langere termijn onzeker. Het is mede daarom ook dat we deze maatregelen liever niet zouden invoeren. De impact van de kosten voor jeugd op onze financiën is echter dermate groot dat pijnlijke keuzes onvermijdelijk zijn. Daarbij is het niet onze intentie om over te gaan tot maatregelen die evident juridisch onhaalbaar zijn. Wel denken we dat het noodzakelijk is om te onderzoeken hoeveel interpretatieruimte de wet biedt (zie tekstkader) en daar de randen van op te zoeken. De omvang van het tekort laat ons namelijk geen andere weg.

Dat is ook de reden dat we op voorhand geen maatregelen willen uitsluiten. Ook niet de maatregelen in de bijlage 2, ook al leert onze eerste analyse dat deze juridisch kwetsbaar zijn. We willen ook niet onnodig overgaan tot dergelijke ingrijpende maatregelen. Daarom stellen we u voor een extern onderzoek uit te laten voeren. Een externe blik kan ons wijzen op mogelijkheden die we zelf niet (meer) zien. Het onderzoek moet antwoord geven op de volgende vragen: a. Welke andere maatregelen zijn mogelijk om de kosten binnen het jeugddomein te reduceren (naast de maatregelen uit bijlage 2 van het raadsvoorstel)? b. Wat zijn de juridische mogelijkheden van de maatregelen onder a. en van de maatregelen uit bijlage 2 van het raadsvoorstel? Hierbij is zoals gezegd nadrukkelijk aandacht voor de interpretatieruimte binnen de wet (zie vorige alinea). c. Wat zijn de verwachte financiële opbrengsten van de maatregelen onder a. en van de maatregelen uit bijlage 2 van het raadsvoorstel? Het resultaat van dit onderzoek is een overzicht op van mogelijke kostenbesparende maatregelen, die ieder ze op zijn merites zijn beoordeeld en van pro’s en contra’s voorzien1. Op basis daarvan beslist u als raad welke van de maatregelen in uitvoering worden genomen – en welke niet.

Dat bij deze keuze niet alleen de juridische mogelijkheden, maar ook de politieke en publieke opinie nog een rol spelen, staat buiten kijf. Immers op het gebied van jeugdhulp worden maatschappelijk weinig verschillen geaccepteerd.

1

Zoals vermeld in het raadsvoorstel is een betrouwbare inschatting van de financiële effecten slechts beperkt mogelijk. Ook de omvang van het gevraagde budget (€ 35.000) maakt dat de vragen b en c alleen op hoofdlijnen kunnen worden beantwoord

3

Interpretatieruimte binnen de Jeugdwet In de Jeugdwet heeft de gemeente de verantwoordelijkheid voor preventie, ondersteuning, hulp en zorg aan jeugdigen en ouders bij opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen. Het is niet duidelijk hoe breed deze verantwoordelijkheid ingevuld dient te worden: gemeenten hebben een jeugdhulpplicht maar de Jeugdwet geeft weinig handvatten over een afbakening van wat daar wel en niet onder valt. Een belangrijke vraag is dus hoe breed of smal de Jeugdwet moet zijn. Die discussie zal de komende jaren vast gaan plaatsvinden en wellicht uitmonden in een wijziging van de Jeugdwet.

Wisselwerking tussen het transformatiespoor en het kostenbesparingsspoor Een cruciale succesfactor voor het welslagen van het transformatiespoor is het vertrouwen van partners in de gemeente (en tussen partners onderling). Dit vertrouwen kan onder druk komen te staan wanneer we kostenbesparende maatregelen invoeren met grote maatschappelijke impact en/of waarvan de juridische houdbaarheid kwetsbaar is. Zelfs het inventariseren van deze maatregelen kan het vertrouwen onder druk zetten. Het is daarom van groot belang dat we binnen het transformatiespoor transparant zijn over het bestaan van het kostenbesparingsspoor. We moeten onze partners nauwkeurig op de hoogte houden van de stand van zaken binnen dit spoor, zowel qua inhoud (welke maatregelen worden onderzocht? Wat is de uitkomst van het onderzoek?) als qua proces (waar in het besluitvormingsproces zitten we?). Tevens moeten we de partners de kans geven om feedback te geven op de inhoud van het kostenbesparingsspoor. Door maximale transparantie zal het vertrouwen van onze partners zo min mogelijk onder druk komen te staan. De financiële tekorten zijn een belangrijke aanleiding voor het starten van het transformatiespoor. Aan het transformatiespoor is daarom de ambitie verbonden om de trend van stijgende kosten te keren en daar bovenop – indien mogelijk – een kostenbesparing te realiseren.

