Bijlage 1 - Startnotitie wonen en zorg versie 03-12-2024.docx.pdf
Tekst van het document
Startnotitie wonen en zorg Aanleiding startnotitie Gemeenten zijn per 2026 via de Wet versterking regie volkshuisvesting verplicht om een visie op wonen en zorg te integreren in het Volkshuisvestingsplan, die in lijn is met het beleidsplan maatschappelijke ondersteuning. De Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/ IJmond (bijlage 1) schetst een regionaal beeld over woonzorgopgave. Een volgende stap is een lokale visie op te stellen. In Heemstede integreren wij de visie op wonen en zorg in het beleidsplan maatschappelijke ondersteuning om het woon- en zorgdomein meer met elkaar te verbinden. Doel startnotitie De startnotitie is een eerste stap om binnen Heemstede te verkennen voor welke doelgroepen wij een lokale visie op wonen en zorg opstellen. Het voorstel is ons als gemeente te richten op ouderen, mensen met een psychische kwetsbaarheid, kwetsbare jeugd en (dreigend) dakloze mensen. 1. Wonen en zorg Wonen en zorg verwijst naar het concept waarbij de woonomgeving en zorgbehoeften van inwoners gecombineerd worden. Om mensen die tijdelijk of permanent niet volledig zelfstandig kunnen wonen, te ondersteunen in een geschikte woonomgeving die hen tegelijkertijd de nodige zorg of begeleiding biedt. Het gaat hier bijvoorbeeld om ouderen, mensen met een psychische kwetsbaarheid of kwetsbare jeugd.
Heemstede heeft een groeiende opgave als het gaat om het huisvesten van inwoners met een (toekomstige) zorgvraag. Er zijn een aantal leidende principes/ factoren te benoemen die van invloed zijn op de vraag naar een woonomgeving waarmee zorgbehoeften gecombineerd zijn, ofwel; een passende woonvorm. Factoren en principes van invloed op woonzorgopgave
Dubbele vergrijzing
Stijgende zorgvraag
Druk op de woningmarkt
Zelfstandigheid thuis en eigen regie
Zorg en ondersteuning aan huis
Kanteling naar kleinschalige woonvormen
Zorg op maat Figuur 1
Dubbele vergrijzing De dubbele vergrijzing in Heemstede komt tot stand doordat de levensverwachting van inwoners stijgt. De verhouding ouderen (65 of ouder) stijgt harder dan de groep inwoners die daar niet toe behoort. Daarnaast worden deze ouderen steeds ouder door de toegenomen levensverwachting waardoor deze groep inwoners extra groot wordt. De vraag naar een woonaanbod dat is afgestemd op zorgbehoeften neemt toe. Stijgende zorgvraag Er is sprake van een stijgende zorgvraag op meerdere terreinen. Doorgaans hebben ouderen meer zorg en ondersteuning nodig dan jongere inwoners. De groep ouderen groeit. De zorgvraag van ouderen kan daarnaast langdurig en intensief zijn. Daarnaast wordt de groep (dreigend) dakloze mensen in Heemstede groter, waardoor meer vraag is naar tijdelijke opvangvoorzieningen.
Druk op de woningmarkt De vraag naar woningen is groter dan het aanbod. Daarom wordt het steeds lastiger om geschikte woningen te vinden die ook nog voldoen aan behoeftes met betrekking tot zorg en ondersteuning. De scope van doelgroepen met een woon- en zorgvraag wordt kleiner op de toch al overspannen woningmarkt. Zelfstandigheid thuis en eigen regie Een fundamenteel principe in wonen en zorg is het bevorderen van zelfstandigheid van inwoners, voor zover dat mogelijk is. Dit houdt in dat inwoners de regie over hun eigen leven behouden, bijvoorbeeld door hen keuzes te bieden in zorg en ondersteuning, activiteiten en hun dagelijkse routine. Het doel is om mensen in staat te stellen hun eigen leven te leiden, zelfs als ze zorg of ondersteuning nodig hebben. Er wordt gestreefd naar zorg die zo min mogelijk ingrijpt in de persoonlijke vrijheid en die mensen stimuleert om actief deel te nemen aan hun omgeving. We stimuleren inwoners daarmee zo zelfstandig mogelijk thuis te wonen. Dit betekent dat mensen die zorg of ondersteuning nodig hebben, zoveel mogelijk in hun eigen woning kunnen blijven wonen en hun dagelijkse activiteiten zelf kunnen blijven uitvoeren, ondanks eventuele fysieke, mentale of sociale beperkingen. Mogelijk met hulp van de omgeving. Dit geldt ook voor onze jeugd.
