Bijlage 1 Baggerplan 2025-2034.pdf
Tekst van het document
Baggerplan gemeente Heemstede Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034 TI25241 15 december 2025
Baggerplan gemeente Heemstede Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
Opdrachtgever
Gemeente Heemstede Raadhuisplein 1 2101 HA Heemstede
Colofon
Tijhuis Ingenieurs B.V. Dampten 24C 1624 NR Hoorn
Projectnaam Onderdeel Projectnummer
Baggerplan gemeente Heemstede Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034 TI25241
Versie 01 Opsteller
Ing. M. Brouwer
Vrijgave
T.G. van Wegberg Msc DN: cn=T.G. van Wegberg, c=NL, o=Tijhuis Ingenieurs
Datum
16 december 2025
Status
Definitief
Archiefcode
Digitaal ondertekend door T.G. van Wegberg
B.V., email=t.vanwegberg@tijhuisingenieurs.nl Datum: 2025.12.18 10:45:54 +01'00'
TI25241.bbp.0102
2
Inhoudsopgave
1
Inleiding
5
2
Informatie plangebied
6
3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10
Eisen en randvoorwaarden Kaderrichtlijn water Omgevingswet Besluit activiteiten leefomgeving en Besluit bodemkwaliteit Handelingskader PFAS Waterschapswet Natuurbescherming Riooloverstorten Asbest Archeologie Ontplofbare Oorlogsresten
7 7 9 10 11 12 13 14 15 15 16
4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Uitgangspunten Baggerprogramma Milieuhygiënische kwaliteit waterbodem Hoeveelheid baggerspecie Baggermethoden Verwerkingsmogelijkheden Controlepeilingen en actualiseren baggerplan
17 17 18 20 21 23
5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6
Kosten baggerwerkzaamheden Kosten methode, verwerking en uitvoering Uitgangspunten eenheidstarieven Voorbereiding en begeleiding Ontvangstplicht baggerspecie Controlepeilingen en actualiseren baggerplan Indexatie
24 24 25 25 25 27 27
6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6
Duurzaamheid Nota Duurzaam Heemstede 2025-2030 Schoon en emissieloos bouwen Reductie schadelijke emissies Waterkwaliteit en biodiversiteit Natuurvriendelijke oevers Bestrijding exoten
28 28 28 28 31 32 34
3
7 7.1 7.2 7.3
Meerjarenplanning Uitgangspunten baggerplanning Meerjarenplanning Aanbevelingen
35 35 35 36
8
Verantwoording
38
Bijlagen* 1 2 3
a Totaaloverzicht kosten b Uitvoeringskosten Overzicht te baggeren hoeveelheden Hoogheemraadschap Rijnland Overzicht vaarwegen in primair water
Tekeningen* TI25241-BBP-TK-0101 TI25241-BBP-TK-0201
Overzichtstekening baggerplanning Duurzaam baggerbeheer
*De bijlagen en tekeningen zijn apart toegevoegd aan dit pdf-bestand. In de meeste pdf-programma’s zijn de bijlagen te openen door op de paperclip-symbool te klikken.
4
1
Inleiding
De gemeente Heemstede is verantwoordelijk voor een deel van het onderhoud van de watergangen in de gemeente. In 2019 heeft de gemeente een baggerplan voor de watergangen in haar beheer op laten stellen. In opdracht van de gemeente heeft Tijhuis Ingenieurs BV actualisatie van dit beheerplan uitgevoerd en het geactualiseerd baggerbeleid- en beheerplan 2025-2034 opgesteld. Aanleiding De gemeente voert zijn onderhoudsbaggerwerkzaamheden uit op basis van het baggerplan dat in 2019 is opgesteld. In de afgelopen 5 jaar zijn echter wijzigingen ontstaan in de onderhoudsverplichtingen, zijn de kosten voor de uitvoering van de werkzaamheden gestegen en is duurzaam beheer een rol gaan spelen binnen de gemeente. Hierdoor is het bestaande baggerplan toe aan een update waarmee deze voor de komende 5 jaar aansluit bij de actuele regelgeving, financiële kaders en ambities op het gebied van duurzaamheid. Doel Het doel van het plan is inzicht geven in het noodzakelijke baggeronderhoud voor de komende jaren.
De doelstelling van het plan kan worden onderverdeeld in de volgende onderdelen: ● Eisen en randvoorwaarden vanuit het beleid; ● Omschrijving plangebied; ● Indicatief beeld van de kwaliteit van de waterbodems; ● Inzicht in de hoeveelheid aanwezige baggerspecie; ● Vaststellen van verwerkingsmogelijkheden van de vrijkomende baggerspecie; ● Opzetten meerjarenplan voor de baggerwerkzaamheden; ● Maatregelen en kosten voor opnemen duurzaamheid in baggerwerkzaamheden; ● Ramen van de kosten verdeeld over de voorgenomen planperiode. Het baggerplan bestaat uit twee onderdelen: een digitaal waterbodeminformatiesysteem (WIT) en een beschrijvend document: het baggerbeheerplan. Leeswijzer Het te onderhouden areaal is opgenomen in een digitaal waterbodeminformatiesysteem WIT. In het systeem zijn de gegevens van de waterbodem (kwaliteit en hoeveelheid) online vastgelegd. Hiermee is altijd inzicht in de actuele onderhoudstoestand van het watersysteem. Het onderliggende baggerbeheerplan is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 gaan we in op het gebied en de onderhoudsverplichtingen. Daarna bespreken we in hoofdstuk 3 de voorwaarden uit het beleid. De uitgangspunten voor het baggerplan beschrijven we in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 is de kostenopbouw opgenomen. Duurzaamheidsaspecten bespreken we in hoofdstuk 6. Tot slot zijn het baggerprogramma en de aanbevelingen opgenomen in hoofdstuk 7.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
5
2
Informatie plangebied
De gemeente Heemstede is gelegen in de provincie Noord-Holland en is een bestuurlijke eenheid sinds het einde van de 13de eeuw. De gemeente wordt aan de noord- en noordoostzijde begrensd door Haarlem. Aan de westzijde wordt Heemstede begrensd door de binnenduinrand in de gemeente Bloemendaal en aan de zuidzijde door Bennebroek (gemeente Bloemendaal) en de Ringvaart van de Haarlemmermeer. De totale oppervlakte van de gemeente is ca. 9,6 km 2 (waarvan 0,5 km2 water) en het aantal inwoners in 2025 ligt op 27.550 personen. De gemeente bestaat uit slechts 1 kern, Heemstede, is nagenoeg volledig stedelijk gebied en bevat een aantal (voormalige) buitenplaatsen en landgoederen, waaronder het wandelbos Groenendaal van 80 ha. In figuur 2.1 is een overzicht weergeven van het projectgebied.
