Bijlage 2 - Zienswijze ontwerp-POVI met kenmerk: D.26.2152656
Tekst van het document
College van Gedeputeerde Staten Tweebaksmarkt 52 8911 KZ LEEUWARDEN
uw brief van: 11 maart 2026
ons kenmerk: Z.26.548450
bijlage(n):
datum: 21 april 2026
Onderwerp: Zienswijze ontwerp-POVI
Geacht college van Gedeputeerde Staten, Op 11 maart 2026 heeft u de ontwerp-Provinciale Omgevingsvisie (POVI) ter inzage gelegd. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerenveen heeft deze met interesse gelezen. De Provinciale Omgevingsvisie is een belangrijk document voor de ontwikkeling van Heerenveen, in de komende decennia. Proces Wij dienen hierbij een zienswijze in op uw ontwerp-Provinciale Omgevingsvisie. Daarbij willen wij nadrukkelijk onze zorg uitspreken over de gekozen reactietermijn. Deze termijn sluit onvoldoende aan op de vergaderschema’s van de Friese gemeenten en de recente gemeenteraadsverkiezingen, waardoor het voor gemeenten feitelijk niet mogelijk is om de zienswijze tijdig aan de gemeenteraad voor te leggen. Wij hechten er echter groot belang aan om ook onze raad in positie te brengen. Wij zullen onze zienswijze op 21 mei 2026 aan de nieuwe gemeenteraad voorleggen. Eventuele wijzigingen en bedenkingen die daaruit voortkomen, sturen wij u zo spoedig mogelijk toe. Deze kunt u beschouwen als een nadere aanvulling op de voorliggende zienswijze. Heerenveen groeit Heerenveen staat voor een schaalsprong, die gepaard gaat met versnelde verstedelijking. Tegelijkertijd zetten wij hier al volop op in: wij groeien, investeren en bouwen daarmee doelgericht aan een sterke toekomst voor onze inwoners, ondernemers en dorpen.
Dat doen wij vanuit een helder perspectief: brede welvaart, een krachtige economie, vitale kernen en een toekomstbestendig landelijk gebied. Onze strategische ligging, het hoge voorzieningenniveau en onze economische dynamiek maken dat wij hierin niet alleen lokaal, maar ook regionaal en nationaal een sleutelrol vervullen. De opgaven waar wij voor staan zijn groot en vragen om scherpe keuzes. De ruimte is schaars, belangen stapelen zich op en niet alles kan overal. Juist daarom is het noodzakelijk dat overheden duidelijk richting geven, met gemeenten als gelijkwaardige en actieve partner. Dat vraagt om een provincie die niet alleen uitnodigt, maar ook positie kiest, prioriteiten stelt en ontwikkelruimte gericht inzet.
1/13
Tegen die achtergrond constateren wij dat de ontwerp-POVI op onderdelen onvoldoende richting geeft en tegelijkertijd beperkend uitwerkt. Op strategisch niveau blijven duidelijke keuzes uit, terwijl in de uitwerking al wel randvoorwaarden worden gesteld die onze ontwikkelruimte inperken. Hierdoor worden wij beperkt in het realiseren van onze ambities en het benutten van de ontwikkelkracht van Heerenveen. Het risico is dat juist hier, waar wij het verschil kunnen maken voor Fryslân, ontwikkeling achterblijft. Wij vragen u daarom om in de Provinciale Omgevingsvisie nadrukkelijker te kiezen en duidelijker richting te geven. Niet door alles dicht te regelen, maar door prioriteiten te stellen en ontwikkelruimte expliciet te borgen op plekken waar deze het meeste effect heeft, zoals in Heerenveen. Met een duidelijke positionering kunnen wij onze rol richting het Rijk waarmaken en effectief aanspraak maken op beschikbare rijksmiddelen voor onder meer woningbouw, economische ontwikkeling en de grote transities. Een terughoudende houding, kan juist leiden tot het mislopen van Rijksgelden zoals Woningbouw op Korte Termijn (WoKT). Wij zijn bereid en in staat om een substantiële bijdrage te leveren aan de woningbouwopgave, de economische ontwikkeling, de energietransitie en de brede welvaart van Fryslân. Maar die bijdrage is niet vanzelfsprekend.
