CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Ruimtelijke onderbouwing inclusief bijlagen (OUD)

Raadsvergadering 11 december 2025, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Bouw woning hoek Uhlweg–K.J. Visserstraat Heerenveen - verklaring van geen bedenkingen (VVGB)18.554 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Kaartenkijkdoos. 4. 3

Overige provinciaal beschermde gebieden

Het plangebied is niet aangewezen als ganzenrust- en foerageergebied of weidevogelkans-/weidevogelkerngebieden (Bron: Kaartenkijkdoos provincie Fryslân). Om deze reden is negatief effect niet aan de orde.

7 december 2023 - Toetsing

Wet natuurbescherming in het kader van de bouw van een vrijstaande woning aan de Uhlweg te Heerenveen.

9

5. Toetsing

soortenbescherming

Vanuit de Wnb is de soortbescherming verdeeld in de drie categorieën: vogels , overige Europees beschermde soorten en andere nationaal beschermde soorten. Binnen de Wet natuurbescherming vullen Europese en nationale wetgeving elkaar aan. De Europees beschermde soorten genieten een iets zwaardere bescherming dan de nationaal beschermde soorten. Zo geldt voor de nationale soorten geen verbod op het verstoren , iets wat wel het geval is bij de Europees beschermde soorten. Naast de beschermde soorten dient men de ‘Zorgplicht’ in acht te houden. Dit houdt in dat ongeacht of dier- en plantensoorten beschermd zijn , eenieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de instandhouding van de soort(en) en zijn habitat (Ministerie van Economische Zaken , dec. 2016). Bij de toetsing soortenbescherming wordt getoetst of mogelijk aanwezige beschermde soorten binnen de invloedsfeer van het planvoornemen al dan niet hinder kunnen ondervinden van het plan.

Flora

5. 1

Er zijn tijdens het veldbezoek geen wettelijk beschermde plantensoorten aangetroffen. Aangetroffen flora zijn o. a. diverse grassoorten , Vlinderstruik , Wilde liguster , Amerikaanse vogelkers , Haagliguster , Hulst , jonge Boswilg , Druifstruik spec. , Coniferen spec. , Pontische Rododendron , Braam spec. , en Klimop. Op basis van de verspreidingsgegevens en het ter plaatse aanwezige habitat wordt er geen beschermde flora binnen het plangebied verwacht. Overtreding van een verbodsbepaling binnen de Wnb op het onderdeel flora is daarmee uitgesloten. 5. 2

Zoogdieren

5. 2. 1

Grondgebonden zoogdieren

In de ruime omgeving zijn waarnemingen bekend van diverse beschermde soorten als de boommarter , damhert , bunzing , das en eekhoorn (Bron: NDFF). Beschermde grondgebonden zoogdieren worden op basis van het ontbreken van geschikt leefgebied niet verwacht in het plangebied. Daarnaast zijn binnen de invloedsfeer van het planvoornemen geen sporen aangetroffen die aanwezigheid van beschermde soorten doet vermoeden.

Egel De egel komt in de ruime omgeving van het plangebied voor. Tijdens het veldbezoek zijn geen egels waargenomen. De egel leeft in bijna alle landschappen. Tuinen , bosranden , struweel en loofbos , liefst met ondergroei , zijn goede leefgebieden. Egels komen ook in steden voor , zolang er maar groen en schuilplaatsen aanwezig zijn. Egels hebben min of meer een vast leefgebied , maar ze hebben geen ‘territorium’ dat ze verdedigen tegen soortgenoten. Egels zijn nachtactief. Overdag slapen ze in een moeilijk te vinden nest van bladeren , mos of ander materiaal dat zich vaak onder (braam)struiken of takkenbossen bevindt. Een groot deel van het jaar (november/december tot april/mei) zijn ze in winterslaap , waaruit ze af en toe wakker kunnen worden (Provincie Overijssel , 2019). De open ruimte in het midden van het plangebied , met voldoende dekking en ondergroei in de vorm van met name braamstruiken , biedt potentiële rust-/ en verblijfplaatsen voor de egel. Het is niet uitgesloten dat de egel hier gebruik van maakt als de beoogde werkzaamheden van start gaan (september 2024). De egel geniet van een provinciale vrijstelling van bescherming. Vanwege deze vrijstelling is er geen ontheffing vereist. Wel dient men voor deze soort rekening te houden met de Zorgplicht. Dit houdt in dat er geen egels mogen worden verwond/gedood. Dit dient te worden voorkomen.