Afbeelding 2.1 Ligging gemeente Heemstede met watergangen in gemeentelijk beheer (Bron: OpenTopo) De te onderhouden watergangen bestaan voornamelijk uit lintvormige watergangen en enkele vijvers. Op de tekening TI25241-bbp-TK-0101 zijn de te onderhouden watergangen weergegeven. De voornaamste functie van de watergangen is waterberging en -afvoer. Daarnaast zijn de watergangen in meer of mindere mate van belang voor natuur en recreatie, en zeker in stedelijk gebied ook voor beleving/esthetiek. Het hoogheemraadschap van Rijnland (HHR) maakt als waterbeheerder onderscheid in primaire, secundaire en tertiaire watergangen. Bij primaire watergangen voert Rijnland meestal het onderhoud zelf uit. Voor secundaire en tertiaire watergangen ligt de onderhoudsplicht over het algemeen bij de eigenaar of de ‘aangelande’: de eigenaar van het perceel grenzend aan de watergang. Binnen de gemeentegrenzen is dit in veel gevallen de gemeente Heemstede. Dit vormt dan ook de basis voor de scope van dit baggerbeheerplan. In dit baggerbeheerplan gaan we in op de watergangen waarvoor de gemeente verantwoordelijk is voor het baggeren. Ook zijn de watergangen meegenomen die worden onderhouden door het Hoogheemraadschap, maar waarvoor een ontvangstplicht door de gemeente geldt.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
6
3
Eisen en randvoorwaarden
Het baggerbeleid van de gemeente wordt grotendeels gevormd door de bestaande wet- en regelgeving en de daaruit volgende normen en richtlijnen. Dit betreft zowel het actuele landelijke beleid, het beleid van het waterschap als het door de gemeente vastgesteld beleid. In relatie tot het baggeren van de watergangen in is het volgende beleid het meest relevant: ● Kaderrichtlijn water ● Omgevingswet ● Besluit activiteiten leefomgeving ● Besluit en Regeling bodemkwaliteit ● Handelingskader PFAS ● Waterschapswet ● Wet- en regelgeving Natuurbescherming ● Regelgeving m.b.t riooloverstorten ● Wet- en regelgeving m.b.t. asbest ● Wet- en regelgeving archeologie ● Wet- en regelgeving ontplofbare oorlogsresten De eisen en voorwaarden die volgen uit bovenstaande beleidsregels hebben we in dit hoofdstuk vertaald naar de situatie van de gemeente Heemstede. Daarnaast zijn de belangrijkste veranderingen met de invoering van de Omgevingswet uitgelicht.
3.1 Kaderrichtlijn water Het Europese waterbeleid is verwoord in de Kaderrichtlijn Water (KRW). De richtlijn is sinds eind 2000 van kracht voor het waterbeheer. Onder de KRW valt het totaal aan activiteiten die tot doel hebben om het grond- en oppervlaktewater zo goed mogelijk te beheren. Uiterlijk in 2027 moeten alle lidstaten aan strenge normen met betrekking tot de waterkwaliteit en ecologie voldoen. In Nederland is de KRW vertaald in landelijke beleidsuitgangspunten, kaders en instrumenten. Binnen de KRW zijn in Nederland zogenaamde deelstroomgebieden gedefinieerd (Eems, Schelde, Maas en Rijn). Per deelstroomgebied zijn waterlichamen vastgesteld met een minimaal oppervlak van 0,5 km2 of een stroomgebied van 10 tot 100 km2. De KRW maakt onderscheid tussen grotere wateren, ook wel waterlichamen genoemd (zoals meren, kanalen en boezemwateren), en kleinere wateren, zoals poldersloten. De KRW richt zich vooral op de grotere waterlichamen en minder op de kleinere wateren. Per waterlichaam zijn doelen voor de waterkwaliteit (chemisch, fysisch en ecologisch) vastgesteld. De doelen worden gemonitord en gerapporteerd. Indien nodig worden maatregelen geformuleerd en uitgevoerd om tot de gewenste kwaliteit te komen. Binnen het beheersgebied van het Hoogheemraadschap van Rijnland liggen 40 van die waterlichamen, waarvan 3 in de gemeente Heemstede (afbeelding 3.1).
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
7
Afbeelding 3.1 KRW-lichamen binnen het beheergebied van het Hoogheemraadschap van Rijnland Een goede waterkwaliteit betekent dat er in het water geen overschot is aan voedingsstoffen en/of vervuilende stoffen. Een goede ecologische toestand houdt in dat de leefomgeving voor waterdieren en planten zo optimaal mogelijk is. Daarnaast is er een grote en evenwichtige variatie in plant- en diersoorten aanwezig (biodiversiteit).
Situatie gemeente Heemstede Binnen de gemeente Heemstede liggen de volgende KRWlichamen: ● Amsterdamse waterleidingduinen (NL13_36) ● Ringvaartsysteem (NL13_40_2) ● Trekvaartsysteem (NL13_47) Het initiatief voor het nemen van maatregelen in het kader van de KRW ligt bij de waterkwaliteitsbeheerder, in dit geval Hoogheemraadschap van Rijnland. De gemeente Heemstede is hoofdzakelijk verantwoordelijk voor kleinere watergangen buiten het kader van de KRW (‘overige watergangen’). Alleen de watergang langs de Leidsevaartweg (tussen huisnr 51 en de Manpadslaan) is in beheer bij de gemeente, maar wel onderdeel van de KRW.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
8
3.2 Omgevingswet In de Omgevingswet is het beheer van het oppervlaktewater en grondwater geregeld, in samenhang met de ruimtelijke ordening. Ingrepen in het watersysteem of lozingen worden via de Omgevingswet en bijbehorende besluiten vergund. De wet is de basis voor normen die aan watersystemen worden gesteld. Voor de waterbeheerder is dit het instrument om onaanvaardbare wateroverlast te voorkomen. Ook geeft de Omgevingswet en bijbehorende regelingen normen voor de bergings- of afvoercapaciteit van regionale watersystemen. Het Hoogheemraadschap van Rijnland is als waterkwaliteitsbeheerder verantwoordelijk voor het uitvoeren van de wet. De Omgevingswet biedt de volgende voor de gemeente relevante bestuurlijk-juridische instrumenten voor het uitvoeren van het waterbeleid. ● Gedoog- en duldplichten Rechthebbenden (waaronder gemeente en particulieren) moeten een aantal waterbeheeractiviteiten gedogen of dulden. Zo mag op gronden, gelegen aan of in een watersysteem, baggerspecie of maaisel dat vrijkomt bij onderhoudswerkzaamheden worden achtergelaten, de zogenaamde ‘ontvangstplicht’. Als de gemeente de waterbeheerder is, bijvoorbeeld bij bermsloten, kan zij deze gedoogplicht voor het ontvangen van baggerspecie of maaisel opleggen aan aanliggende eigenaren. De gemeente moet daarentegen ook baggerspecie ontvangen dat vrijkomt bij baggerwerkzaamheden uitgevoerd door het waterschap.
