Bijlage 4. Was-wordt - Financiele verordening gemeente Heerenveen 2024
Tekst van het document
Financiële verordening 2022 (OUD) Artikel 1. Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder…
Financiële verordening 2024 (NIEUW) Artikel 1. Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder…
Artikel 2. Thema-indeling Artikel 2. Thema-indeling 1. De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode de thema-indeling en de producten 1. De raad stelt op voorstel van burgemeester en wethouders de thema-indeling en de per thema voor die raadsperiode vast. taakvelden per thema vast. 2. Het voorstel van het college bevat ten minste de verplichte beleidsindicatoren, bedoeld 2. De raad stelt op voorstel van burgemeester en wethouders per thema de in artikel 25, tweede lid, onder a, van het Besluit begroting en verantwoording provincies beleidsindicatoren vast. Het voorstel van burgemeester en wethouders bevat ten minste de en gemeenten. De raad kan op voorstel van het college per thema aanvullende relevante verplichte beleidsindicatoren, bedoeld in artikel 25, tweede lid, onder a, van het Besluit indicatoren vaststellen. begroting en verantwoording provincies en gemeenten. 3. Bij aanvang van iedere raadsperiode wordt door de raad vastgesteld over welke onderwerpen in extra paragrafen naast de verplichte paragrafen in de begroting en rekening kaders moet worden gerapporteerd.
Toelichting. Aanvullende en/of vervallen opties (initeel niet meegenomen) De begripsbepalingen in de Financiële verordening gemeente Niet van toepassing Heerenveen 2024 zijn ten opzichte van de Financiële verordening gemeente Heerenveen 2022 aangepast een waar nodig aangevuld. Optionele bepalingen Ten opzichte van de Financiële verordening gemeente x. De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode een Heerenveen 2022 is in artikel 2 lid 1 de bepaling dat de raad iedere raadsperiode de thema-indeling opnieuw vaststelt komen nadere onderverdeling van de programma’s/thema's vast te vervallen. De mogelijkheid voor de raad om de thema-indeling [optioneel]. aan te passen blijft uiteraard bestaan, alleen is dit meer x. De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode vast standaard bij de aanvang van een nieuwe raadsperiode. Deze over welke onderwerpen hij in extra paragrafen naast de werkwijze sluit beter aan bij de praktijk aangezien niet iedere verplichte paragrafen van de begroting en de jaarstukken nieuwe raadsperiode de thema-indeling wordt aangepast. kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd [optioneel]. Daarnaast is in de nieuwe verordening bepaalt dat de raad de taakvelden per thema vaststelt in plaats van de producten per thema.
Het gebruiken van taakvelden in plaats van producten komt de onderlinge samenhang tussen thema’s en vergelijkbaarheid met andere gemeenten ten goede. Lid 3 van de Financiële verordening gemeente Heerenveen 2022 is komen te vervallen, aangezien de raad sowieso kan besluiten om op bepaalde onderwerpen extra te worden geïnformeerd.
Artikel 3. Inrichting themabegroting en jaarstukken 1. In de begroting en de jaarrekening worden de lasten en baten per thema en product weergegeven. 2. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het krediet in het lopende boekjaar weergegeven. 3. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in begroting wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitaties. 4. In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten per einde jaar weergegeven en wordt aangegeven of het krediet afgesloten kan worden. 5. In de jaarstukken worden alleen de afwijkingen groter dan € 50.000 per product op lasten en baten toegelicht [verplaatst]. 6. In de begroting en de jaarstukken wordt inzage gegeven in de incidentele lasten en baten. In het overzicht worden lasten en baten vanaf € 50.000 toegelicht.
Artikel 3. Inrichting themabegroting en themarekening Lid 1 tot en met 4 zijn aangepast aan het nieuwe uitgangspunt 1. In de themabegroting en de themarekening worden de lasten en baten per thema en om te rapporteren op thema en taakvelden in plaats van thema taakveld weergegeven. en producten. Lid 5 is toegevoegd op basis van het advies van 2. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de themabegroting wordt van de nieuwe de commissie BBV om in de financiële verordening een investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van grensbedrag op te nemen waarboven de incidentele bedragen de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de afzonderlijk moeten worden gespecificeerd. In dit artikel is het uitputting van het krediet in het lopende boekjaar weergegeven. grensbedrag bepaald op € 100.000. 3. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de themabegroting wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording Lid 5 van de Financiële verordening gemeente Heerenveen 2022 provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg is verplaatst naar artikel 7 van de Financiële verordening van de themabegroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitaties. gemeente Heerenveen 2024. 4.
In de themarekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven. 5. In het overzicht van de incidentele baten en lasten per thema worden alleen posten vanaf € 100.000 afzonderlijk gespecificeerd en toegelicht.
Artikel 4. Kaders begroting 1. Het college biedt jaarlijks voor 1 juli aan de raad een Perspectiefnota aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De raad stelt deze nota voor 15 juli vast. 2. In de perspectiefnota en de begroting worden de mutaties toegelicht. Mutaties structureel en incidenteel zullen vanaf € 50.000 worden toegelicht.
Artikel 4. Kaders themabegroting Burgemeester en wethouders bieden voor 1 juli aan de raad een nota aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de themabegroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De raad stelt deze nota voor 15 juli vast.
Optionele bepalingen x. In aanvulling op het bepaalde in de artikelen 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitatie. [optioneel].
Ten opzichte van de Financiële verordening gemeente Optionele bepalingen Heerenveen 2022 is de titel van het artikel veranderd. Lid 2 van x. In de begroting wordt een post onvoorzien van [[bedrag] de Financiële verordening gemeente Heerenveen 2022 is OF [percentage van de totale lasten]] opgenomen. vervallen aangezien dit in beginsel geregeld wordt in artikel 5 bij de autorisatie van de begroting en investeringskredieten.
