CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting op het vaststellen van de Verordening.pdf

Gemeenteraad 27 januari 2022, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 15: Verordening op de gemeentelijke adviescommissie voor omgevingskwaliteit Heemstede1.055 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TOELICHTING OP HET VASTSTELLEN VAN DE VERORDENING

Waarom moet de verordening worden vastgesteld De taken en bevoegdheden van de huidige monumenten- en welstandscommissies vervallen van rechtswege bij inwerkingtreding van de Omgevingswet. Ter continuering van de advisering moet de gemeente vóór het inwerking treden van de Omgevingswet een nieuwe gemeentelijke adviescommissie instellen. De VNG heeft in samenwerking met de betrokken ministeries, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit een Modelverordening opgesteld, die bij het uitwerken van onze verordening is gebruikt. In de Modelverordening is gekozen voor een commissie met een brede taak die zo vroeg mogelijk in ruimtelijke processen wordt geraadpleegd. Dit is in de lijn van de vrijwel unaniem aangenomen motie van de Tweede Kamer waarin wordt aangedrongen op een commissie met een brede adviestaak, die zoveel mogelijk aan de voorkant van ruimtelijke processen adviseert, en initiatiefnemers uitdaagt en inspireert. De huidige werkwijze wordt voortgezet tot aan het inwerkingtreden van de Omgevingswet. Door de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie nu vast te stellen, wordt een goede overgang gegarandeerd. De gemeenteraad kan bij het vaststellen van het nieuwe omgevingsplan de taakstelling van de commissie verder inkaderen.

Wat omvat de nieuwe verordening De nieuwe verordening is zoveel mogelijk een beleidsneutrale omzetting van de huidige situatie, gebaseerd op de bepalingen over de adviescommissie(s) in de Bouwverordening en de Erfgoedverordening. De nieuwe verordening volgt de Modelverordening van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in samenwerking met de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit (FRK) en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Kern daarvan is dat de bestaande adviescolleges en eventuele andere adviseurs op het gebied van de omgevingskwaliteit in één samenhangend adviesstelsel worden opgenomen. De wet biedt de gemeente een kans om in het omgevingsplan te zorgen voor een betere en meer integrale inbedding en aansluiting van aspecten van omgevingskwaliteit, zoals het uiterlijk van bouwwerken, het behoud van cultuurhistorische waarden, de identiteit van gebieden en de kwaliteit van het landschap. Het streven naar een goede omgevingskwaliteit moet worden gezien in samenhang met de andere doelen van de wet en andere aspecten van de fysieke leefomgeving. Om deze doelen te bereiken is het van belang dat de advisering door de commissie niet wordt beperkt tot ingrepen aan beschermde monumenten en het uiterlijk van bouwwerken.

De commissie kan ook (zo nodig vroegtijdig) adviseren over de toepassing van beoordelingsregels in het omgevingsplan voor zover die te interpreteren open normen bevatten met betrekking tot de omgevingskwaliteit. In de verordening is opgenomen dat voor het secretariaat en de bemensing wordt samengewerkt met de Stichting MOOI Noord-Holland waarmee ook een dienstverleningsovereenkomst hiervoor is gesloten. De Stichting levert al geruime tijd diensten op het vlak van faciliteren, begeleiden, ondersteunen, coachen/opleiden van de gemeentelijke commissie(s). Deze samenwerking wordt gecontinueerd. Naast de advisering door de commissie blijft ambtelijke advisering over kleinere plannen mogelijk. In het nieuwe omgevingsplan legt de gemeenteraad vast voor welke vergunningplichtige plannen advies van de commissie noodzakelijk is. Zolang het nieuwe omgevingsplan niet gereed is, blijft de huidige werkwijze met betrekking tot de ambtelijke advisering gehandhaafd.

