CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Voorkeurslocatie Cruquiusbrug voor asielopvang

Gemeenteraad 1 oktober 2026, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 4: Voorkeurslocatie Cruquiusbrug voor asielopvang5.814 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

pagina 1 van 16 Raadsbesluit Onderwerp Voorkeurslocatie Cruquiusbrug voor asielopvang. Kernboodschap De gemeente Heemstede neemt haar verantwoordelijkheid voor de opvang van asielzoekers. Uit onderzoek naar mogelijke opvanglocaties blijkt dat de locatie nabij de Cruquiusbrug het meest geschikt is voor de tijdelijke opvang (vijf jaar, met de mogelijkheid op vijf jaar verlengen) van circa 160 asielzoekers. Het college is voornemens deze locatie als voorkeurslocatie voor te dragen aan het COA. Voordat het college hierover een definitief besluit neemt, krijgt de gemeenteraad de gelegenheid om wensen en bedenkingen mee te geven. Bij de verdere uitwerking van de fysieke en sociale inpassing van de locatie betrekt het college de belangen en aandachtspunten van omwonenden en andere betrokkenen. Hiervoor wordt de participatie gestart. Besluit B&W 1. De locatie nabij de Cruquiusbrug aan te wijzen als voorkeurslocatie voor de realisatie van een tijdelijke opvanglocatie voor circa 160 asielzoekers voor een periode van 5 jaar, met de mogelijkheid tot verlenging van 5 jaar, deze locatie voor te dragen aan het COA en deze locatie op te nemen in het Regionaal plan Kennemerland Opvang asielzoekers; 2.

Een verzoek om tijdelijke ontheffing van het Beschermd Landschap voor de locatie nabij de Cruquiusbrug in te dienen bij de provincie Noord-Holland voor een periode van vijf jaar, met de mogelijkheid om deze periode met vijf jaar te verlengen; 3. In te stemmen met het ‘Participatieplan opvang asielzoekers locatie Cruquiusbrug; 4. De raad te vragen eventuele wensen en bedenkingen aan het college mee te geven. Raadsvergadering : 1 oktober 2026 Zaaknummer : 1388872 Team : Welzijnszaken Heemstede Portefeuillehouder : S.A. Meerhoff-Dekker Openbaarheid : Actief openbaar pagina 2 van 16 Besluit raad De raad van de gemeente Heemstede; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 25 augustus 2026 Besluit: 1. Eventuele wensen en bedenkingen mee te geven aan het college. De raad voornoemd, de griffier, de voorzitter, K. Millenaar F. Binnendijk Wettelijke grondslag Juridisch en beleidskader • | Gemeentewet, in het bijzonder de artikelen 160 en 169, vierde lid; • | Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen (Spreidingswet); • | Raadsbesluit Regionaal conceptplan opvang asielzoekers Kennemerland d.d. 8 juni 2023; • | Motie Draagvlak d.d. 13 juli 2023; • | Collegebesluit Openbaar maken locatieonderzoek asiel en informeren omgeving van potentieel geschikte locaties d.d.

4 maart 2024; • | Nota uitgangspunten en scenario’s voor de opvang van vluchtelingen en huisvesting van statushouders d.d. 27 juni 2024; • | Collegebesluit Regionaal plan opvang asielzoekers Kennemerland 2025 en 2026 d.d. 24 september 2024; • | Aangenomen amendement ‘Voornemen om asiellocaties voor te dragen aan het COA’ d.d. 26 juni 2025 (onderzoek naar duurzame opvanglocaties, inclusief kansrijke locaties binnen het Beschermd Landschap). • | Collegebesluit Definitief besluit opvanglocaties Heemstede d.d. 30 september 2025; • | Capaciteitsraming, provinciale opvangopgave en indicatieve verdeling per gemeente 2026; • | Coalitieakkoord Heemstede 2026–2030; • | Motie Opvang Asielzoekers d.d. 8 juni 2026. Bevoegdheid Het college is op grond van artikel 160 van de Gemeentewet belast met het dagelijks bestuur van de gemeente. Tot deze bevoegdheid behoort ook het nemen van besluiten over de uitvoering van beleid met betrekking tot opvanglocaties, waaronder de uitvoering van de opgave die voortvloeit uit de Spreidingswet. Op grond van artikel 169, vierde lid, van de Gemeentewet stelt het college de gemeenteraad vooraf in de gelegenheid om wensen en bedenkingen kenbaar te maken wanneer een besluit belangrijke gevolgen voor de gemeente en haar inwoners kan hebben. Mocht de planvorming leiden tot een aanvraag voor een omgevingsvergunning, dan heeft de raad bovendien bindend adviesrecht.

Bestuurlijke achtergrond Met de inwerkingtreding van de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen (Spreidingswet) op 1 februari 2024 hebben gemeenten de wettelijke taak gekregen om opvangvoorzieningen voor asielzoekers te realiseren. Op basis van de provinciale capaciteitsraming en de regionale afspraken binnen Kennemerland heeft de gemeente Heemstede een opgave om 172 opvangplekken voor asielzoekers te realiseren per 1 juli 2027 (161 regulier, 11 AMV). pagina 3 van 16 pagina 4 van 16 Heemstede heeft al vóór de inwerkingtreding van de Spreidingswet uitgesproken haar maatschappelijke verantwoordelijkheid te willen nemen voor de opvang van vluchtelingen en de huisvesting van statushouders. In juni 2023 heeft de gemeente samen met de andere gemeenten in de regio Kennemerland ingestemd met het regionaal conceptplan opvang asielzoekers. Als onderdeel daarvan is de locatie Heemsteedse Dreef 156 in gebruik genomen voor de opvang van 16 alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV). Op 27 juni 2024 heeft de raad de Nota uitgangspunten en scenario’s voor de opvang van vluchtelingen en huisvesting van statushouders vastgesteld en het college opdracht gegeven om opvanglocaties van circa 50 binnenstedelijke locaties te onderzoeken.

