bijlage 2 harmonisatie bestemmingsplannen buitengebied (herindeling 2014) inhoud
Tekst van het document
Dat geldt uiteraard ook voor (agrarische) bedrijfswoningen in het buitengebied. Wonen in het buitengebied is en blijft een toegevoegde functie. De gemeente voert een zeer terughoudend beleid in het toestaan van een nieuwe woningen in het buitengebied, maar de maximale oppervlakte van bestaande woningen heeft daar géén effect op. De ondergeschiktheid van de woonfunctie in het buitengebied komt vooral tot uiting in het niet verder laten toenemen van het aantal woningen.
27
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
5.2
Bijbehorende bouwwerken
5.2.1 Samenvatting beleid oude gemeenten Wat voor de hoofdgebouwen geldt, is ook van toepassing op bijbehorende bouwwerken 15. Ook hier hanteerden de drie gemeenten niet hetzelfde beleid. Boarnsterhim hanteerde voor bijbehorende bouwwerken bij woningen een maximale oppervlakte van 50m2, met dien verstande dat ten hoogste 50% van achter- en zijerven bebouwd mocht worden. De afstand tot de zijdelingse perceelsgrens moet ten minste 1 meter bedragen. Vrijstelling was mogelijk tot 150m2, mits dit noodzakelijk was voor een aan-huis-verbonden beroep of het hobbymatig houden van vee 16. Heerenveen ging bij recht uit van een maximale oppervlakte van 100m 2. Bij afwijking kon tot 150m2 worden toegestaan, mits dit vanuit ruimtelijk oogpunt aanvaardbaar was. Mits geen afbreuk werd gedaan aan de monumentale waarden was bij Rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten bovendien een verhoging tot 200m 2 mogelijk. Bovendien kende de gemeente een saneringsregeling voor bijgebouwen die onder het overgangsrecht vielen. Skarsterlân ging uit van een maximale oppervlakte van 50m2. Bijbehorende bouwwerken mochten alleen gebouwd worden indien het hoofdgebouw niet groter was dan 300m 2. Afwijkingen waren mogelijk tot 100m2 en met functionele criteria tot 200m2. 5.2.2 nieuw gemeentelijk beleid Voor het geharmoniseerd beleid wordt het volgende voorgesteld: Bijbehorende bouwwerken
Max.‘bij recht’
bij ‘afweging’
Oppervlakte
100 m2
Goothoogte
3,5 m (a)
150m2 (b), 200 m2 (c), > 150m2 (d) -
Dakhelling
maximaal 600
-
1m
-
Afstand achter de voorgevel Hgb
Opmerkingen (a) dan wel de bestaande maat indien deze meer bedraagt; (b) indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld en de landschappelijke waarden; (c) zie onder b èn de woning een gemeentelijk monument of Rijksmonument betreft en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden; (d) mits ten minste het dubbele aan bestaande bouwwerken wordt gesloopt (saneringsregeling)
Ook hier zijn de voorgestelde maten een gemiddelde van wat de drie gemeenten hanteerden waarbij steeds de ruimste maat als uitgangspunt is genomen en gestreefd is naar vereenvoudiging.
15
16
onder bijbehorende bouwwerken wordt hier verstaan: uitbreidingen van het hoofdgebouw die geen onderdeel daarvan uitmaken vlak voor de herindeling is dit functionele criterium vervallen
28
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
Relatie met vergunningsvrij bouwen (Besluit omgevingsrecht) Op 1 november 2014 is er een wijziging van het Besluit omgevingsrecht (Bor) in werking getreden. Als gevolg daarvan is de regeling voor het zonder omgevingsvergunning mogen bouwen van bijbehorende bouwwerken verruimd. Vooral grotere percelen kunnen daar profijt van hebben. Op grond van de nieuwe regels kan onder voor aanvrager gunstige omstandigheden tot 150m2 vergunningsvrij worden gebouwd. Toch heeft het zin om nog beleid te formuleren voor bijbehorende bouwwerken, omdat dit een aanvullende werking kan hebben. De omvang van wat vergunningsvrij gebouwd kan worden, hangt nauw samen met de oppervlakte van het ‘bebouwingsgebied’ en ‘het achtererfgebied’. In de voorgestelde regels zijn de bebouwingsmogelijkheden ruimer. Bovendien is in het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2007’ de maximale omvang van wat onder erf moet worden verstaan ook ingeperkt. Tenslotte biedt het Bor geen ruimere regeling voor monumenten, zoals het voorgestelde beleid dat wel doet. 5.3
Nevenfuncties bij het wonen
5.3.1 Samenvatting beleid oude gemeenten Ook voor wat betreft nevenfuncties die bij woningen waren of konden worden toegestaan, bestonden er verschillen tussen de drie gemeenten. Deze verschillen hebben vooral betrekking op de maximale oppervlakte. Het is belangrijk om ‘terughoudend’ om te springen in het toestaan van nevenfuncties die geen duidelijke relatie hebben met het buitengebied of de woonfunctie. Het buitengebied is namelijk niet bedoeld voor de vestiging van stedelijke functies. 5.3.2 Provinciaal beleid Er geldt geen specifiek provinciaal beleid voor het toestaan van nevenfuncties bij het wonen. Dat houdt in dat er hiervoor ruimte voor is, mits geen afbreuk wordt gedaan aan het karakter als woonhuis of de uitstraling van een woonfunctie. 5.3.3 Doorwerking gemeentelijk beleid In de oude gemeente Heerenveen bestond zoals aangeven al in beperkte mate ruimte voor nevenfuncties voor het wonen. Omdat uitgangspunt is niet terug te gaan in al geboden mogelijkheden, wordt voorgesteld deze mogelijkheden ook in de nieuwe gemeente te continueren. Het betreft hier een beperkte ruimte welke in oppervlakte is begrensd en daarom geen afbreuk doet aan het karakter als woonhuis of uitstraling van de woonfunctie. Deze zijn toegestaan, hetzij bij recht, hetzij bij nadere afweging.
