CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Overzicht doelgroepen uit regionaal en landelijk beleid en regionale focus.docx.pdf

Gemeenteraad 30 januari 2025, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 4: Startnotitie wonen en zorg3.057 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 3 – Overzicht doelgroepen uit regionaal en landelijk beleid en regionale focus In de in bijlage 2 genoemde beleidskaders komen verschillende doelgroepen naar voren welke een woon- en/of huisvestingsbehoefte hebben en daarmee worden gezien als kwetsbare doelgroep. Deze doelgroepen worden weergeven in het volgende overzicht. Daarnaast wordt aangegeven welke behoefte de boventoon voert; wonen en/of zorg. Het overzicht geeft ter illustratie een aantal voorbeelden aan voorzieningen die passen bij de behoeftes van de betreffende doelgroep. Doelgroep

Omschrijving 1

Juridisch/ beleidskader

Soort behoefte 2

Mensen met een lichamelijke, verstandelijke, zintuigelijke of psychische kwetsbaarheid die wegens ernstige chronische medische redenen andere huisvesting nodig hebben.

Woningzoekenden die op grond van ernstige en chronische medische redenen (lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid of rolstoelafhankelijkheid) andere woonruimte of specifieke woonvormen behoeven.

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’.

Wonen en zorg.

Het gaat om de groep woningzoekenden

Wet versterking regie volkshuisvesting. Wet maatschappelijke ondersteuning. Wet langdurige zorg. Wet gelijke behandeling.

Voorbeelden mogelijke voorzieningen3 op basis van de zorg-/ ondersteuningsbehoefte Extra sociale huurwoningen / begeleid wonen Deze groep wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Voor mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische kwetsbaarheid waarvan de behoefte vooral gericht is op het woonvraagstuk. Behoeftes van de doelgroep kunnen gericht zijn op de fysieke indeling van de sociale huurwoning. Daarnaast kan er behoefte zijn aan begeleiding aan huis (begeleid wonen).

Er bestaan verschillende begripsbepalingen van de doelgroepen die hier worden benoemd. Zo verschillen begripsbepalingen vanuit het thema urgentie tot die van het thema wonen en zorg. De begripsbepalingen die passen bij het thema wonen en zorg worden in dit document gehanteerd. Dit is in lijn met de regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/ IJmond. 2 Zorg en ondersteuningsbehoeftes kunnen binnen een doelgroep variëren van licht tot zwaar. 3 Gezien de brede definities van doelgroepen, waarbinnen verschillende subgroepen bestaan, wordt in dit overzicht per voorziening ook de relevante subgroep aangeduid. 1

waarbij de huidige huisvestingssituatie ook na aanpassingen op basis van de Wmo niet volstaat én om mensen die wegens hun beperking een specifieke woonbehoefte hebben (denk bijvoorbeeld mensen die hun ouderlijk huis willen verlaten). We zoeken aansluiting bij de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte.

Geclusterd wonen Een kleinschalige woonvorm voor mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische kwetsbaarheid waarin zij geclusterd wonen. Deze manier van wonen kan bijdragen aan het versterken van de zelfredzaamheid, het tegengaan van eenzaamheid en daardoor een afname in de zorg- en ondersteuningsbehoefte tot gevolg hebben. Een vriendenhuis Voor mensen met bijvoorbeeld een GGZof verslavingsachtergrond welke behoefte hebben aan begeleid wonen. Deze voorziening kan kleinschalig worden vormgegeven in de wijk. Personen wonen gezamenlijk in een huis. Ieder heeft een eigen kamer. Passende begeleiding en ondersteuning is aanwezig. Deze doelgroep heeft in beginsel geen intensieve zorgbehoefte.