Naar aanleiding daarvan heeft het college op 4 maart 2025 het besluit ‘Openbaar maken locatieonderzoek asiel en informeren omgeving van potentieel geschikte locaties’ genomen. Dit onderzoek heeft geleid tot een voorstel om twee binnenstedelijke locaties aan het COA voor te dragen, het veld bij SEIN en Binnenweg 160. Tijdens de raadsvergadering van 26 juni 2025 is een amendement aangenomen waarbij is besloten de locaties vooralsnog niet voor te dragen aan het COA en het college op te dragen zo spoedig mogelijk verder onderzoek te doen naar duurzame opvanglocaties, inclusief het identificeren van kansrijke locaties binnen het Beschermd Landschap en ontwikkellocaties. Vervolgens heeft het college aanvullend locatieonderzoek laten uitvoeren door een onafhankelijk onderzoeksbureau. Uitgangspunt is dat een mogelijke opvanglocaties geschikt is voor de opvang van 160 asielzoekers binnen het Beschermd Landschap (BL), met uitzondering van locaties die onderdeel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland. Ook is het locatieonderzoek dat eerder gedaan is in 2024, naar locaties zonder BL-regime geactualiseerd. Op 8 juni 2026 heeft de raad de motie ‘Opvang Asielzoekers’ aangenomen, waarin het college is verzocht de locatie nabij de Cruquiusbrug met spoed te onderzoeken en met de provincie Noord-Holland in gesprek te gaan over een tijdelijke ontheffing van het Beschermd Landschap.

In uitvoering van deze motie is het overleg met de provincie geïntensiveerd en is het locatieonderzoek versneld voortgezet. Het college heeft toen aangegeven al in overleg te zijn met de provincie, zodat enkele voorzieningen voor de bouwkeet die hier langere tijd heeft gestaan, konden blijven liggen. De uitkomsten van het aanvullende locatieonderzoek vormen verdere onderbouwing voor het voorliggende voorstel. Het college stelt de raad in de gelegenheid om wensen en bedenkingen kenbaar te maken over het besluit om de locatie nabij de Cruquiusbrug als voorkeurslocatie voor asielopvang aan het COA voor te dragen. Motivering Uit het aanvullende locatieonderzoek blijkt dat de mogelijkheden om de resterende opvangopgave in Heemstede op een duurzame en uitvoerbare wijze te realiseren zeer beperkt zijn. Veel onderzochte locaties zijn afgevallen vanwege onvoldoende capaciteit, beperkte beschikbaarheid, ruimtelijke beperkingen of andere uitvoeringsbelemmeringen. Het college is daarom van oordeel dat, gelet op de beperkte keuzeruimte, gekozen moet worden pagina 5 van 16 voor een locatie die voldoende schaalgrootte heeft om vrijwel de volledige resterende opvangopgave te kunnen realiseren. Een opvanglocatie van circa 160 plekken maakt het mogelijk de opvang op één locatie professioneel te organiseren, met passende voorzieningen, beheer, beveiliging en begeleiding.

Daarnaast sluit een locatie van deze omvang aan bij de uitvoeringskaders van het COA. Door te kiezen voor één locatie van voldoende omvang wordt voorkomen dat meerdere kleinere opvanglocaties binnen de gemeente moeten worden ontwikkeld en beheerd, wat zowel ruimtelijk als organisatorisch een grotere belasting met zich brengt voor de gemeente, het COA en de omgeving. Uit het verdiepende locatieonderzoek van Sweco komt de locatie nabij de Cruquiusbrug naar voren als een kansrijke locatie voor een tijdelijke opvanglocatie voor circa 160 asielzoekers. Op basis van een integrale afweging van onder meer eigendom, beschikbaarheid, bereikbaarheid, ruimtelijke inpasbaarheid, uitvoerbaarheid en de uitkomst van een eerste onderzoek rondom veiligheid, stelt het college voor deze locatie als voorkeurslocatie voor te dragen aan het COA, voor vijf jaar met de mogelijkheid tot vijf jaar verlenging, voor verdere uitwerking. Met dit voorstel geeft het college invulling aan de motie ‘Opvang Asielzoekers’ die de gemeenteraad op 8 juni 2026 heeft aangenomen. Met deze motie heeft de raad het college verzocht de locatie nabij de Cruquiusbrug met spoed nader te onderzoeken en met de provincie Noord-Holland in gesprek te gaan over de mogelijkheden voor een tijdelijke ontheffing van het Beschermd Landschap.

Het college legt de voorkeurslocatie aan de gemeenteraad voor, zodat de raad zijn wensen en bedenkingen kenbaar kan maken. Na de raadsvergadering wordt de locatie nabij de Cruquiusbrug, met inachtneming van de uitkomsten daarvan, opgenomen in het Regionaal plan Kennemerland Opvang asielzoekers als locatie voor tijdelijke opvang van circa 160 asielzoekers, voor een periode van vijf jaar met de mogelijkheid tot vijf jaar verlenging. Argumenten Heemstede wil verantwoordelijkheid nemen voor de maatschappelijke opvangopgave Het college vindt het belangrijk om bij te dragen aan de maatschappelijke opgave om mensen die bescherming zoeken tegen oorlog en geweld een veilige en humane opvang te bieden. De druk op de opvangketen in Nederland is groot en er is landelijk behoefte aan voldoende en passende opvanglocaties. Als gemeente wil Heemstede hierin haar verantwoordelijkheid nemen en bijdragen aan een duurzame oplossing voor de opvangopgave. Bij het realiseren van opvang staat voor het college niet alleen de opvang zelf centraal, maar ook de wijze waarop deze wordt ingepast in de Heemsteedse samenleving. Het college wil dit zorgvuldig en in verbinding met de omgeving doen, met bijzondere aandacht voor de leefbaarheid en veiligheid van omwonenden en voor inwoners en andere betrokkenen. Ervaringen uit eerdere opvangprocessen worden hierbij betrokken.