Financiële verordening 2022 Financiële verordening 2024 Toelichting. Aanvullende en/of vervallen opties (OUD) (NIEUW) (initeel niet meegenomen) Artikel 5. Autorisatie begroting en investeringskredieten Artikel 5. Autorisatie begroting en investeringskredieten Lid 1 is aangepast aan het nieuwe uitgangspunt om de begroting Optionele bepalingen 1. De raad autoriseert met het vaststellen van de themabegroting de baten en de lasten per op het niveau van taakvelden (als onderdeel van de thema) te x. In afwijking van het eerste lid kan de raad een activiteit 1. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per autoriseren in plaats van op het niveau van thema. Dit is gedaan welke onderdeel is van een [thema], als prioriteit aanwijzen taakveld. thema. om meer invulling te kunnen geven aan het budgetrecht van de en daarvoor de baten en lasten apart autoriseren. 2. De nieuwe investeringen van de eerste jaarschijf van de investeringsplanning worden bij 2. Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe investeringen hij op raad aangezien anders alleen afwijkingen op themaniveau de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de themabegroting beschikbaar gesteld. een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil toegelicht zouden worden. Lid 2 is tekstueel aangepast. Lid 3 is x.
Bij investeringen met een meerjarig karakter stellen 3. Bij de behandeling van de verzamelbesluiten financiële mutaties in de raad doet het ontvangen. De overige nieuwe investeringskredieten worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd. aangepast aangezien met ingang van 2024 niet meer gewerkt burgemeester en wethouders aan de raad voor op welke wijze college voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde budgetten en de 3. Burgemeester en wethouders informeren de raad als zij verwachten, dat de lasten van zal worden met verzamelbesluiten, maar met tussentijdse de jaarschijven binnen het investeringsbudget worden investeringskredieten. rapportages (zie artikel 6). Lid 5 en 6 zijn toegevoegd om opgebouwd. Goedkeuring voor verschuivingen tussen de een taakveld de geautoriseerde lasten dreigen te overschrijden, de investeringsuitgaven 4.
Voor een investering waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen van een investeringskrediet het geautoriseerde investeringskrediet dreigen te overschrijden, invulling te geven aan de wens van het college om voor kleine, jaarschijven van meer dan [bedrag] aan lasten van een een investeringsvoorstel met een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet of de baten van een taakveld de geautoriseerde baten dreigen te onderschrijden. De raad eenmalige aanpassingen in de budgetten van het lopende investeringsbudget worden aan de raad integraal voorgelegd aan de raad voor; geeft aan of hij een voorstel wil voor het wijzigen van de geautoriseerde lasten, voor het boekjaar op voorhand niet naar de raad te moeten alvorens bij de jaarrekening. 5. Onder het mandaat van het college vallen: verschuivingen tussen de jaarbedragen van wijzigen van het geautoriseerde investeringskrediet, of voor het bijstellen van het beleid. gestart kan worden met uitvoering. Deze wijzigingen worden, een investeringskrediet als gevolg van wijzigingen in de planning zijn toegestaan, mits de 4.
Bij de behandeling van de tussentijdse rapportages in de raad bedoeld in artikel 6, eerste gezien het budgetrecht van de raad, achteraf alsnog aan de raad investering conform de door de raad vastgestelde doelen en voorwaarden wordt lid, doet het college voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten, ter vaststelling aangeboden middels een tussentijdse gerealiseerd; en het totaal beschikbaar gestelde krediet niet wordt overschreden; en het het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten en het bijstellen van bestaand rapportage. moment van start afschrijving niet wijzigt [nieuw]; beleid. In geval van investeringen met een meerjarig karakter doet het college indien nodig 6. Als de investering niet binnen de oorspronkelijke planning kan worden gerealiseerd, ook bij iedere begroting op grond van geactualiseerde ramingen voorstellen voor het wordt de raad hier via de verzamelbesluiten of afzonderlijk raadsvoorstel over geïnformeerd wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten. met vermelding van een aangepaste planning [nieuw]. 5. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om incidentele begrotingswijzigingen tot € 50.000 door te voeren. Deze wijzigingen worden achteraf door middel van de eerst volgende tussentijdse rapportage aan de raad ter autorisatie voorgelegd.
Begrotingswijzigingen met een structureel effect of begrotingswijzigingen met een incidenteel effect groter dan € 50.000 worden vooraf en met een toelichting aan de raad ter autorisatie aangeboden. 6. Voor investeringen tot € 100.000 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de themabegroting is geautoriseerd, wordt de beschikbaarstelling van het krediet en de bijbehorende begrotingswijziging achteraf door middel van de eerstvolgende tussentijdse rapportage aan de raad ter autorisatie voorgelegd. Voor investeringen groter dan € 100.000 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een voorstel voor het autoriseren van een investeringskrediet aan de raad 6. voor. Met ingang van 2024 zal er niet meer gewerkt worden met Niet van toepassing. Artikel Tussentijdse rapportages Artikel 6. Tussentijdse rapportages verzamelbesluiten, maar met een voorjaarsrapportage, 1. Burgemeester en wethouders informeren de raad door middel van een voorjaars- en 1. Het college informeert de raad elk kwartaal middels een Verzamelbesluit financiële najaarsrapportage en decemberrapportage.
Het artikel is hierop najaarsrapportage over de realisatie van de begroting van de gemeente over de eerste 4 mutaties om (dreigende) over- en onderschrijdingen van de begroting te melden aangepast. Daarnaast is een splitsing aangebracht in de maanden en de eerste 8 maanden van het lopende boekjaar. [aangepast]. rapportagegrens van afwijkingen binnen de exploitatiebudgetten 2. Burgemeester en wethouders informeren de raad door middel van een 2. In de verzamelbesluiten worden afwijkingen in de geautoriseerde baten en lasten per en de afwijkingen op investeringskredieten. Lid 5 van de decemberrapportage ten minste over de mutaties met betrekking tot de circulaires thema en afwijkingen in geautoriseerde investeringskredieten groter dan € 50.000 Financiële verordening gemeente Heerenveen 2022 is komen te gemeentefonds en de budgetoverhevelingen van het lopende begrotingsjaar. toegelicht [nieuw]. vervallen. 3. Bij de behandeling van de verzamelbesluiten in de raad doet het college voorstellen voor 3. De indeling van de tussentijdse rapportages sluiten aan op de thema-indeling van de themabegroting en themarekening. het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten, het wijzigen van de geautoriseerde 4. In de tussentijdse rapportages worden de afwijkingen groter dan € 50.000 in de investeringskredieten en het bijstellen van bestaand beleid [nieuw].
geautoriseerde lasten en baten per taakveld toegelicht. 4. De indeling van de verzamelbesluiten sluit aan op de thema-indeling van de begroting 5. In de tussentijdse rapportages worden de afwijkingen groter dan € 100.000 in [nieuw]. geautoriseerde investeringskredieten toegelicht. 5. Voor voorstellen van nieuwe, niet in de begroting opgenomen, activiteiten is een afzonderlijk besluit van de raad noodzakelijk. Niet van toepassing.
