9.2.3. Toelichting ontwerpbestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde.pdf
Tekst van het document
Zwarteweg 2, Heerde
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Inhoudsopgave
Toelichting
3
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging plangebied 1.3 Geldend bestemmingsplan 1.4 Strijdigheid bestemmingsplan 1.5 De bij het plan behorende stukken 1.6 Leeswijzer
4 4 4 5 7 7 7
Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Huidige situatie 2.2 Toekomstige situatie
8 8 9
Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Nationaal beleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijk beleid
19 19 20 22
Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten 4.1 Bodem 4.2 Water 4.3 Archeologie en cultuurhistorie 4.4 Ecologie 4.5 Boomeffectanalyse (BEA) 4.6 Verkeer 4.7 Bedrijven en milieuzonering 4.8 Industrielawaai 4.9 Luchtkwaliteit en stikstofdepositie 4.10 Geur 4.11 Externe veiligheid 4.12 Kabels en leidingen 4.13 M.e.r.-beoordeling
28 28 28 30 32 39 42 44 47 48 53 53 57 57
Hoofdstuk 5 Juridische planopzet 5.1 Opzet van de regels 5.2 Toelichting op de bestemmingen
59 59 60
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Economische uitvoerbaarheid 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
62 62 62
2
Inhoudsopgave (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Toelichting
Toelichting (ontwerp)
3
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Op het perceel Zwarteweg 2 te Heerde bevindt zich op dit moment de voormalige gemeentewerf (met zoutloods) en een ambulancepost. De gemeentewerf is inmiddels al enkele jaren geleden verplaats naar een locatie aan de Veldweg. Daar is ook een nieuwe zoutloods gebouwd. Op deze locatie zal een Circulair Kenniscentrum en daarbij behorende hallen en dergelijke worden gevestigd. Hiervoor zal een geheel zelfstandig opererende B.V. worden opgericht. De volgende activiteiten zullen plaatsvinden in het Circulair Kenniscentrum: opleiding en scholing m.b.t (circulair) slopen en opnieuw gebruiken en toepassen van tweedehands bouwmaterialen; werkplaats(en) / praktijkruimten voor praktijkonderwijs; presentatieruimten; opslagbouwmaterialen; bewerking van bouwmaterialen; kantoor van een bodemkundigbureau; ambulancepost. Het Circulair Kenniscentrum voorziet dus in verschillende functies en werkt daarbij samen met diverse partijen. De invulling en aansturing van de activiteiten is de verantwoordelijkheid van de betreffende partijen. Voor de aanlevering van bouwmaterialen voor het Circulair Kenniscentrum wordt samengewerkt met verschillende (sloop)aannemers. Hierbij wordt zeker samengewerkt met Lagemaat Sloopwerken B.V. (verder Lagemaat), maar dus ook met andere partijen. Er is daarbij geen structurele uitwisseling van goederen, diensten, personeel of bedrijfsmiddelen.
De samenwerking met Lagemaat Sloopwerken B.V. is logisch. Lagemaat is al meer dan 40 jaar actief in de sloopbranche en is vooruitstrevend en innovatief in alle facetten van het sloopvak. Circulair ondernemen is al sinds jaren de kerngedachte in de bedrijfsvoering van Lagemaat. Hiermee toont het bedrijf aan dat het mogelijk is om materialen een 2e leven te geven. Reeds diverse projecten zijn circulair volbracht van begin (demontage) tot eind (bouw) waarbij dit geheel in eigen beheer is uitgevoerd. Een belangrijk onderdeel van het Circulair Kenniscentrum omvat het daadwerkelijk in de praktijk brengen van de kennis en innovatieve ontwikkelingen die worden bedacht. In verband hiermee worden vrijkomende bouwdelen (bouwmaterialen) aangepast (bewerkt) voor de nieuwe toepassing. Deze nieuwe toepassing kan in Nederland plaatsvinden maar ook in het buitenland. Het bewerken van vrijkomende bouwmaterialen zijn activiteiten die thans planologisch niet zijn toegestaan.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied is gelegen aan de Eperweg (iets ten zuiden van de aansluiting van de Eperweg op de A50) en wordt omsloten door de Zwarteweg en de A50. Omdat het perceel ontsloten wordt vanaf de Zwarteweg staat het bekend als het perceel aan de Zwarteweg nr. 2. Op de volgende afbeelding is de globale ligging van het plangebied in beeld gebracht.
4
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Ligging plangebied (binnen rode cirkel) in groter verband (Bron Google Earth)
Wanneer we meer inzoomen dan kan het plangebied wat duidelijker in beeld gebracht worden:
Het plangebied meer ingezoomd (Bron Google Earth) Voor de exacte begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding.
1.3
Geldend bestemmingsplan
Het plangebied is gelegen binnen het bestemmingsplan 'Ontwikkelingsgebieden'. Dit bestemmingsplan is op 13 juli 2009 vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Heerde. Een uitsnede van de plankaart is hieronder opgenomen:
Toelichting (ontwerp)
5
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Uitsnede plankaart vigerend bestemmingsplan "Ontwikkelingsgebieden" (Bron: Ruimtelijkeplannen) Op grond van dit bestemmingsplan heeft de locatie de bestemming 'Bedrijf' gekregen. Ter plaatse zijn bedrijven toegelaten, als genoemd in de milieucategorieën 1 en 2 van de Staat van Inrichtingen. Binnen deze bestemming is voor de zoutloods een bouwvlak opgenomen met een maximale bouwhoogte van 8 meter. De ambulancepost heeft de bestemming 'Maatschappelijk'. Hiervoor is een maximale bouwhoogte van 5 meter opgenomen. Beide bestemmingen worden omsloten door gronden met de bestemming 'Bos'. Aan de Eperweg bevindt zich nog een woning, die in het bestemmingsplan "Ontwikkelingsgebieden" nog als zodanig bestemd was. Maar inmiddels heeft er een bestemmingsplanwijziging plaatsgevonden voor een deel van de gronden langs de Eperweg. Het betreft het bestemmingsplan 'Ontwikkelingssgebieden, 12e herziening (tankstation Zwarteweg)', vastgesteld op 15 oktober 2018. De Raad van State heeft op 16 oktober 2019 het beroep, dat aangetekend is tegen dit bestemmingsplan, ongegrond verklaard, zodat het plan nu onherroepelijk is. De plankaart van dit bestemmingsplan is hieronder opgenomen:
Plankaart, behorende bij het bestemmingsplan voor het tankstation aan de Zwarteweg (Bron: 6
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde Ruimtelijkeplannen) Op basis van dit bestemmingsplan is de vestiging van een verkooppunt voor motorbrandstoffen zonder LPG toegestaan. Daarbij is de bestaande woning aan de Eperweg 'wegbestemd'.
1.4
Strijdigheid bestemmingsplan
Voor de beoogde nieuwe ontwikkeling is een terrein nodig, dat groter is dan de gronden met de huidige bestemming "Bedrijf". Ook het bouwvolume zal in oppervlakte en hoogte afwijken van hetgeen nu toegelaten is. Daarnaast zullen op deze locatie ook activiteiten uitgevoerd worden, die deels de milieucategorie 1 en 2 van de Staat van Inrichtingen overstijgen. Omdat de voorgenomen ontwikkeling niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan is een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk. In dit bestemmingsplan wordt aangetoond, dat het voornemen in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.
1.5
De bij het plan behorende stukken
Het bestemmingsplan 'Zwarteweg 2, Heerde' bestaat uit de volgende stukken: verbeelding (tek. nr. NL.IMRO.0246.614-ON01); regels. Het bestemmingsplan wordt vergezeld door een toelichting. De verbeelding en de regels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan en moeten samen 'gelezen' worden. Op de verbeelding staan de bestemmingen van de gronden in het plangebied. Aan deze bestemmingen zijn regels en bepalingen gekoppeld die de uitgangspunten van het plan zeker stellen. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten, maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.