Daarvoor is nodig dat de provincie ruimte biedt én vertrouwen geeft. Alleen dan kunnen wij daadwerkelijk versnellen, vernieuwen en samen met onze inwoners en partners invulling geven aan de toekomst van onze gemeente en regio. Ons verzoek Om deze rol waar te maken, hebben wij ruimte nodig. Ruimte om invulling te geven aan onze stedelijke ontwikkeling, van inbreiding tot uitbreiding en herontwikkeling. Maar ook ruimte voor onze dorpen om naar aard en schaal te kunnen groeien. Zonder die ruimte komt de vitaliteit van onze kernen en de kracht van de mienskip onder druk te staan. Wij vragen u daarom om deze ontwikkelruimte niet alleen te erkennen, maar ook actief mogelijk te maken en te ondersteunen. Tegelijkertijd ligt er een grote en bepalende opgave in het landelijk gebied. Juist hier is helderheid en regie vanuit de provincie noodzakelijk. Wij vragen u om uw (wettelijke) rol hierin nadrukkelijk te nemen en richting te geven aan de keuzes die gemaakt moeten worden. Voor ons is het vanzelfsprekend om hierin samen op te trekken: integraal, gebiedsgericht en in nauwe samenwerking met onze inwoners en (agrarische) ondernemers. Zij hebben recht op duidelijkheid, perspectief en een overheid die keuzes durft te maken. Vervolg In het vervolg van deze zienswijze werken wij onze inhoudelijke aandachtspunten en verzoeken nader uit.
Wij zien uit naar uw reactie en naar de verdere samenwerking om gezamenlijk invulling te geven aan de Provinciale Omgevingsvisie en de uitwerking daarvan in programma’s en uitvoering.
2/13
Bel gerust als u vragen heeft Heeft u vragen over deze brief? Neem dan contact op met J. Meijer door te bellen naar 14 05 13. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Heerenveen. De gemeentesecretaris, De burgemeester, {{Signer1}}
{{Signer2}}
Signed By: G. W. Huisman 21/04/2026 16:20:06 +02:00 ID: 4891be85-3adb-48d0-9378-4490548c74af Auth: Scribble
Signed By: A. Fokkens-Kelder 21/04/2026 16:39:20 +02:00 ID: 4891be85-3adb-48d0-9378-4490548c74af Auth: Scribble
G.W. Huisman
M.A. Fokkens-Kelderr1}} {{Signer2}}
Signed By: A. Fokkens-Kelder 21/04/2026 16:39:20 +02:00 ID: 4891be85-3adb-48d0-9378-4490548c74af Auth: Scribble
3/13
Visie voor Heerenveen Vernieuwing Omgevingsvisie Heerenveen De gemeente Heerenveen werkt aan een nieuwe gemeentelijke Omgevingsvisie (GOVI), die het perspectief op Heerenveen, het buitengebied en de dorpen vernieuwt. De GOVI uit 2021 wordt geactualiseerd om beter aan te sluiten bij de urgente opgaven die ook in de ontwerpPOVI worden genoemd. De verwachting is dat de gemeenteraad begin 2027 besluit over de nieuwe ontwerp-GOVI. Het gelijktijdig vernieuwen van de POVI en GOVI biedt kansen voor samenhang en afstemming tussen provinciale en gemeentelijke keuzes. Wij benadrukken dat deze afstemming cruciaal is: tegenstrijdige keuzes tussen beide bestuurslagen moeten worden voorkomen. De uitgangspunten voor de vernieuwde GOVI van Heerenveen richten zich op het versterken van brede welvaart met een doorkijk naar 2050, waarbij kwaliteit van leven nu, later en elders centraal staat. De bestaande basis uit de huidige GOVI blijft behouden, met scherpere keuzes en actuele inzichten, georganiseerd rond vier kernopgaven voor sport en economie, wonen, leefbare wijken en dorpen en een veerkrachtig landelijk gebied. Ruimtelijke ontwikkelingen worden integraal afgewogen volgens vijf algemene principes, waaronder zuinig ruimtegebruik, bescherming van ruimtelijke kwaliteit en rekening houden met water en bodem.