Voorziening beschermd wonen Voor mensen die door de psychische kwetsbaarheid (tijdelijk) niet zelfstandig kunnen wonen. De ondersteuningsbehoefte is zwaarder dan bijvoorbeeld bij een vriendenhuis of begeleid wonen. Mensen worden begeleid in algemene dagelijkse levensverrichtingen en bijvoorbeeld een dagindeling. Skaeve Huse Voor extreem overlast gevende personen. Het gaat hier om een bijzondere specialistische woonvoorziening voor mensen met meervoudige problematiek. En voorziet in de behoefte van de groep mensen die zelfstandig kan wonen maar die in de wijk veel woonoverlast veroorzaakt, zoals bijvoorbeeld geluidsoverlast of onaangepast gedrag. Vaak willen deze mensen niets met hulpverlening te maken hebben maar zij kunnen zich ook niet zelfstandig in de maatschappij staande houden. Skeave Huse is een laatste redmiddel om niet op straat te belanden.

(Dreigend) dakloze mensen. Inclusief uitstroom uit de maatschappelijke opvang, bankslapers en mensen op nietconventionele woonplekken.

Mensen die uitstromen uit beschermd wonen

Woningzoekenden die buitenslapen, mensen die verblijven in maatschappelijke opvang (woningzoekenden aan wie wegens dakloosheid een voorziening voor opvang is verleend als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015), mensen die verblijven op niet conventionele woonplekken vanwege een gebrek aan huisvesting (zoals op een vakantiepark) en mensen die uit nood verblijven bij familie en vrienden.

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’.

Woningzoekenden die een voorziening voor beschermd wonen als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’.

Wonen en zorg.

Wet versterking regie volkshuisvesting.

Maatwerkvoorziening economisch daklozen Voor personen die door het verliezen van een baan of beëindigen van een relatie de verblijfplaats verloren hebben en door een zwak netwerk geen alternatieve verblijfplaats kunnen vinden. Tijdelijke opvang welke voorziet in onderdak voor een korte periode draagt bij aan het welzijn van deze groep. Tijdens het verblijf in de tijdelijke maatwerkvoorziening kan begeleiding worden opgestart gericht op de toeleiding naar permanente huisvesting en eventuele andere hulpvragen.

Wet maatschappelijke ondersteuning. Beleid economisch daklozen Heemstede 2017.

Extra sociale huurwoningen De groep ‘uitstromers uit de maatschappelijke opvang’ wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Voor deze doelgroep zijn daarom tevens extra sociale huurwoningen nodig.

Wet versterking regie volkshuisvesting.

Wonen, mogelijk een ondersteuningsbehoefte.

Extra sociale huurwoningen Deze groep wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Voor deze doelgroep zijn daarom tevens extra sociale huurwoningen nodig. Bij deze

ondersteuning 2015 verlaten.

Wet maatschappelijke ondersteuning.

groep kan nog steeds een behoefte aan begeleiding bestaan, echter deze kan aan huis worden vormgegeven. Pauzeplekken Voor mensen die zijn uitgestroomd uit een beschermd wonen voorziening, welke tijdelijk opnieuw behoefte hebben aan ondersteuning, om even ‘op adem te kunnen komen’. Hiermee kan terugval in een beschermd wonen voorziening worden voorkomen. Geclusterd wonen Voor deze doelgroep kan tevens opgaan dat er behoefte kan zijn aan geclusterd wonen, waarbij de ondersteuningsbehoefte licht is. Deze manier van wonen kan bijdragen aan het versterken van de zelfredzaamheid, het tegengaan van eenzaamheid en daardoor een afname in de zorg- en ondersteuningsbehoefte tot gevolg hebben.

Woningzoekenden die uitstromen uit (jeugd)detentie en forensische zorg.

Woningzoekenden die een inrichting of voorziening als bedoeld in artikel 1, onder b, van de Beginselenwet justitiële

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’. Wet versterking regie volkshuisvesting.

Wonen, mogelijk een ondersteuningsbehoefte.

