14.2.3 Bijlage motivering - Quickscan bedrijven en milieuzonering
Tekst van het document
RAPPORTAGE quickscan bedrijven en milieuzonering Bestemmingsplan Bovenkamp III Heerde
Rapportage quickscan bedrijven en milieuzonering Bestemmingsplan Bovenkamp III, Heerde Opdrachtgever
Buro Stedenbouw Kerkplein 5 8121 BM Olst
Rapportnummer
20622.001
Versienummer
D3
Status
Eindrapportage
Datum
20 februari 2025
Opsteller
De heer N. Berends, BSc
Kwaliteitscontrole
De heer R.M.P. Bouten, MSc
Daarom Econsultancy CERTIFICERING Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhand-boek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NENEN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de rechthebbende.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................................. 1
2
BEDRIJVEN EN MILIEUZONERING .............................................................................................................. 2 2.1 2.2 2.3
3
TOETSING RICHTAFSTAND ......................................................................................................................... 4 3.1 3.2 3.3
4
Gebiedstypering ............................................................................................................................. 2 Richtafstanden VNG-publicatie ...................................................................................................... 3 Richtafstanden veehouderijen ....................................................................................................... 3
Toetsing richtafstand veehouderijen ............................................................................................. 4 Bestemmingen binnen 300 meter van het plangebied .................................................................. 5 Bestemmingen op meer dan 300 meter van het plangebied ........................................................ 6
CONCLUSIE EN SAMENVATTING................................................................................................................ 7
20622.001
1
INLEIDING
Econsultancy heeft in opdracht van Buro Stedenbouw een quickscan ‘bedrijven en milieuzonering’ uitgevoerd ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling van het bestemmingsplan ‘Bovenkamp III’. De initiatiefnemer is voornemens nieuwbouwwoningen te realiseren. Daarom is indicatief onderzocht of het plan een belemmering kan vormen voor de bedrijvigheid in de omgeving en of het woon- en leefklimaat mogelijk belemmerd kan worden door omliggende inrichtingen. De VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (2009) dient hierbij als onderlegger. In figuur 1-1 is de situering van het plan weergegeven.
Figuur 1-1 Plangebied
Het onderzoek betreft stap 1 uit de ruimtelijke onderbouwing: het toetsen of het plan is gelegen binnen de richtafstanden van toepassing op de omliggende bedrijven. Aanvullend zal in het kader van de Wet geurhinder en veehouderijen gekeken worden naar de richtafstand tot veehouderijen in de omgeving van het plangebied.
20622.001 versie D3
1/7
2
BEDRIJVEN EN MILIEUZONERING
Bij een bestemmingsplanwijziging biedt de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (2009) een handreiking voor het toepassen van een goede ruimtelijke ordening. De publicatie geeft voor verschillende bedrijfsmatige activiteiten en milieuthema’s een richtafstand. Is de afstand tussen de geplande woningbouw en bedrijvigheid kleiner dan de richtafstand, dan is een uitgebreid onderzoek gewenst. Het doel van dit onderzoek is het in kaart brengen van de richtafstanden van bedrijvigheid (inclusief veehouderijen) rondom het plan.
2.1 Gebiedstypering De publicatie maakt voor de beoordeling onderscheid in twee gebiedstypen. Een rustige woonwijk is een woonwijk, die is ingericht volgens het principe van functiescheiding. Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies (zoals bedrijven of kantoren) voor. Langs de randen (in de overgang naar mogelijke bedrijfsfuncties) is weinig verstoring door verkeer. Een vergelijkbaar omgevingstype qua aanvaardbare milieubelasting is een rustig buitengebied (eventueel inclusief verblijfsrecreatie), een stiltegebied of een natuurgebied. Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend. Het plangebied is gelegen binnen het bestemmingsplan ‘bestemmingsplan ontwikkelingsgebieden’ (2009). In figuur 2-1 zijn de bestemmingen die gelegen zijn de in omgeving van het plangebied weergegeven. Het plangebied is gelegen binnen de bebouwde kom aan de rand van Heerde. De omgeving van het plangebied wordt voornamelijk gekenmerkt door woonbestemmingen. Derhalve wordt het gebied getypeerd als rustig gebied.
