Bijlage 2 - Ontwerp omgevingsvergunning
Tekst van het document
OMGEVINGSVERGUNNING
2023-399
Burgemeester en Wethouders hebben op 21 december 2023 van Gemeente Heerenveen, Fok 78, 8441 BR in Heerenveen een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het aanleggen van een parkeerterrein. De aanvraag betreft de locatie Wjitteringswei achter nummer 1 te Aldeboarn en is geregistreerd onder nummer 2023-399. Besluit Burgemeester en wethouders besluiten, gelet op artikel 2.1, 2.12 en 3.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht (Awb) de omgevingsvergunning te verlenen. De omgevingsvergunning wordt verleend onder de bepaling dat de gewaarmerkte stukken deel uitmaken van de vergunning. De omgevingsvergunning wordt verleend voor de volgende activiteiten: Handelen in strijd met regels RO (artikel 2.1 lid 1 sub c jo. artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3o Wabo). Werk- of werkzaamheden uitvoeren (artikel 2.1 lid 1 sub b Wabo). Voorwaarden De realisatie van het project geschiedt conform de ingediende situatietekeningen en ‘Ruimtelijke onderbouwing’ en overeenkomstig de hierin opgenomen planbeschrijving. Burgemeester en wethouders kunnen deze vergunning bij besluit intrekken in de gevallen, genoemd in artikel 2.33 lid 2 Wabo. Burgemeester en wethouders van Heerenveen. De gemeentesecretaris, De burgemeester,
J. van Leeuwestijn
mevrouw M.A. Fokkens-Kelder
Procedure De omgevingsvergunning is voor 1 januari 2024 ingediend en conform artikel 4.3 van de Invoeringswet Omgevingswet volgens de uitgebreide voorbereidingsprocedure van § 3.3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voorbereid. De aanvraag heeft betrekking op de activiteit ‘handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening’, artikel 2.1 lid 1 sub c, en is beoordeeld aan artikel 2.12 van de Wabo. Tevens heeft de aanvraag betrekking op de activiteit ‘het uitvoeren van een werk of van werkzaamheden’, artikel 2.1 lid 1 sub b Wabo. Er is voldoende aannemelijk gemaakt dat de aanvraag voldoet aan de van toepassing zijnde regels en voorschriften, zodat de gevraagde omgevingsvergunning kan worden verleend. Ontvankelijkheid Na ontvangst van de aanvraag is deze aan de hand van de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor) getoetst op ontvankelijkheid. De aanvraag bevat voldoende informatie voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook ontvankelijk en in behandeling genomen. Projectomschrijving Het plan omvat het aanleggen van een parkeerterrein op de locatie Wjitteringswei achter nummer 1 in Aldeboarn. Het projectgebied valt binnen het bestemmingsplan “Aldeboarn” en heeft de bestemming ‘Tuin’ en ‘Verkeer’, met de dubbelbestemming ‘WaardeCultuurhistorie’.
Het plan past deels niet binnen het bestemmingsplan en is hiermee dan ook strijdig. Er kan alleen medewerking worden verleend als van het bestemmingsplan wordt afgeweken. De aanvraag is voorzien van een ruimtelijke onderbouwing, waarin wordt ingegaan op de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, beleidskaders en relevante ruimtelijke aspecten. De ruimtelijke onderbouwing maakt, evenals de overige bij de aanvraag behorende bijlagen, integraal onderdeel uit van dit besluit. Zienswijzen Het voornemen om een omgevingsvergunning te verlenen voor de aangevraagde activiteiten is digitaal gepubliceerd in het Gemeenteblad. Vervolgens hebben de ontwerpomgevingsvergunning en (ontwerp)verklaring van geen bedenkingen en de daarbij behorende stukken met ingang van [dd-mm-jjjj]gedurende zes weken ter inzage gelegen en is een ieder in de gelegenheid gesteld om zienswijzen kenbaar te maken. Van deze mogelijkheid is [wel of niet] gebruik gemaakt. In het raadsbesluit van …..(kenmerk …..) staat onder beslispunt ….dat deze verklaring als definitieve verklaring van geen bedenkingen aangemerkt wordt wanneer er geen zienswijzen over de ontwerpverklaring zijn ingediend. Het aanvraagformulier en bijlagen maken onderdeel uit van dit besluit.
Vooroverleg met provincie Op grond van artikel 6.18 Besluit omgevingsrecht (Bor) is op de voorbereiding van een omgevingsvergunning die wordt verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 3°, van de Wabo het overleg als bedoeld in artikel 3.1.1. van Besluit ruimtelijke ordening (Bro) van toepassing. In dit verband is geen overleg gevoerd met team Omgevingszaken van de provincie. Het plan valt binnen bestaand stedelijk gebied, waarvoor (voor)overleg op basis van de notitie Verordening Romte Fryslân niet noodzakelijk is.
