CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 - Notitie `Passende beoordeling Omgevingsvisie Heemstede¿.pdf

Gemeenteraad 22 mei 2025, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 5: Ontwerp-Omgevingsvisie Heemstede 2040 vrijgeven voor inspraak2.878 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Passende beoordeling Omgevingsvisie Heemstede Toetsing Natura 2000-gebieden 11 april 2025

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Verantwoording Titel

Passende beoordeling Omgevingsvisie Heemstede

Opdrachtgever

Gemeente Heemstede

Projectleider

Martijn Gerritsen

Auteur(s)

Sharon ter Haar

Tweede lezer

Wendy Liefting

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Aantal pagina’s

12 (exclusief bijlagen)

Datum

11 april 2025

Handtekening

Ontbreekt in verband met digitale verwerking. Dit rapport is aantoonbaar vrijgegeven.

Colofon TAUW bv Australiëlaan 5 Postbus 3015 3502 GA Utrecht T +31 30 28 24 82 4 E info.utrecht@tauw.com

2/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Inhoud 1

2

3

Passende beoordeling ............................................................................................................... 4 1.1

Waarom een passende beoordeling? ................................................................................ 4

1.2

Ontwikkelingen in de Omgevingsvisie ................................................................................ 4

1.3

Doel passende beoordeling ............................................................................................... 5

1.4

Natura 2000-gebieden ....................................................................................................... 6

Potentiële effecten ..................................................................................................................... 9 2.1

Verstoring door toename van recreatie .............................................................................. 9

2.2

Verstoring door bouwwerkzaamheden ............................................................................. 10

2.3

Meervleermuis .................................................................................................................. 10

2.4

Stikstofdepositie ............................................................................................................... 11

Conclusie ................................................................................................................................. 12

3/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

1 Passende beoordeling 1.1

Waarom een passende beoordeling?

De Omgevingsvisie van de gemeente Heemstede schetst een beeld voor de fysieke leefomgeving van de gemeente tot 2040. In de visie staan vijf verschillende ontwikkellijnen centraal. Deze ontwikkellijnen richten zich op landschapsstructuur, woon- en werkruimte, bereikbaarheid en leefbaarheid, voorzieningen en bedrijfslocaties toekomstbestendig maken en klimaatadaptatie en duurzaamheid. Op voorhand is niet uit te sluiten dat deze keuzes afzonderlijk of in samenhang leiden tot significante gevolgen op Natura 2000-gebieden in en rondom de gemeente. Daarom dient op grond van Artikel 16.53c van de Omgevingswet een passende beoordeling te worden opgesteld.

1.2

Ontwikkelingen in de Omgevingsvisie

‘Duurzaam ontwikkelen, kwaliteit behouden’ staat centraal als ontwikkelrichting in de Omgevingsvisie van Heemstede. De ontwikkelrichting wordt vormgegeven langs vijf ontwikkellijnen: 1. We behouden en versterken onze waardevolle landschapsstructuur 2. We bieden ruimte voor duurzame ontwikkeling van woon- en werkruimte voor onze inwoners 3. 4. 5.

Heemstede is regionaal bereikbaar, lokaal leefbaar We maken ons voorzieningennetwerk en onze bedrijfslocaties toekomstbestendig; Klimaatadaptatie en duurzaamheid zijn leidend bij de inrichting van een gezonde en veilige