Artikel 7. Themarekening 1. In de themarekening worden de afwijkingen groter dan € 50.000 in de geautoriseerde lasten en baten per taakveld toegelicht. 2. In de themarekening worden de afwijkingen groter dan € 100.000 in geautoriseerde investeringskredieten toegelicht. 3. Gelijktijdig met het aanbieden van de themarekening bieden burgemeester en wethouders de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat.
Artikel 7. EMU-saldo Artikel 8. EMU-saldo Wanneer het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel Als het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeert het college de raad of een aanpassing overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeren burgemeester en wethouders de raad van de themabegroting nodig is. Als het college een aanpassing nodig acht, doet het college of een aanpassing van de begroting nodig is. Als burgemeester en wethouders een een voorstel voor het wijzigen van de themabegroting. aanpassing nodig achten, doen burgemeester en wethouders een voorstel voor het wijzigen van de begroting. Artikel 8. Rechtmatigheidsverantwoording [nieuw] Artikel 9. Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording 1. Begrotingsonrechtmatigheden worden in de rechtmatigheidsverantwoording van de 1. In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteren burgemeester en jaarstukken opgenomen, waarbij alleen de begrotingsonrechtmatigheden groter dan € wethouders aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 1% van de 100.000 worden toegelicht.
totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves. 2. In afwijking van het eerste lid worden begrotingsonrechtmatigheden die binnen de 2. In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of vastgestelde beleidskaders van de raad passen niet nader toegelicht. onduidelijkheden) groter dan € 100.000 nader toegelicht. 3. De beleidskaders, zoals genoemd in het tweede lid, worden vastgelegd in het controle protocol. 4. Niet-financiële onrechtmatigheden worden opgenomen en toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering van de jaarstukken. 5. Met het vaststellen van de jaarstukken wordt door de raad ingestemd met alle begrotingsonrechtmatigheden zoals opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording van de jaarstukken.
Artikel is nieuw toegevoegd o.b.v. de meest recente modelverordening. Hiermee is bestaand beleid omtrent de themarekening vastgelegd.t laatste verzamelbesluit? Lid 2 dient hierop aangepast te worden.
Niet van toepassing.
Tekstuele aanpassing o.b.v. de meest recente modelverordening.
Niet van toepassing.
Artikel is nieuw toegevoegd o.b.v. de meest recente modelverordening. Dit artikel is toegevoegd in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording.
Optionele bepalingen x. De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid.
Financiële verordening 2022 (OUD) Niet van toepassing.
Financiële verordening 2024 Toelichting. (NIEUW) Artikel is nieuw toegevoegd o.b.v. de meest recente Artikel 10. Voorwaardencriterium 1. Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de modelverordening. Dit artikel is toegevoegd in het kader van de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De rechtmatigheidsverantwoording. eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. 2. Burgemeester en wethouders bieden de raad jaarlijks, doch uiterlijk op 31 december van het desbetreffende boekjaar, ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien.
Aanvullende en/of vervallen opties (initeel niet meegenomen) Optioneel - Toevoeging lid 2: [Burgemeester en wethouders operationaliseren dit normenkader in een toetsingskader ten behoeve van de interne beheersing.]
Niet van toepassing.
Artikel 11 Begrotingscriterium Artikel is nieuw toegevoegd o.b.v. de meest recente 1. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de modelverordening. Dit artikel is toegevoegd in het kader van de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie rechtmatigheidsverantwoording. en investeringskredieten en de hiermee samenhangende thema's, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; 2. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5. 3. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. 4. Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage. 5.
Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. 6.Met het vaststellen van de jaarstukken wordt door de raad ingestemd met alle begrotingsonrechtmatigheden zoals opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording van de jaarrekening.
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Artikel 12 Misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium 1. Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen. 2. Burgemeester en wethouders zorgen voor en leggen vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.
Artikel is nieuw toegevoegd o.b.v. de meest recente modelverordening. Dit artikel is toegevoegd in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording.
Niet van toepassing.
Artikel 13. Waardering en afschrijving vaste activa Artikel is aangepast op grond van het uitgangspunt om bij de Niet van toepassing. Artikel 9. Waardering en afschrijving vaste activa nieuwe financiële verordening bij dit soort artikelen consistent te 1. Immateriële en materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de methodiek en de 1. Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de 4 jaar een nota waardering en afschrijving vaste activa aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt in verwijzen naar de onderliggende beleidsnota's waarin de termijnen zoals vermeld in de bijlage afschrijvingsbeleid bij deze verordening. ieder geval: uitgangspunten staan opgenomen. Dit om de periodieke 2. Kosten voor het afsluiten van geldleningen worden direct ten laste van de exploitatie a. de afschrijvingsmethode en afschrijvingstermijn per categorie; aanpassing van de financiële verordening zoveel mogelijk te gebracht. b. het moment van starten met afschrijven; beperken. Deze beleidsnota's worden periodiek geactualiseerd 3. Een saldo voor agio of disagio wordt direct ten laste van de exploitatie gebracht. 4. Kosten voor onderzoek en ontwikkeling worden direct ten laste van de exploitatie c. de gebruiksduur per categorie kapitaalgoederen ofwel de afschrijvingstermijn; en moeten worden vastgesteld door de raad. gebracht [nieuw]. d. de componentenbenadering. 5.
