CConstaterende datHeerde
Koppel je AI →
Document · PDF

6.2.11. Bijlage 10 - Aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling

Raadscommissie 8 april 2024, gemeente HeerdeBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Bonenburgerlaan 23-294.325 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ontwikkeling Bonenburgerlaan 23-29 Heerde Aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling

datum projectnummer

18 juli 2023 213208

Rapport

Aveco de Bondt BV Holten - Amstelveen - Breda - Eindoven - Nieuwegein

Aanmeldnotitie vormvrije mer-beoordeling

Postbus 64, 7450 AB Holten T +31 548 85 33 33 info@avecodebondt.nl www.avecodebondt.nl

Aanmeldnotitie vormvrije mer-beoordeling project projectnummer projectleider

opdrachtgever postadres

contactpersoon

status versie auteur

Ontwikkelingen Bonenburgerlaan Heerde 213208 Jeroen Hendriks De Haag B.V. Brinkgreverweg 32 8161 NW EPE J. Kriele Defintief 1 Jeroen Hendriks

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

Inhoudsopgave 1 1.1 1.2 1.3

Inleiding Aanleiding en doel Toetsingskader Leeswijzer

1 1 1 1

2 2.1 2.1.1 2.1.2 2.2 2.2.1 2.2.2

Procedurele en inhoudelijke aspecten Toetsing aan de m.e.r.-verplichtingen Is er sprake van een directe m.e.r.-plicht? Is er sprake van een (formele) m.e.r.-beoordelingsplicht? Procedure en betrokken partijen Betrokken partijen Procedure

2 3 3 3 4 4 4

3 3.1 3.2 3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.2.4 3.2.5 3.2.6 3.2.7 3.3

De vormvrij m.e.r.-beoordeling De plaats en kenmerken van het project Kenmerken van het potentiële effect Bodem Water Geluid Luchtkwaliteit Flora en Fauna Archeologie Externe veiligheid Samenvatting milieueffecten

5 5 7 8 8 8 8 9 9 10 10

4

Beoordeling van de effecten en conclusie

11

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

1

Inleiding

1.1 Aanleiding en doel Op het perceel Bonenburgerlaan 23-29 te Heerde bestaat het voornemen voor de realisatie van een appartementengebouw en grondgebonden woningen. In de huidige situatie is zijn ter plaatse verschillende winkels inclusief woonruimten gevestigd. Aangezien de kwaliteit van de bebouwing niet meer aansluit bij de eisen van deze tijd en om economische en technische redenen aan vervanging toe is, is gezocht naar een passende nieuwe invulling in de vorm van woningbouw. Door een woonfunctie te geven aan het plangebied, sluit het perceel beter aan op de omgeving en wordt leegstand voorkomen. Aangezien een woonfunctie op grond van het vigerende bestemmingsplan niet overal is toegestaan, dient een herziening van het bestemmingsplan vastgesteld te worden. 1.2 Toetsingskader In deze notitie is de toetsing aan het Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.) opgenomen. Het Besluit m.e.r. is essentieel om te kunnen bepalen of bij de voorbereiding van een plan of een besluit een m.e.r.-procedure moet worden doorlopen. In het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten wanneer m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn.

Deze aanmeldnotitie betreft de (vormvrije) m.e.r.-beoordeling op basis waarvan het bevoegd gezag kan besluiten of het mogelijk maken van de ontwikkeling al dan niet leidt tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die noodzaken tot het doorlopen van een m.e.r.-procedure (waaronder het opstellen van een milieueffectrapportage). 1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt in gegaan op de huidige wet- en regelgeving omtrent milieueffectrapportages. Vervolgens wordt het beoogde plan getoetst aan deze wetgeving. Hoofdstuk 3 bevat de (vormvrije) m.e.r.-beoordeling. In hoofdstuk 4 worden de conclusies van de (vormvrije) m.e.r.-beoordeling verwoord in een advies aan het bevoegd gezag.