Stad, dorpen en buitengebied krijgen elk een eigen toekomstbeeld dat recht doet aan hun identiteit en schaal, terwijl grote transities zoals woningbouw, energie, mobiliteit en klimaatadaptatie in samenhang worden benaderd. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u expliciet rekening te houden met de uitgangspunten van de GOVI bij verdere uitwerking van de POVI, om consistentie en samenhang te waarborgen. Fries Stedelijk Netwerk (FSN) Heerenveen werkt samen met Leeuwarden, Smallingerland en Súdwest-Fryslân (F4) en de provincie aan een gezamenlijke propositie voor verstedelijking van Drachten, Heerenveen, Leeuwarden, en Sneek. Deze samenwerking heeft geleid tot een stevige positie van het FSN in de ontwerp-Nota Ruimte en POVI. Momenteel wordt een gezamenlijke strategie en investeringsagenda uitgewerkt. Wij onderschrijven en benadrukken dat verdere samenwerking nodig is om de positie van Heerenveen, het FSN en Fryslân nationaal en internationaal te versterken. Voor een nadere toelichting en onze gezamenlijke standpunten over het FSN verwijzen wij u graag naar de zienswijze die door de F4-gemeenten is opgesteld, waarin onze gezamenlijke reactie uitgebreid wordt toegelicht.
Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om de gezamenlijke inzet met de F4‑gemeenten voort te zetten, binnen een gemeenschappelijke verstedelijkingsstrategie en bijbehorende investeringsagenda en de gezamenlijke koers actief te blijven uitdragen en borgen in provinciale en nationale kaders. Schaalsprong Heerenveen Heerenveen groeit, en onderzoeken in het kader van NOVEX-Lelylijn tonen aan dat een schaalsprong op wonen, werken en mobiliteit nodig is om het voorzieningenniveau op peil te houden, ook zonder de komst van de Lelylijn. De omvang van deze schaalsprong wordt
4/13
momenteel onderzocht en kan invloed hebben op de gemeentelijke ambities en de rol van Heerenveen in de POVI. Verzoek tot aanpassing • Wij vragen u om rekening te houden met de uitkomst van deze schaalspronganalyse bij de verdere uitwerking van de POVI. Uitnodigingsgebied Heerenveen - Joure De ontwerp-POVI introduceert het begrip ‘uitnodigingszones’ waarin meerdere ruimtelijke opgaven samenkomen. Eén van deze zones is de ‘Uitnodigingszone Heerenveen – Joure’. De gemeenten Heerenveen en De Fryske Marren werken al tientallen jaren samen aan de ontwikkeling van dit gebied. Dit is vastgelegd in de Integrale visie Skarsterlân – Heerenveen en doorvertaald in het provinciale streekplan van 2007 als Bundelingsgebied Heerenveen – Joure. Deze uitgangspunten blijven relevant, ook nu nieuwe opgaven en inzichten spelen. Met de ontwikkeling van Heerenveen-West start een nieuwe fase in de intergemeentelijke samenwerking. Beide gemeenten zullen de structuurvisie gezamenlijk doorlichten en indien nodig actualiseren binnen het kader van de uitnodigingszone. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u expliciet te erkennen dat de bestaande samenwerking en bestuurlijke afspraken tussen Heerenveen en De Fryske Marren, zoals opgenomen in de Integrale visie Skarsterlân – Heerenveen, de basis vormen voor verdere invulling van de uitnodigingszone.
Nationaal Programma Vitale Regio’s (NPVR) De provincie Fryslân is mede-initiatiefnemer en partner van het Regioplan NPVR Zuidoost Fryslân, een gezamenlijk en integraal visiedocument tot 2045 dat richting geeft aan toekomstige uitvoeringsagenda’s. De ontwerp-POVI maakt echter onvoldoende duidelijk hoe dit regioplan fungeert als leidend regionaal kader voor provinciale ruimtelijke keuzes, wat spanning oplevert met de thematische opzet van de POVI. Hierdoor blijft voor gemeenten en partners onduidelijk welke ruimte de provincie biedt en hoe zij haar dubbele rol als partner én regisseur onder de Omgevingswet invult. Verzoek tot aanpassing 1. Het Regioplan NPVR Zuidoost Fryslân, als samenhangend regionaal referentiekader binnen de POVI te verankeren. 2. Duidelijk te maken op welke onderdelen provinciale keuzes in de POVI ondersteunend, faciliterend of begrenzend zijn ten opzichte van de ambities in het Regioplan. 3. Te verduidelijken hoe de provincie de toekomstige uitvoeringsagenda’s van het NPVR ruimtelijk mogelijk maakt, in het bijzonder daar waar meerdere ruimteclaims samenkomen. 4. Te voorkomen dat de verschillende partners binnen het NPVR in de uitvoeringsfase worden geconfronteerd met tegenstrijdige of niet op elkaar aangesloten kaders tussen provinciaal ruimtelijk beleid en regionaal afgesproken ambities.