De keuze voor een locatie en de verdere uitwerking van de opvang worden daarom benaderd vanuit het uitgangspunt dat goede opvang en een zorgvuldige inpassing in de omgeving hand in hand moeten gaan. pagina 6 van 16 Zelf regie houden op de asielopgave De gemeente Heemstede voldoet op dit moment niet aan haar wettelijke opgave voor het mogelijk maken van asielopvang. Het Rijk heeft in april 2026 opnieuw benadrukt dat de Spreidingswet wordt gehandhaafd en dat gemeenten die niet aan hun wettelijke taak voldoen, hierop worden aangesproken. Het interbestuurlijk toezicht kent daarbij een interventieladder die uiteindelijk kan leiden tot indeplaatsstelling. Door nu zelf een locatie voor te dragen aan het COA en de verdere uitwerking daarvan ter hand te nemen, houdt de gemeente Heemstede de regie over de wijze waarop de opvangopgave binnen de gemeente wordt ingevuld. Daarmee kan de gemeente zelf sturen op de locatie, de ruimtelijke inpassing, de voorwaarden waaronder opvang wordt gerealiseerd en de wijze waarop de omgeving daarbij wordt betrokken. Keuze voor een locatie van voldoende schaalgrootte De resterende opvangopgave van circa 160 reguliere opvangplekken maakt het wenselijk om de opvang op één locatie te concentreren.

Uit eerder onderzoek naar verschillende opvangscenario’s is gebleken dat het bijzonder complex is om deze opgave met meerdere kleinschalige locaties van circa 50 plekken in zijn geheel in te vullen. Hiervoor zijn minimaal drie locaties nodig. Dit leidt tot meerdere afzonderlijke planprocessen, een grotere behoefte aan beheer- en begeleidingscapaciteit en een grotere belasting voor het COA en de gemeente. Hierbij moet het college onder andere rekening houden met: - Het COA hanteert circa 150 plekken als ondergrens voor reguliere opvang. Op kleinere locaties kunnen zij niet alle voorzieningen treffen, die wel wenselijk zijn. - De provincie is terughoudend in het verlenen van ontheffingen voor (tijdelijk) bouwen in Beschermd Landschap. Een aanvraag voor twee locaties in Beschermd Landschap achten we niet kansrijk. Een locatie van circa 160 plekken biedt daarentegen mogelijkheden om beheer, begeleiding, beveiliging en voorzieningen op één locatie doelmatig en professioneel te organiseren. Het beperken van het aantal opvanglocaties draagt daarnaast bij aan de ruimtelijke en organisatorische beheersbaarheid van de opvangopgave en maakt het mogelijk om voorzieningen en begeleiding op één locatie te realiseren. Dit komt de kwaliteit van opvang ten goede.

De eerder door de gemeenteraad besproken kleinschalige locaties in, het terrein van SEIN en Binnenweg 160, die eerder in 2025 niet zijn voorgedragen aan het COA, bieden ieder ruimte aan circa 50 opvangplekken. Deze locaties zijn daarmee afzonderlijk onvoldoende groot om de resterende reguliere opvangopgave van circa 160 plekken substantieel in te vullen. Het college kiest er daarom wederom voor deze locaties op dit moment niet als onderdeel van de oplossing voor de resterende opvangopgave in te zetten. De gemeenteraad heeft eerder bedenkingen geuit tegen het voordragen van deze locaties aan het COA, maar zijn destijds niet definitief afgeschreven. Definitieve besluitvorming over de toekomst van deze locaties vindt plaats na definitieve besluitvorming van een locatie met betrekking tot asielopvang. pagina 7 van 16 Locatieonderzoek Sweco Om de mogelijkheden voor duurzame opvang in Heemstede zorgvuldig in beeld te brengen, heeft de gemeente Sweco gevraagd het eerdere locatieonderzoek uit 2024 te actualiseren. Daarbij is opnieuw gekeken naar binnenstedelijke locaties, waaronder in locaties in ontwikkelgebieden. Ook zijn nu ook locaties binnen het Beschermd Landschap onderzocht. De gewijzigde uitgangspunten, waaronder het uitgangspunt van 160 personen op één locatie en de behoefte aan duurzame opvang voor de langere termijn, zijn daarbij meegenomen.

Het onderzoek heeft het college inzicht gegeven in de mogelijkheden en onmogelijkheden van beschikbare locaties en diende als hulpmiddel om een afweging te maken voor het college. Hieronder volgt een beknopte uiteenzetting van de resultaten van het onderzoek. Binnenstedelijke locaties Veel onderzochte locaties zijn afgevallen vanwege hun beperkte beschikbaarheid of omdat zij op de langere termijn onderdeel zijn van een andere ruimtelijke ontwikkeling. Zo maken verschillende locaties aan de Herenweg en binnen het Manpadslaangebied onderdeel uit van de voorgenomen gebiedsontwikkeling Manpad en zijn zij daarmee niet beschikbaar voor een tijdelijke of duurzame opvanglocatie. Andere locaties zijn niet geschikt bevonden omdat de opvang de bestaande maatschappelijke of recreatieve functie onevenredig zou doorkruisen. Dit geldt bijvoorbeeld voor het terrein aan de Constantijn Huygenslaan, waar realisatie van circa 50 opvangplekken al zou betekenen dat de volledige bestaande speel- en sportvoorziening moet worden ontmanteld. De locaties SEIN en Binnenweg zijn eerder onderzocht als tijdelijke overbruggingslocaties van circa 50 opvangplekken.

