Bijlage 3. Jaarrekening 2023 Omgevingsdienst IJmond.pdf
Tekst van het document
Jaarstukken 2023 Jaarverslag Jaarrekening Publieke Sector Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden Behorende bij de controleverklaring d.d. 23 april 2024 met kenmerk 312021001.24.240
ValidSigned door A.R. Sallehart RA op 23-04-2024
Inhoud Inleiding ........................................................................................................................... 1 1 2
Financieel jaarverslag .................................................................................................. 2 Programmaverantwoording ......................................................................................... 5 2.1 Programma Milieu en leefomgeving ............................................................................ 5 2.1.1 Doelstellingen ................................................................................................ 5 2.2 Samenvatting baten en lasten programma Milieu en leefomgeving ................................. 5
3
Verplichte paragrafen .................................................................................................. 8 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................... 8 3.2 Uitgangspunten en aanpak benodigde weerstandscapaciteit .......................................... 8 3.2.1 Algemene reserve .......................................................................................... 8 3.2.2 Bestemmingsreserves ..................................................................................... 8 3.2.3 Begrotingsruimte en stille reserves................................................................... 9 3.2.4 Voorzieningen ................................................................................................ 9 3.3 Benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit .......................................................... 9 3.4 Beoordeling weerstandsvermogen ............................................................................ 12 3.5 Financiële kengetallen ............................................................................................ 14 3.6 Onderhoud kapitaalgoederen................................................................................... 15 3.7 Treasury/financiering .............................................................................................
16 3.8 Bedrijfsvoering ...................................................................................................... 17 3.8.1 Opleiding en ontwikkeling ............................................................................. 18 3.8.2 Workshops een prettige en veilige werkomgeving ............................................ 18 3.8.3 Externe ontwikkelingen ................................................................................. 19 3.8.4 Arbeidsomstandigheden en ziekteverzuim ....................................................... 19 3.8.5 Arbeidsomstandigheden ................................................................................ 21 3.8.6 Eigenrisicodrager Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) en Ziekte Wet (ZW) .......................................................................................... 21 3.8.7 Rechtmatigheidsverantwoording .................................................................... 21 3.9 Verbonden partijen ................................................................................................ 22 3.9.1 VvE Stationsplein ......................................................................................... 22 3.10 Wet Open Overheid ................................................................................................ 23
4
Jaarrekening .............................................................................................................. 25 4.1 Overzicht van baten en lasten programma Milieu en leefomgeving ............................... 25 4.2 Begrotingsrechtmatigheid ....................................................................................... 27 4.3 Toelichting overzicht van baten en lasten.................................................................. 27 4.3.1 Toelichting gerealiseerde baten en lasten ........................................................ 27 4.3.2 Baten en lasten naar taakveld ....................................................................... 29 4.3.3 Overheadkosten........................................................................................... 30 4.4 Informatie Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ........................................................................................................ 31
4.4.1 Bezoldiging topfunctionarissen ....................................................................... 31 4.4.2 Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT ................................... 32 4.4.3 Overzicht incidentele baten en lasten.............................................................. 32 4.5 Belastingen ........................................................................................................... 35 4.5.1 Omzetbelasting (BTW) .................................................................................. 35 4.5.2 Vennootschapsbelasting (Vpb) ....................................................................... 35 4.6 Resultaatbestemming ............................................................................................. 35 4.7 Balans per 31 december 2023 ................................................................................ 36 4.8 Toelichting balans .................................................................................................. 37 4.8.1 Waarderingsgrondslagen ............................................................................... 37 4.8.2 Grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording ....................................... 37 4.8.3 Materiële vaste activa ...................................................................................
38 4.8.4 Onderhandenwerk (OHW) projecten en ontvangen voorschotten voor specifieke uitkeringen ................................................................................... 38 4.8.5 Vorderingen en overlopende activa ................................................................. 38 4.8.6 Overige activa en passiva.............................................................................. 38 4.9 Niet uit de balans blijkende verplichtingen ................................................................ 46 4.9.1 Contract mobiele telefonie en vaste datalijnen ................................................. 46 4.9.2 Leasecontract autolease ................................................................................ 46 4.9.3 Restverlof ................................................................................................... 46 4.9.4 Personele verplichtingen ............................................................................... 46 4.10 Investeringen ........................................................................................................ 46 4.11 EMU-saldo ............................................................................................................ 47 4.12 Rechtmatigheidsverantwoording .............................................................................. 47 5
SiSa-bijlage specifieke uitkeringen ............................................................................ 49
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant .................................................... 50
Inleiding Dit zijn de jaarstukken van Omgevingsdienst IJmond (ODIJmond) over het boekjaar 2023. De begroting en jaarstukken van een gemeenschappelijke regeling moet voldoen aan het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (het BBV). In dit besluit zijn de richtlijnen opgenomen waaraan ODIJmond zich moet houden in het kader van de informatieverstrekking aan het Algemeen Bestuur (AB) en de informatieverstrekking aan derden. De jaarstukken zijn tweeledig en bestaan uit een jaarverslag en een jaarrekening. Het jaarverslag bestaat uit een programmaverantwoording en de verplichte paragrafen. De jaarrekening bestaat uit een overzicht van baten en lasten en de financiële positie, waaronder de balans. De jaarrekening bevat in 2023 ook de rechtmatigheidsverantwoording. Dit is een wijziging in 2023 ten opzichte van 2022 waarbij het dagelijks bestuur zelfstandig verantwoording aflegt over het feit dat zij rechtmatig heeft gehandeld.
Jaarstukken 2023
1
1 Financieel jaarverslag De zorg voor een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving wordt steeds belangrijker en complexer. We zijn met steeds meer mensen. De overheid moet keuzes maken voor het optimale gebruik van de fysieke leefomgeving. Tegelijkertijd wil zij ervoor zorgen dat onze kinderen in een gezonde omgeving opgroeien. Om lokale overheden hierbij te ondersteunen, is een goede omgevingsdienst onmisbaar. Kennisorganisatie Wij zijn een proactieve, klantgerichte kennisorganisatie. Onze experts werken in opdracht van de deelnemende gemeenten en trekken als een gelijkwaardige partner met hen op. Onze vakspecialisten ondersteunen gemeenten en andere samenwerkingsorganisaties, zoals de veiligheidsregio, Waterschappen en GGD, bij hun milieu- en omgevingstaken. Dat doen wij met een breed aanbod van producten en diensten op het gebied van bodem, milieu-, bouw- en woningtoezicht, vergunningen en meldingen, geluid en lucht, natuur- en milieueducatie, ruimtelijke ordening, klimaat, energie en duurzaamheid. Onze dienstverlening bestaat uit vergunningverlening, toezicht en handhaving en het beschikbaar stellen van expertise en advies. Algemeen De vijftien deelnemers vormen samen de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst IJmond. Deze bepaalt in artikel 36 dat het algemeen bestuur de jaarstukken, voorzien van een controleverklaring, uiterlijk op 1 augustus 2024 vaststelt.
De datum van vaststelling van de jaarstukken 2023 is gepland op 19 juni 2024. Met ingang van 29 november 2010 is de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer: 51365901 met als rechtsvorm: Publiekrechtelijke rechtspersoon; Openbaar Lichaam op basis van gemeenschappelijke regeling. Alle bedragen in de jaarrekening zijn exclusief BTW. De ODIJmond is door de Belastingdienst aangemerkt als ondernemer in de zin van de Wet op de Omzetbelasting. Hierdoor worden alle facturen die wij voor onze dienstverlening verzenden, verzwaard met het geldende tarief voor de omzetbelasting. Zelf kunnen wij geen beroep doen op het BTW- compensatiefonds. Verder is het officiële standpunt van de Belastingdienst (in 2016 ontvangen), dat de ODIJmond géén activiteiten verricht die vennootschapsbelastingplichtig zijn. Al onze activiteiten in 2020 waren vrijgesteld van vennootschapsbelasting (Vpb). In 2021 is dit gewijzigd. Een deel van de overige opbrengsten is aangemerkt als belastingplichtig. Dit is klein van omvang. Rechtmatigheid In overeenstemming met het controleprotocol dat het algemeen bestuur op 1 november 2023 heeft vastgesteld, heeft de accountant de jaarrekening gecontroleerd op getrouwheid in overeenstemming met de richtlijnen van de verslagleggingsregels Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
In november 2023 vond de interimcontrole plaats door de accountant. De uitkomsten zijn uitgewerkt in de managementletter.