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 1/11

2

Procedurele en inhoudelijke aspecten

De m.e.r.-procedure is bedoeld om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in plan- en besluitvorming in te brengen, om zo belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te voorkomen. Een m.e.r. is altijd gekoppeld aan een plan of besluit, bijvoorbeeld een structuurvisie, bestemmingsplan of omgevingsvergunning. De wettelijke eisen ten aanzien van de m.e.r. zijn vastgelegd in de Wet milieubeheer en in het Besluit m.e.r. Voor plannen en besluiten die belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu (kunnen) hebben wordt de m.e.r.toets doorlopen. Er zijn drie gradaties in de zwaarte van de m.e.r.-toets. Onderstaande figuur geeft schematisch twee drempelwaarden weer die van belang zijn hiervoor.

Figuur 2.1: soorten milieueffectrapportage

Onderstaand zijn de drie vormen van een milieueffectrapportage nader toegelicht: •

•

•

m.e.r-plicht: voor activiteiten die zijn opgenomen op de C-lijst van het Besluit m.e.r. en de drempelwaarde daarvan overschrijden geldt de directe m.e.r.-plicht. Naast de C-lijst zijn ook plannen waarvoor een passende beoordeling1 opgesteld moet worden m.e.r.-plichtig en kunnen provincies in een provinciale verordening m.e.r.-plichtige activiteiten aanwijzen. Voor deze activiteiten moet een milieueffectrapportage worden opgesteld om de milieugevolgen van de activiteit op de leefomgeving in beeld te brengen zodat het bevoegd gezag in staat wordt gesteld om de milieugevolgen bij haar afwegingen te betrekken. Voor een zorgvuldige afweging bevat het rapport bovendien alternatieve oplossingen met bijbehorende milieueffecten. m.e.r.-beoordelingsplicht of plan-m.e.r.: voor activiteiten die zijn opgenomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r. en de drempelwaarde overschrijden geldt de (formele) m.e.r. beoordelingsplicht. Indien de activiteit waarvan de drempelwaarde op de D-lijst wordt overschreden mogelijk wordt gemaakt door middel van een plan (kolom 3), dan geldt altijd en direct de plan-m.e.r. vormvrije m.e.r.-beoordeling: voor activiteiten die zijn opgenomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r. maar niet de drempelwaarde overschrijden geldt de (vormvrije) m.e.r. beoordelingsplicht.

De procedure en inhoud van de ‘vormvrije’ versie is nagenoeg gelijk aan de (formele) m.e.r.-beoordeling. Dat betekent dat voorafgaand aan de activiteit een besluit genomen moet worden of het doorlopen van een m.e.r.-procedure (opstellen milieueffectrapportage) al dan niet noodzakelijk is. Dit besluit moet worden onderbouwd door middel van een (vormvrije) m.e.r.-beoordeling die aantoont dat de activiteit geen belangrijke nadelige gevolgen kan hebben voor het milieu c.q. leefomgeving. De inhoud van de beoordeling dient te voldoen aan de criteria zoals opgenomen in ‘bijlage III van de Europese MER richtlijn’.

1 Op basis van artikel 3 lid 1 Besluit m.e.r. geldt voor onder meer bestemmingsplannen niet meer automatisch een m.e.r.-plicht als er

een passende beoordeling moet worden gemaakt. Het gaat om plannen die het gebruik bepalen van kleine gebieden (lid 1 sub a) en voor kleine wijzigingen (lid 1 sub b) van plannen. Voor die plannen kan in eerste instantie worden volstaan met een plan-m.e.r.beoordeling. datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 2/11