De raad heeft in juni 2025 besloten deze locaties vooralsnog niet aan het COA voor te dragen, mede omdat beide locaties ook technisch en ruimtelijk complex zijn voor opvang: bij Binnenweg mede vanwege de verbouwing en inpassing van een monumentaal particulier pand in de centrumomgeving en bij SEIN vanwege de beperkte beschikbare ruimte, bescherming van de maatschappelijke functies en het groen. Daarmee zijn deze locaties niet alleen onvoldoende schaalbaar, maar ook voor een kleinschalige opvangvariant complex inpasbaar. Ook de eigendomssituatie speelt op verschillende locaties een rol: waar een locatie in particulier eigendom is, is de gemeente altijd afhankelijk van medewerking van de eigenaar. Als deze medewerking niet expliciet wordt verleend door een eigenaar, valt een locatie (voorlopig) af. Op basis van de geactualiseerde analyse resteert binnenstedelijk slechts één locatie met potentie voor duurzame opvang: de voormalige afvalwaterzuiveringsinstallatie aan de Cruquiusweg (AWZI). Deze locatie biedt voldoende schaalgrootte en ligt buiten het regime van het Beschermd Landschap, maar is pas over een aantal jaar beschikbaar in verband met aankoop, sloopwerkzaamheden et cetera, terwijl de gemeente al per 1 juli 2027 aan de taakstelling van 172 asielzoekers zou moeten voldoen.

Daarbij maakt het gebied onderdeel uit van het ontwikkelgebied 't Groot Clooster en is daarom ook afhankelijk van de verdere ontwikkelingen van het gebied ‘t Groot Clooster. Locaties in Beschermd Landschap Voor de locaties binnen het Beschermd Landschap heeft Sweco dezelfde door de raad vastgestelde beoordelingscriteria vastgesteld: 1. Beschikbaarheid; 2. Eigendomssituatie; pagina 8 van 16 3. Doorkruising van omgevingsregimes; 4. Doorkruising van de huidige functie; 5. Bereikbaarheid; 6. Aansluiting op nutsvoorzieningen; 7. Ruimtelijke inpasbaarheid; 8. En de ligging ten opzichte van voorzieningen. Ook is onderzocht in hoeverre de provinciale kernkwaliteiten van het Beschermd Landschap op de locaties aanwezig zijn en in welke mate een tijdelijke opvanglocatie daarmee verenigbaar kan zijn. Uit deze analyse blijkt dat slechts een zeer beperkt aantal locaties als realistisch en bespreekbaar met de Provincie kan worden aangemerkt. Van de onderzochte BL-locaties kwamen met name de locatie nabij de Cruquiusbrug (Ringvaart/ketenpark) en de locatie Leidsevaartweg 73 naar voren als locaties met voldoende omvang, een relatief gunstige ruimtelijke ligging, goede bereikbaarheid en mogelijkheden voor aansluiting op bestaande voorzieningen. Veel onderzochte locaties zijn afgevallen omdat zij onvoldoende capaciteit bieden, niet duurzaam beschikbaar zijn, ruimtelijk moeilijk inpasbaar zijn.

Daarnaast heeft het college locaties niet als kansrijk aangemerkt wanneer daar een belangrijke maatschappelijke of recreatieve functie wordt vervuld die het college niet ten behoeve van asielopvang wil doorkruisen. Ook hier kan de eigendomssiuatie een doorslaggevende rol spelen. Ook zijn locaties afgevallen vanwege beperkte bereikbaarheid, onvoldoende mogelijkheden voor aansluiting op nutsvoorzieningen en milieubelemmeringen. Verdiepend onderzoek Sweco Op basis van de resultaten van de eerste locatieonderzoeken, heeft de gemeente Sweco gevraagd om op de locaties AWZI, Leidsevaartweg 73 en de locatie Cruquiusbrug (Ringvaart/ketenpark) een verdiepende analyse uit te voeren. In deze verdiepende onderzoeken zijn de belangrijkste ruimtelijke, milieukundige, ecologische, civieltechnische en planologische aandachtspunten in beeld gebracht. De verdiepende onderzoeken geven een eerste indicatie van de uitvoerbaarheid van de locaties en vormen een belangrijke basis voor de verdere afweging. Het verdiepend onderzoek laat zien dat alle drie onderzochte locaties in beginsel mogelijkheden bieden voor de realisatie van opvang, waarbij per locatie verschillende aandachtspunten en vervolgonderzoeken aan de orde zijn. Leidsevaartweg 73 De locatie Leidsevaartweg 73 is uit het locatieonderzoek naar voren gekomen als een serieuze en kansrijke locatie binnen het Beschermd Landschap.

De locatie heeft waarschijnlijk voldoende omvang voor een opvanglocatie van circa 160 asielzoekers, is enigszins gunstig gelegen ten opzichte van voorzieningen en infrastructuur en biedt mogelijkheden voor een zorgvuldige ruimtelijke inpassing. Daarnaast is van belang dat de kernkwaliteiten van het Beschermd Landschap ter plaatse slechts beperkt aanwezig zijn volgens de analyse van Sweco. Door de bestaande bebouwing, groenstructuren en de voormalige waterinstallatie is de openheid van het landschap op deze locatie reeds gedeeltelijk onderbroken, waardoor de locatie in de provinciale analyse als relatief kansrijk en pagina 9 van 16 bespreekbaar met de provincie is aangemerkt. Tegelijkertijd kent de locatie meerdere belangrijke aandachtspunten. De locatie is eigendom van de gemeente Amsterdam, waardoor realisatie afhankelijk is van bestuurlijke afstemming en overeenstemming met een andere overheid. Hierdoor heeft de gemeente Heemstede minder directe regie op het proces en de planning. Daarnaast is het perceel relatief klein, smal en langgerekt. Dit stelt beperkingen aan de mogelijkheden om de opvanglocatie ruimtelijk goed in te passen en maakt ook de verkeerskundige ontsluiting en de toegang voor hulpdiensten complexer.