Jaarstukken 2023
2
In 2023 is een positief resultaat gerealiseerd. Het financieel resultaat van 2023 is positief in vergelijking tot de begroting. Vanuit subsidieprojecten en dienstverleningsovereenkomsten zijn extra taken uitgevoerd. Deze hadden voor het grootste gedeelte een eenmalig karakter. Daarnaast zijn niet begrote rentebaten verantwoord waardoor een positief resultaat is gerealiseerd. Uitvoering van het programma 2023 Eind 2022 is door het bestuur, het uitvoeringsplan 2023 vastgesteld. Vanaf juni 2023 is de nieuwe directeur door het bestuur aangesteld. In ons inhoudelijke jaarverslag, wat geen onderdeel is van deze jaarrekening, leest u hoe de organisatie uitvoering aan het programma heeft gegeven. Directiewissel medio 2023 De nieuwe directeur heeft ervoor gekozen de eerste zes maanden zelf een beeld te vormen van de organisatie, kennis te maken met de medewerkers, de bestuurders en onze gemeenten. Krappe arbeidsmarkt en oplopend verzuim en een hoger verlof saldi Wij zijn in de afgelopen jaren flink gegroeid van 121 op 1 januari 2022 naar 144 medewerkers op 31 december 2023. We hebben te maken met een krappe arbeidsmarkt waardoor het steeds moeilijker is om vacatures in te vullen. Het langer openstaan van vacatures heeft geleid tot lagere salarislasten. Om de uitvoering op het minimale niveau te houden, hebben wij meer gebruik gemaakt van inhuur dan begroot.
Wij zien dat het niet invullen van vacatures maar ook de stijgende complexiteit veel vraagt van onze medewerkers. Door onze interne opleiding weten we medewerkers uit diverse branches op te leiden tot junior medewerker omgevingsrecht. Maar ook dit vraagt extra inzet van medewerkers die een mentorrol vervullen. Al het bovengenoemde heeft extra inzet gevraagd van medewerkers. Dat zien we terug in een oplopend verzuim alsmede de aangroei van het verlofsaldo. Om extra taken uit te voeren is geprioriteerd in de uitvoering. Stijgende overige bedrijfslasten De overige personeelslasten zijn hoger dan begroot omdat de organisatie in de afgelopen jaren sterk is gegroeid. Deze groei werkt ook door in de kosten voor het afnemen van onze licenties. Waar wij als kleine organisatie gebruik konden maken van pilot systemen of ingroeiregelingen voor het gebruik van systemen, zien we dat dit niet meer mogelijk is. Dit betekent dat wij contracten hebben moeten afsluiten tegen hogere tarieven welke niet waren begroot. Met het Noord-Hollands archief hebben wij na 20 jaar betaalde dienstverleningsovereenkomst afgesloten. De vereniging ODNL heeft een professionaliseringsslag gemaakt. Dit heeft geleid tot een in rekening gebrachte contributie over 2022 (ontvangen in 2023) en 2023. De inflatie heeft geleid tot hogere energielasten als gevolg van exorbitante prijsstijgingen.
In december 2023 is onze warmte koude centrale door schade bijna zes weken uit bedrijf geweest. De kosten voor deze reparatie zijn niet opgenomen in de begroting 2023. Deze lastenstijgingen worden voor een groot gedeelte gecompenseerd door niet begrote rentebaten.
Jaarstukken 2023
3
Visitatie, toetsingskader en evaluaties Medio 2023 zijn wij gevisiteerd door ODNL vanuit het interbestuurlijk programma VTH. De uitkomsten hiervan zijn in een rapportage met aanbevelingen samengevat. In oktober 2023 hebben wij op verzoek van de staatssecretaris het toetsingskader robuustheid ingevuld. Omdat wij net als veel omgevingsdiensten niet robuust zijn, moeten wij vóór 1 april 2024 een plan van aanpak inleveren bij de staatssecretaris. Dit proces is in november 2023 gestart onder begeleiding van een extern adviesbureau. Als onderdeel van de opdracht heeft het adviesbureau het toetsingskader onafhankelijk beoordeeld. Ook heeft in december 2023 een evaluatie van de zelforganisatie plaatsgevonden. Er is zo’n vijf jaar geleden gekozen voor zelforganisatie als organisatievorm. Dit betekent dat de verantwoordelijkheid laag in de organisatie belegd is. Er wordt gewerkt vanuit zelforganiserende cirkels (teams). De uitkomsten van deze rapportages worden in 2024 met het bestuur besproken en de aanbevelingen worden vanaf 2024 opgenomen in een vijfjaren plan.
Just Zandhuis Directeur
Jaarstukken 2023
4
2 Programmaverantwoording Alle activiteiten van ODIJmond zijn samengevoegd in één programma: “Milieu en leefomgeving”.
2.1 Programma Milieu en leefomgeving 2.1.1 Doelstellingen De beleidslijnen die de gemeenten Beverwijk Bloemendaal, Edam-Volendam, Haarlem, Heemskerk, Heemstede, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Uitgeest, Velsen, Waterland, Wormerland, Zandvoort en de provincie Noord-Holland in hun milieubeleidsplannen en ons uitvoeringsprogramma hebben neergelegd, bepaalden in 2023 grotendeels onze werkzaamheden. ODIJmond is een uitvoerende dienst en ons doel is de wettelijke taken zo adequaat mogelijk uit te voeren. Daarnaast zijn wij erop gericht burgers en bedrijven te stimuleren en te ondersteunen om een duurzame ontwikkeling in de IJmond in beweging te brengen. De activiteiten van ODIJmond beperken zich al jaren niet meer tot alleen ‘klassieke’ milieutaken. In een aantal gemeenten wordt het toezicht ook integraal uitgevoerd op brandveiligheid, Bouwen Woningtoezicht, de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht (WABO), Algemene Plaatselijke Verordeningen (APV) en Drank- en Horecawetgeving. Om haar medewerkers breed en sector overstijgend in te kunnen zetten, investeert ODIJmond in het opleiden van haar medewerkers. ODIJmond ziet voordelen in het verbreden van haar takenpakket waar deze inhoudelijk en/of procesmatig vergelijkbare voordelen biedt aan de verschillende opdrachtgevers, zoals het geval is bij de bundeling van milieutaken.
De vernieuwing van het toezicht door de integrale aanpak sluit goed aan bij deze landelijke trend. ODIJmond wil deze taken efficiënt en effectief uitvoeren.
2.2 Samenvatting baten en lasten programma Milieu en leefomgeving Wij hebben in 2023 positief resultaat van €105.487 gerealiseerd na de mutaties in de reserves. Dit is inclusief een onttrekking uit de reserves. Het resultaat is hoger dan begroot. Niet begrote baten Vooral de extra uitgevoerde taken voor Bouw en Woningtoezicht taken in voornamelijk de regio Zaanstreek Waterland hebben geleid tot meer baten uit onze dienstverleningsovereenkomsten. De projectbaten zijn hoger dan begroot. Het grootste aandeel hiervan is dat voor de uitvoering van het Interbestuurlijk programma 'versterking VTH-stelsel’ (IBP) hiervoor is minder ingehuurd is dan vooraf was begroot. De overige baten bestaan uit de vergoeding voor het opvragen van bodeminformatie, deze zijn lager dan begroot als gevolg van de stabilisatie van de woningmarkt. Daarnaast zijn hier de rentebaten verantwoord. De rentebaten waren niet begroot.