Dit betekent dat we in het transformatiespoor nadrukkelijk op zoek gaan naar maatregelen die kunnen bijdragen aan kostenvermindering. Tot slot willen we hier benadrukken dat het transformatiespoor zeker niet alleen gericht is op financiële opbrengsten. Het transformatiespoor moet leiden tot een sterke coalitie van partners die (met elkaar en met ouders) samenwerken vanuit een gezamenlijke missie en visie. Deze gezamenlijke missie en visie maakt het mogelijk veel gerichter te kiezen voor maatregelen en om te komen tot meer samenhang tussen de acties van alle partners. Wij verwachten dat we op deze manier ook een betere werking van het stelsel als geheel kunnen realiseren. Voor een toelichting hierop verwijzen we u naar pagina 1 van de bestuursopdracht. Monitor U heeft informatie nodig om te kunnen sturen in het jeugdbeleid. Wij hebben de beschikking over een enorme hoeveelheid van gegevens met betrekking tot het jeugdbeleid, zowel financieel als inhoudelijk. Daarnaast gaat u te rade bij inwoners en maatschappelijke partners. Zij voorzien u van meer kwalitatieve informatie over de uitkomsten van ons beleid. De vraag is: hoe selecteren we uit alle beschikbare informatie precies díe informatie die u nodig heeft om te kunnen sturen? Anders gezegd: hoe ziet de monitor er uit? We hebben elkaar hier al vaker over gesproken.

Aan deze vraag gaat echter een aantal vragen vooraf, zoals: Wat is de achterliggende bedoeling van het jeugdbeleid (welke ‘waarde’ wil u met het jeugdbeleid toevoegen aan de samenleving?). Voor welke opgaven staan we als we deze bedoeling willen (blijven)

4

realiseren? Welke resultaten wil u de komende tijd bereiken? Welke rol kent u de gemeente toe? Welke invloed heeft de gemeente eigenlijk op het bereiken van de gewenste resultaten? Waar wil u als gemeenteraad op sturen? Anders gezegd: wat is uw visie op het jeugdbeleid? Alleen op basis van een heldere visie is het mogelijk een goede selectie maken van de gegevens die worden opgenomen in de monitor (kwantitatief en kwalitatief). Op initiatief van de griffie kunt u begeleiding krijgen bij het beantwoorden van deze vragen. De gemeente Heerenveen heeft namelijk de mogelijkheid deel te nemen aan een pilot van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). In deze pilot wordt u begeleid om te komen tot een goede visie en om te bepalen welke gegevens u nodig heeft om te kunnen sturen in het jeugdbeleid. De pilot zal nauw verweven zijn met het transformatiespoor. Sterker nog, de pilot kan worden gezien als onderdeel van én als uitbreiding van het transformatiespoor. Het is een onderdeel van de transformatie-aanpak, omdat het komen tot een gezamenlijk gedragen visie (begrensde bedoeling, leidende principes en benoemen van de opgaven) expliciet onderdeel is van het transformatiespoor. Omdat het van belang is dat u als raad de gezamenlijke visie onderschrijft, heeft u een belangrijke rol in het komen tot een visie.

