CConstaterende datHeerde
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Concept verslag gecombineerde commissievergadering Samenleving en Ruimte 11 janauri 2021.docx

Raadscommissie 1 februari 2021, gemeente HeerdeBij agendapunt: Verslag commissievergadering Samenleving en Ruimte 11 januari 202113.306 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De PvdA kan het met de meeste keuzes ook wel eens zijn. Een punt is nog wel dat het stuk kennelijk geschreven is door ambtenaren die goed in de materie zijn ingevoerd, maar zich niet hebben ingespannen om het ook voor anderen begrijpelijk te maken. Het had allemaal wat eenvoudiger gekund. De heer Horst gaat de verschillende keuzes bij langs. 1. Over de besturingsfilosofie wordt eerst gezegd dat er meer ruimte moet zijn voor een politieke afweging. Verderop staat echter dat de rol vooral bij het college komt te liggen. Dat betekent dat er nog een goede discussie moet komen over de vraag wie welke verantwoordelijkheid heeft. Voor de toekomst is het zowel voor de raad als voor het college belangrijk om daar voldoende duidelijkheid over te hebben. 3. Hoe wordt bepaald in welke gebieden gekozen moet worden voor een globaal, respectievelijk een gedetailleerd omgevingsplan? 6. Bij de digitale dienstverlening wil de PvdA graag weer iets horen over een raming van de kosten. De fractie concludeert dat college en raad met dit voorstel op de goede weg zijn. De heer Jalink memoreert dat deze strategische keuzes op 30 november breedvoerig zijn besproken met de klankbordgroep waar hij deel van uitmaakt. Er was toen nog wat discussie over punt 5, maar dat punt is nu goed geformuleerd. De VVD kan met alle keuzes die het college heeft gemaakt instemmen.

Over een aantal punten valt best nog wat te zeggen, maar de fractie stelt voor hier maar mee aan de slag te gaan. Het onderwerp zal nog gedurende vele jaren regelmatig op de agenda komen te staan. De heer Van Ommen vindt het een goede zaak dat bij de totstandkoming van de strategische keuzes gebruik is gemaakt van het keuzepaneel van de VNG. GBP is blij met deze voorzet. Het is een goede aanzet om te komen tot het uiteindelijke doel: het maken van een Michelinsterrenwaardige soep voor de inwoners. 1. De fractie stemt in met de voorkeur van het college om over het algemeen te willen faciliteren en op onderdelen te willen sturen. Goede suggesties en mooie plannen kunnen een heel nieuw licht op de zaak werpen en in sommige gevallen voor een win-winsituatie zorgen. Volgens GBP zou dat het ultieme doel moeten zijn: het creëren van zoveel mogelijk win-winsituaties, waarbij onder de inwoners synergie ontstaat. Het geeft de fractie een goed gevoel dat de raad gaat bepalen in welke situaties gestuurd moet worden. 2. Het college geeft de voorkeur aan een integrale benadering van de fysieke leefomgeving. GBP vraagt zich af of dat niet ‘een volledig integrale benadering’ moet zijn. Dat kan misverstanden voorkomen. Een beperkte integrale benadering is immers ook een integrale benadering. De fractie is blij dat het college de sociaal-maatschappelijke kant belangrijk vindt. 3 en 4.

GBP kan de redenen voor de voorkeuren van het college bij deze punten volledig volgen. 8. De fractie staat helemaal achter de keus voor een regionale focus bij de samenwerking. Samen staat men nu eenmaal veel sterker. GBP concludeert dat het college vooral het initiatief bij de burger wil laten – wat de fractie van harte ondersteunt – maar dat het wel de vinger aan de pols wil houden. Waar het nodig is, wil het college sturing kunnen geven. De fractie vindt dat logisch. Het lijkt haar belangrijk om waar dat nodig is duidelijk ‘nee’ of ‘ja’ te kunnen zeggen. Wel vindt ze dat er dan voor gewaakt moet worden om dat niet in elke situatie nodig te vinden. Als de gemeente kiest voor een meer faciliterende rol moet ze zich ook op Concept verslag Commissies Samenleving en Ruimte van 11 januari 2021