Jaarstukken 2023
5
Krapte op de arbeidsmarkt zorgt voor langer openstaande vacatures. De arbeidsmarkt is krap, zeker voor de voor ons noodzakelijke specialismen. De inhuurtarieven liggen hoog. Met name bouwplantoetsers, ecologen, vergunningverleners milieu en ervaren juristen omgevingsrecht zijn moeilijk te vinden. Ook zien we dat recruiters actief onze ervaren medewerkers benaderen om elders te gaan werken. We zetten dan ook in op het werven van relatief onervaren medewerkers, die we zelf opleiden. Dit opleiden en werkervaring opdoen kost uiteraard tijd, wat terug te zien is in de doorlooptijd van zaken. Verlofsaldo is toegenomen Steeds meer medewerkers maken gebruik van de verruimde mogelijkheden tot ouderschapsverlof. Omdat dit tijdelijk van aard is en de arbeidsmarkt en inhuurmarkt zeer krap zijn, zien wij dat andere medewerkers minder verlof opnemen. De krapte van de arbeidsmarkt zorgt er ook voor dat het ons niet lukt om ervaren medewerkers te werven. In plaats hiervan kiezen wij ervoor om zelf medewerkers op te leiden. De begeleiding van deze medewerkers vraagt veel capaciteit en inzet van onze ervaren medewerkers hierdoor nemen zij zeer beperkt verlof op. De overheadsformatie is maar zeer beperkt meegegroeid. We zien in 2023 ook dat het voor deze medewerkers minder goed lukt om hun verlofrechten aan te spreken.
Overige personeelslasten Na een aantal coronajaren en een onwennig jaar in 2022 zien we het werken op kantoor toenemen. Dit zien wij terug in de stijging van onze reiskosten. Ons verzuim is in 2023 gestegen. Dit zorgt ook voor een stijging in de lasten voor verzuimbegeleiding en inzet van bedrijfsartsen. Overige bedrijfslasten De huisvestigingskosten zijn hoger dan begroot doordat de energielasten zijn toegenomen als gevolg van prijsstijgingen. Daarnaast hebben wij bijna zes weken ons pand verwarmt met straalkachels omdat onze warmte koude installatie stuk is gegaan als gevolg van waterschade. De kosten die nodig waren voor de reparatie waren onvoorzien. De inflatiestijging voor elektra werkt ook door in de lasten voor elektrische rijden. Onze ICT-lasten zijn hoger dan begroot. Deze stijging werkt structureel door omdat wij door de omvang van de organisatie niet meer gebruik kunnen maken van software aanbiedingen voor kleine bedrijven. In 2023 is onze directeur na 23 jaar met pensioen gegaan, wij hebben bestuur, medewerkers en relaties gelegenheid gegeven om afscheid te nemen door het organiseren van een thema-avond. Voor het werven van een nieuwe directeur hebben wij gebruik gemaakt van een werving en selectiebureau. De lasten zijn hoger dan begroot. Ons pand is nieuwbouw af, en ingericht op het gebruik door 90 medewerkers.
We zien door intenser gebruik het klein onderhoud toenemen.
Jaarstukken 2023
6
In 2023 hebben wij ons voorbereid op de rechtmatigheidswetgeving omdat wij deze expertise niet in huis hebben, hebben wij hiervoor ingehuurd. Externe projectkosten In 2023 hebben wij meer projecten uitgevoerd dan begroot, de overschrijding op de externe projectlasten worden direct gedekt door de baten uit project bijdragen. Nagekomen lasten De vereniging omgevingsdienst.nl (ODNL)is geprofessionaliseerd. In 2023 hebben alle omgevingsdiensten een inhaalbijdragen moeten betalen aan de vereniging. De bijdrage die betrekking had op het vorig jaar hebben wij verantwoord als nagekomen lasten. Rentebaten In 2023 hebben wij voor het eerst rente ontvangen vanuit het schatkistbankieren. Hierdoor zijn de rente baten hoger dan begroot, deze staan voor een groot gedeelte ter dekking van de overige bedrijfslasten overschrijdingen. De rente die verband houdt met subsidie of projectbijdragen die wij op rekening hebben, zijn toegerekend aan deze projecten en niet verantwoord als baten. De resultaten van ons programma In de tabel zijn de resultaten per programma opgenomen. In overleg met het algemeen bestuur besluiten we over de bestemming van het resultaat in overeenstemming met artikel 31 uit de gemeenschappelijke regeling op de vergadering van 19 jun 2023.
Vooruitlopend hierop heeft het bestuur op 13 december 2023 het besluit genomen een bestemmingsreserve te vormen voor het schrijven van een plan van aanpak robuustheid.
TOTALEN
Realisatie
Oorspronkelijke begroting
Gewijzigde begroting
2023
2023
2023
€
€
€
Totaal baten
16.177.854
11.465.898
13.815.618
Totaal directe lasten
12.729.556
8.576.406
10.628.357
Overhead
3.394.851
2.909.963
3.232.731
Saldo van baten en lasten Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat
53.447
20.471-
45.470-
50.000
-
102.040
20.470
45.470
105.487
1-
0
Jaarstukken 2023
7
3 Verplichte paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing De term ‘weerstandsvermogen’ verwijst niet naar euro’s, maar is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit. De omvang van reserves bepalen mede de mogelijkheden om tegenvallers op te vangen. Uitgangspunt van het beleid voor de omvang van het weerstandsvermogen is dat de omvang van de beschikbare weerstandscapaciteit tenminste voldoende moet zijn om de gekwantificeerde risico’s op te vangen. Voor het beoordelen van het weerstandsvermogen is inzicht nodig in de omvang en de achtergronden van de risico’s en in de weerstandscapaciteit. Anders gezegd: het weerstandsvermogen geeft inzicht in de weerstandscapaciteit in relatie tot de risico’s. Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) definieert dit als volgt: De weerstandscapaciteit bestaat uit vrij aanwendbare middelen en mogelijkheden waarover ODIJmond beschikt om financiële tegenvallers te dekken. De risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen zijn risico’s die niet op een andere manier zijn te ondervangen.
3.2 Uitgangspunten en aanpak benodigde weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit is de financiële waardering van alle voor het weerstandvermogen relevante risico’s. Om de benodigde weerstandscapaciteit te bepalen wordt een risico-inventarisatie uitgevoerd. Risico’s betreffen mogelijke gebeurtenissen die kunnen leiden tot financiële tegenvallers, die niet goed zijn te voorzien of waarvoor geen andere maatregelen zijn getroffen. Of risico’s waarvan na het treffen van beheersmaatregelen nog restrisico’s overblijven van materiële betekenis in relatie tot de financiële positie. Van reguliere risico’s (risico’s die zich regelmatig voordoen, die veelal vrij goed meetbaar zijn en die beperkte financiële gevolgen hebben) wordt verondersteld dat deze met continuering van bestaand beleid ondervangen kunnen worden in de vastgestelde begroting. Deze maken daarom geen onderdeel uit van de inventarisatie. In de eerste plaats wordt van alle niet-reguliere risico’s afzonderlijk een inschatting gemaakt wat de kans van optreden is en welke financiële gevolgen het risico met zich meebrengt bij optreden. Vervolgens zijn door middel van een statische analyse (Monte Carlosimulatie) alle risico’s doorgerekend en is op basis van de P90-waarde de benodigde weerstandscapaciteit bepaald. ODIJmond heeft de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit in 2020 laten uitvoeren.
