NAGEZONDEN Was-wordt tabel Treasurystatuut 2024.pdf
Tekst van het document
Bijlage 2 Was/Wordt tabel Treasurystatuut 2024 Was Artikel 2 Doelstellingen De treasuryfunctie van de gemeente dient tot: 1. Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities. 2. Het beschermen van gemeentelijke vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële 3. risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s. 4. Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de 5. geldstromen en financiële posities. 6. Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van dit statuut.
Wordt Artikel 2 Doelstelling 1. De treasuryfunctie van de gemeente dient tot: 2. Het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van overtollige gelden met als doel het uitvoeren van de programma’s vinnen de door de gemeenteraad vastgestelde kaders van de begroting. 3. Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities. 4. Het beschermen van gemeentelijke vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s. 5. Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities. 6. Het op optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van dit statuut, waarbij uitsluitend de publieke taak wordt gediend en professioneel en verantwoord wordt geopereerd. 7. Waarborgen dat de taken en verantwoordelijkheden van de treasuryfunctie duidelijk worden geregeld. Artikel 3 Wet- en regelgeving voor de treasury activiteiten 1. De Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en de bijbehorende ministeriele regelingen geven het bindende kader voor de uitoefening van de treasuryfunctie van gemeenten.
De onderliggende regelingen zijn: • Besluit leningsvoorwaarden decentrale overheden (Bldo) • Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden (Ufdo) • Regeling schatkistbankieren decentrale overheden (Skb) 2. De uitoefening van de treasuryactiviteiten van de gemeente Heemstede staat beschreven in dit treasurystatuut en dient minimaal te voldoen aan het wettelijk bindende kader, zoals beschreven in het eerste lid.
Artikel 3 Uitgangspunten risicobeheer Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten: 1. De gemeente mag leningen of garanties uit hoofde van de ‘publieke taak’ uitsluitend verstrekken aan door de gemeenteraad goedgekeurde derde partijen, waarbij vooraf advies van de afdeling Financiën wordt ingewonnen over de financiële positie en de kredietwaardigheid van de betreffende partij. 2. De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet zijn gericht op het genereren van inkomen door het lopen van overmatig risico. Het prudente karakter van deze uitzettingen wordt gewaarborgd middels de richtlijnen en limieten van dit treasurystatuut; 3. Het gebruik van derivaten is niet toegestaan.
Artikel 4 Uitgangspunten risicobeheer Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten: 1. De gemeente mag leningen of garanties uit hoofde van de ‘publieke taak’ uitsluitend verstrekken aan door de gemeenteraad goedgekeurde derde partijen, waarbij vooraf advies bij de afdeling Financiën wordt ingewonnen over de financiële positie en de kredietwaardigheid van de betreffende partij. 2. De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet zijn gericht op het genereren van inkomen door het lopen van overmatig risico. Het prudente karakter van deze uitzettingen wordt gewaarborgd door middel van de richtlijnen en limieten van dit treasurystatuut. 3. Het gebruik van derivaten is niet toegestaan.
Artikel 5 Koersrisicobeheer 1. De gemeente beperkt de koersrisico’s op uitzettingen, uit hoofde van treasury, door overtollig liquide middelen alleen nog uit te zetten bij de schatkist van het Rijk. Daarbij wordt uitsluitend gebruik gemaakt van de volgende producten: rekening-courant en deposito’s; 2. Tevens beperkt de gemeente de koersrisico’s door conform artikel 7 de looptijd van de uitzettingen af te stemmen op de liquiditeitenplanning.
Artikel 5 Renterisicobeheer Voor het renterisicobeheer gelden de volgende uitgangspunten: 1. De kasgeldlimiet wordt, conform de Wet fido, niet meer dan drie achtereenvolgende kwartalen overschreden. 2. De renterisiconorm wordt niet overschreden conform de Wet fido. 3. Nieuwe aan te trekken leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning. 4. Om renterisico’s te beperken en het renteresultaat te optimaliseren wordt het aantrekken van externe financieringsmiddelen zoveel mogelijk beperkt; primair worden de beschikbare interne financieringsmiddelen gebruikt. 5. De gemeente Heemstede baseert haar rentevisie op het economisch beeld van de Bank Nederlandse Gemeenten. Deze rubriek is samengesteld op basis van gegevens die ontleend zijn aan bronnen die de Bank Nederlandse Gemeenten betrouwbaar acht. 6. De gemeente streeft naar spreiding in de rente typische looptijden van uitzettingen.