pagina 14 van 18

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

die manier opstellen. Anders breekt de mooie theorie stuk op een verkeerde praktijk. Dat zou de inwonersparticipatie waar eerder deze avond over gesproken is niet ten goede komen. Bij veel van de negen punten kiest het college niet voor een van de beide opties die worden genoemd, maar voor een combinatie. GBP vindt dat logisch, maar constateert tegelijk dat dit de duidelijkheid niet ten goede komt. De fractie begrijpt echter dat er de komende jaren ruimte is voor de raad om de exacte invulling van de punten vorm te geven. Dat moet dan alsnog de nodige duidelijkheid gaan opleveren. Als de wethouder kan bevestigen dat die stelling klopt, kan GBP zich in dit raadsvoorstel vinden. De heer Mateman vindt het mooi dat de themaraad van oktober dit resultaat heeft opgeleverd. In de visie van het CDA moet willekeur worden voorkomen. Participatie is in de Omgevingswet een belangrijk begrip. Dat woord betekent ‘deelnemen’ en dus niet ‘beslissen’. Het is belangrijk dat de overheid helder communiceert hoe en onder welke voorwaarden de inwoners kunnen deelnemen. Er moeten geen verkeerde verwachtingen ontstaan. De heer Mateman gaat een aantal keuzepunten bij langs. 1. Het CDA wil ervoor waken dat bij het faciliteren rekening wordt gehouden met het kennisniveau en de financiële middelen van de initiatiefnemer.

Een ontwikkelaar met zijn kennis van zaken hoeft minder en kan anders gefaciliteerd worden dan een burger. Hij heeft wel expliciete kaders nodig. De burger heeft geen kennis; dat vraagt voor hem een extra inspanning van de overheid. Het CDA wil graag dat dit punt in de verdere invulling van de Omgevingswet wordt geborgd. 2. Het CDA kan instemmen met een volledig integrale omgevingsvisie, maar adviseert wel een omgevingsvisie op te stellen die ruimtelijke keuzes maakt. Dat kan bijvoorbeeld een keuze zijn voor een open landschap of voor een bepaalde invulling van de energietransitie. 3. Het CDA vraagt het college om expliciet aan te geven wat de gemeente in bepaalde gebieden niet wil, wat ze daar wil beperken of wat ze juist wil versterken. De fractie is er ook voor om prikkels te leggen in omgevingsplannen. Daarvoor moet de basis worden gelegd in de omgevingsvisie. Een mooi voorbeeld daarvan vindt de fractie het bestemmingsplan Hoornerveen. Daar is ruimte voor woningbouw, maar wel met de bepaling dat aan versterking van het landschap wordt gedaan. Wat het CDA betreft mag dat instrument een plek krijgen in de omgevingsvisie en in het omgevingsplan. 4. Kan het college een toelichting geven op de andere manier van bekostigen die nodig is als de focus vooral op algemene regels komt te liggen? Het CDA wil ook graag duidelijkheid over de risico’s die daarmee gepaard gaan.

De fractie kan zich voorstellen dat aan het verlenen van een positieve grondhouding en aan het verlenen van een omgevingsvergunning een legesbedrag wordt gekoppeld. 5. Het CDA adviseert om initiatiefnemers een kader mee te geven waarbinnen participatie moet plaatsvinden. Dat kader kan vooraf worden gedeeld met belanghebbenden. Het voorkomt dat achteraf discussie ontstaat over de vraag of het participatieproces wel goed is verlopen. In het bedoelde kader moet ook helder worden gemaakt wat de rol van de gemeente is. Voor de burger is de gemeente immers het bevoegd gezag, met een duidelijk standpunt. Die burger zal dan ook gauw naar de gemeente gaan om een reactie te vragen of zijn teleurstelling te ventileren. De heer Van der Linde merkt keer op keer dat inwoners niet of nauwelijks op de hoogte zijn van de Omgevingswet. Het is dus goed om daar als gemeente nog meer aandacht aan te geven dan toch al gebeurt. Tenslotte gaat het om een belangrijke wet, met een grote impact voor de inwoners en de bedrijven. De ChristenUnie-SGP constateert dat de Omgevingswet inwoners en bedrijven meer vrijheid biedt, maar dat het wel gaat om een vrijheid in gebondenheid. Niet alles kan, en dat is ook goed. De vraag is hoe dat op een goede manier wordt ingevuld. Volgens de ChristenUnie-SGP is het belangrijk om de invoering van deze wet goed voor te bereiden en daar ruim de tijd voor te nemen.

