Raadsmonitor SMV H1 2022.pdf
Tekst van het document
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
1
Inhoud Samenvatting ........................................................................................................................... 4 Programma W ........................................................................................................................ 5 Doel ..................................................................................................................................... 5 Algemene Voorziening Schoon en Leefbaar Huis ....................................................................... 6 Algemeen ........................................................................................................................... 6 Aantal klanten AVSLH .......................................................................................................... 7 Stijging mantelzorgondersteuning......................................................................................... 8 Financieel overzicht AVSLH .................................................................................................. 8 STIP ...................................................................................................................................... 9 Wmaatwerkvoorzieningen .......................................................................................................
9 Algemeen ........................................................................................................................... 9 Persoonsgebonden Budget ................................................................................................... 9 Financiën materiële en immateriële voorzieningen ................................................................11 Woonvoorzieningen ............................................................................................................11 Rolstoel- en vervoersvoorzieningen......................................................................................12 Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen ......................................................................12 Algemeen ..........................................................................................................................12 Financiën MOBW ................................................................................................................12 Toekomstplannen ...............................................................................................................12 Conclusies ...........................................................................................................................13 Inkomen en participatie
............................................................................................................14 Programma Inkomen en participatie .......................................................................................14 Doelen Inkomen en Participatie ..............................................................................................14 Participatiewet Werk ..............................................................................................................15 Werkwijze ..........................................................................................................................16 WW-cijfers .........................................................................................................................17 Beleidsontwikkelingen Participatiewet Werk ..........................................................................17 Participatiewet Inkomen ........................................................................................................17 Kosten van Bijzondere bijstand en Minimabeleid ...................................................................17 Armoedebestrijding ..........................................................................................................18 Beleidsontwikkelingen Participatiewet Inkomen.....................................................................18 Conclusies Inkomen
en Participatie .........................................................................................19 Jeugd ......................................................................................................................................20 Programma Jeugd .................................................................................................................20 Doelen Jeugd ........................................................................................................................20 Uitgevoerd Beleid ..................................................................................................................21
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
2
Ontwikkelingen in het jongerenwerk ....................................................................................21 Nieuwkomersonderwijs en Oekraïne .....................................................................................21 Veilig Verkeer Nederland .....................................................................................................22 Kansrijke start ......................................................................................................................22 Gebruik Jeugdvoorzieningen...................................................................................................23 Verwijzingen Individuele voorzieningen ...................................................................................26 Financiën Jeugdzorg ..............................................................................................................27 Kwaliteit ...............................................................................................................................29 Er zijn in de verslagperiode geen klachten ontvangen. Wel is er één bezwaarschrift binnengekomen. Deze is nog in behandeling. ..........................................................................29 Conclusies Jeugd ...................................................................................................................30
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
3
Samenvatting Voor u ligt de raadsmonitor over het eerste half jaar van 2022. Deze tussentijdse monitor omvat minder informatie dan de jaarlijkse monitor, omdat bepaalde onderwerpen zich minder goed lenen voor een halfjaarlijks perspectief. De risico’s zijn ongewijzigd ten opzichte van de laatste monitor en daarom niet opgenomen. We leven in een rumoerige tijd. In de staart van de Covid-19-pandemie worden we geconfronteerd met de Russische invasie in de Oekraïne met alle uitdagingen die dat in ons land en gemeente teweeg brengt, zoals de opvang van Oekraïense vluchtelingen, de sterke inflatie en in het bijzonder de exorbitante energieprijzen. Daarnaast hebben we onze eigen gemeentelijke agenda met het realiseren van de opgaven uit de kadernota in het eersteen de gevolgen die wetswijzigingen met zich mee hebben gebracht te verwerken in ons beleid en de dagelijkse werkzaamheden. Binnen de WMO is de AVSLH een aandachtspunt. Door het invoeren van de bewustwordingsperiode en de inzet van de huishoudcoach is de sterke groei geremd. Door vergrijzing en drukte op de woningmarkt zijn de kosten voor woonvoorzieningen toegenomen. Veel inwoners hebben hun weg naar STIP gevonden met een hulpvraag of voor dagbesteding. Door de sterke inzet van deze voorliggende voorziening wordt een sterke toename van WMO maatwerkvoorzieningen voorkomen.
Niet alle groei kan vermeden worden, maar dit is een landelijk beeld. Veel van de geboden zorg heeft een relatie met de Covid-19-pandemie. Er is dat suitgestelde zorg en enaproblemen die vaak veroorzaakt zijn door de sociale isolatie. Voor MOBW wordt nagedacht over de diverse aspecten van de aankomende overgang van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis en de dalende rijksbijdrage de komende jaren. Ondanks alle uitdagingen is het prettig om vast te stellen dat de begroting voor WMO 2022 op maat is. Op basis van de halfjaar cijfers verwachten we dit jaar binnen de lijntjes te blijven. Bij Participatie en Inkomen ligt de nadruk op het helpen van het toenemende aantal inwoners met financiële tekorten. Door het verstrekken van bijzondere bijstand aan de huishoudens met een laag inkomen en door mensen met oplopende schulden te helpen met een plan van aanpak of beide. Door de sterke inflatie, in het bijzonder de energielasten, komen steeds meer mensen in de financiële problemen. De gevolgen hiervan verspreiden zich naar het domein van WMO en Jeugd. De verstrekte energietoeslagen worden vergoed door de overheid en drukken daardoor niet op de gemeentelijke begroting. Daarmee verwachten we voor Participatie en Inkomen alleen een overschrijding van €15.000 voor minimabeleid op de begroting.
Bij Jeugd worden plannen ontwikkeld om Jeugdzorg meer integraal te organiseren door de kinderen en hun ouders vanaf de geboorte tot 18 jaar te ondersteunen bij het opgroeien. Over het hele land wordt een afname van het welzijn van jongeren gemeten, bij meiden nog meer dan bij jongens. Door de inzet van jongerenwerkers en thuisbegeleiders wordt het aantal maatwerkvoorzieningen beperkt. Ook bij jongeren zijn de gevolgen van de lockdown waarneembaar. Het aantal aanmeldingen is niet zo zeer veranderd, maar wel het gewicht van de problematiek. Daarnaast is er veel aandacht voor het terugdringen van middelengebruik. Door de invoering van het woonplaatsbeginsel zijn de trends in de cijfers bij de individuele voorzieningen iets vertekent, maar de het aantal betrokkenen is beperkt verandert. Financieel gezien blijft ook het aandeel voor Jeugdzorg in onze gemeente naar verwachting binnen de begroting 2022. In de verschillende hoofdstukken van deze monitor worden de bovengenoemde thema’s verder beschreven en soms verduidelijkt met een grafiek of een tabel. Wij wensen u veel leesplezier. Voor vragen of extra toelichting zijn wij uiteraard beschikbaar.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
4
WMO Programma WMO Onderwerp
Toelichting
Doel(en)
De doelen op hoofdlijnen op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en het kaderdocument Sociaal Domein gemeente Heerde 2017-2022
AVSLH klanten
Aantal klanten algemene voorziening schoon en leefbaar huis (AVSLH).
AVSLH financieel
Financieel overzicht H1 2022
STIP
1Cijfers algemene voorziening individuele begeleiding en groepsbegeleiding
MAATWERK Financieel overzicht
Financieel overzicht H1 2022
MAATWERK Aantal klanten
Kernpunten van de voorliggende hoofdstukkenAantal klanten
Beschermd Wonen
Ontwikkelingen
Doel WMO Toename van zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie van de inwoners van Gemeente Heerde door: Meer inzet vanuit eigen kracht/omgeving Toenemende inzet via algemene voorzieningen Minder inzet van maatwerk
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
5
Figuur 1 Stappenplan Inzet WMO Voorziening
Toelichting De visie van de gemeente Heerde met betrekking tot de transformatie is dat inwoners zelf verantwoordelijk zijn voor de inrichting van hun leven. Zij houden zoveel mogelijk de regie en geven zelf aan wat zij aan ondersteuning nodig hebben. Zij zoeken eerst naar oplossingen in de eigen kracht, het eigen netwerk en maken gebruik van voorliggende en algemene voorzieningen. Dit in het onderstaande stappenplan gevisualiseerd. Voor het versterken van de eigen kracht en het eigen netwerk worden binnen STIP o.a. een coördinator mantelzorg en vrijwilligerswerk, coördinator ouderen, sociaal werkers, thuisbegeleiders en (buurt)coaches ingezet. Zij (vroeg)signaleren en verbinden binnen de eigen netwerken en de voorliggende voorzieningen.