Het principe om kinderen in hun eigen omgeving te laten opgroeien, ook wanneer ze jeugdhulp nodig hebben, is gebaseerd op het idee dat de vertrouwde, huiselijke omgeving voor een kind essentieel is voor zijn of haar ontwikkeling. Zorg en ondersteuning aan huis Bij zorg en ondersteuning aan huis komen zorg- en welzijnspartners bij inwoners thuis om zorg of ondersteuning te verlenen. Dit kan variëren van medische zorg tot persoonlijke verzorging of individuele begeleiding, afhankelijk van de behoeften van de cliënt. Zorg en ondersteuning aan huis is steeds meer nodig om mensen in zelfstandigheid binnen de eigen omgeving te kunnen laten wonen. In plaats van inwoners te verplaatsen naar een zorginstelling zoals een verzorgingshuis of instelling voor beschermd wonen. We gebruiken ook wel de term extramuralisering om het proces aan te duiden waarbij zorg die voorheen binnen instellingen werd verleend (intramuraal), buiten de muren van de instelling wordt aangeboden. Het liefst in de thuis- of gezinssituatie van de inwoner. Kanteling naar kleinschalige woonvormen Niet alle zorg is te realiseren in de thuissituatie. Er is nog wel vraag naar voorzieningen, maar meer in een vorm die dichter bij het dagelijks leven van inwoners staat; op een kleinschalige manier. De vraag naar kleinschalige woonvormen die rekening houden met een zorg- of ondersteuningsbehoefte groeit daardoor.
Zorg op maat Iedere persoon heeft unieke zorgbehoeften. Het principe van zorg op maat houdt in dat de zorg wordt afgestemd op de specifieke wensen, behoeften en mogelijkheden van de bewoner. Deze wensen kunnen zich zowel uiten in de woon- als de zorgbehoefte van de inwoner en houden vaak verband met elkaar.
2. Aandacht voor kwetsbare doelgroepen Vanuit verschillende landelijke en regionale kaders (bijlage 2) wordt aandacht gevraagd voor de woon en/of zorgvraag van verschillende doelgroepen. In de regionale woonzorgopgave wordt de focus gelegd op de regionale context van het woonzorgvraagstuk. De doelgroepen uit de regionale woonzorgopgave komen deels overeen met de doelgroepen uit landelijk of regionaal beleid. Echter, in de regionale Woonzorgopgave is de focus vooral gelegd op doelgroepen waarbij de behoefte bestaat op het gebied van zowel wonen als zorg, waarbij zelfstandig wonen niet van zelfsprekend is. In de volgende tabel worden de doelgroepen uit landelijk/ regionaal beleid en de doelgroepen uit de regionale woonzorgopgave weergeven. In bijlage 3 is een bredere omschrijving te vinden van de uit landelijk- en regionaal beleid voortkomende doelgroepen. Waarin ook voorbeelden van mogelijke voorzieningen worden benoemd en de regionale opgaven nader toegelicht. Doelgroepen landelijk/ regionaal beleid
Doelgroepen regionale Woonzorgopgave
Mensen met een lichamelijke, verstandelijke, zintuigelijke of psychische kwetsbaarheid die wegens ernstige chronische medische redenen andere huisvesting nodig hebben.
Mensen met een psychische kwetsbaarheid
(Dreigend) dakloze mensen. Inclusief uitstroom uit de maatschappelijke opvang, bankslapers en mensen op niet-conventionele woonplekken.
Mensen die uitstromen uit beschermd wonen. Woningzoekenden die uitstromen uit (jeugd)detentie en forensische zorg.