Dat laatste wil zeggen dat de toelaatbaarheid afhankelijk is van de vraag in hoeverre andere belangen onevenredig worden geschaad. Daartoe worden ook de criteria benoemd waaraan getoetst moet worden. Onderstaande tabel heeft een overzicht van deze nevenfuncties. Nevenfuncties beroepsuitoefeningaan-huis ca logiesverstrekking
streekgebonden detailhandel consumptie-
‘direct recht’ max. 50m2 en max. 30% van gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen (e) n.v.t.
‘bij nadere afweging’ n.v.t.
n.v.t.
max. 50m2 en max 30% van gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen (a) max. 25m2 (b)
n.v.t
max. 50m2 en max. 30% van gezamenlijke
29
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
verkooppunten
oppervlakte van gebouwen en overkappingen (c)
kleinschalige bedrijven (d)
(a)
(b)
(c)
(d) (e) (f)
in de lintstructuren langs Schoterlandse weg, Aengwirderweg, 1e en 2e Compagnonsweg tot en met de Bij de Leijwei (f) afwegings- en toetsingscriteria: geen onevenredige schade voor de aangrenzende (agrarische) bedrijven, in dié zin dat de bedrijven en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden afwegings- en toetsingcriteria: geen onevenredige afbreuk aan: gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, de woonsituatie, milieusituatie, verkeersafwikkeling, winkelapparaat in de kernen; afwegings- en toetsingscriteria: geen onevenredige afbreuk aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; mits ondergebacht in de bijbehorende bouwwerken èn niet in combinatie met beroepsuitoefeningaan-huis of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit in het hoofdgebouw; bedrijven opgesomd in bijlage 1; bedrijven opgesomd in bijlage 3;
Tabel 4. nevenfuncties bij woningen
30
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
6
WOONBOERDERIJEN
6.1
Bouwmassa hoofdgebouw
6.1.1 Samenvatting beleid oude gemeenten Heerenveen en Boarnsterhim kenden, zoals al is aangegeven, een aparte regeling voor woonboerderijen: voormalige agrarische bedrijfsgebouwen die – al dan niet verbouwd of aangepast – geheel of in overwegende mate als woning in gebruik zijn. De beide gemeenten kenden een regeling om de landschappelijke waardevolle gebouwen te behouden. In Heerenveen waren de bouwregels voor woonboerderijen op de bestaande situatie afgestemd, in Boarnsterhim gold een meer algemene regeling op grond waarvan nadere (bouw)regels konden worden gesteld teneinde te voorkomen dat afbreuk werd gedaan aan het ruimtelijk beeld in bepaalde benoemde gebieden. Een en ander is nader uitgewerkt in een bij het bestemmingsplan behorende landschapskaart. Het hieraan ten grondslag liggende motief is (deels) gelijk aan dat wat in Heerenveen aan de regeling ten grondslag ligt. De wijze waarop daar uitvoering aan is gegeven, wijkt echter behoorlijk af. 6.1.2 provinciaal beleid Er geldt geen specifiek provinciaal beleid voor woonboerderijen. Wel is het beleid er op gericht om karakteristieke elementen in het landschap te behouden. 6.1.3 Nieuw gemeentelijk beleid Ten aanzien van het aspect bouwmassa, wordt voorgesteld om het beleid vooralsnog niet te harmoniseren en de beide regelingen naast elkaar te laten voortbestaan.
Bij het opstellen van de (geharmoniseerde) Welstandsnota 2016 is – vanuit pragmatische overwegingen - het uitgangspunt gehanteerd om de beschermende werking van het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2008’ ten aanzien van de cultuurhistorische waarden, zoals opgenomen in de Landschapskaart, te behouden. Daarbij is ook overwogen dat binnen enkele jaren de nieuwe Omgevingswet met het omgevingsplan verwacht wordt. Het omgevingsplan wordt een integraal plan waar alle beleidsfacetten -waaronder ook het erfgoedbeleid- van de leefomgeving in zijn opgenomen. Aan de hand van de mogelijkheden die deze nieuwe wetgeving biedt en voorschrijft kunnen de twee bestaande beleidsinstrumenten het beste afgestemd en samengevoegd worden. 6.2
Bijbehorende bouwwerken
6.2.1 Samenvatting beleid oude gemeenten In Heerenveen werd in de bijgebouwenregeling geen onderscheid gemaakt tussen ‘reguliere’ woningen en woonboerderijen. Boarnsterhim maakte dat onderscheid wèl. Zoals eerder al is aangegeven, maakt Skarsterlân in het geheel geen onderscheid in woonboerderijen en ‘reguliere’ woningen. De maximale oppervlakte was in Boarnsterhim beperkt tot 50m2 dan wel de bestaande oppervlakte indien deze groter was. Bovendien mocht de gezamenlijke oppervlakte van woning en (voormalige) bedrijfsgebouwen niet meer bedragen dan 300m2.