Als ontvangst op het perceel niet mogelijk is, kan het waterschap kosten voor afvoeren en storten van de baggerspecie in rekening brengen bij de gemeente. ● Algemene regels en de integrale omgevingsvergunning In de Omgevingswet vallen zoveel mogelijk activiteiten onder algemene regels. Deze regels zijn uitgewerkt in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Ook het verwerken van baggerspecie valt onder algemene regels. In het Bal staan ook meldingsplichten en vergunningplichten voor specifieke activiteiten. ● Rijkswateren en regionale wateren In het Omgevingsbesluit (bijlage II) worden rijkswateren en regionale wateren gedefinieerd. In dit besluit staat welke wateren, kunstwerken en waterkeringen in beheer zijn bij het Rijk. Voor de regionale wateren zijn vrijwel altijd de waterschappen beheerder. De instelling en nadere regeling van de waterschappen wordt geregeld via de Waterschapswet (zie §3.5) en de daarop gebaseerde waterschapsreglementen, die door provinciale staten worden vastgesteld.
Situatie gemeente Heemstede De gemeente kan voor de watergangen waarvan zij waterbeheerder zijn, de gedoogplicht opleggen aan de aanliggende eigenaren voor het ontvangen van baggerspecie vrijkomend bij de onderhoudsbaggerwerkzaamheden. Als er geen geschikte aangrenzende locatie beschikbaar is van dezelfde ontvangstplichtige, bijvoorbeeld vanwege de aanwezigheid van bouwwerken, moet de specie afgevoerd worden op kosten van de ontvangstplichtige. Voor de vrijkomende baggerspecie uit de primaire watergangen die door het Hoogheemraadschap worden gebaggerd, is de gemeente ontvangstplichtig. Omdat de gemeente geen eigen baggerdepot heeft, zijn de kosten voor het afvoeren van verspreidbare baggerspecie voor de gemeente. Voor het baggeren van de watergangen en de lozing van oppervlaktewater die daarbij optreedt, kan een melding noodzakelijk zijn op basis van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en/of de waterschapsverordening. Bij het verwijderen van sterk verontreinigde baggerspecie (gehalte boven interventiewaarden) dient hiervoor een werkinstructie te worden opgesteld.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
9
3.3 Besluit activiteiten leefomgeving en Besluit bodemkwaliteit In het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) en de daarbij behorende Regeling bodemkwaliteit (Rbk) zijn voorwaarden en de normen voor het verspreiden en toepassen van grond en baggerspecie vastgelegd. Er bestaan verschillende toetsingskaders waarbinnen de baggerspecie kan worden hergebruikt als functionele toepassing. Voor de afzet van de baggerspecie uit de gemeente Heemstede lichten we hieronder de meest relevante hergebruikskaders toe. Verspreiden baggerspecie op landbodem In de Rbk wordt baggerspecie, op basis van toetsing voor verspreiding, ingedeeld als Verspreidbaar of Niet verspreidbaar. Baggerspecie die op basis van een milieuhygiënisch onderzoek waterbodem wordt aangemerkt als Verspreidbaar, kan onder de volgende voorwaarden worden verspreid op landbodem of worden toegepast in een weilanddepot: ● De baggerspecie moet voldoen aan de kwaliteitseisen voor verspreiding op landbodem. Deze normen zijn afgeleid van normen voor voedselveiligheid en ecologische risico’s. Er hoeft niet getoetst te worden aan de kwaliteit van de ontvangende bodem. ● Verspreiden op landbodem is toegestaan tot 10 km vanaf de watergang van waaruit de baggerspecie afkomstig is. Aanvullend geldt: ▪ Het moet om landbouwpercelen gaan.
▪ In natuurgebieden is verspreiden alleen toegestaan op aan de watergang grenzende percelen. ▪ Er geldt een ontvangstplicht voor het ontvangen van baggerspecie, maar uitsluitend voor aan de watergang aangrenzende percelen. ● Ook de inrichting van een weilanddepot voor verspreidbare baggerspecie is mogelijk tot 10 km vanaf de watergang; dit geeft vooral voor stedelijke gebieden veel meer mogelijkheden dan voorheen. Hierbij geldt: ▪ Het moet om landbouwpercelen gaan. ▪ In natuurgebieden is een weilanddepot alleen toegestaan op aangrenzend percelen. ▪ Een weilanddepot geldt als een vorm van ‘tijdelijk opslag’. ▪ De tijdelijk opslag mag maximaal 3 jaar duren. ▪ De opslag dient met de voorziene duur en eindbestemming 5 dagen vooraf gemeld te worden via het Digitaal Stelsel Omgevingswet. ▪ De tijdelijk opgeslagen baggerspecie dient (uiteindelijk) functioneel te worden toegepast. Dit kan ook door de ingedroogde baggerspecie op de depotlocatie achter te laten, mits her hierbij gaat om het herstellen of verbeteren van de bodemgesteldheid van die gronden (Bal art. 4.1269. lid 3). Toepassen baggerspecie in een oppervlaktewaterlichaam Voor toepassing in een oppervlaktewaterlichaam (‘op de waterbodem’) worden voor baggerspecie de klassen Algemeen toepasbaar, Licht verontreinigd, Matig verontreinigd en Sterk verontreinigd onderscheiden.