leefomgeving De vijf ontwikkellijnen in de Omgevingsvisie staan niet op zichzelf, maar zijn onlosmakelijk en zonder hiërarchie met elkaar verbonden. In de Omgevingsvisie worden een aantal plannen concreet gemaakt. Er wordt ingezet op woningbouw in het Manpadslaangebied, op de locatie Kennemerduin en ’t Groot Clooster en Havenkwartier. Ook wordt er ingezet op het afvoeren van hemelwater en de aanwezigheid van voldoende groen. De verkeersafwikkeling wordt verbeterd en er moet voldoende ruimte zijn voor sport en bewegen. Hiervoor wordt het Sportpark HBC gehandhaafd en mogelijk uitgebreid. Daarnaast wil de gemeente flexibele woonvormen creëren met vastgoed aan de Lieven de Keylaan, Glipperweg en Kerklaan. Verschillende opvanglocaties worden ingezet om aan piekbehoefte te voldoen. Het bedrijventerrein aan de Cruquiusweg/Nijverheidsweg is belangrijk voor bedrijvigheid in hogere milieucategorieën, tot en met 3.1. Hier richt de ontwikkeling zich op de verdichting en herstructurering van het gebied om ongebruikt potentieel te benutten. De lichte economische activiteiten zoals advocatenkantoren en reparatiewinkels worden verplaatst naar nabijgelegen gebieden. Op het bedrijventerrein aan de Leidsevaartweg zijn grootschalige bedrijvigheid en zware milieucategorieën niet wenselijk.

De ontwikkeling richt zich daar op functiemenging in het bedrijfsverzamelgebouw aan de zuidzijde en het behoud van kleinschalige werkruimtes voor lokale ondernemers in het noordelijke deel. De gemeente zal zich blijven inzetten op concentratie van winkelaanbod in de bestaande winkelgebieden. Aan de randen van het centrum en in de omliggende woonwijken is er ruimte voor functiemenging en transformatie naar woonwerkconcepten. Voor mobiliteit en duurzaamheid zijn nog geen concrete plannen ontwikkeld.

4/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Figuur 1.1 Weergave van de Omgevingsvisie op kaart

1.3

Doel passende beoordeling

De passende beoordeling is een wettelijke verplichte toets voor zowel projecten als voor (kaderstellende) plannen waarvan significante gevolgen op Natura 2000-gebieden op voorhand niet uitgesloten kunnen worden. Voor projecten kan de passende beoordeling de basis vormen voor een noodzakelijke vergunningaanvraag (artikel 8.74b, Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl)). Voor plannen is geen sprake van een vergunningplicht, maar wel dient voldoende aannemelijk te worden gemaakt dat het plan uitvoerbaar is. Dat betekent concreet dat er voor de uitvoering van het plan geen onoverkomelijke belemmeringen mogen zijn en dat er zo nodig uitzicht moet zijn op de vergunbaarheid van binnen het plan mogelijk gemaakte ontwikkelingen. De Omgevingsvisie wordt gezien als plan. Doelen van de passende beoordeling zijn: • Het in beeld brengen van de risico’s op significante gevolgen op de natuurlijke kenmerken van •

•

het Natura 2000-netwerk alg gevolg van de Omgevingsvisie Het beschrijven van bronmaatregelen, mitigerende maatregelen en/of beleidsaanpassingen die nodig zijn om significante gevolgen te kunnen voorkomen en de vergunbaarheid van voorgestelde ruimtelijke ontwikkelingen aannemelijk te maken; en Het zo mogelijk benoemen van kansen op positieve effecten voor het Natura 2000-netwerk

5/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Het detailniveau van de passende beoordeling sluit aan bij het detailniveau van een Omgevingsvisie. Gezien het abstracte karakter van de ambities en bijbehorende uitwerkingen in de Omgevingsvisie is deze op hoofdlijnen. De passende beoordeling bestaat achtereenvolgens uit een beschrijving van de relevante Natura 2000-gebieden, zoals aangewezen onder de Vogel- en Habitatrichtlijn. Vervolgens wordt ingegaan op de mogelijke effecten op de instandhoudingsdoelen, en wordt beoordeeld of er sprake kan zijn van significante effecten en wat de consequenties daarvan zijn voor de Omgevingsvisie. Het aspect stikstofdepositie speelt een bijzondere rol. Stikstof verspreidt zich door de lucht en komt, bijvoorbeeld bij regen, weer op de grond. Diverse bronnen dragen (op kleine schaal) bij aan stikstofdepositie. Een (nieuwe) activiteit waardoor stikstof wordt uitgestoten kan echter grote effecten hebben op natuur. Voor Natura 2000-gebieden is vastgesteld welke soorten en habitats beschermd worden. Hiervoor zijn instandhoudingsdoelstellingen geformuleerd. Een groot aantal beschermde soorten en habitattypen is zeer gevoelig voor stikstofdepositie. Voor deze habitattypen zijn kritische depositiewaarden vastgesteld. Als de stikstofdepositie boven deze waarde komt, zijn negatieve gevolgen voor de natuur niet uit te sluiten.