Het zal stap voor stap moeten gebeuren. Zowel aan de voorkant als aan de achterkant zal sprake moeten zijn van een goede communicatie in de richting van belanghebbenden, in begrijpelijke taal. In tegenstelling tot de PvdA vond de ChristenUnie-SGP de themaraad van oktober nuttig en verhelderend. De fractie vindt de uitwerking van de strategische lijn een goed stuk. Ze kan zich daarin vinden. De meeste vragen die ze had, zijn al gesteld. Bij punt 5 heeft ze nog wel de vraag of de wethouder kan aangeven in welke gevallen participatie wel verplicht is en in welke gevallen niet. De onduidelijkheid zit voor haar vooral in de buitenplanse en de binnenplanse activiteiten. Over de kosten is al gesproken;

Concept verslag Commissies Samenleving en Ruimte van 11 januari 2021

pagina 15 van 18

voor de ChristenUnie-SGP is dat ook een belangrijk punt. De fractie hoort daar graag meer over.

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

Wethouder Berkhoff constateert dat met dit stuk redelijk snel gevolg is gegeven aan de oproep die de raad heeft gedaan in de themaraad van 26 oktober. De raad wilde aan de voorkant van het implementatietraject beter in positie worden gebracht. Daar is dit stuk een aanzet voor. De wethouder is overweldigd door de vele vragen die naar aanleiding van het stuk worden gesteld. Die vragen hebben voor een deel te maken met de huidige manier van werken, voorafgaande aan de invoering van de Omgevingswet. Voor een ander deel gaan ze over het vervolgtraject. De wethouder heeft ook niet zomaar een antwoord op alle vragen. Hij zegt toe dat de opname van de vergadering zal worden teruggeluisterd en dat de vragen dan via het verslag zullen worden beantwoord. [aanvulling op het verslag: in de bijlage “Participatie en Omgevingswet: gebeurt er eigenlijk wel iets in Heerde?” is nadere informatie over een aantal vervolgstappen van het college opgenomen] Voor de besluitvorming is van belang of de fracties zich kunnen vinden in de voorkeuren die het college in dit stuk heeft uitgesproken. Het college heeft deze voorkeuren in alle wijsheid aan de raad voorgelegd, vanuit de kennis en ervaring die de afgelopen jaren al in deze gemeente is opgedaan. De vraag is nu of de raad daarin voldoende toetsingsmogelijkheden ziet voor de vervolgfase.

Bij de beide keuzes die de VNG bij elk punt heeft geformuleerd, gaat het om uitersten: zwart of wit. De wereld is echter niet zo zwart-wit. Daarom is het inderdaad logisch dat het college in de meeste gevallen gekozen heeft voor een combinatie. Het kan zijn dat de fracties hier en daar accenten willen verleggen. In dat geval zullen ze dat gemotiveerd moeten aangeven. De wethouder begrijpt dat dat lastig is. Het gaat om een ingewikkeld document, met een bepaald abstractieniveau. In de uitwerking, die nog jaren in beslag zal nemen, zullen misschien nog dingen gaan verschuiven. Misschien komen het college en de raad gaandeweg tot de conclusie dat er toch meer gestuurd moet worden of dat het omgevingsplan toch gedetailleerder moet worden. In het stuk dat voorligt, gaat het om keuzes op hoofdlijnen. De wethouder neemt aan dat de klankbordgroep goed betrokken is geweest bij de voorbereidingen en wist dat het zo zou worden opgezet. Bij de inwerkingtreding van de wet is de gemeente er uiteraard nog lang niet. Dan is alleen nog maar uitgewerkt wat minimaal vereist is. De komende jaren, tot 2030, wordt de soep gaandeweg afgemaakt. Het is duidelijk dat de rollen van de raad en het college, maar ook van de samenleving, gaan veranderen. Dat is een spannend proces. De vraag is wat voor verwachtingen er zullen ontstaan.

Worden mensen teleurgesteld omdat ze denken dat er heel veel ruimte komt voor initiatieven uit de samenleving, terwijl ze in de praktijk toch weer op belemmerende factoren stuiten? Er blijven wetgevende kaders waar rekening mee moet worden gehouden. Op dit moment brengt alleen de stikstofproblematiek al de nodige beperkingen met zich mee. De totale kosten tot en met de invoering van de wet zijn geraamd op 1,3 miljoen euro. Alle kosten worden bijgehouden en verantwoord. Wat de participatie betreft, is er sprake van een lerend proces. Vanuit de commissie werd in dit verband gerefereerd aan projecten uit het recente verleden. Die projecten werden ten onrechte over één kam geschoren. Bij het ene lukte het wel om ruimte te geven aan de inbreng van inwoners; bij het andere niet. Participatie kan wel als opdracht worden meegegeven aan een initiatiefnemer en dat is ook de bedoeling. Als er een initiatief komt dat aan alle vereisten van het omgevingsplan voldoet, heeft participatie weinig zin meer. Dat wordt bedoeld met een binnenplanse activiteit. Bij een buitenplanse activiteit – als het initiatief van het omgevingsplan afwijkt – is participatie een instrument om draagvlak te creëren. Als een initiatiefnemer het gevraagde participatietraject niet heeft doorlopen en er geen draagvlak is, kan de aanvraag buiten behandeling worden gesteld.