Er moet binnen de beperkte ruimte voldoende rekening worden gehouden met verkeersbewegingen, voetgangers, parkeren en een veilige en goed bereikbare route voor hulpdiensten. Het verdiepende ruimtelijke onderzoek brengt daarnaast enkele aanvullende aandachtspunten naar voren, waaronder de stikstofproblematiek. Deze kan gevolgen hebben voor de haalbaarheid en planning van de ontwikkeling en vraagt daarom om nadere beoordeling. Uit het eerste onderzoek naar sociale veiligheid blijkt aanvullend dat de locatie vanuit sociaal veiligheidsperspectief weliswaar sterke punten heeft – zoals de ligging nabij woningen, zichtrelaties met de woonwijk, bestaande verlichting en de bereikbaarheid via bestaande fiets- en wegverbindingen – maar dat met name de verkeersveiligheid aandacht vraagt. Voorzieningen zoals winkels en het station Heemstede-Aerdenhout zijn vanaf deze locatie aan de Leidsevaartweg in de huidige situatie minder verkeersveilig te bereiken. Toekomstige bewoners zullen deze weg daardoor naar verwachting regelmatig te voet moeten oversteken, terwijl de huidige inrichting onvoldoende is afgestemd op deze voetgangersstromen. Een veilige oversteekplaats, extra voetgangersvoorzieningen langs de Leidsevaartweg, voldoende verlichting en een zorgvuldig ingerichte centrale entree zijn daarom belangrijke randvoorwaarden.

Daarmee vraagt deze locatie om relatief ingrijpende maatregelen voordat een veilige en goed functionerende opvanglocatie kan worden gerealiseerd. De haalbaarheid en uitvoerbaarheid van deze maatregelen moeten bovendien nog nader worden vastgesteld. AWZI De AWZI-locatie is in de actualisatie van het locatieonderzoek door Sweco aangemerkt als de meest kansrijke binnenstedelijke locatie voor duurzame opvang op langere termijn. De voormalige afvalwaterzuiveringsinstallatie is inmiddels buiten gebruik, waardoor de huidige functie geen belemmering meer vormt voor herontwikkeling. De locatie biedt voldoende ruimte voor een opvanglocatie van circa 160 asielzoekers, ligt in een groene omgeving en bevindt zich op relatief korte afstand van voorzieningen zoals openbaar vervoer, winkels en andere maatschappelijke functies. Na verwerving van de locatie door de gemeente kan bovendien een hoge mate van regie worden gehouden op de ontwikkeling en het beheer van de locatie. Tegelijkertijd kent de locatie een aantal aandachtspunten. De ontsluiting van het terrein is relatief smal en vraagt verkeerskundige aanpassingen. Daarnaast maakt de locatie onderdeel uit van de gebiedsontwikkeling ’t Groot Clooster, en is mede afhankelijk van de ontwikkelingen in dat gebied. pagina 10 van 16 Het belangrijkste bezwaar op dit moment is echter de beschikbaarheid op korte termijn.

Gezien de doorlooptijd van de gebiedsontwikkeling, de benodigde procedures en de verwerving van de locatie is realisatie van een opvanglocatie op deze locatie naar verwachting pas over enkele jaren mogelijk. Daarmee kan de AWZI-locatie geen tijdige bijdrage leveren aan de huidige opvangopgave van de gemeente Heemstede en de termijnen die voortvloeien uit de Spreidingswet en de regionale afspraken. Om die reden wordt de AWZI-locatie, ondanks de goede ruimtelijke en functionele kwaliteiten, op dit moment niet als voorkeurslocatie aangemerkt voor de opvang van circa 160 asielzoekers. De locatie biedt daarmee met name perspectief als een structurele oplossing voor op de langere termijn en zou op dat moment voor tien jaar ingezet kunnen worden als opvanglocatie. Cruquiusbrug De locatie nabij de Cruquiusbrug is uit het locatieonderzoek naar voren gekomen als kansrijke locatie voor de realisatie van een tijdelijke opvanglocatie voor circa 160 asielzoekers. De locatie biedt voldoende ruimte voor een opvanglocatie van deze omvang, ligt in een groene omgeving en bevindt zich op relatief korte afstand van voorzieningen, openbaar vervoer en maatschappelijke functies. Hierdoor bestaan goede mogelijkheden om de opvanglocatie ruimtelijk en functioneel zorgvuldig in te passen. Tegelijkertijd kent ook deze locatie belangrijke aandachtspunten.

De locatie ligt binnen het Beschermd Landschap, waardoor een tijdelijke ontheffing van de provincie Noord-Holland noodzakelijk is. Daarnaast zijn voor de verdere ontwikkeling een planologische procedure, verkeerskundige uitwerking en aanvullende onderzoeken nodig naar onder meer veiligheid, leefbaarheid, verkeer, flora en fauna en de inrichting van de openbare ruimte. Ook vraagt de ligging nabij onder andere de woonwijk, Oude Slot, woonwagenlocatie en het sportpark om zorgvuldige afstemming met gebruikers van het gebied en omwonenden. Eerste onderzoeken naar mobiliteit en sociale veiligheid De eerste onderzoeken naar onder meer verkeersveiligheid en veiligheid bevestigen dat de locatie met oog voor bepaalde aandachtspunten gerealiseerd kan worden. De eerste bevindingen bieden daarmee voldoende perspectief om de locatie verder uit te werken, waarbij de genoemde aandachtspunten in de vervolgfase nader worden uitgewerkt. De wijze waarop dit gebeurt, is opgenomen in het participatieplan. Verkeerssituatie en ontsluiting Voor de locatie nabij de Cruquiusbrug is een eerste verkeerskundige verkenning uitgevoerd naar de bereikbaarheid en de mogelijkheden voor een veilige ontsluiting van de opvanglocatie. Uit deze verkenning komt naar voren dat ontsluiting van de locatie mogelijk lijkt.