31
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
6.2.2 Provinciaal beleid In het provinciaal beleid is niet expliciet een maximale oppervlakte voor woningen in het buitengebied opgenomen. Wel valt uit de verordening (artikelen 1.5.1 en 1.6.1) op te maken dat een oppervlakte van 300m2 (hoofdgebouw met bijgebouwen) voor de provincie uitgangspunt is. 6.2.3 Nieuw gemeentelijk beleid Gelet op de uitgangspunten om niet af te dingen op bestaande bouwrechten, wordt voorgesteld om uit te gaan van de Heerenveense regels voor bijbebehorende bouwwerken. Onderstaande tabel heeft een overzicht van de voorgestelde bouwregels Bijbehorende bouwwerken
Max.‘bij recht’
Oppervlakte
100 m2
Goothoogte
3,5 m (a)
bij ‘afweging’ 150m2 (b), 200 m2 (c) , meer dan 150m2 (d) -
Dakhelling
maximaal 600 (a)
-
Afstand achter de voorgevel Hgb
1m
-
(a) (b) (c) (d)
dan wel de bestaande maat indien deze meer bedraagt; mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden en het straat- en bebouwingsbeeld; bij Rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten en mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden, de cultuurhistorische waarden en het straat- en bebouwingsbeeld; mits ten minste het dubbele aan bestaande bouwwerken wordt gesloopt (overgangsrecht) en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden en het straat- en bebouwingsbeeld
Tabel 5. bouwregels voor woonboerderijen
6.3
Nevenfuncties bij woonboerderijen
6.3.1 Samenvatting beleid oude gemeenten Ook voor wat betreft de neventakken die bij woonboerderijen waren toegelaten, bestonden verschillen tussen Heerenveen en Boarnsterhim. Deze verschillen hebben vooral betrekking op de toegelaten omvang c.q. de maximale oppervlakte. Deze ruimte was in Boarnsterhim groter dan in Heerenveen, zij het dat een deel aan een afwijking was gekoppeld. 6.3.2 provinciaal beleid Er geldt geen specifiek beleid voor het toestaan van nevenfuncties bij het wonen. Dat houdt in dat er hiervoor alleen ruimte voor is, mits geen afbreuk wordt gedaan aan het karakter als woonhuis of de uitstraling van een woonfunctie. 6.3.3 Gemeentelijk beleid In de oude gemeenten bestonden zoals aangeven al in beperkte mate ruimte voor nevenfuncties voor het wonen. Omdat uitgangspunt is niet terug te gaan in al geboden mogelijkheden, wordt voorgesteld deze mogelijkheden ook in de nieuwe gemeente te continueren. Het betreft hier een beperkte ruime welke in oppervlakten zijn begrensd en daarom geen afbreuk doen aan het karakter als woonhuis of uitstraling van de woonfunctie. Onderstaande tabel heeft een overzicht van deze nevenfuncties. Ten opzichte
32
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
van de ‘reguliere’ woningen is voor nevenfuncties bij woonboerderijen meer ruimte. De oppervlakte van de bebouwing is vaak aanzienlijk groter dan bij reguliere woningen en dus is er ook meer mogelijk zonder dat er afbreuk wordt gedaan aan de woonfunctie of woonuitstraling van de bebouwing. Ook speelt daarin de overweging mee dat het bieden van nevenfuncties een extra stimulans kan zijn om deze voor het landschap kenmerkende bebouwing te behouden. Een overzicht van de toe te stane nevenfuncties en de daarbij horende voorwaarden zijn opgenomen in onderstaande tabel. Nevenfuncties beroepsuitoefening-aan-huis ca
‘direct recht’ max. 100m2 en max. 30% van gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen
max. 100 m2 en max. 30% van gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen (a) een verkoopvloeroppervlakte van ten hoogste 10% van de bestaande bebouwing met een maximum van 100m2;(b) max. 100 m2 en max. 30% van gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen (c)
logiesverstrekking, recreatieappartementen, kampeerboerderijen e.d. kleinschalige detailhandel in streekgebonden artikelen
consumptieverkooppunten
kleinschalige bedrijvigheid (e)
paardenbakken stalling van voer- en vaartuigen
‘bij afwijking’
in de lintstructuren langs Schoterlandse weg, Aengwirderweg, 1e en 2e Compagnonsweg tot en met de Bij de Leijwei (f) indien hobbymatig max. 30% van gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen (a) oppervlakte ten hoogste 30% deel van de bestaande bebouwing met een maximum van 100m2;(d)
voorzieningen ten behoeve van dagrecreatief medegebruik (a) afwegings- en toetsingscriteria: geen onevenredige schade voor de aangrenzende (agrarische) bedrijven, in dié zin dat de bedrijven en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; (b) afwegings- en toetsingscriteria: alleen verkoop van lokaal bereide, verwerkte en/of toegepaste producten met een lokaal verzorgingsgebied (inclusief boerderijwinkel) en geen onevenredige afbreuk aan woonsituatie, milieusituatie, de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, de verkeersafwikkeling èn het winkelapparaat in de kernen (c) afwegings- en toetsingscriteria: geen onevenredige afbreuk aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; (d) afwegings- en toetsingscriteria: geen onevenredige toename van het aantal verkeersbewegingen en geen onevenredige afbreuk aan het woon- en leefklimaat van aangrenzende woningen, de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende percelen alsmede de natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden; (e) mits ondergebacht in de bijbehorende bouwwerken èn niet in combinatie met beroepsuitoefeningaan-huis of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit in het hoofdgebouw (f) bedrijven opgesomd in bijlage 3 van het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2007’
Tabel 6. nevenfuncties bij woonboerderijen
33
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
6.4
Extra wooneenheden in woonboerderijen
6.4.1 Samenvatting beleid oude gemeenten Heerenveen kende de mogelijkheid om in voormalige boerderijpanden één of meerdere wooneenheden extra toe te staan. Dit is als stimulans voor het behoud van de oorspronkelijke bouwmassa. Boarnsterhim en Skarsterlân kenden deze mogelijkheid niet. Zoals aangegeven in 6.1.1 was het beleid in Boarnsterhim er wel op gericht om landschapswaardevolle boerderijen te behouden. 6.4.2 Provinciaal beleid Algemeen uitgangspunt van de provincie is dat er in het landelijk gebied geen nieuwe woningen bij mogen komen. Een uitzondering daarop geldt voor onderbrengen van een of meerdere nieuwe woningen in karakteristieke, voormalige agrarische bedrijfsgebouwen. De provincie vindt deze afwijking gerechtvaardigd omdat dit een middel kan zijn voor het behoud van karakteristieke bebouwing en tegelijkertijd zorgt voor nieuwe sociale en economische dragers in het landelijk gebied waarmee kapitaalvernietiging kan worden voorkomen. 6.4.3 Nieuw gemeentelijk beleid Het is voor de landschappelijke waarden van belang om karakteristieke elementen van voormalige agrarische bebouwing te behouden.