Per klasse gelden kwaliteitseisen waaraan op parameterniveau getoetst moet worden. De toe te passen baggerspecie moet van dezelfde of betere kwaliteit zijn dan de kwaliteit van de ontvangende bodem. Toepassen baggerspecie in of op landbodem Voor toepassing van baggerspecie in of op de landbodem worden voor baggerspecie de klassen Landbouw/natuur, Wonen, Industrie, Matig verontreinigd en Sterk verontreinigd onderscheiden. Per klasse gelden kwaliteitseisen waaraan op parameterniveau getoetst moet worden. De toe te passen baggerspecie moet van dezelfde of betere kwaliteit zijn dan de kwaliteit van de ontvangende bodem.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
10
Grootschalige toepassingen Het Besluit activiteiten leefomgeving stelt eisen en voorwaarden aan grootschalige toepassingen. Dit zijn toepassingen waarbij het vaak gaat om grote hoeveelheden grond of baggerspecie, of om specifieke toepassingssituaties, zoals grondlichamen bij (spoor)wegen, dijken of het verondiepen van diepe plassen. Als wordt voldaan aan de voorwaarden voor grootschalige toepassing, dient de grond of baggerspecie getoetst te worden aan de kwaliteitseisen die zijn opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit. Voor baggerspecie wordt hierbij in eerste instantie getoetst aan de emissietoetswaarden. Indien hier niet aan wordt voldaan kan met uitloogonderzoek de werkelijke emissie worden getoetst aan de Maximale emissiewaarden. Daarnaast dient baggerspecie bij toepassing in een grootschalige toepassing op landbodem te voldoen aan de kwaliteitseisen van de klasse Industrie. Bij een grootschalige toepassing in een oppervlaktewaterlichaam dient baggerspecie ook te voldoen aan de kwaliteitseisen van de klasse Matig verontreinigd. Als de baggerspecie hieraan voldoet is sprake van Emissiearme baggerspecie.
Situatie gemeente Heemstede De gemeente Heemstede heeft in 2022 haar bodemfunctieklassenkaart en bodemkwaliteitskaart laten actualiseren in samenwerking met 12 andere gemeenten voor de regio Zuid- Kennemerland-IJmond. In de bodemkwaliteitskaart is rekening gehouden met PFAS-verbindingen PFOA en PFOS. Het stand-still principe uit het Besluit bodemkwaliteit wordt hierbij gevolgd voor grondverzet binnen het eigen beheergebied. Voor de waterbodem zijn nog geen kwaliteitskaarten beschikbaar. Hiervoor moet altijd een waterbodemonderzoek worden uitgevoerd conform NEN5720:2023. Voor stedelijk gebied wordt hiervoor minimaal het standaardanalysepakket A gebruikt, aangevuld met PFAS (28 verbindingen). Een uitzondering op de onderzoeksplicht bestaat voor het verspreiden van baggerspecie uit watergangen die in beheer zijn van het waterschap en op basis van vooronderzoek geheel onverdacht zijn (Rbk 2022, art. 5.21, lid 3). Voor stedelijk gebied is dit niet van toepassing.
3.4 Handelingskader PFAS Sinds de jaren 60 zijn veel nieuwe stoffen ontwikkeld met specifieke en unieke eigenschappen. Een voorbeeld hiervan zijn Poly- en perFluor Alkyl Stoffen, beter bekend als PFAS. De basis van deze stoffen bestaat uit een keten van Koolstof en Fluor samengevoegd met een specifieke stofgroep. In totaal bestaat PFAS uit meer dan 6000 stoffen met onder andere de stoffen perfluoroctaanzuur (PFOA), perfluoroctaansulfaat (PFOS) en HFPO-DA (GenX). PFAS-verbindingen zijn water-, vet- en vuilafstotend en blijven stabiel bij hoge temperaturen. Deze eigenschappen maken PFAS-verbindingen geschikt voor industriële toepassingen en toepassingen in consumentenproducten. Vanaf 2000 staan verschillende PFAS-stoffen onder de aandacht omdat wetenschappelijk onderzoek aantoont dat deze stoffen schadelijk zijn voor het bodem- en watersysteem, met uiteindelijk effecten op de mens. Hierdoor zijn een deel van de PFAS-stoffen op de lijst van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) geplaatst. Het overheidsbeleid is gericht op het weren van deze stoffen uit de leefomgeving en om de stoffen in het milieu aan te pakken met gericht beheer. Dit beleid is opgenomen in het Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie van december 2023. Hierin is het verplicht gesteld om baggerspecie te onderzoeken op PFAS.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
11
Situatie gemeente Heemstede Met het opstellen van de Nota bodembeheer voor de regio Zuid- Kennemerland- IJmond zijn voor PFAS Lokale Maximale Waarden vastgesteld. Deze staan genoemd in de Nota bodembeheer en komen overeen met het Handelingskader PFAS (dec 2021). Maar ook hier geldt dat voor het bepalen van de kwaliteit van de waterbodem een waterbodemonderzoek conform NEN 5720 nodig is, waarbij ook PFAS wordt meegenomen in het analysepakket.
3.5 Waterschapswet In de Waterschapswet zijn de taken en bevoegdheden van de waterschappen geregeld. Volgens deze wet stelt de provincie een waterschapsreglement vast. In deze provinciale verordening worden bepaalde taken opgedragen aan het waterschap, gebaseerd op de Waterschapwet en de Omgevingswet. Onderdeel van het takenpakket is het opstellen van een waterschapverordening en het vaststellen van een onderhoudslegger. Waterschapsverordening en legger Alle regels en afspraken over het beheer van sloten, beken, rivieren en andere waterlopen zijn door het waterschap vastgelegd in de Waterschapsverordening. Voor het Hoogheemraadschap van Rijnland betreft dit de Waterschapsverordening van september 2025 en de Onderhoudsverordening van 1 januari 2024. De afmetingen en onderhoudsplicht van de in beheer zijnde watergangen is vastgelegd in de Legger oppervlaktewateren 2018 van Hoogheemraadschap van Rijnland. In de legger zijn gegevens van waterstaatswerken opgenomen, zoals de locatie en de (minimale) afmetingen. De onderhoudslegger legt vast wie voor welk waterstaatswerk onderhoudsplichtig is.
