2025-ARI096 Recente ontwikkelingen koersbepaling restafval- en grondstoffeninzameling
Tekst van het document
Actieve raadsinformatie Registratienummer
2025-96
Datum: Van collegelid: Aan: Onderwerp:
9-9-2025 S.J.L. Nienhuis Raads- en commissieleden Recente ontwikkelingen koersbepaling restafval- en grondstoffeninzameling
Inleiding De discussienota “Koersbepaling restafval en grondstoffeninzameling” die op 15 september in uw commissie besproken wordt, is april/mei 2025 opgesteld. Als college hebben wij op 20 mei 2025 besloten de discussienota aan u voor te leggen voor behandeling door uw raadscommissie. De behandeling is door uw raad over het zomerreces heen getild. Landelijk staan de ontwikkelingen niet stil. Ook weten we meer over de afvalstoffenbegroting en de afvalstoffenheffing voor het jaar 2026. In deze memo praten wij u graag kort bij zodat u bij de behandeling van de discussienota over deze nieuwe informatie beschikt. Kernboodschap Wij voorzien een stijging van de afvalstoffenheffing voor 2026 Het exacte bedrag is nog niet bekend, maar we houden op dit moment rekening met een stijging van het vastrecht van om en nabij € 30,- per huishouden. Hierbij nemen wij als uitgangspunt dat de exploitatie van de afvalinzameling volledig kostendekkend is door een adequate tariefstelling. Met andere woorden de opbrengsten dekken de uitgaven. De kosten voor de inzameling en verwerking van afval en grondstoffen nemen toe. Hieronder volgt een korte puntsgewijze uiteenzetting van de belangrijkste redenen van deze kostenstijging. 1. Indexatie De index van ROVA over het jaar 2026 bedraagt 4,35%. Verwacht financieel gevolg per huishouden: ongeveer € 9,- extra kosten. 2.
Invoering nieuw verrekenmodel bij ROVA Zie voor de toelichting over de invoering van het nieuwe verrekenmodel blz. 2 van de discussienota (laatste alinea). Verwacht financieel gevolg per huishouden: ongeveer € 11,- extra kosten. 3. Verwachting meer aanbod GFT In 2022 en 2023 werd wat minder GFT aangeboden. Dit had waarschijnlijk te maken met de droge zomers van die jaren. De hoeveelheid die in 2024 werd aangeboden lag weer hoger en is in lijn met het aanbod GFT in de jaren tot 2022. Voor 2026 gaan we uit van de aangeboden tonnages in 2024. Verwacht financieel gevolg per huishouden: ongeveer € 5,- extra kosten.
Dit sjabloon is bedoeld voor actieve informatieverstrekking aan de raad. Vragen hierover kunnen worden gesteld tijdens de rondvraag van de eerstvolgende commissievergadering, of gevraagd kan worden de memo ter bespreking te agenderen voor een eerstvolgende commissievergadering.
4. Kosten milieubrengstation Onze gemeente is onderdeel van het regionale ROVA-netwerk in de IJssel-Vechtstreek voor milieubrengstations (MBS). Dit netwerk voorziet alle deelnemende gemeenten met een brengvoorziening voor al haar inwoners om grof huishoudelijk afval en andere deelstromen, binnen acceptabele reistijd en -afstand, te kunnen storten. Door deelname aan dit netwerk voldoet de gemeente aan haar wettelijke verplichting om de minimaal verplichte afvalstromen gescheiden in te zamelen op het MBS. Gemeenten betalen voor deelname aan dit netwerk een vast bedrag per aansluiting. Per 1 januari 2026 wordt deze bijdrage voor gemeenten met een MBS in de eigen gemeente verhoogd. Deze verhoging volgt op een actualisatie van het integrale tarief en de overgang tot een staffel in het MBS-tarief. Verwacht financieel gevolg per huishouden: ongeveer € 2,50 extra kosten. 5. UPV Verpakkingen In juni heeft de Algemene Leden Vergadering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) ingestemd met het hoofdlijnenakkoord dat bereikt was tussen de besturen van Verpact, VNG en de Koninklijke Nederlandse vereniging voor afval- en reinigingsdiensten (NVRD). Hierbij is het bestuur van de VNG gemandateerd tot het aangaan van een overeenkomst met Verpact waarin het hoofdlijnenakkoord is uitgewerkt. Ook de leden van Verpact en NVRD hebben ingestemd.
