Bijlage 4. Bestemmingsplan Nieuwe Belvedère - Toelichting (geanonimiseerd).pdf
Tekst van het document
4. 5.
6.
In het belang van volksgezondheid of openbare veiligheid; In het belang van veiligheid van luchtverkeer; Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren; Ter bescherming van flora en fauna; Voor onderzoek of onderwijs, uitzetten of herinvoeren van soorten; Selectief vangen, onder zich hebben of verstandig gebruik van vogels.
Habitatrichtlijn 1.
2.
3.
4.
5.
De bescherming van flora en fauna en in stand houden van natuurlijke habitats; Het voorkomen van ernstige schade aan gewassen, vee, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom; De volksgezondheid, openbare veiligheid of dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en voor het milieu wezenlijke gunstige effecten; Onderzoek en onderwijs, repopulatie of herintroductie van soorten; Op selectieve wijze aan beperkt vastgesteld aantal soorten te vangen of te plukken of onder zich te hebben.
Nationaal beschermde soorten a. b. c. d. e.
f.
g.
h.
In het kader van ruimtelijke inrichting of ontwikkeling; Ter voorkoming van schade of overlast; Ter beperking van omvang populaties van dieren; Ter voorkomen of bestrijding van onnodig lijden; In het kader van bestendig beheer of onderhoud landbouw of bossen; In het kader van bestendig beheer of onderhoud van vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatwerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of i.k.v. natuurbeheer; In het kader van bestendig beheer of onderhoud landschappelijke kwaliteiten gebied; In het algemeen belang
Ontheffingsgrond per beschermingsregime (Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn en Nationale soorten)
Quickscan Bouw Belvedère in Wandelbos Groenendaal te Heemstede – 12 september 2019 – 28
Bescherming van bossen (Hoofdstuk 4) Voor bosopstanden (groter dan 1000 m² of dat bestaat uit rijbeplanting van meer dan 20 bomen) buiten de bebouwde kom geldt een meldings- en herplantplicht. Door middel van de provinciale verordening geldt de meldings- en herplantplicht ook voor (evt. geknotte) populieren of wilgen in 1°. wegbeplantingen; 2°. beplantingen langs waterwegen, en 3°. eenrijige beplantingen langs landbouwgronden. In de provinciale verordening staat verder beschreven hoe de melding en herplant gedaan moet worden.
Planologische bescherming: NNN Het Natuurnetwerk Nederland (voorheen ecologische hoofdstructuur) is een samenhangend netwerk van natuurgebieden en verbindingszones. Dit programma is door de rijksoverheid geïnitieerd en middels de nota ruimte (2006) respectievelijk Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012) en Besluit Algemene Regels Ruimtelijke Ordening (2012) uitgewerkt in een planologische bescherming van het NNN. Deze bescherming houdt in dat nieuwe plannen, projecten of andere handelingen niet de wezenlijke kenmerken en waarden van NNN-gebieden mogen aantasten. De wezenlijke kenmerken en waarden worden per provincie vastgelegd in het natuurbeheerplan.
Quickscan Bouw Belvedère in Wandelbos Groenendaal te Heemstede – 12 september 2019 – 29
Bijlage 2 Bestemmingsplanregels artikel 14: Natuur 2 Artikel 14 Natuur-2 14.1 Bestemmingsomschrijving 14.1.1
De voor “Natuur-2” aangewezen gronden zijn bestemd voor:
a. het behoud, herstel en/of de ontwikkeling van de natuurlijke en de landschappelijke waarden, waaronder mede begrepen de leefgebieden van dieren en planten en – voor zover van toepassing – de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 2000gebieden; b. het behoud en herstel van landschappelijke tuinen; c. behoud van openheid, ter plaatse van de aanduiding ‘openheid’; d. een parkeerterrein, ter plaatse van de aanduiding ‘parkeerterrein’; met daaraan ondergeschikt: a. extensief recreatief medegebruik; b. speel- en ligweiden; e. bestaande vergunde (ontsluitings)wegen, paden, speel- en parkeervoorzieningen; f.