Voor een aantal habitattypen in Natura 2000-gebieden in en om de gemeente Heemstede geldt dat zij stikstofgevoelig zijn.

1.4

Natura 2000-gebieden

In Nederland zijn ruim 160 Natura 2000-gebieden aangewezen. Binnen de gemeentegrenzen van Heemstede ligt het Natura 2000-gebied ‘Kennemerland-Zuid’ (figuur 1.2). In de ruime omgeving van de gemeente Heemstede (binnen 15 kilometer afstand of minder) liggen nog drie Natura 2000-gebieden, namelijk Coepelduynen (15 km), Polder Westzaan (12 km) en Noord-Hollands Duinreservaat (14 km). In de aanwijzingsbesluiten van de afzonderlijke Natura 2000-gebieden zijn instandhoudingsdoelstellingen opgenomen. Deze zijn gericht op het behoud of de uitbreiding van de omvang (populatiegrootte, oppervlakte habitattype of leefgebied van de soort) en behoud en verbetering van de kwaliteit (van het habitattype of leefgebied van de soort).

6/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Figuur 1.2 Ligging van de verschillende Natura 2000-gebieden ten opzichte van gemeente Heemstede

Natura 2000-gebied Kennemerland Zuid Kennemerland-Zuid is een uitgestrekt duingebied aan de zuidzijde van het Noordzeekanaal, gekenmerkt door reliëfrijke en gevarieerde landschappen. Het gebied bestaat voornamelijk uit kalkrijke duinen, met een overgang naar ontkalkte oude duinen ter hoogte van Zandvoort. Deze diversiteit resulteert in rijke vegetatie, zoals duinroosvegetaties, duingraslanden en verschillende soorten duinbossen. Vochtige en natte duinvalleien komen vooral ten zuiden van Zandvoort voor, met het Houtglob als een van de meest kenmerkende voorbeelden. Het Kennemerstrand herbergt de enige jonge strandvlakte met embryonale duinen in dit gebied. Aan de binnenduinrand liggen diverse landgoederen, met oude buitenplaatsen die deels bebost zijn met naald- en loofbossen. Het Natura 2000-gebied ligt gedeeltelijk binnen de gemeentegrenzen van Heemstede. Kennemerland-Zuid is aangewezen als Habitatrichtlijngebied (zie figuur 1.2). De instandhoudingsdoelen voor dit gebied zijn opgenomen in tabel 1.1 en 1.2.

7/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Tabel 1.1 Instandhoudingsdoelstellingen voor de habitattypen van het Natura 2000-gebied Kennemerland-zuid (=behoud, > uitbreiding, = (<) behoud oppervlakte, maar mag achteruitgaan ten gunste van een andere in besluit met name genoemde waarden (H2120, H2130 of H2190), * staat voor een prioritair habitattype) Habitattype

Habitatsubtype

H2110 - Embryonale

Oppervlakte

Kwaliteit

=

=

>

>

duinen H2120 - Witte duinen H2130A* - Grijze duinen

Kalkrijk

>

>

H2130B* - Grijze duinen

Kalkarm

=

>

H2130C* - Grijze duinen

Heischraal

>

>

=

=

= (<)

=

= (<)

=

H2150* - Duinheiden met struikhei H2160 Duindoornstruwelen H2170 Kruipwilgstruwelen H2180A - Duinbossen

Droog

=

=

H2180B - Duinbossen

Vochtig

=

>

H2180C - Duinbossen

Binnenduinrand

=

=

H2190A - Vochtige

Open water

>

>

Kalkrijk

>

>

Ontkalkt

=

=

Hoge moerasplanten

>

>

=

=

duinvalleien H2190B - Vochtige duinvalleien H2190C - Vochtige duinvalleien H2190D - Vochtige duinvalleien H7210* Galigaanmoerassen