1.6
Leeswijzer
Na dit hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het plan gegeven. Daarbij wordt ingegaan op de huidige situatie en de toekomstige situatie. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van het van belang zijnde beleidskader, waarna in hoofdstuk 4 een toetsing aan de omgevingsaspecten volgt. In hoofdstuk 5 volgt een toelichting op de werking van het bestemmingsplan en de daarin opgenomen regeling. Hoofdstuk 6 gaat in op de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan, waarbij aandacht wordt besteed aan de economische en de maatschappelijke uitvoerbaarheid.
Toelichting (ontwerp)
7
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Hoofdstuk 2
Planbeschrijving
In dit hoofdstuk wordt het plangebied en de omgeving beschreven. Dit hoofdstuk gaat in op de huidige en toekomstige situatie.
2.1
Huidige situatie
Het plangebied wordt omsloten door de Eperweg aan de zuidzijde, de Zwarteweg aan de westzijde en de A50 aan de noordzijde. Aan de "overzijde" van de Eperweg bevindt zich een transferium alsmede een McDonalds. Zowel de bestaande functies als de beoogde functie in het plangebied worden optimaal ontsloten vanaf de Eperweg. Hierdoor is de bereikbaarheid vanuit Heerde en Epe goed. Dankzij een open afrit van de A50 ter hoogte van de Eperweg is ook de bereikbaarheid ten opzichte van Zwolle, Apeldoorn en Hattem gewaarborgd. Op dit moment worden het plangebied omsloten door opgaande beplanting. Hierdoor is de bestaande bebouwing op het terrein, bestaande uit een zoutloods en een ambulancepost, nauwelijks vanaf de openbare weg te zien. Op onderstaande foto's wordt een impressie gegeven van het plangebied.
De Eperweg in zuidwestelijke richting. rechts de opgaande beplanting rond het plangebied (Bron: Google Earth)
8
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
De aansluiting van de Zwarteweg op de Eperweg, gezien in noordoostelijke richting. De opgaande beplanting rond het plangebied is goed te zien. (Bron: Google Earth)
Overzicht van het plangebied. De toegang tot het terrein vanaf de Zwarteweg naar de zoutloods is goed te zien. Ook is te zien, dat de activiteiten in het plangebied op dit moment visueel afgeschermd worden van de omgeving door opgaande beplanting. Aan de Zwarteweg zelf zijn de burgerwoningen goed te zien. (Bron: Google Earth).
2.2
Toekomstige situatie
2.2.1
Lagemaat en Circulair bouwen
De laatste decennia is het verbruik van grondstoffen exponentieel gestegen. De effecten van klimaatverandering worden zichtbaar. De moderne consumptiemaatschappij heeft effect op natuur & milieu. Minder en bewuster consumeren is een begin maar zal niet volstaan. Er zal een structurele economische verandering moeten komen. Een nieuw systeem is nodig, in de vorm van een circulaire economie. De bewustwording rondom circulariteit is momenteel overal aanwezig. Lagemaat zet zich in om dit ook daadwerkelijk in de praktijk te brengen en de bouwagenda 2023-2030-2050 versneld door te voeren. Hierbij is de samenwerking met een breed scala aan partners onontbeerlijk; waarbij een aantal assen zijn te identificeren: Bijdragen aan een circulaire economie: In 2023, 2030 en 2050 zijn er opmaten gedefinieerd door de overheid om te komen tot een economie waarin afval niet meer bestaat en we alle materialen die aan het einde van hun levensduur zijn gekomen gaan hergebruiken of een nieuwe invulling gaan geven. Deze leercurve wil Lagemaat versnellen door de realisatie van een kenniscentrum; Bijdragen aan een inclusieve economie: Concrete invulling geven aan Social Return On Investment en een zo groot mogelijke arbeidsparticipatie bereiken door Win/Win situaties te vinden. Samen met een werkbedrijf wil Lagemaat zo'n 60 werkplekken creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
Goede kantoorfaciliteiten en werkplaatsvoorzieningen geven invulling en zorgen voor een optimale werksituatie voor Lagemaat èn het werkbedrijf. Met de ambitie om door te
Toelichting (ontwerp)
9
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde groeien naar 120 SROI werkplekken; Kennisdeling, bundeling van krachten: Het faciliteren van gericht onderzoek (bijv. snijpunt HBO opleiding en praktische invulling op de werkvloer), van theorieën naar praktijk, van praktijk naar theorie/scholing en vice versa. In het gebouw dient ruimte te zijn voor klaslokalen, practicumruimtes en flexibel in te delen presentatiezalen, waarmee groepsgewijs gefaciliteerd kan worden. Door een iconische circulaire uitstraling zal het pand voor partijen uitnodigend zijn om kennis te halen en te brengen.Ook worden lokaal krachten gebundeld door diverse partijen in het pand te huisvesten die raakvlak hebben met de circulaire economie; Scholing: Samenwerking MBO/HBO; Windesheim, Alfa college, verzorgen MBO nivo 2 en 3 opleidingen circulariteitsberoepen. Faciliteren van praktijkleertrajecten voor MBO, HBO en werkbedrijven. Kennisopbouw van de circulaire economie is een gezamenlijk belang van bedrijfsleven èn onderwijs, waarbij bundeling in één gebouw versnelling geeft doordat praktijkervaringen hands-on gedeeld kunnen worden met onderzoek en onderwijs. 2.2.2
Locatiekeuze
Zoals gezegd is Circulair ondernemen al sinds jaren de kerngedachte in de bedrijfsvoering van Lagemaat. Hiermee toont het bedrijf aan dat het mogelijk is om materialen een 2e leven te geven. Reeds diverse projecten zijn circulair volbracht van begin (demontage) tot eind (bouw) waarbij dit geheel in eigen beheer is uitgevoerd. Lagemaat wil het circulair werken in de bouw en sloop een verdere impuls geven en is voornemens om een circulair kenniscentrum en daarbij behorende hallen (deels geconditioneerd en deels ongeconditioneerd) te realiseren. Daarbij wordt uitgegaan van het volgende programma: Ongeveer 5.000 m2 aan bebouwing; Voldoende ruimte voor (buiten)opslag van grote bouwdelen; Ruimte om de ambulancepost te huisvesten De locatie dient aan de volgende voorwaarden te voldoen: Goede ontsluitingsmogelijkheden op het locale en nationale wegennet; Goede zichtbaarheid vanaf de openbare weg teneinde ook letterlijk aan de weg te kunnen timmeren; Zo centraal mogelijk gelegen binnen het verzorgingsgebied van de ambulancepost; Zo mogelijk op grondgebied van de gemeente Heerde omdat Heerde vanouds de vestigingsplaats is van Lagemaat. Daarom is zij op zoek gegaan naar een locatie, waar het gewenste programma gerealiseerd kan worden en voldaan kan worden aan de vestigingsvoorwaarden.
Uiteindelijk is gebleken, dat de huidige locatie van de voormalige zoutloods aan de Zwarteweg zeer geschikt is. Er is voldoende ruimte om het programma te kunnen realiseren, terwijl ook aan de vestigingsvoorwaarden voldaan kan worden. Daarom is deze locatie gekozen als vestigingsplek voor het kenniscentrum. 2.2.3
Inrichtingsvoorstel
LEVS Architecten heeft een inrichtingsvoorstel gemaakt voor de gekozen locatie. Het inrichtingsvoorstel is opgenomen in een presentatie van 6 juni 2019. Deze presentatie is als Bijlage 1 opgenomen. De goede zichtbaarheid van het kenniscentrum, zowel vanaf de A50 als vanaf de Eperweg (N794), wordt op onderstaande afbeelding in beeld gebracht:
10
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Goede zichtbaarheid van de nieuwe locatie voor het circulaire kenniscentrum vanaf de A50 en de Eperweg (N794). (Bron LEVS Architecten) Een goede zichtbaarheid betekent onder andere dat een deel van de opgaande beplanting langs de Eperweg verwijderd zal moeten worden. Dit is op de volgende afbeelding in beeld gebracht.
