CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegebesluit - Procedure inkoop verwerking huishoudelijk restafval (sept 2021).pdf

Commissie Ruimte 14 april 2022, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 4: Vervolgtraject aanbesteding verwerking restafval1.465 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Collegebesluit Collegevergadering: 21 september 2021

Zaaknummer Team Portefeuillehouder Openbaarheid

: : : :

884215 Infra en Projecten Heemstede A.P. van der Have Actief openbaar

ONDERWERP Procedure inkoop verwerking huishoudelijk restafval SAMENVATTING Op 23 maart 2021 is de raad door middel van een collegebericht op de hoogte gebracht van de stand van zaken over het nieuw verwerkingscontract voor restafval per 1 januari 2023. Op 6 april is er vervolgens een speciale raadsbijeenkomst geweest waarin Meerlanden toelichting heeft gegeven en vragen heeft beantwoord. Het college kiest voor het vervolgproces waarin de optie aanbesteding naast de optie inbesteding verder uitgewerkt wordt. De raad wordt om een zienswijze gevraagd. JURIDISCH EN BELEIDSKADER De landelijke VANG-doelstelling (Van Afval Naar Grondstof) geeft aan dat gemeenten het aantal kilo’s restafval per persoon per jaar moeten verminderen naar maximaal 100 kg in 2020 en moeten toewerken naar maximaal 30 kilo in 2025. BESLUIT B&W 1. Kennis te nemen van de Oplegger & Memo t.b.v. besluitvorming restafval (opgesteld door IPR NORMAG); 2. Verder uitwerken van twee opties, te weten de optie (openbare) aanbesteding en de optie inbesteding bij een overheidsgedomineerde afvalverwerker; 3. Het voorstel voor te leggen aan de commissie Ruimte om haar zienswijze kenbaar te maken (B-stuk). AANLEIDING De gemeente Heemstede heeft een overeenkomst tot het verwerken van het huishoudelijk restafval van Heemstede met AEB Amsterdam.

Deze overeenkomst is aangegaan per januari 2013 en heeft een looptijd van 10 jaar, dus tot 1 januari 2023. Heemstede levert jaarlijks circa 5500 ton huishoudelijk restafval aan ter verwerking. Het is noodzakelijk de restafvalverwerking vanaf 2023 opnieuw te waarborgen, rekening houdend met de ontwikkelingen en ambities van en bij de gemeenten in het kader van de landelijke VANG-doelstelling en de landelijke ontwikkelingen in de afvalverwerkende branche. In gezamenlijkheid met Meerlanden-gemeenten, aangevuld met nog een aantal andere gemeenten, is een verkenning gestart naar de opties voor de verwerking van ons restafval per 1 januari 2023. We verwachten met de gezamenlijkheid schaalvoordelen te behalen.

884215

1/4

Collegebesluit Collegevergadering: 21 september 2021

In het onderzoeksrapport Verkenning strategische opties voor de be- en verwerking van huishoudelijk restafval d.d. 4 november 2020 zijn diverse routes verkend, waarbij er twee als uitvoerbaar resteren: de verwerking en eventuele nascheiding van het restafval wordt aanbesteed aan de markt, of de verwerking van het huishoudelijk restafval wordt via ‘inbesteding’ aan een overheid gedomineerde organisatie overgedragen. Bij inbesteding gaat de gemeente (als aandeelhouder) deelnemen in een overheid gedomineerde afval en grondstoffenverwerker. Daarbij kan zonder verplichte aanbesteding de verwerking van het restafval aan de verwerker worden opgedragen. Op basis van de uitgevoerde verkenningen en besprekingen met portefeuillehouders en ambtelijk adviseurs van de gemeenten is geconcludeerd dat aanbesteding voor alle gemeenten een mogelijke route is. De route van inbesteden biedt (specifieke) kansen en perspectieven waarbij enkele gemeenten in de overleggen hun voorkeur hebben laten blijken voor deze route. Het is daarom nu aan de orde dat elk van de gemeenten in deze verkenning besluit over de route van deelnemen in een overheid gedomineerde afvalverwerkingsorganisatie. Het college is bevoegd tot het nemen van dit besluit maar dient het besluit tot deelneming voor wensen en bedenkingen voor te leggen aan de raad.