waterhuishoudkundige doeleinden;
g. bestaande sloten, beken, waterlopen en waterpartijen; h. bestaande, naar het openbaar toegankelijk gebied gerichte erf- en terreinafscheidingen, hoger dan 1 meter; i.
nutsvoorzieningen;
j.
evenementen, ter plaatse van de aanduiding ‘evenemententerrein’;
met de daarbij behorende: k. bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
14.2 Bouwregels 14.2.1
Voor het bouwen van de in 14.1.1 genoemde gronden gelden de volgende
regels: a. gebouwen en overkappingen zijn niet toegestaan. b. de hoogte van perceel- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 1 meter; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 2 meter; d. in afwijking van het bepaalde onder c mag ter plaatse van de bouwaanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – beeldend kunstwerk’ de bouwhoogte ten hoogste het
Quickscan Bouw Belvedère in Wandelbos Groenendaal te Heemstede – 12 september 2019 – 30
op de verbeelding met de maatvoeringsaanduiding ‘maximale bouwhoogte (m)’ aangeduide bouwhoogte bedragen; e. de hoogte van palen en masten mag niet meer bedragen dan 7 meter; f.
ondergronds bouwen is niet toegestaan;
g. ter plaatse van de aanduiding ‘openheid’ mag niet worden gebouwd. 14.2.2
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen
van bebouwing, ten behoeve van: a.
het behoud, het herstel en/of de ontwikkeling van natuur- en/of landschappelijke waarden van de gronden;
b.
de verkeersveiligheid;
c.
de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
14.3 Gebruiksregels 14.3.1 a.
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: het gebruik van gronden voor nieuwe paardenbakken en tennisbanen;
b.
het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen;
c.
het gebruik van gronden voor het storten van puin en afvalstoffen.
14.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 14.4.1 Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van het bevoegd gezag op de in 14.1.1 bedoelde gronden de volgende werken of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanleggen of verharden van wegen, paden, parkeergelegenheden en andere oppervlakteverhardingen; b. het aanleggen of aanbrengen van oeverbeschoeiingen of aanlegplaatsen; c. het aanleggen van dijken of andere taluds of het vergraven of ontgraven van reeds bestaande taluds; d. het aanleggen van waterlopen of waterpartijen, het vergraven, verruimen of dempen van reeds bestaande waterlopen of waterpartijen; e. het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse kabels of leidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; f. het bebossen van en aanplanten van gronden en het aanbrengen van hoog opgaande beplanting; g. het vellen, rooien of beschadigen van houtgewas, voor zover de Boswet of de Algemene Plaatselijke Verordening niet van toepassing is; h. het bodem verlagen, afgraven, ophogen en egaliseren van de grond; i. het bemalen of draineren van de grond, alsmede het winnen, toevoeren, afdammen of stuwen van water; j. het aanleggen van inrichtingen ten behoeve van aan de bestemming ondergeschikte recreatieve voorzieningen.
14.4.2 Het verbod als bedoeld in 14.4.1 is niet van toepassing op andere werken die: a. het normale onderhoud, gebruik en beheer ten dienste van de bestemming betreffen;
Quickscan Bouw Belvedère in Wandelbos Groenendaal te Heemstede – 12 september 2019 – 31
b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan; c. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning, vergunning op basis van de Wet natuurbescherming en/of een door het bevoegd gezag goedgekeurd Natura2000 beheerplan. 14.4.3 De werken of werkzaamheden als bedoeld in 14.4.1 zijn slechts toelaatbaar, indien: a. de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden van de gronden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast; b. deze in het belang zijn van het herstel en/of ontwikkeling van de natuur- en/of landschappelijke waarden. 14.4.4 Het bevoegd gezag wint ten behoeve van de beoordeling van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in 14.4.1 advies in bij de waterbeheerder.