In afwijking van het vierde lid worden kosten voor onderzoek en ontwikkeling 2. Burgemeester en wethouders bieden de raad jaarlijks een meerjareninvesteringsplan aan geactiveerd, mits de kosten betrekking hebben op voorbereidingskosten ten behoeve van als bijlage bij de begroting, waarbij inzicht wordt verschaft in de geplande investeringen en toekomstige grondexploitaties [nieuw]. de daarmee gepaard gaande kapitaallasten voor de komende meerjarenperiode. 6. Vaste activa worden alleen geactiveerd bij een verwachte gebruiksduur van minimaal drie jaar én een totale verkrijgingsprijs van meer dan € 10.000, uitgezonderd de gronden en terreinen; deze laatstgenoemden worden altijd geactiveerd [nieuw]. 7. Vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire afschrijvingsmethode waarbij geen rekening wordt gehouden met een restwaarde [nieuw]. 8. De afschrijving van activa start vanaf het boekjaar volgend op het jaar waarin het kapitaalgoed gereedkomt/verworven wordt, waarbij als uitgangspunt 1 januari van het jaar na gereedkomen/verwerving wordt genomen [nieuw]. 9. Voor de activa die niet genoemd zijn in de bijlage afschrijvingsbeleid en waarover twijfel is over de te hanteren afschrijvingstermijn, stelt het college de afschrijvingstermijn vast dat is gebaseerd op een realistische schatting van de gebruiksduur (economische levensduur) [nieuw].
Artikel 10. Voorziening voor oninbare vorderingen Voor openstaande publiekrechtelijke vorderingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van ervaringscijfers.
Artikel 14. Voorziening voor oninbare vorderingen Aanpassing van artikel naar de Heerenveense praktijk voor de 1. Voor publiekrechtelijke vorderingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd bepaling van de voorziening voor oninbare vorderingen. ter grootte van het historische percentage van oninbaarheid. 2. Voor de privaatrechtelijke vorderingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen.
Niet van toepassing.
Financiële verordening 2022 (OUD) Artikel 11. Reserves en voorzieningen 1. In de begroting en de jaarrekening vindt geen toerekening van rente over reserves en voorzieningen plaats [aangepast]. 2. Het college biedt de raad eens in de vier jaar een nota reserves en voorzieningen aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandeld en bevat minimaal: a. de vorming en besteding van reserves; b. de vorming en besteding van voorzieningen; c. de in artikel 11 lid 3 vermelde onderdelen. 3. Bij een voorstel voor de instelling van een bestemmingsreserve voor een investeringsvoornemen wordt minimaal aangegeven: a. het specifieke doel van de reserve; b. de voeding van de reserve; c. de maximale hoogte van de reserve; d. de maximale looptijd. 4. Indien een bestemmingsreserve voor een investeringsvoornemen binnen de aangegeven maximale looptijd niet heeft geleid tot een investering, valt de bestemmingsreserve vrij en wordt aan de raad voorgesteld deze aan de algemene reserve toe te voegen.
Financiële verordening 2024 (NIEUW) Artikel 15. Reserves en voorzieningen 1. In de themabegroting en de themarekening vindt geen toerekening van rente over de reserves en voorzieningen aan de taakvelden plaats. 2. Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de vier jaar een nota reserves en voorzieningen aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandeld en bevat minimaal: a. de vorming en besteding van reserves; b. de vorming en besteding van voorzieningen; c. bij welke specifiek benoemde taakvelden het verschil tussen het geraamde saldo van baten en lasten en het gerealiseerde saldo van baten en lasten mogen worden verrekend met een daartoe in het leven geroepen reserve. 3. Bij een voorstel voor de instelling van een bestemmingsreserve voor een investeringsvoornemen wordt minimaal aangegeven: a. het specifieke doel van de reserve; b. het bestedingsplan van de reserve; c. de voeding van de reserve; d. de maximale hoogte van de reserve; e. de maximale looptijd. 4. Als een bestemmingsreserve voor een investeringsvoornemen binnen de aangegeven maximale looptijd niet heeft geleid tot een investering, valt de bestemmingsreserve vrij en wordt deze aan de algemene reserve toegevoegd. Artikel 16. Kostprijsberekening Artikel 12. Kostprijsberekening 1. Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken en diensten van de 1.
Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken en diensten van de gemeente, die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een gemeente, die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een extra extracomptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening comptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening worden naast de directe kosten de overheadkosten en de rente van de inzet van vreemd vermogen, worden naast de directe kosten de overheadkosten en de rente van de inzet van vreemd vermogen voor de financiering van de in gebruik zijnde activa betrokken. reserves en voorzieningen voor de financiering van de in gebruik zijnde activa betrokken. 2. Voor de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden 2. Bij de kosten worden betrokken de bijdragen aan en onttrekkingen van voorzieningen daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (btw), de gederfde voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa, de kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa en voor rioolheffing en afvalstoffenheffing de compensabele belasting inkomsten van het kwijtscheldingsbeleid en de kosten voor straatreiniging betrokken. 3.
Voor de toerekening van de overheadkosten worden de overheadkosten die kunnen over de toegevoegde waarde (BTW) en de kosten van het kwijtscheldingsbeleid. 3. De toerekening van overhead aan maximaal kostendekkende tarieven geschiedt op basis worden toegerekend aan activiteiten welke geheel of deels worden bekostigd met een specifieke uitkering of subsidie, binnen het taakveld overhead apart geadministreerd en in van een procentueel aandeel in het geraamde saldo van lasten en baten van de totale de desbetreffende verantwoordingen over de besteding toegerekend aan die activiteiten. overheadkosten van uitsluitend de eigen organisatie. 4. Voor de toerekening van de overheadkosten worden de overheadkosten die kunnen 4. Voor de inzet van materiële activa worden naast directe kosten, indirecte kosten en afschrijvingskosten, de rente voor de financiering van het actief toegerekend. Deze rente is worden betrokken in de aangifte vennootschapsbelasting, binnen het taakveld overhead apart geadministreerd en voor de belastingaangifte aan de kostprijs van de een vergoeding voor de inzet van vreemd vermogen. De rentepercentages voor deze vennootschapsbelastingplichtige activiteiten toegerekend. vergoeding worden bij de behandeling van de begroting vastgesteld. 5. In afwijking van het eerste lid worden bij vennootschapsbelastingplichtige activiteiten en 5.