Afbeelding 3.2: Doorsnede oppervlaktewater met termen, bron: Toelichting op de legger 2018 Rijnland Typen oppervlaktewater De waterschappen onderscheiden verschillende typen oppervlaktewater. Over het algemeen geldt dat de hoofdverbindingen als primair water worden beschouwd. De andere watergangen met een lokale bergings- en/of transportfunctie worden als secundair en tertiair water getypeerd. Voor deze watergangen is in het algemeen de aangelande verantwoordelijk voor het onderhoud.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
12
Gewoon en buitengewoon onderhoud De waterschapsverordening geeft voorschriften over het onderhoud van oppervlaktewaterlichamen. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen: ● Gewoon onderhoud Het onderhoud dat zich hoofdzakelijk richt op het verwijderen van voorwerpen en (schadelijke) begroeiing van of uit oppervlaktewateren die de afvoer en of de berging van water verhinderen; ● Buitengewoon onderhoud Instandhouding van wateren overeenkomstig het in de legger bepaalde omtrent richting, vorm, afmeting en constructie.
Situatie gemeente Heemstede ● Primair water: Tenzij anders afgesproken, is het waterschap verantwoordelijk voor het gewoon (maaien) en buitengewoon onderhoud (baggerwerkzaamheden) van hoofdwatergangen. ● Overig oppervlaktewater: Tenzij anders afgesproken is de gemeente onderhoudsplichtig voor het gewoon onderhoud (maaien) en het buitengewoon onderhoud (baggeren) van de schouwsloten waarvan zij geheel of gedeeltelijk aanliggende eigenaar zijn.
3.6 Natuurbescherming Sinds 1 januari 2024 geldt de Omgevingswet. De voormalige Wet natuurbescherming is opgenomen in de Omgevingswet via een Aanvullingswet, Aanvullingsbesluit en een Aanvullingsregeling natuur. Zorgplicht In de Omgevingswet (Ow) is een brede zorgplicht opgenomen voor de gehele fysieke leefomgeving (artikel 1.6 en 1.7 Ow). Dit houdt in dat iedereen verantwoordelijk is voor een veilige en gezonde leefomgeving. Iedereen die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat zijn activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de fysieke leefomgeving is verplicht om maatregelen te nemen om deze nadelige gevolgen te voorkomen, te beperken of ongedaan te maken of de activiteit achterwege te laten. Vergunningsplicht Voor het uitvoeren van activiteiten moeten deze getoetst worden aan de Omgevingswet. Activiteiten die de natuur betreffen zijn opgenomen in hoofdstuk 11 van het Bal. Uit de toetsing blijkt of voor het uitvoeren van de werkzaamheden: ● • een omgevingsvergunning aangevraagd moet worden. ● • onder een vrijstelling gewerkt kan worden. ● • geen beperkingen gelden. Gedragscodes voor soortbescherming Handelingen in het kader van bestendig beheer en onderhoud of ruimtelijke ontwikkeling en inrichting kunnen onder een vrijstelling vallen, wanneer aantoonbaar gewerkt wordt volgens een goedgekeurde gedragscode.
Er is een sectorale gedragscode voor gemeenten; de ‘Gedragscode soortbescherming gemeenten’ van de Koninklijke Vereniging Stadswerk (goedgekeurd 09-06-2025). Deze gedragscode is van toepassing op specifieke voorbereidende en uitvoerende werkzaamheden die door gemeenten of in opdracht van gemeenten worden uitgevoerd op locaties waar wettelijk beschermde soorten aanwezig (kunnen) zijn. Door te handelen volgens deze gedragscode, worden negatieve effecten
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
13
op (lokale) populaties van beschermde dieren en planten inzichtelijk gemaakt en voorkomen of beperkt. Vrijstellingen in het kader van bestaande goedgekeurde gedragscode soortenbescherming gemeenten blijven geldig tot 31 maart 2030.
Situatie gemeente Heemstede De gemeente Heemstede werkt volgens de Gedragscode soortenbescherming gemeenten 2025. Voor aanvang van een werk moeten de effecten van het werk op binnen de gemeente voorkomende soorten, in kaart worden gebracht met een ecologische quickscan. Voor de uitvoering van regulier baggerwerk buiten Natura-2000-gebieden kan over het algemeen gewerkt worden zonder vergunning, op basis van de gedragscode. Afhankelijk van aangetroffen soorten flora en/of fauna kunnen maatregelen nodig zijn of een beperking gelden voor de uitvoeringsperiode. De te nemen maatregelen moeten worden vastgelegd in een ecologisch werkprotocol.
3.7 Riooloverstorten Voor de meeste baggerspecie is lokaal hergebruik of verspreiding op aangrenzende percelen geen probleem. Echter, als baggerspecie afkomstig is uit watergangen in de buurt van een riooloverstort, kan dit niet zomaar op de kant worden toegepast. Deze overstortbagger is namelijk mogelijk verontreinigd met ziektekiemen (pathogene micro-organismen) en kan daarom risico’s opleveren voor (jong) vee en de kwaliteit van het dierlijk product. Baggerspecie uit de buurt van riooloverstorten is uitgesloten van hergebruik binnen het Besluit bodemkwaliteit. Voor baggerspecie uit de directe nabijheid van riooloverstorten wordt het advies van de Unie van Waterschappen gevolgd. Voor de specie tot 250 meter aan weerszijden van het overstort (bij een wisselende of onbekende stromingsrichting) of 500 meter stroomafwaarts (bij een duidelijke stromingsrichting) is het uitgangspunt dat vanwege potentiële risico’s voor jongvee, ongeacht de milieuhygiënische kwaliteit, er geen ontvangstplicht geldt.
Situatie gemeente Heemstede De gemeente Heemstede heeft nog geen beleid ten aanzien van overstortbagger. De meeste riooloverstorten liggen in stedelijk gebied. In dit baggerplan wordt gerekend met het afvoeren van baggerspecie uit het stedelijk gebied naar erkende depots of stortlocaties. Bij het voorbereiden van de baggerwerken worden de locaties van riooloverstorten in kaart gebracht en zal de specie uit de betreffende monstervakken worden afgevoerd.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
14
3.8 Asbest Asbesthoudend materiaal is, vooral in de periode 1945-1980, in veel verschillende vormen toegepast in onder andere bouwwerken en oeververdedigingen. In 1993 is een beroepsmatig verbod op de verkoop van asbesthoudend producten ingesteld en is ook een ‘zorgplicht’ in werking getreden. Sinds 1998 is het ook voor particulieren verboden asbesthoudende materialen toe te passen. Vanuit het verleden worden asbesthoudende materialen nog zeer regelmatig aangetroffen, vaak in de vorm van oeververdediging of asbesthoudend dakmateriaal. Ook bouw- en sloopafval bevat vaak asbest. Voor de vaststelling of asbest een belemmering vormt voor hergebruik van baggerspecie gelden de volgende normwaarden: ● De kwaliteitseis van 100 mg/kg d.s. asbest (gewogen). Dit betreft de kwaliteitseis zoals opgenomen in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit in tabellen 1, 2, 3b, 3c, 3d, 3e. Baggerspecie met een asbestgehalte hoger dan 100 mg/kg d.s. kan niet worden hergebruikt en moet worden afgevoerd naar een verwerker of rijksdepot. ● De helft van de kwaliteitseis van 100 mg/kg d.s: 50 mg/kg d.s. asbest (gewogen) Als baggerspecie een asbestgehalte tussen 50 en 100 mg/kg d.s. bevat, is conform NEN 5707 aanvullend onderzoek nodig. Als het gehalte lager is dan 50 mg/kg d.s, is het statistisch aannemelijk dat ook de waarde van 100 mg/kg d.s. bij aanvullend onderzoek niet overschreden zal worden.