Zichtbaarheid vanaf de A50 en de Eperweg vergroten (Bron LEVS Architecten) Het inrichtingsvoorstel voor het plangebied is hieronder opgenomen:
Toelichting (ontwerp)
11
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Inrichtingsvoorstel (Bron: LEVS Architecten). Aan deze tekening kunnen geen rechten ontleend worden. Ter toelichting op dit inrichtingsvoorstel het volgende: Op het inrichtingsvoorstel is te zien, dat de verschillende functies gecombineerd zijn in één gebouw: Het circulair kenniscentrum en de ruimten ten behoeve van SROI (Social Return On Investment) zijn gesitueerd "voorop het perceel"; De materialenhal is gesitueerd "achterop het perceel" in de noordoost-hoek; De ambulancepost is gesitueerd op een strategisch punt nabij de ontsluiting op de Zwarteweg. Het circulaire kenniscentrum, de ruimten ten behoeve van SROI en de ambulancepost zijn opgenomen in het hogere gedeelte van de nieuwbouw. De exacte indeling kan afwijken van hetgeen op het inrichtingsvoorstel is aangegeven. De hoogte van dit hogere deel van de nieuwbouw zal maximaal 28 meter bedragen. De materialenhallen ten behoeve van het circulaire kenniscentrum zijn opgenomen in het lagere gedeelte van de nieuwbouw met een maximale hoogte van 13 meter. Hieronder is per functie een sfeerbeeld gegeven van de verschillende onderdelen:
12
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Sfeerbeeld kenniscentrum
Sfeerbeeld SROI
Toelichting (ontwerp)
13
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Sfeerbeeld materialenhal De huidige ontsluiting van het terrein vanaf de Zwarteweg wordt gehandhaafd. Daarnaast voorziet het voorstel in een extra aansluiting op de Zwarteweg. Op die manier kan het personeel desgewenst vanaf de huidige locatie van Lagemaat op eenvoudige wijze de nieuwe locatie bereiken zonder het gedeelte van de Zwarteweg te belasten waaraan op dit moment burgerwoningen gesitueerd zijn. Dat levert voor deze woningen een verbetering van de (verkeersgeluids)-situatie op. Voor alle duidelijkheid: Het verkeer van- en naar de materialenhal, het circulair kenniscentrum, de ruimten ten behoeve van SROI en de ambulancepost vindt plaats vanaf de bestaande ontsluiting van het terrein vanaf de Zwarteweg. Daarom zijn de parkeervoorzieningen ook gesitueerd nabij dit aansluitpunt.
Hoofdontsluiting vanaf de Eperweg/ Zwarteweg en nevenontsluiting tbv personeel bestaande vestiging Lagemaat De buitenopslag zal deels overdekt en deels niet-overdekt plaatsvinden. Het overdekte deel is gesitueerd
14
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde aan de zijde van de Zwarteweg. De maximale hoogte van 13 meter laat het toe, dat hier opslag mogelijk is van goederen, die wellicht nog een (na)behandeling nodig hebben in de hallen, danwel wachten op transport naar een geschikte locatie voor hergebruik. Ondanks deze hoogte kan het voorkomen, dat er bouwelementen opgeslagen dienen te worden met een zodanige maat, dat overdekte opslag niet tot de mogelijkheden behoort. Om die reden is er aan de noordzijde van het gebouw (tussen het gebouw en de snelweg) ruimte gereserveerd ten behoeve van opslag van deze buitenmaatse bouwdelen. Deze hogere buitenopslag zal aan het oog onttrokken worden door het aanbrengen van een hoge terreinafscheiding, waarbij het gebouw aan de zijde van de Eperweg visueel doorgetrokken zal worden tot aan de in stand te houden bosstrook langs de noordzijde van het perceel. Het voorterrein is het representatieve deel van het perceel. Om die reden zal hier geen buitenopslag plaatsvinden. Op het achterdeel van het perceel kan wel buitenopslag plaatsvinden. Deze buitenopslag blijft beperkt tot een hoogte van 6 meter, met uitzondering van de eerder genoemde ruimte tussen het gebouw en de snelweg, waar buitenopslag tot een hoogte van 12 meter kan plaatsvinden. Op onderstaande tekening wordt een en ander nader aangeduid:
Locaties voor overdekte opslag en buitenopslag Het voorstel gaat uit van een duidelijk zichtbaar gebouw. Om de zichtbaarheid te waarborgen wordt de opgaande beplanting langs een deel van de Eperweg verwijderd. Tussen de Eperweg en de beoogde nieuwbouw is een natuurvriendelijke oever geprojecteerd. Deze dient voor de opvang van hemelwater op eigen terrein en voor een aantrekkelijk zicht op de nieuwbouw vanaf de A50 en de Eperweg.
Toelichting (ontwerp)
15
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Sfeerbeeld natuurvriendelijke inrichting van de zone tussen het gebouw en de Eperweg Bij de bouw wordt uitgegaan van het gebruik van gerecycelde materialen. Op die manier wordt het gebouw zelf het visitekaartje van 'circulair bouwen'. Omdat het van tevoren moeilijk te voorspellen is welke materialen voorhanden zijn om te hergebruiken is het niet mogelijk om nu al de uiteindelijke verschijningsvorm van de nieuwbouw te bepalen. De uiteindelijke verschijningsvorm van de nieuwbouw is namelijk afhankelijk van de beschikbare materialen van een "donorgebouw". Om een indruk te krijgen van de grote variatie aan verschijningsvormen heeft LEVS een aantal artist impressions gemaakt van de beoogde nieuwbouw:
16
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Artist impression mogelijke verschijningsvorm (Bron: LEVS)
Artist impression mogelijke verschijningsvorm nieuwbouw (Bron: LEVS)
Artist impressions nieuwbouw (Bron: LEVS Architecten)
Toelichting (ontwerp)
17
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Mogelijke invulling gevels
18
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Hoofdstuk 3
Beleidskader
Bij ruimtelijke plannen moet worden weergegeven hoe rekening is gehouden met relevant beleid. In de volgende paragrafen wordt het relevante beleid op nationaal, provinciaal, regionaal en gemeentelijk schaalniveau en de relatie met de voorgenomen ontwikkeling behandeld.
3.1
Nationaal beleid
3.1.1
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)
Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geeft een totaalbeeld van het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op rijksniveau. In de SVIR heeft het Rijk drie rijksdoelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden voor de middellange termijn (2028): het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijkeconomische structuur van Nederland; het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. Voor de drie rijksdoelen worden 13 onderwerpen van nationaal belang benoemd. Hiermee geeft het Rijk aan waarvoor het verantwoordelijk is en waarop het resultaten wil boeken. Buiten deze nationale belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Ladder voor Duurzame Verstedelijking Een van de nationale belangen die de SVIR benoemt, is het belang van een "zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten". Concreet betekent dit onder meer dat ruimte zorgvuldig moet worden benut en overprogrammering moet worden voorkomen.
Om die doelstellingen te bereiken, is in 2012 de Ladder voor Duurzame Verstedelijking opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening. De Ladder voor duurzame verstedelijking (Ladder) is een instrument voor efficiënt ruimtegebruik. Het bevoegd gezag moet voldoen aan een motiveringsvereiste als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. Om gebruikers goed te kunnen ondersteunen bij de toepassing van de nieuwe Ladder heeft het Rijk een nieuwe handreiking opgesteld. Toetsing De nieuwe handreiking begint met de vraag om wat voor een plan het gaat. In dit geval betreft het 'overige stedelijke functies'. Als een plan met overige functies wordt aangemerkt als nieuwe stedelijke ontwikkeling moet de Ladder worden toegepast. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Het realiseren van een circulair kenniscentrum en een ambulancepost betreft een stedelijke voorziening. De vervolgvraag is of de stedelijke ontwikkeling 'nieuw' is. De Laddertoets geldt alleen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Beoordeeld moet dan worden of sprake is van een nieuw beslag op de ruimte.