Quickscan Bouw Belvedère in Wandelbos Groenendaal te Heemstede – 12 september 2019 – 32
Quickscan Bouw Belvedère in Wandelbos Groenendaal te Heemstede – 12 september 2019 – 33
Bijlage 3 Rapportage Verkennend bodemonderzoek Belvedère te Heemstede
Rho adviseurs voor leefruimte
20191197
RAPPORT Verkennend asbestonderzoek Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede
Datum Kenmerk
: 14 oktober 2019 : 1908M913/JHA/rap2
Opdrachtgever
: Rho Adviseurs Dhr. R. van Oosterhout Delftseplein 27b 3013 AA Rotterdam
Datum
Goedkeuring Dhr. J. van Haaster BBE (Adviseur milieu)
Opsteller, auteur
14-10-2019
Dhr. B. Noyons (Senior adviseur milieu)
Controle, 2e lezerschap
14-10-2019
Dhr. C. Brouwer BBA (Teamleider)
Vrijgave rapportage
14-10-2019
Handtekening
BRL SIKB 2000 protocol 2018
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING .......................................................................................................................... 3
2.
VOORONDERZOEK EN ONDERZOEKSOPZET .............................................................. 4 2.1. TERREINBESCHRIJVING ...................................................................................... 4 2.2 VOORONDERZOEK ............................................................................................... 4 2.3. ONDERZOEKSOPZET............................................................................................ 4
3.
VELDONDERZOEK ............................................................................................................ 5 3.1. VELDWERKZAAMHEDEN ...................................................................................... 5 3.2. VISUELE INSPECTIE MAAIVELD .......................................................................... 5 3.3. RESULTATEN VISUELE INSPECTIE EN MONSTERNEMING ............................. 7 3.4 Laboratoriumonderzoek ........................................................................................... 8 3.5. BESPREKING ONDERZOEKSRESULTATEN ....................................................... 8
4.
CONCLUSIES EN ADVIES ................................................................................................ 9
5.
BETROUWBAARHEID ..................................................................................................... 10
BIJLAGEN 1.
Kaarten en tekeningen 1.1. overzichtskaart 1.2. situatietekening
2.
Boorstaten en legenda
3.
Analysecertificaat grond
4.
Fotoreportage
5.
Rapportage monsterneming
1.
INLEIDING
In opdracht van Rho Adviseurs is een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie betreft de (voormalige) locatie van de uitkijktoren Belvedère in het Wandelbos Groenendaal te Heemstede.
Afbeelding 1: (voormalige) locatie uitkijktoren Belvedère in het Wandelbos Groenendaal te Heemstede.
Aanleiding en doelstelling onderzoek Het onderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen herbouw van uitkijktoren Belvedère. Doel van het onderzoek is het vaststellen of op de onderzoekslocatie een verontreiniging met asbest in de bodem aanwezig is. Verklaring onafhankelijkheid Uit oogpunt van onafhankelijkheid verklaart IDDS geen eigenaar te zijn, of in de nabije toekomst te worden, van het terrein waarop het bodemonderzoek en de advisering betrekking heeft. Leeswijzer De voor de locatie bekende gegevens en de opzet van het onderzoek zijn in hoofdstuk 2 beschreven. De resultaten van zowel de visuele inspectie als het grondonderzoek zijn weergegeven in hoofdstuk 3. Op basis van de verkregen onderzoeksresultaten is de onderzochte locatie beoordeeld. Deze beoordeling is samen met de eventuele adviezen ondergebracht in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 zijn de factoren, die van invloed zijn op de betrouwbaarheid van het onderzoek, toegelicht.
Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede: 1908M913/JHA/rap2
3/10
2.
VOORONDERZOEK EN ONDERZOEKSOPZET
2.1.