Algemene Voorziening Schoon en Leefbaar Huis Algemeen De AVSLH is in 2022 als voorziening voor ondersteuning in het huishouden gecontinueerd. Men krijgt gemiddeld 2 uur ondersteuning per week. De mantelzorgondersteuning, welke ingezet kan worden onder de AVSLH (gemiddeld 0,5 uur per week), wordt ook in 2022 ingezet. De raad heeft 5 juli 2021 besloten om de AVSLH nog twee jaar (2022 en 2023) voort te zetten. Bij het aanbieden van de Algemene Voorziening Schoon en Leefbaar Huis wordt er met ingang van 2022 een bewustwordingsperiode van 12 weken gehanteerd, voordat er gebruik kan worden gemaakt van de algemene voorziening. Voor inwoners in een kwetsbare situatie geldt geen bewustwordingsperiode.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
6
Aantal klanten AVSLH
Aantal klanten AVSLH 2022 750,00
676
680
687
672
683
668
658
638
642
649
653
662
645
6
7
8
9
10
11
12
700,00
650,00
642
646
650
657
661
635
636
4
5
653
642,00 633,00
633,00
633
1
2
3
665
600,00
550,00
500,00
450,00
400,00 0
AVSLH 2022 werkelijk
AVSLH 2022 prognose
AVSLH 2021
AVSLH 2020
AVSLH 2019
AVSLH 2018
AVSLH 2017
AVSLH 2016
Figuur 2 Aantal klanten AVSLH op peildatum
Toelichting Voor 2022 is er een stijging van het aantal klanten van 7 % geprognotiseerd (+4% i.v.m. aanzuigende werking abonnementstarief en +6% i.v.m. vergrijzing, -3% instroombeperking door huishoudcoach). Vanaf 1 januari is de bewustwordingsperiode van 12 weken ingegaan. Hierdoor is de instroom 12 weken uitgesteld. In de grafiek zijn de werkelijke klantaantallen 2022 tot jaareinde geëxtrapoleerd. Daling AVSLH klanten In januari 2022 was er een daling van 9 klanten. Dit komt door een combinatie van het invoeren van de bewustwordingsperiode met de inzet van de huishoudcoach en uitstroom van klanten naar de Wlz. In het tweede kwartaal steeg het aantal klanten (5 klanten). Deze stijging was minder dan geprognotiseerd. We verwachten dat in de tweede helft van dit jaar de stijging van het aantal klanten weer zal toenemen. Maar de inzet van de bewustwordingsperiode in combinatie met de huishoudcoach lijkt zijn vruchten af te werpen.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
7
Stijging mantelzorgondersteuning
Aantal klanten mantelzorgondersteuning AVSLH H1 2022 155
152 148
150 144
145
148 145
140 Q1 AVSLH Aanvullend
Q2 AVSLH aanvullend begroot
Figuur 3 Mantelzorgondersteuning AVSLH
Toelichting Door de uitstroom van klanten naar de Wlz 1 is er extra mantelzorgondersteuning ingezet aanvullend op de schoonmaakondersteuning. Deze mantelzorgondersteuning is in de eerste helft van dit jaar licht toegenomen met 3 klanten. Financieel overzicht AVSLH
Financieel overzicht AVSLH € 2.500.000 € 2.012.582
€ 2.127.655
€ 2.000.000 € 1.687.441 € 1.500.000
€ 1.340.100 € 1.154.083
€ 1.110.966
€ 1.000.000
€ 500.000
€kosten 2018
kosten 2019
Kosten 2020
kosten 2021
Begroting 2022
2022 Q2
Figuur 4 Financiën AVSLH
Toelichting Ondanks de afname van het aantal klanten in het eerste kwartaal, is er geen daling van de kosten na de eerste helft van 2022 zichtbaar in de grafiek. Dit komt doordat de laatste kolom alleen de kosten weergeeft. In de begroting en bij de overige kolommen zijn de ontvangsten eigen bijdrage per jaareinde op de kosten in mindering gebracht. Dit vertekent het verloop in deze grafiek. Indien de kostenontwikkeling zich zo doorzet, blijven we voor Schoon en leefbaar huis binnen de begroting.
1
Wet langdurige zorg
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
8
STIP In 2021 is de algemene voorziening regieondersteuning voor volwassenen overgegaan naar STIP (Steun- en InformatiePunt Heerde). De individuele begeleiding wordt bij STIP ingevuld door Sociaal maatschappelijke werkers en de ambulante thuisbegeleiders. De dagactiviteiten binnen STIP gebeuren onder leiding van de coördinator ouderen en de activiteitenbegeleider voor de dagbesteding. De begeleiding vindt plaats als preventieve interventie om te voorkomen dat zwaardere of langdurig ondersteuning noodzakelijk wordt. In de gevallen waarbij de preventieve interventies niet of niet voldoende helpen, kan er een maatwerkvoorziening verstrekt worden. De dagactiviteiten binnen STIP zijn gericht op inwoners met lichte ondersteuningsbehoefte door psychosociale en/ of psychogeriatrische problemen. Problematiek hangt veelal samen met lichamelijke, sociale en psychische veranderingen bij de inwoners, bijvoorbeeld de achteruitgang van het geheugen. De dagactiviteiten hebben als doel een tijdsbesteding te bieden aan mensen met lichte ondersteuningsbehoefte en de mogelijkheid om de mantelzorgers te ontlasten. De afgelopen periode hebben we bij STIP gebruikt om de informatiestromen te rangschikken. Met de komst van het nieuwe geautomatiseerd systeem verwachten we dit ook inzichtelijk te kunnen maken in de Raadsmonitor van 2023.
