Reactie aan raad nav commissievergadering 12 feb 2025 - verordening jeugdhulp.pdf
Tekst van het document
Reactie n.a.v. commissievergadering 12 februari 2025 – regionale verordening jeugdhulp Hierbij, zoals afgesproken in de commissievergadering van 12 februari, een aantal toegezegde documenten en reacties rondom het agendapunt ‘verordening jeugdhulp’: Vaktherapie Er is een regionale reactie op de brief van 023vaktherapeuten opgesteld en op 18 februari 2025 verstuurd; zie bijlage. Inkoop jeugdhulp In de bijlage is de ‘Samenwerkingsovereenkomst meervoudige jeugdhulp (perceel 1)’ toegevoegd, zoals afgestemd. Wat betreft het AEF rapport verwijzen we naar de informatienota Quickscan Inkoop Jeugdhulp van de gemeente Gemeente Haarlem: https://gemeentebestuurhaarlem.notubiz.nl/document/14940920/1#search=%22Quickscan%20Inkoop%20Jeugdhulp%20Gem eente%20Haarlem%22 De evaluatie van de inkoop staat echter los van het vaststellen van de verordening. Het vaststellen van de voorliggende verordening heeft geen directe invloed op de inkoop en de evaluatie hiervan. De regionale verordening kan wel ondersteunend zijn aan een aantal benoemde adviezen. De verordening sluit namelijk aan bij de Regiovisie en zorgt voor eenduidigheid binnen de gemeenten. Dit schept duidelijkheid voor zowel jeugdhulpaanbieders/consortia als de jeugdigen/gezinnen. Daarnaast stelt het rapport dat onder andere door gebrek aan duidelijkheid over wat ‘gewone’ hobbels zijn, gemeenten en consortia niet goed kunnen prioriteren.
Door het in de verordening opnemen van artikel 3.4 en het overzicht van ontwikkelingstaken, opvoedingsvragen en ‘normale’ uitdagingen per leeftijdscategorie (bijlage 1 in de verordening) wordt dit beeld verduidelijkt. Hierdoor kan er beter geprioriteerd worden, wat maakt dat de jeugdhulp daar terecht komt, waar deze het hardst nodig is. We hopen hiermee voldoende de vragen te hebben toegelicht.
023vaktherapeuten p/a Marcellus Emantsstraat 34 2024 HE HAARLEM Email: terenja@creather.nl
Ons kenmerk Datum Afdeling Contact E-mail
2025/023VT 18 februari 2025 Jeugd Beleidsadviseurs Jeugdhulpregio IJZK jeugdhulpregio@haarlem.nl
Onderwerp: Reactie op brief 023vaktherapeuten inzake ‘nieuwe verordening Jeugdhulp 2025’.
Beste 023 vaktherapeuten, Dank voor uw brief met onderwerp ‘Nieuwe Verordening Jeugdhulp 2025’ die u aan de commissies en wethouders Jeugd van de gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Heemstede, Velsen en Zandvoort hebt verstuurd in de periode 3 tot en met 10 februari 2025. Uw brief is in goede orde ontvangen. De genoemde gemeenten hebben besloten om gezamenlijk op uw brief te reageren. De nieuwe regionaal afgestemde verordening jeugdhulp wordt in de maanden februari en maart behandeld in de commissies en gemeenteraden van de zeven gemeenten in IJmond en ZuidKennemerland (hierna: IJZK). De verordening die wordt besproken is een regionale verordening, die door alle zeven gemeenten vastgesteld moet worden. De huidige verordeningen jeugdhulp van de regiogemeenten zijn geactualiseerd, zodat ze onder andere beter aansluiten op de regionale inkoop van specialistische jeugdhulp en de Regiovisie jeugdhulp Zuid-Kennemerland en IJmond (2021). Op een aantal onderdelen van uw brief en de vragen willen wij reageren. Vaktherapie De 2-jarige pilot die in Haarlem wordt uitgevoerd maakt geen onderdeel uit van de regionale afspraken. De gemeente Haarlem heeft hierover eigen beleid en eigen afspraken gemaakt. Deze pilot is niet van toepassing op de andere gemeenten in IJZK en evenmin zijn toezeggingen gedaan dat zij hierbij zouden aansluiten. De uitkomsten van de pilot worden wel nauw gevolgd.