Figuur 2-1 Bestemmingen rondom het plangebied.
20622.001 versie D3
2/7
2.2 Richtafstanden VNG-publicatie In de publicatie worden per milieucategorie richtafstanden gesteld zoals weergegeven in tabel 2-1. Tabel 2-1 Richtafstanden per categorie milieucategorie
afstand in rustig gebied [m]
1
10
2
30
3.1
50
3.2
100
4.1
200
4.2
300
5.1
500
5.2
700
5.3
1.000
6
1.500
De weergegeven afstanden geven de grootste van de afstanden met betrekking tot geur, stof, geluid of gevaar weer. Binnen de diverse categorieën is vaak een specifiek thema maatgevend voor de afstand, maar in dit onderzoek wordt in beginsel de grootste afstand gehanteerd tenzij het bestemmingsplan aanleiding geeft om hiervan af te wijken. In de Staat van bedrijfsactiviteiten behorend bij een bestemmingsplan worden doorgaans alleen de afstanden voor rustig gebied weergegeven.
2.3 Richtafstanden veehouderijen In artikel 4 en 5 van de Wet geurhinder en veehouderij worden eisen gesteld aan de minimale afstand tussen een veehouderij en een geurgevoelig object. In tabel 2-2 zijn de belangrijkste eisen opgenomen. Tabel 2-2 Afstandseisen geurgevoelig object binnen bebouwde kom milieucategorie
Minimale afstand tot veehouderij [m]
diercategorie zonder vastgestelde geuremissiefactor (art. 4 lid 1)
100
buitenzijde dierenverblijf tot buitenzijde geurgevoelig object (art. 5 lid 1)
50
20622.001 versie D3
3/7
3
TOETSING RICHTAFSTAND
3.1 Toetsing richtafstand veehouderijen Bij de realisatie van nieuwe gevoelige bestemmingen dient te worden aangetoond dat de belangen van de omliggende veehouderijen niet worden geschaad. De benodigde informatie (adres en activiteit) over bestaande veehouderijen is aangeleverd door de gemeente Heerde. In figuur 3-1 is de situering van de veehouderijen in de omgeving van Heerde weergegeven.
Figuur 3-1 Ligging veehouderijen in de omgeving van het plangebied
Gezien de afstand tot het plangebied zijn enkel de veehouderijen gelegen aan de Wezeweg 9a en Wezeweg 10 benoemingswaardig. In figuur 3-2 is de situatie uitgelicht.
20622.001 versie D3
4/7
Figuur 3-2 Ligging veehouderijen in de omgeving van het plangebied
Op circa 70 meter afstand van het plangebied is de veehouderij aan de Wezeweg 10 gelegen. Deze veehouderij is (nog) opgenomen in het systeem van de gemeente. Echter, de gemeente geeft aan dat de bewoners van Wezeweg 10 al jaren gestopt zijn met het houden van vee en er dus ook geen sprake meer is van een veehouderij. Derhalve zullen eventuele activiteiten die plaatsvinden op het perceel van Wezeweg 10 niet voor belemmeringen zorgen voor de realisatie van het plan. Op circa 350 meter afstand van het plangebied is de veehouderij aan de Wezeweg 9a gelegen. Volgens het archief van de gemeente is ter plaatse sprake van een stalhouderij/paardenpension. Voor paarden zijn per ministeriële regeling geen geuremissiefactoren vastgesteld. Derhalve geldt voor deze veehouderij een beoordeling op basis van de richtafstanden (zie tabel 2.2). De minimale richtafstand betreft 100 meter binnen de bebouwde kom. Aan deze richtafstand kan worden voldaan. Derhalve zal het plan ten gevolge van de veehouderij die gevestigd is aan de Wezeweg 9a geen belemmeringen ondervinden. Aan de richtafstand tot relevante veehouderijen in de omgeving van het plangebied kan worden voldaan. De toets aan enkel de richtafstand geeft echter geen inzicht in de geurbelasting ter plaatse.