WMO maatwerkvoorzieningen Algemeen Onder maatwerkvoorziening vallen immateriële- en materiële voorzieningen. Immateriële voorziening zijn o.a. individuele begeleiding, groepsbegeleiding en respijtzorg. Materiële voorzieningen zijn de rolstoel, vervoer- en woonvoorzieningen. Persoonsgebonden Budget De kosten voor PGB zijn licht gestegen, omdat het aantal cliënten,ten opzichte van het eerste kwartaal, in het tweede kwartaal met 4 is toegenomen. Door de regionale inkoop via een open raamcontract wordt er beperkt gebruik gemaakt van de PGB’s. Door het open raamcontract kunnen nieuwe aanbieders makkelijk toetreden. Daarom is een PGB-constructie in veel gevallen niet meer noodzakelijk. Nieuwe PGB aanbieders moeten aan dezelfde kwalitatieve eisen voldoen als aanbieders die reeds voor het regionale raamcontract ingeschreven zijn. Hierdoor is er meer controle op de kwaliteit van de inzet van PGB’s.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
9
Klantaantallen maatwerkbegeleiding 140 121 120 101 100
91 83
80 61
54
60 43 35
40 20
32
26 29
36 27
22
14
43
49 50
30 20
8 7
9
1 2 2
15
0 0 0
0 Begeleiding Individueel Begeleiding Individueel Complex licht /Basis ZIN 2017
ZIN 2018
Dagbesteding complex/gespecialiseerd
Dagbegeleiding licht /Basis
ZIN 2019
ZIN 2021
ZIN 2020
Dagbesteding duurzaam
ZIN 2022 Q2
Figuur 5 Klantaantallen maatwerk immaterieel op peildatum
Toelichting Het aantal klanten met Individuele begeleiding licht/basis is het eerste half jaar van 2022 toegenomen. Bij alle andere vormen van begeleiding is aantal klanten meer constant. vooralverschillendeoorsomsDe stijging in de individuele begeleiding zit voornamelijk in de Individuele begeleiding basis. Dit heeft vooral te maken met uitstroom vanuit STIP naar maatwerk. Alle ondersteuning die via lichte begeleiding plaatsvindt, wordt eerst vanuit STIP aangeboden door de social workers en thuisbegeleiders. Indien ondersteuning langdurig noodzakelijk is, of als er een zwaardere vorm van begeleiding nodig is, wordt individuele begeleiding basis vanuit maatwerk ingezet.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
10
Financiën materiële en immateriële voorzieningen
Kosten woon-, rolstoel-, vervoersvoorzieningen € 1.600.000 € 1.367.450
€ 1.400.000 € 1.200.000 € 1.000.000 € 800.000
€ 589.637
€ 600.000 € 343.550
€ 400.000 € 200.000
€ 197.370 € 195.960
€ 144.104 € 15.600
€ 110.079 € 83.702
€ 15.801
€begroot 2022 Vervoersvoorziening
Rolstoelen
werkelijk Q2 2022 Woonvoorziening
immaterieel ZIN
immaterieel PGB
Figuur 6 Financiën Materiële en Immateriële voorzieningen
Toelichting Omdat nog niet alle facturen op de peildatum zijn ontvangen en verwerkt, lijken de kosten voor woonvoorzieningen na de eerste helft van dit jaar lager dan begroot. Als de nog te betalen bedragen worden meegenomen, liggen de kosten voor alle materiele en immateriële voorzieningen in lijn met de begroting. De kosten voor immaterieel ZIN zijn de eerste zes maanden van dit jaar iets lager dan de helft. De categorieën woonvoorzieningen en rolstoelvoorzieningen worden sterk beïnvloed door incidentele grotere c.q. duurdere aanpassingen. Woonvoorzieningen Er worden in de tweede helft van dit jaar nog een paar grotere woningaanpassingen gerealiseerd. Deze zijn voorzien in de begroting. Er blijven steeds meer mensen langer thuis wonen. Dit wordt vanuit de overheid gestimuleerd. Er is in Heerde, maar ook landelijk, een tekort aan passende woonruimte. Dit zorgt ervoor dat er meer, grotere en duurdere woningaanpassingen noodzakelijk zijn. Daarnaast neemt het aantal verstrekkingen van trapliften toe. De vergrijzing vraagt om meer aangepaste woningen, zeker in relatie met de zorg die zo veel mogelijk thuis moet worden geleverd. Vanuit de overheid en de Wlz wordt ingezet op Wlz-zorg in de eigen woning. De zorg wordt betaald vanuit de Wlz, maar de aanpassingen van woningen komen voor rekening van de gemeente. Regionaal is ook een kostenstijging voor woonvoorzieningen geconstateerd.
De reden voor toename van deze kosten, naast het langer thuis wonen, wordt gekoppeld aan het invoeren van het abonnementstarief. In het nieuwe coalitieakkoord van de regering is geen compensatie of maatregel opgenomen voor de toename van grotere c.q. duurdere woningaanpassingen. Ondanks deze ontwikkelingen blijven de kosten voor woonvoorzieningen, op basis van de huidige inzichten, binnen de begroting.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
11
Rolstoel- en vervoersvoorzieningen De kosten voor rolstoel- en vervoervoorzieningen liggen in lijn met de begroting. Het bedrag voor rolstoelvoorzieningen ligt iets hoger dan het begrote budget. Dit heeft te maken met het verstrekken van duurdere type rolstoelen. Dit zorgt voor een verwachte toename in de kosten ten opzichte van de begroting. Daarentegen daalt het aantal verstrekkingen voor vervoervoorzieningen. Dat heeft te maken met het inzetten van ergotherapeuten bij het verstrekken van scootmobielen. De totale kosten in de verslagperiode voor rolstoel- en vervoersvoorzieningen zijn lager dan begroot.
Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen Algemeen Gemeente Heerde werkt voor Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MOBW) samen in de regio Oost Veluwe. MOBW is voor mensen met psychische of psychosociale problemen. Vanaf 1-12024 is de samenwerking in de regio verandert, omdat de financiën binnenkomen per gemeente en niet langer via de centrumgemeenten. In 2015 is gestart met de doordecentralisatie van MOBW. Toen is er eerst in de regio gewerkt met een transformatieagenda en vanaf 2019 met een convenant. In juni 2021 is door de gemeenteraad het regionale kaderdocument en regionale ontwerp ‘Beschermd Thuis’ vastgesteld. Met het regionale kaderdocument wordt richting gegeven aan de transformatie. Hierbij staat de verandering van beschermd wonen (intramuraal) naar beschermde thuisomgeving (beschermd thuis) centraal. In het regionale ontwerp is geconcretiseerd welke stappen er genomen worden om in de regio te blijven samenwerken met andere afspraken. Deze afspraken hebben betrekking op het samenwerkingsconvenant, afbouw opgaven van het aantal plekken intramuraal beschermd wonen en de verdeling van de financiën in de regio. Financiën MOBW Vanaf Vanaf2024 zijn er minder financiële middelen in de regio beschikbaar. De afbouw loopt van 37 miljoen naar 23 miljoen in 2032. Door een wetswijzing valt een deel van de beschermd wonen cliënten vanaf 2021 onder de Wet langdurige zorg.
Er zit een fluctuatie in het aantal BW-cliënten in de gemeente Heerde. In de eerste helft van 2022 waren er circa 10 BW-cliënten in Heerde, in de regio gaat het in totaal om circa 490 BW-cliënten. In de regio zijn afspraken gemaakt dat elke gemeente 85% van de ontvangen gemeentelijke rijksvergoeding beschermd wonen overhevelt naar het regiobudget. Dit percentage wordt jaarlijks vastgesteld. Om de lokale zorginfrastructuur zo in te richten dat we integraal herstel kunnen (blijven) bieden, wordt de resterende 15% van de ontvangen rijksvergoeding beschermd wonen lokaal ingezet. In 2022 is er in de regio voorgesorteerd op het feit dat er in 2023 een andere inkoopstrategie wordt gehanteerd. We gaan werken met minder zorgaanbieders (ongeveer 10 a 12). Hierbij wordt rekening gehouden met voldoende spreiding van de zorgaanbieders over de regio. Zo kan er gericht gewerkt worden aan een integrale benadering van cliënten die (beter) kunnen herstellen in hun eigen omgeving. Voor de cliënten die een beschermde woonvorm nodig hebben, blijven de intramurale voorzieningen beschikbaar. Toekomstplannen Er zijn nu jaarlijks financiële overschotten in de regio. In 2021 is dit ruim 6 miljoen. Heerde ontving 4% van deze overschotten, omgerekend 238.000 euro. Ook in 2022 wordt er een soort gelijk overschot verwacht. Deze gelden worden gereserveerd.
Dit is van belang voor de afbouw van de regionale rijksbijdragen en de transformatie van Beschermd wonen naar Beschermd thuis. De regionale rijksbijdrage voor Beschermd wonen wordt vermoedelijk vanaf 1-1-2024 met een tijdpad van 10 jaar afgebouwd. Daarom is een financiële buffer van belang. Voor de transformatie van Beschermd wonen naar Beschermd thuis richten we lokaal nieuwe voorzieningen in. Zo is in 2022 de pilot straathoekwerk ingezet. En is er de Inloop GGZ als algemene voorziening beschikbaar. We Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
12
ontwikkelen nieuwe plannen om de lokale infrastructuur te versterken in de toekomst. In 2022 ligt de focus vooral op preventie en inrichten van de zorginfrastructuur, zodat we vroegtijdig kunnen signaleren en de risicofactoren verkleinen. Hiermee richten we ons op bevordering van maatschappelijk herstel in de richting van een zo zelfredzaam mogelijk leven voor kwetsbare mensen.
