Bijlage 1 - Aanvraagformulier en bijlagen (geredigeerd)
Tekst van het document
Publiceerbare aanvraag/melding omgevingsvergunning
Formulierversie 2020.01
Aanvraaggegevens Algemeen Aanvraagnummer
7416633
Aanvraagnaam
Niewbouw woning te Heerenveen
Uw referentiecode
Woning Sieger vd Laanstraat
Ingediend op
09-03-2023
Soort procedure
Reguliere procedure
Projectomschrijving
Nieuwbouw van een vrijstaande woning
Opmerking
-
Gefaseerd
Nee
Blokkerende onderdelen weglaten
Nee
Kosten openbaar maken
Nee
Bijlagen die later komen
Bouwbesluitberekeningen
Bijlagen n.v.t. of al bekend
Gegevens en bescheiden over veiligheid en het voorkomen van hinder t.b.v. bouwwerkzaamheden Gelijkwaardigheid
9 maart 2023
Geen
Bevoegd gezag
Datum aanvraag: 9 maart 2023
Naam:
Gemeente Heerenveen
Bezoekadres:
Crackstraat 2 8441 ES Heerenveen
Postadres:
Postbus 15000 8440 GA HEERENVEEN
Telefoonnummer:
0513-617617
Faxnummer:
0513-617475
E-mailadres:
vergunningen@heerenveen.nl
Website:
www.heerenveen.nl
Contactpersoon:
Dienst Publiek en Veiligheid
Aanvraagnummer: 7416633
Bevoegd gezag: Gemeente Heerenveen
Pagina 1 van 7
Overzicht bijgevoegde modulebladen
Aanvraaggegevens Locatie van de werkzaamheden Werkzaamheden en onderdelen Woning bouwen • Bouwen Bijlagen
Datum aanvraag: 9 maart 2023
Aanvraagnummer: 7416633
Bevoegd gezag: Gemeente Heerenveen
Pagina 2 van 7
Locatie 1
Kadastraal perceelnummer
Burgerlijke gemeente
Heerenveen
Kadastrale gemeente
Heerenveen
Kadastrale sectie
A
Kadastraal perceelnummer
9435
Bouwplannaam
Sieger vd Laanstraat
Bouwnummer
Kavel naast nummer 96
Gelden de werkzaamheden in deze aanvraag/melding voor meerdere adressen of percelen? 3
Toelichting
Eventuele toelichting op locatie
Datum aanvraag: 9 maart 2023
Ja Nee
Aanvraagnummer: 7416633
Kavel naast Sieger vd Laanstraat 96
Bevoegd gezag: Gemeente Heerenveen
Pagina 3 van 7
Bouwen
Woning bouwen
1
Woonboten en drijvende objecten
Betreft de woning een woonboot of ander drijvend object met een woonfunctie? 2
3
Ja Nee
Woning
Gaat het om de bouw van één of meer woningen?
Ja Nee
Voor welke functie wordt de woning gebouwd?
Eigen bewoning Zorgwoning Anders
De bouwwerkzaamheden
Wat is er op het bouwwerk van toepassing? Eventuele toelichting
Het wordt geheel vervangen Het wordt gedeeltelijk vervangen Het wordt nieuw geplaatst -
Geen
Hebt u voor deze bouwwerkzaamheden al eerder een vergunning aangevraagd? 4
Plaats van het bouwwerk
Waar gaat u bouwen? 5
Ja Nee
Terrein
Bruto vloeroppervlakte bouwwerk
Verandert de bruto vloeroppervlakte van het bouwwerk door de bouwwerkzaamheden?
6
Wat is de bruto vloeroppervlakte van het bouwwerk in m2 voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Wat is de bruto vloeroppervlakte van het bouwwerk in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
212
Bruto inhoud bouwwerk
Verandert de bruto inhoud van het bouwwerk door de bouwwerkzaamheden?
Datum aanvraag: 9 maart 2023
Ja Nee
Aanvraagnummer: 7416633
Ja Nee
Bevoegd gezag: Gemeente Heerenveen
Pagina 4 van 7
7
Wat is de bruto inhoud van het bouwwerk in m3 voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Wat is de bruto inhoud van het bouwwerk in m3 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
517
Oppervlakte bebouwd terrein
Verandert de bebouwde oppervlakte van het terrein na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
8
9
Ja Nee
Wat is de bebouwde oppervlakte van het terrein in m2 voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Wat is de bebouwde oppervlakte van het terrein in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
108
Seizoensgebonden en tijdelijke bouwwerken
Gaat het om een seizoensgebonden bouwwerk?
Ja Nee
Gaat het om een tijdelijk bouwwerk?
Ja Nee
Gebruik
Waar gebruikt u het bouwwerk en/ of terrein momenteel voor?
Wonen Overige gebruiksfuncties
Waar gaat u het bouwwerk voor gebruiken?
Wonen Overige gebruiksfuncties
Wat wordt de gebruiksoppervlakte van de woning in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
132
Wat wordt de vloeroppervlakte van het verblijfsgebied van de woning in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
75
10 Huurwoningen
Wat is het aantal huurwoningen waarvoor een vergunning wordt aangevraagd?
0
Wat is het aantal huurwooneenheden waarvoor een vergunning wordt aangevraagd?
0
11 Koopwoningen
Datum aanvraag: 9 maart 2023
Wat is het aantal koopwoningen waarvoor een vergunning wordt aangevraagd?
1
Wat is het aantal koopwooneenheden waarvoor een vergunning wordt aangevraagd?
0
Aanvraagnummer: 7416633
Bevoegd gezag: Gemeente Heerenveen
Pagina 5 van 7
12 Algemeen
Bent u na voltooiing van de werkzaamheden bewoner van het bouwwerk?
Ja Nee
13 Uiterlijk bouwwerk/welstand
Beschrijf van de onderstaande onderdelen de materialen en kleuren die u voor het bouwwerk gebruikt. U mag het veld leeg laten als u materialen en kleuren in de bijlagen vermeldt Onderdelen
Materiaal
Kleur
Gevels
Gevelsteen
Oranjerood genuancee
- Plint gebouw
Trasraamsteen
Donkerrood genuancee
- Gevelbekleding
-
-
- Borstweringen
-
- Voegwerk
-
Kozijnen
Kunststof
Wit
- Ramen
Kunststof
Antraciet
- Deuren
Kunststof
Grijs
- Luiken
-
-
Dakgoten en boeidelen
Zink
Grijs
Dakbedekking
Dakpan
Oranjerood genuancee
Geen
-
Geen
-
Geen
Geen
Vul hier overige onderdelen en bijbehorende materialen en kleuren in.
Geen
Geen
Geen
Geen
Hwa's - zink, naturel
14 Mondeling toelichten
Ik wil mijn bouwplan mondeling toelichten voor de welstandscommissie/ stadsbouwmeester.