5/13
Wonen Grootschalige (regionale) woningbouwlocaties Heerenveen-West wordt in de ontwerp-POVI meerdere keren genoemd als grootschalige woningbouwlocatie. Daarmee is de positie van Heerenveen-West verankerd in beleid op alle overheidslagen: Nota Ruimte, POVI en (inter)gemeentelijk beleid. Voor de uitnodigingszone zijn bovendien de relevante kaders voor Heerenveen-West benoemd. De gemeenten Heerenveen en De Fryske Marren werken momenteel samen aan een gebiedsvisie voor Heerenveen-West. De door de gemeenten geformuleerde uitgangspunten zijn hierbij leidend. Na vaststelling van deze gebiedsvisie start de procedure voor een grenscorrectie. Verzoek tot aanpassing • De POVI benoemt daarnaast andere inbreidings- en herstructureringslocaties in Heerenveen. Wij willen benadrukken dat de grootste van deze locaties hierbij expliciet genoemd dienen te worden: • A32-zone – Omgevingsprogramma vastgesteld, 600–800 woningen. • Centrumgebied – Programma in uitvoering, >600 woningen. Kernenhiërarchie en bijbehorende bouwpercentages Wij onderschrijven het principe van een kernenhiërarchie zoals opgenomen in de POVI. Heerenveen heeft daarnaast een eigen kernenhiërarchie, die een plek krijgt in de vernieuwde GOVI en het Volkshuisvestingsprogramma. Deze hiërarchie gaat uit van groeimogelijkheden per kern, afgestemd op aard en schaal.
De percentages die de POVI hanteert voor uitbreiding (bijvoorbeeld maximaal 10% voor dorpen) zijn in beginsel passend voor sommige kernen, maar leiden tot knelpunten bij dorpen zoals Akkrum-Nes. Deze kern is de tweede hoofdkern van onze gemeente, gezien het uitgebreide voorzieningenaanbod. Wij zijn momenteel bezig met een uitbreiding van circa 200 woningen in Akkrum-Nes, samen met de lokale gemeenschap. Binnen de POVI-limiet van 10% zou deze uitbreiding op korte termijn volledig worden benut, terwijl er daarna nog verdere groeimogelijkheden zijn. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u, voor de dorpen van Heerenveen, de woningbouwstrategie ‘Heerenveen Groeit’ aan te houden, met de bijbehorende percentages.
6/13
Werken Regionaal economisch ecosysteem A7 De gemeente Heerenveen onderschrijft de constatering in de POVI dat versterking van de Friese economie noodzakelijk is. De afname van het aandeel van Noord-Nederland in het nationaal Bruto Binnenlands Product onderstreept deze urgentie. Investeringen in innovatie, digitalisering en robotisering zijn daarbij essentieel. Wij zijn van mening dat het benutten en versterken van het regionale economische ecosysteem langs de A7 hierin een cruciale rol speelt. De economische zone langs de A7, van Joure tot en met Drachten, vormt een essentieel onderdeel van de regionale én nationale economie. In de Ruimtelijke Economische Verkenning van het Ministerie van Economische Zaken uit 2024 wordt deze zone op nationaal niveau als strategisch belangrijk aangemerkt. Tevens is zij in de ontwerp-Nota Ruimte benoemd als een regionaal economisch ecosysteem voor industrie. Recente analyses, waaronder die van de Rabobank, bevestigen dat dit gebied tot de meest vitale economische zones van Nederland behoort. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u in de POVI deze potentie en vitaliteit te erkennen en op visieniveau verder en concreter uit te werken, in nauwe afstemming met de betrokken regio.