Als de gemeente niet voor inbesteding kiest, dan volgt automatisch een aanbesteding aan de markt waartoe het college bevoegd is. MOTIVERING 1.1 De Oplegger & Memo geeft een goed overzicht van de mogelijkheden en kanttekeningen In de memo worden de voor- en nadelen van beide varianten duidelijk uiteen gezet. 2.1 Aanbesteding (openbaar) biedt kansen voor flexibiliteit Bij aanbesteding aan de markt is veelal sprake van vooraf duidelijk omschreven en vastomlijnde dienstverlening. Flexibiliteit in aanpassingen en wijzigingen binnen de overeen te komen contractduur is mogelijk en wordt in het algemeen financieel afgeprijsd (duurder) in de aanbieding. Bij aanbesteding aan de markt is sprake van marktprijsfluctuaties. De totstandkoming van de marktprijs hangt af van het samenspel van vraag en aanbod. De verwerkingstarieven zijn het resultaat van prijsvorming. Er kunnen uitschieters naar boven of beneden zijn. 2.2 Inbesteding bij overheid gedomineerde organisatie zorgt voor duurzame relatie Bij deelname in een overheid gedomineerde verwerkingsorganisatie is flexibiliteit in de vorm en omvang van de gevraagde dienstverlening groot. Mede vanwege de lange termijn verbondenheid is deze flexibiliteit ook gewenst, zodat de vorm en omvang van de diensten kan meebewegen met veranderende behoeften van de gemeente en innovaties in de praktijk.

Flexibiliteit vindt zijn financiële weerslag in de op kostprijs gebaseerde tarieven van het overheid gedomineerde bedrijf. De verwerkingstarieven zijn een weerspiegeling van de werkelijke kosten zonder echte uitschieters naar boven of beneden.

884215

2/4

Collegebesluit Collegevergadering: 21 september 2021

2.3 Mogelijkheid voor nascheiden in beide opties mogelijk Gemeenten maken zelf de keuze tussen het wel of niet nascheiden van het plastic uit het huishoudelijk restafval. In de gesprekken met HVC en Omrin is deze optie meegenomen als mogelijkheid. Dit levert de mogelijkheid op om ‘PBD-rijk’ restafval (zonder bronscheiden) of om ‘PBD-arm’ restafval (met bronscheiden) aan te kunnen bieden bij de inbestedingsroute. Dit kan ook gecombineerd, waarbij deze twee restafvalstromen gescheiden van elkaar moeten worden gehouden. 2.4 Transport van afval door middel van duurzame transportvorm Transport van afval naar een verder gelegen locatie kan in de beeldvorming gezien worden als ‘onnodig slepen met afval’. Toch moet transport en de daarmee gemoeide emissies als onderdeel van de duurzaamheid en het energetisch rendement van de restafvalverwerking worden gezien. Dan blijkt dat het energetisch rendement en de duurzaamheid van de verwerkingsinstallatie veel meer bepalend te zijn dan enkele kilometers extra rijafstand. Verder is van belang om te wijzen op de duurzaamheid van de gekozen transportvorm (vervoersmodaliteit). Bij transport over de weg kunnen fossielvrije voertuigen worden ingezet. Transport over water is een mogelijkheid.