Extra sociale huurwoningen De groep ‘woningzoekende die uitstromen uit detentie of forensische zorg’ wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking

Mensen die uitstromen uit de vrouwenopvang, slachtoffers van huiselijk geweld of mensenhandel.

jeugdinrichtingen, een penitentiaire inrichting als bedoeld in artikel 1, onder b, van de Penitentiaire beginselenwet of een instelling voor forensische zorg als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet forensische zorg verlaten. Woningzoekenden die een voorziening voor opvang als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verlaten voor slachtoffers van huiselijk geweld of mensenhandel en die daar verbleven omdat zij door problemen van relationele aard of geweld hun woonruimte hebben moeten verlaten.

Wet forensische zorg, Penitentiaire beginselenwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning.

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’. Wet versterking regie volkshuisvesting. Wet maatschappelijke ondersteuning.

regie volkshuisvesting. De behoefte ligt voornamelijk op het woonvraagstuk. Mogelijk is begeleiding nodig ten aanzien van de re-integratie en/of toeleiding naar werk.

Voornamelijk wonen. Mogelijk speelt een zorgvraag/ ondersteuningsbehoefte.

Extra sociale huurwoningen Deze groep wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Voor deze doelgroep zijn daarom tevens extra sociale huurwoningen nodig. Bij deze groep kan nog steeds een behoefte aan begeleiding bestaan, echter deze kan aan huis worden vormgegeven.

Jeugdigen die uitstromen uit de jeugdzorg

Stoppende sekswerkers

Woningzoekenden tussen de leeftijd van achttien tot drieëntwintig jaar die een accommodatie, gesloten accommodatie of voorziening voor pleegzorg als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet verlaten.

Woningzoekenden die deelnemen aan een programma gericht op duurzaam stoppen met sekswerk waarbinnen begeleiding van sekswerkers plaatsvindt

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’.

Wonen en zorg.

Deze groep wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Voor deze doelgroep zijn daarom tevens extra sociale huurwoningen nodig, wanneer zij uitstromen uit pleegzorg of een (gesloten) jeugdzorgaccommodatie. Bij deze groep kan nog steeds een behoefte aan begeleiding bestaan, echter deze kan aan huis worden vormgegeven. Jeugdvoorziening Kamers met Kansen

Wet versterking regie volkshuisvesting. Jeugdwet. Verlengde jeugdwet/ Wet maatschappelijke ondersteuning.

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’. Wet versterking regie volkshuisvesting.

Extra sociale huurwoningen

Voornamelijk wonen. Mogelijk speelt een ondersteuningsbehoefte.

Voor de groep jeugdigen tussen de leeftijd van 18 en 23 jaar welke uitstromen uit pleegzorg of een (gesloten) jeugdzorgaccommodatie. Een kleinschalige woonvoorziening als ‘Kamers met Kansen’ biedt jeugdigen die door de instabiele of onveilige thuissituatie een (tijdelijke) woonplek waarbij bijvoorbeeld wordt ondersteund in dagbesteding, leren, wonen en werken. Extra sociale huurwoningen Deze groep wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. De behoefte aan ondersteuning is ‘aan huis’ vorm te geven.

Verleners of ontvangers van mantelzorg.

Statushouders / vergunninghouders

bij het vinden van ander werk, een andere woning of juiste zorg.

Wet maatschappelijke ondersteuning.

Woningzoekenden die wegens het langdurige en intensieve karakter van de mantelzorg behoefte hebben aan andere woonruimte zodat zij deze kunnen ontvangen of verlenen.

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’.

Houders van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 8, onderdeel a, b, c, of d, van de Vreemdelingenwet 2000, op basis van de gemeentelijke taakstelling bedoeld in

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’.

Tijdelijke opvang / maatwerkvoorziening Wanneer een acute woonvraag bestaat binnen deze doelgroep kan, net als bij de maatwerkvoorziening voor economisch daklozen, gekeken worden naar een tijdelijke plek voor opvang. Zoals het Overweeghuis in Groningen, waar een tijdelijke stabiele situatie wordt geboden en wordt ondersteund bij het krijgen van toekomstperspectief.