Conclusies WMO De kosten van Schoon en Leefbaar huis nemen het eerste kwartaal jaar iets af door het toepassen van de 12 weken bewustwordingsperiode. Hierdoor werd de instroom met 12 weken uitgesteld. Na deze periode stroomt een groot deel van de klanten dan toch in, maar dit aantal is lager dan verwacht. Het aantal toetreders wordt beperkt door de inzet van de huishoudcoach in de bewustwordingsperiode. Een aantal mensen vindt dan andere oplossingen en mogelijkheden om zelfstandig het huishouden te kunnen voeren en ziet af van de aanvraag. Vanuit STIP zijn er preventieve interventies ingezet, zowel op individuele basis als op collectieve basis. Hierdoor wordt de instroom naar maatwerkvoorzieningen beperkt. Het aantal inwoners met een basis/lichte immateriële maatwerkvoorzieningen is in de eerste helft van dit jaar toegenomen. Dit heeft vooral te maken met uitstroom vanuit STIP. Uitstroom vind plaats als de inzet vanuit STIP ontoereikend blijkt, bijvoorbeeld als ondersteuning langdurig noodzakelijk is of als er een zwaardere vorm van begeleiding nodig is. In deze situaties wordt individuele begeleiding vanuit maatwerk ingezet. Er zijn duurdere typen rolstoelen verstrekt. Daardoor komen de kosten hoger uit dan het begrote budget. Daarentegen dalen het aantal verstrekkingen voor vervoervoorzieningen door de inzet van ergotherapeuten bij het verstrekken van scootmobielen.
Hierdoor zijn de kosten voor alle vervoersvoorzieningen in de verslagperiode lager dan begroot. De kosten voor woningaanpassingen stijgen. Dit komt doordat mensen langer thuis blijven wonen, mensen niet kunnen verhuizen naar een passende woning door de krapte op de woningmarkt. Hierdoor zijn meer en grotere aanpassingen noodzakelijk. Daarnaast stijgt ook het prijsniveau van de werkzaamheden. Voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke opvang blijven we samenwerken in de regio Oost Veluwe. We hebben te maken met minder financiële middelen de komende jaren en sorteren voor op een zorglandschap om integraal te herstellen in eigen omgeving.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
13
Inkomen en participatie Programma Inkomen en participatie Onderwerp
Toelichting
Doelen
De doelen op hoofdlijnen van de gemeente op basis van de Participatiewet
Stand Bijstand
Aantal mensen in de bijstand en het verloop over meerdere kwartalen
Trajecten
Het aantal mensen dat een traject heeft
Financiën
Kernpunten van de voorliggende hoofdstukkenKosten van de uitkering ten opzichte van het Buig Budget
Financiën Open einde regeling
Financiën van de bijzondere bijstand, het minimabeleid en de kwijtscheldingen
Armoede en schulddienstverlening
Instroom en Uitstroom
Doelen Inkomen en Participatie Inwoners van de gemeente Heerde voorzien zoveel als mogelijk in hun eigen inkomen; De gemeente Heerde biedt mensen indien nodig, ondersteuning bij het vinden van werk. Hierbij geldt als regel dat ondersteuning alleen wordt ingezet als het efficiënt en effectief is; Inwoners die niet kunnen deelnemen aan de arbeidsmarkt, participeren naar eigen vermogen in de samenleving, bijvoorbeeld door het uitvoeren van vrijwilligerswerk; De gemeente Heerde biedt een vangnet voor mensen die het financieel moeilijk hebben; De gemeente Heerde wil armoede en schulden onder de inwoners van de gemeente waar mogelijk voorkomen dan wel bestrijden.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
14
Participatiewet Werk
Figuur 7 Aantal bijstandsgerechtigden op peildatum
Toelichting In deze grafiek ziet u de totaalstand van het aantal inwoners dat een uitkering ontvangt in het kader van de Participatiewet, IOAW, BBZ en IOAZof. We zien hier dat het aantal bijstandsgerechtigden in 2022 met twee is gestegen ten opzichte van 2021. De stijging is te verklaren door de instroom van de Bbz light groep, bzdit was de BBZ regeling voor ZZP’ers die ondersteunen ontvingen vanwege COVID. Per 1 juni is deze Bbz light regeling gestopt en zijn deze mensen ingestroomd in de bijstand.
Indeling Bijstandsgerechtigden op leeftijd 200 8 177
8 166
9 169
71
64
56
43
35
28
10 163
8 164
58
63
41
38
37
34
35
30
29
27
25
28
27
27
2018 Q4
2019 Q4
2020 Q4
2021 Q4
2022 Q2
150 100 50 0
Jonger dan 31
31-40
41-50
51-64
65+
Totaal
Figuur 8 Verdeling Bijstandsgerechtigden naar leeftijd
Toelichting We zien in bovenstaande grafieken dat de groep bijstandsgerechtigden in de leeftijdscategorie 51-64 jaar met 5 is toegenomen en de groep 65plussers met 2 is afgenomen.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
15
Indeling Bijstandsgerechtigden naar uitkeringsduur 200 150
177
169
166
163
164
65
53
64
64
71
79
79
71
66
60
33
34
34
33
33
2018 Q4
2019 Q4
2020 Q4
2021 Q4
2022 Q2
100 50 0
<1 jaar
1-5 jaar
>5 jaar
Totaal
Figuur 9 Overzicht Bijstandsgerechtigden naar uitkeringsduur
Toelichting De ‘middengroep’ die 1-5 jaar bijstandsgerechtigd is, is met zes afgenomen ten opzichte van vorig jaar waarbij de groep die langer in de bijstand zit dan vijf jaar met zeven is toegenomen . 131 mensen (80%) hebben langer dan een jaar een uitkering van de bijstand, in het algemeen kunnen we zeggen dat de kans op werk kleiner wordt naarmate de uitkering langer duurt. Werkwijze Binnen de gemeente hebben wij de werkzoekenden Participatiewet onderverdeeld in vier groepen: Re-integratie: Activering: Participatie: Vrijgesteld:
binnen < 1 jaar naar werk tussen 1 en 3 jaar nodig voor werk kans op deelname aan de arbeidsmarkt is klein (tijdelijk) vrijgesteld van werk vanwege persoonlijke omstandigheden
De groep re-integratie en een aantal activeringskandidaten, ontvangen dienstverlening van het Werkleerbedrijf Lucrato. Jaarlijks maken wij afspraken met Lucrato over de uitstroom van de Participatiewet kandidaten, het aantal inwoners dat met een loonkostensubsidie aan het werk is, de uitstroom naar parttime werk en de uitstroom van statushouders. In de volgende raadsmonitor over heel 2022 wordt verder ingegaan op de gemaakte afspraken en de behaalde resultaten. Als mensen een relatie hebben, richten we ons met de dienstverlening en bij de ondersteuning naar werk op beide partners, omdat ze beide bijstandsgerechtigd zijn. Als één van beide een betaalde baan vindt, kan dit resulteren in voldoende inkomen. Dan hoeft het gezin geen beroep meer te doen op de bijstand. Niet uitkeringsgerechtigden (de zogenaamde Nuggers) hebben in veel gevallen ook recht op ondersteuning bij het vinden van werk en ontvangen daarbij begeleiding door Werkleerbedrijf Lucrato. Personen met een verminderde loonwaarde worden geregistreerd in het doelgroepenregister. Hierdoor is het instrument loonkostensubsidie inzetbaar. De gemeente Heerde heeft de verplichting om deze personen te ondersteunen bij het vinden van een passende arbeidsplaats. Zij maakt hiervoor gebruik van de dienstverlening van Werkleerbedrijf Lucrato.