Aanvullend onderzoek is conform NEN 5707 dan niet nodig. Het gewogen gehalte wordt bepaald door het gehalte serpentijnasbest te vermeerderen met 10x het gehalte amfiboolasbest. Wanneer asbest opzettelijk is toegevoegd, geldt voor alle kwaliteitsklassen de waarde van 0 mg/kg d.s.
Situatie gemeente Heemstede In de voorbereiding van een baggerwerk moet de aanwezigheid van asbest in en rondom de watergangen in kaart worden gebracht conform de NEN5717:2023. Indien de waterbodem als asbestverdacht aangemerkt wordt, dient een milieuhygiënisch waterbodemonderzoek naar asbest conform NEN5720:2023 uitgevoerd te worden. Bij dit baggerplan worden de watergangen niet bemonsterd. Tijdens de profielmetingen van de watergangen zijn locaties waar zichtbaar asbest is aangetroffen op kaart genoteerd. Deze gegevens zullen worden meegenomen bij de voorbereiding van baggerwerkzaamheden.
3.9 Archeologie De omgang met cultureel erfgoed, waaronder archeologisch waardevolle objecten in de (water)bodem, is sinds 1 januari 2024 geregeld in de Omgevingswet. Het gaat hierbij om de omgevingsvergunning voor rijksmonumenten, het aanstellen van een monumentencommissie, of rekening houden met cultureel erfgoed in omgevingsplannen. De regelgeving over het behoud en beheer van cultureel erfgoed is sinds 2016 ondergebracht in de Erfgoedwet. Samen met de Erfgoedwet maakt de Omgevingswet een integrale bescherming van cultureel erfgoed mogelijk. Op gemeentelijk niveau is het bestemmingsplan hiervoor het belangrijkste instrument. Gemeenten houden bij de vaststelling van een bestemmingsplan of het verlenen van een vergunning rekening met in de grond aanwezige of te verwachten archeologische waarden. Bij gebieden waar de waarden niet bekend zijn, maar waar de bodemopbouw de aanwezigheid van archeologische waarden
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
15
mogelijk maakt, wordt gesproken van een archeologische verwachting. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de archeologische beleids- en verwachtingskaarten.
Situatie gemeente Heemstede Aangenomen wordt dat alle watergangen in dit plan al eens gebaggerd zijn of zijn gegraven na 1945. Daarnaast wordt de vaste bodem niet ontgraven. De kans op het aantreffen van archeologisch waardevolle voorwerpen is daarom zeer klein. Indien de vaste bodem uit de watergang wel ontgraven wordt, moet altijd een inschatting worden gemaakt of er archeologisch waardevolle voorwerpen kunnen zitten. Eventueel dient een archeologisch (voor)onderzoek plaats te vinden. De Provincie Noord-Holland heeft tien gebieden in Noord-Holland aangewezen die een bovenregionale archeologische waarde vertegenwoordigen. De gebieden met archeologische waarden en/of verwachtingen zijn te raadplegen via https://leidraadlc.noord-holland.nl/wpcontent/uploads/2018/04/Beschrijving-archeologisch-belang-tien-gebieden.pdf
Binnen de gemeente Heemstede liggen geen aandachtsgebieden vanuit de Provincie.
3.10 Ontplofbare Oorlogsresten Voor ontplofbare oorlogsresten zijn geen rijksregels opgenomen in de Omgevingswet. Decentrale overheden, zoals gemeenten, hebben de mogelijkheid zelf regels op te stellen voor de fysieke leefomgeving, waaronder ontplofbare oorlogsresten. Op de website BeoBOM.nl is een kaart beschikbaar waarop de ruimingen door de EODD zijn weergegeven. Daarnaast zijn geregistreerde luchtaanvallen en bekende mijnenvelden weergegeven. Dit kan ook een vertrekpunt zijn bij werkzaamheden de waterbodem.
Situatie gemeente Heemstede In 2018 heeft de gemeente Heemstede een NGE-risicokaart op laten stellen door REASeuro. Deze rapportage geeft aan: ▪ op welke locaties sprake is van een NGE-risicogebied; ▪ welke soort, hoeveelheid en verschijningsvorm van een NGE kan worden verwacht; ▪ wat het advies is mbt de (voorbereiding van de) uit te voeren werkzaamheden Wanneer grondroerende werkzaamheden uitgevoerd moeten worden binnen één van de NGErisicogebieden, dient een projectgebonden risicoanalyse NGE uitgevoerd te worden. In de voorbereiding van een baggerwerk dient deze rapportage te worden gecheckt.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
16
4
Uitgangspunten Baggerprogramma
De onderhoudstoestand van het watersysteem wordt bepaald door de kwaliteit van de baggerspecie én de kwantiteit (hoeveelheid) in het systeem. In dit hoofdstuk gaan we in op de huidige onderhoudstoestand van het watersysteem. De onderhoudstoestand is digitaal vastgelegd in WIT.