In uw brief schrijft u dat vaktherapeuten geen jeugdhulp meer mogen verlenen. Dit is niet het geval. Zowel in de huidige verordening als de nieuwe verordening is de inzet van vaktherapie mogelijk, op basis van de norm verantwoorde werktoedeling. De weigeringsgrond in artikel 3.10 lid g doet daar niets aan af. We zijn tevreden met de inzet van vaktherapeuten, maar we volgen de wettelijke kaders en dat betekent dat vaktherapie alleen als onderdeel van een behandelplan ingezet kan worden en onder de verantwoordelijkheid van een wo-geschoolde professional. Ook onder de nieuwe verordening kan vaktherapie worden ingezet als onderdeel van een (groter) behandelplan.
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: 2025/023VT Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
1/4
In uw brief stelt u dat ouders recht hebben om beter passende hulp te kiezen met een persoonsgebonden budget (hierna: pgb). Het is voor ouders lastig te bepalen wat beter passende hulp is. De professionals van het Centrum Jeugd en Gezin (hierna: CJG) kennen het ingekochte aanbod en kunnen met het gezin kijken welke ondersteuning of hulp het meest passend is. Ook bij een pgb is de gemeente verantwoordelijk voor de kwaliteit en doeltreffendheid van een in te zetten aanbieder en interventie. Het CJG beoordeelt de gevraagde hulpvorm en de aanbieder op onder andere de effectiviteit, passendheid en kwaliteit. Daarbij is het CJG gehouden aan richtlijnen en de norm van verantwoorde werktoedeling. In die norm staat dat een jeugdhulpprofessional geregistreerd moet zijn bij de Stichting Kwaliteitskader Jeugd (hierna: SKJ) of bij Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (hierna: BIG), of dat iemand werkzaam moet zijn onder verantwoordelijkheid van een SKJ/BIG-geregistreerde professional. Bovendien dient er sprake te zijn van een bewezen aanpak of, als dat niet mogelijk is, een aanpak die binnen de beroepsgroep als effectief wordt beschouwd. Van dit wettelijk kader kan gemotiveerd worden afgeweken door het CJG. Uit de motivering moet dan duidelijk naar voren komen waarom er inhoudelijk wordt afgeweken.
Beantwoording vragen In uw brief stelt u de gemeenten een aantal vragen over vaktherapie. Hieronder geven wij een reactie op de door u gestelde vragen. Vraag 1: Waarom wordt vaktherapie maar niet erkend als reguliere hulpvorm binnen de jeugdhulp en steeds over het hoofd gezien bij het vormgeven aan de inkoop en de verordening ZIN/PGB? Vaktherapeuten die niet SKJ-geregistreerd zijn, vallen niet binnen de kaders die in de Jeugdwet zijn gesteld voor professionals. In de Jeugdwet is de norm van verantwoorde werktoedeling opgenomen. Alleen een geregistreerd professional mag bepalen welke hulp noodzakelijk is en of voor bepaalde hulpverlening wel of geen professional nodig is. Het uitgangspunt van de wet is dat jeugdhulp door een geregistreerd professional wordt geboden. Volgens artikel 4.1.1 van de Jeugdwet zijn geregistreerde professionals degene die SKJ- of BIGgeregistreerd zijn. Dit is door het Rijk zo vastgesteld. Dit geldt voor alle behandelvormen die onder de omschrijving jeugdhulp – zoals opgenomen in de Jeugdwet – vallen. Het is ons bekend dat er een register vaktherapeuten bestaat en dat u een hbo-opleiding heeft. Het Rijk heeft echter in de op de Jeugdwet gebaseerde regelingen – het Besluit Jeugdwet en de Regeling Jeugdwet – besloten om alleen SKJ/BIG geregistreerde professionals de wettelijke status te geven.
De gemeenten volgen hierin de wetgever en kunnen het register vaktherapeuten niet gelijkstellen aan het SKJ of BIG. Op bovenstaande gronden is het niet mogelijk om vaktherapie zelfstandig in te zetten. Vaktherapie als onderdeel van een (groter) behandeltraject met SKJ/BIG-geregistreerde behandelaren kan een passende aanpak zijn. Als losstaand traject past het niet binnen de kaders van de Jeugdwet, o.a.
