Bijlage 3 - Oplegnotitie bij concept Meerjarenbegroting 2021-2024.pdf
Tekst van het document
Aan Van
Deelnemers van de Metropoolregio Amsterdam Leen Verbeek, Portefeuillehouder Financien uit het Bestuur van de MRA
Onderwerp Datum
Concept Meerjarenbegroting 2021 - 2024 6 april 2022
1. Inleiding In de Samenwerkingsafspraken die eind 2021 door de MRA-deelnemers zijn vastgesteld is een nieuw instrument opgenomen: de Meerjarenbegroting. De Meerjarenbegroting is de financiele uitwerking van de MRA Agenda, en maakt inzichtelijk welke inkomsten en uitgaven zijn voorzien gedurende de looptijd van de MRA Agenda. De Meerjarenbegroting vormt daarmee het financiele kader van de MRA-samenwerking. De raden en Staten van alle deelnemers worden daarom in de gelegenheid gesteld om wensen en opvattingen te formuleren voor de concept Meerjarenbegroting, alvorens deze ter vaststelling wordt verzonden naar alle MRA-deelnemers. Op basis van een advies van de MRA Raadtafel heeft de Algemene Vergadering in haar bijeenkomst van 18 februari 2022 opdracht gegeven aan het Bestuur om een concept Meerjarenbegroting op te stellen voor de periode tot en met 2024 (gelijk aan de looptijd van de huidige MRA Agenda) en deze zo spoedig mogelijk daarna te verzenden naar alle deelnemers, zodat zij in gesprek met hun raden en Staten wensen en opvattingen kunnen formuleren. 2. Verdeelsystematiek middelen pas bij nieuwe MRA Agenda De samenwerking in de MRA is ontstaan vanuit de inhoud van de MRA Platforms. In de loop der jaren zijn programma’s en projecten gestart (en soms ook beeindigd), en zijn er zo nu en dan nieuwe onderwerpen bij gekomen of oude onderwerpen afgevallen.
Het maken van regionale afspraken hierover geschied tot nog toe veelal in de platforms. Als gevolg daarvan is een verdeling ontstaan in de begroting tussen de platforms, die de afgelopen jaren nauwelijks is gewijzigd. Dit laat weinig ruimte voor integrale en strategische afwegingen: waar zetten we onze gezamenlijke middelen voor in, en welke doelen en resultaten willen we daarmee bereiken? De complexiteit van de MRA-samenwerking (de samenhang in de uitdagingen waar we in onze regio voor staan) vraagt juist wel om die integrale afweging. Het is ook een van de verbeteringen die met de nieuwe Samenwerkingsafspraken is beoogd: het Bestuur
heeft de rol om dit gesprek te initieren en te zorgen dat deze ook goed in de platforms wordt gevoerd. Tegelijkertijd loopt de huidige MRA Agenda eind 2024 af. Om tot een nieuwe MRA Agenda te komen voor de periode 2025-2028 moet in de eerste helft van 2023 gestart worden met dit proces. Als onderdeel van dat proces moet ook uitgedacht worden hoe te komen tot een goede systematiek voor de verdeling van de MRA-middelen over de verschillende activiteiten die we willen uitvoeren. Te zijner tijd zal het Bestuur hier met een uitgewerkt voorstel voor komen. 3. Toelichting uitgangspunten Meerjarenbegroting 2021 – 2024 Voor het opstellen van de concept Meerjarenbegroting 2021 – 2024 is een aantal uitgangspunten gehanteerd. -
De opzet/ indeling van de Meerjarenbegroting is gelijk aan die van de MRA Agenda (conform advies Raadtafel en afspraak Algemene Vergadering)
-
De looptijd van de Meerjarenbegoting is gelijk aan die van de MRA Agenda (conform advies Raadtafel en afspraak Algemene Vergadering)
-
Om een inschatting te kunnen maken van de inkomsten is voor de inwoneraantallen een voorspelling gedaan op basis van de gemiddelde groei van het aantal inwoners de afgelopen 10 jaar. Dit is uitgewerkt voor alle MRAgemeenten, zodat voor de bijdrage van de beide provincies uitgegaan kan worden van de groei van respectievelijk Amsterdam en Almere.