Mensen met een behoefte aan wonen met begeleiding, beschut, beschermd wonen (Wmo, Wlz); ▪ Mensen die de thuissituatie hebben verlaten, of dreigen te verlaten in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld; ▪ Mensen die uitstromen uit detentie/ forensische zorg; ▪ Mensen met multiproblematiek zoals GGZ, LVB en gedragsproblematiek (intramuraal en extramuraal). (Dreigend) dakloze mensen ▪
Mensen die de thuissituatie hebben verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving (Wmo-doelgroep); ▪ Mensen die niet door multiproblematiek dakloos zijn geworden of blijven, maar vanwege financiële tegenslag, al dan niet als gevolg van een relatiebreuk. Alleen op het leefdomein huisvesting ondervinden zij een probleem, op andere leefdomeinen zijn zij zelfredzaam (ook wel economisch dakloze mensen genoemd). Mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking. Jeugdigen/ jongeren met een zorg met verblijfbehoefte ▪
Jeugdigen (18-) met een behoefte aan jeugdhulp met verblijf of verpleegzorg; ▪ Jongeren (18-23 jaar) met zorg-/ opvang- of verblijfbehoefte (verlengde jeugdhulp, begeleid wonen e.d.) Ouderen van 65 jaar en ouder. ▪
Mensen die uitstromen uit de vrouwenopvang, slachtoffers van huiselijk geweld of mensenhandel. Jeugdigen die uitstromen uit de jeugdzorg Stoppende sekswerkers Verleners of ontvangers van mantelzorg. Statushouders / vergunninghouders Arbeidsmigranten Studenten Woonwagenbewoners Ouderen Mensen die uitstromen uit klinische geestelijke gezondheidsinstellingen
Figuur 2
Voor de doelgroepen benoemd in de regionale woonzorgopgave spelen de volgende regionale opgaven: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Meer vraag naar (intensieve) zorg aan huis; Blijvende grote vraag naar sociale huurwoningen; Meer vraag naar kleinschalige woonvormen en specialistische regionale voorzieningen; Ouderen zijn de grootste groep; Een regionaal verdelingsvraagstuk voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen.
3. Woonzorgprofiel Heemstede De volgende doelgroepen (figuur 3) worden voorgesteld om mee te nemen in de lokale visie op wonen en zorg. Het uitgangspunt voor de voorgestelde doelgroepen is dat er sprake is van een vraag op het gebied van wonen als op het gebied van zorg of ondersteuning. Woonzorgprofiel Heemstede
Ouderen
Mensen met een psychische kwetsbaarheid
Kwetsbare jeugd
Dreigend dakloze mensen Figuur 3
Ouderen We stellen voor om ouderen mee te nemen in de lokale visie op wonen en zorg, omdat het naar verwachting gaat om de hardst stijgende doelgroep binnen het woonzorgvraagstuk. Deze doelgroep wordt daarnaast niet voorgesteld als wettelijke urgentiecategorie1. Er ontstaat behoefte aan passende woonvormen waar ouderen zo zelfstandig mogelijk kunnen wonen, met eventuele zorg en ondersteuning aan huis. Accenten in de behoeftes kunnen liggen in de fysieke inrichting van deze woningen, of op welke manier deze woningen (in elkaars nabijheid) zijn geclusterd. De visie op wonen en zorg van Heemstede zal bijdragen aan het principe zorg zo thuis mogelijk te organiseren, waardoor ouderen er voor kunnen kiezen langer thuis te blijven wonen. De verwachting is niet dat de vraag naar meer intramurale settingen zal dalen, gezien de groei van deze doelgroep in het algemeen. Dat betekent dat er vraag zal blijven bestaan naar intensievere zorg. Ondanks dat dit soort settingen doorgaans niet vallen onder de Wet maatschappelijke ondersteuning nemen we die vraag wel mee voor het totaalbeeld van Heemstede op het gebied van wonen en zorg. Mogelijke voorzieningen Nultredenwoningen, geclusterde (nultreden)woningen, (particuliere) initiatieven gericht op intensieve zorg.