Participatiewet.

Wet versterking regie volkshuisvesting.

Wonen. Voor mantelzorgontvangers mogelijk een ondersteuningsbehoefte.

Extra sociale huurwoningen

Wonen.

Extra sociale huurwoningen

Wet maatschappelijke ondersteuning.

Vreemdelingenwet. Huisvestingswet.

Deze groep wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Mogelijk speelt er een zorgvraag, wanneer het gaat om de ontvanger van mantelzorg. In dat geval kan dit aan huis worden vormgegeven. Er kan vanuit dat perspectief een behoefte bestaan in de fysieke inrichting van de woning.

De huisvesting van statushouders verloopt via de reguliere wettelijke taakstelling. Wanneer een behoefte aan ondersteuning bestaat kan dit bijvoorbeeld vanuit de Wmo, of participatiewet worden geboden.

Arbeidsmigranten

Studenten

Woonwagenbewoners

artikel 28 van de Huisvestingswet. Onderdaan van een andere lidstaat van de EU die zijn hoofdverblijf niet in NL heeft en in Nederland verblijft om tijdelijke werkzaamheden te verrichten. Woningzoekende die voltijds is ingeschreven bij een onderwijsinstelling

Woningzoekende die wil wonen in een woonwagen en voor wie het wonen in een woonwagen onderdeel uitmaakt van diens culturele identiteit doordat deze persoon zelf of zijn ouders of grootouders in een

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’.

Wonen.

Extra sociale huurwoningen Deze doelgroep wordt niet voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Deze doelgroep wordt in het programma ‘Een Thuis voor iedereen’ wel gezien als kwetsbaar. Toch voert de huisvestingsvraag de boventoon.

Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’.

Wonen.

Deze doelgroep wordt niet voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Voor deze doelgroep voert de huisvestingsvraag de boventoon.

Wet educatie beroepsonderwijs. Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Rijksprogramma ‘Een Thuis voor iedereen’. Mensenrechtelijk kader voor de culturele identiteit van Roma, Sinti en woonwagenbewoners. Beleidskader gemeentelijk

Extra sociale huurwoningen

Wonen.

Extra standplaatsen woonwagens Deze doelgroep wordt niet voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Voor deze doelgroep voert de huisvestingsvraag de boventoon.

Ouderen

woonwagen hebben gewoond.

woonwagen en standplaatsenbeleid.

Mensen van 65 jaar en ouder. Het gaat hier met name om de woonbehoefte van mensen van huishoudens die toe zijn aan de volgende stap in hun wooncarrière, die beter past bij hun levensfase (denk aan behoefte aan geclusterde woonvorm, kleiner wonen nu kinderen uit huis zijn, etc). Dit sluit aan bij de uitwerking van het programma Wonen en Zorg voor Ouderen.

Rijksprogramma ‘Wonen en Zorg voor Ouderen’. Wet maatschappelijke ondersteuning. Wet langdurige zorg.

Wonen en zorg.

Extra woningen Sociaal, particulier of koop Deze doelgroep wordt niet voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Het Rijksprogramma Wonen en zorg voor ouderen heeft tegelijkertijd wel als doel gesteld om te komen tot voldoende geschikte woningen en een prettige leefomgeving voor ouderen. Zorggeschikte woningen Sociaal, particulier of koop

Voor de groep ouderen welke behoefte hebben aan een woning waar intensieve zorg aan huis geleverd kan worden en met specifieke eisen voor onder andere brandveiligheid. Nultredenwoningen Sociaal, particulier of koop Het gaat hier om woningen die zowel intern als extern toegankelijk zijn. Dit houdt in dat je de woningen kan bereiken zonder trap te lopen (extern toegankelijk) en dat keuken, badkamer, toilet en minimaal 1 slaapkamer zonder trappen te bereiken zijn (intern toegankelijk).