De verkenning geeft op hoofdlijnen inzicht in de verkeerskundige aandachtspunten en mogelijke oplossingsrichtingen, maar vormt nog geen definitieve beoordeling van de verkeerskundige inpasbaarheid. Ontsluiting van gemotoriseerd verkeer in zuidelijke richting van de locatie, richting de ringvaartlaan, wordt het meest wenselijk geacht vanuit verkeerskundig perspectief. Deze variant wordt door het college als uitgangspunt genomen voor verdere uitwerking. Sociale veiligheid pagina 11 van 16 Voor de locatie nabij de Cruquiusbrug is tevens een eerste onderzoek uitgevoerd naar de sociale veiligheid in de huidige situatie rondom de locatie. Het onderzoek geeft inzicht in de huidige situatie en vormt een eerste basis voor de verdere uitwerking van de locatie. Het vormt daarmee nog geen integrale beoordeling van de sociale veiligheid en leefbaarheid bij een toekomstige opvanglocatie. In de volgende fase is daarom een verdere verkenning nodig van de sociale veiligheid en leefbaarheid in en rondom de locatie in relatie tot de beoogde opvang. Daarbij worden onder meer de inrichting en het gebruik van het gebouw en het omliggende terrein, de wijze waarop de locatie wordt ontsloten en beheerd en de invloed hiervan op de leefbaarheid betrokken. De ervaringen, zorgen en aandachtspunten van omwonenden zijn hierbij van groot belang.

Deze worden in het verdere participatieproces opgehaald en betrokken bij de uitwerking van de locatie en de te treffen maatregelen. Reeds doorkruiste functie van het Beschermd Landschap Ten opzichte van andere onderzochte locaties binnen het Beschermd Landschap is de locatie nabij de Cruquiusbrug extra kansrijk, omdat hier al sprake is van een bestaande ruimtelijke ingreep. De locatie is de afgelopen jaren door de provincie Noord-Holland tijdelijk gebruikt als ketenpark en werkterrein ten behoeve van de renovatie van de Cruquiusbrug. Hierdoor is de locatie reeds eerder tijdelijk ingericht en gebruikt voor een infrastructurele functie, waardoor de ruimtelijke impact beperkter is dan op meer ongerepte locaties binnen het Beschermd Landschap. De gemeente heeft de provincie Noord-Holland verzocht om een deel van deze voorzieningen te kunnen behouden en te benutten voor de ontwikkeling van een tijdelijke opvanglocatie. Kiezen voorkeurslocatie De locatie nabij de Cruquiusbrug biedt, alles afwegend, de beste combinatie van ruimte, bereikbaarheid, gemeentelijk eigendom en uitvoerbaarheid op korte termijn. Daarbij gaat het om een reeds ruimtelijk aangetaste locatie binnen het Beschermd Landschap, waardoor geen nieuwe aantasting van een ongerept gebied nodig is.

Met circa 160 opvangplaatsen kan hier bovendien op relatief korte termijn een realiseerbaar plan worden ontwikkeld voor de resterende opvangopgave. Met het bijgevoegde participatieplan kan de gemeente ook invulling geven aan goede fysieke en sociale inpassing, en kunnen wensen en vragen van omwonenden en andere betrokkenen mee worden genomen. Zo werken we samen aan menselijke opvang voor mensen in nood in zo goed mogelijke samenwerking met de buurt. Kanttekeningen, risico’s en beheersmaatregelen Maatschappelijke impact De realisatie van een opvanglocatie voor circa 160 mensen heeft impact op de omgeving. Het college vindt het daarom van groot belang om inwoners, omwonenden en andere betrokkenen zorgvuldig en tijdig bij het verdere proces te betrekken. Een eerste informatiebijeenkomst over de mogelijke locatie heeft plaatsgevonden op 30 juni 2026. Daarbij zijn eerste reacties, zorgen en aandachtspunten uit de omgeving opgehaald. Deze eerste reacties worden betrokken bij de verdere uitwerking van het proces. pagina 12 van 16 Het college wil de omgeving ook in het vervolg nadrukkelijk blijven betrekken. Hiervoor is een participatieplan opgesteld, waarin wordt beschreven op welke momenten en op welke wijze inwoners, omwonenden en andere betrokkenen worden geïnformeerd en betrokken bij de verdere uitwerking van de opvanglocatie.

Het participatieplan wordt/is vastgesteld door het college en is als bijlage bij dit voorstel opgenomen. Omwonenden aan de andere kant van de ringvaart (grondgebied gemeente Haarlemmermeer) worden hierin ook meegenomen. Verdere planvorming Het voordragen van de locatie nabij de Cruquiusbrug als voorkeurslocatie aan het COA betekent niet dat de realisatie van een opvanglocatie op deze locatie definitief is. Voor de verdere ontwikkeling moeten nog verschillende voorwaarden worden ingevuld. Het gaat onder meer om: • De haalbaarheid van de businesscase van het COA; • Overeenstemming met het COA over de bestuursovereenkomst; • Het verkrijgen van de tijdelijke ontheffing Beschermd Landschap van de provincie Noord- Holland; • De uitkomst van nader technisch, ruimtelijk en milieukundig onderzoek; • Het succesvol doorlopen van de benodigde planologische procedure in relatie tot de omgevingsvergunning; • Het verkrijgen van de benodigde vergunningen; • Afspraken over beheer, veiligheid, bereikbaarheid en inrichting. Als blijkt dat niet aan deze voorwaarden kan worden voldaan, kan dit ertoe leiden dat de locatie niet als opvanglocatie kan worden gerealiseerd. Tijdelijke ontheffing Beschermd Landschap De locatie nabij de Cruquiusbrug ligt binnen het Beschermd Landschap.