Artikel 5 Koersrisicobeheer 1. De gemeente beperkt de koersrisico’s op uitzettingen, uit hoofde van treasury, door overtollige liquide middelen alleen nog uit te zetten bij de schatkist van het Rijk. Daarbij wordt uitsluitend gebruik gemaakt van de volgende producten: rekeningcourant en deposito’s;
Artikel 6 Koersrisicobeheer Voor koersrisicobeheer gelden de volgende uitgangspunten: 1. De gemeente beperkt de koersrisico’s op uitzettingen uit hoofde van treasury, door daarbij uitsluitend de volgende producten te hanteren: - Vastrentende waarden;
2.
-
Tevens beperkt de gemeente de koersrisico’s door conform artikel 7 de looptijd van de uitzettingen af te stemmen op de liquiditeitenplanning
2.
3.
Producten waarbij de hoofdsom aan het einde van de looptijd gegarandeerd is. Bij het aangaan van een garantieproduct is op voorhand duidelijk wat de kosten zijn van het voortijdig beëindigen van het contract. Aandelen worden alleen aangekocht in het kader van de uitoefening van de publieke taak. Tevens beperkt de gemeente de koersrisico’s door conform artikel 8 de looptijd van de uitzettingen af te stemmen op de liquiditeitenplanning.
Artikel 6 Kredietrisicobeheer Bij het verstrekken van leningen uit hoofde van de publieke taak worden indien mogelijk zekerheden of garanties geëist.
Artikel 7 Kredietrisicobeheer Voor kredietrisicobeheer (of debiteurenbeheer) geldt het volgende uitgangspunt: 1. De gemeente verstrekt in beginsel geen leningen aan derden. Bij uitzondering kan de gemeente toch besluiten tot het verstrekken van leningen aan derden uit hoofde van de publieke taak; 2. Er vindt een beoordeling plaats van de betreffende businesscase, de financiële positie en kredietwaardigheid van de betreffende partij en worden, indien mogelijk, zekerheden of garanties geëist en worden de wetgeving en richtlijnen inzake staatssteun in acht genomen.
Artikel 7 Intern liquiditeitsrisicobeheer De gemeente beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasuryactiviteiten te baseren op een korte termijn liquiditeitenplanning (looptijd tot één jaar), alsmede een meerjarige liquiditeitenplanning met een looptijd van minimaal twee jaar.
Artikel 8 Intern liquiditeitsrisicobeheer
Artikel 8 Valutarisicobeheer Valutarisico’s worden in de gemeente uitgesloten door uitsluitend leningen te verstrekken, aan te gaan of te garanderen in de euro.
Artikel 9 Financiering
1.
De gemeente beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasuryactiviteiten te baseren op een korte termijn liquiditeitenplanning (looptijd tot één jaar), alsmede een meerjaren liquiditeitenplanning met een looptijd van minimaal twee jaar. 2. De meerjaren liquiditeitsplanning wordt ten minste één keer per jaar, bij het opstellen van de begroting en de meerjarenraming, geactualiseerd. 3. De voorziene financieringsbehoefte maakt onderdeel uit van de paragraaf financiering van de begroting. Artikel 9 Valutarisicobeheer 1. Valutarisico’s worden in de gemeente uitgesloten door uitsluitend leningen te verstrekken, aan te gaan of te garanderen in de Nederlandse geldeenheid (euro). 2. Het betalingsverkeer vindt alleen plaats in de Nederlandse geldeenheid (euro). Artikel 10 Financiering
Bij het aantrekken van financieringen voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten: 1. Financieringen worden enkel aangetrokken ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak; 2. Financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) te gebruiken teneinde het renteresultaat te optimaliseren; 3. Het aangaan van een onderhandse lening is het enige toegestane instrument bij het aantrekken van externe financiële middelen; 4. De gemeente vraagt offertes op bij minimaal twee instellingen alvorens een financiering wordt aangetrokken. De (telefonische) offertes worden intern schriftelijk vastgelegd. In ieder geval wordt een offerte bij de huisbankier (BNG) opgevraagd.