4.1 Milieuhygiënische kwaliteit waterbodem De milieuhygiënische kwaliteit van de baggerspecie in de watergangen heeft grote invloed op verwerkingsmogelijkheden. Daarnaast heeft de kwaliteit van de bagger invloed op de bovenliggende waterkolom en daarmee op de belevingswaarde, waterkwaliteit en biodiversiteit (zie §6.4). De milieuhygiënische kwaliteit voor het uitvoeren van baggerwerkzaamheden (volgens de Regeling bodemkwaliteit en Handelingskader PFAS), wordt bepaald met een waterbodemonderzoek. Voor het opstellen van een baggerplan is een inschatting van de kwaliteit voldoende. Hiervoor kijken we naar: ● landgebruik aangrenzend perceel (landbouw, stedelijk, industrie); ● potentiële bronnen (PFAS en Rbk); ● aanwezigheid van rioolwateroverstorten; ● historische kwaliteitsgegevens. Op basis van ervaringscijfers blijkt dat een onderverdeling te maken valt in 3 categorieën volgens tabel 4.1. Tabel 4.1 Inschatting kwaliteit waterbodem Categorie
Beschrijving
Indicatieve kwaliteit
Landelijk gebied
Watergangen in landelijk gebied, bos en verspreidbaar / licht verontreinigd natuurgebieden
Stedelijk gebied
Watergangen in stedelijk gebied, bedrijventerrein en lichte industrie
70% verspreidbaar / licht verontreinigd 30% niet verspreidbaar / matig verontreinigd
Potentieel verontreinigd
Havens, (zware) industrie, vliegvelden, PFAS-bronnen en oude binnensteden (indien bekend)
niet verspreidbaar / matig tot sterk verontreinigd
Landgebruik aangrenzend perceel Voor het bepalen van de indicatieve kwaliteit van de baggerspecie, is de ligging en het aanliggend landgebruik het meest bepalend. Verwacht wordt dat watergangen in stedelijk gebied en rondom bedrijven/industrieterreinen een verhoogde kans hebben op niet verspreidbare baggerspecie. Van havens, watergangen rond zware industrie en vliegvelden en watergangen in oude binnensteden wordt aangenomen dat de baggerspecie niet verspreidbaar is en wordt geclassificeerd als matig tot sterk verontreinigd. Potentiële PFAS-bronnen Volgens het Handelingskader PFAS, is heel Nederland verdacht op het voorkomen PFAS-verbindingen. Oorzaken van de diffuse verontreiniging met PFAS-verbindingen zijn de veelvuldige en grootschalige toepassing van PFAS-verbindingen, en atmosferische depositie van PFAS-verbindingen vanwege de emissie door PFAS producerende en PFAS verwerkende industrie. Secundaire bronnen omvatten (voormalige) stortplaatsen, RWZI’s en afvalverbrandingscentrales, zoals omschreven in het kennisdocument PFAS. Indien een watergang naast een mogelijke PFAS-bron ligt wordt aangenomen dat de baggerspecie niet verspreidbaar is.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
17
Aanwezigheid van riooloverstorten/RWZI Baggerspecie uit de buurt van riooloverstorten is uitgesloten van hergebruik binnen het Besluit bodemkwaliteit. Hetzelfde geldt voor baggerspecie afkomstig uit watergangen waar een RWZI (rioolwaterzuiveringsinstallatie) op loost of heeft geloosd. Voor deze watergangen wordt aangenomen dat de baggerspecie niet herbruikbaar is en dat deze afgevoerd dient te worden naar een erkende verwerker. Historische kwaliteitsgegevens De kwaliteit van de baggerspecie is in 2014 indicatief bepaald. De ervaring leert dat dit een goed uitgangspunt is om de kosten voor het baggerwerk in te schatten. Voor de toetsresultaten wordt verwezen naar de rapportage “Baggerplan Heemstede 2015-2024” (Tijhuis Ingenieurs, Y14010.bp.rp.0104, d.d. februari 2015). De watergangen die zijn toegevoegd aan het areaal ten opzichte van de vorige versie of waar geen indicatieve kwaliteit is bepaald, hebben een kwaliteit toegekend gekregen op basis van tabel 4.1. In WIT© zijn de kwaliteiten eenvoudig terug te zien.
4.2 Hoeveelheid baggerspecie De hoeveelheid baggerspecie in het jaar van baggeren is afhankelijk van de slibaanwas en het onderhoudsniveau op het moment van meten. In deze paragraaf wordt hierop ingegaan. Voor het baggerplan 2020-2029 is het complete areaal ingemeten. De afgelopen jaren is door de gemeente Heemstede op de meeste locaties baggeronderhoud uitgevoerd. Hiervoor zijn profielen ingemeten voor (inpeiling) en na de uitvoering van de baggerwerkzaamheden (uitpeiling). De uitpeilingen zijn vervolgens als nieuwe nulsituatie in WIT ingeladen. Voor een aantal watergangen waar geen (recente) dwarsprofielen van bekend zijn is een nieuwe inmeting uitgevoerd. Per profiel is de ligging van de sliblaag, vaste bodem en het waterpeil bepaald. Voor het berekenen van de hoeveelheid baggerspecie zijn de meetgegevens ingevoerd in het digitaal baggerbeheerprogramma WIT. Per profiel is de totale hoeveelheid baggerspecie en de hoeveelheid baggerspecie binnen de legger bepaald. In WIT zijn per watergang onder andere de volgende gegevens opgenomen: ● Lengte ● Leggerprofiel ● Onderhoudsprofiel (leggerprofiel + overdiepte) ● Hoeveelheid baggerspecie totaal, in leggerprofiel en in het onderhoudsprofiel In WIT zijn de locaties van de dwarsprofielen en de bijbehorende slibhoeveelheden in te zien.
Slibaanwas Door sedimentatie van slib (de slibaanwas) neemt de dikte van een sliblaag in een watergang jaarlijks toe. Zo is de hoeveelheid slib over 10 jaar meestal aanzienlijk groter dan op het moment van meting. Dit heeft gevolgen voor de uitvoering en de kosten van toekomstig baggerwerk. De slibaanwas is van een aantal factoren afhankelijk. Om te beginnen spelen de locatie, het bodemtype van aangrenzend terrein en de breedte van de watergang een belangrijke rol. Daarnaast valt te denken aan de afbraak van ingespoeld of ingewaaid organisch materiaal, afspoeling van bodemateriaal vanaf de oevers en veetrap. Slibtransport vanuit aanliggende wateren kan op bepaalde plaatsen ook zorgen voor aanzienlijke slibaanwas. Praktijkervaring leert dat de slibaanwas in regionale watergangen meestal ligt tussen de 1 en 5 cm per jaar. Voor de gemeente Heemstede is uitgegaan van een gemiddelde slibaanwas van 1,5 cm per jaar. Voor de watergangen in het wandelbos Groenendaal is op basis van ervaring een aanwascijfer van 3 cm/jaar en voor de Woonschepenhaven is een aanwas van 4 cm/jaar aangehouden.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
18
Te baggeren profiel Het onderhoudsprofiel is gebaseerd op de leggerdata voor oppervlaktewateren van het Hoogheemraadschap van Rijnland 2025 en is vastgesteld voor de meeste watergangen. Indien de diepte van de watergang niet meer voldoet aan het leggerprofiel dient de watergang gebaggerd te worden. Bij het baggeren wordt meestal een overdiepte ten opzichte van het leggerprofiel aangehouden; er wordt dan gebaggerd tot het onderhoudsprofiel. Dit gebeurt om ervoor te zorgen dat de watergang na het baggeren nog ca. 10 jaar voldoet aan het leggerprofiel. Voor dit baggerplan wordt een overdiepte van 0,2 m aangehouden. Bij de uitvoering van baggerwerkzaamheden wordt meestal gekozen voor een onderhoudsprofiel op diepte. Om de te verwijderen hoeveelheden en daarbij behorende kosten hierop aan te passen, is voor de berekening van de te verwijderen hoeveelheid baggerspecie in WIT een rekenprofiel toegepast. Dit is een lijn op leggerdiepte en onderhoudsdiepte. Zie ter illustratie afbeelding 4.1. De te verwijderen hoeveelheid wordt berekend tot aan de onderhoudsdiepte.