Dan gaat het uiteraard wel om een extreme situatie. De digitalisering is nog een heel proces. Het college heeft al besluiten genomen die maken dat er voldoende tijd is om te werken aan het oplossen van ICT-problemen. De wethouder bevestigt dat de raad de komende tijd de ruimte krijgt om de diverse punten verder in te vullen, zodat er meer duidelijkheid ontstaat. Verder stemt hij in met de opmerking van het CDA dat willekeur moet worden uitgesloten. Rechtszekerheid blijft in alle gevallen belangrijk, voor alle inwoners. De Concept verslag Commissies Samenleving en Ruimte van 11 januari 2021

pagina 16 van 18

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

wethouder vindt het een mooie opmerking dat burgers met minder kennis van zaken meer sturing nodig hebben dan een ontwikkelaar die van alle ins en outs op de hoogte is. Het is altijd de rol van de gemeente om inwoners die het zelf niet redden meer ondersteuning te bieden dan inwoners die wel zelfredzaam zijn. Dat komt ook terug bij andere punten, bijvoorbeeld bij punt 6, over de dienstverlening. Daar wordt een voorkeur uitgesproken voor een digitale manier van werken, maar voor inwoners die niet digitaal vaardig zijn, is er ook ruimte voor fysiek contact. Wat de bekostiging betreft: als er straks minder vergunningen worden verstrekt, maar er wel een zekere dienstverlening moet zijn om initiatieven verder te brengen, zal daar een ander bekostigingsmodel onder moeten liggen. Dat zal in de landelijke politiek ook nog voor discussie gaan zorgen, misschien ook tussen de VNG en het Rijk. Tweede ronde Mevrouw Kwekkeboom vindt het opvallend dat alleen al over het begrip ‘participatie’ spraakverwarring ontstaat. Volgens haar bestaat er op dat punt geen eenstemmigheid binnen de commissie. Ze neemt graag aan dat er sprake is van een leerproces en dat het gaandeweg steeds helderder zal worden. Dat neemt niet weg dat ze op dit moment graag wil weten hoe de participatie handen en voeten krijgt nadat dit document is vastgesteld.

Het college heeft in een commissievergadering nogal eens gezegd: u hebt het zo besloten en dat voeren we uit – terwijl haar fractie zich dan niet in die uitvoering kon vinden. Het zou haar helpen als ze wat meer duidelijkheid kan krijgen over de vraag hoe het na de besluitvorming over dit voorstel verder gaat. De heer Horst wil nog graag weten of de gemeente het genoemde bedrag van 1,3 miljoen euro helemaal zelf moet betalen of dat het Rijk daarin bijdraagt. De heer Jalink vond het opvallend dat veel fracties bij het stellen van vragen uitgingen van de burgers. Zelf heeft hij meer naar het onderwerp gekeken vanuit het perspectief van de ondernemers. Vanuit dat perspectief heeft hij vastgesteld dat de raad prima verder kan met dit document. De heer Van Ommen is blij met de bevestiging die hij van de wethouder heeft gekregen. GBP kan wel leven met de voorkeuren die in dit stuk staan. De voorzitter deelt mee dat de heer Mateman te kennen heeft gegeven dat hij de vergadering moest verlaten en dat hij zich in het voorstel kan vinden. De heer Van der Linde heeft ook meerdere keren de bedrijven genoemd. Wat dat betreft zit de ChristenUnie-SGP op dezelfde lijn als de VVD. De fractie kan zich vinden in de voorkeuren van het college. Ze is het met de wethouder eens dat het allemaal niet zwartwit is.