Een plaatsing met loonkostensubsidie levert de gemeente geen besparing op voor het BUIG-budget, maar voorkomt wel dat jongeren uit beeld raken en pas jaren later met diverse problemen op ons pad komen.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
16
WW-cijfers Op 1 juli 2022 ontvingen 111 inwoners van de gemeente Heerde een WW uitkering van het UWV. Dit is een daling van 30,6% ten opzichte van 1 juli 2021. Als we kijken naar de WW-gerechtigden op basis van leeftijd, zien we dat de groep > 50 jaar de grootste groep is. Leeftijdsklasse <27 jaar: 27 – 50 jaar: > 50 jaar:
Aantal WW-ers 0 43 61
De groep ouder dan 50 jaar heeft vaak langer WW recht opgebouwd, maximaal drie jaar. Hierdoor zal deze groep later een mogelijk beroep op bijstand doen. Analyses van het UWV laten zien dat ongeveer 5%-6% van de WW-gerechtigden doorstromen naar de bijstand. Dit zou, met de aantallen per 1 juli 2022, betekenen dat de gemeente Heerde de komende jaren een instroom kan verwachten van 5 tot 7 personen na het aflopen van het WW-recht. Of deze personen daadwerkelijk instromen in de bijstand is afhankelijk van verschillende factoren, zoals het inkomen van de partner, vermogen uit eigen woning of ander vermogen. Hierdoor is er in de sommige gevallen geen recht op bijstand. Beleidsontwikkelingen Participatiewet Werk Wetswijziging Breed Offensief Deze wet is inmiddels aangenomen in de Tweede Kamer en staat voor onderzoek voor de Eerste Kamer. De wetswijziging Breed Offensief betreft maatregelen om mensen met een arbeidsbeperking nog beter aan het werk te kunnen helpen. We zien dat bepaalde elementen uit deze wetswijziging al worden doorgevoerd, bijvoorbeeld het vereenvoudigen van de aanvraag en uitbetaling van de loonkostensubsidie. In 2021 hebben wij dit preferente proces geïmplementeerd. Daarnaast is per 1 april 2022 de hoogte van de individuele studietoeslag in alle gemeenten in Nederland gelijk gesteld op €300,00 per maand.
Regionale Uniformering In de regio zijn we bezig met de uniformering van re-integratiemiddelen voor zowel werkzoekenden als werkgevers. Zo hebben alle werkzoekenden en werkgevers in onze regio dezelfde dienstverlening.
Participatiewet Inkomen Door tijdelijke onderbezetting bij de uitkeringsadministratie in Oldebroek hebben we geen financiële cijfers ontvangen en ontbreken de grafieken die de kosten voor de bijstandsuitkeringen en de minimaregelingen en de bijzondere bijstand weergeven. Kosten van Bijzondere bijstand en Minimabeleid Bij het bepalen van de definitieve kosten voor bijzondere bijstand en minimabeleid zijn de kosten voor de eerste helft van 2022 verhoogd met hetzelfde percentage waarmee de kosten in de tweede helft 2021 zijn gestegen. Bij het Minimabeleid (activiteitenbijdrage) en de Bijzondere bijstand stijgen de kosten ten opzichte van vorig jaar. De stijging van het minimabeleid en de bijzondere bijstand zijn een gevolg van de huidige economische situatie waarin veel mensen te maken krijgen met hoge kosten voor energie, brandstof en boodschappen. Bij het minimabeleid verwachten we €15.000,tekort te komen op de begroting. Bij de bijzondere bijstand blijven we binnen de begroting.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
17
Kosten van de bijstandsuitkeringen We verwachten een lichte stijging van de kosten van de bijstandsuitkeringen, omdat er een kleine toename is. Het BUIG-budget5, is dit jaar gesplitst in twee componenten. Een deel ter dekking van de bijstandsuitkeringen en een deel ter dekking van de loonkostensubsidie. Het deel ter dekking van de bijstandsuitkeringen is voor het grootste deel gebaseerd op historische resultaten van twee jaar geleden en voor een deel op basis van objectieve maatstaven die door de rijksoverheid zijn vastgesteld. Voor de loonkostensubsidie krijgen we de werkelijke kosten van het voorgaande jaar vergoed. De kosten van de bijstandsuitkeringen blijven binnen onze begroting; het Buig-budget is naar verwachting niet toereikend. Met de huidige berekeningen houden we rekening met een tekort van €150.000,- op het BUIG Budget en met een overschot van €25.000,- op de begroting. Armoedebestrijding – Schulddienstverlening
Aanvragen Schulddienstverlening Heerde
100 80
87 aanvragen
75 52
60 34
40 20
Naar SDV Zwolle
50
14 15
14 5
3
9
7 5 5
10 7
2020
2021
1
9 8
Naar Grip op de Knip Naar Social Work 0
0 2018
2019
Q2 2022
Figuur 10 Aantal aanvragen Schulddienstverlening tot peildatum
Toelichting Er zijn dit jaar meer aanmeldingen voor schulddienstverlening dan vorig jaar. Dit is een landelijk beeld. Door de structurele toename van het aantal hulpaanvragen is extra inzet noodzakelijk. Problematische schulden (grotere schulden en meerdere schuldeisers) worden doorverwezen naar de Schulddienstverlening (SDV) Zwolle. Het aantal mogelijke crises is laag. Onder crisis wordt een huisuitzetting of een afsluiting van de energie verstaan. We hebben goede afspraken met de woningcorporatie. En er zijn landelijk afspraken gemaakt dat er geen huishoudens worden afgesloten van energie. Beleidsontwikkelingen Participatiewet Inkomen We hebben dit jaar een energietoeslag verstrekt van €800,- later is dit verhoogd naar €1.300,-. We verwachten dit jaar 515 huishoudens een energietoeslag te verstrekken van €1.300,-. Uitgaande van de cijfers van het CBS is dit een bereik van 95%. De financiën hiervoor worden verstrekt bij de meicirculaire 2022 en voor de tweede tranche met de septembercirculaire.
Dit zijn middelen die de gemeente van het rijk ontvangt, ter dekking van de bijstandsuitkeringen en de loonkostensubsidie 5
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
18
Conclusies Inkomen en Participatie Het aantal mensen in de bijstand is met 2 gestegen. We verwachten daarom dat de kosten iets hoger uitvallen. Het aantal mensen in de bijstand met een afstand tot de arbeidsmarkt is structureel hoog. We verwachten een tekort van €150.000,- op de inkomsten die we van het rijk ontvangen ter dekking van de bijstandsuitkeringen. We verwachten dit jaar een toename in totale kosten van de vangnetregelingen en het minimabeleid waardoor we niet binnen de begroting blijven. We verwachten hier een overschrijding van €15.000,Het aantal mensen dat zich meldt voor schulddienstverlening neemt fors toe. Halverwege het jaar 2022 hebben we al bijna net zoveel aanvragen als in heel 2021 en meer dan in 2020. Dit jaar staat in het teken van de energietoeslag. We verwachten dit jaar 515 huishoudens een energietoeslag te verstrekken van €1.300,-. Uitgaande van de cijfers van het CBS is dit een bereik van 95%.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
19
Jeugd Programma Jeugd Onderwerp
Toelichting
Doelen
De doelen op hoofdlijnen van de gemeente op basis van de Jeugdwet
Uitgevoerd beleid
Uitgevoerde maatregelen die zijn ingezet afgelopen halfjaar om de doelen te behalen
Kansrijke Start
Actieprogramma waarbij aandacht is voor de eerste 1000 dagen van een kind
Gebruik jeugdvoorzieningen
Aantallen cliënten die gebruik maken van ondersteuning van STIP Jeugd en Gezin en van individuele voorzieningen. Gespecificeerd naar leeftijds- en geslachtskenmerken van cliënten
Verwijzingen individuele voorzieningen
Overzicht verwijzingen per type Verwijzingen per afzendernaar interventieniveau
Financiën Jeugdzorg
Kosten worden inzichtelijk gemaakt per interventie en voor de vrij toegankelijke voorzieningen. Ook wordt er een beeld gegeven van de gemiddelde kosten per cliënt
Kwaliteit
Cliëntdoelen behaald of voortijdige uitval en cliëntervaring.