Voor de toerekening van de overheadkosten aan de kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die grondexploitaties alleen de rentekosten voor de inzet van vreemd vermogen aan de worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, voor zover dat niet activiteiten als kostprijs toegerekend. Er wordt uitgegaan van het gewogen gemiddelde rentepercentage bedoeld in het derde en vierde lid betreffen, wordt uitgegaan van een aandeel in de totale van de leningenportefeuille. overheadkosten ter grootte van de geraamde directe kosten van de economische 6. Het percentage van de omslagrente voor de toerekening van rente voor de financiering categorieën 1.1 Salarissen en sociale lasten en 3.5.1 Ingeleend personeel die worden van de in gebruik zijn de activa, bedoeld in het eerste lid, wordt jaarlijks met de begroting besteed aan de desbetreffende goederen, werken, diensten, rechten en heffingen, gedeeld vastgesteld. Het percentage van deze omslagrente wordt bepaald uit het gewogen door de totale geraamde directe kosten van de economische categorieën 1.1 Salarissen en gemiddelde van het bij de begroting geraamde rentepercentage van de rentekosten op de sociale lasten en 3.5.1 Ingeleend personeel. opgenomen langlopende leningen, kortlopende leningen minus de rentevergoedingen van 6.
In afwijking van artikel 16 eerste lid wordt bij een verstrekte lening voor de bepaling van het grondbedrijf. De uitkomst van dit percentage van de omslagrente wordt op een half de rentekosten van de inzet van vreemd vermogen in de kostprijs uitgegaan van de rente procent naar boven afgerond. van de lening die voor de financiering van de verstrekte lening is aangetrokken. Deze rente 7. In afwijking van het vierde lid wordt bij een verstrekte lening voor de bepaling van de rentekosten van de inzet van vreemd vermogen in de kostprijs uitgegaan van de rente van wordt verhoogd met een opslag voor het debiteurenrisico. de lening die voor de financiering van de verstrekte lening is aangetrokken. Deze rente wordt verhoogd met een opslag voor het debiteurenrisico.
Toelichting. Tekstuele aanpassing.
Aanvullende en/of vervallen opties (initeel niet meegenomen) Optionele bepalingen [5. De reserves worden jaarlijks bij zowel de begroting als de jaarrekening getoetst en de onderliggende bestedingsplannen wordt hierbij geactualiseerd.]
Uitgangspunten in dit artikel zijn waar nodig aangepast aan de Heerenveense praktijk zodat de kostprijs met ingang van de themabegroting 2024 berekend zal worden conform de uitgangspunten in de financiële verordening.
Niet van toepassing.
Financiële verordening 2022 Financiële verordening 2024 Toelichting. (OUD) (NIEUW) Artikel 17. Prijzen economische activiteiten Artikel 13. Prijzen economische activiteiten Tekstuele aanpassing. 1. Voor de levering van goederen, diensten en werken door de gemeente aan 1. Voor de levering van goederen, diensten of werken aan overheidsbedrijven en derden met welke bijbehorende activiteiten de gemeente in concurrentie met marktpartijen treedt, overheidsbedrijven en derden waarbij de gemeente in concurrentie met marktpartijen wordt tenminste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht. Bij afwijking doet het treedt, wordt ten minste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht. college vooraf voor elk van deze activiteiten afzonderlijk een voorstel voor een raadsbesluit, 2. Bij het verstrekken van leningen of garanties door de gemeente aan overheidsbedrijven waarin het publiek belang van de activiteit wordt gemotiveerd. en derden worden ten minste de geraamde integrale kosten in rekening gebracht. 3. Bij het verstrekken van kapitaal door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden 2. Bij het verstrekken van leningen of garanties aan overheidsbedrijven en derden brengt de gemeente de geraamde integrale kosten in rekening.
Bij afwijking doet het college vooraf gaan burgemeester en wethouders uit van een vergoeding van ten minste de geraamde een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de lening of garantie integrale kosten van de verstrekte middelen. wordt gemotiveerd. 4. Bij afwijking van het eerste, tweede of derde lid vanwege een publiek belang doen 3. Bij het verstrekken van kapitaal door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden burgemeester en wethouders vooraf voor elk van deze activiteiten afzonderlijk een voorstel gaat het college uit van een vergoeding van tenminste de geraamde integrale kosten van de voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de activiteiten wordt gemotiveerd. verstrekte middelen. Bij afwijking doet het college vooraf een voorstel voor een 5. Raadsbesluiten met de motivering van het publiek belang als bedoeld in het vorige lid zijn raadsbesluit, waarin het publiek belang van de kapitaalverstrekking wordt gemotiveerd. niet nodig als minder dan de integrale kostprijs in rekening wordt gebracht en er sprake is 4. Raadsbesluiten met de motivering van het publiek belang als bedoeld in de vorige leden van een van de uitzonderingen zoals genoemd in artikel 25h van de Mededingingswet. zijn niet nodig als sprake is van: a.
Leveringen van goederen, diensten of werken en het verstrekken van leningen, garanties en kapitaal aan andere overheden voor zover deze leveringen en verstrekkingen zijn bedoeld voor de uitoefening van de publieke taak door die andere overheid; b. Een bevoordeling van activiteiten in het kader van een bij wet opgedragen publiekrechtelijke taak; c. Een bevoordeling van activiteiten in het kader van een toegekend bijzonder of uitsluitend recht waarvoor prijsvoorschriften gelden; d. Een bevoordeling van sociale werkplaatsen; e. Een bevoordeling van onderwijsinstellingen; f. Een bevoordeling van publieke media-instellingen en g. Een bevoordeling die valt onder de reikwijdte van de staatssteunregels van het Werkingsverdrag van de Europese Unie en daarmee verenigbaar is.