Deze is opgenomen in het rapport weerstandsvermogen die op 16 december 2020 is vastgesteld door het Algemeen bestuur. 3.2.1 Algemene reserve Het vrij besteedbare deel van de algemene reserve kan voor de berekening van de incidentele weerstandscapaciteit worden ingezet. De huidige omvang van de algemene reserve voor resultaat bestemming bedraagt €467.359. 3.2.2 Bestemmingsreserves Dit zijn reserves met een bestedingsfunctie waarbij geld is weggezet voor toekomstige uitgaven of investeringen. Ondanks deze bestedingsfunctie zou besloten kunnen worden, indien noodzakelijk, de bestemmingsreserve bestedingsvrij te maken om risico’s financieel op te
Jaarstukken 2023
8
vangen. Omdat dit ten koste zou gaan van bestaand beleid, hebben wij ervoor gekozen om de bestemmingsreserves niet tot de beschikbare weerstandscapaciteit te rekenen. 3.2.3 Begrotingsruimte en stille reserves De begroting van ODIJmond is sluitend, daarnaast zijn stille reserves niet aanwezig. De eventuele begrotingsruimte wordt niet als bestanddeel van de weerstandscapaciteit gerekend. 3.2.4 Voorzieningen In 2023 bestaan de voorzieningen uit een voorziening voor de onderhoudskosten van het kantoorpand, een voorziening voor financiële verplichtingen van specifieke medewerkers en een debiteurenvoorziening. Laatstgenoemde is zeer gering. De voorziening voor het onderhoud van ons pand is ontstaan voor 2021. De personele voorziening is gevormd in 2021. Omdat naast deze specifieke medewerkers, dit risico aanwezig blijft ten aanzien van andere medewerkers, wordt het risico en de weging in de benodigde weerstandscapaciteit gehandhaafd. De voorzieningen worden niet meegerekend in de beschikbare weerstandscapaciteit. Het uitgangspunt is dat alleen de Algemene Reserve en eventueel gerealiseerd resultaat in een boekjaar van ODIJmond tot de beschikbare weerstandscapaciteit wordt gerekend.
3.3 Benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Beschikbare weerstandscapaciteit (per 31 december 2023, vóór resultaatbestemming 2023) Indicatie beschikbare weerstandscapaciteit
€
Algemene reserve
467.359
Totaal
467.359
Benodigde weerstandscapaciteit Om de benodigde weerstandscapaciteit te bepalen is een risico-inventarisatie uitgevoerd. Deze heeft tot de onderstaande lijst geleid (zie volgende pagina).
Jaarstukken 2023
9
Risicoanalyse 1
Op basis van gekwantificeerde risico’s is een Monte Carlo-simulatie uitgevoerd. Het resultaat daarvan is weergegeven in figuur 1 tot en met 3.
Jaarstukken 2023
10
Figuur 1 Kansverdeling
Figuur 2 Berekening benodigde weerstandscapaciteit
Jaarstukken 2023
11
Figuur 3 Tabel weerstandscapaciteit
Uit figuur 1 valt af te lezen dat bij een zekerheidspercentage van 90% het risicoprofiel van ODIJmond € 467.360 bedraagt. Met andere woorden, in 90% van alle uitgevoerde simulaties is het bedrag dat uitgegeven dient te worden aan optredende risico’s niet hoger dan € 467.360. Risico’s die ontstaan zijn na de laatst uitgevoerde risico-inventarisatie In 2024 is een nieuwe risico-inventarisatie gepland. Een aantal risico’s is toegenomen in kans of omvang en daarnaast zijn er nieuwe risico’s. De impact op het benodigde weerstandsvermogen is nog niet berekent en niet in opgenomen in deze jaarrekening.
Risicoanalyse uitbreiding
3.4 Beoordeling weerstandsvermogen Op basis van het in de vorige paragrafen geformuleerd beschikbare en benodigd weerstandsvermogen, kan voor ODIJmond de ratio van het weerstandsvermogen worden berekend.
Jaarstukken 2023
12
Conclusie De laatste herijking van het weerstandsvermogen vond plaats in 2020, en het huidige weerstandsvermogen is gebaseerd op dit rapport en wordt verantwoord in deze jaarrekening, met een ratio van 1.0. Echter, voor 2024 staat een nieuwe risico-inventarisatie gepland waarbij sommige risico's in kans of omvang zijn toegenomen en er ook nieuwe risico's zijn geïdentificeerd. De impact van deze ontwikkelingen op het benodigde weerstandsvermogen is nog niet berekend en daarom niet opgenomen in deze jaarrekening. In onderstaande tabel geeft inzicht in de betekenis van het de weerstandsratio.
Waarderingscijfer A B C D E F
Jaarstukken 2023
Ratio > 2,0 1,4 -2,0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.8 <0.6
Betekenis Uistekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
13
3.5 Financiële kengetallen Kengetallen geven de verhouding weer tussen onderdelen van resultatenrekening en/of balans en helpen bij de beoordeling van onze financiële positie. Deze kengetallen geven inzicht in hoeveel (financiële) ruimte wij hebben om structurele en incidentele lasten te dekken. De verplicht op te nemen kengetallen in de jaarrekening staan in Artikel 113 van het BBV en worden in tabel 6 berekend en toegelicht. Ratio's
Oorspronkelijke Begroting
Gewijzigde begroting
Realisatie
2023
2023
2023
Netto schuldquote
-11,89%
-11,14%
-11,58%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio
-11,89%
-11,22%
-11,51%
5,68%
5.7%
6,04%
Structurele exploitatieruimte
-4,98%
-11,54%
-5%
Netto schuldquote, al dan niet gecorrigeerd voor alle leningen Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto-schuldquote. De quote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van rentelasten en aflossingen op de exploitatie. De langlopende lening van ODIJmond is aflossingsvrij. Er is geen sprake van rentelasten bij onze kortlopende schulden, grotendeels nog aan te wenden voor vooruit ontvangen specifieke uitkeringen. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de dienst in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Gezien ODIJmond een gemeenschappelijke regeling is waarbij het aanhouden van een groot eigen vermogen onwenselijk is, is solvabiliteit geen ratio om voor ons op te sturen. Het eigen vermogen betreft gelden van de deelnemende gemeenten. Structurele exploitatieruimte Om te zien hoe groot de structurele exploitatieruimte is, kijken wij naar de structurele baten en lasten en vergelijken deze met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Grondexploitatie Wij exploiteren geen grond, waardoor dit kengetal niet van toepassing is.
Belastingcapaciteit Omdat wij geen belastingen innen, is dit kengetal niet van toepassing.
Jaarstukken 2023
14
3.6 Onderhoud kapitaalgoederen Voor het groot onderhoud van ons gebouw is een meerjarenonderhoudsplan (MJOP) opgesteld door de afdeling Bouwkunde van gemeente Beverwijk. Het MJOP is opgesteld voor al het grote onderhoud van het gehele gebouw en verdeeld in 2 onderdelen, te weten: •
Gemeente Beverwijk, het Stadhuis;
•
Gemeente Beverwijk, het Verhuur (of markt)kantoor.
Van ieder onderdeel is een aparte MJOP opgesteld. Het MJOP is in oktober 2020 door een extern bureau, in opdracht van gemeente Beverwijk, geactualiseerd. Alle partijen zijn zelf verantwoordelijk voor de inrichting van het door hun gebruikte gebouwdeel. Gekozen is om de gebouwonderdelen, die gezamenlijk gebruikt worden en/of bij alle partijen voorkomen, gelijktijdig uit te voeren. De jaarlijkse kosten voortkomend uit het MJOP maken onderdeel uit van de begroting van de VvE. In overeenstemming met deze begroting heeft ODIJmond over 2023 hiervoor een bedrag van ongeveer € 38.750 als last verantwoord. Deze kosten komen in de jaarrekening tot uitdrukking onder de huisvestingskosten. Voor de eigen onderdelen vanuit het MJOP heeft ODIJmond vanaf boekjaar 2015 een voorziening groot onderhoud gevormd. Per 31-12-2023 bedraagt de voorziening groot onderhoud circa € 181.000. Wij achten dit afdoende om de onderhoudskosten in de aankomende jaren te kunnen dekken. In 2023 stonden geen noemenswaardige werkzaamheden op de planning. De werkzaamheden die wel op de planning stonden waren technisch niet noodzakelijk om uit te voeren. In 2024 zullen wij het MJOP voor ons deel nogmaals doorlopen en eventueel actualiseren.