Daarom wordt voorgesteld om het beleid om in (karakteristieke) voormalige agrarische bebouwing meerdere woningen toe te staan, ook in de nieuwe gemeente Heerenveen voort te zetten en daarbij uit te gaan van de volgende voorwaarden: • de woonoppervlakte per extra wooneenheid bedraagt ten minste 100m 2; • er mag geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan het woon- en leefklimaat van aangrenzende woningen, de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende percelen alsmede de natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden;
34
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
7
KLEINSCHALIG KAMPEREN
7.1
Samenvatting beleid oude gemeenten
In de drie gemeenten was het onder voorwaarden mogelijk een kleinschalig kampeerterrein (met maximaal 15/25 standplaatsen) in te richten en te exploiteren. De voorwaarden verschilden daarbij per gemeente. In Boarnsterhim was voor het toestaan van kleinschalig kamperen een wijziging van het bestemmingsplan nodig, terwijl in Heerenveen daarvoor met een vrijstelling kan worden volstaan. In Boarnsterhim was de oppervlakte van het kampeerterrein beperkt tot 0,75 ha, terwijl in Heerenveen minimale en maximale afstandsmaten ten opzichte van nabije woningen, werden gehanteerd. Heerenveen bood daarnaast ook de optie om vrijstelling voor beperkte detailhandel en horeca te verlenen. Skarsterlân kende in haar bestemmingsplan ‘Buitengebied 2001’ geen regeling voor kleinschalig kamperen, omdat in 2001 de Wet op de Openluchtrecreatie nog van kracht was en een specifieke regeling in het bestemmingsplan daardoor niet nodig was. 7.2
Provinciaal beleid
In een ruimtelijk plan kunnen buiten een recreatiekern de volgende recreatieve voorzieningen worden toegestaan: • een kleinschalig kampeerterrein van maximaal 15 standplaatsen op of aansluitend aan het erf van een agrarisch bedrijf, woning of bedrijf; in afwijking kunnen op een kleinschalig kampeerterrein maximaal 25 standplaatsen worden toegestaan op of aansluitend aan het erf van een agrarisch bedrijf; een woning of bedrijf indien sprake is van een woon- of bedrijfsperceel dat wat betreft oppervlakte en uitstraling vergelijkbaar is met een agrarisch perceel en mits de gemeente het aantal kleinschalige kampeerterreinen met 16 tot maximaal 25 standplaatsen beperkt, of zones of gebieden aanwijst waar deze terreinen zijn toegestaan. • kleinschalige vormen van logies in bestaande bebouwing op het erf van een agrarisch bedrijf, woning of bedrijf; • maximaal 10 trekkershutten op het erf van een agrarisch bedrijf of voormalig agrarisch bedrijf, aansluitend op bestaande bebouwing; • groepsaccommodatie op het erf van een agrarisch bedrijf of voormalig agrarisch bedrijf, in of aansluitend op bestaande bebouwing. 7.3
Gemeentelijk beleid
Wij stellen voor het kleinschalig kamperen niet bij recht toe te staan. Dit wijkt af van het uitgangspunt om geen afbreuk te doen aan direct recht, maar naar onze mening zijn daar goede argumenten voor. Bij het toestaan van een kampeerterrein voor kleinschalig kamperen zijn verschillende (tegengestelde) belangen betrokken die tegen elkaar moeten worden afgewogen en waarbij ook de lokale situatie bepalend is. Een dergelijk maatwerk is niet mogelijk wanneer kamperen bij direct recht is toegestaan. Hoewel op agrarische bedrijven wellicht meer ruimte is voor kleinschalig kamperen, zien wij op voorhand geen planologische relevante overwegingen om kleinschalig kamperen alleen bij agrarische bedrijven toe te staan. Ook de voormalige Wet op de
35
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
Openluchtrecreatie beperkte het kleinschalig kamperen niet tot alleen agrarische bedrijven. Ook bij woningen kunnen mogelijkheden voor kleinschalig kamperen bestaan. Om het recreatieve imago te benadrukken willen wij kleinschalige kampeerterreinen faciliteren. Om de diversiteit van het aanbod zoveel mogelijk te vergroten, wordt voorgesteld om kleinschalig kamperen behalve bij agrarische bedrijven ook bij woningen en woonboerderijen in het buitengebied toe te staan. reguliere woningen
aantal standplaatsen afstand t.o.v. eigen woning of bedrijfsbebouwing (m) afstand t.o.v. woningen van derden (m) afstand t.o.v. enig ander kampeerterrein (m) extra bebouwing (m2)
max. 15 max. 50
agrarische bedrijven, woonboerderijen of daarmee gelijk te stellen woningen max. 25 max. 100
min. 50
min.50
min. 500
min 500
max. 50
waavan detailhandel waarvan horeca landschappelijke inpassing Tabel 7. kleinschalig kamperen
max. 25 max. 50 voorwaardelijke verplichting
max. 100 (binnen bouwvlak) max 50 (buiten bouwvlak) max 25 max. 50 voorwaardelijke verplichting
36
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
8
UITVOERING
Het vaststellen van dit beleid laat de werking van de geldende bestemmingsplannen van de voormalige gemeenten onverlet. De in de bestemmingsplannen opgenomen bouw- en gebruiks(on)mogelijkheden blijven daarmee ongewijzigd. Om dit beleid als juridisch toetsingskader te kunnen laten functioneren, is een (partiële) herziening van de bestemmingsplannen nodig. In afwachting van deze herzieningen kan deze notitie worden benut als ‘ruimtelijke onderbouwing’ voor afwijkingsprocedures op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). In een aantal gevallen is daarvoor een ‘verklaring van geen bedenkingen’ van de gemeenteraad nodig. De Wabo biedt echter de mogelijkheid dat de gemeenteraad ‘categorieën van gevallen’ aanwijst waarvoor deze verklaring van geen bedenkingen niet nodig is. Voorgesteld wordt om het in deze notitie geformuleerde beleid aan te wijzen als categorie waarin deze verklaring van geen bedenkingen niet nodig is. Dat houdt in dat voor procedures die een initiatief mogelijk maken dat past in het vastgestelde geharmoniseerde beleid geen behandeling in de gemeenteraad meer nodig is.