Bij het aantrekken van financieringen voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten: 1. Financieringen worden enkel aangetrokken ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak; 2. Financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) te gebruiken teneinde het renteresultaat te optimaliseren; 3. Het aangaan van een onderhandse lening is het enige toegestane instrument bij het aantrekken van externe financiële middelen; 4. De gemeente vraagt offertes op bij minimaal twee instellingen alvorens een: a. financiering wordt aangetrokken. De (telefonische) offertes worden intern schriftelijk vastgelegd. b. In ieder geval wordt een offerte bij de huisbankier (BNG) opgevraagd. 5. Inzake het eigen vermogen en de voorzieningen wordt geen rentevergoeding berekend.
Artikel 10 Langlopende uitzettingen Uitzettingen van overtollige liquide middelen (boven het drempelbedrag), uit hoofde van treasury, vinden – door de invoering van het schatkistbankieren- uitsluitend plaats in de schatkist van het Rijk.
Artikel 11 Langlopende uitzettingen Bij het uitzetten van middelen uit hoofde van de treasuryfunctie voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten: 1. Uitzettingen worden uitsluitend gedaan onder de in artikel 5, 6 en 7genoemde voorwaarden; 2. De gemeente vraagt offertes op bij minimaal twee instellingen alvorens een a. financiering wordt uitgezet. De (telefonische) offertes worden intern schriftelijk vastgelegd. In ieder geval wordt een offerte bij de huisbankier (BNG) opgevraagd.
Artikel 11 Relatiebeheer De gemeente beoogt het realiseren van gunstige c.q. marktconforme condities voor af te nemen financiële diensten. Hiervoor gelden de volgende uitgangspunten: 1. Financiële instellingen (kredietinstellingen, beleggingsinstellingen, effecteninstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen) dienen onder Nederlands of anderszins EERtoezicht te vallen, zoals De Nederlandse Bank en de Verzekeringskamer;
Artikel 12 Relatiebeheer De gemeente beoogt het realiseren van gunstige c.q. marktconforme condities voor af te nemen financiële diensten. Hiervoor gelden de volgende uitgangspunten: 1. Bankrelaties dienen wat betreft hun kredietwaardigheid minimaal te voldoen aan de eisen die zijn gesteld in artikel 6; 2. Financiële instellingen (kredietinstellingen, beleggingsinstellingen, effecteninstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen) dienen onder Nederlands of anderszins EER-
2.
3.
Financiële instellingen dienen wat betreft hun kredietwaardigheid tenminste een Arating te hebben; Tussenpersonen dienen geregistreerd te staan bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en daarvan een vergunning als makelaar te hebben ontvangen.
Artikel 12 Geldstromenbeheer Teneinde de kosten van het geldstromenbeheer te beperken wordt: 1. Het liquiditeitsgebruik beperkt door de geldstromen op gemeenteniveau op elkaar en de liquiditeitenplanning af te stemmen. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie voldoende is om te garanderen dat de verplichtingen tijdig worden nagekomen. 2. Het betalingsverkeer zoveel mogelijk elektronisch uitgevoerd binnen één bank.
3.
4.
toezicht1 te vallen, zoals De Nederlandse Bank en de Verzekeringskamer. Tussenpersonen dienen geregistreerd te staan bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en daarvan een vergunning als makelaar te hebben ontvangen. Overeenkomsten met financiële instellingen of kredietverstrekkers moeten worden opgesteld volgens het Nederlands recht.
Artikel 13 Geldstromenbeheer 1. De geldstromen (inkomsten en uitgaven) op gemeenteniveau zo veel mogelijk op elkaar af te stemmen. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie altijd voldoende is om te garanderen dat de gemeentelijke betalingsverplichtingen tijdig en volledig kunnen worden nagekomen; 2. De gemeente Heemstede voert het betalingsverkeer zoveel mogelijk elektronisch uit via één bank en beperkt zoveel mogelijk contante geldstromen. Artikel 14 Rekeningbeheer 1. Het aantal bankrekeningen en het aantal bankrelaties voor rekeningbeheer wordt tot een minimum beperkt. 2. Daar waar mogelijk zijn de bankrekeningen per bankrelatie ondergebracht in een compensabel stelsel. Hierbij zijn de debet- en creditsaldi van alle rekeningen samengevoegd tot één gecombineerd saldo. De bankrelatie berekent de te betalen/ontvangen rente over dit gecombineerde saldo. 3. De rekeningvoorwaarden, waaronder de rentetarieven, kredietfaciliteit en indien van toepassing de provisie, zijn tegen zo gunstig mogelijke voorwaarden schriftelijk overeengekomen met de bankrelaties. 4. De bankrekeningen die primair gebruikt worden en dagelijks saldi hebben van materieel belang zijn gekoppeld aan een tussenrekening die speciaal is ingericht voor het schatkistbankieren. De tussenrekening is gekoppeld aan een rekening-courant van de gemeente bij de schatkist.
