CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3- Artikelsgewijze toelichting verordening kinderopvang op sociaal-medische indicatie.docx.pdf

Commissie Samenleving 16 november 2021, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 4: Verordening kinderopvang op sociaal-medische indicatie (SMI) Heemstede 20221.067 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting bij de verordening kinderopvang op sociaal-medische indicatie Heemstede 2022 Artikel 2 Doelgroep Een vergoeding wordt alleen verstrekt indien sprake is van een lichamelijke en/of verstandelijke beperking of een psychisch probleem van de ouder. De beperking moet van dien aard zijn dat het kind zich zonder de inzet van kinderopvang niet goed of gezond zou kunnen ontwikkelen. Tevens dient er een verband te zijn tussen de problematiek van de ouder en de noodzaak tot inzet van kinderopvang. Een aanvraag kan alleen worden ingediend door de ouder die zijn/haar woonplaats, als bedoeld in de artikelen 10, eerste lid, en 11 van boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, heeft binnen de gemeente Heemstede.

Artikel 3 Indienen van de aanvraag De gevraagde gegevens dienen met name om vast te stellen of de aanvrager voldoet aan de gestelde criteria. De kinderopvangorganisatie dat de kinderopvang gaat verzorgen, moet ingeschreven staan in het Landelijk Register Kinderopvang. Naast de genoemde gegevens kan het college ook andere gegevens vragen die het nodig acht om een besluit op de aanvraag te kunnen nemen. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan een verklaring met betrekking tot de werktijden van de ouder of omschrijving met betrekking tot de ondervonden beperkingen die van invloed zouden kunnen zijn op de noodzaak tot het afnemen van kinderopvang. Dit is geen limitatieve opsomming. Er zal een aanvraagformulier worden opgesteld dat beschikbaar kan worden gesteld aan de ouder die een aanvraag wil indienen.

Artikel 4 Advisering De tegemoetkoming wordt primair verleend op basis van in de ouder gelegen factoren. Gelet hierop verzoekt het college, alvorens tot besluitvorming over te gaan, om advies van het Loket Heemstede of het Centrum voor Jeugd en Gezin. Het Loket Heemstede of het Centrum voor Jeugd en Gezin stelt binnen 3 weken het advies op na afstemming met het Centrum voor Jeugd en Gezin of het Loket Heemstede. Op deze wijze kan worden bezien of de kinderopvang op sociaal-medische gronden noodzakelijk is.

Artikel 5 Offerte of contract van de kinderopvangorganisatie Deze gegevens dient de ouder te verstrekken aan het college, nadat het Loket Heemstede of het Centrum voor Jeugd en Gezin een positief advies heeft gegeven. Deze gegevens worden meegenomen om de hoogte van de tegemoetkoming te bepalen.

Artikel 6 Beslistermijn In de verordening wordt aangesloten bij de wettelijk bepaalde beslistermijn van de Algemene wet bestuursrecht. Het feit dat het college een termijn van acht weken heeft, na ontvangst van alle benodigde gegevens (zoals beschreven in artikel 3 en 6), om te beslissen over de aanvraag voor een tegemoetkoming, wil uiteraard niet zeggen dat het college deze termijn ook in alle gevallen benut. Er wordt naar gestreefd de behandelingstermijn van de aanvragen zo kort mogelijk te houden.