Het hoofdlijnenakkoord wordt uitgewerkt in een ketenovereenkomst (tussen VNG, Verpact en NVRD met bijlagen) en deelnemersovereenkomsten tussen Verpact en gemeenten. Op 17 september besluit het bestuur van de VNG om al dan niet in te stemmen met de overeenkomst. Inzet is dat de overeenkomst op 1 januari 2026 in werking treedt. De financiële gevolgen voor onze gemeente zijn op dit moment nog niet goed te overzien. Maar op basis van wat we nu weten schatten we in dat de financiële consequenties beperkt zijn tegen opzichte van de raming van vorig jaar. Verwacht financieel gevolg per huishouden: ongeveer € 2,- extra kosten. 6. Personeelskosten Uit de grondige analyse van alle kosten en opbrengsten is gebleken dat ambtelijke uren voor uitvoering en beleid tot nu toe onvoldoende werden toegerekend aan de afvalstoffenbegroting. En dat hoort wel. Dit is voor het jaar 2026 nu rechtgezet. Verwacht financieel gevolg per huishouden: ongeveer € 6,50 extra kosten. 7. Hogere opbrengst oud papier en karton (OPK). We zien ook een meevaller. Ten opzichte van de raming over 2025 verwachten we over 2026 een hogere opbrengst per ingezameld en goedgekeurd OPK. Dit drukt de kostenstijging wat. Verwacht financieel gevolg per huishouden: een voordeel van € 6,-.
Landelijke ontwikkelingen met mogelijke financiële gevolgen voor onze gemeente Landelijk hebben zich na het opstellen van de discussienota ontwikkelingen voor gedaan. Het zijn helaas allemaal zaken waar we als gemeente geen tot weinig invloed op uit kunnen oefenen. We lichten deze ontwikkelingen kort toe. Eventuele financiële consequenties van deze ontwikkelingen zijn niet meegenomen in de berekening van de afvalstoffenheffing voor het jaar 2026. Dat kan veranderen als de ontwikkelingen concreter worden. 1. CO₂-heffing De uitstoot van CO2 wordt belast met een speciale heffing: de CO₂-heffing. Deze heffing komt op de afvalstoffenbelasting (ook wel verbrandingsbelasting genoemd). Op dit moment bestaat over deze heffing discussie. De Tweede Kamer heeft op 25 juni 2025 een motie aangenomen waarin zij de regering oproept de CO₂-heffing af te schaffen. Het kabinet heeft
/3
2
deze motie ontraden. Op Prinsjesdag wordt mogelijk duidelijk waar het kabinet op in zet. Mocht deze heffing afgeschaft worden – wat wij niet verwachten – dan zal dit voor 2026 tot een beperkt voordeel leiden. De hoogte hiervan is op dit moment niet bekend. 2. Plastic heffing De afgelopen maanden is in de Tweede Kamer gediscussieerd over het invoeren van een plastic heffing om de vervuiling van plastic zwaarder te belasten. Het idee was een heffing aan de bron. Deze maatregel is geschrapt. Het kabinet wil het financiële gat dekken door het instellen van een plastic heffing op verbranding van restafval. Deze heffing komt dan bovenop de verbrandingsbelasting en de bestaande CO₂-heffing en zou dan per 1 januari 2026 in werking moeten treden. Dit leidde tot stevige kritiek. De afgelopen periode is door betrokken partijen hierover verder gesproken. Gemeenten zijn vertegenwoordigd door de NVRD. Het kabinet is nu aan zet. Mogelijk komt op Prinsjesdag meer duidelijkheid geeft over deze heffing. De financiële gevolgen kunnen fors zijn: € 20,- tot € 30,- per huishouden. Het voorstel tot vaststelling van de nieuwe afvalstoffenheffing voor het jaar 2026 wordt in december aan uw raad voorgelegd.
/3
3