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: 2025/023VT Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
2/4
omdat er geen sprake is van een SKJ-registratie en daarmee niet voldaan kan worden aan het kwaliteitskader jeugd. Daarnaast is vaktherapie op zichzelf niet een behandeltraject. Vraag 2: Welke hulpvorm wordt er door de gemeente bedoeld met Behandeling Individueel HBO? Is Behandeling Individueel (HBO) als zelfstandige hulpvorm ingekocht? Behandeling individueel is als aparte hulpvorm ingekocht. Dit dienen alle gecontracteerde aanbieders te kunnen leveren. Hierbij dient de hulp te worden geleverd door een geregistreerd professional. Zoals hierboven is beschreven heeft het Rijk bepaald dat vaktherapeuten niet als geregistreerd professional worden benoemd. Bij behandeling individueel wordt de jeugdige individueel behandeld, gericht op het ontwikkelen en aanleren van praktische, cognitieve en emotionele vaardigheden. Hierbij wordt de eigen kracht van de jeugdige optimaal benut, zodat een zo zelfstandig mogelijk niveau van functioneren bereikt kan worden. De behandeling is gericht op herstel of voorkoming van verergering van gedragsproblemen, op herstel en/of het aanleren van vaardigheden of gedrag, en het realiseren van een blijvende verbetering in het functioneren. De behandeling kan ook gericht zijn op het verbeteren van de interactie binnen het gezin. Het gaat hierbij om gerichte professionele interventies.
Vraag 3: Waarom valt vaktherapie (HBO) niet onder ‘behandeling individueel HBO’? Zoals hierboven aangegeven is dit door het Rijk bepaald. In onze verordening jeugdhulp nemen de gemeenten uit Zuid-Kennemerland en IJmond dat over. Er worden kwaliteitseisen gesteld aan de hulpverleners, zowel gecontracteerd als via pgb. De hulpverleners staan ingeschreven in het Kwaliteitskader Jeugd van het Stichting Kwaliteitsregister Jeugd en passen de hierin de opgenomen norm voor verantwoorde werktoedeling toe. De h-behandelaren vallen onder de geregistreerde professionals en vaktherapeuten niet. Vraag 4: Welke SKJ- jeugdprofessionals geven Behandeling individueel HBO? Welke opleiding hebben zij gevolgd tot behandelaar? SKJ registreert de jeugdprofessionals. Dit zijn professionals op hbo-niveau of hoger. Voor deze registratie moeten ze voldoen aan bepaalde kwaliteitseisen. Als een jeugdprofessional risicovolle en complexe handelingen verricht, is een SKJ-registratie verplicht. Afhankelijk van de hulpvraag en de benodigde behandeling wordt een SKJ-jeugdprofessional ingezet. Vraag 5: Welke vormen van therapie/behandeling geven deze ‘HBO-behandelaren’? Dit kan zowel een behandeling zijn binnen de GGZ als binnen de jeugd- en opvoedhulp. Het zal over het algemeen binnen een door de wo-opgeleide behandelaar uitgezet traject zijn.
Dit is afzonderlijk opgenomen omdat in sommige gevallen de noodzakelijke menskracht niet binnen de organisatie van de verantwoordelijke behandelaar is opgenomen Het is ook mogelijk dat de verantwoordelijke
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: 2025/023VT Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
3/4
behandelaar vaktherapeuten inzet. Zij werken dan binnen de behandeling die de verantwoordelijk behandelaar heeft bepaald en waarvoor deze eindverantwoordelijk blijft. Vraag 6: Welke jeugdprofessionals staan in het SKJ geregistreerd als ‘HBO-behandelaar’? SKJ registreert de jeugdprofessionals. Dit zijn professionals op hbo-niveau of hoger. Om geregistreerd te worden in het SKJ moeten ze eerst voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen. Vraag 7: Hoe wordt gemotiveerd dat het tarief voor HBO behandelaren zoals Vaktherapeuten zoveel lager kan zijn dan andere ‘HBO behandelaren’? Hoe wordt 12,5% verschil gemotiveerd vanuit de CAO die onderliggend is aan de tarieven in Perceel 1 en 2? Welke schaal werken deze HBO-ers volgens de gemeente? Deze tarieven zijn opgesteld na een onderzoek bij vergelijkbare regio’s elders in Nederland, waarbij deze tarieven door de aldaar gevestigde vaktherapeuten als voldoende zijn geaccepteerd. U verwijst in de brief naar een uurtarief van € 74,75 voor vaktherapie. Dit is gebaseerd op het tarief dat wordt gehanteerd in de Haarlemse pilot, plus de indexatie voor 2025. Dit geldt alleen voor de gemeente Haarlem. De gemeente Velsen hanteert inderdaad een PGB tarief van € 75,- zoals u in uw brief vermeld.