Datum aanvraag: 9 maart 2023
Aanvraagnummer: 7416633
Ja Nee
Bevoegd gezag: Gemeente Heerenveen
Pagina 6 van 7
Bijlagen Formele bijlagen
Datum aanvraag: 9 maart 2023
Naam bijlage
Bestandsnaam
Type
Datum ingediend
Bestektekening Sieger vd Laanstraat
2402 Sieger vd Laanstraat Heerenveen B1.pdf
Plattegronden, doorsneden en detailtekeningen bouwen complexere bouwwerken Bestemmingsplan, beheersverordening en bouwverordening complexere bouwwerken Constructieve veiligheid complexere bouwwerken Energiezuinigheid en milieu Overige gegevens veiligheid Welstand Gezondheid Ontwerptekening nieuwe of gewijzigde uitrit
09-03-2023
In behandeling
2_Sieger_vd_Laanstraat_Heerenveen_B2_pdf
2402 Sieger vd Laanstraat Heerenveen B2.pdf
Constructieve veiligheid complexere bouwwerken
09-03-2023
In behandeling
7031-1_R84304_Geotechnisch_onderzoek_pdf
77031-1 R84304 Geotechnisch onderzoek.pdf
Constructieve veiligheid complexere bouwwerken
09-03-2023
In behandeling
W2N_22-1748_20220825_U-101_pdf
W2N_22-1748_20220825_U-101.pdf
Constructieve veiligheid complexere bouwwerken
09-03-2023
In behandeling
W2N_22-1748_20220825_U-102_pdf
W2N_22-1748_20220825_U-102.pdf
Constructieve veiligheid complexere bouwwerken
09-03-2023
In behandeling
W2N_22-1748_20220825_U-103_pdf
W2N_22-1748_20220825_U-103.pdf
Constructieve veiligheid complexere bouwwerken
09-03-2023
In behandeling
W2N_22-1748_20220801_CB_pdf
W2N_22-1748_20220801_CB.pdf
Constructieve veiligheid complexere bouwwerken
09-03-2023
In behandeling
Welstandsadvies_pdf
Welstandsadvies.pdf
Welstand
09-03-2023
In behandeling
Aanvraagnummer: 7416633
Bevoegd gezag: Gemeente Heerenveen
Status document 9 maart 2023
9 maart 2023
9 maart 2023
9 maart 2023
9 maart 2023
9 maart 2023
9 maart 2023
9 maart 2023
Pagina 7 van 7
Onderzoek stikstofdepositie Opdrachtgever :
Betreft
: Nieuwbouw 1 woning Sieger van der Laanstraat 98 8442 EC Heerenveen
Project no
: 2022-3232
Datum
: 6 oktober 2023
Samenvatting Bouwadvies H. Feenstra heeft het uitvoeren van een onderzoek stikstofdepositie ten behoeve van de nieuwbouw van 1 woning aan de Sieger van der Laanstraat te Heerenveen in gang gezet. De realisatie van het plan kan negatieve gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen binnen omliggende beschermde natuurgebieden. Er is onderzoek verricht naar de stikstofdepositiebijdrage op de omliggende Natura 2000-gebieden. Het meest nabij gelegen(stikstofgevoelige) Natura 2000-gebied is (natura2000.nl): -
Deelen (ca. 6,5 km)
Het perceel is momenteel onbebouwd. Relevante emissies tijdens de bouwfase ontstaan door de inzet van mobiele werktuigen en vervoersbewegingen van- en naar het plan. De gegevens worden verworven door gebruik te maken van onderzoeken naar vergelijkbare panden. In de beoogde situatie wordt de woning voor de verwarming uitgevoerd middels een gasloos energieconcept. Derhalve zijn gebouwemissies niet relevant. De relevante emissies van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) in de beoogde gebruiksfase vinden plaats door verkeersbewegingen van en naar het plan. Het onderzoek is uitgevoerd conform de nieuwste versie van de AERIUS Calculator(2023). Alle vergaarde gegevens zijn in de AERIUS Calculator ingevoerd. Het projecteffect bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/j, Bij een dergelijke projectbijdrage treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden. Een vergunning in het kader van de Wet Natuurbescherming is voor het plan niet noodzakelijk. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van het aspect stikstofdepositie er geen belemmeringen zijn voor de realisatie van het plan.
1
Inleiding Bouwadvies Feenstra voert stikstofdepositieonderzoek uit in het kader van de Wet natuurbescherming. Met behulp van metingen of kentallen kan de emissie van stikstofoxiden en/of ammoniak van een inrichting in kaart worden gebracht. Met behulp van de AERIUS Calculator wordt de stikstofdepositie ter hoogte van omliggende natuurgebieden berekend. Indien er sprake is van een activiteit die stikstofdepositie veroorzaakt, geldt er een vergunningplicht. (Onze vertaling: bij meer dan 0.00 mol/ha/jr). In figuur 1.1 is een globale situering van het plan weergegeven.
Figuur 1.1
Situering plangebied
2
De realisatie van het plan kan negatieve gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen binnen omliggende beschermde natuurgebieden. Er is onderzoek verricht naar de stikstofdepositiebijdrage op de omliggende Natura 2000-gebieden. Het meest nabij gelegen(stikstofgevoelige) Natura 2000-gebied is (natura2000.nl): -
Deelen (Ca. 6,5 km)
Voorgaand is zichtbaar in figuur 1.2
Figuur 1.2
Omliggende Natura 2000-gebieden
3
Inhoud 1.Toetsingskader ................................................................................................................................................5 2.Uitgangspunten ...............................................................................................................................................6 2.1. Plangegevens ...................................................................................................................................6 2.1.1. Bouwfase................................................................................................................................................. 6 2.1.2. Gebruiksfase............................................................................................................................................ 6 2.1.3. Rekenjaar ................................................................................................................................................ 6 2.1.4. AERIUS Versie 26-01-2023 ...................................................................................................................... 6
2.2. Bouwfase .........................................................................................................................................7 2.2.1. Vervoersbewegingen .............................................................................................................................. 8 2.2.2. Stationair draaien ................................................................................................................................... 8 2.2.3. Ontsluiting verkeer ................................................................................................................................. 8
2.3. Gebruiksfase ....................................................................................................................................9 2.3.1. Gebouwemissies ..................................................................................................................................... 9 2.3.2. Licht verkeer en zwaar verkeer ............................................................................................................... 9 2.3.3. Ontsluiting verkeer ................................................................................................................................. 9
3.Berekeningsresultaten ................................................................................................................................. 10 3.1. Bouwfase ...................................................................................................................................... 10 3.2. Gebruiksfase ................................................................................................................................. 10 3.3. Conclusie ...................................................................................................................................... 10 Bijlage .............................................................................................................................................................. 11
4
1.Toetsingskader De bescherming van de Natura 2000-gebieden is geregeld in de Wet natuurbescherming. In zowel de Habitat- als de Vogelrichtlijn zijn de gebieden opgenomen welke als Natura 2000-gebied worden aangemerkt. Een project dat significante gevolgen kan hebben, is natuurvergunning plichtig. Ter beoordeling daarvan is onderzoek verricht naar de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Het projecteffect van het plan op Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige natuur dient bepaald te worden. De berekening zal worden verricht met behulp van de Aerius Calculator, zoals voorgeschreven in artikel 2.1 van de Regeling natuurbescherming. Het projecteffect wordt inzichtelijk gemaakt op twee decimalen nauwkeurig.