Geclusterde nultredenwoningen Sociaal, particulier of koop

Mensen die uitstromen uit klinische geestelijke gezondheidsinstellingen.

Woningzoekenden die een verblijf in een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet langdurige zorg verlaten waar zij geneeskundige geestelijke zorg ontvingen of woningzoekenden die in verband met geneeskundige zorg als bedoeld in artikel 10, onderdeel g, van de Zorgverzekeringswet in een instelling verbleven in verband met zorg zoals psychiaters en klinisch-psychologen

Wet langdurige zorg. Wet versterking regie volkshuisvesting.

Wonen.

Geclusterde woonvormen zijn onder andere hofjeswoningen, serviceflats en seniorenflats. Geclusterde woonvormen beslaan woningen die voldoen aan de uitgangspunten voor nultredenwoningen. Daarnaast zijn deze woonvormen ingericht op het bevorderen van sociaal contact en gemeenschapsgevoel, waardoor eenzaamheid wordt tegengegaan. Er moet een ontmoetingsruimte inpandig aanwezig zijn en de woonvorm is wordt voor minimaal 50% bewoond door 55+’ers Extra sociale huurwoningen Deze groep wordt voorgesteld als een wettelijke urgentiecategorie in de Wet versterking regie volkshuisvesting.

plegen te bieden en deze verlaten. Regionale focus en opgaven In juni 2024 stelde de regio Zuid-Kennemerland/IJmond de regionale Woonzorgopgave vast. In deze Woonzorgopgave wordt focus aangebracht op de regionale context van het woonzorgvraagstuk. De doelgroepen in de regionale Woonzorgopgave komen deels overeen met de categorieën die in de Rijksprogramma’s worden genoemd. Echter, in de regionale Woonzorgopgave is de focus vooral gelegd op doelgroepen waarbij de behoefte vooral bestaat op het gebied van wonen én zorg, waarbij zelfstandig wonen niet van zelfsprekend is. En waar mogelijk regionale voorzieningen voor nodig zijn, omdat de doelgroep zich mogelijk regionaal oriënteert als het gaat om huisvesting. Met de regionaal in kaart gebracht woonzorgopgave beoogt de regio een evenwichtige verdeling van de doelgroepen, gezien de regionale oriëntatie. Dat resulteert in de doelgroepen opgenomen in onderstaand overzicht. Voor de hier genoemde doelgroepen zijn in regionale context een aantal belangrijke opgaven te markeren in het kader van wonen en zorg. Deze opgaven komen voort uit spelende ontwikkelingen, kenmerken en behoeften van de doelgroepen en actueel (regionaal) beleid. Meer vraag naar (intensieve) zorg aan huis De vraag (intensieve) zorg aan huis groeit.

Dit heeft onder andere te maken met de ontwikkelingen zorg zo veel als mogelijk thuis vorm te geven en (instroom in) intramurale settingen te voorkomen. Dit geldt zowel voor de doelgroep die behoefte heeft

Doelgroep Mensen met een psychische kwetsbaarheid

Omschrijving(en) ▪ Mensen met een behoefte aan wonen met begeleiding, beschut, beschermd wonen (Wmo, Wlz); ▪ Mensen die de thuissituatie hebben verlaten, of dreigen te verlaten in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld; ▪ Mensen die uitstromen uit detentie/ forensische zorg; ▪ Mensen met multiproblematiek zoals GGZ, LVB en gedragsproblematiek (intramuraal en extramuraal).

