CConstaterende datHeerde
Koppel je AI →
Document · PDF

Nadere vragen over woningbouw Veessen_V2.docx

Raadscommissie 17 oktober 2022, gemeente HeerdeBij agendapunt: Beantwoording schriftelijke vragen 2022-01 Woningbouw Veessen1.325 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nadere vragen naar aanleiding van de beantwoording door het College op onze schriftelijke vragen over woningbouw Veessen De fraktie van D66/GroenLinks is nog niet tevreden gesteld met de beantwoording van haar schriftelijke vragen over woningbouw in Veessen. Wat wij missen in de beantwoording is de notie van werken vanuit een samenhangende gebiedsvisie op Veessen. Wij zijn beducht dat dit kleinschalig, landschappelijk en cultuurhistorisch waardevol gebied overspoeld wordt met ontwikkelingen die het karakter in korte tijd drastisch veranderen. Daarnaast zijn er zorgen over het daadwerkelijk op een constructieve wijze betrekken van inwoners bij het ontwikkelen van plannen. Wij lopen hieronder de beantwoording van het College langs met nadere vragen (met in klein lettertype de betreffende vragen met gegeven antwoord): 1.

Kan het College inzicht bieden welke initiatieven op dit moment, rijp en pril, voor Veessen bekend zijn, en om hoevéél woningen het dan in totaal bij benadering gaat? Antwoord: In Veessen spelen er een aantal initiatieven. 2 / 3 In 2018 is er een grondhouding aangenomen voor de verplaatsing van het fruitteelt bedrijf aan de Veesser Enkweg 26a naar de Zijmarseweg. Bij dit plan zijn 3 compensatie woningen voorzien. Voor de klaproosakker is er recent een grondhouding aangenomen. Daarnaast zijn er nog een aantal aanvragen ingediend die nog niet in behandeling zijn. Bij een grondhouding zal de raad op de hoogte worden gesteld middels de gebruikelijke route. Het benoemen van aantal woningen is niet mogelijk omdat deze bij een uitwerking van een plan (tot aan de grondhouding) nog kunnen wijzigen

Wij hebben begrip voor het niet concreet kunnen benoemen van initiatieven, alvorens er sprake is van een grondhouding door het College. Het gaat ons hier vooral om de balans tussen bestaande bouw en aantallen nieuwbouw in de pijplijn, dus om de kwantiteit bij benadering, zoals aangegeven inleiding tot de vragen. Kan het College bij benadering aangeven wat de omvang is van de planvoorraad in Veessen?

3.

Hoe wordt geborgd dat de woningtoewijzing tegemoet komt aan de vraag in Veessen zelf? Antwoord: Dit is afhankelijk van de bereidheid van de initiatiefnemer om hier instrumenten voor in te zetten. Indien hier bereidheid toe is, leggen we dit vast in de anterieure overeenkomst

Door de beantwoording door het College hebben we twee vervolg vragen: - is bekend of er initiatieven zijn in Veessen, welke in een anterieure overeenkomst willen laten vastleggen dat er instrumenten zullen worden ingezet om toe te wijzen voor de woningbehoefte in Veessen? - in welk beleid(sdocument) is vastgelegd dat het aan de initiatiefnemer is of de woningtoewijzing tegemoet komt aan de woningbehoefte in de betreffende kern en dat de gemeente Heerde dit, indien gewenst vastlegt, in een anterieure overeenkomst? Of kunnen we aannemen dat deze uitvoeringspraktijk bestaat wegens het ontbreken van beleid op dit punt?

4.

Is advies gevraagd aan Gelders Genootschap voor alle plannen die in de pijplijn zitten voor Veessen, of alleen voor het plan Klaproosakker/Hogeweg? Graag zou de fractie meer inhoudelijk kennis nemen van dit advies(rapport).

Antwoord: Het Gelders Genootschap wordt niet standaard bij projecten betrokken, tenzij er sprake is van Welstandsplicht. In geval van Klaproosakker is gekozen om GG erbij te betrekken omdat het om een groter initiatief gaat dan gemiddeld. In overleg met GG is de stedenbouwkundige analyse tot stand gekomen die op 11 april gedeeld is in de commissie, en deze is positief beoordeelt door het GG.

Bij navraag bij het Gelders Genootschap, naar de criteria waarop plannen worden beoordeeld, is gebleken dat niets bekend is over een officieel advies over dit plan. Wel is er meegedacht over een stedebouwkundig passende invulling aan de Klaproosakker an sich, maar zeker niet meer dan dat.

5.

6.