TERREINBESCHRIJVING
De ligging van de onderzoekslocatie is globaal weergegeven in de overzichtskaart en situatietekening in bijlage 1. Enkele locatiespecifieke aspecten zijn opgenomen in onderstaande tabel 1. TABEL 1: Locatiespecifieke gegevens Locatiespecifieke gegevens Adres
Wandelbos Groenendaal
Dichtstbijzijnde adres
Burgemeester van Rappardlaan 1
Plaats
Heemstede
Gemeente
Heemstede
Provincie
Noord-Holland
RD-coördinaten
Omschrijving: globaal middelpunt onderzoekslocatie X: 102.349
Kadastraal
Y: 484.050
Gemeente
Heemstede
Sectie
B
Nummers
10522
Hoogte maaiveld
Circa 17 m + NAP
Oppervlakte
Circa 70 m²
2.2
VOORONDERZOEK
Ter plaatse van de onderzoekslocatie is recent een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd door IDDS, kenmerk 1908M913/JHA/rap1, d.d. 26 september 2019. In betreffend onderzoek wordt geconcludeerd dat: • in de grond zintuiglijk plaatselijk bijmengingen met bodemvreemde materialen (metselpuin) zijn waargenomen; • op het maaiveld en in het opgeboorde bodemmateriaal zintuiglijk geen asbestverdachte materialen zijn waargenomen; • de grond plaatselijk licht is verontreinigd met lood en zink. Op basis van het aantreffen van bijmengingen met bodemvreemde materialen (metselpuin), is de locatie als asbestverdacht aangemerkt. 2.3.
ONDERZOEKSOPZET
Voor het vaststellen of de locatie verdacht of onverdacht is op de aanwezigheid van asbest in de bodem, is de onderzoeksopzet bepaald conform de NEN 5707+C2, Bodem - inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond (december 2017). De onderzoeksstrategie is gebaseerd op de hypothese zoals deze is vastgesteld op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek, zie hoofdstuk 2. Voor het onderhavige onderzoek is de onderzoeksstrategie voor een verkennend onderzoek asbest op diffuus belaste locaties met een heterogeen verdeelde asbestverontreiniging op schaal van de monsterneming gehanteerd.
Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede: 1908M913/JHA/rap2
4/10
3.
VELDONDERZOEK
3.1.
VELDWERKZAAMHEDEN
Ter bepaling van de milieuhygiënische bodemkwaliteit binnen de begrenzing van de onderzoekslocatie ten aanzien van asbest is de norm NEN 5707+C2;2017 gehanteerd. De onderzoeksstrategie is gebaseerd op de hypothese zoals deze is vastgesteld op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek, zie hoofdstuk 2. Voor het onderhavige onderzoek is de onderzoeksstrategie voor een verkennend onderzoek asbest op diffuus belaste locaties met een heterogeen verdeelde asbestverontreiniging op schaal van de monsterneming gehanteerd. 3.2.
VISUELE INSPECTIE MAAIVELD
Visuele inspectie maaiveld Controle voorwaarden maaiveldinspectie Bij de uitvoering van de visuele inspectie van het maaiveld geldt een aantal voorwaarden. Deze voorwaarden zijn in onderstaande tabel opgenomen. Per voorwaarde is aangegeven of aan deze voorwaarde is voldaan. Als hier niet aan voldaan is, is de oorzaak aangegeven. TABEL 2: Voorwaarden maaiveldinspectie Voorwaarde
Omschrijving
Voldaan
Het maaiveld moet vrij inspecteerbaar zijn
Er moet een zo groot mogelijk deel van het te inspecteren maaiveld vrij zijn van objecten (afdeklagen, verhardingen, opgeslagen goederen, afval enz.). Daarnaast is het noodzakelijk dat de aanwezigheid van vegetatie (gras, struiken, bladeren enz.) geen belemmering vormen voor de maaiveldinspectie. Ook behoort de te inspecteren oppervlakte voldoende representatief te zijn voor de gehele (deel)locatie. Er mag geen groot aaneengesloten deel van de (deel)locatie niet inspecteerbaar zijn. Onvoldoende inspecteerbare delen vallen buiten het inspectiegebied en blijven als asbestverdacht aangemerkt.
Ja
De toplaag moet droog en onbesneeuwd zijn
Grond zal nooit helemaal droog zijn; in dit geval wordt met ‘droog’ bedoeld dat het vochtgehalte dusdanig laag is dat er geen belemmeringen ontstaan voor de visuele inspectie. Het betreft dus veldvochtige grond zonder dat hierop plassen enz. voorkomen. Bij veel neerslag zal het bodemoppervlak na verloop van tijd te nat worden om een goede inspectie uit te voeren.