Kennisgeving ontwerp omgevingsvergunning provincie Gelet op het bepaalde in artikel 6.12 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) is de ontwerpomgevingsvergunning toegezonden aan Gedeputeerde Staten. Op …… is de kennisgeving naar de provinciale afdeling Omgevingszaken gestuurd om op het ontwerpbesluit te kunnen reageren. Er is geen reactie van de provincie gekomen. Bijgevoegde documenten De volgende documenten behoren bij het besluit: - Aanvraagformulier, d.d. 21-12-2023 - Aldeboarn_Parkeerplaats_Wjitteringswei_1_ontwerp_1_compressed - Parkeerpl._Sudkant_Aldeboarn-Loc_3 - Raadsbesluit Beroep Tegen het besluit kan door belanghebbenden beroep worden ingesteld bij de Rechtbank Noord-Nederland, Afdeling bestuursrecht, Postbus 150, 9700 AD Groningen. Deze mogelijkheid staat open voor belanghebbenden die over het ontwerpbesluit tijdig hun zienswijzen bij het college hebben ingebracht en die redelijkerwijs niet kan worden verweten dat zij geen of niet tijdig zienswijzen bij de gemeenteraad naar voren hebben gebracht. De beroepstermijn bedraagt zes weken en vangt aan met ingang van de dag na die waarop het besluit ter inzage is gelegd.
Het beroepschrift moet op grond van artikel 6:5 jo 7:1 van de Awb ondertekend zijn en moet ten minste bevatten de naam en het adres van de indiener, de dagtekening en een omschrijving van het besluit waartegen het beroep zich richt, alsmede de gronden van het beroep. Bij het beroepschrift dient zo mogelijk een afschrift van dit besluit te worden overgelegd. Tevens kan de indiener van een beroepschrift aan de voorzieningenrechter van voornoemde rechtbank verzoeken om een voorlopige voorziening te treffen indien de indiener van het beroepschrift van mening is dat onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, vereist is. U kunt ook digitaal beroep instellen bij de genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op de genoemde site voor de voorwaarden. Voor het instellen van beroep is een griffierecht verschuldigd. De griffier zendt hiervoor een rekening. Inwerkingtreding en geldigheid omgevingsvergunning De omgevingsvergunning treedt in werking met ingang van de dag na afloop van de termijn voor het indienen van een beroepschrift, tenzij ook een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend.
Als binnen de termijn voor het indienen van een beroepschrift een verzoek om voorlopige voorziening is gevraagd treedt de omgevingsvergunning niet in werking voordat op dat verzoek is beslist.
Inhoudelijke beoordeling I.
Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan
Aan het besluit liggen de volgende inhoudelijke overwegingen ten grondslag: In artikel 2.1 eerste lid onder c Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is bepaald dat het verboden is zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren voor zover dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan. In artikel 2.12 eerste lid onder a 1°, 2° en 3° Wabo is aangegeven wanneer een omgevingsvergunning voor de activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c kan worden verleend. Het bestemmingsplan en de algemene afwijkingsregels bieden geen mogelijkheid om af te wijken. Medewerking kan hier alleen worden verleend met een zogenaamd project afwijkingsbesluit op grond van artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 3° van de Wabo. Bestemmingsplan De gronden vallen binnen het bestemmingsplan “Aldeboarn” en zijn hierin bestemd als 'Tuin en Verkeer’, met de dubbelbestemming ‘Waarde-Cultuurhistorie’. De voor ‘Tuin’ aangewezen gronden zijn bestemd voor een tuin behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen. Binnen deze bestemming is het niet toegestaan om de gronden in gebruik te nemen als parkeerterrein. Een deel van het projectgebied valt binnen de bestemming ‘Verkeer’, waarin het aanleggen van parkeervoorzieningen wel is toegestaan.