5
2.Uitgangspunten 2.1. Plangegevens Met het plan wordt de nieuwbouw van 1 woning mogelijk gemaakt.
2.1.1. Bouwfase Relevante emissies tijdens de bouwfase ontstaan door de inzet van mobiele werktuigen en vervoersbewegingen van- en naar het plan. De gegevens worden verworden door gebruik te maken van onderzoeken naar vergelijkbare panden.
2.1.2. Gebruiksfase In de beoogde situatie wordt de woning voor de verwarming uitgevoerd middels een gasloos energieconcept. Derhalve zijn gebouwemissies niet relevant. De relevante emissies van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) in de beoogde gebruiksfase vinden plaats door verkeersbewegingen van en naar het plan.
2.1.3. Rekenjaar Er is gerekend met rekenjaar 2024, omdat gezien de doorlooptijd van het project, het plan mogelijk in 2024 in gebruik genomen kan worden.
2.1.4. AERIUS Versie 26-01-2023 Op 26 Januari 2023 is de nieuwste versie van de AERIUS Calculator beschikbaar gekomen. Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van de laatste versie van AERIUS.
2.1.5. Algemene Uitgangspunten Tijdens de gebruiksfase is er gerekend met 8 licht verkeer en 0,2 zwaar verkeer. De invulling van het verkeer is bij het desbetreffende onderwerp terug te vinden. Deze kengetallen zijn conform de handreiking van woningbouw opgesteld door de rijksoverheid. Hierbij is er uitgegaan van een totaal van 3,0 kg, waarbij er met 5,4 kg is gerekend als worst case scenario dit geldt voor de woning. Er wordt gerekend met een bouwtijd van 40 weken oftewel 200 werkdagen. Er wordt uitgegaan van een gemiddelde van 2 vervoersbewegingen licht verkeer per dag. Dit komt uit op 400 vervoersbewegingen licht verkeer in de bouwfase. Er wordt gerekend met 40 zwaar verkeersbewegingen bestaand uit 8 betonauto's en 32 vrachtwagens.
6
2.2. Bouwfase Relevante emissies tijdens de bouwfase ontstaan door de inzet van mobiele werktuigen en vervoersbewegingen van- en naar het plan. De gegevens worden verworden door gebruik te maken van onderzoeken naar vergelijkbare panden. De volgende werkzaamheden zijn relevant:
• • • • •
Bouwrijp maken perceel Funderingswerkzaamheden Bouw casco Afbouw Terreininrichting
Voor elk van bovengenoemde fasen is in kaart gebracht welke mobiele werktuigen noodzakelijk zijn, het aantal benodigde draaiuren en het te verwachten dieselverbruik. Er wordt uitgegaan van Stage IV materieel, waarbij gerekend wordt met 5% AdBLue verbruik. De werktuigen worden als vlakbron ingegeven op de projectlocatie, omdat deze geen vast emissiepunt hebben maar over het gehele terrein zullen bewegen. De ingegeven uren betreffen uren van de totale inzet inclusief stationaire draai. Voorgenoemd leidt tot het volgende overzicht:
Tabel 1.1
Inzet mobiele werktuigen
7
2.2.1. Vervoersbewegingen Gebaseerd op de omvang van de werkzaamheden en de verwachte tijdsduur zijn de volgende retourbewegingen aan de orde: Verkeerstype Licht verkeer Zwaar verkeer Tabel 1.2
•
Aantal per jaar 400 40 Retourbewegingen bouwfase
Vervoer van bestelbusjes tot en met 1-assige vrachtwagens vallen, conform de definitie uit de AERIUS invoerinstructie, onder licht verkeer.
2.2.2. Stationair draaien In de bouwfase is mogelijk sprake van emissie vanwege stationair draaien. Op de projectlocatie is een puntbron ingegeven ten behoeve van de emissies van stationaire draai van het vrachtverkeer.. Dit leidt tot het volgende overzicht: Totaalbewegingen 32 Nox factor per uur 86,1156 gr/Nox/uur Tabel 1.3
•
Bew. / 2 16 NH3 factor per uur 0,8412 gr/Nox/uur
Stationaire draai per vrachtbeweging 5 minuten
Stationaire uren per jaar 8
Nox per jaar
NH3 per jaar
0,230 Kg Nox/jr
0,067 Kg NH3/jr
Emissies stationair vrachtverkeer
Het aantal jaarlijkse bewegingen is door 2 gedeeld. Dit is gedaan, omdat de verkeersgeneratie retourbewegingen zijn. De stationaire draai vindt slechts plaats op het moment tussen aan- en afrijden
2.2.3. Ontsluiting verkeer Het verkeer dient te worden ontsloten tot op het punt waar het opgaat in het heersend verkeersbeeld. Conform de AERIUS Invoerinstructie is dit het geval op het punt, waarop het verkeer zich qua snelheid, optrek en stopgedrag niet meer onderscheidt ten opzichte van het overige verkeer, aanwezig op de betrokken weg. Volgens de instructie weegt hierin ook mee dat het verkeer moet zijn verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Derhalve wordt voor dit project ontsloten tot op de A32. Op deze grote verkeersader, wordt verondersteld dat de verkeer aantrekkende werking opgaat in het heersend verkeersbeeld. Het verkeer wordt ingegeven als verkeer binnen de bebouwde kom.
8
2.3. Gebruiksfase 2.3.1. Gebouwemissies In de beoogde situatie wordt de woning voor verwarming uitgevoerd middels een gasloos energieconcept. Derhalve zijn gebouwemissies niet relevant.
2.3.2. Licht verkeer en zwaar verkeer In de gebruiksfase is er sprake van emissies door verkeersgeneratie. Het effect van de verwachte toename in verkeersbewegingen verkeer dient te worden berekend. Voorgaand leidt tot het volgende overzicht: Verkeerstype Licht verkeer Licht verkeer Zwaar verkeer Tabel 3.2
• • •
Type Woning Koop, huis, vrijstaand Kantoor met baliefunctie Koop, huis, vrijstaand + kantoor
Drijver 8 per woning N.V.T 0,2 per woning
Totaalbewegingen per etmaal 8 per etmaal N.V.T 0,2 per etmaal
Berekening verkeersbewegingen gebruiksfase
Licht verkeer is aangegeven door opdrachtgever. Er is gekozen voor de maximale voertuigbewegingen per etmaal. Vervoer van bestelbusjes van bijvoorbeeld pakketdiensten vallen, conform de definitie uit de AERIUS invoerinstructie, onder licht verkeer.
2.3.3. Ontsluiting verkeer Het verkeer dient te worden ontsloten tot op het punt waar het opgaat in het heersend verkeersbeeld. Conform de AERIUS Invoerinstructie is dit het geval op het punt, waarop het verkeer zich qua snelheid, optrek en stopgedrag niet meer onderscheidt ten opzichte van het overige verkeer, aanwezig op de betrokken weg. Volgens de instructie weegt hierin ook mee dat het verkeer moet zijn verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Derhalve wordt voor dit project ontsloten tot op de A32. Op deze grote verkeersader, wordt verondersteld dat de verkeer aantrekkende werking opgaat in het heersend verkeersbeeld. Het verkeer wordt ingegeven als verkeer binnen de bebouwde kom.
