8.2.7 Bijlage 7 - Rapport quickscan externe veiligheid
Tekst van het document
RAPPORTAGE quickscan externe veiligheid Op den Oever Heerde
Rapportage quickscan externe veiligheid Op den Oever, Heerde Opdrachtgever
Buro Stedenbouw Kerkplein 5 8121 BM Olst
Rapportnummer
20622.002
Versienummer
D1
Status
Eindrapportage
Datum
4 januari 2023
Opsteller
De heer Q. Duong, BEng
Paraaf
Kwaliteitscontrole Paraaf
De heer F. Witjes
Daarom Econsultancy CERTIFICERING Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhand-boek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NENEN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de rechthebbende.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................................. 1
2
BELEID EN REGELGEVING .......................................................................................................................... 2 2.1 2.2 2.3 2.4
3
INVENTARISATIE OMGEVING PLANGEBIED ............................................................................................... 3 3.1 3.2 3.3
4
Transport ........................................................................................................................................ 3 Inrichtingen .................................................................................................................................... 4 Buisleidingen .................................................................................................................................. 4
BEPERKTE VERANTWOORDING GROEPSRISICO ........................................................................................ 4 4.1 4.2
5
Wet- en regelgeving ....................................................................................................................... 2 Plaatsgebonden Risico ................................................................................................................... 2 Groepsrisico ................................................................................................................................... 2 Verantwoordingsplicht ................................................................................................................... 2
Zelfredzaamheid ............................................................................................................................ 4 Bestrijdbaarheid en bereikbaarheid............................................................................................... 4
SAMENVATTING EN CONCLUSIES .............................................................................................................. 4
20622.002
1
INLEIDING
Econsultancy heeft van Buro Stedenbouw opdracht gekregen voor het uitvoeren van een quickscan externe veiligheid voor de realisatie van circa 90 woningen. Het plangebied ligt tussen het Scholtenspad en Op den Oever te Heerde. In onderhavig onderzoek worden de risico’s rondom het plangebied beschouwd en worden de mogelijke scenario’s inzichtelijk gemaakt. In figuur 1-1 is de situering van het plangebied weergegeven.
Figuur 1-1 Situering plangebied
20622.002 versie D1
1/5
2
BELEID EN REGELGEVING
2.1 Wet- en regelgeving Externe veiligheid heeft betrekking op het transport van gevaarlijke stoffen en bedrijven die werken met gevaarlijke stoffen. Het transport van gevaarlijke stoffen via wegen en spoorlijnen wordt geregeld in het Besluit externe veiligheid transportroutes en de Regeling Basisnet. Voor transport middels buisleidingen is het Besluit externe veiligheid buisleidingen van toepassing. Voor externe veiligheid staan twee begrippen centraal: het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Hieronder worden beide begrippen verder uitgelegd.
2.2 Plaatsgebonden Risico Het plaatsgebonden risico geeft de kans om te overlijden op een bepaalde plaats als gevolg van een ongeval bij een risicovolle activiteit. De kans heeft betrekking op een fictief persoon die de hele tijd op die plaats aanwezig is. Voor het plaatsgebonden risico geldt dat er geen nieuwe kwetsbare objecten aanwezig zijn of geprojecteerd worden binnen de 10-6/jaar-contour (wettelijk harde grenswaarde). Voor beperkt kwetsbare objecten geldt de 10-6/jaar-contour niet als grenswaarde, maar als een richtwaarde. Voor de definitie van de begrippen kwetsbare, en beperkt kwetsbare objecten wordt verwezen naar het Besluit externe veiligheid inrichtingen.
2.3 Groepsrisico Het groepsrisico geeft de kans dat bij een ongeval een groep slachtoffers valt met een bepaalde omvang. Het groepsrisico is een maat voor de maatschappelijke ontwrichting bij een calamiteit. Het groepsrisico wordt bepaald binnen het invloedsgebied van een risicovolle activiteit. Dit invloedsgebied wordt begrensd door de 1% letaliteitsgrens (tenzij anders bepaald): de afstand waarop nog 1% van de blootgestelde mensen in de omgeving komt te overlijden bij een calamiteit met gevaarlijke stoffen.
2.4 Verantwoordingsplicht In de Besluiten externe veiligheid inrichtingen, transportroutes en buisleidingen is een verplichting tot verantwoording van het groepsrisico opgenomen. In de verantwoording moet worden ingegaan op de mogelijkheden ter bestrijding en beperking van de omvang van calamiteiten en de mogelijkheden voor personen om zich in veiligheid te brengen. Tevens moet worden ingegaan op de aanwezige en te verwachten dichtheid van personen binnen het invloedsgebied van de betreffende risicobronnen en het groepsrisico in relatie tot de oriëntatiewaarde. Dit valt onder de ‘beperkte verantwoording’. Aanvullend moet worden ingegaan op: • maatregelen getroffen door de beheerder van de activiteit ter beperking van het groepsrisico; • mogelijkheden voor ruimtelijke ontwikkelingen met een lager groepsrisico; • mogelijkheden en voorgenomen maatregelen ter beperking van het groepsrisico in de nabije toekomst.