2.1

Toetsing aan de m.e.r.-verplichtingen

2.1.1 Is er sprake van een directe m.e.r.-plicht? De eerste vraag die beantwoord moet worden is of voor het project activiteiten plaats vinden waarvoor sprake is van een directe m.e.r.-plicht. Onderhavige activiteit behoort niet tot één van de activiteiten op de C-lijst. Op basis daarvan is derhalve geen m.e.r.-procedure noodzakelijk. Wettelijke plannen, waarvoor een Passende Beoordeling op grond van de Wet Natuurbescherming nodig is, zijn m.e.r.-plichtig (artikel 7.2a Wet milieubeheer eerste lid). Op basis van het onderzoek naar flora en fauna (soortenbescherming en gebiedsbescherming) blijkt dat het opstellen van een Passende Beoordeling op grond van de Wet Natuurbescherming niet benodigd is (zie paragraaf 3.2). Op basis van artikel 7.2.a lid 1 Wet milieubeheer is er derhalve geen sprake van een m.e.r.-plicht. Door Provinciale Staten kunnen aanvullend op het Besluit m.e.r. activiteiten worden aangewezen die kunnen leiden tot m.e.r.-plicht. De provincie Zuid-Holland heeft een dergelijke aanvulling niet ingevuld. Het provinciaal beleid leidt derhalve niet tot m.e.r.-plicht. 2.1.2 Is er sprake van een (formele) m.e.r.-beoordelingsplicht? Er is geen sprake van een directe m.e.r.-plicht, maar mogelijk wel van (formele) m.e.r.-beoordelingsplicht. Hiervoor is de D-lijst van het Besluit m.e.r. het toetsingskader.

Toetsing aan D-lijst De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van in totaal 29 woningen. De voorgenomen ontwikkeling komt voor als activiteit in kolom 1 van de D-lijst van het Besluit m.e.r. (zie tabel 2.1): •

Onderdeel D.11.2: De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen.

Tabel 2.1: D-lijst, bijlage, besluit Milieueffectrapportage

D11.2

Kolom 1 Activiteiten

Kolom 2 Gevallen

Kolom 3 Plannen

Kolom 4 Besluiten

De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen.

In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: 1°. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2°. een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of 3°. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.

De structuurvisie, bedoeld in de artikelen 2.1, 2.2 en 2.3 van de Wet ruimtelijke ordening, en het plan, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van die wet.

De vaststelling van het plan, bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onderdelen a en b, van de Wet ruimtelijke ordening dan wel bij het ontbreken daarvan van het plan, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van die wet.

Het te nemen besluit (omgevingsvergunning afwijken bestemmingsplan) dient beschouwd te worden als een 'besluit' in de zin van het Besluit m.e.r.. De drempelwaarde in kolom 2 wordt niet overschreden. Er is derhalve geen sprake van een formele m.e.r.-beoordeling, maar wel van een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Op basis van het voorgaande wordt geconcludeerd dat een aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling moet worden opgesteld.

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 3/11

2.2 Procedure en betrokken partijen 2.2.1 Betrokken partijen Bij deze m.e.r.-beoordelingsprocedure is de gemeente Heerde aan te merken als bevoegd gezag. De Haag B.v. is de initiatiefnemers. 2.2.2 Procedure Op basis van de aanmeldnotitie kan het bevoegd gezag een besluit nemen over de noodzakelijkheid tot het doorlopen van een m.e.r.-procedure. Het bevoegd gezag beslist binnen zes weken na ontvangst van deze aanmeldingsnotitie of er al of niet een m.e.r.-procedure doorlopen moet worden. Het (vormvrije) m.e.r.beoordelingsbesluit vormt een bijlage bij het uiteindelijk te nemen besluit: de vaststelling van het bestemmingsplan. Er staat bij een m.e.r.-beoordeling geen direct beroep en bezwaar open. Bezwaar en beroep vindt plaats in het kader van de procedure van omgevingsvergunning.

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 4/11

3

De vormvrij m.e.r.-beoordeling

De (vormvrije) m.e.r.-beoordeling is een toets van het bevoegd gezag om te bepalen of er bij de voorgenomen activiteit mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. De beoordeling dient te worden uitgevoerd op grond van de criteria uit bijlage III van de Europese Richtlijn Milieueffectrapportage. Hierbij gelden drie thema’s: • • •

de kenmerken van het project; de plaats van het project; de kenmerken van de potentiële effecten.