Mensen met een psychische kwetsbaarheid We stellen voor om deze doelgroep mee te nemen in de lokale visie op wonen en zorg, omdat de beweging voor deze doelgroep is dat deze zorg waar mogelijk (nog meer) thuis gaat plaatsvinden. Dat maakt dat niet alleen de vraag naar sociale huurwoningen groter wordt, maar ook naar kleinschalige woonvormen. Die hebben we in Heemstede nog niet voldoende om deze Een aantal doelgroepen worden voorgesteld als wettelijke urgentiecategorie in het wetsvoorstel Versterking Regie Volkshuisvesting. Zie ook het kopje ‘welke doelgroepen nemen we niet mee? en waarom?’. 1
doelgroep te kunnen huisvesten. Een behoefte ontstaat aan passende woonvormen voor mensen met een behoefte aan begeleiding, beschermd wonen (of varianten daarvan); mensen met problemen op meerdere leefgebieden, zoals in het domein van de geestelijke gezondheidszorg (GGZ), een licht verstandelijke beperking (LVB) en gedragsproblematiek. Er vallen onder deze doelgroep dus verschillende subcategorieën. Mogelijke voorzieningen Kleinschalige woonvoorziening; als een vriendenhuis, woongroep voor mensen met een licht verstandelijke beperking of pauzeplekken. Kwetsbare jeugd We stellen voor om deze doelgroep mee te nemen in de lokale visie op wonen en zorg. Jeugd wordt hier benoemd als aparte categorie, ondanks dat er overeenkomsten zijn met de doelgroep ‘mensen met een psychische kwetsbaarheid’. Deze scheiding is aangebracht omdat de jeugdhulpverlening separaat is georganiseerd en op jeugd gerichte voorzieningen (en daarmee behoeften) verschillen in eigenschappen van voorzieningen voor volwassenen. Ook voor kwetsbare jeugd geldt dat de instroom in intramurale instellingen zo veel als mogelijk wordt voorkomen en uitstroom wordt bevorderd. De groep kwetsbare jeugd die zou instromen in intramurale instellingen komt meer terecht in de wijk, in een kleinschalige situatie die past bij het dagelijks leven.
We proberen jeugdhulpverlening zo veel als mogelijk te voorkomen en waar het nodig is vorm te geven in de gezinssituatie. Zo is het voorkomen van uithuisplaatsing een belangrijk doel binnen de jeugdhulpverlening. Uithuisplaatsing is een ingrijpende maatregel die vaak alleen wordt genomen als er ernstige zorgen zijn over de veiligheid of het welzijn van een kind. We proberen dit te voorkomen, zodat (de meest kwetsbare) kinderen in hun eigen vertrouwde omgeving kunnen opgroeien en zich ontwikkelen. Als gemeente ondersteunen we dit principe zodat we onze kinderen een vertrouwde, stabiele en veilige omgeving kunnen bieden. Om deze jeugdigen zo thuis mogelijk te kunnen laten wonen, is het belangrijk dat er wordt ingezet op begeleiding thuis. Als dat niet lukt moeten we kunnen faciliteren in ondersteuning in kleinschalige woonvoorzieningen. In Heemstede zien we dat het grootste gedeelte van deze doelgroep zich bevindt in de leeftijdscategorie van 16 tot en met 19 jaar. We zien binnen Heemstede geen stijging in de aantallen. Op dit moment heeft onze gemeente geen voorzieningen die deze groep bedient in een kleinschalige setting. Mogelijke voorzieningen Kamers met kansen, een gezinshuis.
(Dreigend) dakloze mensen We stellen voor om deze doelgroep mee te nemen in de lokale visie op wonen en zorg, omdat er druk staat op de regionale maatschappelijke opvang en de vraag naar voorzieningen voor economisch daklozen binnen Heemstede groeit. Er vallen dus twee subcategorieën onder deze doelgroep. Onder (dreigend) dakloze mensen verstaan we allereerst inwoners die de thuissituatie hebben (of dreigen te) verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Het kan hier bijvoorbeeld gaan om mensen die verblijven in de maatschappelijke opvang, op niet conventionele woonplekken en bankslapers. Er is naast een woonvraag, ook een duidelijke hulpvraag, bijvoorbeeld binnen het domein van de openbare geestelijke gezondheidszorg. We verwachten dat deze doelgroep verder zal groeien en daarmee de vraag naar passende woon- of verblijfplekken stijgt. Het Centraal Bureau voor Statistiek geeft aan een landelijke stijging van 15
procent te zien over 2023 wanneer het gaat om dakloze mensen2. Voor deze doelgroep bestaat de regionale voorziening maatschappelijke opvang (gelegen in Haarlem), die onder druk staat. Bij (dreigend) dakloze mensen kan het tevens gaan om mensen die door financiële tegenslag of een relatiebreuk op straat komen te staan. Wanneer er op andere leefdomeinen geen hulpvragen zijn hebben we het over economisch dakloze mensen, echter sluiten we een eventuele hulpvraag niet uit. Deze hulpvraag valt alleen niet binnen het domein van de openbare geestelijke gezondheidszorg. Momenteel zien we de groep economisch daklozen binnen Heemstede groeien en merken we dat het ook gaat om gezinnen met kinderen. Naar verwachting ligt de oorzaak hiervan deels in het tekort op de woningmarkt, anderzijds is dit afhankelijk van de situaties waarin deze mensen verkeren. Een tijdelijke oplossing kan zijn om opgevangen te worden door de gemeente als het eigen netwerk is uitgeput. Naast tijdelijke (nood)huisvesting vanuit de gemeente wordt er ondersteuning of begeleiding geboden in het vinden van permanente huisvesting. Regionaal geldt voor deze doelgroep twee doelstellingen: 1. In 2030 is de behoefte aan grootschalige opvangvoorzieningen tot een minimum beperkt en is het gedachtegoed van ‘wonen eerst’ gemeengoed in de regio. 2.
