Bijlage 2 - Reactienota
Tekst van het document
Reactienota betreffende de zienswijze van Dommerholt Advocaten (namens cliënt, de heer M. Woudstra tegen het ontwerpbesluit voor het bouwen van een woning op de locatie Uhlweg 38 te Heerenveen. De feiten Op 21 december 2023 hebben wij een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het bouwen van een woning op het perceel op de Uhlweg / K J Visserstraat te Heerenveen, kadastraal bekend kadastraal bekend TLB00A11622. Deze aanvraag omvat het bouwen van een woning. De start van de uitgebreide voorbereidingsprocedure met toepassing van artikel 2.12 lid 1 sub. a onder 3° van de van de Wabo betrof de bekendmaking van de ontwerp omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning op de locatie Uhlweg 38 te Heerenveen. De kennisgeving van de ontwerp omgevingsvergunning is gepubliceerd in de plaatselijke nieuwsbladen, op de gemeentelijke website en in de Staatscourant. De ontwerp omgevingsvergunning en kennisgeving met de stukken hebben met ingang van 23 december 2025 gedurende zes weken ter inzage gelegen. De ontwerp omgevingsvergunning is tevens op www.ruimtelijkeplannen.nl elektronisch beschikbaar gesteld. Hiermee is aan de wettelijke kennisgevings- en terinzageleggingsvereisten voldaan. Ontvankelijkheid Gedurende de terinzagetermijn is een ieder in de gelegenheid gesteld (schriftelijk of mondeling) zienswijzen op de ontwerp omgevingsvergunning naar voren te brengen.
Binnen deze termijn is 1 zienswijze ontvangen. De zienswijze is beoordeeld op ontvankelijkheid. In het volgende hoofdstuk is de zienswijze beantwoord en is per zienswijze aangegeven of deze aanleiding geeft tot aanpassing van het bestemmingsplan. Bestemmingsplan Ter plaatse geldt het bestemmingsplan Heerenveen-Noord (vastgesteld 10 april 2017) is het perceel op de plankaart bestemd voor Wonen-3. Het plan voldoet aan de bouwregels (voor wat betreft, de horizontale diepte de goot- en bouwhoogte, de dakhelling) Ter plaatse is geen bouwvlak op de plankaart is aangeven. Daarmee is het bouwplan in strijd met het geldende bestemmingsplan. Zienswijze De ontvangen zienswijzen zijn hieronder samengevat en van antwoord voorzien. 1.
Er is geen sprake van een ‘ontwikkellocatie’ zoals bedoeld in de plantoelichting (van het bestemmingsplan). Er is inderdaad geen sprake van een ‘ontwikkellocatie’, zoals bedoeld in de plantoelichting van het bestemmingsplan. Onderhavig plan voorziet uitsluitend in het toevoegen van één woning binnen de woonbestemming. Het plan voldoet grotendeels aan het geldende bestemmingsplan HeerenveenNoord. In dit bestemmingsplan Heerenveen is het perceel op de plankaart bestemd voor Wonen-3. Het plan voldoet aan de bouwregels (voor wat betreft, de horizontale diepte de goot- en bouwhoogte, de dakhelling) met uitzondering van het feit dat er ter plaatse geen bouwvlak op de plankaart is aangeven. Het plan sluit aan bij de uitgangspunten van de Omgevingsvisie. De criteria uit de eerder vastgestelde beleidsnotitie ‘Binnenstedelijk verdichten’ zijn verwerkt in de Omgevingsvisie. Hierin zijn veelal algemene uitgangspunten beschreven welke ontwikkelingen worden beoogd. Eerder werd strikt gekeken of
er bij een inbreidingsplan sprake was van een stedenbouwkundige verbetering, een milieutechnische knelpunt werd opgelost of leegstaande/verouderde (bedrijf)bebouwing werd vervangen. Deze aspecten wegen nog steeds mee, maar als hier geen sprake van is, hoeft dat niet te betekenen dat geen medewerking kan worden verleend. Dat geldt voor onderhavige locatie. Omdat het hier een hoekperceel betreft, binnen de bestemming wonen, waarvoor geen waardevol groen wordt opgeofferd, en gelet op de ligging en de grootte van het perceel het realiseren van een woning een logische en aanvaardbare ontwikkeling is. De locatie kan daarom worden aangemerkt als een ‘inbreidingslocatie’. Bouwen binnen bestaand stedelijk gebied draagt bij aan een zuiniger en intensiever gebruik van de ruimte. In de gemeente zijn verschillende plekken binnen bestaand bebouwd gebied die kansen bieden voor nieuwbouw of vragen om transformatie. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om (verouderde) bedrijfslocaties in woongebieden, leegstaande (kantoor-)gebouwen, voormalige schoollocaties of inbreidingslocaties. 2.