Artikel 10 Omvang en duur van de tegemoetkoming Het college heeft de mogelijkheid om een tegemoetkoming voor kinderopvang op sociaal-medische gronden toe te kennen voor minder uren dan de aangevraagde uren indien het van mening is dat de noodzaak zich tot minder uren beperkt. De tegemoetkoming wordt alleen verstrekt voor het aantal uren kinderopvang per week dat naar het oordeel van het college voor de ouder redelijkerwijs noodzakelijk is. Hierbij geldt een maximum van 33 uren per week. Daarnaast heeft het college de mogelijkheid de vergoeding voor een kortere periode dan de aangevraagde periode toe te kennen wanneer het van mening is dat noodzaak zicht tot een kortere periode beperkt. De initiële toekenning kan echter nooit de periode van 12 maanden overschrijden. Voor een mogelijke vervolgperiode dient een nieuwe aanvraag te worden ingediend. Het college kan de tegemoetkoming éénmalig verlengen voor ten hoogste 12 maanden, indien na herbeoordeling blijkt dat de noodzaak tot inzet van kinderopvang op sociaal-medische gronden nog steeds aanwezig is. Daarbij wordt meegewogen of de ouder heeft meegewerkt of in voldoende mate meewerkt aan hulpverlening om de situatie te verbeteren en de noodzaak van kinderopvang op sociaalmedische gronden zo kort mogelijk te laten zijn of weg te nemen.

Het college heeft de mogelijkheid om aanvullende eisen te stellen om de noodzaak tot kinderopvang op sociaal-medische gronden te beperken.

Artikel 11 Hoogte van de tegemoetkoming De tegemoetkoming bedraagt maximaal de kinderopvangtoeslag die de Belastingdienst zou vergoeden, indien de ouder in aanmerking zou komen voor een kinderopvangtoeslag krachtens de wet. Bij de bepaling van de hoogte van de tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang op sociaal-medische gronden wordt bij de door de Belastingdienst gehanteerde methodiek aangesloten, waarbij rekening wordt gehouden met het toetsingsinkomen van de ouder en diens eventuele partner. Het percentage van de kosten van kinderopvang dat buiten de tegemoetkoming valt wordt gezien als de inkomensafhankelijke ouderbijdrage. Bij de bepaling van de kinderopvangtoeslag door de Belastingdienst wordt gebruik gemaakt van een maximum uurtarief. Dit uurtarief wordt jaarlijks geïndexeerd en is door de wetgever vastgelegd in het Besluit Kinderopvangtoeslag. Er wordt uitgegaan van de werkelijke door de ouder en kinderopvangorganisatie overeengekomen uurprijs, mits deze niet hoger is dan het door de Belastingdienst wettelijk vastgestelde maximum. Indien de uurprijs dit maximum overschrijdt, wordt in de berekening uitgegaan van de wettelijk gemaximeerde uurprijs en komt het meerdere (de zogeheten meerkosten) voor rekening van de ouder.

Artikel 12 De betaling van de tegemoetkoming

De tegemoetkoming wordt uitbetaald in maandelijkse betalingen. Hierdoor blijft de omvang van eventuele onverschuldigde betalingen die het college van de ouder moet terugvorderen, beperkt. De tegemoetkoming wordt uitbetaald aan de kinderopvangorganisatie.

Artikel 14 Beperking noodzaak De ouder en diens eventuele partner zijn verplicht zelf al het mogelijk te doen om ervoor te zorgen dat de noodzaak tot het afnemen van kinderopvang op sociaal-medische gronden zowel in omvang als in duur zo beperkt mogelijk is. Hierbij kan gedacht worden aan het meewerken aan noodzakelijke behandelingen of het gebruikmaken van mogelijkheden om de eventuele werktijden aan te passen. Het college kan aanvullende eisen stellen, gericht op het verbeteren van de situatie, om de omvang en duur zo beperkt mogelijk te laten zijn. De aanvullende eisen worden opgenomen in het besluit en periodiek geëvalueerd.

Artikel 15 Inlichtingenplicht Het eerste lid regelt dat de ouder op verzoek van het college alle relevante gegevens, die voor de bepaling van het recht op en de hoogte van de tegemoetkoming van belang zijn, dient te verstrekken. Het tweede lid regelt dat de ouder uit eigen beweging en ongevraagd relevante wijzigingen aan het college dient te verstrekken, die kunnen leiden tot een lagere tegemoetkoming. Het niet nakomen van deze verplichtingen kan leiden tot intrekking en/of terugvordering van de tegemoetkoming.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/1123/documents/16161