9
3.Berekeningsresultaten 3.1. Bouwfase De berekening van het projecteffect van de bouwfase is verricht met behulp van het programma Aerius Calculator. In de bijlagen zijn de AERIUS rapportages bijgevoegd van de invoergegevens en het berekeningsresultaat. Het projecteffect van de bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/jaar. Bij een dergelijke projectbijdrage treedt er geen stikstofdepositie op binnen omliggende Natura 2000gebieden. Derhalve treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden
3.2. Gebruiksfase De berekening van het projecteffect van de beoogde situatie is verricht met behulp van het programma Aerius Calculator. In de bijlagen zijn de AERIUS rapportages bijgevoegd van de invoergegevens en het berekeningsresultaat. Het projecteffect van de bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/jaar(gesaldeerd met de huidige situatie). Bij een dergelijke projectbijdrage treedt er geen stikstofdepositie op binnen omliggende Natura 2000-gebieden. Derhalve treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden
3.3. Conclusie Alle vergaarde gegevens zijn in de AERIUS Calculator ingevoerd. Het projecteffect bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/j, Bij een dergelijke projectbijdrage treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden. Een vergunning in het kader van de Wet Natuurbescherming is voor het plan niet noodzakelijk. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van het aspect stikstofdepositie er geen belemmeringen zijn voor de realisatie van het plan.
10
Bijlage
11
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Sieger van der Laanstraat 98, 8442 EC Heerenveen 2022-3232 Nieuwbouw
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RZVLWeWwJGos 06 oktober 2023, 15:52 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
2024
0,2 kg/j
4,8 kg/j
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Bouwfase - Beoogd
Bouwfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RZVLWeWwJGos (06 oktober 2023)
-
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
2/7
Projectberekening
Bouwfase (Beoogd), rekenjaar 2024 Emissiebronnen 1 2 4
Anders... | Anders... | Projectlocatie Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Mobiele Werktuigen Anders... | Anders... | Stationaire draai vrachtverkeer Verkeersnetwerk
RZVLWeWwJGos (06 oktober 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
92,2 g/j 67,0 g/j 9,2 g/j
4,2 kg/j 0,2 kg/j 0,4 kg/j
3/7
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RZVLWeWwJGos (06 oktober 2023)
4/7
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Bouwfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RZVLWeWwJGos (06 oktober 2023)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)
-
-
5/7
Projectberekening
Bouwfase, Rekenjaar 2024 1
Anders... | Anders...
Naam Projectlocatie Uittreedhoogte Locatie X:191378,64 Warmteinhoud Y:551888,38 Spreiding Oppervlakte 0,04 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie 2
0,0 m 0,000 MW 0m
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte Naam
Mobiele Werktuigen X:191378,83 Y:551888,33 0,04 ha
Stageklasse
NOₓ NH₃
Brandstofverbruik
Mobiele Kraan Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 126 l/j SCR: ja
4,2 kg/j 92,2 g/j
Draaiuren AdBlue verbruik
21 u/j
6 l/j
Shovel
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 54 l/j SCR: ja
9 u/j
3 l/j
Prefab
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 64 l/j SCR: ja
3 u/j
3 l/j
Beton (machines)
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 92 l/j SCR: ja
12 u/j
5 l/j
Hijskraan
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 32 l/j SCR: ja
4 u/j
2 l/j
Heftruck
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 8 l/j SCR: ja
4 u/j
0 l/j
Hoogwerker
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 8 l/j SCR: ja
4 u/j
0 l/j
RZVLWeWwJGos (06 oktober 2023)
Stof Emissie
NOₓ
1,5 kg/j NH₃ 30,2 g/j NOₓ 0,4 kg/j NH₃ 13,0 g/j NOₓ 0,7 kg/j NH₃ 15,4 g/j NOₓ 0,8 kg/j NH₃ 22,1 g/j NOₓ 0,2 kg/j NH₃ 7,7 g/j NOₓ 0,3 kg/j NH₃ 1,9 g/j NOₓ 0,3 kg/j NH₃ 1,9 g/j
6/7
Projectberekening
3
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Verkeersbewegingen X:191774,04 Y:551666,58 1.161,44 m Binnen bebouwde kom (normaal) Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 4
Anders... | Anders...
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Naam Stationaire draai Uittreedhoogte vrachtverkeer Warmteinhoud Locatie X:191378,89 Spreiding Y:551888,15 Oppervlakte 0,04 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie
0,0 m 0,000 MW 0m
Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j Type scherm - NO₂ 91,3 g/j Hoogte - NH₃ 9,2 g/j Afstand tot de weg - -
Aantal voertuigbewegingen
In file
400,0 /jaar 0,0 /jaar 40,0 /jaar 0,0 /jaar
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
NOₓ NH₃
0,2 kg/j 67,0 g/j
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023_20231004_fd8d865135 Database versie 2023_fd8d865135_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RZVLWeWwJGos (06 oktober 2023)
7/7
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Sieger van der Laanstraat 98, 8442 EC Heerenveen 2022-3232 Nieuwbouw
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RhGSno7A8SrA 06 oktober 2023, 15:52 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
2024
47,9 g/j
1,4 kg/j
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Gebruiksfase - Beoogd
Gebruiksfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RhGSno7A8SrA (06 oktober 2023)
-
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
2/6
Projectberekening
Gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar 2024 Emissiebronnen 1
Anders... | Anders... | Projectlocatie Verkeersnetwerk
RhGSno7A8SrA (06 oktober 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
47,9 g/j
1,4 kg/j
3/6
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RhGSno7A8SrA (06 oktober 2023)
4/6
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RhGSno7A8SrA (06 oktober 2023)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)
-
-
5/6
Projectberekening
Gebruiksfase, Rekenjaar 2024 1
Anders... | Anders...
Naam Projectlocatie Uittreedhoogte Locatie X:191377,97 Warmteinhoud Y:551886,52 Spreiding Oppervlakte 0,06 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie 2
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
0,0 m 0,000 MW 0m
Verkeersbewegingen X:191772,3 Y:551669,61 1.151,02 m Binnen bebouwde kom (normaal) Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ 1,4 kg/j Type scherm - NO₂ 0,3 kg/j Hoogte - NH₃ 47,9 g/j Afstand tot de weg - -
Aantal voertuigbewegingen
8,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,2 /etmaal 0,0 /etmaal
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023_20231004_fd8d865135 Database versie 2023_fd8d865135_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RhGSno7A8SrA (06 oktober 2023)
6/6
Rapportage behorende bij het project
QuickScan Wet Natuurbescherming nieuwbouwwoning Sieger van der Laanstraat 98 te Heerenveen
November 2023
Verantwoording Titel
QuickScan Wet Natuurbescherming nieuwbouwwoning Sieger van der Laanstraat 98 te Heerenveen Datum uitgave 2 november 2023 Aantal pagina’s incl. bijlagen: 21 Opdrachtgever
Foto omslag Eindverantwoordelijke Auteur Rapportnummer Status Paraaf
De lege kavel omringd door bebouwing. Copyright: Ing. 2023-016 Eindrapportage
Colofon Ecobureau Merula Humaldastate 13 8926 RD Leeuwarden 06 13387618 www.ecobureau-merula.nl KvK: 57918961
Gelieve als volgt te citeren: Zweemer, M., QuickScan Wet Natuurbescherming nieuwbouwwoning Sieger van der Laanstraat 98 te Heerenveen, rapportnummer 2023-016, Leeuwarden, november 2023
Inhoudsopgave 1. Inleiding ............................................................................................................................................... 4 1.1 Kader ecologisch onderzoek.......................................................................................................... 4 1.2 Methode van onderzoek ............................................................................................................... 4 1.3 Beschrijving onderzoeksgebied ..................................................................................................... 5 1.4 Disclaimer ...................................................................................................................................... 6 2. Wet- en regelgeving ............................................................................................................................ 7 2.1 Soortenbescherming ..................................................................................................................... 7 2.1.1 Vogels ..................................................................................................................................... 7 2.1.2 Habitatrichtlijnsoorten ...........................................................................................................