Met betrekking tot de geurbelasting kunnen zowel de individuele belasting van de omliggende veehouderijen (voorgrondbelasting) als de gecumuleerde geurbelasting (achtergrondbelasting) relevant zijn. Derhalve is genoodzaakt om een nader onderzoek naar de geurhinder van veehouderijen te verrichten.
3.2 Bestemmingen binnen 300 meter van het plangebied Binnen dorpskernen of aan de randen daarvan kunnen normaliter bestemmingen tot en met milieucategorie 4.2 aanwezig zijn. De bijhorende richtafstand bedraagt 300 meter voor een rustig gebied. Inrichtingen in hogere
20622.001 versie D3
5/7
milieucategorieën horen doorgaans thuis op krachtens de Wet geluidhinder gezoneerde industrieterreinen en wordt in de volgende paragraaf behandeld. In figuur 3-3 zijn de richtafstanden tot en met 300 meter rondom het plangebied geprojecteerd. In geel zijn tevens binnen het plangebied de woningen geprojecteerd. Hierbij zijn ook mogelijk relevante bestemmingen genummerd. Deze bestemmingen worden onder de figuur nader toegelicht.
Figuur 3-3 Relevante bestemmingen tot en met 200 meter tot het plangebied.
Ter plaatse van (1) is op circa 70 meter afstand de bestemming ‘Sport’ gelegen. De voor ‘Sport’ aangewezen gronden zijn bestemd voor sportvoorzieningen, met uitzondering van voorzieningen ten behoeve van gemotoriseerde en gemechaniseerde sporten en sporten met dieren. Voor ‘sportvoorzieningen’ geldt derhalve maximaal milieucategorie 3.1 (veldsportcomplex/tennisbanen met verlichting) met een richtafstand van 50 meter in een rustig gebied. Aan de richtafstand kan worden voldaan. Derhalve zal deze bestemming niet voor belemmeringen zorgen voor de realisatie van het plan.
3.3 Bestemmingen op meer dan 300 meter van het plangebied Inrichtingen tot en met milieucategorie 4.2 kennen een richtafstand tot ten hoogste 300 meter. Op grotere afstand zijn derhalve alleen inrichtingen vanaf categorie 5.1 potentieel belemmerend in relatie tot het plangebied. De grootste richtafstand uit de VNG-publicatie bedraagt 1.500 meter voor een rustig gebied. In figuur 3-4 is deze zone rond het plangebied weergegeven.
20622.001 versie D3
6/7
Figuur 3-4 Relevante bestemmingsplannen buiten 200 meter tot het plangebied.
In een bereik van tot 1.500 meter afstand van het plan zijn diverse andere bestemmingen gelegen. Echter, geen van deze bestemmingen valt te categoriseren in een voor het plangebied relevante milieucategorie. Derhalve zorgen deze bestemmingen niet voor de belemmering van het plan en wordt nader onderzoek voor deze bestemmingen niet noodzakelijk geacht.
4
CONCLUSIE EN SAMENVATTING
In het kader van de voorgenomen ontwikkeling van het bestemmingsplan Bovenkamp III is middels een quickscan onderzocht of in de nabijheid van het plangebied bestemmingen aanwezig zijn die het woon- en leefklimaat nadelig kunnen beïnvloeden en of het plan de omgeving mogelijk nadelig beïnvloedt. Het onderzoek betreft stap 1 uit de ruimtelijke onderbouwing: het toetsen of het plan is gelegen binnen de richtafstanden van toepassing op de omliggende bedrijven. Aanvullend is het kader van de Wet geurhinder en veehouderijen getoetst aan de richtafstand tot veehouderijen in de omgeving van het plangebied. Hieruit volgt dat kan worden voldaan aan de richtafstand tot bedrijven en veehouderijen in de omgeving van het plangebied. De toets aan enkel de richtafstand geeft echter geen inzicht in de geurbelasting ter plaatse. Met betrekking tot de geurbelasting kunnen zowel de individuele belasting van de omliggende veehouderijen (voorgrondbelasting) als de gecumuleerde geurbelasting (achtergrondbelasting) relevant zijn. Derhalve is genoodzaakt om een nader onderzoek naar de geurhinder van veehouderijen te verrichten.
20622.001 versie D3
7/7