Wat doet de nieuwe verordening - De verordening draagt bij aan de zorgplicht van de gemeente voor een gezonde, veilige leefomgeving met een goede omgevingskwaliteit. Het beoogde maatschappelijke effect is een goede omgevingskwaliteit. Daarbij gaat het om het belang van aspecten als cultureel erfgoed, architectonische kwaliteit van bouwwerken, stedenbouwkundige kwaliteit en kwaliteit van natuur en landschap. - De verordening draagt bij aan de mogelijkheid om een initiatief op basis van integraal beleid te beoordelen. Hoe opener en uitnodigender de kaders en regels zijn, hoe meer behoefte er is aan interpretatie bij concrete ruimtelijke activiteiten. Bij interpretatieruimte is een zorgvuldige en deskundige motivering van de kant van de gemeente onontbeerlijk. - Omdat de gemeente vaak ook als belanghebbend wordt gezien, is een onafhankelijk, deskundig kwaliteitsadvies in veel gevallen gewenst. Deskundigheid en onafhankelijkheid kunnen een rol spelen bij creëren van draagvlak en in procedures van bezwaar en beroep. De verwachting is dat een goede verankering van deze beginselen in de verordening – in lijn met de bestaande jurisprudentie over welstands- en monumentenadviezen – zal leiden tot een terughoudende toets van het commissieadvies in procedures van bezwaar en beroep.

- De verschillende in de verordening onderscheiden adviesrollen kunnen worden ingezet om initiatiefnemers aan de voorkant van het proces te adviseren en uit te dagen om hun plannen met zo veel mogelijk kwaliteit en consensus te realiseren. Deskundigheid en onafhankelijkheid kunnen al aan de voorkant een rol spelen bij het creëren van draagvlak. Als het proces aan de voorkant goed wordt doorlopen is de verwachting dat de beoordelingsgerichte advisering als sluitstuk soepel zal verlopen. De werkwijze om vroeg in het proces te streven naar consensus, zal naar verwachting minder aanleiding geven tot bezwaar en beroep. De verplichte adviescommissie en zijn taken Er gelden minimale eisen waaraan de gemeenten vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet moet voldoen. Eén daarvan is het instellen van een gemeentelijke adviescommissie. De wettelijke taak van de commissie is het uitbrengen van advies over aanvragen om een omgevingsvergunning met betrekking tot rijksmonumenten (uitgezonderd archeologische rijksmonumenten). Bij het definitieve Omgevingsplan kan de gemeenteraad besluiten in aangewezen gevallen of als het college van burgemeester en wethouders daartoe aanleiding ziet, de commissie advies laten uitbrengen over aanvragen om een omgevingsvergunning voor andere activiteiten .

De gemeente moet dus een gemeentelijke adviescommissie instellen, maar heeft veel vrijheid om de adviestaak van de commissie in te richten. Enkele leden van de commissie moeten, op grond van de wet, deskundig zijn op het gebied van de monumentenzorg. Andere deskundigheid kan de gemeente naar eigen inzicht aan de commissie toevoegen, afhankelijk van de reikwijdte van de adviestaken. Het college kan de commissie ook advies vragen over het ontwikkelen van beleid op het gebied van omgevingskwaliteit. Alternatieven (incl. argumenten) - Het is mogelijk om de adviestaken niet in één commissie onder te brengen maar in meerdere commissies of bij externe adviesorganen, waarbij de wettelijke gemeentelijke adviescommissie alleen de verplichte monumententaak uitvoert. Hiervoor is niet gekozen omdat het niet in de geest is van de Omgevingswet en de hieruit voortvloeiende handreikingen van de VNG. - Ook is het mogelijk om de inzet en advisering door de commissie te beperken tot de laatste fase van het proces, namelijk de beoordeling van vergunningaanvragen. Hier is niet voor gekozen omdat dan de constructieve, vroege advisering door onafhankelijk deskundigen in de fase van opgaveformulering en ontwerpproces, bijvoorbeeld aan de Omgevingstafel of in kwaliteitsteams, niet is geregeld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/1446/documents/17844