8 2.1.3 Nationaal beschermde soorten .............................................................................................. 8 2.2 Gebiedsbescherming ..................................................................................................................... 8 2.2.1 Natura 2000 ............................................................................................................................ 8 2.2.2 Natuurnetwerk Nederland (NNN) .......................................................................................... 9 2.2.3 Ganzenfoerageergebieden en ganzenslaapplaatsen ............................................................. 9 2.2.4 Weidevogelkansgebieden .................................................................................................... 10 2.3 Houtopstanden............................................................................................................................ 10 2.4 Zorgplicht..................................................................................................................................... 10 3. Gebiedsbescherming ......................................................................................................................... 11 3.1 Natura-2000 ................................................................................................................................
11 3.2 Natuurnetwerk Nederland (NNN) ............................................................................................... 12 3.3 Ganzenfoerageergebied en ganzenslaapplaatsen ...................................................................... 13 3.4 Weidevogelkansgebied ............................................................................................................... 13 3.5 Houtopstanden............................................................................................................................ 13 3.6 Conclusie ..................................................................................................................................... 13 4. Soortbescherming ............................................................................................................................. 14
4.1 Veldwaarnemingen ..................................................................................................................... 14 4.2 Vogels .......................................................................................................................................... 14 4.2 Vleermuizen................................................................................................................................. 14 4.3 Overige zoogdieren ..................................................................................................................... 14 4.4 Vissen, amfibieën en reptielen .................................................................................................... 15 4.5 Overige beschermde soorten ...................................................................................................... 15 5. Conclusie en advies QuickScan .......................................................................................................... 16 5.1 Conclusie ..................................................................................................................................... 16 5.2 Advies en planning ...................................................................................................................... 16
Bijlage I; Bronvermelding Bijlage II; Lijst van jaarrond beschermde nesten (vogels) en vrijgestelde soorten Fryslân
1. Inleiding heeft aan Ecobureau Merula opdracht verleend om een QuickScan Wet Natuurbescherming te doen naar een leegstaande kavel aan de Sieger van der Laanstraat 98 te Heerenveen in verband met beoogde nieuwbouw. Ruimtelijke ontwikkelingen dienen getoetst te worden aan de vigerende wetgeving.
1.1 Kader ecologisch onderzoek Aanleiding tot het onderzoek vormt de geplande bouw van een vrijstaande woning op een momenteel lege kavel. De precieze planning is op het moment van schrijven nog niet bekend. De doelstelling is vast te stellen of er beschermde soorten vallende onder de Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn en/of Nationaal beschermde soorten op de onderzoekslocatie aanwezig zijn of waarvan het voorkomen niet uitgesloten kan worden. Bij de uitvoering van werkzaamheden dient rekening hiermee te worden gehouden. Indien van beschermde soorten de aanwezigheid niet kan worden uitgesloten middels de QuickScan, net als het potentieel negatief effect erop, zal aanvullend onderzoek nodig zijn. Mocht er uit dit nader onderzoek blijken dat beschermde soorten hinder ondervinden van de werkzaamheden, dan kan er overgegaan worden op het aanvragen van een ontheffing bij bevoegd gezag (Provincie Fryslân) met bijbehorende compensatie en mitigatie.
1.2 Methode van onderzoek Dit ecologisch onderzoek komt tot stand door literatuuronderzoek, waarbij onder andere gebruik gemaakt is van kennisdocumenten voor ecologische informatie en verspreidingsatlassen. Verspreidingsatlas.nl is bijvoorbeeld een naslagwerk met verspreidingskaarten die worden gemaakt met gevalideerde gegevens uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). Daarnaast zijn ook de websites van Particuliere Gegevensbeherende Organisaties (Sovon, Zoogdiervereniging en Ravon) geraadpleegd. Deze bronnen tonen verspreiding van soorten per atlashok (vijf bij vijf kilometer). Deze ongedetailleerde kaarten maakt deze gegevens slechts indicatief. Om advies op maat te kunnen geven dient een ecoloog ter plaatse in te schatten in hoeverre beschermde soorten die bekend zijn uit de omgeving, ook daadwerkelijk in het onderzoeksgebied kunnen voorkomen. Daarom heeft een veldbezoek plaatsgevonden op woensdag 1 november 2023. Tijdens het veldbezoek is het plangebied geïnspecteerd op aanwezigheid van, en geschiktheid voor, beschermde flora en fauna. Er is gelet op sporen (uitwerpselen) en holen en de aanwezigheid van potentieel beschermde soorten in de directe omgeving. De weersomstandigheden tijdens het veldbezoek zijn weergegeven in tabel 1. Tabel 1: Weersomstandigheden veldbezoek Alexanderkerk, Rinsumageest. Datum 01-11-2023
Duur 13:00-13:30
Type bezoek QuickScan
Wind Z4
Bewolking Zwaarbewolkt en droog
Temperatuur 14 °C
4
De QuickScan is slechts een momentopname. Dit rapport is een weergave van de bevindingen tijdens deze scan en somt vervolgstappen en adviezen op. Het rapport kan echter geen volledig onderzoek behelzen, doordat er onvoldoende gegevens over potentiële beschermde soorten en de populatie ervan in het plangebied en omgeving verkregen kan worden middels één bezoek.
1.3 Beschrijving onderzoeksgebied Het plangebied ligt aan de Sieger van der Laanstraat 98 centraal in de plaats Heerenveen in de provincie Fryslân. Het plangebied is gelegen in een woonwijk en daardoor rondom omringd door bebouwing. De woningen in de omgeving zijn rijtjeswoningen van verschillende leeftijden. Sommige rijtjes zijn gebouwd in 1934 en in de periode 1949-1955. Ook staan er woningen uit 2013 en 2019. De woningen zijn allen twee of drie woonlagen hoog en hebben een pannendak. Daarnaast oogt het straatbeeld groen, met gazon, perken en bomen in de openbare ruimte en hagen en struiken in tuinen van omwonenden. Er bevindt zich geen water binnen het plangebied, maar in de wijk zijn langgerekte vijvers aanwezig. De dichtstbijzijnde vijver ligt op ongeveer 100 meter naar het zuidwesten. Op grotere afstand is doorgaand water aanwezig, onder andere de Kolk (840 meter naar het noorden) en recreatieplas De Heide (1,2 km naar het zuidwesten). De kavel is niet bebouwd en momenteel bestaat deze uit slechts enkelhoge tot heuphoge vegetatie (o.a. grassen, riet, teunisbloem, bijvoet). Ook is de kavel omringd door een haag. Figuren 1-2 tonen de omgeving van het plangebied. Foto’s 3-4 tonen de kavel. Zie figuur 5 voor de ligging van het plangebied in een schematische en een satellietkaart.