De meest kwetsbare periode (voortplantingsperiode) voor de egel is juni tot oktober. In deze periode worden de jongen geboren. Door de ondergroei/braamstruiken vroeg in het voorjaar of na september (vóór 15 maart iv. m. het vogelbroed7 december 2023 - Toetsing

Wet natuurbescherming in het kader van de bouw van een vrijstaande woning aan de Uhlweg te Heerenveen.

10

seizoen) kort te maaien/te verwijderen wordt het plangebied ongeschikt gemaakt voor potentiële voortplantingsplaatsen. Daarnaast dient er langzaam in één richting te worden gewerkt zodat egels in (winter)slaap kunnen ontsnappen en/of verplaatst worden naar een geschikt biotoop. 5. 2. 2 Vleermuizen Alle 20 vleermuissoorten in Nederland zijn beschermd in de Wet natuurbescherming. Hierbij gaat het om de bescherming van verblijfplaatsen , essentiële vliegroutes en essentiële foerageergebieden. In de omgeving komen de gewone dwergvleermuis , ruige dwergvleermuis , laatvlieger , gewone grootoorvleermuis , meervleermuis , rosse vleermuis en watervleermuis voor. Tijdens het veldbezoek is gelet op de mogelijke aanwezigheid van beschermde waarden van deze soorten.

Verblijfplaatsen Bij de inspectie is geconstateerd dat de vervallen schuur ongeschikt is voor verblijfplaatsen van vleermuizen. Er zitten meerdere grote gaten in het dak van de schuur waardoor het een tochtig geheel vormt (figuur 3 , p. 6). In de directe omgeving bevinden zich meerdere gebouwen met daken waar invliegmogelijkheden aanwezig zijn welke mogelijk toegang bieden naar potentieel geschikte verblijfplaatsen van de eerdergenoemde vleermuizen. Daarnaast bieden de houten boeidelen van het transformatorhuisje geschikte invliegopeningen voor vleermuizen (figuur 11). Lichtverstrooiing naar de gebouwen kan effect hebben op de functie van mogelijke verblijfplaatsen. Om lichtverstoring te voorkomen , dient men te voorkomen dat de omliggende gebouwen met licht beschenen wordt tussen zonsondergang en zonsopkomst. De korte bomen in het plangebied zijn gecheckt op holtes en scheuren welke mogelijk potentieel geschikte verblijfplaatsen herbergen van boombewonende soorten , de ruige dwergvleermuis , rosse vleermuis en de watervleermuis. Deze zijn niet aangetroffen.

Figuur 11. Meerdere gebouwen in de directe omgeving met mogelijke invliegopeningen voor vleermuissoorten. Inzet: transforma-

torhuisje.

Vliegroute De korte bomen en struwelen rondom het plangebied kunnen door vleermuizen worden gebruikt om te navigeren. Het is daarom van belang lichtverstrooiing richting deze groene strook te voorkomen tussen zonsondergang en zonsopkomst. Foerageergebied Het plangebied , dat wordt gekenmerkt als een overwoekerde tuin met korte bomen , kan prima dienen 7 december 2023 - Toetsing

Wet natuurbescherming in het kader van de bouw van een vrijstaande woning aan de Uhlweg te Heerenveen.

11

als foerageergebied voor soorten als de ruige- en gewone dwergvleermuis. Men dient om deze redenen in het kader van de Zorgplicht een toename van verlichting richting het plangebied zo veel mogelijk te beperken tussen zonsopkomst en zonsondergang om verstoring van foeragerende vleermuizen te voorkomen. 5. 3

Broedvogels

5. 3. 1

Huismus

Huismussen zijn zeer honkvast en hebben een actieradius van hooguit enkele honderden meters. Ze blijven het gehele jaar op dezelfde plek. De huismus hecht grote waarde aan korte bomen en struweel in zijn broedgebied. Door het verdwijnen van geschikt habitat en broedmogelijkheden is er een enorme achteruitgang van de huismusstand. Het nest wordt elk jaar opnieuw gebruikt. Om deze redenen zijn nesten van huismussen jaarrond beschermd. Tijdens het veldbezoek zijn geen huismussen in en rondom het plangebied waargenomen , echter zijn er in de ruime omgeving waarnemingen bekend van de huismus (Bron: NDFF). De aanwezige korte bomen en struwelen in het plangebied bieden beschutting tegen predatoren en geven mogelijkheden om te foerageren op insecten. De nestplaats is in de regel gebonden aan bebouwing en huismussen broeden bij voorkeur onder dak- en nokpannen met houten dakbeschot. Rondom het plangebied is voldoende bebouwing aanwezig waar de huismus gebruik van kan maken. Daarnaast zijn er in de directe en ruime omgeving meerdere nestkasten waargenomen waar de huismus in kan nestelen (figuur 12 - 13). Het struweel binnen het plangebied kan essentieel zijn ter dekking voor eventuele nestplaatsen in de directe omgeving. Het is zonder nader onderzoek niet uit te sluiten dat het planvoornemen tot aantasting van de functionaliteit van huismusnestplaatsen leidt.

g.