Daarvan is in het beginsel sprake als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwing mogelijk maakt dan er op grond van het voorheen geldende planologische regime aanwezig was, of kon worden gerealiseerd. In beginsel is er geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling als het ruimtebeslag minder dan 500 m2 bedraagt of indien de planologische functiewijziging een zodanige aard en omvang heeft dat desalniettemin sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In onderhavig geval zal het ruimtebeslag aanzienlijk meer dan 500 m2 bedragen. De beoogde ontwikkeling ligt binnen bestaand stedelijk gebied. Wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied dient de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving van de behoefte aan de ontwikkeling die mogelijk wordt gemaakt te bevatten.
Toelichting (ontwerp)
19
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Om de voorgenomen bedrijfsmatige activiteiten goed te kunnen uitvoeren is een locatie met een bepaalde omvang noodzakelijk. Deze locatie dient bovendien goed ontsloten te zijn. De locatie aan de Zwarteweg voldoet hieraan. Daarbij dient opgemerkt te worden, dat er in de directe omgeving geen vergelijkbare locaties zijn. Daarom is de beoogde locatie aan de Zwarteweg zeer geschikt: Deze komt vrij door de verplaatsing van de zoutloods naar elders en deze ligt pal bij de bestaande aansluiting van de Eperweg op de A50. In de Structuurvisie is een "economische knoop" aangegeven. De locatie aan de Zwarteweg is gelegen binnen de contouren van deze economische knoop en is zodoende geschikt voor de voorgenomen activiteiten. Niet geheel onbelangrijk is, dat de bestaande bedrijfsvoering van Lagemaat in de buurt ligt en dat het een Heerdens bedrijf is, dat een sterke voorkeur heeft voor het situeren van het nieuwe circulaire kenniscentrum in de gemeente Heerde. Het situeren van een circulair kenniscentrum op deze locatie zal niet leiden tot leegstand elders en kan beschouwd worden als een goede ruimtelijke ordening. De situering van de ambulancepost op deze locatie is dringend gewenst omdat hierdoor een goede dekking van de hulpdiensten is gewaarborgd. 3.1.2
Besluit Algemene regels Ruimtelijke Ordening (Barro)
De juridische borging van de nationale belangen uit de SVIR vindt plaats in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Een aantal regelingen is ‘getrapt’ vastgelegd. Voorgaande houdt in dat de provincies, gemeenten en hoogheemraadschappen verplicht zijn dit beleid nader uit te werken. In het Barro wordt een aantal projecten die van nationaal belang zijn genoemd en met behulp van digitale kaartbestanden exact ingekaderd. Aan elk soort project wordt een set regels gekoppeld waaraan bestemmingsplannen zullen moeten voldoen. Volgens de toelichting van de Rijksoverheid draagt het Barro bij aan versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen van nationaal belang en “vermindering van de bestuurlijke drukte” De bedoeling is dat belemmeringen die de realisatie van de genoemde projecten zouden kunnen frustreren of vertragen door het Barro op voorhand onmogelijk worden gemaakt. Dat zal moeten leiden tot een versnelde uitvoering van die projecten. Het Barro brengt ook met zich mee dat gemeenten die een bestemmingsplan opstellen dat raakt aan een belang van één van de 13 projecten in het Barro, nauwkeurig de regelgeving van het Barro moeten controleren. Het Barro vormt daarmee een dwingende checklist bij de opstelling van bestemmingsplannen. Eén van de belangrijkste elementen is het Natuurnetwerk Nederland (NNN).
In de omgeving van Heerde maken meerdere gebieden deel uit van het NNN. Het plangebied zelf ligt niet binnen de begrenzing van het NNN. De overige twaalf nationale belangen zijn eveneens niet van betekenis voor dit bestemmingsplan. Dit houdt in dat de betekenis van de nationale structuurvisie voor het bestemmingsplangebied zodoende zeer beperkt is. Het relevante beleidskader wordt gevormd door provinciaal en vooral gemeentelijk beleid.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1
Omgevingsvisie en omgevingsverordening Gelderland
In de Omgevingsvisie staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid over onderwerpen als ruimte, water, mobiliteit, economie, natuur, wonen en landbouw. In de omgevingsvisie staan twee provinciale hoofddoelen benoemd: Een duurzame economische structuurversterking; Het borgen van de kwaliteit en veiligheid van onze leefomgeving. Een versterking van de economische structuur vraagt om een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Dat betekent enerzijds een goede bereikbaarheid en voldoende vestigingsmogelijkheden, anderzijds gaat het om een aantrekkelijke woon- en leefomgeving. Een aantrekkelijke leefomgeving vergt een goede kwaliteit en beleving van natuur en landschap in Gelderland, een gezonde en veilige leefomgeving en een robuust bodem- en watersysteem. Daarom wordt ingezet op het waarborgen en ontwikkelen van deze kwaliteiten van Gelderland. De uitgangspunten voor de Noord-Veluwe (waarbinnen de gemeente Heerde valt) zijn apart benoemd.
20
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde Twee belangrijke opgaven waar de regio voor staat: economische ontwikkeling is de motor van de regio: versterking van de recreatieve en toeristische sector, innovatie in het bedrijfsleven, vasthouden en versterken van zorgondernemers, een toekomstbestendige agrarische sector; behouden, versterken en benutten van bestaande kwaliteiten: natuur, landschappen, water, gemeenschappen, steden en dorpen. Ladder voor duurzaam ruimtegebruik In de visie is de Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik opgenomen voor kwalitatief goede afwegingen bij keuzes voor nieuwbouw en prioritering bij overcapaciteit in landelijk en stedelijk gebied. De Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik is van toepassing op stedelijke ontwikkelingen of functieverandering naar stedelijke functies. De provinciale ladder sluit aan op de (nationale) 'ladder voor duurzame verstedelijking'. In paragraaf 3.1 is reeds nader ingegaan op deze ladder in relatie tot de voorgenomen ontwikkeling. Omgevingsverordening Gelderland De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal.
De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de Provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, verkeer en bodem. Nationaal Landschap Veluwe Op de bijbehorende kaarten van de Omgevingsverordening is te zien, dat het plangebied deel uit maakt van het Nationaal Landschap Veluwe. Door ruimtelijke ontwikkelingen beoogt de provincie de Kernkwaliteiten van de Nationale Landschappen te behouden, te herstellen en te versterken en de landschappelijke samenhang te vergroten. De provincie beschermt de Kernkwaliteiten van de Nationale Landschappen en geeft richting aan ontwikkelingen met kwaliteit. Het plangebied ligt in het deelgebied 'Gradiënt Oost-Veluwe':
Situering plangebied (rode ster) binnen de begrenzing van de Gradient Oost-Veluwe Het gradiënt wordt getypeerd door het fraaie en beleefbare gradiënt van Veluwe naar IJssel: van besloten boslandschap in het westen via kleinschalig met houtwallen (ten westen van het Apeldoorns kanaal)
Toelichting (ontwerp)
21
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde naar grootschalige openheid in het oosten. Andere kenmerken zijn: Dorpen op de Veluweflank, op loopafstand (één uur gaans) van elkaar (o.a. Epe, Heerde); Landgoederen langs de westrand, grondgebonden landbouw; Sterk microreliëf door oost-west gerichte ruggen - Cultuurhistorisch erfgoed zoals de sprengen, watermolens, Apeldoorns kanaal; Open essen en broekgebieden. In zijn algemeenheid geldt dat ontwikkelingen binnen dit gebied mogelijk zijn mits de kernkwaliteiten behouden blijven dan wel versterkt worden (ja-mits). Een bestemmingsplan voor gronden binnen een Nationaal landschap en buiten de GO, het GNN en de Nieuwe Hollandse Waterlinie, maakt ten opzichte van het ten tijde van de inwerkingtreding van de verordening geldende bestemmingsplan alleen bestemmingen mogelijk die de kernkwaliteiten van een Nationaal Landschap niet aantasten of versterken. In afwijking hiervan zijn activiteiten die afbreuk doen aan de kernkwaliteiten of deze kernkwaliteiten niet versterken mogelijk als er geen reële alternatieven zijn, er sprake is van redenen van groot openbaar belang en er compenserende maatregelen worden getroffen ter waarborging van de kernkwaliteiten van de Nationale Landschappen. Omdat het plangebied nu al behoort tot het bestaand stedelijk gebied is de voorgenomen ontwikkeling geen nieuwe stedelijke ontwikkeling.