37
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
BIJLAGEN:
38
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
Bijlage 1: Lijst van aan-huis-verbonden beroepen Uitoefening van (para)medische beroepen, waaronder: individuele praktijk voor huisarts, psychiater, psycholoog, fysiotherapie of bewegingsleer, voedingsleer, mondhygiëne, tandheelkunde, logopedie, enz. individuele praktijk dierenarts; Kledingmakerij: (maat)kledingmakerij en kledingverstelbedrijf; Woningstoffeerderij; Kantoorfunctie ten behoeve van bedrijvigheid die elders wordt uitgeoefend, zoals: schoonmaakbedrijf, schoorsteenveegbedrijf, glazenwasserij, maar ook ten behoeve van bijvoorbeeld een groothandelsbedrijf of een klein transportbedrijf; Reparatiebedrijfjes: schoen/lederwarenreparatiebedrijf, uurwerkreparatiebedrijf, goud- en zilverwerkreparatiebedrijf, reparatie van kleine (elektrische) gebruiksgoederen reparatie van muziekinstrumenten. In ieder geval zijn autoreparatiebedrijven en las-en montagebedrijven uitgezonderd. Advies- en ontwerpbureaus: reclame ontwerp, grafisch ontwerp, architect; (Zakelijke) dienstverlening: notaris, advocaat, accountant, juridisch adviseur, assurantie/verzekeringsbemiddeling, exploitatie en handel in onroerende zaken; Overige dienstverlening: kappersbedrijf, schoonheidssalon, tattooshop, gastouderopvang, fotostudio; Onderwijs: Autorijschool;
39
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
Bijlage 2: Staat van Bedrijven
CATEGORIE
OMSCHRIJVING nummer
SBI-2008 -
01
-
016 016 016 016
0 1 2 3
016
4
02 021, 022, 024
-
10, 11
-
101, 102 108
7 8
102 102 1071 1071 1073 110101 1102 t/m 1104
0 6 0 1
13 132 133 139 139, 143
14
0
-
141 141 142, 151
15 151
-
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m²
3.1 2 3.1 2
BOSBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. BOSBOUW Bosbouwbedrijven
3.1
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN - loonslachterijen - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-enklaar-maaltijden met p.o. < 2.000 m² Visverwerkingsbedrijven: - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 2500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens Deegwarenfabrieken Destilleerderijen en likeurstokerijen Vervaardiging van wijn, cider e.d.
3.1 3.1
3.1 2 3.1 4.2 2
VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Weven van textiel: Textielveredelingsbedrijven Vervaardiging van textielwaren Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen
3.1 3.1 3.1
VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel)
3.1 2 3.1
D
3.1
40
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
152
Schoenenfabrieken
16
-
16102 16102 162
0 2 1
162902 17
-
1712 1712
0 1
58
-
581 18129 1814 1814 1813 1814 182
A B
20 2120 2120 2120 2051 2052 205903
0 1 2
22
-
221102 221102
0 1
23
-
231 231 232, 234 232, 234 237 2391
0
26, 28, 33
-
26, 28, 33
A -
26, 27, 33
0 A
0 1 0
3.1
HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Houtconserveringsbedrijven: - met zoutoplossingen Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken
3.1 3.1 2
VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIEREN KARTONWAREN Papier- en kartonfabrieken: - p.c. < 3 t/u
3.1
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen Grafische afwerking Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media
1 2 1 2 2 2 1
D
VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN Farmaceutische produktenfabrieken: - formulering en afvullen geneesmiddelen - verbandmiddelenfabrieken Kruit-, vuurwerk-, en springstoffenfabrieken Lijm- en plakmiddelenfabrieken: Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF Loopvlakvernieuwingsbedrijven: - vloeropp. < 100 m2 VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN Glasfabrieken: Glasbewerkingsbedrijven Aardewerkfabrieken: - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW Natuursteenbewerkingsbedrijven: Slijp- en polijstmiddelen fabrieken D VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS Kantoormachines- en computerfabrieken incl. reparatie
3.1 2 5.3 3.1
3.1
3.1 2 3.1
2
VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTR. MACHINES,
41
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
APPARATEN EN BENODIGDH. Elektrotechnische industrie n.e.g.
293 26, 33
-
261, 263, 264, 331 2612 26, 32, 33
-
26, 32, 33
A
30
-
301, 3315 301, 3315
0 1
31
-
9524 321 322 323 324 32991 32999
2
41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43
1 2 3 -
45, 47
VERVAARDIGING VAN AUDIO-, VIDEO-, TELECOMAPPARATEN EN -BENODIGDH. Vervaardiging van audio-, video- en telecom-apparatuur e.d. incl. reparatie Fabrieken voor gedrukte bedrading VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d. incl. reparatie
2
3.1 3.1
2
VERVAARDIGING VAN TRANSPORTMIDDELEN (EXCL. AUTO'S, AANHANGWAGENS) Scheepsbouw- en reparatiebedrijven: - houten schepen
3.1
VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G. Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. Muziekinstrumentenfabrieken Sportartikelenfabrieken Speelgoedartikelenfabrieken Sociale werkvoorziening Vervaardiging van overige goederen n.e.g.
