CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Leeswijzer raad begroting 2024 DEF

Raadsvergadering 9 november 2023, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Begroting 2024947 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

De onlangs vastgestelde financiele verordening en de implementatie van de transities en focusonderwerpen zorgen er voor dat de begroting 2024 er anders uitziet dan het voorgaande jaar. Door middel van deze leeswijzer lichten wij dit toe. Tot slot komen wij kort terug op het financieel perspectief. Transities en focusonderwerpen De doelen uit het MJP Deel 1 en de hiervoor beschikbaar gestelde middelen in MJP deel 2 zijn apart zichtbaar gemaakt. Deze worden toegelicht voorafgaand aan de themabegroting. In de themabegroting zijn de hieraan gekoppelde inspanningen en middelen verder uitgewerkt. Dat geldt ook voor de onderwerpen die geen deel uit maken van de transities en focusonderwerpen. Hiermee geven we invulling aan het doel uit het verbetertraject P&C om meer verbinding tussen de doelen en middelen aan te brengen. Impact financiele verordening Om u beter in staat te stellen te sturen op doelen is de financiele verordening aangepast. In plaats van sturing op thema’s en producten werken we vanaf de begroting 2024 met thema’s en taakvelden. In de begroting 2024 hebben wij daarom ook de vergelijkende cijfers over 2023 in dezelfde opzet gepresenteerd. Dit zorgt ervoor dat de vergelijking met het voorgaande jaar minder eenvoudig is. Budgetten die in 2023 onder 1 product werden gepresenteerd zijn nu mogelijk verdeeld over verschillende taakvelden.

Uw sturende rol wordt hiermee echter wel vergroot. Als gevolg van de overgang naar taakvelden in plaats van producten is ook de toerekening van personele kosten gewijzigd. Deze kosten hebben wij op een reele wijze toegerekend aan de verschillende taakvelden. Dit zorgt ervoor dat aan het ene taakveld minder personele kosten zijn toegerekend ten opzichte van 2023 en aan het andere taakveld juist meer. Gewijzigde thema-indeling Naast de wijziging van producten naar taakvelden kennen we ook een andere themaindeling. Er is sprake van een viertal hoofdthema’s. We kennen daarnaast ook een viertal ‘subthema’s’. Wet- en regelgeving verplicht ons de onderwerpen onvoorzien, overhead, algemene middelen en de vennootschapsbelasting apart en zichtbaar in de begroting te presenteren.

In de bovenstaande afbeelding is zichtbaar gemaakt welke oorzaken van invloed zijn op de wijziging in het budget tussen het begrotingsjaar 2023 en 2024 en daarna. Actualisatie toerekening kosten Zoals hiervoor is toegelicht zorgt de actualisatie van de toerekening van personele kosten voor een verschuiving tussen de taakvelden. Er is dus niet sprake van meer personele kosten, anders dan waar u specifiek over heeft besloten, maar verschuivingen binnen het totaal van middelen in de begroting. Budgetmutaties In het MJP deel 2 heeft u voor diverse onderwerpen extra middelen beschikbaar gesteld. Hierdoor neemt het budget ten opzichte van het begrotingsjaar 2023 toe. Indien u in 2023 eenmalige middelen beschikbaar heeft gesteld in bijvoorbeeld het verzamelbesluit kan het zijn dat een budget in 2024 lager uitvalt dan over 2023. Technische mutaties Naast de specifieke budgetmutaties is er ook sprake van technische mutaties. Dit zijn mutaties die betrekking hebben op veelal de gehele begroting. Voorbeelden hiervan zijn de indexatie en actualisatie van de investeringsplaning. In het MJP deel 2 heeft u besloten de indexatie over 2023 in de begroting 2024 aan te passen. Dit geldt niet voor alle budgetten. In de begroting 2023 heeft u voor bijvoorbeeld gesubsidieerde partijen een andere indexatie toegepast. Hierdoor verschilt het effect van de indexatie per taakveld.

Naast deze correctie van de indexatie over 2023 hebben wij ook de indexatie voor 2024 opnieuw vastgesteld. Dit is toegepast op al daarvoor relevante uitgaven en inkomsten.

In bovenstaande voorbeeld laten we zien op welke wijze de hiervoor genoemde oorzaken zich financieel vertalen in het taakveld 6.71A. Voorheen maakte dit taakveld onderdeel uit van het product WMO. In de nieuwe opzet zijn daar meerdere taakvelden voor in de plaats gekomen en heeft bijvoorbeeld Huishoudelijke Hulp een apart taakveld gekregen. Wat opvalt in bovenstaande voorbeeld is dat met name de toerekening van personele kosten het budget flink verlagen. In de begroting 2023 werden alle personele kosten aan het product WMO toegerekend. Nu verdelen we dat specifiek over alle taakvelden.

Voor dit taakveld heeft u niet, in bijvoorbeeld de begroting 2023 of het MJP deel 2, extra middelen beschikbaar gesteld. Wel is het budget toegenomen als gevolg van indexatie en de actualisatie van de toerekening van kosten. Op dit taakveld zijn de personele kosten juist toegenomen omdat we de personele kosten reëler hebben toegerekend. Dit laat zien dat de personele kosten zijn verschoven en niet zijn toegenomen.

Het financieel perspectief van de gemeente laat een sluitende begroting voor 2024 zien. De jaren daarna loopt het tekort op naar circa € 11 miljoen. Naast het begrotingssaldo zijn er andere indicatoren die een trend laten zien die herstel van de financiële positie vraagt. De nettoschuldquote geeft de verhouding weer tussen de inkomsten van de gemeente en de omvang van onze schulden. Vanaf 2027 zijn onze schulden circa 15% hoger dan het totaal van onze inkomsten. Het is belangrijk deze trend te doorbreken voordat de kritische grens van 130% wordt bereikt. Hoe groter de omvang van onze schulden, hoe meer de rentelast op ons begrotingssaldo drukt en waarvoor geen andere uitgaven gedaan kunnen worden. De huidige investeringsplanning vraagt ons extra leningen aan te trekken om deze te financieren. De solvabiliteit geeft de verhouding weer tussen ons eigen vermogen en ons totaal vermogen op de balans. Vanaf 2027 bedraagt het eigen vermogen 7% van het totaal vermogen. Dit betekent dat 93% van onze bezittingen gefinancierd is met schulden. Oorzaak hiervan is de afname van de algemene reserve en de verwachte toename van onze leningportefeuille. De ratio weerstandsvermogen valt binnen dit meerjarenperspectief binnen de door u vastgestelde bandbreedte. Het is echter belangrijk de trend hiervan te doorbreken en deze ratio te stabiliseren.

De ratio neemt af door de al eerder genoemde lagere algemene reserve.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=44ce42d2-1e8e-41ac-9833-a7ee5b8b3991