Ik ga ervan uit u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, Mede namens de gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Heemstede en Zandvoort van de Jeugdhulpregio IJmond en Zuid-Kennemerland
Gideon J.T. Nijemanting Wethouder Gemeente Velsen
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: 2025/023VT Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
4/4
SAMENWERKINGSOVEREENKOMST MEERVOUDIGE JEUGDHULP – REGIO'S ZUID-KENNEMERLAND EN IJMOND
PARTIJEN:
1. Stichting CombiKracht Zuid-Kennemerland en IJmond
hierna te noemen: 'Combikracht ZIJ',
2. Hyperionhelpt B.V.
hierna te noemen: 'Hyperionhelpt',
3. Stichting Ons Tweede Thuis; 4. Stichting Levvel; 5. ZIJN. In Zorg B.V.; 6. Stichting Parlan; 7. Stichting iHUB Groep; 8. Stichting GGZ Noord-Holland-Noord;
hierna te noemen: 'Planet Young',
9. Parnassia Groep BV. 10. Stichting Kenter Jeugdhulp; 11. Stichting De Hartekamp Groep;
hierna te noemen: 'Sparq Jeugdhulp', bovengenoemde partijen gezamenlijk te noemen: 'de consortia' en enkelvoudig 'consortium',
en:
12. de gemeente Bloemendaal; 13. de gemeente Haarlem; 14. de gemeente Heemstede; 15. de gemeente Zandvoort; 16. de gemeente Beverwijk; 17. de gemeente Heemskerk;
1
18. de gemeente Velsen;
gezamenlijk te noemen: 'de gemeenten' en alle bovenstaande partijen gezamenlijk te noemen 'Partijen',
NEMEN HET VOLGENDE IN AANMERKING:
A. De gemeenten hebben per 1 januari 2023 een overeenkomst gesloten met de consortia voor het leveren van meervoudige jeugdhulp. De gemeenten en consortia hebben in het kader van deze overeenkomst aangegeven toe te werken naar een strategisch partnerschap, waarin wordt samengewerkt om te komen tot een zo goed en efficiënt mogelijk regionaal stelsel voor het leveren van jeugdhulp. Waarbij voorop staat dat ieder consortium alle vormen van jeugdhulp (de integraliteitseis, zoals beschreven in de Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en ZuidKennemerland perceel 1) levert.
B. In de aanbestedingsprocedure is daarover beschreven: "Samen met alle betrokken professionals zoeken de gemeenten een nieuwe manier van samenwerking en het bieden van jeugdhulp. Een nieuwe manier die ervoor zorgt dat we jeugdigen goed kunnen ondersteunen bij het opgroeien. Die ons helpt om snel te ontdekken welke hulp ze nodig hebben en die ervoor zorgt dat jeugdigen geen zwaardere hulp krijgen dan nodig. Bovendien gaan we de steun en hulp zo dicht mogelijk bij huis bieden. En dat alles tegen beheersbare kosten. Zowel gemeenten als jeugdhulpaanbieders spelen een rol in het betaalbaar houden van de jeugdhulp. In de nieuwe samenwerking delen we de verantwoordelijkheid voor de kosten. De gemeenten geven de jeugdhulpaanbieders de ruimte om naar eigen inzicht de best passende, maar ook de meest effectieve en efficiënte jeugdhulp aan te bieden.” Tevens is hierover in de aanbestedingsdocumenten opgenomen met betrekking tot het beoogde
strategisch
partnerschap:
"Gemeenten,
Jeugdhulpaanbieder
of
een
Samenwerkingsverband van Jeugdhulpaanbieders zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het stelsel en de inhoudelijke en financiële opgave.” C. In de uitvoering van de overeenkomst hebben zowel de gemeenten als consortia aangegeven nadere afspraken te willen maken ten aanzien van relevante onderwerpen die uitwerking behoeven in de uitvoeringspraktijk. Dit betreffen gemeenschappelijke onderwerpen. Partijen beogen met deze samenwerkingsovereenkomst dergelijke afspraken vast te leggen met betrekking tot hun samenwerking en met het doel het strategisch partnerschap nader vorm te geven.