Conclusies Jeugd
Kernpunten van de voorliggende hoofdstukken
Doelen Jeugd Alle jeugdigen hebben het recht op gezond, veilig en geslaagd opgroeien en ontwikkelen. Versterken van het gewone opvoeden en gezond leven; Informatie, advies en lichte ondersteuning (preventieve overige voorzieningen) zijn versterkt, sluiten aan op de vraag van jeugdigen en hun ouders, en gaan uit van de eigen kracht en netwerk; Er wordt tijdig gesignaleerd; preventie en zorg zijn verbonden met het onderwijs; Inzet van ondersteuning bij het opgroeien en het ontwikkelen door STIP Jeugd en Gezin en zo nodig door jeugdhulp; Toegang tot jeugdhulp en inzet van jeugdhulp is efficiënt en effectief, zo kort als nodig en zo lang als moet.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
20
Uitgevoerd Beleid Start uitvoeringsprogramma’s sociaal domein In 2022 zijn we begonnen met het ontwikkelen van uitvoeringsprogramma’s voor het sociaal domein op basis van het kaderdocument 2022-2027. Hierin komen veel opgaves terug die raken aan de (ontwikkeling van) jongeren, zoals het vergroten van het mentale welzijn onder kinderen en jongeren. Begin van 2023 worden deze programma’s voorgelegd aan de raad. Extra thuisbegeleider STIP jeugd en gezin bestaat uit gezinscoaches, orthopedagogen en een GZ-psycholoog. Sinds 2021 zijn hier thuisbegeleiders aan toegevoegd. Dit zijn medewerkers die lichte hulp kunnen bieden als de behandeling wordt afgeschaald. Hierbij kan je denken aan het oefenen van sociale vaardigheden en het (h)erkennen van en leren omgaan met psychosociale problematiek. Deze begeleiding wordt afhankelijk van de specifieke gezinssituatie ‘veranderingsgericht’ ingezet of om te ‘stabiliseren’. Nadat de caseload van de eerste twee thuisbegeleiders zo groot werd dat er een wachtlijst ontstond, is dit jaar een derde thuisbegeleider aangenomen. Hierdoor voorkomen we dat jeugdigen en hun ouders anders doorverwezen worden naar een maatwerkproduct. Ontwikkelingen in het jongerenwerk In november 2021 is besloten een tweede jongerenwerker structureel op te nemen in het team van STIP met als doel het voorliggend veld voor jongeren en jongvolwassenen te versterken.
Sinds dat besluit is het echter lastig gebleken om die 2 FTE voor het jongerenwerk te vullen. Eind 2021 hebben we één jongerenwerker kunnen aannemen, die nog steeds bij ons werkt, maar met uitzondering van een aantal maanden in de zomer van 2022 is de tweede FTE nog steeds niet gevuld. Hier hebben we, net als op zoveel plekken in de samenleving, last van het personeelstekort. Wel is er daarnaast in mei een tijdelijke extra parttime jongerenwerker aangenomen voor 2022 voor 0,67 fte, vanuit coronagelden. De coronacrisis en bijbehorende maatregelen hebben een grote impact gehad op jongeren. We zien dat de mentale gezondheidsklachten, met name onder jonge meiden, toeneemt. De tijdelijk extra jongerenwerker heeft de opdracht om een brede doelgroep van jongeren (12 – 18 jaar) te activeren en voor hen zinvolle vrijetijdsbesteding te faciliteren, waarbij het ontwikkelen van de talenten van jongeren centraal staat. Vanuit het IJslandse preventiemodel van het Trimbos Instituut weten we dat dit bijdraagt aan het vergroten van het welzijn en het verminderen van middelengebruik. Nieuwkomersonderwijs en Oekraïne De gemeenten Epe en Heerde subsidiëren samen een NT2-taalklas (Nederlands als tweede taal) voor nieuwkomerskinderen. Niet-Nederlandse kinderen in de leeftijd van 6 tot 12 jaar volgen ongeveer een jaar lang intensief taalonderwijs.
Daarna gaan ze naar het reguliere basisschoolonderwijs. De NT2-taalklas valt onder de verantwoordelijkheid van het bestuur van Stichting ProCon en bevindt zich op de K. Norelschool in Epe. Hiervoor zetten wij ook leerlingenvervoer in. Het aantal kinderen in de NT2-taalklas fluctueert sterk. Er is daarom goede samenwerking nodig tussen beide gemeenten en de schoolstichting om de voorziening in stand te houden. In maart 2022 startten, in samenspraak met beide gemeenten, naast de reguliere NT2-taalklas ook drie Oekraïense taalklassen door ProCon. Twee daarvan (een onderbouw- en bovenbouwklas) bevinden zich in de gemeente Heerde. In het schooljaar 2022-2023 zijn de kinderen voor de middellange termijn ondergebracht op de twee locaties van de Lichtbron in Wapenveld. Kinderen en ouders kregen een fiets, fietslessen en fietsinstructies met medewerking van Stichting Present en
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
21
Veilig Verkeer Nederland Middelbare scholieren uit Oekraïne hebben voor de zomer van 2022 noodonderwijs gevolgd op de Noordgouw, waarbij de eindverantwoordelijkheid lag bij de ISK (Internationale Schakelklas) Landstede in Zwolle. Docenten van de Noordgouw zetten zich vrijwillig in voor deze groep jongeren. De scholieren hadden ook de mogelijkheid om digitaal Oekraïens thuisonderwijs te volgen. Een keer per week werd op vrijwillige basis sport verzorgd door Aventus Apeldoorn in samenspraak met de buurtsportcoach. Vanaf schooljaar 2022-2023 volgen de Oekraïense jongeren onderwijs bij ISK Landstede.
Kansrijke start Elk kind verdient een goede start. Helaas is dit niet voor ieder kind weggelegd. Eén op de zes baby’s in Nederland heeft niet zo’n goede start. De eerste duizend dagen, van voor de bevruchting tot de tweede verjaardag, zijn cruciaal voor de groei en ontwikkeling van een kind. In deze periode ontwikkelt de baby zich razendsnel. Een kind dat in de eerste duizend dagen blootstaat aan chronische stress, mishandeling, roken, slechte voeding of andere risicofactoren, begint met een achterstand aan het leven. Daarom is het belangrijk om aanstaande ouders in een kwetsbare situatie zo vroeg mogelijk te bereiken en beter te begeleiden. Daarom zijn we in 2022, in samenwerking met buurtgemeente Hattem, gestart met het oprichten van een Kansrijke Start alliantie. De professionele keten, maar ook andere organisaties en voorliggende voorzieningen die zich bezighouden met jonge gezinnen, slaan hiermee de handen ineen om de eerste duizend dagen van kinderen in Heerde zo kansrijk mogelijk te maken. De afgelopen jaren werd er al veel nagedacht en gedaan op het gebied van de jeugdgezondheidszorg en hoe we kinderen in onze gemeente een zo goed mogelijke start in het leven kunnen geven. Zo zijn er plannen om een doorgaande lijn te organiseren in plaats van een scheiding tussen 0 tot 4 jaar (Vérian) en vanaf 4 jaar (GGD).