Een nadere toelichting en concrete onderbouwing met betrekking tot het beschikbare woningcontingent ontbreekt. In het raadsbesluit van 11 december 2025 dat onderdeel uitmaakt van het (ontwerp-)besluit wordt aangegeven dat er bij woningbouwplannen voldoende woningcontingent beschikbaar moet zijn. Voor de kern van Heerenveen is geen contingent van toepassing. Het provinciale beleid ten aanzien van woningcontingent in de drie grote kernen in Friesland (waaronder dus Heerenveen) is in 2022 gewijzigd. Gedeputeerde Staten van de Provincie Fryslân is naar aanleiding van een brief van de gemeente Opsterland in een schriftelijke reactie ingegaan op woningbouwafspraken. In deze reactie, die op 14 juli 2022, is verzonden is beschreven dat een aantal kernen binnenstedelijk vrij kunnen programmeren. In de gemeente Heerenveen zijn dit de kernen Heerenveen, Akkrum en Jubbega. Het afwegingskader is in die zin gewijzigd. Omdat voor de kern van Heerenveen geen contingent van toepassing is, vormt dit geen belemmering voor onderhavig plan.
3.
Voor wat betreft de beoordeling van de milieu-hygiënische aspecten van het voorgenomen besluit tot vergunningverlening ontbreekt een specifieke motivering in dat besluit zelf. Volstaan wordt met een verwijzing naar de in opdracht van de initiatiefneemster opgestelde ruimtelijke onderbouwing. Oorspronkelijk is de aanvraag ingediend onder het regiem van de “oude wetgeving”. Er werden eerst stukken aangeleverd die gebaseerd waren op het “nieuwe” regiem (Omgevingswet). Er heeft vervolgens een discussie met de aanvrager plaatsgevonden onder welk regiem de vergunning zou worden aangevraagd. Uiteindelijk is door de aanvrager toch gekozen voor het “oude” regiem. De aanvraag kon dus doorgaan en de stukken zijn hierop aangepast. Onderdelen van deze discussie worden in de zienswijze aangehaald maar zijn niet relevant voor de beoordeling. De ruimtelijke onderbouwing m.b.t. geluid wordt geleverd in het akoestisch onderzoek van Dgmr (M.2023.1468.00R001, versie 004, 12 september 2024) Wegverkeersgeluid Op basis van een akoestisch onderzoek is berekend dat een hogere waarde nodig is tot 58 dB. Daarnaast zullen dove gevels worden toegepast waar de maximale ontheffingswaarde wordt overschreden.
Een hogere waarde procedure dient te worden doorlopen. Deze is ondertussen opgestart. Bedrijvigheid en geluid (Bedrijven en milieuzonering) De maximale geluidbelasting ten gevolge van het bedrijf Klein design is niet bepaald op basis van de Representatie bedrijfssituatie (RBS) van dat bedrijf. Het bedrijf wordt namelijk al beperkt door de woning Uhlweg 44. De maximale etmaalwaarde (50 dB(A)) op dit pand is als uitgangspunt genomen voor het bepalen van de maximum geluidcapaciteit van dit bedrijf en de waarde op de gevel van de nieuwe woning. De nieuwe woning komt namelijk dichter op het dit bedrijf te liggen. Dit leidt tot een verhoging van 4 dB(A) boven de maximale etmaalwaarde. Hiervoor is een maatwerkprocedure opgestart om dit vast te leggen (54 dB(A)). Op basis hiervan is zowel m.b.t. wegverkeersgeluid en bedrijfsgeluid voldoende weerlegd waarom sprake kan zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. 4.
De voorwaarde met betrekking tot het realiseren van parkeerplaatsen op eigen terrein is onvoldoende geborgd Naast het bestemmingsplan Heerenveen-Noord is ook het bestemmingsplan ‘Partiele herziening bestemmingsplannen parkeren’ van toepassing. Op het perceel worden twee parkeerplaatsen gerealiseerd. Hiermee voldoet het planvoornemen aan de Nota Parkeernormen, welke onderdeel uitmaakt van de ‘Partiële herziening bestemmingsplannen parkeren’. In de voorschriften is opgenomen dat de realisatie van het project geschiedt overeenkomstig de ruimtelijke onderbouwing, inclusief bijlagen, opgenomen planomschrijving. Op de situatietekening zijn 2 parkeerplaatsen ingetekend. Specifiek is in de voorwaarden nog opgenomen dat voor de ingebruikname van de woning de parkeergelegenheid op het eigen terrein moet zijn aangelegd en toegankelijk moet zijn. Hiermee is de realisatie van parkeerplaatsen geborgd. Indien geen gehoor wordt gegeven aan de voorschriften dan kan de gemeente gebruik maken van haar bestuursrechtelijke handhavingsbevoegdheid.