De gronden met de dubbelbestemming ‘Waarde-Cultuurhistorie’ zijn bestemd voor het behoud, de bescherming en/of het herstel van het beschermd dorpsgebied. Voor de gronden geldt ook de regeling uit de ‘Partiële herziening bestemmingsplannen parkeren’. Deze herziening is opgesteld om erop toe te zien dat in alle bestemmingsplannen rekening wordt gehouden met de aanleg van voldoende parkeergelegenheid door toetsing aan de gemeentelijke parkeernormennota. In verband met de bestemming ‘Tuin’ is het plan dan ook deels strijdig met het bestemmingsplan. Er kan alleen medewerking worden verleend als van het bestemmingsplan wordt afgeweken, middels een uitgebreide procedure (op grond van artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3° Wabo). Verklaring van geen bedenkingen De Wabo bepaalt in artikel 2.27 in samenhang met artikel 6.5 Bor dat, indien het voornemen bestaat om een omgevingsvergunning te verlenen in afwijking van het geldende bestemmingsplan, de gemeenteraad vooraf hiervoor een zogenaamde verklaring van geen bedenkingen dient te verlenen. De verklaring kan slechts worden geweigerd in het belang van een goede ruimtelijke ordening. De gemeenteraad heeft op ….. een (ontwerp)verklaring van geen bedenkingen afgegeven voor dit project. Ruimtelijke aspecten De aanvraag is voorzien van een ruimtelijke onderbouwing, waarin verschillende ruimtelijke aspecten zijn benoemd.
De volgende omgevingsaspecten zijn dan ook beoordeeld/afgewogen. 1. Verkeer en parkeren Op dit moment zijn er voornamelijk parkeergelegenheden in het historisch centrumgebied, hetgeen een negatieve invloed heeft op de beleving van de cultuurhistorische waarden van Aldeboarn. Het is daarom wenselijk om aan de randen net buiten het centrumgebied te laten parkeren, maar wel op zodanige afstand zodat het centrum te voet bereikbaar blijft. In de
toekomstige situatie neemt het aantal parkeerplekken niet toe door deze ontwikkeling, aangezien het gaat om een ‘verplaatsing’ van parkeerplekken. Het parkeerterrein is bereikbaar via de parallelweg. Via de parallelweg is de N392 te bereiken, die aansluit op het omringende wegennetwerk. Er worden 12 haakse parkeervakken aangelegd en het terrein heeft een oppervlakte van circa 250 m2. Ten noorden van de parkeerplaats wordt het bestaande hekwerk naar achter verplaatst en een heg aangelegd, om (licht)hinder te voorkomen. Door de heg ontstaat een groene afscheiding tussen de woning aan de Wjitteringswei 1 en de parkeervakken. Hiermee is sprake van een goede ruimtelijke inpassing. De parkeerplaats op zich heeft geen verkeersaantrekkende functie omdat het parkeerterrein wordt gerealiseerd ten behoeve van een andere functie (in dit geval de centrumfunctie van Aldeboarn). Daardoor ontstaat er geen extra verkeersgeneratie en parkeerbehoefte. Verder draagt het verplaatsen van de parkeerplaats naar de randen van het centrumgebied bij aan een betere verkeersveiligheid in het centrumgebied. De parallelweg is vanaf de N-weg goed bereikbaar zodat het autoverkeer rechtstreeks vanaf de N-weg naar de parkeerplaatsen kan rijden. Daarmee hoeven ze niet meer, zoals in de huidige situatie, door de 30 km-zone waar ook fietsers en wandelaars de wegen gebruiken.
Op het gebied van parkeren en verkeersveiligheid heeft de gewenste ontwikkeling een positieve bijdrage voor het centrumgebied van Aldeboarn. 2. Archeologie Bij ingrepen van meer dan 500 m2 adviseert de provincie archeologisch onderzoek te verrichten. In totaal wordt circa 250 m2 aan gronden geroerd, waardoor archeologisch onderzoek niet noodzakelijk is. Het aspect archeologie vormt dan ook geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. 3. Cultuurhistorie Voor het plangebied geldt de dubbelbestemming ‘Waarde-Cultuurhistorie’. Hierin is bepaalt dat een omgevingsvergunning nodig is voor het uitvoeren van een werk of van werkzaamheden. Deze vergunning kan slechts worden verleend nadat de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) is gehoord, hetgeen is gebeurd. De RCE ziet geen aanleiding om een negatief advies te geven, omdat het parkeerterrein is gepland aan de rand van het beschermde dorpsgezicht Aldeboarn. Door de ligging van het nieuwe parkeerterrein ontstaat geen wezenlijk ander aanzicht van de centrumrand. Het gebied bestaat uit een grasberm en bevat geen cultuurhistorische elementen zoals gebouwen en eventuele cultuurhistorische stedenbouwkundige structuur. Door het parkeerterrein wordt het parkeren uit het centrum (deels) verplaatst naar de randen. In het centrumgebied zijn veel cultuurhistorische gebouwen en landschappelijke elementen aanwezig.
Het parkeren van auto’s in het centrumgebied doet afbreuk aan deze cultuurhistorische waarden. Het is daarom wenselijk om parkeren uit het historisch centrumgebied te verplaatsen naar de randen van het dorp om de beleving van de cultuurhistorische elementen in het centrum te versterken. Het aspect cultuurhistorie vormt daarom geen belemmering.