-
Conform de afspraak uit de Samenwerkingsafspraken wordt de bijdrage per inwoner geindexeerd op basis van gemiddelde inflatie over de afgelopen 4 jaar. De bijdrage per inwoner bedraagt de komende jaren daardoor: o 2022 - € 1,56 per inwoner o 2023 - € 1,59 per inwoner o 2024 - € 1,63 per inwoner Deze bedragen zijn tot stand gekomen op basis van de gemiddelde inflatie over de afgelopen 4 jaar (2018-2021: 2,075%). De daadwerkelijke hoogte van de bijdrage per inwoner kan voor 2023 en 2024 nog hoger of lager uitvallen als de gemiddelde inflatie over de jaren 2019-2022 en/of 2020-2024 hoger of lager uitvalt.
4. Beknopte inhoudelijke toelichting Meerjarenbegoting 2021 – 2024 In de voetnotes onder de begroting staat de samenstelling van enkele begrotingsposten nader toegelicht. In deze paragraaf zal daarnaast voor een aantal begrotingsposten die de komende jaren dalen of juist stijgen in hoogte (afgezien van verhoging door indexatie) beknopt worden toegelicht welke afweging is gemaakt. -
Bezuinigingen uitvoeringslijnen EZ: in 2021 is door een bezuiniging van de gemeente Amsterdam op hun extra bijdrage voor Economie een bezuiniging doorgevoerd op een groot aantal uitvoeringslijnen die binnen het platform Economie vallen. Deze bezuinigingen werken door in 2022, 2023 en 2024, waarbij voor die jaren de begrote bedragen nog wel oplopen door indexatie.
-
0.2: Samenwerking Rijk en EU: de lobby en public affairs winnen de komende jaren aan belang; als gevolg daarvan gaan we ook meer activiteiten ondernemen en geld uitgeven. Het begrote bedrag loopt daarom stapsgewijs op. De grootste stap is tussen 2021 en 2022 als gevolg van een pilot die in 2022 start voor een gezamenlijke MRA-vertegenwoordiging in Brussel.
-
0.3: De MRA als netwerkorganisatie: in de nieuwe governance wordt ontmoeting belangrijker. In onderlinge afstemming, maar ook in bijvoorbeeld het nog beter betrekken van raden en Staten. Ook zal in 2022 het traject voor een nieuwe MRA Agenda worden gestart. Al deze ontwikkelingen betekenen meer bijeenkomsten, congressen, conferenties en dus hogere kosten voor de organisatie hiervan. Daarom is de komende jaren naast de indexatie het budget extra opgehoogd.
-
0.4: Kennishuis MRA: Vanaf 2023 is ook voorzien in extra onderzoeksbudget. Enerzijds omdat dit wenselijk is voor het proces van de nieuwe MRA Agenda, anderzijds omdat dit onderdeel is van de versterking van de MRA Directie, bijvoorbeeld door versterking van de monitoring.
-
0.5: Verantwoording: Dit is in feite het communicatiebudget. Communicatie wint de komende jaren aan belang als onderdeel van de versterking van de MRA Directie. Gericht op de gewenste toename van de transparantie. Ook voor dit budget zijn de komende jaren daarom extra kosten begroot.
-
2.1: Verstedelijkingsstrategie: Voor de verstedelijkingsstrategie zijn de afgelopen jaren steeds tekorten ontstaan op de begroting. Voor komende jaren is daarom de begroting verhoogd.
-
2.2: Wonen: Gezien het enorme belang van dit thema voor de MRA-deelnemers wordt het bedrag voor deze uitvoeringslijn in 2022 extra opgehoogd ten opzichte van 2021. Mogelijkerwijs zal voor 2023 en 2024 nog meer geld nodig zijn: hierover zullen dan afspraken worden gemaakt in het Platform Ruimte.
-
2.4: Transitieopgaven Leefomgeving: Hoewel de energietransitie als thema ontzettend belangrijk blijft voor de Metropoolregio Amsterdam, lijkt het er vooralsnog op dat de rol van de MRA-samenwerking op dit dossier gaat veranderen en daardoor minder middelen nodig zijn.