In de ontwerp-Nota Ruimte benadrukt het Rijk de ambitie om samen met regionale partners te werken aan het versterken van de regionale economie en het benutten van gebiedsspecifieke kansen. Nationale opgaven kunnen hierbij fungeren als motor voor regionale ontwikkeling. Het Rijk geeft aan deze ontwikkeling te willen ondersteunen door onder meer te sturen op passende infrastructuur voor energie, goederen en grondstoffen. Een stevige inbedding van deze uitgangspunten in de POVI ligt voor de hand. In de afgelopen jaren hebben het Rijk, de provincie en de betrokken gemeenten intensief samengewerkt aan de versterken van het economisch ecosysteem, innovatie en speerpuntsectoren. Dit heeft onder andere geleid tot uitbreiding of intensivering van de bedrijventerreinen Woudfennen, De Ekers, Haskerveen, Klaverpark, IBF, Overtoom, Azeven en De Haven. Deze soms gemeentegrensoverschrijdende, terreinen vormen de ruggengraat van de Friese maakindustrie. Daarnaast zijn in dit gebied zoeklocaties aangewezen voor een bedrijventerrein voor grootschalige bedrijfsvestigingen. Wij geven graag gehoor aan de uitnodiging van het Rijk om samen te werken aan de versterking van dit regionale economische ecosysteem, in samenspraak met de andere decentrale overheden. Daarbij vragen wij aandacht voor nieuwe uitdagingen, zoals de verdere verduurzaming, circulariteit en innovatiekracht van de maakindustrie.
Hoewel de industrie wellicht minder zichtbaar is, dan bijvoorbeeld de agrarische sector, genereert deze meer werkgelegenheid en toegevoegde waarde. Dat geldt voor de provincie als geheel, maar in het bijzonder voor de A7-zone. Deze weging sluit daardoor niet goed aan bij de sociaal-economische realiteit van de regio. Over dit onderwerp heeft nog geen inhoudelijk gesprek plaatsgevonden, maar de betrokken gemeenten gaan hierover graag met u in overleg. Gezamenlijke inzet is essentieel om de kansen voor de regio en voor Fryslân ten volle te benutten.
7/13
Verzoek tot aanpassing
•
•
Wij verzoeken u dan ook om dit regionale economische ecosysteem, zoals beschreven in de ontwerp-Nota Ruimte, expliciet op te nemen in de definitieve POVI. Niet door de uitnodigingszones opnieuw te ordenen tot een benadering die lijkt op de eerdere A7-zone, maar door duidelijke keuzes en prioriteiten te formuleren. De gemeenten De Fryske Marren, Heerenveen, Opsterland en Smallingerland gaan graag bestuurlijk met u in gesprek om gezamenlijk te komen tot een invulling en formulering die uitvoerbaar en toekomstbestendig is, lokaal, regionaal en nationaal.
Zoekgebieden grootschalige bedrijvigheid Voor het vestigingsklimaat en de ontwikkeling van werklocaties zijn duidelijke en realistische kaders van groot belang. Wij onderschrijven dat grootschalige bedrijvigheid moet bijdragen aan het economisch profiel van Fryslân en aan brede welvaart, en dat de koppeling met speerpuntsectoren hierbij een goed uitgangspunt vormt. Wij constateren echter dat de huidige aanduiding van zoekgebieden in de POVI niet volledig aansluit bij de feitelijke ontwikkeling en planvorming. Wij verzoeken om de aanduiding van het zoekgebied in onze gemeente aan te passen, aangezien deze nu met een ‘ster’ is weergegeven op de locatie van een reeds vastgesteld bedrijventerrein (Klaverpark). Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om de zoeklocatie te duiden als een zone (conform de “banaan” uit het STEC-rapport, 2023) langs de A7 en A32, omdat dit beter recht doet aan de ruimtelijke ontwikkelmogelijkheden. • Wij verzoeken u ook om de aanduiding ‘korte termijn’ te verduidelijken of aan te passen, aangezien deze hooguit betrekking kan hebben op de planvorming en niet op de daadwerkelijke realisatie. Watergebonden bedrijvigheid en vaarwegklasse Wij constateren dat de Havenvisie Fryslân geen uitspraken doet over vaarwegbeleid en dat de POVI het opwaarderen van vaarwegklassen in de toekomst lijkt uit te sluiten.
Dat terwijl er wel een groot belang ligt voor watergebonden bedrijven om deze optie open te houden. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om vaarwegbeleid expliciet onderdeel te maken van de POVI, als logische vervolgstap op de Havenvisie. • Wij vragen om ruimte te houden voor toekomstige opwaardering van vaarwegklassen, in relatie tot economische ontwikkeling en goederenvervoer over water. • Wij verzoeken daarnaast om nader onderzoek en beleidsontwikkeling gericht op het oplossen van knelpunten in vaarwegen, mede in relatie tot: • • •
verduurzaming van transport; versterking van de circulaire economie; optimalisatie van watergebonden bedrijvigheid.