5.
In stedenbouwkundig opzicht wordt niet voldaan aan de in de plantoelichting gestelde criteria. Van een ‘bestaande’ maatvoering is immers geen sprake. In het geldende bestemmingsplan Heerenveen-Noord (vastgesteld 10 april 2017) is het perceel op de plankaart bestemd voor Wonen-3. Het plan voldoet aan alle bouwregels (voor wat betreft, de horizontale diepte de goot- en bouwhoogte, de dakhelling) met uitzondering van het feit dat er ter plaatse geen bouwvlak op de plankaart is aangeven. Om die reden is er omgevingsvergunning voor de activiteit Handelen in strijd met regels RO (artikel 2.1 lid 1 sub c jo. artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3o Wabo) nodig, naast de activiteit Bouwen, voor de realisatie van dit planvoornemen. De gewenste woning wordt gesitueerd op een hoeklocatie binnen de rooilijnen van de reeds aanwezige bebouwing en op de rand van de woonwijk. Gelet op deze situering en op de maatvoering, de kaprichting en de uitvoering (in baksteen) van de gewenste woning, voegt deze zich in de bestaande omgeving. Dit maakt dat de woning op deze locatie, vanuit een stedenbouwkundig oogpunt, aanvaardbaar is.
6.
Het opstellen van een ruimtelijke onderbouwing is opgesteld nadat het principebesluit om een procedure te starten voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning op onderhavige locatie is genomen. Deze conclusie is juist. Het college van B&W heeft op 7 februari 2023 de beginselbereidheid uitgesproken bereid te zijn een procedure te starten voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning op het perceel grond op de hoek Uhlweg-K.J. Visserstraat, met het voorbehoud dat de gemeenteraad bereid is een Verklaring van geen bedenkingen af te geven. Een principebesluit is immers een vroegtijdige indicatie om te beoordelen of een planvoornemen kansrijk is. In dit besluit is aangegeven dat er op voorhand geen ruimtelijke aspecten worden voorzien die een belemmering vormen, maar dat de aanvraag omgevingsvergunning moet worden voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing, waarin moet worden ingegaan om de relevante ruimtelijke aspecten om dit uit te sluiten. Om die reden is geadviseerd om eerst een (concept)aanvraag/vooroverleg in te dienen om dit te onderzoeken.
7.
Er is geen aandacht besteed aan de belangen van diverse omwonenden in het plangebied. Op 28 december 2023 is bekend gemaakt dat er een aanvraag omgevingsvergunning is ontvangen voor de bouw van een woning op de hoek Uhlweg-K.J. Visserstraat te Heerenveen. De publicatie van een aanvraag is alleen bedoeld ter informatie. Op 14 januari 2024 heeft een omwonende op voorhand aangegeven bezwaar te hebben tegen het planvoornemen. De start van de uitgebreide voorbereidingsprocedure met toepassing van artikel 2.12 lid 1 sub. a onder 3° van de van de Wabo betrof de bekendmaking van de ontwerp omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning op de locatie Uhlweg 38 te Heerenveen. De publicatie van de ontwerp-omgevingsvergunning op 23 december 2025 is bedoeld om zienswijzen kenbaar te maken. Van deze mogelijkheid is gebruik gemaakt. Voorafgaand aan het vaststellen van het ontwerpbesluit is de aanvraag omgevingsvergunning behandeld in de vergadering van de raadscommissie ROM van 4 december 2025. Tijdens deze vergadering heeft een omwonende gebruik gemaakt van de mogelijkheid om in te spreken. Deze omwonende heeft ook verschillende fractievergaderingen bezocht om aandacht te vragen voor onderhavig planvoornemen. Hieraan voorafgaand is er verschillende malen ambtelijk (telefonisch) contact geweest. Een bestuurlijk gespreksvoorstel (met portefeuillehouder) is door reclamant afgezegd.
De door omwonende aangedragen punten hebben niet geleid tot het innemen van een ander standpunt. De raad heeft op 11 december 2025 besloten om een Verklaring van geen bedenkingen af te geven. Bij de voorbereiding om te komen tot een ontwerpbesluit omgevingsvergunning is een ruimtelijke onderbouwing vereist. In deze onderbouwing zijn de ruimtelijke aspecten afgewogen, waaronder die van de omgeving. Conclusie De ingediende zienswijzen geven geen aanleiding tot het innemen van een ander standpunt met betrekking tot het ingediende planvoornemen