Ja
Er moet voldoende licht en zicht zijn
De hoeveelheid licht en zicht mag geen beperkende factor zijn voor een optimale visuele inspectie. Dit betekent dat de weersomstandigheden dusdanig behoren te zijn dat er geen belemmeringen optreden voor de visuele inspectie. In algemene zin betekent dit: geen neerslag (regen, hagel, sneeuw), voldoende daglicht en geen hevige mist. Bij onvoldoende daglicht is het gebruik van kunstlicht een goed alternatief.
Ja
Conclusie
Wanneer van een verdachte locatie geen visuele inspectie van het maaiveld kan worden uitgevoerd kan geen verdere opdeling worden gemaakt in verdachte en onverdachte deellocaties en dient de hele locatie als verdacht te worden beschouwd.
Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede: 1908M913/JHA/rap2
5/10
Schatting inspectie-efficiëntie Er zijn vier belangrijke factoren die van invloed zijn op de inspectie-efficiëntie. Deze factoren zijn in onderstaande tabel opgenomen. Per factor is aangegeven of deze de inspectie-efficiëntie heeft beïnvloed. TABEL 3: Voorwaarden maaiveldinspectie Factor
Omschrijving
Efficiëntie
Ervaring en conditie van de desbetreffende inspecteur
De inspectie-efficiëntie wordt voor het grootste deel bepaald door de ervaring en het waarnemingsvermogen van de desbetreffende inspecteur. De inspecteur behoort te beschikken over aantoonbare en relevante ervaring op het gebied van asbestherkenning in en op de bodem.
100 %
Type grond
In gele tot lichtbruine zandgrond is de zichtbaarheid en/of herkenbaarheid van stukjes asbestverdacht materiaal groot en zal de inspectie-efficiëntie groter zijn dan 75 %. In donkere grijze/zwarte kleigrond is de zichtbaarheid en/of herkenbaarheid veel minder en zal de inspectie-efficiëntie veel lager liggen: tussen de 50 % – 90 %.
100%
Conditie van de toplaag:
Droge grond is beter te inspecteren dan vochtige grond. Dit is vooral bij kleiachtige grond van belang; vochtige kleigrond is donkerder van kleur en kan de inspectie-efficiëntie met 10 % – 25 % verminderen. Voor losse en vastgereden grond geldt hetzelfde; vastgereden grond is minder goed te inspecteren dan losse grond. Vooral kleiachtige grond is vaak vastgereden waardoor de inspectie-efficiëntie met 10 % – 25 % vermindert.
100%
Conditie van het maaiveld:
Ook vegetatie (voornamelijk gras) en de aanwezigheid van plassen zijn van invloed op de inspectie-efficiëntie. Bij veel vegetatie en plassen (> 50 %) kan het maaiveld niet systematisch worden geïnspecteerd. Bij matige vegetatie is dit in principe wel mogelijk, echter de inspectieefficiëntie zal hierdoor met 10 % – 25 % verminderen
75 % (aanwezigheid van begroeiing / puin)
Conclusie
Inspectie-efficiëntie
75 %
Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede: 1908M913/JHA/rap2
6/10
3.3.