Jaarstukken 2023
15
3.7 Treasury/financiering In 2014 is het treasury statuut met daarin het treasury beleid opgesteld. Het treasury statuut heeft tot doel een kader te scheppen waarbinnen de financiële continuïteit van ODIJmond kan worden gewaarborgd. Hiervoor zijn enkele doelstellingen opgesteld, namelijk: 1. Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities; 2. Het beschermen van vermogen en resultaten van ODIJmond tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s en kredietrisico’s; 3. Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; 4. Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO), de Regeling Uitzettingen en Derivaten Decentrale Overheden (RUDDO), het besluit Leningsvoorwaarden Decentrale Overheden en de limieten en richtlijnen van het treasury statuut; 5. Het realiseren van informatiestromen ter ondersteuning van de opstelling van het treasury beleid, de uitvoering van het beleid en de verantwoording daarover. In 2023 hebben wij de saldi op de betaalrekeningen actief bewaakt. Hierbij is het uitgangspunt het saldo op de betaalrekening zo laag mogelijk te houden. Met ingang van 2014 doen wij aan het verplichte Schatkistbankieren.
Door de gestegen rentes in 2023 is over het geld in de schatkist een positief renteresultaat behaald van € 91.859. Lening Ten behoeve van de nieuwbouw hebben wij een lening van € 3.700.000 bij BNG Bank afgesloten met de looptijd van 10 jaar. In 2023 bedragen de rentelasten voor deze lening € 14.430. Bij het aantrekken van vreemd vermogen zijn in de Wet FIDO grenzen gesteld in hoeverre dit mag plaatsvinden met kort vreemd vermogen en de mate waarin renterisico mag worden gelopen over de vaste schulden. De kasgeldlimiet ligt voor gemeenschappelijke regelingen op 8,2% en de renterisiconorm op 20% van de jaarbegroting met een minimumbedrag van € 2.500.000. De kasgeldlimiet is voor ons niet van belang omdat er geen kasgeldleningen zijn aangetrokken. Per 2 januari 2021 is de lening van de BNG voor tien jaar geherfinancierd, waardoor per heden de minimum risiconorm volgens de Wet FIDO niet wordt overschreden.
Jaarstukken 2023
16
3.8 Bedrijfsvoering Wij hebben als doelstelling te blijven groeien naar een organisatie van professionals waarin een optimale dienstverlening centraal staat. In 2023 is bij de bedrijfsvoering aandacht besteed aan: Personeel Op 31 december 2023 bestaat onze formatie uit 144 medewerkers met een fte van 132,43. Dit is zonder correctie voor de generatiepactregeling en exclusief externe inhuur en vacatures. Er zijn in 2023 dertien medewerkers uit dienst getreden. Eén medewerker is met pensioen gegaan en twaalf medewerkers hebben een nieuwe uitdaging elders gevonden.
Jaarstukken 2023
17
Formatieoverzicht 2023 Formatie
Oorspronkelijke Begroting 2023
Gewijzigde Begroting 2023
Realisatie
61,8
62
62
29,5
40,1
45
21,3
27,9
23,1
1,4 114
1,4 131.4
2,3 132,4
2023
GR-formatie Formatie overeenkomsten en (subsidie)projecten Overheadformatie Formatie Regeling Generatiepact Totaal formatie
3.8.1 Opleiding en ontwikkeling In 2023 zijn wij gestart met het opleiden van een groep van negen junior medewerkers omgevingsrecht. Wij hebben gedurende 2023 drie stagiaires een stageplaats aangeboden. Groeispurt Na het succes van 2022, is ook in 2023 de Groeispurt georganiseerd. Gedurende de maand oktober heeft iedereen de mogelijkheid gekregen om zich in te schrijven op een breed aanbod van workshops, presentaties en (ontspannende) activiteiten. Gedurende deze periode geven wij aandacht aan de (zelf)organisatie, maar ook aan het vergroten van de kennis over werkinhoudelijke onderwerpen en de persoonlijke ontwikkeling. Voorbeelden daarvan zijn workshops Omgevingswet, WOB wordt WOO en trainingen als Word en Excel en B1 schrijven, Datamask (een tool om gegevens te anonimiseren) en onze inkoopprocedure. We wisselen dit af met activiteiten zoals een gezamenlijke ontbijt, een natuurwandeling, fietstocht, bootcamp of stoelmassage. 3.8.2 Workshops een prettige en veilige werkomgeving In 2023 hebben we in het kader van de aanbevelingen uit de PMO-rapportage (Preventief Medisch Onderzoek) de maatschappelijke ontwikkelingen rondom psychosociale arbeidsbelasting (PSA), workshops georganiseerd. PSA zijn alle belastende factoren in het werk die tot stress kunnen leiden. Binnen het kader van de Arbowet worden de volgende onderwerpen als psychosociale arbeidsbelasting gezien: -
Agressie en geweld;
-
Seksuele intimidatie;
-
Pesten;
-
Werkdruk;
-
Discriminatie.
Jaarstukken 2023
18
We hebben tijdens de workshops aan de hand van stellingen gesproken over deze onderwerpen en hoe we met elkaar omgaan. Ook heeft de externe vertrouwenspersoon zich in een filmpje voorgesteld. Wij vinden het belangrijk dat iedereen zich prettig voelt en dat wanneer dit niet zo voelt, je dat bespreekbaar mag maken. Dit wordt onderdeel van het onboarding programma in 2024. 3.8.3 Externe ontwikkelingen De cao SGO liep af op 31 december 2023 en er ligt een bekrachtigde cao SGO 2024-2025, welke een aantal belangrijke wijzigingen bevat. Zo is de doorbetaling bij arbeidsongeschiktheid gelijkgetrokken met de landelijke wet- en regelgeving (104 weken loondoorbetaling voor arbeidsongeschiktheid op of na 31-12-2023). Is er een verplichte bijdrage (mits voldaan aan de voorwaarden) van de werkgever aan de arbeidsongeschiktheidsverzekering voor medewerkers. De opzegtermijn van medewerkers die minder dan 5 jaar in dienst zijn, is van een maand naar twee maanden gegaan. En moet er een beleidsplan vitaliteit worden opgesteld. Dit krijgt in 2024 verder vorm. We zien dat door de korte looptijd van de cao de afgelopen jaren, regeldruk ontstaat om regelingen aan te passen. Ook als het gaat om de diverse verlofregelingen die in de cao aanvullend werken op de geldende wettelijke regelingen. 3.8.4 Arbeidsomstandigheden en ziekteverzuim Ziekteverzuim Het verzuimpercentage over 2023 is 5,17%.
Het aantal meldingen is 190 met een ziekmeldfrequentie van 1,40. We zien stijging in het verzuim, met name het lange en extra lange verzuim is toegenomen. We zetten voor het komende jaar in op preventie en het opstellen van een vitaliteitsbeleid, waar ook de nieuwe cao-handvatten voor geeft. Het verzuimcijfer over de eerste drie kwartalen van 2023 voor openbaar bestuur en overheidsdiensten is 5,9% (bron CBS). In onderstaande grafiek zetten we het verzuimpercentage van ODIJmond af tegen de cijfers van het CBS.