Figuur 12. Potentiële invliegopeningen vanuit de dakgoot voor de huismus , woning aan de noordoostzijde van het plangebied. 5. 3. 2

Figuur 13. Nestkasten aan de woning aan de zuidoostzijde van

het plangebied.

Overige broedvogels (niet jaarrond beschermde nesten)

Tijdens het broedseizoen (grofweg 1 mrt. t/m aug. ) kunnen er vogels in het plangebied broeden waarvan het nest niet jaarrond beschermd is. Het betreft o. a. de merel , winterkoning en roodborstje. Voor 7 december 2023 - Toetsing

Wet natuurbescherming in het kader van de bouw van een vrijstaande woning aan de Uhlweg te Heerenveen.

12

soorten waarvan het nest niet jaarrond beschermd is , dient men rekening te houden met het feit dat ieder nest , mits op dat moment in gebruik , beschermd is. Dit houdt in dat er geen wezenlijke verstoring mag plaatsvinden , waardoor de vogel het nest verlaat. 5. 4

Amfibieën

en

reptielen

Tijdens het veldbezoek zijn geen amfibieën en reptielen waargenomen in het plangebied. Op basis van het aanwezige habitat binnen en direct rondom het plangebied , wordt niet verwacht dat er beschermde soorten aanwezig zijn. Het terrein is geschikt leefgebied voor algemeen voorkomende amfibieën (b. v. bruine kikker , gewone pad). Voor deze soorten geldt een vrijstelling in het kader van bestendig beheer , bestendig gebruik , onderhoud aan infrastructuur of ruimtelijke ontwikkelingen. Echter , te allen tijde is de Zorgplicht van kracht. Daarnaast worden er in het plangebied op basis van het terplaatse aanwezige habitat en verspreidingsgegevens geen reptielen (als bijv. de levendbarende hagedis en ringslang) in het plangebied verwacht. Indien rekening wordt gehouden met de Zorgplicht (denk aan werken in één richting) , is er geen sprake van overtreding van de Wet natuurbescherming. 5. 5

Vissen

5. 6

Ongewervelden

Een negatief effect op vissen wordt uitgesloten omdat er geen watergangen worden aangetast door het beoogde planvoornemen. Daarnaast worden er geen beschermde vissoorten in de directe omgeving van het plangebied verwacht. In en rond het plangebied komen geen wettelijk beschermde ongewervelden voor. Dit wordt geconcludeerd op basis van de verspreidingsgegevens en het ontbreken van kritische habitats in de directe omgeving. Voor beschermde libellen ontbreken kritische habitats als verlandende waterlopen met waardplanten als bijvoorbeeld de krabbenscheer. Overtreding van een verbodsbepaling binnen de Wnb op het onderdeel ongewervelden is daarmee uitgesloten.

6. Houtopstanden Als er een (deel van een) houtareaal wordt gekapt van meer dan 10 are (1000 m2) of een (deel van een) bomenrij van minimaal 20 bomen buiten de bebouwde kom kan er sprake zijn van een meld- en/ of herplantingsplicht. Binnen het planvoornemen worden geen bomen gekapt welke onderdeel zijn van een houtareaal of bomenrij als bovengenoemde. Er is derhalve geen sprake van een meld- en/of herplantingsplicht.

7 december 2023 - Toetsing

Wet natuurbescherming in het kader van de bouw van een vrijstaande woning aan de Uhlweg te Heerenveen.