20622.002 versie D1
2/5
3
INVENTARISATIE OMGEVING PLANGEBIED
Met behulp van de risicokaart kan een eerste indruk van de risicobronnen in de omgeving van een plangebied worden gemaakt. In figuur 3-1 is een uitsnede weergegeven van de risicokaart.
2
1
Figuur 3-1 Uitsnede risicokaart Bron: Atlas Leefomgeving
Het plangebied is centraal in de figuur weergegeven. In de onderstaande paragrafen worden de genummerde bronnen nader toegelicht.
3.1 Transport Op circa 455 meter ten westen van de grens van het plangebied ligt rijksweg A50 (bronnr. 1). In tabel 3-1 zijn de invloedsgebieden en aantallen transporten per stofcategorie weergegeven. Tabel 3-1 Overzicht transporten en invloedsgebieden bron
stofcategorie
invloedsgebied [m]
wegvak G3 A50: Knp. Hattemerbroek Knp. Beekbergen
LF1
45
5.688
LF2
45
20.924
LT2
880
288
GF3
355
3.000
bronnr. 1
aantal transporten per jaar
Het plangebied is niet gelegen binnen 200 meter van de rijksweg A50, maar bevindt zich wel binnen het invloedsgebied van de in tabel 3-1 grijs gearceerde stofcategorie. Een beperkte verantwoording van het groepsrisico is derhalve noodzakelijk. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de bestrijdbaarheid van een ramp of een zwaar ongeval en de mogelijkheden tot zelfredzaamheid als gevolg van een calamiteit op de rijksweg A50.
20622.002 versie D1
3/5
3.2 Inrichtingen Op circa 865 meter ten noordwesten van de grens van het plangebied ligt een LPG-tankstation (bronnr. 2). Voor LPG-tankstations is het invloedsgebied vastgesteld op 150 meter vanuit het vulpunt en de ondergrondse tank. Er is geen sprake van invloed op het plangebied. Een nadere verantwoording van het groepsrisico is niet nodig.
3.3 Buisleidingen De grootste inventarisatieafstand van een hogedruk aardgastransportleiding bedraagt 580 meter. Omdat er binnen een straal van 580 meter tot de grens van het plangebied geen leidingen aanwezig zijn, zijn er geen belemmeringen.
4
BEPERKTE VERANTWOORDING GROEPSRISICO
4.1 Zelfredzaamheid Door een ongeval met een tankwagen op de rijksweg A50 kunnen giftige gassen vrijkomen. De toxische wolk kan zich snel ontwikkelen en verplaatsen. Afhankelijk van het type stof, windrichting en plaats van de calamiteit kunnen hoge concentraties optreden. Via waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS) en NL-Alert worden personen in de omgeving gewaarschuwd. Bij een calamiteit met giftige gassen is het handelingsperspectief binnen blijven en schuilen. Ventilatievoorzieningen moeten eenvoudig centraal uitgeschakeld en/of dichtgezet kunnen worden. Ramen en deuren moeten worden gesloten en aanwezigen moeten inpandig schuilen tot het gevaar is geweken.
4.2 Bestrijdbaarheid en bereikbaarheid Bij een calamiteit zal de brandweer zich inzetten om effecten als gevolg van het incident te beperken. Deze inzet zal voornamelijk plaatsvinden bij de bron. Voor een goede bestrijdbaarheid is het van belang dat het voor de brandweer mogelijk is om: • op tijd ter plaatse te zijn; • voldoende opstelplaatsen te hebben; • voldoende blusmiddelen te hebben.
5
SAMENVATTING EN CONCLUSIES
Econsultancy heeft in opdracht van Buro Stedenbouw een quickscan externe veiligheid uitgevoerd voor de realisatie van circa 90 woningen. Het plangebied ligt tussen het Scholtenspad en Op den Oever te Heerde. Doel van het onderzoek is het identificeren van mogelijk relevante risicovolle activiteiten in de omgeving en de effecten van deze activiteiten op het plan. Bij een calamiteit op de rijksweg A50 zijn binnen het plangebied voldoende mogelijkheden voor zelfredzaamheid. Vanuit oogpunt van externe veiligheid is er geen belemmering voor het plan.
20622.002 versie D1
4/5
20622.002 versie D1
5/5