3.1 De plaats en kenmerken van het project Bij het kenmerk van het project moet in het bijzonder in overweging worden genomen: A. B. C. D. E. F. G.

de omvang van het project; de cumulatie met andere projecten; het gebruik van natuurlijke hulpbronnen; de productie van afvalstoffen; verontreiniging en hinder; het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering; risico’s voor de menselijke gezondheid (bijvoorbeeld als gevolg van waterverontreiniging of luchtvervuiling).

Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop het project van invloed kan zijn moet in het bijzonder in overweging worden genomen: H. het bestaande grondgebruik, I. relatieve rijkdom aan en beschikbaarheid, kwaliteit en regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen (met inbegrip van bodem, land, water en biodiversiteit) van het gebied, J. het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden: − wetlands, oeverformaties, riviermondingen − kustgebieden − berg- en bosgebieden − natuurreservaten en -parken − gebieden die in de nationale wetgeving zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; Natura 2000-gebieden die door de lidstaten zijn aangewezen krachtens Richtlijn 92/43/EEG en Richtlijn 2009/147/EG; − gebieden waar de milieukwaliteitsnormen al niet worden nagekomen − gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid − landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 5/11

A. de omvang van het project De beoogde situatie bestaat uit het de realisatie van in totaal 29 woningen, bestaande uit 19 appartementen en 10 grondgebonden woningen. De situering en de globale begrenzing van het plangebied is in navolgende afbeelding weergegeven. De omvang van de voorgenomen ontwikkkeling is niet van dien aard dat op voorhand een milieueffectrapportage dient te worden opgesteld.

Figuur 1: Situering en begrenzing plangebied

B. de cumulatie met andere projecten De herontwikkeling betreft een op zichzelf staan project en maakt geen onderdeel uit van een grotere ontwikkelingslocatie. In de directe omgeving van het plangebied zijn enkele andere ontwikkelingen bekend, te weten de ontwikkeling Bonenburgerlaan 48 en Bonenburgerlaan 52-54. Gelet op de relatief beperkte omvang van de verschillende ontwikkelingen zal er geen sprake zijn van een stapeling (cumulatie) van milieueffecten. C. het gebruik van natuurlijke hulpbronnen Onder natuurlijke hulpbronnen worden onder andere niet vernieuwbare bronnen, zoals fossiele brandstoffen verstaan, maar ook hernieuwbare bronnen, zoals hout, zon, rubber, drinkwater en zuurstof. Naast de reguliere materialen en hulpbronnen ten behoeve van realisatie van de woningen worden geen natuurlijke hulpbronnen gebruikt in het onderhavige plan. Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen geeft geen aanleiding aanzienlijke gevolgen voor het milieu te veronderstellen, zodanig dat daarvoor een milieueffectrapportage dient te worden opgesteld. D. de productie van afvalstoffen De productie van afvalstoffen is beperkt tot de bouwafvalstoffen tijdens de realisatie van voorgenomen ontwikkeling en toekomstige afvalstoffen vanuit de woningen. De productie van afvalstoffen vormen naar aard en omvang geen aanleiding voor het opstellen van een milieueffectrapportage.