RESULTATEN VISUELE INSPECTIE EN MONSTERNEMING
Een samenvatting van de tijdens het veldonderzoek uitgevoerde werkzaamheden is opgenomen in de navolgende tabel. De posities van de genoemde meetpunten zijn weergegeven op situatietekening 1.2 die in bijlage 1 is opgenomen. TABEL 4: Samenvatting veldonderzoek Uitvoeringsperiode
3 oktober 2019
Uitvoerende partij
VeldXpert
Beoordelingsrichtlijn Protocol
BRL SIKB 2000 protocol 2018
Onderzoeksaspect
Meetpunten Type
Aantal
Codering
Gehele terrein Inspectiegat met boring 3 As01, As02, As03 #1: afmeting inspectiegat: 30 cm x 30 cm x 50 cm –mv / Ø 35 cm
De veldwerkzaamheden zijn verricht door VeldXpert. Het grondonderzoek is uitgevoerd onder certificaat van de BRL SIKB 2000, protocol 2018. Het procescertificaat en de hierbij behorende keurmerken zijn van toepassing op de activiteiten met betrekking tot het veldonderzoek en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie aan een erkend laboratorium of aan de opdrachtgever. Tijdens het veldonderzoek is niet afgeweken van de beoordelingsrichtlijn. Het veldverslag met daarin de gegevens van het veldwerkbureau en de namen van de veldwerkers is opgenomen in bijlage 5. Bodemopbouw Per meetpunt is de texturele, minerale en organische samenstelling van de bodem nauwkeurig beschreven. Op basis van deze beschrijving is per meetpunt een boorstaat vervaardigd. De boorstaten zijn opgenomen in bijlage 2. De globale opbouw van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie, bestaat vanaf het maaiveld tot een diepte van 2,0 m-mv uit zand. Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden (exclusief asbestverdacht materiaal) Het opgeboorde en vrijgegraven bodemmateriaal is visueel geïnspecteerd op afwijkingen en op het voorkomen van bodemvreemde bijmengingen die kunnen duiden op een mogelijke verontreiniging van de bodem. Het materiaal is met name beoordeeld op de aard, grootte en gradatie van voorkomen.
Indien er sprake is van afwijkingen en/of bijmengingen zijn deze, per meetpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 2. Op basis van de boorstaten blijkt dat in de bovengrond plaatselijk bijmengingen met bodemvreemde materialen (baksteen en metselpuin) zijn aangetroffen. Visuele inspectie maaiveld Tijdens de visuele inspectie van het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. In bijlage 4 is een fotoreportage van het terrein en de inspectiegaten opgenomen. Inspectie grove fractie Bij de inspectie van de grove fractie is de vrijgegraven grond uit de inspectiegaten geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal (grove fractie). Hierbij is de vrijgegraven grond gezeefd of uitgeharkt. Indien aanwezig is het asbestverdachte materiaal bemonsterd. Op basis van de inspectie van de grove fractie blijkt dat in het vrijgegraven en geïnspecteerde materiaal uit alle inspectiegaten visueel geen asbestverdacht materiaal is aangetroffen.
Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede: 1908M913/JHA/rap2
7/10
Monstername fijne fractie Op basis van de resultaten van het veldonderzoek is één mengmonster samengesteld. Bij het samenstellen van de mengmonsters is rekening gehouden met de bijmengingen (gradaties en samenstelling) en het voorkomen van asbestverdacht materiaal. De navolgende mengmonsters zijn samengesteld: TABEL 5: overzicht samengesteld grondmengmonster Monstercode
Deelmonsters en traject [m –mv]
Opmerking
ASBMM2
As01 (0-50) + As02 (0-50) + As03 (0-50)
-
3.4
LABORATORIUMONDERZOEK
Voor de verrichting van een kwantificatie op asbest is het grondmengmonster overgebracht naar Eurofins Omegam B.V. te Amsterdam. Het gehalte asbest in het mengmonster is bepaald conform de NEN5898. Het analysecertificaat is opgenomen in bijlage 3. De resultaten van de kwantificatie zijn in tabel 6 weergegeven. TABEL 6: Analyseresultaten grond (asbest < 20 mm) Monstercode en traject
ASBMM2
Deelmonsters
Totaal hechtgebonden [mg]
Totaal niethechtgebonden [mg]
gewogen asbest# [mg/kg.ds]
-
-
< 0,6
As01 (0-50) + As02 (0-50) + As03 (0-50)
- = niet aantoonbaar < = het gehalte is lager dan de bepalingsgrens # = gehalte serpentijn (chrysotiel) + 10 x gehalte amfibool (amosiet en crocidoliet), gecorrigeerd voor de grove fractie * = de monsterhoeveelheid voldoet niet aan de eis conform NEN 5898 (drooggewicht te laag)
3.5.