Verzuimpercentage 7,00% 6,00% 5,00% Verzuimpercentage ODIJmond
4,00%
3,00%
CBS
2,00% 1,00% 0,00% 2019
Jaarstukken 2023
2020
2021
2022
2023
19
Verzuim 2023 3,00%
Lang; 2,60%
2,50% 2,00%
1,50%
Kort; 1,15%
Middellang; 0,81%
Kort
Middellang
1,00%
Extra lang; 0,62%
0,50% 0,00% Lang
Extra lang
Kort verzuim betreft verzuimmeldingen korter dan 8 dagen Middellang verzuim betreft verzuimmeldingen tussen de 8 en 43 dagen Lang verzuim betreft verzuimmeldingen met een duur tussen de 43 en 366 dagen. Extra lang verzuim betreft verzuimmeldingen met een duur van 366 dagen en langer.
Jaarstukken 2023
20
3.8.5 Arbeidsomstandigheden In het laatste kwartaal van 2023 heeft er een bedrijfsongeval plaatsgevonden met letsel waardoor wij een melding hebben gemaakt bij de Arbeidsinspectie. Inmiddels is de melding afgesloten en ligt er een plan van aanpak. In 2024 gaan we dit uitwerken met een herzien Arbobeleidsplan en bewustmaking van risico’s met handvatten hoe te handelen. 3.8.6 Eigenrisicodrager Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) en Ziekte Wet (ZW) Er is over 2023 geen instroom te rapporteren in zowel WGA als ZW. 3.8.7 Rechtmatigheidsverantwoording De rechtmatigheidsverantwoording heeft betrekking op drie criteria: begrotingscriterium, Voorwaardencriterium en het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium. •
Begrotingscriterium
De begrotingsrechtmatigheid heeft betrekking op het financiële handelen binnen het kader van de geautoriseerde begroting. In paragraaf 4.2 is een uiteenzetting gemaakt van de overschrijdingen. Op de totale directe lasten (excl. overhead) heeft een overschrijding plaatsgevonden van € 2.204.946. Het programma overhead kent een overschrijding van € 157.290. Deze extra lasten worden gedekt door extra baten. Gezien deze zijn toegenomen met € 2.362.236 ten opzichte van de gewijzigde begroting. Hierdoor zijn deze onrechtmatig, maar wel acceptabel conform de financiële verordening. Daarnaast blijkt een overschrijding van de investeringskredieten ad € 185.000. Gezien het feit dat in de tussentijdse rapportage melding is gemaakt van de ontwikkelingen in de kapitaalslasten, is deze overschrijding als acceptabel aangemerkt. Ten slotte is sprake van een extra toevoeging aan de reserves ad € 50.000. De toevoeging aan de reserve is niet meegenomen in de begrotingswijziging, maar is wel door het algemeen bestuur besloten op 13 december 2023. Hiermee is de begrotingsonrechtmatigheid acceptabel. •
Voorwaardencriterium
Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheers handelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving, zowel intern als extern. Zoals in het gecommuniceerde en vastgestelde normenkader 2023 en controleplan 2023 is opgenomen, zijn hierop werkzaamheden uitgevoerd op de Europese aanbestedingen en naleving van de subsidievoorwaarden. Er is een integrale check uitgevoerd op crediteuren met een uitgaaf van meer dan € 200.000 in de afgelopen 4 jaar en een uitgaaf van meer dan € 50.000 in 2023. Hierin zijn geen crediteuren aangetroffen die onterecht niet Europees aanbesteed zijn. Uit de uitgevoerde analyses op de naleving van de subsidievoorwaarden is vastgesteld dat er geen subsidiebaten zijn verantwoord waarbij is gebleken dat niet aan de subsidievoorwaarden is voldaan.
Jaarstukken 2023
21
•
Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium
In de gemeenschappelijke regeling zijn er geen regelingen waarvan misbruik te maken is door de gebruikers. Een risico wat wij zien is dat toezichthouders worden omgekocht door bedrijven of personen om een ander oordeel te vellen. Gezien hier sprake is van beïnvloeding van eigen personeel betreft dit fraude en behoort dit niet tot het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium. In 2023 zijn de directie en het dagelijks bestuur geen gevallen van fraude bekend.
3.9 Verbonden partijen Wij zijn per 31 december 2023 primair verbonden aan onze deelnemende gemeenten: Beverwijk, Edam-Volendam, Haarlem, Heemskerk, Heemstede, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Uitgeest, Velsen, Waterland, Wormerland en Zandvoort en de Provincie Noord-Holland. 3.9.1 VvE Stationsplein ODIJmond en gemeente Beverwijk zijn gezamenlijk eigenaar van het pand aan het Stationsplein 48, 48a en 48b. In overeenstemming met de akte van splitsing is een VvE geformeerd. Het bestuur is tweeledig en bestaat uit een bestuurslid van ODIJmond en een bestuurslid vanuit gemeente Beverwijk. Voor beide partijen is sprake van financiële aansprakelijkheid. Als de VvE haar verplichtingen niet nakomt, zal dit worden verhaald bij de eigenaren.
Gegevens over 2023 van de VvE:
a.
Naam en vestigingsplaats
VVE Stationsplein 48 te Beverwijk
b.
Openbaar belang dat wordt behartigd
c.
Belang in de verbonden partij
d.
Verwachte omvang van het EV
Gezamenlijk onderhoud en beheer van het pand 1-1-2023 en 31-12-2023: 3/16 deel. Voor het overige deel is de gemeente Beverwijk eigenaar. De stemverhouding is 50/50. 1-1-2023: € 15.435 31-12-2023: € 47.908
Verwachte omvang van het VV
1-1-2023: € 476.950 31-12-2023: € 597.245
e.
Verwachte omvang van het financiële resultaat
Het VV bestaat per 31-12-2023 nagenoeg geheel uit het reservefonds voor groot onderhoud. € 32.473 positief resultaat verwacht (op basis van concept jaarrekening)
(*)
*Dit op basis van de concept jaarrekening over 2023. Gedurende het boekjaar 2023 hebben wij geen bestuurlijke en financiële belangen in andere partijen gehad.
Jaarstukken 2023
22
3.10 Wet Open Overheid Inleiding De Wet Open Overheid (Woo) is ingegaan op 1 mei 2022 en legt aan bestuursorganen een aantal verplichtingen op. Eén van deze verplichtingen betreft het geven van een impuls aan openbaarheid. De wet vereist dat in begroting en jaarrekening wordt aangegeven hoe rekening wordt gehouden met de bepalingen uit de Woo. In de begroting 2023 is voor het eerst een openbaarheidsparagraaf opgenomen, evenals in de jaarstukken 2022. De Wet Open Overheid kent een viertal belangrijke aspecten: 1.
De verplichting voor ieder bestuursorgaan om een Woo contactfunctionaris aan te wijzen.
2.
Verplichtingen gericht op passieve openbaarmaking.
3.
Verplichtingen gericht op actieve openbaarmaking.
4.
Het op orde brengen van de (digitale) informatiehuishouding.
Woo contactfunctionaris Per 1 mei 2022 hebben wij deze rol ingevuld door middel van het tijdelijk beleggen bij bestaande formatie. Op deze wijze hebben we voldaan aan de wettelijke verplichting. In 2023 is het sollicitatieproces voor een definitieve invulling van deze rol gestart. Deze vacature staat tijdens het opstellen van de jaarrekening nog open. Passieve openbaarmaking De Wet Open Overheid is de opvolger van de Wet Openbaarheid van Bestuur (Wob). De Woo kent op dit gebied de nodige veranderingen ten opzichte van de Wob, onder meer is de toegestane doorlooptijd voor het beantwoorden van Woo-verzoeken aangepast. Voor de aanpassing van deze processen is eind 2023 een projectgroep gestart. In totaal zijn er 40 Woo- verzoeken afgehandeld, zijn er 24 overige verzoeken binnengekomen en hebben wij zes verzoeken andere instanties van informatie voorzien. Actieve openbaarmaking De Woo stelt de verplichting om elf benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze verplichting is in 2023 nog niet ingegaan. Dit betekent dat een datum waarop actief publiceren verplicht wordt, nog altijd niet bekend is. Wel duidelijk is dat deze verplichting niet voor alle elf categorieën tegelijk zal gelden. De eerste vier categorieën zijn wel benoemd: Raadsstukken, Organisatiegegevens, Convenanten en Woo-verzoeken.