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 6/11

E. verontreiniging en hinder Voor verontreiniging en hinder kunnen diverse aspecten relevant zijn, te denken aan bodemkwaliteit, luchtkwaliteit, waterkwaliteit, geluidhinder, verkeershinder, hinder in de vorm van verstoring van natuurwaarden door bijvoorbeeld stikstof, geluid en licht, etc. Ten aanzien van bovengenoemde aspecten wordt onder paragraaf 3.2, kenmerken van het mogelijke effect, beschreven wat de mogelijk effecten zijn. F. het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering De realisatie en ingebruikname van de woningen betreft geen risicovolle inrichting. In de omgeving van het plangebied liggen geen risicobronnen. In paragraaf 3.2 wordt daar verder op ingegaan als onderdeel van het aspect externe veiligheid. Extreme weersomstandigheden zoals extreme temperaturen en veel neerslag komen steeds vaker voor door de klimaatverandering. Dit geeft aanleiding tot o.a. meer overstromingen op meer verschillende plaatsen, een hoger waterpeil van oppervlaktewateren en aanhoudende periodes van extreme droogte. In paragraaf 3.2 wordt daar verder op ingegaan als onderdeel van het aspect water. G.

risico’s voor de menselijke gezondheid (bijvoorbeeld als gevolg van waterverontreiniging of luchtvervuiling) Bij de functie welke mogelijk worden gemaakt bij voorgenomen ontwikkeling ontstaat er geen relevante emissie van gevaarlijke/verontreinigende stoffen die schadelijk zijn voor de menselijke gezondheid. H. het bestaande grondgebruik Het plangebied is in het geldende bestemmingsplan ‘Heerde – Dorp’ bestemd als ‘Centrum’ en ‘Tuin’. Het plangebied bestaat in de huidige situatie uit verschillende detailhandelsvestigingen met wonen en tuin/grasveld. I.

relatieve rijkdom aan en beschikbaarheid, kwaliteit en regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen (met inbegrip van bodem, land, water en biodiversiteit) van het gebied In de huidige situatie is er geen sprake van een rijkdom aan kwaliteit en regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied. J.

het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden: Het plangebied maakt geen deel uit van een natuur- of groengebied met een beschermde status. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is ‘Veluwe’ op ca. 2 kilometer van het plangebied. Andere Natura 2000gebieden liggen op grotere afstand (> 10 km) van het plangebied. Op de archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart van de Gemeente Heerde ligt het plangebied in een zone met een redelijke hoge tot hoge archeologische verwachting. In paragraaf 3.2. wordt nader ingegaan op de effecten van het plan op beschermde natuur en archeologische waarden. 3.2 Kenmerken van het potentiële effect Bij de potentiële aanzienlijke effecten van het project moeten in samenhang met de criteria die besproken zijn onder paragraaf 3.1 (de plaats en kenmerken van het project) in het bijzonder in overweging worden genomen: • • • • • • • •

de orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten; de aard van het effect; het grensoverschrijdend karakter van het effect; de intensiteit en de complexiteit van het effect; de waarschijnlijkheid van het effect; de verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect; de cumulatie van effecten met de effecten van andere projecten; de mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen.

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 7/11

De mogelijke milieueffecten worden, indien aan de orde, aan de hand van de verschillende relevante thema’s beschreven. 3.2.1 Bodem Potentiële effecten ten aanzien van bodem zijn niet te verwachten. Er wordt geen activiteit mogelijk gemaakt die een mogelijk bodemrisico met zich mee brengt. Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling is er door Boluwa Eco Systems een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd. Uit dit onderzoek is naar voren gekomen dat er in enkele mengmonsters verhoogde waarden lood, zink en PAK zijn aangetroffen. Gelet hierop wordt er nader onderzoek uitgevoerd om na te gaan over er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Voorafgaand aan het uitvoeren van grondwerkzaamheden dient vast te staan dat de milieuhygiënische bodemkwaliteit geschikt is voor het beoogde gebruik of dat er gesaneerd dient te worden. Conclusie Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van bodem geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving. 3.2.2 Water Extreme weersomstandigheden zoals extreme temperaturen en veel neerslag komen steeds vaker voor door de klimaatverandering. Dit geeft aanleiding tot o.a. meer overstromingen op meer verschillende plaatsen, een hoger waterpeil van oppervlaktewateren en aanhoudende periodes van extreme droogte. In de huidige situatie is het plangebied grotendeels verhard.