Housing First 3 als methode van aanpak kan in iedere gemeente geboden worden om dakloosheid te voorkomen en als uitstroommogelijkheid (bijv via Pact voor Uitstroom en), zodat mensen zo thuis mogelijk kunnen wonen, het beroep op intramurale voorzieningen afneemt en mensen sneller kunnen herstellen. Mogelijke voorzieningen Maatwerkvoorziening economisch daklozen, maatschappelijke opvangvoorziening Welke doelgroepen nemen we niet mee? En waarom? Voor een aantal van de doelgroepen waarvoor aandacht wordt gevraagd met betrekking tot wonen en zorg geldt dat zij ook worden voorgesteld als urgentiecategorie vanuit het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting. Met het markeren van deze urgentiecategorieën worden voor deze doelgroepen de kansen op de woningmarkt groter. Het gaat hier om: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Mensen die uitstromen4 uit de maatschappelijke opvang; Mensen die uitstromen uit beschermd wonen; Jeugdigen die uitstromen uit jeugddetentie; Jeugdigen die uitstromen uit jeugdzorginstellingen Mensen die uitstromen uit instellingen voor klinische geestelijke gezondheidszorg;
▪
Mensen die uitstromen uit de forensische zorg;
Bericht VNG over groei dakloosheid in 2023 Housing first gaat uit van het principe dat dakloosheid een gebrek aan volwaardige huisvesting is en dus in beginsel een woonprobleem, geen zorgprobleem. Het behouden en verkrijgen van huisvesting is daarmee het eerste en belangrijkste antwoord om dakloosheid te voorkomen en beëindigen. Het hoeft hier nog niet te gaan om permanente huisvesting. 4 Voor sommige doelgroepen ontstaat een verschil wanneer het gaat om in- of uitstroom. Het gaat bij de niet-opgenomen doelgroepen om de uitstromende inwoners uit instellingen, deze worden voorgesteld als urgentiecategorie. De inwoners met een psychische kwetsbaarheid en kwetsbare jeugd welke doorgaans zouden instromen in instellingen worden voorgesteld wél op te nemen in de lokale visie op wonen- en zorg. 2 3
▪ Mensen die uitstromen uit de vrouwenopvang; ▪ Daarnaast gaat het om slachtoffers van huiselijk geweld, stoppende sekswerkers en verleners of ontvangers van mantelzorg. 5 Daarnaast stellen we voor de volgende doelgroepen niet mee te nemen. De reden is voor deze doelgroepen anders dan dat zij worden opgenomen in als urgentiecategorie in de huisvestingsverordening. Het gaat om de volgende doelgroepen: ▪
Mensen met een fysieke beperking en een intensieve zorg nodig hebben
In de landelijke beschrijving: ‘Mensen met een lichamelijke, verstandelijke, zintuigelijke of psychische kwetsbaarheid die wegens ernstige chronische medische redenen andere huisvesting nodig hebben’ komt ook de doelgroep met een lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking terug. Uit de regionale prognose wonen en zorg blijkt, op basis van demografische cijfers, dat voor mensen met een fysieke beperking die intensieve zorg (vanuit de Wet langdurige zorg) nodig hebben, geen uitbreiding van extra plaatsen nodig is tot 2040. Daarom wordt voorgesteld deze doelgroep niet mee te nemen in de lokale visie op wonen en zorg. Mensen met een psychische kwetsbaarheid zijn zowel opgenomen als voorgestelde doelgroep in de lokale visie op wonen en zorg, als urgentiecategorie. Omdat naast zelfstandige woningen, ook andere kleinschalige voorzieningen nodig zijn. Deze groep is daarnaast opgenomen in het Regionaal kader opvang wonen en herstel. ▪
Statushouders, vergunningshouders en asielzoekers
Wanneer het gaat om statushouders, vergunninghouders en asielzoekers verloopt de eventuele huisvesting via de wettelijke taakstelling. Deze groep is reeds opgenomen in de huisvestingsverordening. ▪
Oekraïense vluchtelingen
De huisvesting van Oekraïense vluchtelingen verloopt via een separate route. Oekraïense vluchtelingen komen momenteel niet in aanmerking voor sociale huurwoningen, dan wel de urgentie daar toe. ▪
Arbeidsmigranten
De huisvesting van arbeidsmigranten is voor Heemstede op dit moment geen prioriteit omdat hier niet tot nauwelijks sprake van is. Er bestaat voor deze doelgroep ook geen gecombineerde woon-zorgvraag.