Gezien de reeds aanwezige functies en bebouwing behoeft niet gevreesd te worden, dat door deze nieuwe ontwikkeling de kernkwaliteiten van het Nationaal Landschapter plekke worden aangetast. Verder zijn er in de Omgevingsverordening geen relevante andere aanduidingen over het plangebied gelegen. Op grond van de Omgevingsverordening is een toevoeging van een circulair kenniscentrum binnen een bestaand stedelijk gebied toegestaan. Conclusie provinciaal beleid Het voorliggend bestemmingsplan voldoet aan de doelen en ambities zoals gesteld in het provinciaal beleid.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Toekomstvisie gemeente Heerde 2025
Maatschappelijke en economische ontwikkelingen gaan in snel tempo. Om hierop in te spelen heeft de gemeente op 13 juli 2009 de Toekomstvisie gemeente Heerde 2025 vastgesteld. Deze visie is een agenda voor de toekomst, een heldere profilering van de gemeente in de regio en naar de eigen burgers, instellingen en ondernemers. De Toekomstvisie gemeente Heerde 2025 maakt duidelijk waar de gemeente voor staat, welke ontwikkeling zij ambieert en waarvoor de gemeente zich de komende jaren hard wil maken richting de eigen bevolking, instellingen, ondernemers en andere voor de ontwikkeling van Heerde belangrijke partijen. Op de visiekaart is geen specifieke aanduiding voor het plangebied opgenomen. Tevens wordt er in de toekomstvisie niets aangegeven over (mogelijke) locaties voor recyclingsbedrijven. In 2017 is de Toekomstvisie geactualiseerd en opnieuw vastgesteld. Ook daarin zijn geen woorden besteed aan een mogelijk circulair kenniscentrum. Wel wordt in de Toekomstvisie aandacht besteed aan circulaire economie, circulair ondernemen en Cittaslow. Als zodanig past het realiseren van een circulair kenniscentrum uitstekend in de geest van de Toekomstvisie. Conclusie De Toekomstvisie van de gemeente Heerde staat het initiatief niet in de weg. 3.3.2
Structuurvisie Heerde 2025
De Structuurvisie Heerde 2025 is op 17 september 2012 vastgesteld. Het biedt een kader voor de ontwikkeling van de gemeente Heerde tot 2025 en geeft richting aan de ruimtelijke, economische en maatschappelijke ontwikkeling van de gemeente naar de toekomst. De Structuurvisie Heerde 2025 is een nadere uitwerking van de toekomstvisie. In de structuurvisie is de gemeente opgedeeld in verschillende zones. Het plangebied behoort tot zone 2 22
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde 'Nieuwe zakelijkheid en gezondheid'. Deze zone is op de volgende afbeelding weergegeven:
Toelichting (ontwerp)
23
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
24
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Zone 2 'Nieuwe Zakelijkheid en gezondheid' (Bron: Structuurschets Heerde 2025) Dit is de economische zone tussen Heerde en Wapenveld, inclusief de gebieden ten noorden en zuiden daarvan. Het is een zone waarin zowel wonen, werken, recreatie en zorg als natuur en groen een plek hebben. Kortom, een dynamisch gebied dat zich verder kan ontwikkelen, maar met respect voor omliggende functies. Het plangebied is gesitueerd binnen de begrenzing van de cirkel, helemaal onderaan. Op basis van de Structuurschets Heerde 2025 vormt het gebied ter plaatse van deze cirkel een 'Economisch knooppunt'. Het gebied rond de afslag Heerde-Zuid van de A50 kan binnen landschappelijke randvoorwaarden ontwikkeld worden tot een economische knoop. In deze infrastructurele knoop kunnen in de directe omgeving economische ontwikkelingen plaats vinden. Conclusie De beoogde ontwikkelingen in het plangebied passen binnen het kader van de Structuurvisie Heerde 2025 3.3.3
Landschapsontwikkelingsplan (LOP) 2009
Het landschapsontwikkelingsplan (LOP) en bijbehorend uitvoeringsprogramma is samen met de gemeenten Epe en Voorst opgesteld. Het doel van de gemeente met het LOP is: de autonome ontwikkeling van het landschap sturen op behoud en op ontwikkeling van landschappelijke samenhang. Daarnaast wordt ontstening van het buitengebied gestimuleerd en karakteristieke kenmerken van het landschap ontwikkeld; bij alle veranderingsprojecten het landschapsbelang in te brengen in de planprocessen. In het Landschapsontwikkelingsplan (LOP) van Veluwe tot IJssel ligt het betreffende perceel binnen de landschapseenheid ‘Dekzandruggen en oude bouwlanden’. Voor de landschapseenheid ‘Dekzandruggen en oude bouwlanden’ zijn in het LOP de volgende relevante beleidsambities geformuleerd: 'De overgangen van de oude bouwlanden naar laag gelegen gebieden worden op de randen landschappelijk versterkt door ze aan te planten.’; ‘Langs dreven en wegen worden bomen aangeplant (beuken, eiken, lindes, kastanjes) en onverharde paden worden begeleid door hagen. In waardevolle open ruimtes planten we niet aan.’; 'Het welstandsbeleid of de ambtelijke toetsing van het geheel van erf en gebouw wordt gericht op behoud van de landschappelijke kwaliteit van de oude akkers.’ Bij de voorgenomen ontwikkelingen in het plangebied zal zoveel mogelijk rekening gehouden worden met de genoemde beleidsambities. 3.3.4
Handboek bomen 2018
Door het Norminstituut Bomen is het Handboek Bomen uitgebracht. Dit handboek is als Bijlage 2 opgenomen in deze toelichting. Het Norminstituut Bomen heeft als doel de kwaliteitszorg rond bomen in de openbare ruimte te verbeteren. Het Instituut ontwikkelt en standaardiseert normen, procedures en regelgeving ten aanzien van bomen in de openbare ruimte. Dit resulteert in procesmatige, uniforme werkwijzen en toetsbare kwaliteitseisen en resultaatsverplichtingen, zoals het Handboek Bomen. Het Norminstituut Bomen faciliteert instrumenten en ondersteunt opdrachtgevers en opdrachtnemers, is onafhankelijk en voert zelf geen adviserende werkzaamheden uit. In het handboek wordt uitgebreid aandacht besteed aan de volgende onderwerpen: Ontwerp & realisatie, waarbij ingegaan wordt op: Bomenontwerp; Werken rond bomen; Leveren bomensubstraten; Aanleg groeiplaatsen voor bomen; Leveren (laan)bomen; Planten bomen; Nazorg en hergroeigarantie bomen Beheer en zorgplicht, waarbij gedacht kan worden aan: Snoeien bomen;
Toelichting (ontwerp)
25
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde Specifieke vormsnoei bomen; Boomveiligheidscontrole (BVC); Boomveiligheidsonderzoek; Vellen bomen en rooien stobben; Verplanten bomen. Inventarisatie, taxatie en onderzoek, met als deelonderwerpen: Dataregistratie bomen; Boomtaxatie; Bomen Effect Analyse (BEA); Verplantbaarheidsonderzoek bomen. Bij het omgaan met bomen in het plangebied dient rekening gehouden te worden met hetgeen in het Handboek Bomen is aangegeven. 3.3.5
Welstandsnota
De gemeenteraad van Heerde heeft de Welstandsnota gemeente Heerde op 24 mei 2004 vastgesteld. In de nota is het welstandsbeleid van de gemeente Heerde beschreven en zijn zowel gebiedsgerichte als algemene welstandscriteria geformuleerd. Deelgebieden In de welstandsnota worden 7 deelgebieden onderscheiden. Aan elk deelgebied is een welstandsniveau toegekend. Er wordt onderscheid gemaakt in vier welstandsniveau's, te weten: 'Welstandsniveau 1, Zware toetsing'; 'Welstandsniveau 2, Reguliere toetsing'; 'Welstandsniveau 3, Soepele toetsing' en; 'Welstandsniveau 4, Welstandsvrij'. Omdat het plangebied niet gelegen is binnen een van de deelgebieden, hoeft er in principe geen welstandstoets plaats te vinden. Met andere woorden: het gebied is welstandsvrij. Echter, gezien de omvang van de voorgenomen ontwikkeling zal er een beeldkwaliteitsplan opgesteld worden. In dat beeldkwaliteitsplan zal een toonbeeld opgenomen worden van hetgeen met circulair bouwen mogelijk is. Deze voorbeelden zullen dan als referentie gelden ten aanzien van de gewenste verschijningsvorm van de nieuwbouw. 3.3.6
Cittaslow
Cittaslow is het internationale keurmerk voor gemeenten die op het gebied van leefomgeving, landschap, streekproducten, gastvrijheid, milieu, infrastructuur, cultuurhistorie en behoud van identiteit tot de top behoren. Cittaslow Nederland is het netwerk van alle gemeenten in Nederland met het Cittaslow keurmerk. Door zich aan te sluiten bij het Nederlandse Cittaslow netwerk, kunnen gemeenten samenwerken om de kwaliteit van leven te verbeteren door het authentieke te koesteren en nieuwe technieken in te zetten die vooruitgang mogelijk maken.