Herstructurering van bestaande bedrijventerreinen Wij onderschrijven het principe dat herstructurering, revitalisering en inbreiding voor uitbreiding gaan. Tegelijkertijd constateren wij dat deze opgave omvangrijk is en vraagt om extra ruimte, tijd, middelen en samenwerking.
8/13
Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om concreet te maken op welke wijze gemeenten worden ondersteund bij deze opgave, mede in relatie tot de energietransitie en de transitie naar een circulaire economie. Campusontwikkeling en bouwcluster De gemeente Heerenveen zet in op campusontwikkeling, met een brede benadering van circulariteit, en ziet kansen voor de ontwikkeling van een bouwcluster. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om duidelijkheid te bieden over het beschikbare instrumentarium om deze ontwikkelingen te faciliteren en te versnellen. Grootschalige detailhandelsvestigingen (GDV) Wij constateren dat de POVI geen uitspraken doet over grootschalige detailhandel en de uitzonderingspositie van Leeuwarden. Volgens ons zou grootschalige detailhandel ook in Heerenveen mogelijk moeten zijn, bijvoorbeeld sport gerelateerd. Wij gaan graag met u in gesprek om hier uitwerking aan te geven. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om hierover duidelijkheid te geven en het beleid ten aanzien van GDV expliciet op te nemen in de POVI en Heerenveen de ruimte te geven voor grootschalige detailhandel.
9/13
Energietransitie Ruimte voor energietransitie Wij waarderen de ruimte die de ontwerp-POVI biedt voor de energietransitie. Met name het denken in toekomstbestendige energiesystemen, zoals energiehubs waarin opwek, opslag en verbruik op elkaar zijn afgestemd, sluit goed aan bij onze lokale aanpak en ambities. Tegelijkertijd constateren wij dat netcongestie in Heerenveen een steeds grotere belemmering vormt voor de ontwikkeling van woningen, voorzieningen, bedrijvigheid en mobiliteit. Juist daarom is een systeembenadering, gebaseerd op de lokale situatie en de principes uit de Friese Energievisie, noodzakelijk. De essentie van ons standpunt is dat deze systeembenadering alleen effectief kan zijn wanneer gemeenten voldoende ruimte krijgen om lokaal maatwerk toe te passen. Onze eerdere zienswijze op de wijziging van de Provinciale Omgevingsverordening (21 mei 2024) blijft daarbij onverkort relevant en vormt de basis voor onderstaande verzoeken. Verzoek tot aanpassing • Daar willen wij aan toevoegen dat wij onderschrijven dat verder onderzocht moet worden wat de waarde is van kernenergie binnen de energiemix. Wij vragen u dit onderzoek, naar wenselijkheid en haalbaarheid, expliciet op te nemen in de POVI. Windenergie en energiesysteem Windenergie is een onmisbare schakel in een robuuste energiemix.
Het draagt bij aan de lokale systeembalans en vergroot het draagvlak voor de energietransitie. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u dan ook om in de POVI windenergie op alle schaalniveaus mogelijk te maken, zodat gemeenten samen met de mienskip passende lokale afwegingen kunnen maken. Daarnaast vragen wij om: • Een minimale tiphoogte van 180 meter voor windturbines mogelijk te maken; • de maximale levensduur van windturbines en zonneparken te handhaven op 30 jaar (en niet te verkorten naar 25 jaar); • Nieuwe initiatieven voor dorpsmolens ook buiten bestaand stedelijk gebied toe te staan. Lokaal eigendom en energiegemeenschappen Heerenveen hecht grote waarde aan lokaal eigendom en zeggenschap in de energietransitie. Dit draagt bij aan draagvlak en een eerlijke verdeling van lusten en lasten. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om het vereiste aandeel lokaal eigendom vast te stellen op minimaal 50% (in plaats van 60%). Dit biedt een betere balans tussen lokale zeggenschap, investeringsbereidheid en financierbaarheid. Daarmee wordt de haalbaarheid vergroot. Wij ondersteunen de aandacht voor energiegemeenschappen in de POVI en vragen om deze verder te faciliteren in beleid en uitvoering.
10/13
Zon-op-land en ruimtelijke afweging Wij onderschrijven het belang van zorgvuldig ruimtegebruik, maar zien dat aanvullende flexibiliteit nodig is om de energietransitie haalbaar te houden. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om meer ruimte te bieden voor zonne-energie op landbouwgrond, wanneer dit lokaal de meest passende oplossing is, bijvoorbeeld: • • •
bij versnelling van de warmtetransitie; wanneer koppeling met bestaande voorkeurslocaties niet mogelijk is; op minder productieve landbouwgronden.