Tabel 1.2 Instandhoudingsdoelstellingen voor de habitatrichtlijnsoorten van het Natura 2000-gebied Kennemerlandzuid (= behoud, > uitbreiding) Soort

Populatie

Omvang leefgebied

Kwaliteit leefgebied

H1014 - Nauwe korfslak

=

=

=

H1149 - Kleine

=

=

=

H1318 - Meervleermuis

=

=

=

H1903 - Groenknolorchis

>

>

>

modderkruiper

8/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

2 Potentiële effecten Voor diverse voorgenomen ontwikkelingen in de Omgevingsvisie is niet uit te sluiten dat deze afzonderlijk of in samenhang kunnen leiden tot significante gevolgen op de Natura 2000-gebieden in en rondom de gemeente. De Omgevingsvisie voorziet in de ontwikkeling van nieuwe woningen. Ook wordt er georiënteerd op tijdelijke opvanglocaties en woonunits om aan piekbehoefte te voldoen. Daarnaast wordt er gekeken naar een verbeterde verkeersafwikkeling en de mogelijke uitbreiding van het sportpark van HBC. De verschillende bedrijventerreinen in de gemeente worden mogelijk heringedeeld, waardoor onbenut potentieel gebruikt kan worden. Daarnaast wordt er gekeken naar de ontwikkeling van gemengde gebieden met een mix van woon- en werkfuncties. De bouw van nieuwe woningen kan tijdens de werkzaamheden leiden tot verstoring door geluid, licht en optische verstoring op soorten van nabijgelegen Natura 2000-gebieden. De verschillende bouwwerkzaamheden, verkeersontwikkelingen en bewoning kunnen leiden tot een toename van stikstofdepositie in zowel de aanleg- als de gebruiksfase. Door een toename van het aantal woningen is het mogelijk dat recreatie binnen het Natura 2000-gebied toeneemt en leidt tot verstoring.

Bij de ontwikkeling van hoogwaardige wandel-, fiets- en vaarroutes langs recreatieve voorzieningen wordt uitgegaan van het gebruik van bestaande wegstructuur binnen het Natura 2000-gebied ‘Kennemerland-Zuid’. De ontwikkelingen in de Omgevingsvisie focussen zich voornamelijk op bebouwd gebied. Het uitgangspunt voor deze passende beoordeling is dat de woningbouw en ontwikkeling van bedrijvigheid buiten de Natura 2000-gebieden plaatsvinden. Er zijn daardoor geen direct negatieve effecten, zoals oppervlakteverlies of versnippering, aan de orde. Samenvattend hebben de relevante effecten betrekking op: • Verstoring door toename van recreatie • •

2.1

Verstoring door bouwwerkzaamheden Stikstofdepositie

Verstoring door toename van recreatie

Als gevolg van meer bebouwing in de directe omgeving van het Natura 2000-gebied kan de recreatiedruk op het Natura 2000-gebied ‘Kennemerland-Zuid’ toenemen. Ook vinden er mogelijk werkzaamheden plaats aan recreatiepaden. Aangenomen wordt dat recreatie gebruik maakt van de bestaande paden. Effecten als gevolg van recreatie beperken zich daarom tot verstoring door licht, geluid en optische verstoring. Hierdoor kunnen typische soorten van habitattypen mogelijk worden verstoord, zoals verschillende vogels, waaronder dodaars, grote bonte specht en houtsnip. De habitatrichtlijnsoorten nauwe korfslak, groenknolorchis, kleine modderkruiper en meervleermuis zijn niet gevoelig voor verstoring door licht, geluid en optische verstoring als gevolg van recreatie. Negatieve effecten op habitatrichtlijnsoorten zijn daarom op voorhand uitgesloten

9/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Typische soorten zijn één van de vier kwaliteitskenmerken van habitattypen. Wanneer sprake is van verstoring van typische soorten is het mogelijk dat de kwaliteit van habitattypen afneemt. Doordat diverse typische soorten van habitattypen gevoelig zijn voor verstoring (licht, geluid, optisch, recreatie) is er mogelijk sprake van (significant) negatieve gevolgen op habitattypen met een instandhoudingsdoel in het Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid.