Ook zijn er initiatieven geweest om ouders te versterken in hun eigen traject. Voorbeelden hiervan zijn onze eigen oudercoördinator bij STIP, die onder andere werkt aan het project #OPLADERS, en de centering pregnancy, georganiseerd door de verloskundigen praktijk, waarbij vrouwen voor de geboorte in contact komen met andere zwangere vrouwen en zo kennis, steun en ervaringen kunnen delen met elkaar. De Kansrijke Start alliantie geeft aan dit alles een boost en een impuls aan vernieuwingen. Voor de tweede helft van 2022 staat een onderzoek op de planning, waarbij een behoeftepeiling wordt gedaan onder ouders van jonge kinderen in Hattem en Heerde. Daar gaan we in gesprek met ouders over hun ervaringen bij de eerste duizend dagen van hun kind: wat ging er goed, wat miste je en waar had je juist veel aan? Voor ons interessant om in kaart te brengen wat er buiten de keten van professionele zorg nog meer gemist wordt en waar kansen liggen om zo in de toekomst de eerste duizend dagen van kinderen in Heerde nóg kansrijker te maken.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
22
Gebruik Jeugdvoorzieningen
Aantal cliënten STIP 500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 man
vrouw
man
0 tot 18
vrouw 18 plus
31-12-2021
Eindstand
30-6-2022
Figuur 11 Aantal cliënten geholpen bij STIP
Toelichting De grafiek laat het aantal jeugdigen dat hulp heeft ontvangen vanuit STIP Jeugd en Gezin zien. In totaal waren dat in het eerste halfjaar van 2022 466 jeugdigen. Daarmee is het aantal cliënten bij STIP ten opzichte het vorige halfjaar zo goed als gelijk gebleven: toen waren het er 471. Iets meer jongens dan meiden ontvangen hulp van STIP. Dit is over de jaren heen gelijk gebleven. Hoewel het aantal jeugdigen vrijwel gelijk blijft, geven professionals bij STIP aan dat de problematiek verzwaart. Dit is een landelijk fenomeen, waarin Heerde niet achterblijft. Zo blijkt uit de gezondheidsmonitor van het RIVM en de GGD’s dat ook in Heerde het geluksgevoel van jongeren afneemt (Bron: Corona Gezondheidsmonitor Jeugd 2021, GGD’en en RIVM). In het eerste halfjaar van 2022 hebben we bij STIP te maken gehad met langdurige ziekte van gezinscoaches. Hiervoor is wel wat vervanging geweest, maar niet volledig. Toch is er geen cliëntenstop ingesteld. Dit heeft erin geresulteerd dat gedragswetenschappers extra casuïstiek hebben opgepakt van de gezinscoaches en dat hierdoor hun caseload in de eerste helft van 2022 groter was dan eigenlijk gewenst.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
23
Aantal cliënten individuele voorziening 400 350 300 250 200 150 100 50 0 0 tot 4
5 tot 12
13 tot 18
31-12-2020
31-12-2021
18plus
Totaal
30-6-2022
Figuur 12 Aantal cliënten met individuele voorziening op peildatum
Toelichting In bovenstaande figuur is het aantal jeugdigen te zien dat op de peildatum een maatwerkvoorziening had. Dit zijn jongeren die doorverwezen zijn naar een zorgaanbieder. Dit waren er 354. Dat het cliëntenaantal bepaald wordt op een peildatum, betekent dat het niets zegt over het verloop van trajecten of het totaal aan jeugdhulp dat er is geleverd. Een jeugdige die begin 2022 een traject in is gegaan en voor 30-06-2022 alweer was gestopt, is niet meegenomen in deze cijfers. Het totaal aantal jeugdigen dat in het eerste halfjaar (en op de andere peildata die worden genoemd) een voorziening ontving, is meer dan 354. In de volgende monitor zullen we het aantal jeugdigen dat in heel 2022 een voorziening ontving laten zien ten opzichte van de jaren ervoor. Hier lijkt nu een kleine afname te zijn ten opzichte van 1 juli 2021 (371) en 1 januari 2020 (362). Dit beeld is echter vertekend door het nieuwe woonplaatsbeginsel dat is ingevoerd op 1 januari 2022. Met dit nieuwe woonplaatsbeginsel valt een jeugdige met een verblijfsvoorziening niet langer onder de verantwoordelijkheid van de gemeente waar de jeugdige verblijft, maar in de gemeente waar de jeugdige daarvoor het laatst ingeschreven stond. Voor Heerde betekende dit dat 33 jongeren per 1 januari overgedragen zijn naar een andere gemeente.
Met deze jongeren hadden wij geen inhoudelijke betrokkenheid als gemeente, omdat dit belegd was bij de gezinsvoogden van de gecertificeerde instellingen, maar wel een financiële verantwoordelijkheid. Hiervoor in de plaats hebben we vijf jeugdigen teruggekregen; een verschil van -28 ten opzichte van het vorige halfjaar. Als je corrigeert voor die vertekening zie je dus dat het aantal jeugdigen met een voorziening ook dit halfjaar is gestegen. Dit sluit aan bij het beeld dat het uit het HBSC-rapport van de Universiteit Utrecht, het Sociaal en Cultureel Planbureau en het Trimbos-instituut, waarbij een toename is te zien van mentale problemen onder jongeren. Het is een zorgwekkende ontwikkeling. De onderzoekers noemen als belangrijke oorzaak de prestatiedruk bij jongeren. Mogelijk is die druk toegenomen door de opgelopen onderwijsachterstanden door de coronaperiode.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
24
Opbouw cliëntenbestand individuele voorziening 400 350 300 250 200 150 100 50 0 0 tot 4
5 tot 12
13 tot 18 Man
Vrouw
18plus
Eindtotaal
Eindtotaal
Figuur 13 Opbouw cliëntenbestand met individuele voorziening op peildatum
Toelichting In figuur 3 staat nogmaals het aantal cliënten in een individuele voorziening, maar nu met de verdeling naar geslacht. In figuur 1 zagen we dat door de jaren heen meer jongens dan meiden hulp ontvangen vanuit STIP. Dat geldt niet voor jeugdigen met een individuele voorziening. Daar zien we dat het aantal meiden - met name in de leeftijdscategorie 5 tot 12, maar ook in totaal - hoger ligt dan het aantal jongens. Als we het aantal jeugdigen onder de 18 met een jeugdvoorziening afzetten tegen het totaal aantal jeugdigen in Heerde, dan zien we dat 8,3% van de jongens en 10,2% van de meiden een voorziening heeft. Ook dit sluit aan bij het beeld dat het HBSC-rapport schetst, waarbij de mentale gezondheid onder jongeren het sterkst is gedaald onder jonge meiden.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
25
Verwijzingen Individuele voorzieningen Type verwijzer individuele voorzieningen jeugd H1 2022 Type verwijzer IVJ per einde periode (bron: jeugd_voorz1 interventieniveau + verwijzer)
Ambulant
JB/JR
Jeugd GGZ
Verblijf
Onbekend
Totaal
Niet ingedeeld
1
2
2
4
1
10 (2%)
Gecertificeerde instelling
4
2
1
5
0
12 (2%)
Gemeente
146
0
143
20
24
Huis-/Jeugdarts
8
0
65
0
0
333 (68%) 73 (15%)
Medisch specialist
0
0
9
0
2
11 (2%)
Rechter/RvdK/OvJ
0
20
0
0
0
20 (4%)
Zelfverwijzer
0
0
29
0
5
34 (7%)
Totaal
158
24
249
29
32
493
Type verwijzer individuele voorzieningen jeugd H1 2021 Type verwijzer IVJ per einde periode (bron: jeugd_voorz1 interventieniveau + verwijzer) Gecertificeerde instelling
Ambulant
JB/JR
Jeugd GGZ
Verblijf
Totaal
6
0
8
14
28 (5%)
Gemeente Huis-/Jeugdarts
134 10
2 0
159 80
56 3
351 (66%) 93 (17%)
Medisch specialist Rechter/RvdK/OvJ
0 0
0 47
3 0
1 0
4 (1%) 47 (9%)
Zelfverwijzer Totaal
0 150
0 49
7 257
2 76
9 (2%) 532
Toelichting Naast de gemeente kunnen ook de huisarts, gecertificeerde instellingen en medisch specialisten doorverwijzen naar jeugdhulp. In alle gevallen betaalt de gemeente de kosten. Om inzicht te krijgen in het aantal verwijzingen is in de bovenstaande tabellen een uitsplitsing gemaakt van het type verwijzer naar interventieniveau in het eerste halfjaar van 2022 en van 2021. De tabellen laten zien dat in Heerde de gemeente de grootste verwijzer was en blijft. Van alle verwijzingen wordt 68% gedaan door de gemeente, ten opzichte van 66% in 2021. Dit is een goede ontwikkeling. STIP zet hier bewust al jaren op in, onder andere door het aannemen van een eigen GZ-psycholoog. Het idee is dat de professionals bij STIP beter thuis zijn in de problematiek van gezinnen en jongeren en in de wereld van aanbieders. Zij kunnen beter doorverwijzen dan de andere specialisten. Hiermee ontzien we bovendien de huisartsen en hebben we als gemeente beter in beeld hoe het ervoor staat met onze gezinnen. Daarnaast betaalt de gemeente daarmee minder vaak voor door derden geïndiceerde jeugdhulptrajecten en wordt onze grip en invloed op het te besteden budget vergroot. Opvallend is de totale afname, die met name wordt veroorzaakt door minder doorverwijzingen naar Jeugdbescherming en Jeugdreclassering en Verblijf. Dit valt te verklaren door de invoer van het woonplaatsbeginsel.