D. Om daadwerkelijk tot afspraken te komen bevat deze samenwerkingsovereenkomst slechts de algemene contractuele bepalingen en worden de specifieke samenwerkingsafspraken uitgewerkt in verschillende addenda bij deze overeenkomst. Themagewijs worden zodoende nadere samenwerkingsafspraken gemaakt tussen de gemeenten en consortia en Partijen beogen daarmee de afspraken die gelden tussen partijen actueel te houden, doordat eenvoudig kan worden gekomen tot nieuwe samenwerkingsafspraken door het sluiten van een addendum.
2
E. Naast deze samenwerkingsovereenkomst staat het de gemeenten en een individueel consortium vrij om bij addendum nadere afspraken te maken bij de overeenkomst van opdracht (zoals genoemd onder punt A), voor zover die afspraken niet wezenlijk zijn in de zin van de Aanbestedingswet dan wel de rechtspositie van andere consortia raakt. Met het oog op het gelijkheids- en transparantiebeginsel spreken partijen de intentie uit dat de afspraken die worden gemaakt tussen de gemeenten en een individueel consortium met de andere consortia die partij zijn bij deze samenwerkingsovereenkomst worden gedeeld, tenzij in een addendum is opgenomen dat de afspraken niet worden gedeeld met de andere consortia.
VERKLAREN TE ZIJN OVEREENGEKOMEN ALS VOLGT:
Artikel 1. Doel, aard en inhoud van deze overeenkomst
1.
Partijen gaan een samenwerking aan, gericht op het gezamenlijk inrichten van het stelsel van jeugdhulp op grond van de Jeugdwet binnen de regio's Zuid-Kennemerland en IJmond, alwaar de gemeenten onderdeel van uitmaken, ieder vanuit zijn eigen positie en met inachtneming van de overeenkomst van opdracht genaamd - 'Overeenkomst van Opdracht jeugdhulp regio's IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1' - die is gesloten per 1 januari 2023 tussen de gemeenten en de consortia afzonderlijk.
2.
In het geval in de uitvoering van de overeenkomst van opdracht zoals genoemd in lid 1 van de onderhavige samenwerkingsovereenkomst vraagstukken ontstaan, waarover partijen nadere afspraken willen maken is daartoe de onderhavige samenwerkingsovereenkomst gesloten en worden deze vraagstukken themagewijs uitgewerkt in addenda bij de overeenkomst.
3.
Partijen zullen op verschillende thema's nadere afspraken maken en leggen deze afspraken vast in verschillende addenda bij deze overeenkomst.
4.
Nadere samenwerkingsafspraken komen onder de onderhavige samenwerkingsovereenkomst slechts tot stand indien en voor zover zowel alle gemeenten afzonderlijk, als alle consortia hebben ingestemd met deze afspraken die worden vastgelegd in een addendum bij de onderhavige samenwerkingsovereenkomst.
5. Naast deze samenwerkingsovereenkomst staat het de gemeenten en een individueel consortium vrij om nadere afspraken te maken bij de overeenkomst van opdracht (zoals genoemd in lid 1), voor zover die afspraken niet wezenlijk zijn in de zin van de Aanbestedingswet dan wel de rechtspositie van andere consortia raakt. Met het oog op het gelijkheids- en transparantiebeginsel spreken partijen de intentie uit dat de afspraken die worden gemaakt tussen de gemeenten en een individueel consortium met de andere consortia die partij zijn bij deze samenwerkingsovereenkomst
3
worden gedeeld, tenzij in een addendum is opgenomen dat de afspraken niet worden gedeeld met de andere consortia.
6.
De gemeenten beschikken over alle nadere afspraken bij de overeenkomst van opdracht (zoals genoemd in lid 5) en delen deze op verzoek met een consortium tenzij in een addendum is bepaald dat het addendum vertrouwelijk wordt behandeld en niet met de andere consortia wordt gedeeld. In het geval uitdrukkelijk is opgenomen in een addendum dat het addendum niet wordt verstrekt aan de andere consortia, zullen de gemeenten het addendum niet delen.
7.