In 2022 hebben wij het publiceren van bestuursstukken en organisatiegegevens geïmplementeerd via de website. Op convenanten en Woo-verzoeken hebben we ons in 2023 inhoudelijk en technisch verder voorbereid. Informatiehuishouding op orde De Woo verplicht dat overheidsorganisaties hun digitale informatiehuishouding binnen acht jaar (vanaf 1 mei 2022) op orde brengen. In 2023 is een impact analyse opgesteld en in 2024 wordt
Jaarstukken 2023
23
dit verder uitgewerkt in een plan van aanpak. Hiervoor is een projectgroep opgestart. De vacature hiervoor wordt ingevuld met inhuur, omdat deze nog niet is vervuld.
Jaarstukken 2023
24
4 Jaarrekening 4.1 Overzicht van baten en lasten programma Milieu en leefomgeving Financiële begroting (incl. overhead)
Realisatie
Oorspronkelijke begroting
Gewijzigde begroting
2023
2023
2023
€
€
€
Gemeente Beverwijk
1.069.887
1.126.026
1.069.887
Gemeente Bloemendaal
103.172
155.037
103.172
Gemeente EdamVolendam Gemeente Haarlem
179.799
258.603
179.799
1.549.476
1.487.519
1.549.476
Gemeente Heemskerk
597.009
666.248
597.009
Gemeente Heemstede
104.232
164.763
104.232
Gemeente Landsmeer
63.334
88.098
63.334
Provincie Noord-Holland bodemtoezichttaken
1.015.884
-
1.015.884
Provincie Noord-Holland VTH plustaken
122.717
117.789
122.717
Gemeente Oostzaan
61.111
81.810
61.111
Gemeente Purmerend
305.959
510.594
305.959
BATEN GR-bijdragen
Gemeente Uitgeest
247.780
270.335
247.780
Gemeente Velsen
1.975.597
2.059.726
1.975.597
Gemeente Waterland
99.051
136.477
99.051
Gemeente Wormerland
128.867
162.359
128.867
Gemeente Zandvoort
130.110
165.568
130.110
7.753.984
7.450.952
7.753.984
Overeenkomsten en (subsidie)projecten
8.304.802
3.964.946
6.021.634
Overige baten
119.068
50.000
40.000
16.177.854
11.465.898
13.815.618
GR-bijdragen deelnemers
Nagekomen baten TOTAAL BATEN
Jaarstukken 2023
25
Financiële begroting (incl. overhead)
Oorspronkelijke begroting
Gewijzigde begroting
2023
2023
2023
€
€
€
Salarissen en sociale lasten
10.376.754
8.941.607
10.744.721
Werving & personeelsbeleid
56.155
8.645
23.645
Inhuur derden
611.117
200.000
200.000
Scholing & employability
225.856
165.000
165.000
Overige personeelslasten
260.956
210.000
210.000
11.530.838
9.525.252
11.343.365
Afschrijvingslast Gebouw
65.260
65.300
65.300
Afschrijvingslast Verbouwing & inventaris Afschrijvingslast Vervoermiddelen
99.348
89.496
94.496
203
4.068
4.068
Afschrijvingslast ICT
77.925
127.125
127.125
Rentelast vaste schuld (aanschaf pand) Subtotaal kapitaalslasten
14.430
14.430
14.430
257.167
300.419
305.419
PZ-zaken/ salarisadministratie
48.902
35.595
46.274
Organisatieontwikkeling
13.148
10.000
25.000
Accountants- en advieskosten
62.671
35.595
39.155
Huisvestingskosten
326.665
262.386
262.386
Facilitaire kosten
33.840
25.425
25.425
ICT-kosten
441.292
357.882
357.882
Handhavingskosten
31.831
38.138
38.138
Algemene kosten
404.075
302.283
304.083
Bankkosten
1.280
1.119
1.119
Subtotaal overige bedrijfslasten
1.363.704
1.068.423
1.099.460
Externe projectkosten
2.931.155
590.475
1.112.843
LASTEN Personele lasten
Subtotaal personele lasten
Realisatie
Kapitaalslasten
Overige bedrijfslasten
Nagekomen baten en lasten
41.889
Vennootschapsbelasting
346-
1.800
-
16.124.407
11.486.368
13.861.088
TOTAAL LASTEN
Jaarstukken 2023
-
26
TOTALEN
Realisatie
Oorspronkelijke begroting
Gewijzigde begroting
2023
2023
2023
€
€
Totaal baten
16.177.854
11.465.898
13.815.618
Totaal directe lasten
12.729.556
8.576.406
10.628.357
Overhead
3.394.851
2.909.963
3.232.731
Saldo van baten en lasten
53.447
20.471-
Toevoeging aan reserves
50.000
-
45.470-
Onttrekking aan reserves
102.040
20.470
45.470
Resultaat
105.487
1-
0
4.2 Begrotingsrechtmatigheid De overschrijding van de totale baten en lasten ten opzichte van de begroting leidt in overeenstemming met de begroting per saldo tot een positief saldo van baten en lasten. De lasten zijn direct gerelateerd aan de baten en passen binnen het bestaand beleid. Na de begrote onttrekking resteert een positief saldo. Het algemeen en dagelijkse bestuur ontvangen iedere vier maanden een rapportage en zijn daarmee geïnformeerd over onder- en overschrijdingen. Het algemeen bestuur is daarmee bekend met de overschrijdingen. De overschrijding op de lasten op het programma betreft dan ook een overschrijding die gedekt wordt met direct gerelateerde baten. Hierdoor is deze onrechtmatig maar wordt deze in overeenstemming met de spelregels, die zijn opgenomen in de financiële verordening, geaccepteerd.
4.3 Toelichting overzicht van baten en lasten 4.3.1 Toelichting gerealiseerde baten en lasten Grondslagen van resultaatbepaling Het overzicht van baten en lasten is opgesteld met in achtneming van het BBV. De kosten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Opbrengsten worden verantwoord in het jaar waarin de diensten zijn verricht. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. Afschrijvingen geschieden tijdsevenredig, op basis van de verwachte economische levensduur. Op aanschaffingen in het verslagjaar wordt evenredig afgeschreven. Resultaat projecten Op de dienstverlening, buiten de GR takenpakketten, is een positief resultaat gerealiseerd. De projectbaten zijn hoger dan de begroting. Voorbeelden van niet-begrote dienstverlening betreffen de uitbreiding van dienstverlening van de taakuitvoering van bouw- en woningtoezicht. Het projectresultaat is hoger dan de begroting 2023. Dit komt met name doordat er na het vaststellen van de begroting een aantal projecten zijn gestart die direct ter dekking staan van onze formatie.