Figuren 1 en 2: Links, zicht op woningen gebouwd rond 1950 aan de zuidkant van het plangebied. Rechts, zicht op woningen aan de noordkant van het plangebied met links woningen uit 2019 en rechts woningen uit 1934.
5
Figuren 3 en 4: Links, overzichtsfoto van de kavel. Rechts, de kavel gelegen in de woonwijk.
Figuur 5: Een schematische weergave van de locatie van het plangebied (inzet, zwart omkaderd) en de ligging ten opzichte van de omgeving. De kaarten zijn georiënteerd op het noorden. (Bron kaart: ArcGIS Online).
1.4 Disclaimer Ecobureau Merula is kandidaat-lid bij Netwerk Groene Bureaus (NGB) en heeft de intentie om volledig lid te worden. Om dit doel te bereiken houdt Ecobureau Merula zich aan de gedragscodes van NGB. Daarnaast wordt onderzoek uitgevoerd volgens geldende standaarden zoals soortprotocollen en kennisdocumenten. Rapportages worden opgesteld met behulp van de definitielijst (2020) van NGB. Ecobureau Merula adviseert slechts over de situatie zoals beschreven in relatie tot wetgeving en aanwezigheid beschermde soorten. Het betreffen de resultaten van onafhankelijk onderzoek welke zo nauwkeurig mogelijk is uitgevoerd. Aan dit rapport kunnen geen rechten worden ontleend. 6
2. Wet- en regelgeving Voorafgaand aan het uitvoeren van werkzaamheden is in veel gevallen toetsing aan de Nederlandse wetgeving voor natuur verplicht. Dit is de Wet Natuurbescherming, waarin de voormalige Flora- en faunawet, Natuurbeschermingswet 1998 en de Boswet gebundeld zijn. Indien geplande werkzaamheden leiden tot (ongewenste) effecten op beschermde soorten is aanvraag van een ontheffing noodzakelijk. Hierbij is in een aantal gevallen nog steeds het Rijk bevoegd gezag, maar veel taken vallen onder het bevoegd gezag van de provincies. Ook gemeenten hebben meer verantwoordelijkheden gekregen, zoals in het verlenen van omgevingsvergunningen aan initiatiefnemers.
2.1 Soortenbescherming Voor de Wet natuurbescherming zijn activiteiten die een schadelijk effect op beschermde soorten hebben, in principe verboden. Van dit verbod kan worden afgeweken met een ontheffing of een vrijstelling. Binnen de Wet natuurbescherming wordt bij ruimtelijke ingrepen onderscheid gemaakt tussen vogels, Europees beschermde soorten en nationaal beschermde soorten. Alle vogels zijn beschermd onder de Vogelrichtlijn. Europees beschermde soorten vallen onder de Habitat Richtlijn bijlage IV onderdeel a, bijlage 2 verdrag van Bern en bijlage 1 verdrag van Bonn. Daarnaast zijn er nog een aantal soorten op nationaal niveau beschermd in Nederland.
2.1.1 Vogels Ten aanzien van vogels is in artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming het volgende opgenomen: • • • •
Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen. Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te rapen en deze onder zich te hebben. Het is verboden vogels als bedoeld als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn opzettelijk te storen. Verstoren mag wel indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.
Dit houdt in dat de nesten van alle inheemse soorten tijdens het broedseizoen zijn beschermd. Voor het verstoren van broedende vogels is een ontheffing nodig. Net als onder de voormalige Flora- en faunawet, zijn de nesten van een aantal vogelsoorten jaarrond beschermd (mits niet definitief verlaten). In 2023 gaat het nog om de volgende soorten: boomvalk, buizerd, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, havik, huismus, kerkuil, oehoe, ooievaar, ransuil, roek, slechtvalk, sperwer, steenuil, wespendief en zwarte wouw. Met ingaan van de Omgevingswet op 1 januari 2024 wordt deze lijst aangepast naar: aalscholver, blauwe reiger, boomvalk, bosuil, buizerd, draaihals, dwergstern, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, grote stern, grote zilverreiger, havik, huismus, huiszwaluw, ijsvogel, kerkuil, lepelaar, noordse stern, oehoe, ooievaar, purperreiger, raaf, ransuil, ringmus, roek, 7
slechtvalk, sperwer, steenuil, stormmeeuw, torenvalk, wespendief, zeearend, zwarte specht, zwarte stern, zwarte wouw, zwartkopmeeuw.
2.1.2 Habitatrichtlijnsoorten Onder de Habitatrichtlijnsoorten vallen Europees beschermde soorten. Het is verboden om deze: • • • • •
Opzettelijk te doden of te vangen; Opzettelijk te verstoren; Eieren opzettelijk te vernielen of te rapen; Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen te beschadigen of te vernielen; Planten opzettelijk te plukken, te verzamelen, af te snijden, ontwortelen of te vernielen.
2.1.3 Nationaal beschermde soorten Sommige soorten zijn Nationaal beschermd. Het is verboden om deze: • • • •
Opzettelijk te doden of te vangen; Eieren opzettelijk te vernielen of te rapen; Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen te beschadigen of te vernielen; Planten opzettelijk te plukken, te verzamelen, af te snijden, ontwortelen of te vernielen.
Provincies beslissen zelf voor welke soorten van de Nationaal beschermde lijst een vrijstelling geldt. De lijst van de provincie Friesland met nationaal beschermde soorten waarvoor een ontheffing nodig blijft bij ruimtelijke ingrepen is opgenomen in bijlage II van dit rapport.
2.2 Gebiedsbescherming 2.2.1 Natura 2000 Gebieden beschermd onder de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn ook wel bekend als Natura2000 gebieden. In het aanwijzingsbesluit van het Natura 2000-gebied zijn zowel de te beschermen waarden van het Vogelrichtlijn- als het Habitatrichtlijngebied opgenomen. Deze kwalificerende habitattypen en soorten zijn in het aanwijzingsbesluit opgenomen als zogenaamde instandhoudingsdoelen. Elk gebied is specifiek voor een of meer van deze instandhoudingsdoelen aangewezen. Met deze nationale deelverplichtingen wordt bijgedragen aan de Europese verplichting die het voortbestaan van deze natuurwaarden tracht zeker te stellen. Indien er sprake is van ‘verslechtering of significante verstoring’ of ‘significante gevolgen’ op een Natura 2000-gebied is een vergunning nodig. Deze wordt aangevraagd bij de provincie waar de ingreep plaatsvindt. De effecten op de beschermde waarden kunnen zowel direct als indirect (externe werking) zijn. ‘Extern’ betekent zowel dat instandhoudingsdoelen beschermd moeten zijn tegen invloed van buiten het gebied als dat soorten die een levensfunctie buiten het gebied hebben, daar ook volledige bescherming genieten. Bij het bepalen of de ontwikkeling negatieve gevolgen kan hebben, moet ook rekening gehouden worden met de overige ontwikkelingen in de omgeving van het beschermde gebied.