De gemeenten beschikken over de meest actuele versie van de samenwerkingsovereenkomst inclusief addenda en delen deze versie op verzoek met een consortium.
Artikel 2. Duur en einde van de overeenkomst
1. De samenwerkingsovereenkomst vangt aan per 1 januari 2024 en geldt tussen de gemeenten en alle individuele consortia zolang de 'Overeenkomst van Opdracht jeugdhulp regio's IJmond en ZuidKennemerland perceel 1' tussen de gemeenten en een consortium geldt. Partijen evalueren op individuele basis de samenwerking zoals overeengekomen in voornoemde overeenkomst van opdracht.
2. Deze samenwerkingsovereenkomst eindigt zonder dat opzegging is vereist en eventueel tussentijds, op het moment dat de overeenkomst van opdracht zoals genoemd in artikel 2 lid 1 van deze overeenkomst van de gemeenten met een consortium voor het leveren van meervoudige jeugdhulp eindigt, om welke reden en op welke grond dan ook.
4
Artikel 3. Kosten Zowel de individuele consortia als de gemeenten dragen de eigen kosten die zij maken binnen de samenwerking op grond van de onderhavige samenwerkingsovereenkomst. In het geval partijen gezamenlijk de kosten willen verdelen worden hier expliciet afspraken over gemaakt bij addendum, bijvoorbeeld over een te hanteren verdeelsleutel.
Artikel 4. Vertegenwoordiging
1. Partijen spannen zich in om het proces om nadere specifieke samenwerkingsafspraken te maken bij addenda efficiënt te laten verlopen en onderzoeken of het mogelijk is om de addenda door een vaste contactpersoon bevoegd te laten ondertekenen.
2. De gemeenten zullen zich met het oog op het bepaalde in lid 1 van dit artikel inspannen om één gemeente te mandateren die bevoegd is om namens alle gemeenten de addenda vast te stellen en rechtsgeldig te ondertekenen.
Artikel 5. Geheimhouding
Partijen betrachten vertrouwelijkheid ten aanzien van af te sluiten addenda indien en voor zover dat bij addendum expliciet wordt overeengekomen. In dat geval zullen Partijen de inhoud van dat addendum en de informatie die in dat kader wordt ontvangen van Partijen strikt vertrouwelijk behandelen en zich onthouden van de bekendmaking daarvan aan derden.
Artikel 6. Slotbepalingen
1. Geen van de Partijen is gerechtigd haar rechten en/of verplichtingen uit hoofde van deze overeenkomst geheel of ten dele aan (een) derde(n) over te dragen, zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van de gemeenten.
2. Deze overeenkomst kan slechts worden gewijzigd of aangevuld door middel van een door alle partijen rechtsgeldig ondertekende (onderhandse) akte.
3. Indien een bepaling van deze overeenkomst nietig dan wel onverbindend mocht blijken te zijn, blijven Partijen gebonden aan de overige bepalingen van deze overeenkomst. Partijen verbinden zich om in dat geval de ongeldige bepaling(en) te vervangen door (een) andere, wel geldige bepaling(en), op zodanige wijze dat de nieuwe bepaling(en) zo min mogelijk van de ongeldige bepaling(en) afwijk(t)(en), rekening houdend met het oogmerk en het doel van deze overeenkomst.
5
4. Geschillen welke uit deze overeenkomst mochten voortvloeien worden in eerste instantie tussen de Partijen onderling besproken. Mochten Partijen niet tot elkaar komen dan kan in overleg gekozen worden voor mediation, indien beide Partijen deze vorm van geschilbeslechting wensen.
5. Geheimhouding
genoemd
in
artikel
5
blijft
bestaan
na
einde
van
deze
samenwerkingsovereenkomst.
6. Indien geschillen niet middels de in lid 4 genoemde mogelijkheden zijn beslecht, worden deze uitsluitend voorgelegd aan de bevoegde burgerlijke rechter. Aldus overeengekomen en ondertekend op […...] 2024 te Haarlem,
namens Combikracht ZIJ
namens Hyperionhelpt
namens Planet Young
namens Sparq Jeugdhulp
namens de gemeente Bloemendaal
namens de gemeente Haarlem
namens de gemeente Heemstede
namens de gemeente Zandvoort
namens de gemeente Beverwijk
namens de gemeente Heemskerk
namens de gemeente Velsen
6