CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - leeswijzer aanpassing verordening voorziening huisvesting onderwijs

Raadsvergadering 12 mei 2022, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Verordening voorziening huisvesting onderwijs802 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 'Aanpassingen Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs behorende bij raadsvoorstel Z.22.364190/D.22.1528489 In de verordening zijn enkele passages geschrapt of aangepast aan de huidige praktijk of anderszins noodzakelijk a. 'renovatie' is als voorziening in de huisvesting geschrapt. Dit komt omdat de wet deze voorziening niet kent. Dit heeft geen gevolgen, omdat renovatie in het IHP is opgenomen als een mogelijke voorziening bij schoolgebouwen die 30 of 50 jaar oud zijn; b. de mogelijkheid om voor schoolgebouwen ouder dan 40 jaar een aanvraag in te dienen voor een haalbaarheidsonderzoek naar de noodzaak tot vernieuwing (vervangende nieuwbouw of renovatie) is geschrapt. Dit komt omdat een dergelijk locatie-onderzoek vooraf gaat aan het jaarlijks vaststellen van het meerjaren investeringsprogramma en voor de projecten in de eerste jaarschijf daarvan, niet meer een aanvraag hoeft te worden ingediend; c. het college kan voorstellen aan de bevoegd gezagen om het vereist overleg over het jaarlijkse Programma van voorzieningen te laten vervallen, indien geen andere aanvragen zijn ingediend dan op basis van het meerjarig investeringsprogramma; d. medegebruik (gebruik maken van de normatieve leegstand in een ander schoolgebouw) blijft beperkt tot 1 locatie.

Als een school extra ruimtebehoefte heeft (gedurende minimaal 4 jaar en als dit de geformuleerde drempelwaarde overschrijdt), moet dit door medegebruik in één ander schoolgebouw plaats vinden. Het bevoegd gezag hoeft geen ruimte op meerdere scholen in gebruik te nemen. Als de behoefte korter dan 4 jaar bestaat, bestaat geen recht op een voorziening, dus ook niet op de voorziening 'medegebruik' . De afstand die bepalend is voor de beschikbaarheid van een gebouw voor medegebruik is 2.000 meter tussen de woning en de school, gemeten langs de kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige weg. Dit was hemelsbreed. Het nieuwe criterium komt nu overeen met het criterium in de Verordening leerlingenvervoer (bijlage 1, Deel A, onder A.8); e. de noodzaak voor (vervangende) nieuwbouw of renovatie van lokalen voor bewegingsonderwijs is aanwezig op dezelfde grond als voor de lesgebouwen zelf: als dit is opgenomen in het meerjaren uitvoeringsplan (bijlage 1, Deel B, onderdeel B.1 onder b); f. de noodzaak voor de aanschaf van 1e inrichting bewegingsonderwijs is aanwezig op dezelfde grond als voor de lesgebouwen zelf: als die voor 1 januari 2023 niet is bekostigd en als nieuwbouw, uitbreiding of ingebruikneming bestaand lokaal bewegingsonderwijs is goedgekeurd (bijlage 1, Deel B, onder B.3); g.

de ruimtebehoefte regeling voor het (voortgezet) speciaal onderwijs wordt vereenvoudigd: so en vso hebben beide recht op een vaste voet van 370 m2 plus 8,8 m2 per leerling so en 12,2 m2 per leerling vso. Voor een school voor (v)so met lichamelijk (meervoudig) gehandicapte kinderen vindt een toeslag plaats van 5 m2 voor een leerling so en voor een leerling vso 3,3 m2. De nieuwe regeling geldt pas bij (vervangende) nieuwbouw (bijlage III, Deel B, onderdeel B.5.1.3.). h. de minimumnormen voor nieuwe schoolpleinen (bij vervangende nieuwbouw) in het primair en speciaal onderwijs was 300 m2 + 3 m2 per leerling met als minimum 600 m2 ongeacht het aantal leerlingen. Daar is nu een staffel in aangebracht. Voor scholen met 401 t/m 600 leerlingen geldt nu 600 m2 + 3 m2. Er zijn 2 scholen in deze categorie en dat zijn de beide scholen in Skoatterwâld. De scholen voldoen aan de huidige norm (minimaal 600 m2 per school, dus 1.200 m2 voor beide scholen). Voor scholen voor voortgezet onderwijs was dit ook 300 m2 + 3 m2 per leerling, dat wordt tot 300 leerlingen 300 m2 en bij 301 of meer leerlingen 300 + 0,75 m2 per leerling. De nieuwe normen gelden pas bij (vervangende) nieuwbouw (bijlage III, deel D, onderdeel D.1.) i.

de indexering van de normbedragen van de BDB wordt berekend aan de hand van het verschil tussen de index in jaar x en die in jaar x + 1 (kostenontwikkeling op grond van structurele indexcijfers). De indexering van de normbedragen van de VNG veranderd niet ten opzichte van de huidige indexering zoals die altijd al in onze Verordening was 1

opgenomen (bijlage IV, Deel A) j. de normvergoedingen voor de 1e inrichting van het (voorgezet) speciaal onderwijs zijn nu voor alle scholen gelijk: een startbedrag incl. 250 m2 en voor elke volgende m2 nog een extra bedrag. De nieuwe regeling geldt pas bij (vervangende) nieuwbouw (bijlage IV, deel B, onder D.1.4); k. de normvergoedingen voor de 1e inrichting van het voortgezet onderwijs zijn afhankelijk van de onderwijssoort/het profiel; alleen een bedrag per m2 waar extra recht op is bovenop de bestaande capaciteit. De nieuwe regeling geldt pas bij (vervangende) nieuwbouw (bijlage IV, deel B, onder D.2.). l. de criteria voor het vaststellen van de prioriteit van aangevraagde voorzieningen zijn geschrapt. De prioritering heeft immers al plaats gevonden bij het vaststellen van het IHP (bijlage V).

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=62cd39be-049d-4ce1-9a2a-7816a9866966