Bijlage 2. Ontwerpbijdrage besluit 2025 GO BW Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer.pdf
Tekst van het document
GO Beschermd Wonen
Besluit van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen houdende de vaststelling van de bijdragen van de gemeenten waarvan de colleges aan de Gemeenschappelijke regeling Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer deelnemen (Bijdragebesluit GO Beschermd Wonen 2025) Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (hierna: GO Beschermd Wonen): Gelet op Artikel 14, vierde lid van de Gemeenschappelijke regeling Beschermd Wonen regio ZuidKennemerland, IJmond en Haarlemmermeer; Besluit vast te stellen het
Bijdragebesluit GO Beschermd Wonen 2025
Artikel 1: Begripsbepalingen De definities uit artikel 1 van de Gemeenschappelijke regeling Beschermd Wonen regio ZuidKennemerland, IJmond en Haarlemmermeer (hierna: de regeling) zijn van overeenkomstige toepassing op dit besluit. Daarnaast wordt in deze besluit verstaan onder: a.
algemene loonontwikkeling en prijsontwikkeling:
de algemene loonontwikkeling en prijsontwikkeling overeenkomstig de procentuele mutatie conform de index voor overheidsconsumptie van het Centraal Bureau voor de Statistiek;
b.
begrotingsjaar:
het kalenderjaar waarvoor een begroting geldt;
c.
dienstverleningshandvest
het dienstverleningshandvest, bedoeld in artikel 10, tweede lid van de regeling;
d.
Rijksbijdrage
de rijksbijdrage die de gemeente Haarlem, als centrumgemeente, namens de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer ontvangt voor de taakuitvoering Beschermd Wonen;
e.
objectief verdeelmodel
het verdeelmodel dat het Rijk hanteert c.q. voornemens is te hanteren, om de financiële middelen Beschermd Wonen over de gemeenten te verdelen, als opgenomen in de Eindrapportage ‘Herijking gemeentefonds sociaal domein’ van onderzoeksbureau AEF: ‘Een nieuw budgetverdeelmodel voor het sociaal domein’ d.d. 21 april 2020;
f.
verdeelsleutel
het percentuele aandeel per gemeente in de rijksbijdrage die de regio ontvangt, volgens het objectief verdeelmodel;
g.
voorlopige bijdrage
de vooraf begrote bijdrage;
h.
Wet woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen
(voorgenomen) wijziging van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 waarmee wordt geregeld dat alle gemeenten (financieel) verantwoordelijk worden voor beschermd wonen voor de eigen inwoners.
Bijdragebesluit GO Beschermd Wonen 2025
GO Beschermd Wonen
Artikel 2: Bijdrage uitvoering regionale taken door Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen Tot het moment van inwerkingtreding van de Wet woonplaatsbeginsel en het daarmee gepaard gaande objectief verdeelmodel wordt aan het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen als bijdrage in kosten van de opgedragen uitvoering van regionale taken Beschermd Wonen de Rijksbijdrage ter beschikking gesteld. Artikel 3: Betaling en verrekening zorgkosten 1. De gemeente Haarlem draagt zorg voor betaling van de zorgkosten die de door de gemeente Haarlem gecontracteerde zorgaanbieders in rekening brengen. 2. De gemeente Haarlem verrekent de in het eerste lid gedane betalingen met het GO Beschermd Wonen, nadat deze de totale zorgkosten voor alle deelnemers heeft vastgesteld in de jaarrekening. Artikel 4: Budget en kostenopgaaf lokale uitvoering taken Beschermd Wonen 1. Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen stelt tot de invoering van het objectief verdeelmodel aan de individuele gemeenten budget beschikbaar voor de lokale uitvoering van taken op het gebied van beschermd wonen, na een unaniem besluit van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen over welke taken het betreft en de (financiële) voorwaarden waaronder de taken worden uitgevoerd. 2.