Door deze wijziging hebben wij als gemeente minder jongeren in ons bestand die gebruik maken van jeugdhulp met verblijf, omdat zij oorspronkelijk in een andere gemeente stonden ingeschreven. Hier zijn geen inhoudelijke uitspraken over te doen, omdat het een administratieve wijziging betreft.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
26
Bij de categorie –zelfverwijzer- geldt voor 3 van de 34 gevallen dat het scholen zijn die hebben doorverwezen naar aanbieders voor dyslexie, die vallen onder Jeugd GGZ. Van de overige 31 ‘zelfverwijzers’ is de toelichting ‘geen verwijzer’. Ook van de categorie -niet bekend- weten we niet wie naar wie heeft doorverwezen. Dit zou niet mogelijk moeten zijn in het systeem, omdat altijd een doorverwijzer is. We gaan kijken hoe we dit kunnen aanpassen voor een volgende monitor om nog meer duidelijkheid te krijgen over doorverwijzingen.Deze jeugdigen vallen nu onder de verantwoordelijkheid van andere gemeenten.
Financiën Jeugdzorg
Totale kosten per jaar 4.500.000,00 4.000.000,00 3.500.000,00 3.000.000,00 2.500.000,00 2.000.000,00 1.500.000,00 1.000.000,00 500.000,00 0,00 2018
2019
2020
2021
Prognose 2022
Figuur 14 Kosten Jeugdzorg 2018 - 2022
Toelichting In figuur 4 zijn de totale kosten per jaar vanaf 2018 naast elkaar gezet. Voor 2022 is een prognose gemaakt door middel van extrapolatie van de kosten tot nu toe. Na een jarenlange stijging in kosten zien we dat de kosten dit jaar dalen. Dit is geen daadwerkelijke daling van jeugdzorgkosten, maar heeft ook weer te maken met het woonplaatsbeginsel. Als het woonplaatsbeginsel niet vernieuwd was, was er ook dit jaar sprake geweest van een stijging. In het eerste halfjaar van 2022 zouden we dan ongeveer 7 ton meer hebben uitgegeven. Dit is een grove schatting en niet zomaar te verdubbelen voor een prognose van het hele jaar, maar het laat wel zien dat de kosten nog steeds stijgen, ondanks dat de cijfers nu lijken aan te geven dat dit niet het geval is. In het vorige hoofdstuk is aangegeven dat (gecorrigeerd voor het woonplaatsbeginsel) het aantal voorzieningen toeneemt en daarmee de kosten.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
27
Figuur 15 Kosten per voorziening 15Toelichting
In figuur 5 zijn de kosten van het eerste halfjaar van 2022 afgezet tegen de kosten van het eerste halfjaar van 2021 per type voorziening. Ten opzichte van vorig jaar zijnde kosten voor verblijf en jeugdbescherming en -reclassering sterk afgenomen. Dit heeft wederom te maken met het nieuwe woonplaatsbeginsel. Het meest opvallend daarnaast is de stijging van kosten van ambulante jeugdhulp met iets meer dan 30 procent. Waarschijnlijk spelen een aantal zaken hierbij een rol. Ten eerste kan het een gevolg zijn van de eerder benoemde krapte bij het eigen lokale team van STIP (wegens ziekte). Hierdoor is doorverwezen naar een ambulante jeugdhulpvoorziening, waar dit anders zelf opgepakt had kunnen worden. Maar het kan ook samenhangen met de daling in de kosten van de Jeugd GGZ. De wachtlijsten in de GGZ groeien en en er ook aanbod van GGZ verdwijnt uit de buurt. Wanneer een kind op een wachtlijst van een halfjaar terechtkomt, wordt ter overbrugging vaak ambulante jeugdhulp ingezet. Of er wordt geprobeerd het eerst met ambulante jeugdhulp op te lossen, waarbij anders doorverwezen zou zijn naar de Jeugd GGZ. Het is belangrijk om deze ontwikkelingen goed in de gaten te blijven houden. De capaciteit bij STIP is bijna weer volledig. Hierdoor is het interessant om te monitoren of de kosten van ambulante jeugdhulp weer afnemen in de tweede helft van 2022.
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
28
Kwaliteit Elk jaar wordt een cliëntervaringsonderzoek (CEO) gedaan, waarbij ouders/verzorgers en jongeren gevraagd worden naar hun ervaring met STIP en de eventuele inzet van verdere jeugdhulp. De onderstaande resultaten zijn in april 2022 gepresenteerd en gaan over 2021. Voorgaande jaren waren de resultaten uitgesplitst in ouders van kinderen van 0 tot 16 jaar en jongeren tussen de 12 en 18 jaar. Dit jaar zien we de resultaten van deze twee groepen samen. In totaal is de respons op het cliëntervaringsonderzoek slechts 13% (62 ingevuld van 463 uitgenodigd). We kunnen ons dus afvragen hoe representatief de resultaten zijn. Het is verstandig om de volgende keer in te zetten op een hogere respons, om betere conclusies te kunnen trekken. Daarnaast is de vraagstelling van het cliëntervaringsonderzoek veranderd, waardoor de resultaten lastig te vergelijken zijn met voorgaande jaren.
Er zijn in de verslagperiode geen klachten ontvangen. Wel is er één bezwaarschrift binnengekomen. Deze is nog in behandeling.
Figuur 16 Resultaten cliëntervaringsonderzoek Jeugdhulp 2021
Monitor sociaal maatschappelijke verbinding 1e helft 2022
29
Conclusies Jeugd Het woonplaatsbeginsel zorgt ervoor dat cijfers in deze monitor soms sterk afwijken van voorgaande jaren. Dit geldt voor het aantal cliënten en de kosten van verblijfsvoorzieningen en jeugdbescherming en –reclassering, waar door het woonplaatsbeginsel sprake is van een afname in kosten en cliënten. Als je corrigeert voor het woonplaatsbeginsel zijn de ontwikkelingen meer zoals verwacht. Het aantal cliënten bij STIP is vrijwel gelijk gebleven ten opzichte van een jaar eerder. Het is goed om te zien dat het niet daalt, zoals een aantal jaren het geval was. Wel heeft ook het afgelopen halfjaar het team bij STIP nog te maken gehad met langdurige ziekte, waardoor de caseload hoog was. Hierdoor is vaker doorverwezen. Jeugdhulp vanuit STIP Jeugd en Gezin is goedkoper en efficiënter dan een maatwerkvoorziening via een jeugdzorgorganisatie, dus hopelijk is team Jeugd bij STIP in de tweede helft van het jaar weer gewoon op volle sterkte. Onderzoek laat zien dat het mentale welzijn van jongeren in het hele land daalt. Dit wordt verklaard door de coronacrisis die jongeren hard heeft geraakt en door de toegenomen (ook door coronaachterstanden) prestatiedruk. Met name jonge meiden hebben het vaak mentaal zwaar. Bij STIP zien we deze ontwikkeling ook; het lijkt erop dat problematiek verzwaart. Dit is een zorgwekkende ontwikkeling die we goed in de gaten moeten houden.