Wethouder Berkhoff denkt dat mevrouw Kwekkeboom het beeld van participatie in zijn volle breedte voor ogen heeft. Het gaat hier echter specifiek om participatie bij initiatieven. Beleid op dat gebied wordt dit jaar in een van de projecten uitgewerkt: in het deelprogramma van de werkprocessen. Dat zal mevrouw Kwekkeboom moeten afwachten om wat meer grip op de materie te kunnen krijgen. De voorzitter concludeert dat alleen mevrouw Kwekkeboom nog twijfels heeft. De andere fracties hebben wel een aantal opmerkingen gemaakt, maar wekken de indruk dat het voorstel wat hen betreft een A-onderwerp kan worden. Mevrouw Kwekkeboom heeft de indruk dat diverse termen die gehanteerd worden op verschillende manieren kunnen worden uitgelegd. Het begrip ‘participatie’ was daar een voorbeeld van. Nu over die uitleg geen helderheid ontstaat, weet ze niet zo goed waar ze straks over moet beslissen. Het zou haar helpen als ze een toezegging krijgt dat in een later stadium nog gesproken zal worden over de vraag hoe deze keuzes worden uitgewerkt. De voorzitter wijst erop dat het traject doorloopt tot 2029 en dat het onderwerp dus nog diverse keren aan de orde zal komen. Er ligt nu alleen een voorstel voor om strategische keuzes te maken. Als dat voorstel wat mevrouw Kwekkeboom betreft een B-onderwerp moet worden, wil hij graag weten waar de bespreking precies over moet gaan.

Mevrouw Kwekkeboom vindt het jammer dat zij niet helder kan aangeven waar voor haar het pijnpunt zit. Het gaat haar om de definities die in de strategische keuzes worden gehanteerd. Die zijn in haar beleving niet duidelijk verwoord. Ze verwacht dat dit over Concept verslag Commissies Samenleving en Ruimte van 11 januari 2021

pagina 17 van 18

twee weken niet anders zal zijn. De voorzitter constateert dat mevrouw Kwekkeboom dit punt in ieder geval in de raadsvergadering aan de orde wil stellen en dat het dus een Bonderwerp moet worden. 5

10

15

20

25

Conclusie: Het voorstel wordt als B-onderwerp geagendeerd voor de raadsvergadering. Kwestie van orde Mevrouw Landman vraagt of het volgende agendapunt gezien het late uur doorgeschoven kan worden naar de volgende vergadering. De voorzitter zou het liever in deze vergadering bespreken. De heer Horst begrijpt dat, omdat de kans reëel is dat er de volgende keer weer een volle agenda is. Hij vindt het onderwerp echter te belangrijk om het snel af te handelen. Er staat in de agenda een half uur voor en hij heeft het zelf ook behoorlijk voorbereid. De voorzitter vraagt het college of het mogelijk is het agendapunt door te schuiven. Wethouder Meijer wijst erop dat de raad het college heeft opgedragen om binnen een half jaar met een notitie te komen. Dat is gelukt. Als de behandeling wordt uitgesteld, wordt die termijn overschreden, maar dat is dan de keuze van deze commissie. De heer Volkers pleit voor een zorgvuldige bespreking. Hij vond het al vervelend dat het onderwerp achteraan op de agenda stond. De heer Van der Linde had er nog graag over willen spreken, maar legt zich bij de meerderheid neer. Hij vindt het wel jammer dat in de loop van deze vergadering niet meer aan tijdbewaking is gedaan. Daar zou misschien een keer over gesproken moeten worden. De voorzitter concludeert dat de meerderheid van de vergadering voor uitstel is.

Hij gaat ervanuit dat de agendacommissie het onderwerp hoog op de agenda van een volgende vergadering zal zetten. Adviezen/bespreken Ruimte 11. Motie actief grondbeleid Zie hierboven, doorgeschoven naar de volgende vergadering.

30

35

40

45

Slot Ruimte 12. Rondvraag Ruimte De heer Van der Linde brengt naar voren dat er steeds meer klachten komen over het feit dat op de Wilhelminalaan te hard wordt gereden. Hij vraagt of daar nog eens naar gekeken kan worden. Wethouder Berkhoff neemt dat mee naar de collegevergadering, omdat wethouder Çegerek de commissievergadering inmiddels heeft verlaten. Het antwoord zal in het verslag van deze vergadering worden meegenomen. 13. Sluiting De voorzitter bedankt alle deelnemers aan de vergadering voor hun medewerking en wenst hun verder nog een fijne avond. Hij sluit de vergadering om 22.48 uur. Bijlagen 1. Memo Participatie en Omgevingswet

Concept verslag Commissies Samenleving en Ruimte van 11 januari 2021

pagina 18 van 18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerde&id=237cc200-8e89-447c-928c-49da429fd40c