26
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Heel kort samengevat richt een Cittaslow-gemeente zich op de mens in een duurzame omgeving; kwaliteit van leven voor inwoners, bezoekers en ondernemers. Een Cittaslow-gemeente streeft naar een duurzame omgeving die verbonden is met een kwalitatief hoogwaardig landschap, waar een krachtige sociale gemeenschap aanwezig is die door de gemeente ondersteund wordt. Een Cittaslow-gemeente is innovatief, maar gaat tegelijkertijd terug naar de oorsprong. Identiteit en cultuurhistorie zijn hierbij belangrijke elementen. Dit wordt ondersteund door waarden als authenticiteit, gastvrijheid, respect, tijd en aandacht voor elkaar. Het permanent en consequent vanuit deze filosofie werken als gemeente onderscheidt ons als Cittaslow-gemeente van andere gemeenten. Heerde werd op 21 oktober 2012 Cittaslow en was daarmee de vijfde Cittaslow van Nederland. Heerde heeft alles wat je van een Cittaslow-gemeente kunt verwachten: rust en ruimte, mooie natuur, rijke cultuurhistorie, streekproducten en een gastvrije bevolking: De gemeente Heerde kenmerkt zich doordat diverse soorten landschappen zich dicht bij elkaar bevinden. In het westen het bos- en heidelandschap van de Veluwe. In het Oosten het rivierlandschap van de IJssel. En daartussen een mozaïek van bosschages en agrarische kavels.
De gemeente kent een schat aan bijzondere, nog authentieke kwaliteiten die in grote delen van Nederland vrijwel zijn verdwenen; Heerde heeft veel cultuurhistorische monumenten, zoals de IJsselhoeven, de molens en de watermolens. Verder kent de gemeente meerdere statige villa’s, waarbij ook kasteel Vosbergen kan worden genoemd, en zijn er in de gemeente verschillende historische kerkgebouwen te vinden. Het meest opvallend is wel het kerkje van Vorchten, het oudst nog in gebruik zijnde kerkje van Nederland met de typerende zadeldakvorm; Heerde is een gemeente waar u volop kunt genieten van rust, natuur en cultuur. Vele fietsroutes en (klompen)paden doorkruisen de gemeenten, zodat u heerlijk kunt fiets en wandelen. Bijvoorbeeld over de heide van De Dellen, waar u de schaapskudde ziet grazen. Of uitkijkend over de IJssel vanaf de IJsseldijk. Maar u kunt ook genieten op een terrasje in het sfeervolle centrum van Wapenveld of Heerde. Lekker zonnen en zwemmen aan het Heerderstrand. Of juist cultuur opsnuiven langs de cultuurroute. Het kan allemaal. De gastvrije bevolking ontvangt u met open armen!; De voorgenomen ontwikkeling op de locatie aan de Zwarteweg kan gezien worden als een voorbeeld van een duurzame ontwikkeling.
Het circulair bouwen wordt hier in de naaste toekomst niet alleen zo wijd mogelijk onder de aandacht gebracht, maar zal ook in alle haarvaten van het gebouw zichtbaar zijn. Gestreefd wordt hier een schoolvoorbeeld van circulair bouwen te realiseren, door zoveel mogelijk gebruik te maken van grondstoffen, die elders overbodig geworden zijn.
Toelichting (ontwerp)
27
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Hoofdstuk 4
Omgevingsaspecten
Ingevolge artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening wordt in dit hoofdstuk een beschrijving opgenomen van het verrichte onderzoek naar relevante feiten en belangenafweging (artikel 3.2. Algemene wet bestuursrecht).
4.1
Bodem
Ten aanzien van de bodemkwaliteit geldt de Wet bodembescherming (Wbb) en het (bijbehorende) Besluit bodemkwaliteit. Gestreefd wordt naar een duurzaam gebruik van de bodem. Bij een ruimtelijk plan moet de bodemkwaliteit van het betreffende gebied inzichtelijk worden gemaakt. Hierbij is van belang te weten of er bodemverontreiniging is die de functiedoelen kan frustreren, of er gezondheidsrisico's of ecologische risico's daardoor zijn en wat de mogelijkheden zijn om er tijdig iets aan te doen. Hiervoor is wettelijk verplichte informatie over de bodemkwaliteit nodig. Het uitgangspunt wat betreft de bodem in het plangebied is, dat de kwaliteit ervan zodanig dient te zijn dat er geen risico's zijn voor de volksgezondheid bij het gebruik van het plangebied voor de voorgenomen functie(s). Bodemonderzoek In oktober 2019 is een actualiserend verkennend bodemonderzoek uitgevoerd door Ecoreest. De resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen in een rapport, dat als Bijlage 3 is opgenomen. Op basis van het onderzoek concludeert Ecoreest het volgende: Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat in de bovengrond en in het grondwater overschrijdingen van de achtergrond- en streefwaarden uit de Wet bodembescherming zijn aangetoond.
In het grondwater bij de zoutloods (deellocatie B) overschrijden de gehalten aan cyanide de interventiewaarde; De onderzoekshypothese, zijnde een verdachte locatie, is hiermee met betrekking tot de gehele locatie (deellocatie A) formeel bevestigd; Met betrekking tot de zoutloods (deellocatie B) wordt de onderzoekshypothese, zijnde een verdachte locatie, hiermee eveneens bevestigd. Op basis van het huidige totaal aan gegevens adviseert Ecoreest het volgende: Het uitvoeren van een nader onderzoek, teneinde de omvang, ernst en spoed van de sterke grondwaterverontreiniging met cyanide ter plaatse van de zoutloods te bepalen. Tevens kan hierbij worden overwogen om het grondwater uit peilbuis 18 opnieuw te bemonsteren voor analyse op zware metalen, e.e.a. ter verificatie van de bij het onderhavige onderzoek gemeten gehalten; Daarnaast adviseren wij, om eventueel bij de ontwikkeling van en/of de nieuwbouw op de locatie vrijkomende grond op de locatie in depot te plaatsen ten behoeve van aanvullende analyse op gefluorideerde parameters (Per Fluor- en Alkyl Stoffen). Conclusie Het aspect bodem leidt niet tot belemmeringen voor de voorgenomen ontwikkelingen indien er rekening wordt gehouden met de hiervoor aangegeven aanbevelingen.