Aanvullende en/of vervallen opties (initeel niet meegenomen) Niet van toepassing.
Artikel 18. Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen Tekstuele aanpassing. Artikel 14. Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen 1. Het college doet de raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de gemeentelijke 1. Burgemeester en wethouders doen de raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de tarieven voor de belastingen en heffingen. gemeentelijke tarieven voor de belastingen en heffingen. 2. Het college biedt de raad eens in de vier jaar een nota aan met de kaders voor de prijzen 2. Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de vier jaar een nota aan met de voor de levering van gemeentelijke goederen, werken en diensten aan overheidsbedrijven kaders voor de prijzen voor de levering van gemeentelijke goederen, werken en diensten en derden en voor de huren en de erfpachten. aan overheidsbedrijven en derden en voor de huren en de erfpachten. Deze nota wordt door 3. Het college legt bij een tussentijdse wijziging van prijzen, huren en erfpachten ten de raad vastgesteld. opzichte van de kaders uit de nota vooraf een besluit voor aan de raad. 3. Burgemeester en wethouders leggen bij een tussentijdse wijziging van prijzen, huren en erfpachten ten opzichte van de kaders uit de nota vooraf een besluit voor aan de raad.
Niet van toepassing.
Artikel 15. Financieringsfunctie Dit betreft de treasuryfunctie de doelstelling hiervan is: 1. Een risicomijdende uitvoering van de Treasuryfunctie binnen de kaders van hiervoor, onder juridische samenhang, aangehaalde wet- en regelgeving. 2. Het verzekeren van een duurzame toegang tot de financiële markten. 3. Het tijdig aantrekken van voldoende financieringsmiddelen teneinde het in de jaarlijkse begroting vastgelegde beleid te kunnen uitvoeren (= beschikbaarheid). 4. Het beheersen van de risico’s verbonden aan de treasuryfunctie (= risico-minimalisatie) 5. Het beperken van de rentekosten van leningen en het bereiken van voldoende rendement op overtollige middelen (= rente-optimalisatie). 6. Het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities (= kosten-minimalisatie). Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities;
Artikel 19. Financieringsfunctie Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de vier jaar een nota leningen en garantiebeleid aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt de werkwijze omtrent het aantrekken van financieringen, het verstrekken van leningen, garanties en risicodragend kapitaal.
Artikel is aangepast op grond van het uitgangspunt om bij de Niet van toepassing. nieuwe financiële verordening bij dit soort artikelen consistent te verwijzen naar de onderliggende beleidsnota's waarin de uitgangspunten staan opgenomen. Dit om de periodieke aanpassing van de financiële verordening zoveel mogelijk te beperken. Deze beleidsnota's worden periodiek geactualiseerd en moeten worden vastgesteld door de raad.
Artikel 16. Weerstandsvermogen & risicobeheersing 1. In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bij de begroting en de jaarstukken neemt het college de verplichte onderdelen, zoals vermeld in artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten op 2. Het college biedt de raad tenminste eens in de vier jaar de notitie weerstandsvermogen aan. De notitie geeft o.m. het kader weer voor de beschrijving van de risico’s, weerstandscapaciteit en het benodigde weerstandsvermogen.
Artikel 20. Weerstandsvermogen & risicobeheersing Burgemeester en wethouders bieden de raad tenminste eens in de 4 jaar de notitie weerstandsvermogen aan. De notitie geeft het kader weer voor de beschrijving van de risico’s, weerstandscapaciteit en het benodigde weerstandsvermogen.
Lid 1 is vervallen aangezien dit verwijzing is naar hogere wet- en Optioneel regelgeving en daarom niets toevoegt in de verordening. [x]. Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de ontwikkeling van de netto schuld per inwoner; b. het saldo van de baten en lasten voor dotaties en onttrekkingen van reserves als percentage van de inkomsten; c. de onbenutte belastingcapaciteit onroerendezaakbelasting als percentage van de inkomsten; d. de wijze waarop met conjuncturele risico’s en de omvang van het weerstandsvermogen wordt omgegaan; e. de wijze waarop met projectspecifieke risico’s wordt omgegaan bij het bepalen van de tussentijdse winstneming en de omvang van het weerstandsvermogen, en f. […].
Financiële verordening 2022 Financiële verordening 2024 Toelichting. (OUD) (NIEUW) Artikel 21. Onderhoud kapitaalgoederen Tekstuele aanpassing. Artikel 17. Onderhoud kapitaalgoederen 1. Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen van de 1. Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college in de paragraaf onderhoud themabegroting en de themarekening naast de verplichte onderdelen op grond van artikel kapitaalgoederen naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 12 van het Besluit 12 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de voortgang van het geplande onderhoud; a. de voortgang van het geplande onderhoud; b. het van toepassing zijnde kwaliteitsniveau; b. het van toepassing zijnde kwaliteitsniveau; c. de omvang van het achterstallig onderhoud. c. de omvang van het achterstallig onderhoud. 2. Burgemeester en wethouders bieden de raad tenminste eens in de vier jaar een 2. Het college biedt de raad tenminste eens in de vier jaar een beleidsnota onderhoud kapitaalgoederen aan. In de nota wordt ingegaan op de uitgangspunten voor het onderhoud beleidsnota onderhoud kapitaalgoederen aan. De beleidsnota onderhoud kapitaalgoederen e.a.
voor wegen, het watertakenplan, het baggeren, de civieltechnische kunstwerken, kades- geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en oeverbescherming, gebouwen, groen/historische elementen, speelvoorzieningen, en de kosten van het onderhoud voor civieltechnische kunstwerken, oevers en kades, sportvelden en ICT. De raad stelt de nota vast. vastgoed, verhardingen en openbaar groen. De raad stelt de beleidsnota kapitaalgoederen 3. Het college biedt de raad tenminste eens in de vier jaar de navolgende plannen aan: vast. onderhoud wegen, watertakenplan, baggeren en civieltechnische kunstwerken, kades- en 3. Burgemeester en wethouders bieden de raad ten minste eens in de vier jaar een oeverbescherming. De plannen bevatten de kaders voor de beoogde onderhoudsniveau, de watertakenplan aan. Het watertakenplan geeft het kader weer voor het beheer van het planningen van het onderhoud en de kosten van het onderhoud en de eventuele watersysteem, waaronder het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud, uitbreidingen. De raad stelt de plannen vast. de uitbreiding en vervanging van de riolering en de kosten van het onderhoud. De raad stelt het watertakenplan vast. Niet van toepassing.