Gemeenten brengen eenmaal per jaar de kosten van het lopende begrotingsjaar ten behoeve van de lokale uitvoering van taken in rekening bij het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen. Deze opgaaf wordt uiterlijk op 31 december gedaan. Artikel 5: Vereveningsfonds Tot het moment van inwerkingtreding van de Wet woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen en het objectief verdeelmodel stelt het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen geen vereveningsfonds bedoeld in artikel 14, vijfde lid van de regeling in. Artikel 6: Innovatiefonds 1. Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen richt een innovatiefonds op. 2. Jaarlijks stelt het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen in de begroting het bedrag vast dat wordt toegevoegd aan het innovatiefonds. 3. Gemeenten kunnen, naar rato van de in het aanvraagformulier opgenomen verdeelsleutel, aanspraak maken op middelen uit het innovatiefonds door individueel of gezamenlijk (project)voorstellen in te dienen. 4. Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen stelt criteria vast op basis waarvan een (project)voorstel wordt beoordeeld, alsmede het aanvraag- en beoordelingsproces van een (project)voorstel. 5. Voor toekenning van middelen uit het innovatiefonds moet een (project)voorstel in ieder geval aan de volgende eisen voldoen: a.
Het voorstel voldoet aan de onder 4 genoemde criteria voor toekenning uit het Innovatiefonds Opvang, Wonen en Herstel; b. Voor nieuwe woonvoorzieningen voor Beschermd Wonen gelden de criteria van het nog door het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen vast te stellen ‘Afwegingskader nieuwe wooninitiatieven Beschermd Wonen’; c. Het projectvoorstel wordt begeleid door een aanvraagformulier met handtekening van de betrokken bestuurder(s). Bijdragebesluit GO Beschermd Wonen 2025
GO Beschermd Wonen
6. De beleidsadviseurs in het regionale Opvang, Wonen en Herstel overleg (OWH) beoordelen het projectvoorstel inclusief het door de bestuurder ondertekende aanvraagformulier aan de hand van de onder 4 genoemde criteria en adviseren binnen acht weken na ontvangst van een projectvoorstel over de toekenning van middelen uit het innovatiefonds. Vervolgens wordt het besluit tot toekenning vanuit het innovatiefonds ondertekend door de betrokken bestuurder(s). Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen ontvangt het besluit ter informatie. 7. In afwijking van het derde lid kan het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen naar aanleiding van een projectvoorstel besluiten bij de toekenning van de middelen af te wijken van de verdeelsleutel. Voor dit besluit is een meerderheid van drie vierde van de stemmen vereist. Artikel 7: Reserve 1. Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen beschikt over een reserve, welke is genaamd de reservepositie Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen. 2. De middelen die aan de reserve worden toegevoegd zijn in elk geval: a. de reservepositie Beschermd Wonen op 31 december 2023, die wordt beheerd door de gemeente Haarlem; b. het financiële overschot van de rijksbijdrage. 3. De reserve wordt aangewend om de volgende kosten te bekostigen: a. het tekort op de Rijksbijdrage; b.
het tekort van de centrumgemeente Haarlem op de taakuitvoering Maatschappelijke Opvang, bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in de periode van 1 januari 2024 tot en met maximaal 3 jaar na de ingangsdatum van de Wet woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen en het objectief verdeelmodel, mits deze ingangsdatum niet later is dan 1 januari 2026. Aan het eind van deze periode neemt het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen een besluit ten aanzien van het al dan niet voortzetten van deze afspraak en in welke vorm. 4. In aanvulling op het derde lid kan het GO Beschermd Wonen besluiten de reserve aan te wenden om andere dan in de in het derde lid genoemde kostenposten ten behoeve van Beschermd Wonen te dekken. Voor dit besluit is een meerderheid van drie vierde van de stemmen vereist. 5. Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen besluit jaarlijks bij het vaststellen van de begroting over de inzet van de reserve. 6. Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen draagt ervoor zorg dat de reserve bij het vaststellen van de begroting minimaal € 5 miljoen bedraagt. 7. Wanneer de reserve van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen onder het minimum komt, zullen alle gemeenten de reserve naar rato van de verdeelsleutel aanvullen. 8.
Wanneer de reserve bij het vaststellen van de begroting groter is dan € 7 miljoen, wordt het resterende bedrag op basis van de verdeelsleutel uitgekeerd aan de gemeenten. 9. In afwijking van het zesde en achtste lid kan het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen besluiten dat een hogere of lagere stand van de reserve benodigd is. Voor dit besluit is een meerderheid van drie vierde van de stemmen vereist. Artikel 8: Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Dit besluit wordt aangehaald als ‘Bijdragebesluit Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen 2025’.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen van 28 maart 2024. Bijdragebesluit GO Beschermd Wonen 2025
GO Beschermd Wonen
De voorzitter
De secretaris
[naam]
[naam]
Bijdragebesluit GO Beschermd Wonen 2025