1 2 2 3.1 3.1 2 3.1
BOUWNIJVERHEID - bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2.000 m² Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. > 1000 m² - aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m²
3.1 3.1 2
HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS Autobeklederijen Autowasserijen
1 2
VERVOER OVER LAND Taxibedrijven
2
45204 45205
B
49 493
-
52 52102, 52109
A
DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER Distributiecentra, pak- en koelhuizen
3.1
53 531, 532 61
A
POST EN TELECOMMUNICATIE Post- en koeriersdiensten Telecommunicatiebedrijven
2 1
62 62
A
COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d.
1
42
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
72 721 722
-
37, 38, 39 382 382 382
A0 A4 A7
SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek
2 1
MILIEUDIENSTVERLENING Afvalverwerkingsbedrijven: - pathogeen afvalverbranding (voor ziekenhuizen) - verwerking fotochemisch en galvano-afval
3.1 2
43
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
Bijlage 3: Lijst van kleinschalige bedrijvigheid in de linten Hoveniersbedrijven Brood- en banketbakkerijen (v.c. < 2.500 kg meel/werk) Vervaardiging van wijn, cider en andere niet gedestilleerde, gegiste dranken Vervaardiging van kleding en kledingtoebehoren (excl. van leer) Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen Grafische afwerking Binderijen Grafische reproductie en zetten Overige grafische activiteiten Reproductiebedrijven opgenomen media Verbandmiddelen fabricage Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven: galvaniseren Fabrieken voor medische apparaten en instrumenten, orthopedische artikelen, optische instrumenten en uurwerken Fabricage van munten, sieraden, e.d. Muziekinstrumentenfabrieken Bouwinstallatiebedrijven (kleinschalig) Bouw- en aannemingsbedrijven (kleinschalig) Dineruitzendingsbedrijven Autoreparatiebedrijven (excl. plaatwerken, spuiten en tectyleren) Autobeklederijen Fietsen-, brom- en motorfietsenreparatiebedrijven Post- en koeriersdiensten Verhuurbedrijven van roerende goederen (kleinschalig) Computerservice- en informatietechnologie-bureau’s, e.d. Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek Musea Kunstateliers Sociaal-culturele instellingen n.e.g.
Chemische wasserijen en ververijen Wasverzendinrichtingen Wasserettes, wassalons Foto- en filmontwikkelcentrales Uitvaartcentra Alsmede bedrijvigheid die naar de aard en de invloed op de omgeving vergelijkbaar is met de hiervoor genoemde bedrijvigheid; n.e.g. = niet eerder genoemd; v.c. = verwerkingscapaciteit
44
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
BIJLAGE 4: SAMENVATTING NIEUW BELEID onderstaand overzicht bevat een verkorte weergave van het voorgestelde beleid in vergelijking met dat van de voormalige gemeenten. Vanwege de overzichtelijkheid zijn details achterwege gebleven AGRARISCHE BEDRIJVEN oppervlakte bouwpercelen - verruiming mogelijk tot - verruiming mogelijk indien bestaand > 1,5 ha - verruiming niet grondgebonden bedrijf Intensieve neventak - direct recht - bij afwijking Bedrijfsbebouwing buiten bouwvlak bij afwijking mogelijk? - goothoogte - bouwhoogte - goothoogte bij afwijking - dakhelling - kassen (ondersteunend) - goot/bouwhoogte serrestallen veldschuren - oppervlakte - goothoogte en dakhelling Bedrijfswoning - oppervlakte31 - goot/bouwhoogte bijbehorende bouwwerken bij bedrijfswoning (oppervlakte) bij afwijking bouwhoogte binnen bouwvlak bouwhoogte buiten bouwvlak Bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde Mestsilo’s, sleufsilo’s en mestzakken binnen bouwvlak Mestsilo’s, sleufsilo’s en mestzakken buiten bouwvlak (bij afwijking) Torensilo’s (bij afwijking) erf- en terreinafscheidingen overige bouwwerken AGRARISCHE NEVENACTIVITEITEN Nevenfuncties bij recht toegestaan Nevenfuncties die bij afwijking zijn toegestaan44
nieuw
Skarsterlan
Heerenveen
Boarnsterhim
1,5 ha17 > 1,5 ha20 (max 3 ha) tot max. 1,5 ha22
1,5 ha18 + 2.500m2
tot 1,5 ha + 0,5 ha
2 ha19 4 ha21
gelijk aan grondgebonden
gelijk aan grondgebonden
+500m2
1.500m2 2.500m2 of tot 110%
2.000m2 3.000m2 of tot 110%
1.500m2 2.500m2
500m2 n.v.t.
ja, mits< 250m2
neen
5m 15 m 6,5 m24 15 – 60o 27 niet toegestaan 3,5 – 5 m
ja, mits< 75m2 en goothoogte 3 m en bouwhoogte 5 m 4m 8 m/10m/14m23 6,5 m25 min 15o28 max. 300 m2 niet geregeld
3,5 m 15 m 6 m26 niet toegestaan -
ja, mits < 100m2 en hoogte max 5m 4,5 m 12 m 6m min 15o29 30 max. 1000 m2 niet geregeld
als bestaand 3 m, 60o
-
als bestaand 3 m, 15-60o
`-
150m2 4 m+30o<dakhelling>60o 100m2
120m2 4-8 m niet toegestaan
120m2 4 m+30o<dakhelling>60o 100m2
120m2 3,5-9m +>15o niet toegestaan
150m232, 200m233
n.v.t. 14 m 3m
150m2, 200m234
n.v.t. 14 m 2m
-
mestsilo’s : 4 m sleufsilo’s: 3 m mestzakken: geen regeling mestsilo’s: max 5 m, 750m2 + 2500m3, sleufsilo’s: max 3 m max 3, max 25 m -
silo’s /bassins:5 m mestzakken: geen regeling
mestsilo’s : 4 m met afwijking: 6 m sleufsilo’s: 3 m mestzakken: <200m2 en <2m; mestsilo’s: 750m2 sleufsilo’s: 750m2 max 3, max 25 m
750m2, max. 5 m max 3, max 25 m 2 m (binnen bouwvlak) 1 m (buiten bouwvlak) 15 m (binnen bouwvlak) 5 m (buiten bouwvlak)
consumptieverkooppunt35 logiesverstrekking beroepsuitoefening-aan-huis36 detailhandel in bedrijfs/streekeigen producten37 opslag/stalling38 mestvergisting39 houden van dieren40 niet-agrarische bedrijven41 dagrecreatieve voorzieningen42 landschapsbeheer43
14 m (binnen bouwvlak) 3 m (buiten bouwvlak)
n.v.t. n.v.t.