-
2.5: Kunst, Cultuur en Erfgoed: Vooralsnog is voor de komende jaren geen budget opgenomen voor deze uitvoeringslijn. Het is goed mogelijk dat alsnog blijkt dat middelen nodig zijn voor dit programma. In dat geval worden daar afspraken over gemaakt in het Platform Economie.
-
Bureaukosten: door de versterking van de MRA Directie is ook meer geld nodig voor huisvesting en ICT. Daarvoor is bij deze begrotingspost een extra bedrag opgenomen.
-
Aanjaagbudget nieuwe (integrale) programma’s of activiteiten: dit budget is een nieuw budget waar het Bestuur over kan besluiten. Hieruit kunnen programma’s of activiteiten worden gefinancierd die passen binnen de kaders van de MRA Agenda, maar die platform overstijgend zijn. Het gaat daarbij om strategische of integrale activiteiten die gericht bijdragen aan de doelen uit de MRA Agenda en/of de thema’s uit de Samenwerkingsafspraken.
-
Strategische Reserve: De strategische reserve is bestemd voor onvoorziene kosten. Het Bestuur beheert de Strategische Reserve, en bekijkt jaarlijks hoe om te gaan met tekorten en overschotten op de realisatie van de begroting.
5. Verdere proces Voor het proces tot vaststelling van de Meerjarenbegroting 2021 – 2024 zijn in de Algemene Vergadering afspraken gemaakt op basis van een advies van de MRA Raadtafel. Bovendien zijn voor dit proces ook afspraken opgenomen in de Samenwerkingsafspraken. In dit overgangsjaar wijken we af van de afspraken zoals deze zijn opgenomen in de Samenwerkingsafspraken. Normaal gesproken zou de Meerjarenbegroting worden vastgesteld in samenhang met de nieuwe MRA Agenda. De bij punt 2 van deze notitie benoemde verdeelsystematiek zou dan via een gesprek in de Platforms en het Bestuur leiden tot een goede verdeling van middelen voor de
Meerjarenbegroting. Deze verdeelsysytematiek is er momenteel nog niet. In aanloop naar de nieuwe MRA Agenda en bij het verder uitwerken en implementeren van de Samenwerkingsafspraken zal deze worden ontwikkeld: daar zullen de Platforms dan uiteraard intensief bij betrokken worden. Het proces ziet er voor dit overgangsjaar als volgt uit: Concept document: 1) 25 maart - Het Bestuur stelt een conceptdocument vast en verzend dit (uiterlijk 1e week april) naar raden en Staten, met het verzoek het document lokaal of provinciaal te bespreken en wensen en opvattingen mee te geven aan hun AVlid ter bespreking in de AV van 16 september. Het conceptdocument wordt tevens als ’ter kennisname-conceptdocument’ op de MRA-website geplaatst. 2) 16 september - Na de reactietermijn worden via het lid van de AV de wensen en opvattingen ingebracht in de Algemene Vergadering van 16 september. 3) 16 september - Op basis van deze bespreking in de AV komt de AV met een advies aan het Bestuur over wat te wijzigen aan het concept-document. Vaststelling definitieve document: 4) Uiterlijk 22 september - Het Bestuur stelt het definitieve document op en verzend dit naar raden en Staten, met het verzoek het document lokaal of provinciaal vast te stellen. Het Bestuur voegt een nota van beantwoording, alsmede haar reactie op het advies van de AV, bij.
Hierin wordt inzichtelijk gemaakt wat met de ingebrachte wensen en opvattingen van de deelnemers in de AV is gedaan (beide documenten worden als ’ter kennisname-document’ op de MRA-website geplaatst). De reactietermijn bedraagt 8 weken. 5) 18 november- Het resultaat van de lokale of provinciale vaststelling wordt via het lid van de AV ingebracht in de Algemene Vergadering, waarna bespreking plaatsvindt. 6) 18 november - De Algemene Vergadering stelt daarna het uiteindelijke document vast.