(Dreigend) dakloze mensen

▪

▪

Mensen met een verstandelijke en fysieke beperking Jeugdigen/ jongeren met een zorg met verblijfbehoefte Ouderen

▪

▪ ▪ ▪

Mensen die de thuissituatie hebben verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving (Wmodoelgroep); Mensen die niet door multiproblematiek dakloos zijn geworden of blijven, maar vanwege financiële tegenslag, al dan niet als gevolg van een relatiebreuk. Alleen op het leefdomein huisvesting ondervinden zij een probleem, op andere leefdomeinen zijn zij zelfredzaam (ook wel economisch dakloze mensen genoemd). Mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking.

Jeugdigen (18-) met een behoefte aan jeugdhulp met verblijf of verpleegzorg; Jongeren (18-23 jaar) met zorg-/ opvang- of verblijfbehoefte (verlengde jeugdhulp, begeleid wonen e.d.) Ouderen van 65 jaar en ouder.

aan een vorm van beschermd wonen of intensieve zorg (vanuit de Wlz). Naast dat de zorg (in de toekomst) meer aan huis vormgegeven zal moeten worden is de verwachting dat de zorgvraag tevens zwaarder zal worden. Zo is bijvoorbeeld meer sprake van complexe problematiek. Meer vraag naar sociale huurwoningen Onder andere vanwege de beweging zorg zo veel als mogelijk thuis vorm te geven groeit de vraag naar sociale huurwoningen. Het gaat hier om de uitstroom vanuit beschermd wonen en maatschappelijke opvang, maar ook om meer tijdelijke woon- en verblijfsvormen voor bijvoorbeeld economisch dakloze mensen. Meer vraag naar kleinschalige woonvormen en specialistische regionale voorzieningen Ook de behoefte aan kleinschalige woonvormen groeit. Het gaat bij een kleinschalige woonvorm om woningen welke geclusterd zijn en/of gemengd qua groepen. De zorgvraag binnen een kleinschalige woonvorm kan variëren van licht naar zwaar en hoeft niet voor elke bewoner gelijk te zijn. De zorgvraag heeft invloed op de omvang van de kleinschalige voorziening, welke tevens moet passen bij de structuur en draagkracht van de wijk. De vraag naar meer specialistische regionale voorzieningen groeit mee.

Bijvoorbeeld voor extreem overlast gevende personen welke behoefte hebben aan een Skaeve Huse voorziening, GGZ-cliënten die behoefte hebben aan een pauzeplek en plekken met intensieve zorg voor mensen met een verstandelijke beperking (uit de Wlz). Maar het kan hier ook om jeugd gaan die een zorg- met verblijfbehoefte hebben. Door de nadruk op zorg aan huis en de dubbele vergrijzing zijn ouderen de hardst groeiende groep binnen de Woonzorgopgave. Ouderen zijn de grootste groep Door dubbele vergrijzing (een grotere groep ouderen wordt steeds ouder) is de groep ouderen het grootst qua omvang in vergelijking met de aandachtgroepen. Niet alle ouderen zijn kwetsbaar, in financieel of sociaal opzicht. Ouderen hebben doorgaans al een woning en zijn geworteld in hun woonplaats. Het is in eerste instantie vooral een lokale opgave. Maar gezien de omvang van de groep, is de wonen met zorg-opgave omvangrijk. Een regionaal verdelingsvraagstuk voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen Het regionaal verdelingsvraagstuk lijkt vooral te spelen voor de bovenlokale voorzieningen (zie rode draad 3) en voor (dreigend) dak- en thuislozen en psychisch kwetsbare mensen met behoefte aan een beschermde woonvorm. De beweging ‘van dakloosheid naar wonen eerst’ en ‘van beschermd wonen naar beschermd thuis’ is ook een beweging van centrumgemeente naar regiogemeenten.

Dat betekent dat kleinschalige opvang van daklozen en geclusterde vormen van beschermd wonen (‘beschut wonen’) meer verspreid over de regio gaat plaatsvinden.

Uitgangspunten Naast bovenstaande opgaven worden in de regionale woonzorgopgave een aantal leidende uitgangspunten benoemd:

(bron: regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland IJmond p.18)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/2756/documents/37645