13

7. Samenvatting

en

conclusie flora

en

fauna quickscan

Bureau Schmidt is van doel een nieuwbouw woning te realiseren op een perceel aan de Uhlweg te Heerenveen , hierbij wordt een houten vervallen schuur gesloopt. Men heeft de wens om in september 2024 te starten met de werkzaamheden. De doorlooptijd van de werkzaamheden bedraagt circa 3 maanden. In het kader van de vergunningsaanvraag heeft Succesie Natuurzaken een ecologische toetsing uitgevoerd om duidelijkheid te verschaffen of de geplande werkzaamheden al dan niet in strijd zijn met de Wet natuurbescherming. Gebiedsbescherming Het planvoornemen heeft door bijvoorbeeld trillingen , geluid en oppervlakte verlies geen negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. Gezien de relatief grote afstand (± 10 km) tot stikstofgevoelige gebieden (Rottige Meenthe & Brandemeer) heeft gemeente Heerenveen toegezegd dat een stikstofberekening niet aangeleverd dient te worden. Het plangebied valt namelijk buiten de 5 km criteria grens t. o. v. het dichtsbijzijnd stikstofgevoelige Natura 2000 gebied , welke de gemeente hanteert. Het planvoornemen heeft geen negatief effect op overige beschermde gebieden onder de Wet natuurbescherming en provinciaal beschermde gebieden. Houtopstanden Er is geen sprake van een meld en/of herplantingsplicht omtrent houtopstanden. Soortenbescherming Het planvoornemen is getoetst op het onderdeel soortenbescherming.

Op basis van de ter plaatse aanwezige omstandigheden en verspreidingsgegevens wordt niet verwacht dat het planvoornemen tot een overtreding van een verbodsbepaling zal leiden omtrent beschermde ongewervelden , vissen , amfibieën , reptielen en flora. Mogelijk dat de egel (zoogdieren) gebruik maakt van het gebied. Men dient in het kader van de Zorgplicht de ondergroei/bramenstruiken vroeg in het voorjaar of na september (vóór 15 maart iv. m. het vogelbroedseizoen) kort te maaien/te verwijderen , zodoende wordt het plangebied ongeschikt gemaakt voor potentiële voortplantingsplaatsen. Daarnaast dient er langzaam in één richting te worden gewerkt zodat egels in (winter)slaap kunnen ontsnappen en/of verplaats worden naar een geschikt biotoop. Het is noodzakelijk dat in beeld wordt gebracht of het plangebied elementen van het functionele leefgebied van de huismus herbergt. Hiertoe behoort vooral de plekken waar gefoerageerd en dekking wordt gezocht , zoals de struwelen in het plangebied. Het vaststellen van de locaties van deze plaatsen kan gedurende het gehele jaar het beste rond zonsondergang of rond zonsopgang plaatsvinden.

Tijdens het veldbezoek van de quickscan is reeds eenmaal het plangebied en omgeving gecheckt op de aanwezigheid van huismussen , daarom wordt er nog één bezoek nodig geacht om vast te stellen of het struweel binnen het plangebied een essentiele functie heeft t. a. v. huismusnestplaatsen. Indien er wordt vastgesteld dat het leefgebied wordt aangetast dient er een ontheffing te worden aangevraagd en compensatie plaats te vinden. Tijdens het broedseizoen (grofweg 15 mrt. t/m 15 juli) kunnen broedvogels in het plangebied broeden waarvan het nest niet jaarrond beschermd is. Voor deze soorten dient men rekening te houden met het feit dat ieder nest , mits op dat moment in gebruik , beschermd is. Dit houdt in dat er geen wezenlijke verstoring mag plaatsvinden , waardoor de vogel het nest verlaat. Indien men binnen het vogelbroedseizoen start met de werkzaamheden , dan wordt aangeraden het plangebied vooraf te checken op (potentiële) broedgevallen door een deskundig ecoloog. 7 december 2023 - Toetsing Wet

natuurbescherming in het kader van de bouw van een vrijstaande woning aan de Uhlweg te Heerenveen.

14

Men dient een toename van verlichting richting omliggende gebouwen en het plangebied tussen zonsopkomst en zonsondergang zo veel mogelijk te beperken om verstoring van potentiële vleermuisverblijfplaatsen te voorkomen. Verder dient men tijdens de uitvoer van de werkzaamheden rekening te houden met de Zorgplicht (Artikel 1. 11 wnb). De Zorgplicht geldt voor elke soort/individu in Nederland. Dit houdt in dat men tracht schade aan wilde planten en dieren zo veel mogelijk te voorkomen. Dit kan door een werkwijze te hanteren waarbij dieren kunnen ontsnappen en/of deze te verplaatsen naar een geschikt biotoop.

7 december 2023 - Toetsing Wet

natuurbescherming in het kader van de bouw van een vrijstaande woning aan de Uhlweg te Heerenveen.