Artikel 18. Verbonden partijen 1. Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college in de paragraaf verbonden partijen minimaal de verplichte onderdelen op, zoals vermeld in artikel 15 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. 2. Het college biedt de raad ten minste eens in de vier jaar een nota verbonden partijen aan. De raad stelt de nota vast. In de nota wordt o.m. aandacht besteed aan de definities, de kaders, de reikwijdte van verbonden partijen, de alsdan geldende actualiteiten en de wijze waarop de raad bij de totstandkoming en monitoring van de doelen betrokken wordt. Artikel 19. Grondbeleid 1. In de paragraaf grondbeleid bij de begroting en de jaarstukken neemt het college minimaal de verplichte onderdelen op, zoals vermeld in artikel van 16 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. 2. Het college biedt de raad ten minste eens in de vier jaar een nota grondbeleid aan. De raad stelt de nota vast. In de nota wordt o.m. aandacht besteed aan: a. De strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente; b. De doelen van het grondbeleid c. De uitgangspunten voor de verkoopprijzen van gronden; d. De wijze waarop de gemeenteraad wordt geïnformeerd over de resultaten van het grondbedrijf. e. De wijze waarop met de toerekening van bovenwijkse voorzieningen wordt omgegaan; f.
De afweging voor het tussentijds winst nemen tussen het voorzichtigheidsbeginsel en het realisatiebeginsel.
Aanvullende en/of vervallen opties (initeel niet meegenomen) Niet van toepassing.
Niet van toepassing. Artikel 22. Bedrijfsvoering Artikel is nieuw toegevoegd o.b.v. de meest recente Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de modelverordening. Dit artikel is toegevoegd in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording. jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 14 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de omvang, opbouw en ontwikkeling van het personeelsbestand en de loonkosten; b. de kosten van inhuur derden; c. de huisvestingskosten; d. de automatiseringskosten; e. de budgetten voor de raad, de griffie, de rekenkamer en de accountant; f. een toelichting op alle afwijkingen in rechtmatigheid, die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen, voor zover deze de rapportagegrens, zoals bedoeld in artikel 9 overschrijden, en welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen; g.
een overzicht van en toelichting op niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de Wet financiering decentrale overheden en de bijbehorende ministeriële regelingen, als deze voorkomen; h.rapportage van het veelvuldig niet naleven van normen uit de gids proportionaliteit en/of slechte documentatie of naleving hiervan, als deze voorkomen; i.geconstateerde fraude door eigen medewerkers, als dit voorkomt. Artikel 23. Verbonden partijen Lid 1 is vervallen aangezien dit verwijzing is naar hogere wet- en Niet van toepassing. Burgemeester en wethouders bieden de raad ten minste eens in de vier jaar een nota regelgeving en daarom niets toevoegt in de verordening. verbonden partijen aan. De raad stelt deze nota vast. In de nota wordt aandacht besteed aan de definities, de kaders, de reikwijdte van verbonden partijen, de alsdan geldende actualiteiten en de wijze waarop de raad bij de totstandkoming en monitoring van de doelen betrokken wordt.
Artikel 24. Grondbeleid 1. Burgemeester en wethouders bieden de raad ten minste eens in de [aantal] jaar een nota grondbeleid aan. De raad stelt de nota grondbeleid vast. De nota grondbeleid bevat in ieder geval: a. De strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente; b. De doelen van het grondbeleid c. De uitgangspunten voor de verkoopprijzen van gronden; d. De wijze waarop de gemeenteraad wordt geïnformeerd over de resultaten van het grondbedrijf. e. De wijze waarop met de toerekening van bovenwijkse voorzieningen wordt omgegaan; f. De afweging voor het tussentijds winst nemen tussen het voorzichtigheidsbeginsel en het realisatiebeginsel. 2. Burgemeester en wethouders bieden de raad jaarlijks een grondprijzenbrief aan met een vastgestelde uitgifteprijs voor zowel maatschappelijke grond als intern door te leveren grond. De raad stelt de grondprijzenbrief vast. 3. De voorziening voor verliesgevende grondexploitaties wordt gewaardeerd tegen contante waarde.
Lid 1 is vervallen aangezien dit verwijzing is naar hogere wet- en Optionele bepalingen regelgeving en daarom niets toevoegt in de verordening. Lid 2 en 3 zijn toegevoegd o.b.v. de meest recente modelverordening [1. Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf en de nieuwe nota grondbeleid (nog te behandelen). grondbeleid van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel van 16 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. […].]
Financiële verordening 2022 Financiële verordening 2024 Toelichting. (OUD) (NIEUW) Tekstuele aanpassing. Artikel 25. Administratie Artikel 20. Administratie De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor: 1. De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is a. Het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente als geheel en voor: a. Het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente als geheel en in de afdelingen; b. Het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa, in de afdelingen; voorraden, vorderingen, schulden en contracten; b. Het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa, c. Het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende budgetten en voorraden, vorderingen, schulden en contracten; investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties; c. Het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende budgetten en d. Het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot de gemeentelijke investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties; productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke d.