4. Ecologie Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening gehouden worden met de natuurwaarden van de omgeving en met beschermde plant- en diersoorten. Het dichtstbijzijnde Natura 2000gebied Oordt’s Mersken ligt op circa 6 km afstand. Uit het uitgevoerde stikstofonderzoek komt een depositiebijdrage van 0,00 mol/ha/jaar. Andere Natura 2000-gebieden die overgevoelig zijn voor stikstof zijn op ruime afstand gelegen en zullen geen negatief effect ondervinden van de werkzaamheden. Door de ligging van het projectgebied, in een regelmatig gemaaide grasberm en langs een drukke N-weg, is ecologisch onderzoek niet noodzakelijk. Ecologisch zijn er geen bezwaren tegen het planvoornemen. 5. Bodem In het kader van eigendomsoverdracht en ter voorbereiding op de aanlegwerkzaamheden is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Het onderzoek heeft als doel, inzicht te verschaffen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse, om vast te kunnen stellen, of deze al dan niet een belemmering vormt voor de beoogde eigendomstransactie en herinrichting. Er zijn geen waarnemingen gedaan, die op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging zouden kunnen duiden. Er is geen nader onderzoek nodig en de kwaliteit van de grond is voldoende bevonden. 6.
Luchtkwaliteit Het parkeerplaats op zich heeft hier geen verkeer aantrekkende functie, omdat het parkeerterrein wordt gerealiseerd ten behoeve van een andere functie (in dit geval de centrumfunctie van Aldeboarn). De aanleg van het terrein zorgt niet voor een toename van verkeer c.q. de parkeerbehoefte. Gezien de aard en omvang van het project zal het project ‘niet in betekende mate’ bijdragen aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. 7. Geluid Hier is geen sprake van een geluidgevoelige functie, het plan leidt niet tot een wijziging van de verkeersomvang. Aangezien er geen toename is van de verkeersintensiteit leidt dit aspect niet tot extra invloed op de geluidbelasting van de omliggende woningen. Nader akoestisch onderzoek is daarom niet noodzakelijk. 8. Bedrijven en milieuzonering In het aangrenzende gebied zijn diverse functies waardoor er sprake is van een ligging in een ‘gemengd gebied’ en geldt een richtafstand tot 10 meter. Het dichtstbijzijnde gevoelige object is de woning gelegen aan de Wjitteringswei. De afstand tussen de gevel van de woning en het te realiseren parkeerterrein bedraagt 15 meter. Er is dus voldoende afstand tussen de parkeerplaats en de woning. 9. Water De ontwikkeling is op 18 september 2023 aan het Wetterskip Fryslân kenbaar gemaakt via de digitale watertoets. Bij de uitvoering wordt rekening gehouden met de uitgangspunten van het wateradvies.
Bovendien worden bij de aanleg de waterbelangen in acht genomen. Zo zal het terrein half-open verhard worden gerealiseerd. Half-open verharding zorgt er namelijk voor dat meer hemelwater infiltreert in de ondergrond dan de standaard verhardingen. 10. Externe veiligheid Hiervoor is de risicokaart geraadpleegd, waaruit blijkt dat in de omgeving geen sprake is van risicovolle inrichtingen of buisleidingen. Met deze ontwikkeling wordt ook geen risicovolle
inrichtingen gerealiseerd. Op het punt van veiligheid zijn er geen belemmeringen voor het project. 11. Mer-beoordeling Het project valt niet binnen één van de activiteiten zoals opgenomen in onderdeel C of D van het besluit m.e.r. Er is geen sprake van een stedelijk ontwikkelingsproject, daarom is er geen sprake van een m.e.r. (beoordelings-)plicht. Uit de beoordeling blijkt dat er geen negatieve milieugevolgen zullen optreden. II.
Het uitvoeren van werken of werkzaamheden
In artikel 2.1 eerste lid onder b Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is bepaald dat het verboden is zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren voor zover dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan is bepaald. Bestemmingsplan De gronden vallen binnen het plangebied van het bestemmingsplan “Aldeboarn” en zijn hierin bestemd als 'Tuin’ en ‘Verkeer’ met de dubbelbestemming ‘Waarde-Cultuurhistorie’. Volgens deze laatste bestemming is een omgevingsvergunning benodigd voor het uitvoeren van werken of van werkzaamheden. Tevens is bepaald dat de vergunning slechts wordt verleend nadat de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) daaromtrent is gehoord. Het RCE heeft aangegeven geen negatief advies te geven, omdat het parkeerterrein is gepland aan de rand van het beschermde dorpsgezicht Aldeboarn. Er is geen reden om de vergunning voor de activiteit ‘het uitvoeren van een werk of werkzaamheden’ te weigeren.