CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Praktische invulling werkwijze rondom adviesrecht

Raadsvergadering 14 december 2023, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Verzwaard adviesrecht Omgevingsplan1.013 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Praktische invulling werkwijze rondom adviesrecht raad Inleiding In de vergadering van 18 februari 2021 heeft de raad, vooruitlopend op de invoering van de Omgevingswet, besloten om gevallen aan te wijzen waarin de raad voorafgaande aan het verlenen van een omgevingsvergunning aan het college (bindend) advies moet uitbrengen. Wij willen de raad meegeven dat de keuze van de raad om gebruik te maken van zijn bindend adviesrecht (en daarmee betrokken te willen zijn bij de vergunningverlening) van invloed kan zijn op de verdere werkwijze rondom zijn adviesrecht. In deze brief beschrijven wij eerst wat het adviesrecht van de raad inhoudt (de manier waarop de raad onder de Omgevingswet bij de vergunningverlening wordt betrokken) en hoe de werkwijze rondom het adviesrecht eruitziet. Daarna zetten wij uiteen welk risico bestaat met deze werkwijze. Tot slot geven wij de raad in gedachten mee hoe hij de werkwijze zou kunnen aanpassen om dit risico te beperken. Wat houdt het bindend adviesrecht in? Onder de Omgevingswet verandert de manier waarop de raad bij de vergunningverlening wordt betrokken.

Huidige situatie (verklaring van geen bedenkingen) Op grond van de huidge wetgeving is bepaald dat de raad om een verklaring van geen bedenkingen (hierna: vvgb) gevraagd wordt, voordat het college een omgevingsvergunning kan verlenen voor activiteiten die in strijd zijn met het bestemmingsplan (ook wel buitenplanse afwijkingen van het bestemmingsplan genoemd). Als de raad weigert een vvgb te verlenen dan mag het college de omgevingsvergunning niet verlenen. De vergunningverlening verloopt via de uitgebreide procedure met een beslistermijn van 26 weken. Nieuwe situatie (bindend adviesrecht) Op grond van de Omgevingswet is het college bevoegd omgevingsvergunningen voor omgevingsplanactiviteiten te verlenen. Daaronder begrepen zijn ook buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (activiteiten die niet voldoen aan de regels van het omgevingsplan). De raad is adviseur voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. De raad moet vooraf besluiten in welke gevallen hij gebruik wil maken van dit adviesrecht. Dit heeft hij op 18 februari 2021 gedaan. De raad gaat niet meer over de niet-aangewezen gevallen. In de aangewezen gevallen moet dus een aanvraag voor advies aan de raad worden voorgelegd. Het college moet het uitgebrachte advies verplicht opvolgen.

Als de raad een negatief advies geeft dan mag het college de omgevingsvergunning niet verlenen. Het adviesrecht van de raad is een zogenaamd verzwaard, bindend advies. De vergunningverlening verloopt in de meeste gevallen via de reguliere procedure met een beslistermijn van 8 weken. Hoe ziet de werkwijze rondom het adviesrecht eruit? Over de werkwijze rondom het adviesrecht van de raad wordt door de Omgevingswet niets geregeld. Hieruit volgt slechts dat het aan het college is om te bepalen binnen welke termijn

het advies van de raad binnen moet zijn. Volgens de Algemene wet bestuursrecht moet deze termijn lang genoeg zijn om een goed advies te kunnen geven. Het bindend adviesrecht is feitelijk niet anders dan de vvgb die we onder de huidige wetgeving kennen. Het adviesrecht dient er ook toe de gemeenteraad te laten beslissen over een aspect van de omgevingsvergunning dat het college niet mag beoordelen; Het college moet immers het uitgebrachte advies verplicht opvolgen. Daarom ligt het voor de hand de bestaande werkwijze met betrekking tot de vvgb onder de Omgevingswet voor het adviesrecht voort te zetten. Dit zou betekenen dat het college de raad voorstelt al dan niet een positief advies af te geven. Welk risico bestaat met deze werkwijze? In plaats van de huidige procedure van 26 weken, waarbij de raad beschikt over een bevoegdheid tot het geven van een vvgb, geldt straks onder de Omgevingswet in de meeste gevallen de reguliere procedure met een termijn van 8 weken (door het college eenmalig te verlengen met 6 weken). Wanneer deze beslistermijn wordt overschreden en nog geen besluit is genomen, is de gemeente (na ingebrekestelling en een termijn van 2 weken om alsnog een besluit te nemen) een dwangsom verschuldigd aan de aanvrager. De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23,- per dag, de veertien dagen daarna € 35,- per dag en de overige veertien dagen €45,- per dag.

De gemeente kan maximaal € 1.442,- aan dwangsommen verschuldigd zijn. Ziet de aanvraag op een geval waarover de raad moet adviseren, dan betekent dit dat binnen 8 weken de aanvraag beoordeeld moet worden, de raad een advies moet uitbrengen en het college op de aanvraag moet beslissen. De vergaderfrequentie en de termijn waarbinnen stukken voor de raad moeten worden aangeleverd zijn van invloed op de vraag of het college binnen de termijn van 8 weken een besluit kan nemen. Een praktische invulling van de werkwijze rondom de raad zijn adviesrecht is wenselijk om het risico op termijnoverschrijding en daarmee het mogelijk verschuldigd zijn van een dwangsom te beperken. Hou zou de raad zijn werkwijze praktisch kunnen invullen? Wenselijk is een werkwijze waarmee de kans op het niet tijdig beslissen op een vergunningaanvraag wordt verkleind. Om dit te bereiken zou de raad voornoemde werkwijze op de volgende punten kunnen wijzigen: 1. Aanvragen die voor advisering aan de raad moeten worden voorgelegd, worden in een zo vroeg mogelijk stadium, bijvoorbeeld via IBABS, aan de raad ter beschikking gesteld. 2. Raadsvoorstellen met adviesverzoek worden vroegtijdig voor agendering aangemeld bij de agendacommissie en worden door de agendacommissie op de eerstvolgende agenda geplaatst. De vergaderstukken zelf worden uiterlijk een week voor behandeling in de raadscommissie aangeleverd. 3.

Raadsvoorstellen over bindend advies kunnen op iedere raadsvergadering geagendeerd worden. Door de raadsleden in een vroegtijdig stadium te voorzien van de aanvraag met bijbehorende stukken kan de aanlevertermijn van de vergaderstukken met een aantal weken worden verkort. Hierdoor heeft het college meer tijd om een raadsvoorstel voor te bereiden. Met de laatste wijziging wordt de kans op termijnoverschrijding in juli en november verkleind. Alleen in de zomervakantie blijft de kans op overschrijding van de termijn en daarmee op het verschuldigd zijn van een dwangsom groot.

Evaluatie na één jaar De invoering van de Omgevingswet is een zeer grote en ingrijpende verandering. Het is vooraf niet zeker hoe deze werkwijze in de praktijk zal uitpakken. Het is een gezamenlijk ontwikkel- en leerproces. Daarom ligt het voor de hand om na één jaar deze werkwijze te evalueren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=2d34a984-80a7-4a2b-9e97-49bc5368afac