Door een combinatie (cumulatie) van activiteiten kunnen namelijk ook negatieve effecten optreden. Hierbij 8
wordt als richtlijn gehanteerd dat alleen plannen en projecten, waarover een definitief besluit is genomen, bij deze beoordeling worden betrokken. Tot mei 2019 was het gebruikelijk om activiteiten in de natuur die stikstof uitstoten te toetsen aan de PAS (Programma Aanpak Stikstof). Inmiddels heeft de Raad van State de PAS ongeldig verklaard. De overheid werkt aan een nieuwe aanpak stikstof.
2.2.2 Natuurnetwerk Nederland (NNN) Het Natuurnetwerk Nederland is de naam van de ecologische hoofdstructuur van Nederland. Het omvat een netwerk van bestaande en toekomstige natuurgebieden in Nederland, die de basis vormen voor het nationale natuurbeleid. De begrenzing en bescherming van het provinciale NNN is uitgewerkt in Streekplan Fryslân (2007) en de Verordening Romte Fryslân (2014). Hierin is het beleid vastgesteld voor zowel natuur binnen het NNN als natuur buiten het NNN. Natuur binnen het NNN Activiteiten die plaatsvinden binnen NNN gebieden, mogen niet leiden tot: • • •
Een significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden; Een significante vermindering van de oppervlakte van die gronden; Een significante aantasting van de samenhang tussen gebieden die deel uitmaken van de ecologische hoofdstructuur.
Indien een activiteit leidt tot aantasting van het NNN, zijn ontwikkelingen alleen toegestaan als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: • • •
Er sprake is van een groot openbaar belang; Er zijn geen reële alternatieven voor de beoogde ontwikkeling; Schade wordt zo veel mogelijk beperkt door mitigerende maatregelen als redelijkerwijs mogelijk is, en resterende schade wordt gecompenseerd door het treffen van zodanige maatregelen dat geen netto verlies optreedt van wezenlijke kenmerken en waarden in termen van areaal, kwaliteit en samenhang van de ecologische hoofdstructuur.
Natuur buiten het NNN Gebieden aangewezen als natuur buiten de NNN moeten worden voorzien van een passende bestemming met gebruiksregels gericht op behoud, herstel of ontwikkeling van natuurwaarden.
2.2.3 Ganzenfoerageergebieden en ganzenslaapplaatsen Ganzenfoerageergebieden zijn landbouwpercelen waar ganzen vrij mogen neerstrijken om te rusten en eten en slapen. Er zijn algemene en soortspecifieke foerageergebieden. In de algemene gebieden worden de ganzen van 1 november tot en met 31 maart opgevangen. In de soort specifieke gebieden loopt dit van 1 november tot en met 30 april of soms tot 31 mei. Ganzenslaapplaatsen bestaan uit open water waar ganzen mogen rusten. Op of nabij percelen die zijn aangewezen als ganzenfoerageergebieden mogen geen werkzaamheden of effecten plaatsvinden die de functie van het ganzenfoerageergebied aantasten. Volgens de Fryske Guozzenoanpak mogen ganzen binnen 500 m van hun nachtelijke slaapplaatsen niet verstoord worden. 9
2.2.4 Weidevogelkansgebieden Weidevogelkansgebieden zijn gebieden die kansrijk worden geacht voor weidevogels. Een samenwerken tussen Provincie Fryslân, agrariërs en agrarische collectieven wordt een gebiedsplan opgesteld waarin criteria zijn opgenomen aangaande rust en openheid, waterhuishouding, kruidenrijkdom en bemesting. Op of nabij weidevogelkansgebieden mogen geen werkzaamheden of effect plaatsvinden die de functie van het weidevogelkansgebied aantasten.
2.3 Houtopstanden Houtopstanden vallen eveneens onder de Wet natuurbescherming. Bij het kappen van een bosareaal van meer dan tien are (1000 m2) of bomenlaan bestaande uit minimaal twintig bomen buiten de bebouwde kom geldt een meld- en herplantplicht. Dit herplanten dient binnen drie jaar na het kappen hiervan te gebeuren. Gemeenten hanteren soms voor ‘buiten de bebouwde kom’ een andere begrenzing dan voor de Weg- en verkeerswet. Bij twijfel hierover kan contact opgenomen worden met de betreffende gemeente. Niet alle boomsoorten vallen onder deze wetgeving. Populieren, wilgen of elzen die bedoeld zijn voor de productie als biomassa zijn uitgezonderd, indien tenminste een keer per tien jaar wordt geoogst, de beplanting na 1 januari 2013 is aangelegd en aan een aantal beplantingseisen is voldaan. Ook kerstbomen die niet ouder zijn dan twintig jaar, kweekgoed, fruitbomen en windschermen om boomgaarden zijn uitgezonderd.
2.4 Zorgplicht In artikel 1.11 van de Wet natuurbescherming is de zorgplicht opgenomen. Deze geldt voor zowel soorten als gebieden en voor iedereen in Nederland. De zorgplicht houdt in dat iedereen voldoende zorg in acht neemt voor Natura 2000-gebieden, bijzondere nationale natuurgebieden en voor in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. De zorg houdt in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen kunnen worden veroorzaakt (…); a) dergelijke handelingen achterwege laat, dan wel, b) indien dat achterwege laten redelijkerwijs niet kan worden gevergd, de noodzakelijke maatregelen treft om die gevolgen te voorkomen, of c) voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zo veel mogelijk beperkt of ongedaan gemaakt. Deze zorg geldt voor alle individuen van in Nederland voorkomende soorten planten en dieren, ongeacht of deze soort beschermd is en ongeacht of ontheffing of vrijstelling is verleend.
10
3. Gebiedsbescherming 3.1 Natura-2000 In de directe omgeving van Heerenveen zijn geen Natura-2000 gebieden gelegen. Op grotere afstand zijn er wel meerdere Natura-2000 gebieden bekend, namelijk v.l.n.r. Witte en Zwarte Brekken, Sneekermeer, Rottige Meenthe & Brandemeer, De Deelen en Van Oordt’s Mersken. Het dichtstbijzijnde Natura-2000 gebied betreft de Groote Wielen op een afstand van 6,8 kilometer in noordelijke richting. Zie ook figuur 6. Het gebied De Deelen vormt één van de weinige overgebleven restanten van een omvangrijk complex van laagveenmoerassen en petgatenlandschappen, dat in de vroegere eeuwen noordwest Overijssel en het Lage Midden van Fryslân besloeg. Het is een laagveengebied dat bestaat uit een stelsel van petgaten, rietland, struweel en graslandvegetaties. Er wordt nog steeds veen gewonnen. In het kader van natuurontwikkeling worden ook petgaten gegraven. Als gevolg van deze activiteit ontstond een moerasgebied met een groot oppervlak aan ondiep open water. Daardoor zijn in de successiereeks van open water naar land verschillende stadia aanwezig. De voor dit gebied aangewezen Vogelrichtlijnsoorten (broedvogels) zijn: roerdomp, Ppurperreiger, bruine kiekendief, zwarte stern, rietzanger. Aangewezen Vogelrichtlijnsoorten (niet-broedvogels) zijn: grote zilverreiger, kolgans, brandgans, grauwe gans, brandgans, smient, slobeend, nonnetje.