Voor het realiseren van een tijdelijke opvanglocatie is een tijdelijke ontheffing van de provincie Noord-Holland noodzakelijk. De provincie hanteert hiervoor een ‘nee, tenzij’-beleid, waarbij zorgvuldig wordt beoordeeld of de kernkwaliteiten van het Beschermd Landschap voldoende worden beschermd. De gemeente heeft de afgelopen periode intensief overleg gevoerd met de Provincie over de kansrijkheid van de locatie en dient parallel aan de besluitvorming van deze locatie een verzoek om tijdelijke ontheffing in. De locatie is eerder door de provincie gebruikt als tijdelijk ketenpark en werkterrein ten behoeve van de renovatie van de Cruquiusbrug, waardoor reeds tijdelijke voorzieningen aanwezig zijn. Dit vormt een relevant gegeven in de provinciale afweging, maar biedt zeker geen garantie dat de ontheffing wordt verleend. Ruimtelijke inpasbaarheid De opvanglocatie past niet binnen het geldende omgevingsplan. Voor de realisatie van de opvanglocatie is daarom een planologische procedure noodzakelijk. Hiervoor zal een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) moeten worden aangevraagd. Het college is hiervoor bevoegd gezag. Op grond van het door de gemeenteraad aangewezen bindend adviesrecht zal de raad in deze procedure om advies worden gevraagd.

In het kader van deze procedure worden onder meer aanvullende onderzoeken uitgevoerd naar flora en fauna, geluid, verkeer, waterhuishouding en overige ruimtelijke en milieutechnische aspecten. De pagina 13 van 16 uitkomsten van deze onderzoeken kunnen leiden tot aanvullende voorwaarden of aanpassingen in de inrichting van de locatie. Planning en haalbaarheid taakstelling Gelet op de urgentie van de opvangopgave acht het college het noodzakelijk om de procedures voortvarend voort te zetten en tegelijkertijd de verdere voorbereiding van de voorkeurslocatie ter hand te nemen. Dit betreft onder meer het participatieproces met omwonenden en andere betrokkenen, onderzoek naar sociale cohesie en sociale veiligheid, verkeerskundige onderzoeken en de onderzoeken die nodig zijn voor de omgevingsvergunning, zoals flora- en faunaonderzoek. Door deze werkzaamheden zoveel mogelijk parallel uit te voeren, wordt onnodige vertraging in het verdere proces voorkomen. Toch is nog onzeker wanneer een locatie operationeel kan zijn. Dit is van te veel (externe) factoren afhankelijk om nu met zekerheid te zeggen.

Duurzaamheid Eventuele duurzaamheidsaspecten, zoals energievoorziening, circulariteit, materiaalgebruik en klimaat adaptieve inrichting van de locatie, worden betrokken bij de verdere uitwerking van de opvanglocatie indien wordt besloten de locatie nabij de Cruquiusbrug aan het COA voor te dragen. De gemeente zal bij het COA nadrukkelijk aandacht vragen voor deze duurzaamheidsaspecten en erop aandringen dat deze worden meegenomen bij de verdere uitwerking en realisatie van de opvanglocatie. Financiën Het besluit om de locatie nabij de Cruquiusbrug als voorkeurslocatie voor te dragen aan het COA heeft op dit moment beperkte financiële consequenties. De kosten voor de bouw en het beheer van de opvanglocatie komen voor rekening van het COA. Wel heeft de gemeente de provincie Noord-Holland verzocht de tijdelijke voorzieningen die ten behoeve van de renovatie van de Cruquiusbrug op de locatie zijn aangebracht, voorlopig in stand te laten. Hiermee heeft de gemeente een financieel risico aanvaard, omdat kosten kunnen ontstaan als de locatie uiteindelijk niet voor opvang wordt gebruikt of wanneer voorzieningen alsnog moeten worden verwijderd of aangepast. Op basis van de huidige inschatting bedraagt dit risico naar verwachting tussen de €50.000 en €100.000.

De definitieve omvang is afhankelijk van de wijze waarop de locatie verder wordt ontwikkeld en de eventuele aanpassingen die noodzakelijk zijn. Eventuele planschade of nadeelcompensatie kan pas aan de orde zijn indien sprake is van een planologische maatregel die leidt tot schade voor belanghebbenden. Op aanvraag kan worden beoordeeld of recht bestaat op nadeelcompensatie. pagina 14 van 16 Samenwerking en communicatie De voorbereiding van dit voorstel heeft plaatsgevonden in samenwerking met diverse interne en externe partijen. Gedurende het locatieonderzoek is intensief afgestemd met de provincie Noord- Holland over de mogelijkheden voor een tijdelijke opvanglocatie binnen het Beschermd Landschap. Ook is gedurende het onderzoek contact onderhouden met het COA over de uitvoerbaarheid en randvoorwaarden van een opvanglocatie op deze schaal. Mede omdat er vlak voor de zomervakantie door de gemeenteraad een motie over deze locatie is aangenomen, heeft de gemeente ervoor gekozen om de meest directe omgeving voortijdig te informeren over het locatieonderzoek en de mogelijke geschiktheid van de locatie nabij de Cruquiusbrug. Direct omwonenden zijn hierover per brief geïnformeerd en uitgenodigd voor een informele inloopbijeenkomst op 30 juni 2026, waarin eerste zorgen, vragen en aandachtspunten zijn opgehaald.