Wij benadrukken dat ons gemeentelijk beleid reeds borgt dat deze ontwikkelingen zorgvuldig worden ingepast (landschap, biodiversiteit, lokaal eigendom en schaal). Lokale regie en maatwerk De energietransitie vraagt om gebiedsspecifieke oplossingen. Niet elke locatie is geschikt, en niet elke ontwikkeling is wenselijk. Juist daarom is lokale afwegingsruimte essentieel. Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om gemeenten meer beleidsruimte te geven om lokaal maatwerk toe te passen bij energieprojecten. Deze ruimte is nodig om per situatie een integrale afweging te maken tussen energiesysteem, landschap en draagvlak. Wij benadrukken dat deze ruimte niet automatisch leidt tot meer ontwikkeling, maar juist tot betere en zorgvuldiger afgewogen keuzes. Aanvullende ruimtevragen energiesysteem Om het energiesysteem toekomstbestendig te maken, is aanvullende ruimtelijke flexibiliteit nodig. Verzoek tot aanpassing Wij verzoeken u om in de POVI expliciet ruimte te bieden voor: • •
Energieopslag op alle schaalniveaus, inclusief grootschalige opslag (>100 MW), bijvoorbeeld bij onderstations of energiehubs op bedrijventerreinen; Warmtenetten, inclusief ruimte voor warmtebronnen, opslag en distributie, zowel op bedrijventerreinen als, naar aard en schaal, in woonwijken.
Tot slot spreken wij onze waardering uit voor de positionering van Heerenveen binnen de Uitnodigingszone Heerenveen-Joure. Wij zien dit als een kans om samen met de provincie en partners de energietransitie gebiedsgericht en in samenhang vorm te geven.
11/13
Landelijk gebied Agrarische sector Het buitengebied van Heerenveen is grofweg opgedeeld in twee delen: het noordelijke veenweidegebied en de oostelijke Friese Wouden. De agrarische ondernemers in deze gebieden ervaren andere opgaven. Daarnaast is Heerenveen, met meerdere fabrieken, een spil in de melk verwerkende industrie. Gezien de aard en omvang van de opgaven in het landelijk gebied, staat de gehele sector voor een transitie. Wij erkennen de waarde van de agrarische sector en werken graag met u samen binnen deze transitie. Het helpt hierbij om verder uitwerking te geven van begrippen, zoals: landbouwhoofdstructuur en boerdiversiteit. Verzoek tot aanpassing • Geef verder uitwerking aan begrippen, zoals: landbouwhoofdstructuur en boerdiversiteit. Water en Bodem De gemeente Heerenveen onderschrijft het belang van een toekomstbestendig water- en bodemsysteem, zoals benoemd in de ontwerp-POVI. De basis hiervoor is gelegd in de Blauwe Omgevingsvisie van Wetterskip Fryslân (BOVI/FK2050+), die richting geeft aan de Friese opgaven voor water en bodem. Voor een houdbaar en toekomstbestendig systeem en voor duidelijkheid richting landbouw en ruimtelijke ontwikkeling, vragen de principes uit de BOVI om het maken van (soms lastige) keuzes. Wij constateren dat deze keuzes, of eventuele gemotiveerde afwijkingen daarvan, in de ontwerp-POVI nog onvoldoende zichtbaar zijn.
De variatie in formuleringen over dit onderwerp versterkt dit beeld. De teksten lopen uiteen van ‘met aandacht voor water en bodem’, via ‘landgebruik dat beter is afgestemd op het natuurlijke water- en bodemsysteem’, tot ‘water richtinggevend bij ruimtelijke ontwikkeling’, ‘water en bodem vormt het fundament’ en zelfs ‘water en bodem als basis’. Wij begrijpen dat de verdere uitwerking van het thema water en bodem onderdeel wordt van het op te stellen Regionaal Waterprogramma (RWBP). Verzoek tot aanpassing • Wij zien graag dat in de Provinciale Omgevingsvisie de gemaakte en nog te maken keuzes al zo eenduidig mogelijk worden opgenomen. Daarmee ontstaat een helderder beeld van de koers voor water en bodem in Fryslân richting 2050, eventueel met tussendoelen die de ontwikkelrichting concreter maken. Veenweidegebied In de Omgevingsvisie geeft u extra aandacht aan gebieden met meervoudige opgaven zoals het veenweidegebied. Onze indruk is dat de opgaven in het veenweidegebied de afgelopen jaren deels nog toegenomen zijn. Dat blijkt uit uw ontwerp-POVI en uit de ontwerp-Nota Ruimte. Zo is een deel van het veenweidegebied inmiddels ook zoekgebied voor grondwaterreserves en aanvullende strategische voorraden grondwater voor de drinkwatervoorziening.