Jaarstukken 2023
27
Overige opbrengsten In 2023 is een grote renteopbrengst ontvangen als gevolg van stijgende rentes die wij ontvangen op de gelden die wij wegzetten in de schatkist. Er is geen gebruik gemaakt van deposito’s. De overige baten voor 2023 bestaan uit de vergoeding voor de informatievoorziening aan makelaars. Salarissen en sociale lasten De totale salarissen en sociale lasten geven de kosten weer van medewerkers die in deze verantwoordingsperiode bij ons werkzaam zijn, van zowel de kernformatie als de projectformatie. De kernformatie wordt ingezet om de uitvoeringsprogramma’s voor de deelnemende gemeenten en de provincie uit te voeren. In 2023 is een transitievergoeding uitbetaald als compromis voor het niet slagen van een mens-volgt-werk traject. De salarissen en sociale lasten zijn lager dan begroot als gevolg van het niet of later in kunnen vullen van vacatures. Inhuur derden Om de minimale bezetting op peil te houden is in 2023 meer gebruik gemaakt van inhuur. Inhuur wordt ingezet om bijvoorbeeld verzuim op te vangen of ter overbrugging van vacature invulling. Voor het team bouwvergunningen is in heel 2023 gebruik gemaakt van langdurige inhuur. De oorzaak hiervoor is een mens-volgt-werk traject wat niet succesvol was. Overige personeelslasten Na een aantal coronajaren en een onwennig jaar in 2022 reizen onze medewerkers weer volop naar onze kantoren.
Daarnaast is ons mobiliteitsbeleid aangepast naar 100% vergoeding voor het openbaarvervoer voor alle reizen. Wij zien dat, mede door de stijgende benzineprijzen, medewerkers meer reizen met het openbaar vervoer. Door deze effecten zijn de reiskosten hoger dan begroot. Helaas is ons verzuim opgelopen in 2023, hierdoor zijn ook de kosten voor verzuimbegeleiding door coaching en bedrijfsartsen hoger dan begroot. Kapitaallasten De kapitaallasten dalen incidenteel ten opzichte van onze begroting. In de begroting is rekening gehouden met vervangingsinvesteringen vanwege de inflatie maar ook door de geplande directeurswissel zijn deze investeringen uitgesteld. Hierdoor zijn de afschrijvingslasten lager dan begroot. Wel hebben we naar aanleiding van de pilot dit jaar in verplaatsbare vergaderruimten geïnvesteerd. Overige bedrijfslasten Het totaal van de overige bedrijfslasten is, voor aftrek van de doorbelasting aan projecten, hoger dan de begroting. In het kader van verandering in de rechtmatigheidsverantwoording is expertise ingehuurd om ons te ondersteunen met de voorbereiding hierop. In verband met de wijziging in de Wet gemeenschappelijke regelingen en de impact op onze gemeenschappelijke regeling hebben wij advies ingewonnen. Hierdoor zijn de advieskosten hoger dan begroot. De aanhoudende inflatie heeft ook in 2023 gezorgd voor een overschrijding op onze energielasten.
Daarnaast hebben wij
Jaarstukken 2023
28
in december bijna zes weken onze pand moeten verwarmen met elektrische straalkachels. Als gevolg van waterschade is onze warmte koude centrale uit bedrijf geweest. De reparatiekosten waren niet begroot. De kosten voor licenties zijn hoger door groei van het aantal applicaties maar ook doordat voor veel contracten het niet meer mogelijk is om gebruik te maken van gratis licenties als gevolg van onze toegenomen omvang. Deze incidentele kosten dekken wij uit een incidentele stijging van onze projectbaten, een daling van de kapitaallasten en door niet begroten rentebaten. De nagekomen baten en lasten welke niet worden begroot, hebben in 2023 betrekking op de naheffing van de contributie voor de vereniging ODNL. Onvoorzien Er is geen post onvoorzien begroot en daarom ook niet verantwoord in de jaarrekening. 4.3.2 Baten en lasten naar taakveld Wij verdelen de baten en lasten over de volgende taakvelden volgens het BBV: Taakveld
Baten
Lasten
Saldo
8.3 Wonen en bouwen
€ 2.392.701
€ 1.443.414
€ 949.287
7.4 Milieubeheer
€ 13.533.875
€ 11.095.561
€ 2.438.314
0.4 Overhead
€
41.335
€ 3.394.851
€-3.353.516
4.1 Openbaar basisonderwijs
€
118.084
€
176.497
€
-346
€
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)
€ 58.413 € 346
0.5 Treasury
€
14.430
€ 77.429
Gerealiseeerd saldo van baten en lasten
€ 16.177.854
€ 16.124.407
€ 53.447
0.10 Mutaties reserves
€
€
€ 52.040
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
Jaarstukken 2023
91.859
102.040
50.000
€ 105.487
29
4.3.3 Overheadkosten Specificatie Overhead
Realisatie
oorspronkelijke begroting
Gewijzigde begroting
2023
2023
2023
€
€
€
Personele lasten
1.810.873
1.669.148
1.965.752
Overige personele lasten
281.117
153.647
167.686
Afschrijvingen
164.812
158.864
159.990
Rentelasten
14.430
14.430
14.430
ICT (afschrijving + overige)
201.207
201.534
203.959
Overige bedrijfslasten
922.412
712.340
720.914
3.394.851
2.909.963
3.232.731
Totaal
Toelichting op de overheadskosten De berekening van zowel de overheadformatie als de overheadkosten is in overeenstemming met de BBV-vernieuwingen. De overheadformatie ten opzichte van de totale formatie is 17,5% op basis van FTE. Het percentage overhead ten opzichte van onze totale lasten gecorrigeerd voor externe projectkosten is 25,75%
Jaarstukken 2023
30
4.4 Informatie Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) Op 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) in werking getreden. De WNT is van toepassing op ODIJmond. Het voor ons toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 223.000 Dit betreft het algemeen bezoldigingsmaximum. 4.4.1 Bezoldiging topfunctionarissen 1.a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling
Bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
[L.A. Pannekeet] [Directeur]
J. Zandhuis [Directeur]
[01/01] – [03/06]
[02/06] – [31/12]
[1,0]
[1,0]
[Ja tot 3-62023]
[Ja, vanaf 2-62023]
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 53.690
€ 68.037
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 9.002
€ 11.664
Subtotaal
€ 62.692
€ 79.701
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum (*)
€ 94.088
€ 130.134
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
N.v.t.
Totale bezoldiging 2023
€ 62.692
€ 79.701
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
N.v.t.
[01/01] – [31/12]
n.v.t.
Dienstbetrekking?
Bezoldiging 2023:
Gegevens 2022: Aanvang en einde functievervulling in 2022 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
[1,0]
N.v.t.
Dienstbetrekking
[Ja]
[Nee]
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 120.644
€
-
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 21.944
€
-
Subtotaal
€ 142.589
€
-
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
€ 216.000
€
-
Totale bezoldiging 2022
€ 142.589
€
-
Jaarstukken 2023
31
(*) uitgaande van dienstverband t/m 3 juni 2023 (= 154 kalenderdagen) voor L.A. Pannekeet en dienstverband vanaf 2 juni 2023 (= 213 kalenderdagen) voor J. Zandhuis. Over geheel 2023 is het bezoldigingsmaximum: € 223.000. 1.d. 1d. Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder Namenlijst Dagelijks en Algemeen Bestuur
FUNCTIE
Gemeente Velsen – de heer S. Dinjens
(LID AB en DB)
Gemeente Heemskerk – mevrouw A. Zalinyan
(LID AB en DB)
Gemeente Haarlem – de heer R. Berkhout
[LID AB en DB]
Gemeente Beverwijk – mevrouw B. van den Berg
[LID AB en DB]
Gemeente Wormerland – de heer J. Schalkwijk
[LID AB en DB]
Provincie Noord-Holland – de heer J. Olthof tot juli
[LID AB]
Provincie Noord-Holland – de heer J. Beemsterboer
[LID AB]
Gemeente Purmerend – de heer M.T.A. Hegger
[LID AB]
Gemeente Edam-Volendam – de heer K. Schilder
(LID AB)
Gemeente Landsmeer – mevrouw J. van Boeijen
(LID AB)
Gemeente Waterland – mevrouw A.M.H. v.d. Weijenberg