Deelt het College onze visie dat het identificeren van een aantal kernwaarden die Veessen typeren, wezenlijk is voor het brengen van samenhang in de ontwikkeling van Veessen als karakteristieke kleine kern, niet in de laatste plaats om de charme van Cittaslow Veessen te behouden? Antwoord: Ja, vandaar ook de betrokkenheid van het GG bij de ontwikkeling van de klaproosakker. Vanuit de klankbordgroep wordt gewerkt aan het formuleren van die kernwaarden. Is het College met ons van mening dat het van waarde is om deze input te betrekken bij het opstellen van een nieuwe visie op Veessen? Zo ja, hoe gaat dit verlopen? Antwoord: Voor een goede samenwerking met deze klankborgroep en verwachtingen (wederzijds) is het nodig om een convenant aan te gaan met deze klankbordgroep. Daarnaast wordt er concept omgevingsvisie gemaakt waarin deze elementen terug komen, hier heeft een ieder de kans voor gehad om zijn of haar bijdrage aan te leveren.

We zijn verheugd dat het College onze stelling beaamt, dat het identificeren van een aantal kernwaarden die Veessen typeren, wezenlijk is voor het brengen van samenhang in de ontwikkeling van Veessen als karakteristieke kleine kern om de charme van Veessen te behouden. Het is ook logisch dat dit uiteindelijk zijn beslag krijgt in de omgevingsvisie. Echter, de beantwoording onder punt 6 roepen wel een paar vragen op! Bij gebrek aan omgevingsvisie wordt op dit moment de structuurvisie gehanteerd als kader. Is het College het met ons eens dat dit een te beperkt kader is gezien de veelheid van initiatieven in Veessen en dat een meer gebiedsgerichte visie nodig is waarin duidelijk is wat waardevolle gebieden zijn, wat je wil behouden en waar je wilt ontwikkelen? Waarom toont het College zich hier nogal afhoudend ten aanzien van meedenken vanuit Veessen, door te stellen dat er eerst een convenant moet worden afgesloten alvorens er gepraat kan worden en dat de mogelijkheid om inbreng te leveren al is gepasseerd bij het opstellen van de concept omgevingsvisie? Dit lijkt wel veel op de nee - tenzij houding, waar we juist vanaf willen! 8.

Kan het College ons informeren hoe het staat met een calamiteitenplan voor Veessen? wij hebben een dergelijk plan niet kunnen vinden in de stukken. Gegeven de aanwezigheid van de Hoogwatergeul, en daarmee een reële kans op calamiteiten, is dit immers een absolute must. Antwoord: Er is nog geen calamiteitenplan voor de gemeente Veessen. De gemeente is daar nog mee bezig om afstemming te krijgen met het waterschap.

Het College antwoordt dat zij nog bezig is om “afstemming te krijgen met het waterschap” over een calamiteitenplan voor Veessen. Wat houdt dat eigenlijk in? En hoe lang gaat die afstemming duren alvorens er daadwerkelijk een calamiteitenplan is? Tot slot nog een aantal laatste aanvullende vragen:

Wederom hebben we kunnen constateren dat voor initiatieven een positieve grondhouding wordt aangenomen door het College zonder dat de initiatiefnemer een participatie traject met omwonenden heeft opgestart. Dit wekt bij omwonenden de indruk dat het al een gelopen race is en dat hun inbreng een wassen neus is. De input van bewoners wordt daardoor bij voorbaat niet meegenomen in de besluitvorming want de grondhouding is al genomen. -

Is draagvlak van een initiatief dan geen afwegingsgrond om juist bij een eerste grondhouding mee te nemen? Is het mogelijk dat de gemeente de simpele aansporing doet bij de initiatiefnemer om in vroeg stadium omwonenden en belanghebbenden te betrekken? Wat zijn de consequenties eigenlijk voor een initiatiefnemer, als onvoldoende wordt voldaan aan de participatie vereisten?

En wanneer is hier dan voldaan aan de inspanningsverplichting? Wat weegt zwaarder voor het College om medewerking te verlenen aan een planontwikkeling: een initiatief waarin bewoners hebben kunnen meepraten en er positief tegenover staan of een initiatief waarover de omwonenden zijn geïnformeerd (door de initiatiefnemer, pas na het aannemen van een positieve grondhouding) en waar geen draagvlak voor is? -

-

Is het College bereid om op afzienbare termijn tot een open gesprek met mensen van de klankbordgroep in Veessen te komen om constructieve afspraken te maken over een goede samenwerking in het ontwikkelen van een gebiedsvisie voor Veessen? Is het College het met ons eens dat het een goed idee is om van de gebiedsontwikkeling in Veessen met meerdere ruimtelijke initiatieven en gegeven de aanwezigheid van een aktief bewoners potentieel een pilot te maken voor het nieuw te ontwikkelen participatiebeleid?

Fraktie D66/GroenLinks, 6 september 2022 Silvia van Amerongen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerde&id=a56d4de7-f307-42a1-a6ec-1376b7dfebb4