5
In de huidige huisvestingsverordening dienen we de volgende groepen al met urgentie te huisvesten. Deze komen deels overeen. Personen in tijdelijke opvang i.v.m. huiselijk geweld of relationele problemen, mantelzorgers, mensen met lichamelijke of psychische kwetsbaarheid, stadsvernieuwingsurgentie, uitstroomregelingen zoals Pact, woningzoekende die door natuurgeweld of niet eigen opzet hun huis verliezen en statushouders.
▪
Studenten
De huisvesting van studenten is voor Heemstede op dit moment geen prioriteit omdat Heemstede geen onderwijsinstellingen voor hoger (beroeps)onderwijs heeft waarvoor huisvesting van studenten gerealiseerd zou moeten worden. Er bestaat voor deze doelgroep ook geen gecombineerde woon-zorgvraag. ▪
Woonwagenbewoners
De huisvesting van woonwagenbewoners zou beleidsmatig beter op zijn plaats zijn in een woonwagenstandplaatsenbeleid. Er bestaat voor deze doelgroep ook geen gecombineerde woon-zorgvraag. 4. Proces en samenhang woonzorgvisie en huisvestingsverordening In het eerste kwartaal van 2025 stelt de raad de visie op wonen en zorg vast in het beleidsplan maatschappelijke ondersteuning. Met de vaststelling van de startnotitie worden kaders meegegeven wanneer het gaat om de op te nemen doelgroepen binnen de visie op wonen en zorg. Deze doelgroepen worden, via het Wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting, niet voorgesteld als urgentiecategorieën. Daarmee krijgen deze doelgroepen in beginsel geen voorrang op (sociale huur) woningen. Met de visie op wonen en zorg proberen we als gemeente ook voor deze doelgroepen de mogelijkheden op de woningmarkt te vergroten, afgestemd op zorg- en ondersteuningsbehoeften. Doelgroepen die wel worden voorgesteld als urgentiecategorie komen terug in de huisvestingsverordening. In laatste kwartaal van 2025 stelt de raad de huisvestingsverordening vast, om de woningmarkt te reguleren en de verdeling van huurwoningen te organiseren. Daarmee bestaat samenhang tussen de visie op wonen en zorg en de huisvestingsverordening. In het eerste kwartaal van 2025 stelt de raad de uitgangspuntennotitie van de huisvestingsverordening vast.
5. Planning Wat
Wanneer
Toelichting
Voorleggen startnotitie aan college B&W voor akkoord
10 december 2024
Tijdens collegevergadering
Technische sessie wonen en zorg
Januari 2025
Er wordt een presentatie gegeven over de regionale woonzorgopgaven. En de keuzes die bestaan in een profiel voor Heemstede, samen met de ontwikkelingen rondom de huisvestingsverordening. Hiervoor worden de commissie samenleving en ruimte uitgenodigd.
Onder voorbehoud van agendacommissie Voorleggen startnotitie wonen en zorg raadscommissie
15 januari 2024
Tijdens commissievergadering
Vaststellen startnotitie wonen en zorg gemeenteraad
30 januari
Tijdens raadsvergadering
Vaststellen uitgangspuntennotitie huisvestingsvestingsverordening commissie ruimte
Q1 2025
Tijdens commissievergadering
Consultatie klankbordgroep
Januari/ februari
In totaliteit in beleidsplan maatschappelijke ondersteuning
Verwerken input gemeenteraad en klankbordgroep Wmo in paragraaf wonen en zorg
Januari/ februari
Besluitvorming beleidsplan maatschappelijke ondersteuning
Maart 2025
College en Raad
Besluitvorming huisvestingsverordening
Q4 2025
College en Raad