BESPREKING ONDERZOEKSRESULTATEN
Naar aanleiding van de verkregen onderzoeksresultaten blijkt met betrekking tot de bodemkwaliteit ter plaatse van de (voormalige) locatie van de uitkijktoren Belvedère in het Wandelbos Groenendaal te Heemstede het volgende: Visuele inspectie maaiveld Op het maaiveld is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Visuele inspectie gaten Tijdens de inspectie van het vrijgegraven bodemmateriaal uit de inspectiegaten is visueel geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Grond In het mengmonster van de grond (ASBMM2) zijn geen verhoogd gewogen asbestgehalten aangetoond. Totale asbest concentratie (visuele inspectie inspectiegaten en analyse grond) Op basis van de visuele inspectie (>20 mm), alsmede op basis van de analyses van de grond (<20 mm) wordt het totale gewogen asbest gehalte in grond als niet aantoonbaar beschouwd.
Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede: 1908M913/JHA/rap2
8/10
4.
CONCLUSIES EN ADVIES
In opdracht van Rho Adviseurs is een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie betreft de (voormalige) locatie van de uitkijktoren Belvedère in het Wandelbos Groenendaal te Heemstede. Aanleiding en doelstelling onderzoek Het onderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen herbouw van uitkijktoren Belvedère. Doel van het onderzoek is het vaststellen of op de onderzoekslocatie een verontreiniging met asbest in de bodem aanwezig is. Conclusies Aan de hand van de resultaten van het onderzoek kan het volgende worden geconcludeerd: Visuele inspectie maaiveld - Op het maaiveld is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Inspectie bodem - In het vrijgegraven bodemmateriaal is visueel geen asbestverdacht materiaal waargenomen. - In het mengmonster van de grond (ASBMM2) zijn geen verhoogd gewogen asbestgehalten aangetoond. Gelet op de onderzoeksresultaten kan de hypothese verdachte locatie ten aanzien van asbest worden verworpen. Op de onderzoekslocatie zijn geen verhoogd gewogen asbest gehalten aangetoond. Derhalve wordt geconcludeerd dat de grond niet is verontreinigd met asbest. Wij adviseren u om onderhavige rapportage voor te leggen aan het bevoegd gezag, zijnde gemeente Heemstede (Omgevingsdienst IJmond) ter formalisering van de onderzoeksresultaten en conclusies. IDDS Milieu B.V. Noordwijk (ZH)
Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede: 1908M913/JHA/rap2
9/10
5.
BETROUWBAARHEID
Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen geaccepteerde inzichten en methoden. Echter, een bodemonderzoek is gebaseerd op het nemen van een beperkt aantal monsters en chemische analyses. IDDS streeft naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek. Toch blijft het mogelijk dat lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit of opbouw van het bodemmateriaal voorkomen, ten opzichte van de in onderhavig rapport beschreven situatie. IDDS acht zich niet aansprakelijk voor eventuele schade die als gevolg van deze afwijkingen zou kunnen ontstaan. Hierbij dient tevens te worden gewezen op het feit dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Beïnvloeding van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) zou plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek door, bijvoorbeeld het bouwrijp maken van de locatie, het aanvoeren van grond van elders, toevoeging van bodemvreemde materialen of het naar de onderzoekslocatie verspreiden van verontreinigingen van verder gelegen terreinen via het grondwater. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voorzichtigheid betracht moeten worden.
In veel gevallen hanteren de beoordelende instanties termijnen (doorgaans maximaal 3 jaar voor een bedrijfslocatie en maximaal 5 jaar voor een woonlocatie) waarbinnen de onderzoeksresultaten representatief worden geacht te zijn. Bij het gebruik van de resultaten van dit onderzoek dient het doel van het onderzoek goed in ogenschouw te worden genomen. Zo zullen de resultaten van een onderzoek naar het voorkomen en/of verspreiding van één specifieke verontreinigende stof geen uitsluitsel bieden omtrent de aanwezigheid aan verhoogde concentraties van overige, niet onderzochte verontreinigende stoffen.
Uitkijktoren Belvedère Wandelbos Groenendaal te Heemstede: 1908M913/JHA/rap2
10/10