15

8. Literatuurlijst Arcadis , feb. 2019. Mitigatiecatalogus Gebouwbewonende Soorten. (PDF) Beschikbaar op: https://www. provinciegroningen. nl/fileadmin/Mitigatiecatalogus_gebouwbewonende_soorten_Centrum_Veilig_Wonen. pdf Ministerie van Economische Zaken , 2017. Wet natuurbescherming (16 december 2015). [Online] Beschikbaar op: http://minez. nederlandsesoorten. nl/content/wet-natuurbescherming-16-december-2015 https://www. arcgis. com/apps/webappviewer/index. html?id=14fdb7eae5844c479140f89c88abddd3 (Kaartenkijkdoos provincie Fryslân) https://www. natura2000. nl/gebieden/friesland/rottige-meenthe-brandemeer/rottige-meenthe-brandemeer-doelstelling

BIJ12 rapporten: Diverse soorten

Geraadpleegde websites: ndff-ecogrid. nl Waarnemingen. nl Google. maps. nl Earth. Google. com Zoogdiervereniging. nl Atlasleefomgeving. nl

7 december 2023 - Toetsing

Wet natuurbescherming in het kader van de bouw van een vrijstaande woning aan de Uhlweg te Heerenveen.

16

Bijlage D Akoessch

onderzoek

Akoestisch onderzoek Woningbouw Uhlweg

Status Versie Rapport Datum

definitief 002 M. 2023. 1468. 00R001 20 maart 2024

dGm* Akoestisch

onderzoek

Colofon Opdrachtgever

Bureau Schmidt

Westerplantage 8911

15 DC Leeuwarden

Contactpersoon opdrachtgever

(geanonimiseerd) mn:

Project

Akoestisch onderzoek woningbouw Offerte en voorbereiding

Betreft Uw kenmerk

Rapport

Heerenveen

M.2023.1468.00R001 20 maart 2024 002 definitief

Datum Versie Status

Uitgevoerd

Uhlweg

door

DGMR Industrie, Verkeer Lavendelheide 2 9202 PD Drachten Postbus 671 9200 AR Drachten

en

Milieu B.V.

Contactpersoon

(geanonimise rd) Weagmr.nl Auteur

(geanonimise rd) dgmr.nl Projectadviseur

(geanonimiseerd)

(geanonimiseerd)

(geanonimise rd) 2e lezer/secr.

GKE | SMI

\EZOZ\UINIOP\ |

ZOZWNO8IH LE

X2OP"ZALO0J089H vT0T-E0-0Z

Akoestisch onderzoek

Inhoud

42 02 30 02 xc do . 2v 10 0r 00 86 41 32 02 \0 m 08 64 1\ 32 02\ \ mco d\ : k

1. Inleiding

4

2. Situatiebeschrijving

5

3. Beoordelingskader 3. 1 Wegverkeerslawaai 3. 2 VNG – publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ 3. 3 Geluidbeleid

7 7 8 9

4. Uitgangspunten 4. 1 Wegverkeerslawaai 4. 2 Omliggende bedrijven

10 10 10

5. Akoestische modellering 5. 1 Onderzoeksmethode 5. 2 Akoestisch rekenmodel

11 11 11

6. Resultaten 6. 1 Wegverkeerslawaai 6. 2 Bedrijven 6. 3 Beschouwing resultaten wegverkeer 6. 4 Beschouwing resultaten bedrijven

13 13 15 16 17

7. Conclusie

18

3

Akoestisch onderzoek

1. Inleiding Het voornemen bestaat om aan de Uhlweg in Heerenveen een woning te realiseren. Op de betreffende kavel is geen bouwvlak in het Omgevingsplan , wat voor deze specifieke locatie is gebaseerd op het bestemmingsplan Heerenveen-Noord (2017-04-10). Om de ontwikkeling mogelijk te maken , is een akoestisch onderzoek nodig. Het gaat in dit geval om een onderzoek met betrekking tot wegverkeerslawaai en een onderzoek in het kader van de beoordeling van de aanvaardbaarheid van het woon- en leefklimaat in relatie tot het bedrijfsklimaat van de omliggende bedrijven. Het overkoepelende doel hiervan is om een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ te borgen. Deze term uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is , vergeleken met de terminologie onder de oude wetgeving (Wro) , het beste te vergelijken met ‘een goede ruimtelijke ordening’. Door dit te borgen , kan worden vastgesteld op welke manier de woning vanuit akoestisch oogpunt gerealiseerd kan worden. Het rapport start met een situatiebeschrijving en een nadere uitleg van het onderzoekkader inclusief akoestische uitgangspunten. Vervolgens volgen de resultaten. Het rapport besluit met de hieruit voortkomende conclusies.

: k\ ocd m\

4

\2 02 3\ 14 68 0 m0\ 20 23 14 68 0 r00 v01 . 2 ocd x - 20 - 03 20 24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=6963abc5-5afc-4e9c-8ec7-33d568040651