De voorgenomen ontwikkeling zorgt o.a. door het toepassen van halfverharding niet voor een significante toename van het verhard oppervlak. Er treedt hierdoor geen verslechtering op van de huidige afwatering van het hemelwater. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van water geen belangrijke nadelige gevolgen zijn voor het milieu. Conclusie Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van water geen belangrijke nadelige gevolgen zijn voor het milieu. Er wordt met de uitwerking ingespeeld op klimaatbestendigheid. 3.2.3 Geluid Met voorgenomen ontwikkeling, waarbij een woonfunctie wordt gerealiseerd, is er geen sprake van milieubelastende activiteiten. De voorgenomen ontwikkeling zorgt voor een verkeersgeneratie met bijbehorende akoestische effecten. Op grond van het vigerende bestemmingsplan zijn de parkeervoorzieningen reeds toegestaan. Desondanks is door Aveco de Bondt akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de akoestische effecten op bestaande woningen vanwege de beoogde locatie van het parkeerterrein en de ontsluiting. Uit dit onderzoek blijkt de geluideffecten van de verkeersgeneratie en de geluiden die horen bij het parkeren van auto's (bijvoorbeeld piekgeluiden vanwege een dichtslaand portier) passen binnen de kaders die hiervoor gelden Conclusie Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van geluid geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving.

3.2.4 Luchtkwaliteit Potentiële effecten ten aanzien van luchtkwaliteit zijn met name gerelateerd aan de toename van het aantal verkeersbewegingen die het plan met zich mee brengt. Om te bepalen of er sprake is van een plan wat 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging is gebruik gemaakt van het Besluit ‘niet in betekende mate’. De realisatie van 29 woningen valt ruimschoots binnen de kaders van het besluit ‘niet in betekenende mate’. Gelet hierop is nader onder naar de effecten op de luchtkwaliteit niet benodigd. Daarnaast kan op basis van bestaande achtergrondconcentraties (o.a. de landelijke monitoringstool Centraal Instrument Monitoring

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 8/11

Luchtkwaliteit) geconcludeerd worden dat de luchtkwaliteit in de omgeving van het plangebied ruimschoots voldoen aan de geldende normen in het kader van een goed woon- en leefklimaat. Conclusie Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van luchtkwaliteit geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving. 3.2.5 Flora en Fauna Potentiële effecten ten aanzien van flora en fauna zijn met name gerelateerd aan soortenbescherming binnen en direct rondom het plangebied en gebiedsbescherming van natuurgebieden. Effecten ontwikkeling op gebiedsbescherming Het plangebied behoort niet tot het Natuurnetwerk Nederland of Natura 2000-gebied. Vanwege de ligging buiten het Natuurnetwerk Nederland, leiden de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties, omdat de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland geen externe werking kent in Gelderland. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is Veluwe op ca. 2 kilometer van het plangebied. Andere Natura 2000gebieden liggen op grotere afstand (> 10 km) van het plangebied. Gelet op de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten, en de ligging van het plangebied ten opzichte van Natura 2000- gebied, kan een negatief effect op de instandhoudingsdoelen van het Natura 2000-gebied op voorhand uitgesloten worden. Voor de voorgenomen ontwikkeling is een AERIUS-calculatie uitgevoerd.

De stikstofemissie in zowel de gebruiksals de realisatiefase is in beeld gebracht. Uit deze AERIUS-calculatie blijkt dat de stikstofemissie in beide fases niet leidt tot stikstofdepositie op omliggende Natura 2000-gebieden (niet hoger dan 0,00 mol/ha/jaar). De voorgenomen ontwikkeling leidt niet tot een overtreding van de verbodsbepaling uit de Wet natuurbescherming ten aanzien van Natura 2000-gebieden. Verdere toetsing in de vorm van een verslechteringstoets of een passende beoordeling of het aanvragen van een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming is niet aan de orde. Effecten ontwikkeling op soortenbescherming In het kader van de voorgenomen ontwikkeling, zijn verschillende ecologische onderzoeken uitgevoerd. Hieruit komt naar voren dat in de nog te slopen gebouwen geen (jaarrond) beschermde soorten aanwezig zijn. Conclusie Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van flora en fauna geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving. 3.2.6 Archeologie Potentiële effecten ten aanzien van archeologie en cultuurhistorie zijn met name gerelateerd aan verstoring van eventueel aanwezige archeologische waarden en aantasting van cultuurhistorisch waardevolle elementen binnen het plangebied. Ter plaatse van het plangebied is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd.