4.2
Water
Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. Het doel van de watertoets is waterbelangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van het Rijk, provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. De toets omvat het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de in ruimtelijke plannen voorkomende waterhuishoudkundige aspecten. Via de digitale watertoets is beoordeeld of en welke waterbelangen voor het plan relevant zijn. Op 1 december 2019 is de digitale watertoets ingevuld. De resultaten van deze watertoets zijn opgenomen in Bijlage 4. Het Waterschap heeft aangegeven, dat er binnen het plangebied een of meerdere belangrijke oppervlaktewateren, waterkeringen of gebieden liggen, die zijn aangewezen voor regionale waterberging. Dit betekent dat mogelijk daarmee primaire waterbelangen worden geraakt. In het specifieke geval van
28
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde het plan "Zwarteweg 2" gaat het om de belangen van Leggerwatergangen met beschermingszones. Een van de watergangen vormt de noordelijke begrenzing van het plangebied, terwijl de andere watergang buiten het plangeied is gesitueerd. Over de hierboven genoemde primaire belangen wil het waterschap graag in gesprek met de initiatiefnemer van het plan. Omdat er meer dan 1500 m2 toename van verhard oppervlak wordt gerealiseerd is ook het realiseren van waterberging een agendapunt. HEN-wateren en SED-wateren Daarnaast wijst het Waterschap nog op gebiedsspecifieke aandachtspunten. In het plangebied liggen namelijk een of meerdere wateren met een zeer hoge ecologische waarde. Dit zijn de zogenaamde HEN en SED wateren. Dit zijn wateren van het "Hoogste Ecologische Niveau"(HEN) en wateren met een "Specifiek Ecologische Doelstelling"(SED). Met deze functietoekenning, wil de Provincie Gelderland die ecologische waarde beschermen en eventuele negatieve beinvloeding terugdringen. Het Waterschap wijst er op, dat er meer informatie over de Hen en SED te vinden is op de website van de Provincie Gelderland.
Op de website van de provincie Gelderland is te lezen, dat voor de wateren van het "Hoogste Ecologische Niveau"(HEN) en wateren met een "Specifiek Ecologische Doelstelling"(SED) geldt dat ruimtelijke ingrepen of ontwikkelingen niet mogen leiden tot verslechtering van de waterkwaliteit en aantasting van de morfologie van de beken en waterlopen. Voor een bufferzone ten behoeve van de waterkwaliteit van HEN-wateren wordt uitgegaan van een 15 meter brede zone aan weerszijden van het HENwater zelf en 10 meter aan weerszijden van de toestromende A-watergangen waarin het gebruik van mest en bestrijdingsmiddelen wordt geweerd. In het bestemmingsplan dienen gemeenten de nieuwvestiging van teelten die dergelijke middelen gebruiken te voorkomen en bestaande agrarische bedrijfsvoering wordt door deze zones niet belemmerd. Uitgangspunt is dat de voorgestane bescherming vooral regeling vindt in de Keur van het waterschap en dat hetgeen met de Keur kan worden geregeld, niet alsnog regeling vindt in het bestemmingsplan. De watergangen zelf zijn gesitueerd buiten de begrenzing van het plangebied. De bufferzone van de watergang aan de noordzijde van het plangebied ligt deels binnen de begrenzing van het plangebied. De betreffende gronden krijgen op basis van het nieuwe bestemmingsplan de bestemming "Bos".
Naast deze gebiedsspecifieke aandachtspunten wijst het Waterschap op de volgende aandachtspunten: Algemene aandachtspunten Vasthouden - bergen - afvoeren Een belangrijk principe is dat een deel van het hemelwater binnen het plangebied wordt vastgehouden en/of geborgen en dus niet direct afgevoerd wordt naar de riolering of het oppervlaktewater. Hiermee wordt bereikt dat de waterzuiveringsinstallatie beter functioneert, verdroging wordt tegen gegaan en piekafvoeren in het oppervlaktewater (met eventueel wateroverlast in benedenstrooms gelegen gebieden) wordt voorkomen. Bij lozing op oppervlaktewater zal hiervan een melding gedaan moeten worden bij het waterschap. Grondwaterneutraal bouwen Om grondwateroverlast te voorkomen adviseert het waterschap om boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) te ontwerpen. Dit betekent dat aspecten zoals ontwateringsdiepte en infiltratie van hemelwater, beschouwd worden ten opzichte van de GHG. Het structureel onttrekken / draineren van grondwater is geen duurzame oplossing en moet worden voorkomen. Het waterschap adviseert de initiatiefnemer dan ook om voorafgaand aan de ontwikkeling een goed beeld te krijgen van de heersende grondwaterstanden en GHG. Eventuele grondwateroverlast is in eerste instantie een zaak voor de betreffende perceeleigenaar.
Schoon houden - scheiden - schoon maken Om verontreiniging van bodem, grond- en/of oppervlaktewater te voorkomen is het van belang dat het afstromende hemelwater niet verontreinigd raakt. Dit kan door nadere eisen / randvoorwaarden te stellen aan bijvoorbeeld de toegepaste (bouw)materialen. Wij vragen de initiatiefnemer de beslisboom voor het
Toelichting (ontwerp)
29
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde afkoppelen van verhard oppervlak van ons waterschap toe te passen. Overleg met Waterschap In februari en maart is er overleg gepleegd met het Waterschap over de inhoud van de watertoets. Dit heeft geleid tot de volgende reactie van het Waterschap: Waterberging Wat ons betreft ziet het plan er goed uit en lijkt het er inderdaad op dat duurzaamheid een belangrijk thema is. Fijn dat ook aandacht is geschonken aan de mogelijkheden om het hemelwater te bergen in een natuurlijke wadi en dat de huidige watergangen binnen het plangebied (grotendeels) gehandhaafd blijven. Wij vinden het belangrijk dat er voldoende (meer dan 60 mm) waterberging wordt gerealiseerd binnen het plangebied waardoor er geen piekafvoer optreedt naar het omringende watersysteem. Met name de Noordelijke en Middelste Horsthoekerbeek zijn ecologisch zeer waardevol. Door ervoor te zorgen dat het hemelwater bij zware buien binnen het plangebied wordt geborgen stroomt er niet onnodig veel hemelwater naar de beken. Hierbij is het nog wel belangrijk om te onderzoeken of er mogelijk een stuw nodig is om het hemelwater ook daadwerkelijk binnen het plangebied vast te houden. Graag ontvangen we een detailuitwerking van het toekomstige watersysteem binnen het plangebied. Reactie: Het hemelwater zal ook bij zware regenbuien geborgen worden in het plangebied.