2.2

Verstoring door bouwwerkzaamheden

De ontwikkelingen in het Manpadslaangebied grenzen direct aan het Natura 2000-gebied ‘Kennemerland-Zuid’. Ontwikkelingen in of nabij dit Natura 2000-gebied, zoals het realiseren van woningen en ontwikkelingen op bedrijventerreinen kunnen zorgen voor verstoring door licht en geluid en optische verstoring op aangewezen habitatrichtlijnsoorten en typische soorten. Voor de Habitatrichtlijnsoorten nauwe korfslak, groenknolorchis en kleine modderkruiper geldt dat deze niet gevoelig zijn voor verstoring (nauwe korfslak en groenknolorchis) of dat het habitat niet overlapt met de locaties van de bouwwerkzaamheden (plassen en sloten binnen het Natura 2000gebied), waardoor effecten op deze soorten op voorhand zijn uit te sluiten. Meervleermuis kan eventueel wel gebruik maken van structuren, zoals bomenrijen en gebouwen buiten het Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid. Om die reden worden effecten op de soort in navolgende paragraaf apart beoordeeld. Verder geldt voor verstoring door bouwwerkzaamheden, net als voor verstoring door recreatie, dat typische soorten van habitattypen negatief kunnen worden beïnvloed. Wanneer typische soorten het gebied gaan vermijden, of het habitattype minder geschikt wordt als leefgebied, neemt de kwaliteit van habitattypen af. Om die reden zijn (significant) negatieve effecten niet op voorhand uit te sluiten.

Voor de overige Natura 2000-gebieden, gelegen op een grotere afstand van gemeente Heemstede (namelijk >10 km) geldt dat effecten door verstoring op voorhand uitgesloten zijn. Alleen effecten zoals stikstofdepositie kunnen ook over dergelijk grote afstanden een effect op Natura 2000-gebieden hebben. Om deze reden wordt dit effect verder uitgewerkt.

2.3

Meervleermuis

Meervleermuis maakt gebruik van een groter gebied dan enkel het Natura 2000-gebied zelf. De soort wordt met enige regelmaat waargenomen binnen de gemeente Heemstede, buiten het Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid. De soort maakt gebruik van lijnvormige elementen zoals dijken en bomenrijen en gebruikt gebouwen als verblijfplaats. Indien tijdens de ontwikkeling van de bedrijfslocaties bomen gekapt worden of tijdens de ontwikkeling van woningen en splitsing van woningen gebouwen aangetast worden kunnen vliegroutes en verblijfplaatsen van meervleermuis aangetast worden. Om die reden zijn (significant) negatieve effecten niet met zekerheid uit te sluiten.

10/12

Kenmerk

2.4

R002-1300704STH-V02-agv-NL

Stikstofdepositie

Er zijn diverse activiteiten in de Omgevingsvisie opgenomen waarbij sprake kan zijn van uitstoot van stikstofdepositie. Het gaat daarbij zowel om tijdelijke stikstofemissies als gevolg van een fysieke ingreep, of permanente emissies. Dergelijke effecten kunnen op grote afstand tot negatieve effecten op Natura 2000-gebieden leiden. Binnen de gemeentegrens is het stikstofgevoelige Natura 2000-gebied Kennemerland Zuid gelegen. Het Natura 2000-gebied ‘Kennemerland-Zuid’ is als geheel aangewezen onder de Habitatrichtlijn. Binnen het gebied liggen diverse stikstofgevoelige habitats. In de huidige situatie is voor meerdere habitattypen sprake van overbelasting van stikstofdepositie, waarbij dit één van de primaire knelpunten is voor het halen van de instandhoudingsdoelstellingen (Provincie Noord-Holland, 2023). Er wordt ingezet op woningbouw in het Manpadslaangebied, woningen op de locatie Kennemerduin ’t Groot Clooster en Havenkwartier. In het Manpadslaangebied zal er sprake zijn van 149 woningen. ’t Groot Clooster en Havenkwartier bieden samen ruimte voor de ontwikkeling van tenminste 250 woningen. Voor het Kennemerduingebied is de hoeveelheid woningen nog onbekend. Daarnaast wordt er vastgoed gecreëerd aan de Lieven de Keylaan, Glipperweg en Kerklaan. Aan de Herenweg 55 kunnen tijdelijke opvanglocaties ingericht worden om aan piekbehoeften te voldoen.