Ook stelt de ontwerp-Nota Ruimte dat er een peilverhoging naar 2040 centimeter beneden maaiveld nodig is in het veenweidegebied, wat verder gaat dan het huidige veenweideprogramma.
12/13
In de omgevingsvisie geeft u aan dat de voornaamste opgave in het veenweidegebied het beperken van veenoxidatie en bodemdaling is en dat het lopende Friese Veenweideprogramma op de lange termijn (2050) streeft naar een blijvend evenwicht, waarin veenafbraak, bodemdaling en CO₂-uitstoot nagenoeg zijn gestopt, natuur en landschapskwaliteiten zijn verbeterd, funderingen niet verder worden aangetast en de landbouw zich heeft aangepast aan de veranderde omstandigheden. Uit de Passende Beoordeling en de milieueffectrapportage (MER) blijkt dat het huidige programma onvoldoende is om de doelen voor 2050 te halen en dat aanvullende maatregelen nodig zijn, onder meer rond Natura 2000-gebieden. De ambitie voor het veenweidegebied gericht op 2050 (zoals de hele omgevingsvisie), de toename van opgaven en de conclusie van MER en Passende Beoordeling zijn voor u geen aanleiding geweest om duidelijkheid te geven over het vervolg van het veenweideprogramma, waar we samen met u tot 2030 aan werken. Voor inwoners en (agrarische) ondernemers is duidelijkheid over de aanpak van de opgaven noodzakelijk. Wij vinden het logisch om het programma te herijken, te verbreden met alle relevante opgaven en te verlengen tot 2050.
Ook is het belangrijk dat de provincie zich committeert aan voortzetting na 2030 en middelen 8 beschikbaar stelt, en dat het rijk sterker wordt verbonden, bijvoorbeeld via aanwijzing als uitnodigingszone en/of NOVEXgebied. Tegelijkertijd vragen wij om zorgvuldig om te gaan met reeds gemaakte afspraken in gebiedsprocessen, zoals in Akkrumer Goedland en Aldeboarn-De Deelen. Verzoek tot aanpassing •
Wij verzoeken u daarom in de Omgevingsvisie expliciet aan te geven dat u het veenweideprogramma wilt voortzetten en hoe u dat wilt doen en zo duidelijkheid te bieden aan het gebied en aan ons als partner.
Zuidoost-Fryslân Het oostelijke deel van de gemeente Heerenveen maakt deel uit van de Zuidelijke Friese Wouden. Dit gebied wordt gekenmerkt door beekdalen, het coulisselandschap, hoogveen en hogere zandgronden. Dit gebied heeft specifieke opgaven, zoals verdroging, waterbuffers in de beekdalen en stikstofgevoelige natuur. Wij onderschrijven dat dit gebied, net als het veenweidegebied, een gebiedsgerichte en integrale aanpak vraagt. De benadering sluit aan bij onze wens om opgaven in het landelijk gebied integraal en gebiedsgericht op te pakken: “ien kear op it hiem”. Wij constateren echter dat de begrenzing van de ‘Uitnodigingszone landelijk gebied, Zuidoost Fryslân’ in de POVI afwijkt van eerdere provinciale kaders, zoals de Friese aanpak stikstofreductie en het Uitvoeringsprogramma Stikstof. Hierdoor ontstaat onduidelijkheid over de reikwijdte van de opgaven. Daarnaast ontbreekt het aan voldoende scherpte in de aard en omvang van de opgaven in dit gebied. Voor inwoners en (agrarische) ondernemers is juist duidelijkheid nodig over wat er van hen wordt verwacht en welk handelingsperspectief zij hebben.
Verzoek tot aanpassing • Wij verzoeken u om één eenduidige begrenzing te hanteren voor Zuidoost-Fryslân en deze consistent door te voeren in beleid en programma’s; • Daarnaast vragen wij u om de opgaven in dit gebied concreet te maken, zowel kwalitatief als kwantitatief (bijvoorbeeld voor stikstofreductie en natuurherstel).
13/13