Daarbij zal er voor gezorgd worden, dat er niet onnodig veel hemelwater afstroomt naar de beken. In overleg met het Waterschap zal onderzocht worden of er een stuw nodig is om het hemelwater ook echt binnen het plangebied vast te houden. Begroeiing langs noordoostkant van plangebied Aan de noordoostkant van het plangebied ligt de Noordelijke Horsthoekerbeek. Voor dit soort beken is het gewenst om veel schaduwgevende beplanting op de oever te hebben waardoor het water minder snel opwarmt en minder snel vol groeit met waterplanten. Op de inrichtingstekening is te zien dat de beplanting langs de beek blijft staan. Dit waarderen wij zeer en willen de initiatiefnemer dan ook vragen om deze dichtbegroeide bosschage ook in de toekomst in stand te houden. Reactie: Er wordt naar gestreefd de aanwezige bosschages te handhaven. Gebleken is dat deze bosschages veel te lijden hebben gehad van de recente stormen en dat er daarnaast sprake is van veel achterstallig onderhoud. Onderzocht zal worden op welke wijze de bosschages hersteld kunnen worden. Waterkwaliteit Tot slot willen wij de initiatiefnemer vragen om bij de opslag van bouwmaterialen extra aandacht te besteden aan tegengaan van het afspoelen van vervuilende stoffen naar het oppervlaktewater.
Reactie: Het beleid van de initiatiefnemer is er op gericht het afspoelen van vervuilende stoffen naar het oppervlaktewater zoveel mogelijk tegen te gaan. Conclusie Uit de watertoets en het aanvullende overleg met het Waterschap blijkt, dat er binnen het plangebied op een verantwoorde manier omgegeaan wordt met het hemelwater en het afvalwater. Daarnaast wordt er voor gezorgd, dat de ecologisch zeer waardevolle beken aan de rand van het plangebied niet belast worden met afstromend hemelwater vanuit het plangebied.
4.3
Archeologie en cultuurhistorie
Archeologie De bescherming van archeologische waarden bij ruimtelijke ontwikkelingen is geregeld in de Erfgoedwet 2016. De essentie van de wettelijke bescherming is dat archeologische resten zoveel mogelijk in de bodem bewaard blijven. Bij ruimtelijke plannen geldt de verplichting om rekening te houden met bekende en te verwachten archeologische waarden. Indien ingrepen gepaard gaan met een verstoring van de bodem, kan het nodig zijn om nader onderzoek te doen, zodat - waar nodig - de archeologische waarden veiliggesteld kunnen worden en/of het plan aangepast kan worden. De verantwoordelijkheid voor 30
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde archeologische waarden ligt bij de gemeente. Op basis van artikel 5.10 van de Erfgoedwet zijn mogelijke (toevals)vondsten bij het verrichten van werkzaamheden in de bodem altijd beschermd. Er geldt een meldingsplicht bij het vinden van (mogelijke) waardevolle zaken. Heerde is in het bezit van een Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden (IKAW) en een Archeologische beleidskaart voor het grondgebied van de gemeente Heerde. De gemeentelijke archeologische beleidskaart is vastgesteld door de gemeenteraad op 12 maart 2012. Op deze kaart is aangegeven welke gebieden een hoge, een gematigde, dan wel een lage verwachtingskans op archeologische vondsten hebben en waar zich archeologische monumenten bevinden. De kaart geeft aan in welke gebieden er onderzoek gedaan moet worden en in welke gebieden onderzoek achterwege kan blijven. Op de volgende afbeelding is een uitsnede van deze kaart weergegeven.
Afbeelding: Uitsnede gemeentelijke archeologische beleidskaart 2012 (Plangebied ligt binnen de blauwe cirkel)
Toelichting (ontwerp)
31
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Het plangebied ligt in een gebied dat is aangegeven met een 'hoge verwachting'. In deze gebieden is archeologisch onderzoek verplicht bij ruimtelijke ontwikkelingen met een verstoringsoppervlak groter dan 100 m2 en die dieper gaan dan 40 centimeter beneden maaiveld. Omdat de voorgenomen ontwikkeling groter is dan 100 m2 en dieper gaat dan 40 centimeter beneden maaiveld is er in 2006 een Inventariserend Archeologisch Veldonderzoek (IAV) uitgevoerd door het Archeologisch Onderzoeks- en Adviesbureau De Steekproef. De resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen in Bijlage 5. Op basis van het verrichte inventariserende archeologische onderzoek concludeert het adviesbureau dat de kans op onverstoorde archeologische grondsporen in het plangebied klein is. Beschermende en/of beperkende maatregelen zijn dan ook niet wetenschappelijk te verdedigen. Archeologisch vervolgonderzoek is niet noodzakelijk. het bureau wijst er wel op, dat indien er bij de uitvoering onverhoopt archeologische grondsporen worden aangetroffen en/of vondsten worden gedaan, hiervan direct melding dient te worden gedaan bij de gemeente Heerde. Cultuurhistorie De gemeente heeft een cultuurhistorische waardenkaart vastgesteld. Deze rapportage dateert van januari 2017. Er heeft een inventarisatie en waardering plaatsgevonden van de cultuurhistorische elementen en objecten.
De belangrijkste criteria voor cultuurhistorische elementwaardering zijn de volgende: 1. Kenmerkendheid: de mate waarin een cultuurhistorisch element kenmerkend is geweest voor de genese (wordingsgeschiedenis) van het landschap. De kenmerkendheid van een element wordt bepaald door provinciaal/landelijk niveau; 2. Zeldzaamheid: mate van voorkomen op provinciaal of nationaal niveau; 3. Ensemblewaarde: mate waarin in cultuurhistorisch element voorkomt in samenhang met soortgelijke objecten of landschappelijke structuren die een functionele samenhang kennen (bijvoorbeeld karrensporen, zandpaden, reliëf, heideterrein); 4. Gaafheid: mate van intactheid van het culturhistorisch element. Vastgesteld kan worden dat er in het plangebied geen sprake is van waardering puntelementen, lijnelementen en/of vlakelementen. Vanuit cultuurhistorie zijn er geen belangen, die zeker gesteld hoeven te worden. Conclusie Vanuit archeologie en cultuurhistorie zijn er geen belemmeringen, die de voorgenomen ontwikkeling in de weg staan.
4.4
Ecologie
Bij elk ruimtelijk plan dient, met het oog op de natuurbescherming, rekening te worden gehouden met de Wet natuurbescherming. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen gebiedsbescherming en soortenbescherming. Een ruimtelijk plan mag namelijk geen significante negatieve gevolgen hebben voor een te beschermen gebied en/of soort. 4.4.1
Quick scan natuurbescherming centrale deel plangebied, maart 2019
Er is een quick scan natuurbescherming opgesteld voor het centrale deel van het plangebied door Ecoreest in maart 2019. De resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen in Bijlage 6.
32
Toelichting (ontwerp)
bestemmingsplan Zwarteweg 2, Heerde
Gebied, dat onderzocht is door Ecoreest in maart 2019 Op basis van het onderzoek kunnen de volgende conclusies getrokken worden: Conclusie soortenbescherming In de voormalige zoutloods zijn meerdere vogelnesten aangetroffen. Mogelijk behoren deze vogelnesten toe aan vogels die onder categorie 5 soorten vallen. Het is niet bekend of er voor deze soorten voldoende alternatieve nestlocaties in de omgeving aanwezig zijn. Binnen het terrein van de voormalige zoutloods kunnen zich verblijfplaatsen van de steenmarter en andere kleine marterachtigen bevinden. Er kunnen zich verblijfplaatsen van vleermuizen bevinden in het gebouw van het Witte kruis en Nuon. Tevens kan het terrein rondom de onderzoekslocatie en de directe omgeving onderdeel uitmaken van het foerageergebied en vliegroutes van vleermuizen. De overige te verwachten diersoorten zijn aangemerkt als vrijgestelde soorten waarvoor in het kader van bestendig beheer, bestendig gebruik, onderhoud aan infrastructuur of ruimtelijke ontwikkelingen een vrijstelling geldt. Dit houdt in dat in het kader van de Wet natuurbescherming geen ontheffing noodzakelijk is voor het uitvoeren van de voorgenomen werkzaamheden. Daarnaast worden populaties van bovengenoemde soorten niet in gevaar gebracht. Het zal voornamelijk gaan om verstoring van individuen. In de voormalige zoutloods kunnen algemene vogelsoorten tot broeden komen.