Participatieplan Het participatieplan is opgesteld binnen de kaders van het door de gemeenteraad vastgestelde participatiebeleid. Daarbij is tevens invulling gegeven aan de motie Werken aan draagvlak. Met dit voorlopige besluit start een nieuwe fase. De gemeente hecht grote waarde aan een zorgvuldig, transparant en doorlopend participatie- en communicatieproces met de omgeving. Daarbij zijn de ervaringen uit eerdere processen rondom asielopvang bewust benut. De gemeente heeft een externe partij met expertise op het gebied van bewonersparticipatie gevraagd gesprekken te voeren met inwoners die bij eerdere opvangtrajecten betrokken zijn geweest. Op basis hiervan heeft het bureau aanbevelingen gedaan voor de wijze waarop de gemeente de omgeving kan informeren, betrekken en in gesprek kan blijven tijdens de verdere uitwerking van de locatie. Deze aanbevelingen zijn verwerkt in het participatieplan voor de locatie nabij de Cruquiusbrug. Het college stelt dit participatieplan vast; het plan is als bijlage bij dit voorstel opgenomen. Na het voordragen van de voorkeurslocatie start een breed participatietraject met omwonenden en andere betrokkenen. De participatie richt zich op de verdere uitwerking en inpassing van de opvanglocatie, waaronder veiligheid, leefbaarheid, verkeer, groen, verlichting, communicatie en de verbinding met de buurt.

De keuze voor de locatie, het aantal opvangplaatsen (circa 160) en de doelgroep staan daarbij niet ter discussie. In dit traject worden onder meer werkgroepen met omwonenden ingericht. De werkgroepen bieden gedurende de verdere uitwerking ruimte om ervaringen, vragen en ideeën uit de omgeving te bespreken en waar mogelijk te vertalen naar de inrichting, het beheer en de wijze waarop de locatie in de omgeving wordt ingepast. De werkgroepen vormen geen eindpunt van het participatieproces. Na het sluiten van de bestuursovereenkomst met het COA worden de werkgroepen voortgezet in de vorm van een structureel omwonendenoverleg. Daarmee blijft er ook tijdens de realisatie en exploitatie van de opvanglocatie een vast moment waarop de gemeente, het COA en omwonenden met elkaar in gesprek blijven en signalen uit de omgeving kunnen worden besproken. pagina 15 van 16 Naast de fysieke bijeenkomsten blijft de gemeente gedurende het gehele proces actief communiceren via onder meer de gemeentelijke website, de gemeentepagina van de Heemsteder, een digitale nieuwsbrief voor omwonenden en belanghebbenden en bewonersbrieven. De Flexwonen mailbox blijft het centrale contactpunt voor vragen en signalen.

Het participatie- en communicatieproces loopt door tijdens de voorbereiding, realisatie en exploitatie van de opvanglocatie, zodat signalen uit de omgeving structureel kunnen worden betrokken bij het beheer en de evaluatie van de locatie. Planning/uitvoering De raad wordt gedurende het verdere proces periodiek, in ieder geval ieder kwartaal, geïnformeerd over de voortgang. De in deze planning opgenomen termijnen zijn indicatief. De planning is mede afhankelijk van verschillende besluitvormings-, vergunning- en uitvoeringsprocessen en van de voortgang en besluitvorming bij betrokken partijen, waaronder onder andere het COA en de provincie Noord-Holland. Hierdoor kunnen de genoemde momenten gedurende het proces nog wijzigen. Bijlagen 1. Rapportage – Locatieonderzoek Heemstede voor de opvang van asielzoekers: vervolg locaties in Beschermd Landschap d.d. 26 juli 2026 - Sweco Fase & Besluitvorming Sep Okt Nov Dec Jan Feb Ma Apr Mei Jun Jul Aug Informatieavonden Zienswijze Commissie Samenleving Bewonersbijeenkomsten Zienswijze Raad Ontheffingsbesluit Provinciale Staten Definitief besluit college B&W Besluit omgevingsvergunning B&W Aangaan bestuursovereenkomst & huur of gebruikersovereenkomst t.b.v.

de grond Start bouw/inrichting Ingebruikname locatie Q1 2028 Paticipatiemomenten Brede bijeenkomsten Bewoners- groepen Brede bijeenkomst + bewoners- groepen Bewoners- groepen Brede bijeenkomst Overgang > omwonenden- overleg pagina 16 van 16 2. Locatie analyse 8 criteria – longlist BL-locaties d.d. 26 juli 2026 – Sweco 3. Oplegnotitie 2026 bij de Rapportage Locatieonderzoek Heemstede voor de opvang asielzoekers (2024) – Sweco 4. Analyse BL - Quickscan analyse kernkwaliteiten BL - potentiële locaties opvang van asielzoekers Heemstede – Sweco 5. Analyse milieu- en omgevingsaspecten locatie AWZI – Sweco 6. Analyse milieu- en omgevingsaspecten locatie Leidsevaartweg 73 – Sweco 7. Analyse milieu- en omgevingsaspecten locatie Cruquiusbrug Ringvaart/Ketenpark – Sweco 8. Mal 170 opvangplekken – Sweco 9. Participatieplan opvang asielzoekers locatie Cruquiusbrug 10. Verkeerskundig onderzoek opvanglocatie - Iv-Infra b.v 11. Eerste fase onderzoek sociale veiligheid – DSP-groep

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/3260/documents/47333