In de praktijk zien wij de volgende wisselwerking voor ons: eerst formuleert u – onder begeleiding van BZK - een conceptvisie (zie hiervoor ook het concept procesplan in de bijlage bij deze brief). Deze vormt de input voor de gesprekken met de maatschappelijke partners. In dat gesprek toetsen we het draagvlak en scherpen we de visie waar nodig aan. Uiteindelijk is het de bedoeling dat de visie zowel door u als door de partners onderschreven wordt. De visie maakt immers deel uit van het akkoord waar partners én gemeente zich aan committeren. De pilot is een uitbreiding van het transformatiespoor op het gebied van monitoring. Binnen de pilot wordt u begeleid om te achterhalen welke informatie u nodig heeft om uw kaderstellende en controlerende rol goed te kunnen vervullen – en dus om te kunnen sturen binnen het jeugdbeleid. Schematisch:

Monitor sociaal domein Los van deze pilot en los van het transformatiespoor is binnen de gemeente onlangs een project gestart waarin we de bestaande wijze van monitoring en verantwoording tegen het licht houden. We brengen de huidige situatie in beeld en werken toe naar een gewenste situatie van monitoring. De focus ligt daarbij op de kwantitatieve monitoring

5

binnen het gehele sociale domein, dus ook voor de Wmo en Participatiewet. De opbrengsten van dit traject en van de pilot zullen gecombineerd worden in uiteindelijk één goede monitor voor het sociaal domein. Wijziging van de planning In de commissie van 31 mei zijn – terecht – vragen gesteld over de rol van monitoring in het transformatiespoor. Wij realiseren ons dat het van belang is dat u ruim voldoende tijd heeft om uw (concept)visie op het jeugdbeleid te formuleren. Daarnaast realiseren we ons dat het goed zou zijn als deze visie een bepaalde mate van scherpte kent. Deze scherpte zal ons helpen om overeenstemming te bereiken over een visie die niet alleen gedragen wordt door de partners in het veld, maar die ook richtinggevend is voor de maatregelen die we de komende tijd treffen. We stellen daarom voor om – voorafgaand aan de gesprekken met partners - extra tijd uit te trekken. Deze tijd kunt u benutten om een goede conceptvisie te formuleren. We zouden hier de maanden september en oktober volledig voor kunnen reserveren. Pas na vaststelling van deze conceptvisie gaan we inhoudelijk in gesprek met onze partners2. Als u zich hier in kunt vinden, zal het transformatie-akkoord iets later klaar zijn (naar verwachting in juli). In de bijlage bij deze brief ontvangt u daarom een aangepaste Bestuursopdracht.

Ten opzichte van de versie die u besprak op 31 mei, is alleen de opleverdatum aangepast. Indien u bereid en in staat bent om de maanden september en oktober vrij te maken, zal de vertraging een maand bedragen. Dit zal inhoudelijk geen grote consequenties hebben. In beide gevallen zal de uitvoering van het akkoord voornamelijk na de zomervakantie van 2022 starten. We vragen u de oude versie van de bestuursopdracht te vervangen door bijgevoegde versie en over deze versie een besluit te nemen. Procesplan Ter kennisname sturen wij u het conceptprocesplan voor de uitvoering van de bestuursopdracht (bijlage 2 bij deze brief). Hierin kunt u meer lezen over de processtappen die we zullen zetten om te komen tot een lokaal transformatie-akkoord, welke rol u als raad heeft in elke fase van het proces en wat de planning is. Tevens vindt u in het procesplan een beschrijving van de projectstructuur en een uitsplitsing van de begroting. Hoe nu verder We vertrouwen er op dat deze brief u de aanscherping biedt die u nodig heeft voor een zorgvuldig besluit. Wij verzoeken u om het raadsvoorstel – met de aangepaste bijlage 1 zo spoedig mogelijk te behandelen. Ook om te voorkomen dat er verdere vertraging optreedt in het proces van transformatie en kostenbeheersing. Bel gerust als u vragen heeft Heeft u vragen over deze brief? Neem dan contact op met door te bellen naar 14 05 13.

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Heerenveen. De gemeentesecretaris, De burgemeester,

Jeroen van Leeuwestijn

Tjeerd van der Zwan

2

Inventariserende gesprekken (waarin we het draagvlak voor een dergelijk proces toetsen), zullen wel in september en oktober plaatsvinden.

6

{{Signer1}} {{Signer2}}

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=ba308f26-d90e-4d47-ad4a-cad19496ce41