mestsilo’s :max 3,50m + 750m2 alleen indien bestaand 2 m (binnen bouwvlak) 1 m (buiten bouwvlak) 15 m (binnen bouwvlak) 5 m (buiten bouwvlak)
beroepsuitoefening-aan-huis; 45 mestvergisting46 logiesverstrekking47 consumptieverkoop punten48 productiegebonden detailhandel49
14 m (binnen bouwvlak) 2 m (buiten bouwvlak)
n.v.t. paardenhouderij aan huis verbonden beroepen; niet-agrarische bedrijvigheid51; bed&brochje; stalling/opslag; recreatieappartementen52 boerderijwinkel53; groepsaccomodatie theeschenkerij dagrecreatief medegebruik 50
Mits: 17 mits landschappelijk verantwoord (eis: landschappelijke inpassing met voorwaardelijke verplichting) 18 en max. oppervlakte aan bedrijfsbebouwing: 6.000m2 en met vrijstelling tot 7.500m2 mits bedrijfsecon. noodzaak 19 met vrijstellingsbevoegdheid 20 volgens ‘Nije Plaets’- benadering; 21 met wijzigingsbevoegdheid 22 mits landschappelijk verantwoord (eis: landschappelijke inpassing met voorwaardelijke verplichting) 23 bedrijfswoning: 8 m, bedrijfgebouwen: 10 m en niet meer dan één gebouw < 1.000m2 : 14 m 24 geen onevenredige afbreuk aan de landschappelijke waarden 25 geen onevenredige afbreuk aan de landschappelijke waarden 26 geen onevenredige afbreuk aan de landschappelijke waarden 27 max 10% met een maximum van 250m2 mag plat zijn afgedekt; 28 uitgezonderd aanbouwen aan bedrijfsgebouwen tot 100m2 (met afwijking tot 30% van de totale oppervlakte) 29 max 100m2 mag plat zijn afgedekt; 30 afwijking mogelijk voor mestplaten en serrestallen 31 niet-inpandig (in Heerenveen ook inpandig) 32 geen onevenredige afbreuk aan het straat- en bebouwingsbeeld en de woonsituatie 33 als bij noot 16 en het hgb een rijks- of gemeentelijke monument betreft en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden 34 als bij noot 16 en het hgb een rijks- of gemeentelijke monument betreft en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden 35 tot
50m2 bij recht, tot max 30% bij afwijking 36 tot 100m2 bij recht; 37 tot 50m2 bij recht, tot max 30% bij afwijking 38 tot 500m2 bij recht, tot max 30% bij afwijking 39 diverse voorwaarden 40 tot max 30% bij recht 41 tot max 30% bij afwijking 42 tot 100m2 bij recht, tot max 30% bij afwijking 43 tot 100m2 bij recht, tot max 30% bij afwijking 44 algemene voorwaarden: geen onevenredige afbreuk aan: woonsituatie, milieusituatie, verkeersafwikkeling, (winkelapparaat in de kernen) èn ondergeschikt onderdeel van agrarische bedrijfsvoering (cumulatief); 45 algemene voorwaarden: geen onevenredge afbreuk aan milieusituatie, verkeersveiligheid, gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en woonsituatue; 46 art 4.6 sub a van de voorschriften van het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2007’ 47 max 5 appartementen en gekoppeld aan de bedrijfswoning 48 max 10m2 49 max 10% (100m2) 50 Algemeen in Boarnsterhim: als nevenfunctie bij het agrarisch bedrijf en verder max 1/3 e deel van de bedrijfsgebouwen 51 bedrijven in categorie 1 en 2, geen verkeersaantrekkende werking, geen buitenopslag
45
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
WONINGEN Hoofdgebouw oppervlakte goothoogte/bouwhoogte goothoogte bij afwijking dakhelling (min/max) Bijbehorende bouwwerken maximale oppervlakte bij afwijking goothoogte/bouwhoogte dakhelling Nevenfuncties die bij recht zijn toegestaan Nevenfuncties die bij afwijking zijn toegestaan69
WOONBOERDERIJEN76 Bijbehorende bouwwerken maximale oppervlakte bij afwijking goothoogte/bouwhoogte dakhelling Nevenfuncties die bij recht zijn toegestaan Nevenfuncties die bij afwijking zijn toegestaan88
52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100
nieuw
Skarsterlan
Heerenveen
Boarnsterhim
150 m2 4 m/6 m56 30o/60 o
120 m2 3,5 m/8 m -
90, 100 of 120 m254 4 m/8-10m55 Min 30 o
120 m2 3,5 m/9 m Min 30 o
100 m2 150m257, >150m258, 00m259 3,5 m < 60o beroepsuitoefening-aan-huis;66 kleinschalige bedrijvigheid67 logiesverstrekking70 consumptieverkooppunten71 streekgebonden detailhandel72
50m2 (indien Hgb< 300m2) 100/200 m260 3 m/ 6 m n.v.t.
