Beantwoording Technische_vragen_commissie_AZ_12_september_2024_agendapunt 7
Tekst van het document
ID
Fractie
Vraag
Antwoord
Agendapunt
310
D66
In het raadsvoorstel wordt als één van de argumenten voor het splitsen van kamer 2 aangegeven dat 'elk domein specifieke kennis van de commissieleden en de secretaris vergt. Commissieleden die goed thuis zijn in beide domeinen zijn schaars dan wel moeilijk te vinden.' Toch kiezen 4 van de 6 huidige commissieleden ervoor om zitting te nemen in zowel de Algemene kamer als de Sociale kamer. Hoe is dit met elkaar te rijmen? En waarom is, gelet op het aangehaalde argument om kamer 2 te splitsen aan de huidige commissieleden de mogelijkheid geboden om in beide kamers zitting te nemen?
Het argument ‘schaars en moeilijk te vinden’ zijn argumenten die op de toekomst toe zien. De behoefte aan het maken van onderscheidt is o.a. ontstaan tijdens de wervingsprocedure van de huidige commissieleden. Goed thuis in zowel het fysieke als sociale domein blijken weinigen te zijn. De praktijk is dat iemand goed thuis is in het ene en redelijk in het andere. Werving en selectie wordt naar de toekomst toe nu vergemakkelijkt. De huidige leden zijn echter wel geselecteerd en benoemd voor de enige (nietgesplitste) kamer die er nu nog is. Deze benoeming geldt in beginsel voor de duur van 4 jaar. Bij wijze van overgangsrecht is de commissieleden de keuze geboden om in beide (nieuwe) kamers zitting te nemen. Hiermee hoeven zij niet tijdens een lopende
Commissie AZ 12-092024 7. Regeling commissie bezwaarschriften
ID
Fractie
Vraag
Antwoord benoeming ontslagen en/of (opnieuw) benoemd te worden. Bij een nieuwe zittingstermijn zal in de benoeming het onderscheidt voor welke kamer een commissielid benoemd wordt, gemaakt gaan worden. 2 van de 6 huidige leden hebben aangegeven minder goed thuis in het domein van de andere kamer te zijn en hebben bedankt voor deelname aan die kamer. Gesteld zou kunnen worden dat deze zelfkennis de keuze om voortaan met 2 kamers te werken bevestigd. De secretarissen, en de commissieleden onderling, hebben voldoende vertrouwen in de capaciteiten en kennis van de commissieleden die aan beide kamers deelnemen. Dit is in alle openheid en goede sfeer binnen de commissie besproken.
Agendapunt