Ook worden verschillende bedrijventerreinen heringericht waardoor ongebruikt potentieel benut kan worden. Het Manpadslaangebied ligt direct grenzend aan het Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid. De andere ontwikkelingen liggen op iets grotere afstand. Voor ontwikkelingen die dichter bij stikstofgevoelige gebieden plaatsvinden zijn effecten vaak groter en is de kans op een permanent effect ook groter. De aanlegfase van deze bebouwing is er mogelijk sprake van stikstofdepositie. Door het gebruik van bronmaatregelen, zoals bijvoorbeeld elektrisch werken, kunnen effecten in de aanlegfase mogelijk gemitigeerd worden. In de gebruiksfase is door de verkeer aantrekkende werking van de nieuwe woning ook sprake van een toename van stikstofdepositie. De toename in stikstofdepositie en de effecten hiervan zijn afhankelijk van de locatie van de woningen en het aantal woningen dat gerealiseerd wordt. Op de bedrijventerreinen zal het gebruik van nu nog onbenut potentieel kunnen leiden tot een toename van bedrijvigheid in het gebied met de daarbij behorende verkeersbewegingen. Significante effecten van stikstofdepositie zijn daarom niet uit te sluiten. Gelet op de huidige dynamiek van het stikstofdossier is niet met zekerheid sprake van een significant effect.

Wel zal in voorkomende gevallen nader onderzoek op planniveau moeten uitwijzen of deze plannen of projecten al dan niet uitvoerbaar zijn.

11/12

Kenmerk

R002-1300704STH-V02-agv-NL

3 Conclusie De Omgevingsvisie van de gemeente Heemstede is een langetermijnvisie op de fysieke leefomgeving van de gemeente tot aan 2040. Door de lange doorlooptijd en het hoge abstractieniveau van de visie kunnen mogelijke significante effecten op Natura 2000-gebieden binnen en rondom de gemeente Heemstede niet met zekerheid worden uitgesloten. Het gaat hierbij om effecten als gevolg van verstoring door toename van recreatie, verstoring als gevolg van bouwwerkzaamheden en stikstofdepositie. Tegelijkertijd is ook niet op voorhand sprake van significant negatieve effecten of met zekerheid onuitvoerbare ontwikkelingen, omdat er zowel in de aanlegfase als gebruiksfase doorgaans mogelijkheden gevonden kunnen worden om negatieve effecten effectief te beperken of weg te nemen. Naast bronmaatregelen kan daarbij ook gedacht worden aan zorgvuldige locatiekeuze om verstoringsfactoren, zoals licht, geluid en optische verstoring, te voorkomen, geen werkzaamheden uit te voeren binnen het leefgebied of bij vliegroutes van meervleermuis en (met name in het geval van stikstofdepositie) het gebruik van emissiearm of volledig emissieloos (elektrisch) materieel. Gelet op de huidige dynamiek van het stikstofdossier is niet met zekerheid sprake van een significant effect.

Wel zal in voorkomende gevallen nader onderzoek op planniveau moeten uitwijzen of deze plannen of projecten al dan niet uitvoerbaar zijn. Wanneer concretisering van keuzes plaatsvindt, in bijvoorbeeld opvolgende programma’s en het omgevingsplan, en er meer duidelijkheid is over de omvang van de verschillende ontwikkelingen, kan nader onderzoek nodig zijn naar effecten op Natura 2000-gebieden en de mogelijkheden om deze te beperken (passende beoordeling op projectniveau). Zo zullen er op dat moment onder meer concrete stikstofberekeningen nodig zijn om de daadwerkelijke omvang van effecten in beeld te brengen.

12/12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/2760/documents/40012