Artikel 13 Saldo- en liquiditeitenbeheer Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen:
1
Artikel 15 Saldo- en liquiditeitenbeheer Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen:
Onder de Europese Economische Ruimte (EER) vallen naast de lidstaten van de Europese Unie ook Noorwegen, IJsland en Lichtenstein.
1.
2.
3.
4.
De gemeente streeft naar concentratie van de overtollige liquiditeiten binnen één rente compensatiecircuit bij de bank met de gunstigste condities; Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat dan kan de gemeente kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt conform artikel 4 lid 1 - de kasgeldlimiet niet overschreden; Toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende middelen zijn daggeld, kasgeldleningen en kredietlimiet op rekening courant; De gemeente vraagt offertes op bij minimaal 2 instellingen alvorens middelen worden aangetrokken met een looptijd korter dan één jaar. De (telefonische) offertes worden intern schriftelijk vastgelegd.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
Artikel 14 Uitgangspunten administratieve organisatie en interne controle In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle. 1.
2. 3.
4.
5.
De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasuryactiviteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk vastgelegd; Bevoegdheden zijn via delegatie en mandaat nader schriftelijk vastgelegd; Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden: a. iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (het vier-ogen-principe); b. de uitvoering en controle geschiedt door afzonderlijke functionarissen; c. de uitvoering en registratie in de financiële administratie geschiedt door afzonderlijke functionarissen. Tegenpartijen wordt gevraagd bevestigingen van iedere transactie te versturen naar de financiële administratie zonder tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van de transacties; De administratieve organisatie en interne controle waarborgen dat:
De gemeente streeft naar concentratie van de overtollige liquiditeiten binnen één rente compensatiecircuit bij de bank met de gunstigste condities; Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat dan kan de gemeente kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt, conform artikel 5 lid 1 , de kasgeldlimiet niet overschreden; Toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende middelen zijn daggeld, kasgeldleningen en kredietlimiet op rekening courant; Toegestane instrumenten bij het uitzetten van gelden voor een periode korter dan één jaar zijn rekening-courant, daggeld, spaarrekeningen en deposito’s; Bij het extern uitzetten van gelden korter dan één jaar zijn slechts de in artikel 7 genoemde tegenpartijen toegestaan; De gemeente vraagt offertes op bij minimaal 2 instellingen alvorens middelen worden aangetrokken of uitgezet met een looptijd korter dan één jaar. De (telefonische) offertes worden intern schriftelijk vastgelegd.
Artikel 16 Uitgangspunten administratieve organisatie en interne controle In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle. 1. De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasuryactiviteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk vastgelegd; 2. Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden: a. iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (het vier-ogenprincipe); b. de uitvoering en controle geschiedt door afzonderlijke functionarissen; c. de uitvoering en registratie in de financiële administratie geschiedt door afzonderlijke functionarissen. 3. Tegenpartijen wordt gevraagd bevestigingen van iedere transactie te versturen naar de financiële administratie zonder tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van de transacties; 4. De transacties worden onmiddellijk geregistreerd door de functionaris die de transactie heeft afgesloten en gecontroleerd door de functionaris die belast is met de interne controle. 5. De administratieve organisatie en interne controle waarborgen dat: de uitvoering rechtmatig en doelmatig is;
-
de uitvoering rechtmatig en doelmatig is; de treasuryactiviteiten adequaat kunnen worden uitgevoerd en bijgestuurd; de risico’s kunnen worden beheerst; de juistheid, tijdigheid en volledigheid van de informatie verzekerd zijn.
de treasuryactiviteiten adequaat kunnen worden uitgevoerd en bijgestuurd; de risico’s kunnen worden beheerst; de juistheid, tijdigheid en volledigheid van de informatie verzekerd zijn.