2.5 Verkenning inbesteding enkel bij organisaties die konden voldoen aan eisen aangesloten gemeenten Voor het uitwerken en inzichtelijk maken van de route van inbesteding zijn twee overheidsgedomineerde organisaties benaderd: HVC en Omrin . Hoewel ook andere overheidsgedomineerde organisaties in aanmerking zouden kunnen komen (zoals Twence of ARN), zijn deze twee organisaties geselecteerd op basis van hun (fysieke en logistieke) aanwezigheid in de regio én omdat beide organisaties in de praktijk al wel de mogelijkheid bieden voor het nascheiden van het huishoudelijk restafval. Twence voert hier momenteel nog een haalbaarheidsonderzoek naar uit. ARN beschikt niet over een nascheidingsinstallatie voor PBD. Overigens is de keuze voor het wel of niet laten nascheiden van PBD een keuze die een gemeente zelf maakt. Deze keuze kan binnen de inbestedingsconstructie ook later worden gemaakt of gewijzigd. 2.6. Breed afwegingskader aanwezig De memo met oplegger geeft heel veel inzicht in de verschillende kaders en invalshoeken.

Zoals de stabiliteit bij overheidsgedomineerde bedrijven, de mogelijkheden om dienstverlening te wijzigen (bijvoorbeeld bij de wissel van bronnaar nascheiden), de voor- en nadelen van de markt voor restafvalverwerking bij aanbesteden, de gebondenheid voor lange(re) termijn aan Omrin en/of HVC via aandeelhouderschap en garantstellingen, de mate waarin je risico wilt nemen (breed bij HVC en smal bij Omrin). FINANCIËN De kosten voor inzameling en verwerking van afval worden doorberekend aan onze inwoners via de afvalstoffenheffing. De gemeente heeft als doel het (laten) verzorgen van een zowel duurzame als betaalbare afvalinzameling

884215

3/4

Collegebesluit Collegevergadering: 21 september 2021

PLANNING/UITVOERING Reeds uitgevoerd: - verdieping op de route ‘inbesteding’ ter voorbereiding op besluitvorming - organisatie informatiebijeenkomst voor de raad over het traject (6 april 2021). - voorbereiding op de besluitvorming over wel of niet inbesteden c.q. toetreden tot een overheid gedomineerde organisatie. - 1 juli 2021 – oktober 2021: besluitvorming door college en raad in elke gemeente over de route van inbesteding. In oktober worden de uitkomsten van alle gemeenten bij elkaar gebracht, en wordt bezien op welke wijze het vervolgproces kan worden ingericht. - November – december 2021: Omdat elke gemeente autonoom besluit, wordt er rekening mee gehouden dat er verschillende besluiten worden genomen. Dat kan dus betekenen dat een deel van de gemeenten gaat toetreden tot een overheidsorganisatie, en een deel van de gemeenten kiest voor een (gezamenlijke) aanbesteding aan de markt. In deze periode wordt/worden de mogelijk te vormen groep/groepen geformeerd. - 2022: voorbereiding en effectuering van het besluit. In 2022 worden de besluiten voor de gevormde groep/groepen gezamenlijk geëffectueerd: aanbesteding aan de markt en/of toetreding tot het overheid gedomineerde afvalverwerkingsbedrijf. Daarbij moet rekening worden gehouden met zogenaamde ‘terugval scenario’s’ zodat de continuïteit van de verwerking van het huishoudelijk restafval per 2023 gewaarborgd wordt.

DUURZAAMHEID Op advies van de rekenkamer wordt een routekaart ontwikkeld waarin ambities op lange termijn in onderlinge samenhang worden geoperationaliseerd in subdoelen en tussenresultaten. Daarnaast wordt een duurzaamheidsmonitor ontwikkeld om de bijdrage aan de duurzaamheidsdoelstellingen inzichtelijk te maken. Op dit moment is de duurzaamheidsmonitor nog niet ontwikkeld en is het nog niet mogelijk om voor elk besluit aan te geven wat het effect is op de duurzaamheidsdoelstellingen.

BIJLAGEN 1. Oplegger & Memo opgesteld door IPR NORMAG

884215

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/1461/documents/19254