Op basis van het bureauonderzoek geldt een hoge verwachting voor resten uit de periode Midden-Neolithicum – Nieuwe Tijd. Vervolgonderzoek in de vorm van verkennende boringen zal uitgevoerd moeten worden. De archeologische waarden zijn tot die tijd in het bestemmingsplan middels een dubbelbestemming "Waarde - Hoge archeologische verwachting" beschermd.

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 9/11

Conclusie Het is mogelijk dat de omgevingsvergunning in het belang van de archeologie niet wordt verleend, of dat deze wordt verleend onder voorwaarden, zoals het treffen van maatregelen om de archeologische resten in de bodem te behouden, of de verplichting tot het verrichten van archeologisch onderzoek. Negatieve effecten ten aanzien van archeologische waarden worden hiermee uitgesloten. 3.2.7 Externe veiligheid Potentiële effecten ten aanzien van bedrijven en milieuzonering zijn met name gerelateerd aan de afstand tussen milieuhindergevoelige bestemmingen en milieubelastende activiteiten. De voorgenomen ontwikkeling heeft geen betrekking op risicovolle inrichtingen. In de directe nabijheid van het plangebied zijn geen potentiële risicobronnen gelegen Conclusie Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van externe veiligheid geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving. 3.3 Samenvatting milieueffecten In tabel 3.1 zijn de conclusies van de beoordeling van de potentiële effecten van de ontwikkeling samengevat en is aangegeven of het doorlopen van een m.e.r.-procedure noodzakelijk is. Tabel 3.1 Milieueffecten (milieu)Thema

Conclusie beoordeling potentiële effecten Doorlopen m.e.r.-procedure noodzakelijk

Bodem

Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van bodem Nee geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving.

Water

Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van water geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving.

Nee

Geluid

Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van geluid geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving.

Nee

Luchtkwaliteit

Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van luchtkwaliteit geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving.

Nee

Flora en Fauna

Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van Nee soortenbescherming en gebiedsbescherming (Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland) geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving.

Archeologie

Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van Nee luchtkwaliteit geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving. Wel dient er nog aanvullend onderzoek in de vorm van een booronderzoek uitgevoerd te worden.

Externe veiligheid

Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van luchtkwaliteit geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu en/of de omgeving.

datum referentie

Nee

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 10/11

4

Beoordeling van de effecten en conclusie

Het voornemen is om de huidige bebouwing aan de Bonenburgerlaan 23-29 te Heerde te slopen en 19 appartementen en 10 grondgebonden woningen te realiseren. Het voornemen heeft geen nadelige gevolgen voor het milieu. Wanneer er geen ‘nadelige gevolgen’ zijn voor het milieu is het conform de wetgeving en de vigerende praktijk niet noodzakelijk om een volledige m.e.r.-procedure te doorlopen. Op basis van de huidige kennis en uitgangspunten ten tijde van het uitvoeren van deze m.e.r.-beoordeling, kan voor alle aspecten worden uitgesloten dat onderhavig plan belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu oplevert. Geadviseerd wordt om de gemeente Heerde op basis van deze notitie te laten besluiten dat geen milieueffectrapportage nodig is.

datum referentie

18 juli 2023 213208_AdB_RAP_0001_v1.0

P 11/11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerde&id=8b6c0fdf-51ca-4a4b-a370-e40b5f2ba93d