Figuur 6: De ligging van de Natura-2000 gebieden rondom de onderzoekslocatie. (Bron kaart: Ministerie van LNV, Natura2000.nl)
Voor de effectfactoren, waaronder optische verstoring, trilling, licht en geluid kan gezien de grote afstand en tussenliggende bebouwing externe werking op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten. De Deelen is een niet-stikstofgevoelig Natura-2000 gebied. Het dichtstbijzijnde welstikstofgevoelige Natura-2000 gebied is de Rottige Meenthe & Brandemeer, op een afstand van bijna 9 kilometer naar het zuiden. Door de grote afstand tot dit gebied en kleinschaligheid van de ingreep 11
binnen bebouwde kom wordt er geen significante toename aan uitstoot van stikstof verwacht op dit gebied. Ecobureau Merula acht geen Aerius-berekening noodzakelijk. Provincie Fryslân is echter bevoegd gezag en kan een andere mening hebben, mede door de discussie rondom het stikstofdossier.
3.2 Natuurnetwerk Nederland (NNN) Op de kaart in figuur 7 is te zien dat het plangebied zelf niet binnen de NNN valt, maar er rondom de onderzoekslocatie wel enkele natuurgebieden liggen.
Figuur 7: Er zijn meerdere natuurgebieden aanwezig rondom de onderzoekslocatie (rode stip). (Bron kaart: Natuurbeheerplan Provincie Fryslân)
Het betreffen de volgende gebieden: 1. Easterskar, met als beheertypen veenmoeras, veenmosrietland en moerasheide, hoog- en laagveenbos, nat schraalland, kruiden- en faunarijk grasland, zoete plas; 2. Haulsterbossen, met als beheertypen droog hakhout, dennen-, eiken- en beukenbos, droog bos met productie; 3. Nannewiid, met als beheertypen veenmoeras, hoog- en laagveenbos, nat schraalland, kruiden- en faunarijk grasland, zoete plas; 4. Percelen bij de Tjalleberterkrite, met als beheertypen vochtig bos met productie, droog bos met productie, vochtig en hellinghakhout, hoog- en laagveenbos, kruiden- en faunarijk grasland; 5. Groot Wijngaarden, met als beheertypen droog bos met productie, zoete plas; 12
6. Oranjewoud, met als beheertypen park- of stinzenbos, dennen-, eiken- en beukenbos, laan, droog bos met productie, droog hakhout, vochtig en hellinghakhout, kruiden- en faunarijk grasland, droge heide, zoete plas; 7. Taconisbosk, met als beheertypen dennen-, eiken- en beukenbos, bossingel. Gezien de afstand tot deze gebieden, de aard en kleinschaligheid van de ingreep en de bufferende werking van tussengelegen infrastructuur, zijn effecten van de werkzaamheden op NNN-gebieden en/of andere natuurgebieden in de omgeving van het plangebied uitgesloten.
3.3 Ganzenfoerageergebied en ganzenslaapplaatsen Het plangebied is gelegen centraal in de bebouwde kom en grenst niet aan ganzenfoerageergebieden of ganzenslaapplaatsen. De geplande nieuwbouw tast de functie van verder weg gelegen ganzenfoerageergebieden of ganzenslaapplaatsen niet aan. Significant negatieve effecten worden uitgesloten.
3.4 Weidevogelkansgebied Het plangebied is gelegen centraal in de bebouwde kom en grenst niet aan weidevogelkansgebied. De geplande werkzaamheden tasten de functie van omliggende weidevogelgebieden niet aan. Significant negatieve effecten worden uitgesloten.
3.5 Houtopstanden Er worden geen bomen gekapt binnen het onderzoeksgebied en daarom is het onderdeel houtopstanden van de Wet natuurbescherming niet van toepassing.
3.6 Conclusie Het plangebied ligt niet in, dan wel in de directe omgeving van, een Natura 2000-gebied. Door de geplande verbouwingswerkzaamheden gaat geen oppervlakte aan Natura 2000-gebied verloren. Ook externe werking is uitgesloten. Het plangebied is tevens niet gelegen in, of aangrenzend aan, het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen EHS). Daarbij grenst het ook niet aan ganzenfoerageergebied, ganzenslaapplaatsen of weidevogelkansgebied. Effecten hierop zijn uitgesloten. Er worden geen bomen gekapt, waardoor het onderdeel houtopstanden van de Wet natuurbescherming niet van toepassing is.
13
4. Soortbescherming Hieronder volgen de resultaten van het onderzoek naar beschermde flora en fauna. In de paragrafen hierna worden de resultaten per beschermde soortgroep besproken.
4.1 Veldwaarnemingen Tijdens het veldbezoek werden er enkele vogelsoorten gehoord. Ook zijn er op de kavel sporen gezien van verschillende zoogdieren. Het gaat om twee verschillende wissels (wildspoor), pootafdrukken en een molshoop. Er zijn geen andere waarnemingen gedaan.
4.2 Vogels Tijdens de veldverkenning werden roodborst en koolmees roepend in de straat waargenomen. Er zijn geen nesten aangetroffen in de dichtstbijzijnde bomen of restanten van nesten gezien bij omliggende woningen. In het broedseizoen kunnen wel algemene vogels tot broeden komen in de bomen en struiken in de omgeving van het plangebied. Het kan dan gaan om vogels als merel, roodborst, tjiftjaf, zanglijster en vink. Op het perceel zelf worden geen broedvogels verwacht door een hoge predatiedruk (katten) en gebrek aan beschutting.
4.2 Vleermuizen De kavel zelf biedt niets op het vlak van vleermuizen. De omgeving is wel geschikt voor vleermuizen. Vooral de oudere woningen in de straat kunnen een verblijfplaats bieden aan deze dieren. Daarnaast volgen vleermuizen rechtlijnige elementen in het landschap waarlangs ze routes afleggen tussen verblijfplaats en foerageergebied. De bomen in de straat kunnen deel uitmaken van een vliegroute van vleermuizen. Foerageergebieden bevinden zich vaak in waterrijke groengebieden. De gehele woonwijk voldoet hieraan en vorm daardoor geschikt foerageergebied voor vleermuizen. Met uitvoeren werkzaamheden dient hier rekening mee te worden gehouden.
4.3 Overige zoogdieren In de directe omgeving komen meerdere soorten zoogdieren voor, zoals Egel, Steenmarter en diverse knaagdieren. Er zijn tijdens het veldbezoek sporen aangetroffen die duiden op de aanwezigheid van een verblijfplaats (molshoop). Daarnaast is een pootafdruk van een kat gevonden en zijn er twee verschillende wissels aangetroffen. De breedste is vermoedelijk van huiskat. De smallere is mogelijk van bruine rat. Kleine zoogdieren zijn vrijgesteld bij een ruimtelijke ingreep. Zie voor een lijst van deze soorten bijlage II. 14