Het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot de gemeentelijke productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke beleid; e. Het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de beleid; doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de e. Het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de begroting en relevante wet- en regelgeving; doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de f. De controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende begroting en relevante wet- en regelgeving; informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de f. De controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de begroting en relevante wet- en regelgeving.2. Onder administratie wordt verstaan het doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten begroting en relevante wet- en regelgeving.
behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en g. Een optimale en correcte verantwoording voor de aangifte BTW, BCF, de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. Vennootschapsbelasting en loonheffingen. 2. Onder administratie wordt verstaan het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. Artikel 21. Financiële organisatie Artikel 26. Financiële organisatie Tekstuele aanpassing. Het college draagt zorgt voor: Burgemeester en wethouders dragen in ieder geval zorg voor: a. Een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing a. Een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen; van de gemeentelijke taken aan de afdelingen; b. Een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden en verantwoordelijkheden; b. Een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden en verantwoordelijkheden; c. De verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste c.
De verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten, voorzieningen en investeringskredieten; van de toegekende budgetten, voorzieningen en investeringskredieten; d. De interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de d. De interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie; bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie; e. De te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor e. De te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen; activiteiten en uitputting van middelen; f. Het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken f. Het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten; en diensten; g. Het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies g.
Het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen; aan ondernemingen en instellingen; h. Het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik h. Het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. controle en verantwoording wordt voldaan.
Aanvullende en/of vervallen opties (initeel niet meegenomen)
Optioneel: i. het verzamelen en vastleggen van gegevens over de geleverde prestaties en de maatschappelijke effecten zodat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid, zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst.
Artikel 27. Interne controle Lid 1 is aangepast o.b.v. de meest recente modelverordening in Niet van toepassing. Artikel 22. Interne controle 1. Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de jaarlijkse interne toetsing van de het kader van de rechtmatigheidsverantwoording. Lid 3 van de 1. Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening, bedoeld in Financiële verordening gemeente Heerenveen 2022 is vervallen artikel 213, derde lid, onder a van de Gemeentewet, en de rechtmatigheid van de baten en getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen rapporteren burgemeester en wethouders daarover in aangezien hier in artikel 22 van de nieuwe financiële verordening lasten en de balansmutaties, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder b van de de rechtmatigheidsverantwoording, zoals beschreven in artikel 25 onder f. Daarnaast Gemeentewet, voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de gemeente Heerenveen 2024 invulling aan wordt gegeven. informeren burgemeester en wethouders de raad over genomen maatregelen tot herstel informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen van de tekortkomingen. neemt het college maatregelen tot herstel. 2. Het college zorgt voor de systematische controle van de registratie en de ontwikkeling 2.
Burgemeester en wethouders zorgen voor de systematische controle van de administratie van de bezittingen en het vermogen van de gemeente met dien verstande dat de en de ontwikkeling van de bezittingen en het financieel vermogen van de gemeente met waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en registergoederen en bedrijfsmiddelen en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en registergoederen en tenminste eenmaal in de 5 jaar. Bij afwijkingen in de registratie neemt het college bedrijfsmiddelen ten minste eenmaal in de 5 jaar. Bij afwijkingen in de administratie nemen maatregelen voor herstel van de tekortkomingen. burgemeester en wethouders maatregelen tot herstel van de tekortkomingen. 3. Het college informeert de raad in de paragraaf bedrijfsvoering over de ontwikkelingen in het stelsel van interne beheersing. Artikel 23. Intrekken oude verordening en overgangsrecht Artikel 28. Intrekken oude verordening en overgangsrecht Tekstuele aanpassing. Niet van toepassing.
De Financiële verordening gemeente Heerenveen 2020 wordt ingetrokken, met dien De Financiële verordening gemeente Heerenveen 2022 wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de jaarrekening 2021 en bijbehorende stukken van verstande dat zij van toepassing blijft op de themarekening en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar, waarin deze verordening in werking treedt en het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze verordening in werking treedt en op de begroting, jaarrekening bijbehorende stukken van het begrotingsjaar dat samenvalt op de themabegroting en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar dat samenvalt met met het jaar waarin deze verordening in werking treedt. het jaar waarin deze verordening in werking treedt. Artikel 24. Inwerkingtreding en citeertitel Artikel 29. Inwerkingtreding en citeertitel Tekstuele aanpassing. Niet van toepassing. 1. De verordening treedt in werking met terugwekkende kracht op 1 januari 2022. 1. De verordening treedt in werking op 1 januari 2024. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Financiële verordening gemeente Heerenveen 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Financiële verordening gemeente Heerenveen 2022. 2024.
Financiële verordening 2022 (OUD) Niet van toepassing.
Financiële verordening 2024 (NIEUW) Niet van toepassing.
Toelichting. Niet van toepassing.
Aanvullende en/of vervallen opties (initeel niet meegenomen) Optionele bepalingen Artikel x. Wensen en bedenkingen over grote onderwerpen [1.] In het kader van de actieve informatieplicht beslissen burgemeester en wethouders niet over: a. de aan- en verkoop van goederen, werken en diensten groter dan [bedrag]; b. het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties groter dan [bedrag], en c. het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen, dan nadat de raad is geïnformeerd over het voornemen en hiertoe in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van burgemeester en wethouders te brengen. [2. Bij het aangaan van een verplichting groter dan [bedrag] initiëren burgemeester en wethouders een zienswijzeprocedure door de raad.]
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Optionele bepalingen
Niet van toepassing.
Artikel xx. Lokale heffingen Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf lokale heffingen bij de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de kostentoerekening van de geraamde rentekosten en de geraamde overheadkosten aan de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht; b. de berekening van het rentepercentage voor de omslagrente voor het bepalen van de kostprijzen, bedoeld in artikel 17, zesde lid; [c. de berekening van het rentepercentage voor de rentevergoeding over de reserves en de voorzieningen voor het bepalen van de kostprijzen, bedoeld in artikel 17, zesde lid;] d. onder het onderdeel beleid bedoeld in artikel 10, Aanhef en onder b, van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten een overzicht van de te onderscheiden lokale heffingen, de maatstaf en de doelstelling die wordt beoogd met het opleggen van de heffing; e. […]. Optionele bepalingen [Artikel xx. Financiering Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf financiering van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 13 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. […].]