100 m2 150m261, >150m262, 200m263 4 m/7 m >30o afwijking:<30o65 beroepsuitoefening-aan-huis; kleinschalige bedrijvigheid68 logiesverstrekking73 productiegebonden detailhandel74, paardrijbakken
50 m2 150 m264 3 m/ 6-7 m
nieuw
Skarsterlan
100 m2 150m277, >150m278, 00m279 3,5 m < 60o beroepsuitoefening-aan-huis;85 kleinschalige bedrijvigheid86 logiesverstrekking89 kleinschalige bedrijvigheid90 consumptieverkooppunten91 stalling en opslag92 dagrecreatief medegebruik93 kleinschalige detailhandel94
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t. aan huis verbonden beroepen75;
Heerenveen
Boarnsterhim
100 m2 150m280, >150m281, 200m282 4 m/7 m >30o afwijking:<30o84 beroepsuitoefening-aan-huis; kleinschalige bedrijvigheid87 logiesverstrekking95 productiegebonden detailhandel96 paardrijbakken
50 m2 150 m283 3 m/ 6-7 m n.v.t. aan huis verbonden beroepen97; paardenpersion niet-agrarische bedrijvigheid98; bed&brochje;stalling/opslag; recreatieappartementen99 boerderijwinkel100; groepsaccomodatie theeschenkerij
max 100m2 per appartementen max 100m2 netto verkoopoppervlak afhankelijk van landschapstype afhankelijk van landschapstype mits geen onevenredige afbreuk aan de landschappelijke waarden en het straat- en bebouwingsbeeld geen onevenredige afbreuk aan het straat- en bebouwingsbeeld en de woonsituatie saneringsregeling bebouwing onder overgangsrecht als bij noot 16 en het hgb een rijks- of gemeentelijke monument betreft en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden mits geen onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden, het bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheid en ten behoeven van het wonen en de daarbij horende hobbys (100m2) dan wel het houden van vee of aan huis verbonden beroepen (200m2) geen onevenredige afbreuk aan het straat- en bebouwingsbeeld en de woonsituatie saneringsregeling bebouwing onder overgangsrecht als bij noot 16 en het hgb een rijks- of gemeentelijke monument betreft en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden t.b.v. aan-huis-verbonden beroep of het hobbymatig houden van vee mits geen onevenredige afbreuk aan landschappelijke waarden, bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden max 30% van de bg (max 50m2, bij woonboerderijen 100m2) in de lintbebouwing langs de Schoterlandseweg in de lintbebouwing langs de Schoterlandseweg m.u.v.
beroepsuitoefening-aan-huis in Boarnsterhim alleen bij woonboerderijen, als nevenfunctie bij het wonen en verder max 1/3 e deel van de voormalige bedrijfsgebouwen max 30% van de bg (max 50m2, bij woonboerderijen 100m2) max 30% van de bg (max 10m2) max 25m2, geen onevenredige invloed heeft op het winkelapparaat in de diverse kernen; 5. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; max 30% van de bg (max 50m2, bij woonboerderijen 100m2) 10% met een maximum van 50m2, geen onevenredige invloed heeft op het winkelapparaat in de diverse kernen; 5. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; mits inpandig, niet meer dan 40% van de bg van de woning (max 50m2), parkeren op eigen erf en geen detailhandel m.u.v.
productiegebonden detailhandel verschillen in de bouwregels niet verklaard geen onevenredige afbreuk aan het straat- en bebouwingsbeeld en de woonsituatie saneringsregeling bebouwing onder overgangsrecht als bij noot 16 en het hgb een rijks- of gemeentelijke monument betreft en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden geen onevenredige afbreuk aan het straat- en bebouwingsbeeld en de woonsituatie saneringsregeling bebouwing onder overgangsrecht als bij noot 16 en het hgb een rijks- of gemeentelijke monument betreft en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden t.b.v. aan-huis-verbonden beroep of het hobbymatig houden van vee mits geen onevenredige afbreuk aan landschappelijke waarden, bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden max 30% van de bg (max 100m2) in de lintbebouwing langs de Schoterlandseweg in de lintbebouwing langs de Schoterlandseweg m.u.v.
beroepsuitoefening-aan-huis in Boarnsterhim alleen bij woonboerderijen, als nevenfunctie bij het wonen en verder max 1/3 e deel van de voormalige bedrijfsgebouwen max 30% van de bg (max 100m2) in de lintbebouwing langs de Schoterlandseweg max 30% van de bg (max 100m2) max 30% van de bg bij woonboerderijen; max 30% van de bg (max 100m2) bij woonboerderijen max 10% + max 100m2 netto verkoopoppervlak max 30% van de bg (max 50m2, bij woonboerderijen 100m2) 10% met een maximum van 50m2, geen onevenredige invloed heeft op het winkelapparaat in de diverse kernen; 5. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; mits inpandig, niet meer dan 40% van de bg van de woning (max 50m2), parkeren op eigen erf en geen detailhandel m.u.v. productiegebonden detailhandel bedrijven in categorie 1 en 2, geen verkeersaantrekkende werking, geen buitenopslag max 100m2 per appartementen max 10% + max 100m2 netto verkoopoppervlak
46
Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied
KLEINSCHALIG KAMPEREN max. aantal standplaatsen bij woningen - bij boerderijen en woonboerderijen - max afstand ten opzichte eigen woning - min afstand to.v. woningen van derden max. oppervlakte kampeerterrein max. oppervlakte extra bebouwing
max. oppervlakte detailhandel max. oppervlakte horeca
afwijking 15 25
wijziging n.v.t. 25
50m (15) 100m (25) 50m
-
-
50m2 (15) 50 -100m2 (25)
0,75 ha 100m2 (binnen bouwvlak)
-
25m2 50m2
-
15 25
-
50m (15) 100m (25) 50m
-
50m2 (15) buiten bouwvlak 50m2 (25) binnen bouwvlak 100m2 (25) 25m2 50m2
-
-
47