Afbeelding 4.1: Visualisatie dwarsprofiel in WIT met Rekenprofiel Voor watergangen waarvoor geen leggerprofiel beschikbaar is, wordt aangesloten op het gangbare leggerprofiel uit aanliggende watergangen. Voor overige watergangen wordt een minimale waterdiepte van 0,5 m ten opzichte van het streefpeil aangehouden. Voor het baggeren van de watergangen is de volgende baggerstrategie gehanteerd: ● Watergangen smaller dan 3 meter worden tot vaste bodem gebaggerd; ● Watergangen breder dan 3 meter worden gebaggerd tot legger + overdiepte (onderhoudsdiepte). ● Voor de Cruquiushaven wordt alleen de vaargeul gebaggerd, niet onder de woonboten. Watergangen zonder profiel Niet in alle watergangen is een profiel ingemeten. Om een goede inschatting te kunnen maken van de jaarlijks te baggeren hoeveelheden en te maken kosten is een inschatting gemaakt het aantal m3/m baggerspecie per watergang zonder profiel. Voor deze inschatting zijn per breedte-categorie representatieve kuubs vastgesteld, deze zijn in tabel 4.2 weergegeven. Deze indicatieve kuubs zijn bepaald op basis van de ingemeten profielen in het gebied met een slibaanwas van 5 jaar (1,5 cm per jaar).
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
19
Tabel 4.2 Representatieve hoeveelheden Breedtecategorie
Representatieve te baggeren hoeveelheid (m3/m)
(droge) greppel
0,25
0 - 3 meter
0,45
3 - 5 meter
1,2
5 - 10 meter
2,25
10 - 20 meter
4,5
> 20 meter
6,0
De breedte van de watergangen is bepaald op basis van een analyse van de GBT. Wanneer in de komende jaren profielen worden ingemeten in watergangen zonder profiel vervallen de representatieve m 3/m en wordt de te baggeren hoeveelheid bepaald op basis van de inpeiling.
4.3 Baggermethoden Voor het baggeren van de watergangen binnen de gemeente is onderscheid gemaakt in de volgende uitvoeringsmethoden: ● Kraan vanaf de kant, eventueel met lange giek Watergangen langs wegen of in het buitengebied worden gebaggerd met een kraan vanaf de kant. De kraan verspreidt de baggerspecie op de aanliggende oever, of slaat deze over in een vrachtwagen.
● Schuifboot en kraan Watergangen die te breed zijn en daarom niet met een kraan vanaf de kant gebaggerd kunnen worden, worden gebaggerd met een schuifboot en een kraan. Daarnaast wordt ook een schuifboot ingezet waar geen ruimte is om met een kraan te komen. Met een schuifboot wordt de baggerspecie naar een overslagpunt geschoven. Met een kraan wordt de baggerspecie overgeslagen in een vrachtwagen. ● Kraan op ponton Voor zeer brede watergangen, vijvers en meren wordt vaak gekozen om te baggeren met een kraan vanaf een ponton. De baggerspecie wordt ontgraven en in beunbakken of een beunschip geladen. Bij gebruik van beunbakken, worden deze naar een overslaglocatie gevaren. Hier wordt de baggerspecie overgeslagen in een beunschip dat direct naar de stortlocatie vaart, of in vrachtwagens.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
20
Bij het baggeren van verontreinigde specie kunnen ook de bovenstaande technieken worden gebruikt. Hierbij moeten arbeidshygiënische maatregelen worden genomen ter bescherming van personen en moet mors van baggerspecie worden opgevangen en direct opgeruimd. Bij het baggeren van meer dan 1.000 m3 sterk verontreinigde baggerspecie moeten de werkzaamheden bovendien worden uitgevoerd door een BRL7003-erkende aannemer met milieukundige begeleiding (protocol BRL6003).
4.4 Verwerkingsmogelijkheden De kosten voor het baggeren zijn met name afhankelijk van de uiteindelijke bestemming van de baggerspecie. Onder verwerken wordt in principe verstaan het verspreiden, toepassen, bewerken (scheiden en/of reinigen) en storten van de baggerspecie. Voor de gemeente Heemstede zijn de volgende verwerkingsmethoden geselecteerd om nader uit te werken: ● verspreiden van baggerspecie ● inrichten van een weilanddepot ● aanleggen/gebruiken van een gemeentelijk depot ● hergebruik of direct toepassen van baggerspecie ● storten van baggerspecie De geschikte verwerkingsmogelijkheden zijn in de volgende alinea’s verder uitgewerkt. Verspreiden van baggerspecie Milieuhygiënisch gezien kan baggerspecie worden verspreid indien bij toetsing aan normen uit het verspreidingskader de baggerspecie als “vrij verspreidbaar” of “verspreidbaar over aangrenzend perceel” wordt aangemerkt. Praktisch gezien betekent dit dat de baggerspecie op aan de watergang grenzende percelen kan worden verspreid, of op landbouwgronden die tot maximaal 10 km afstand liggen van waar de baggerspecie is vrijgekomen. In het stedelijk gebied binnen de gemeente Heemstede is het op de kant verwerken van de baggerspecie vaak niet mogelijk (fysieke belemmeringen) of niet wenselijk (esthetisch).
Het direct (op de aanliggende) kant verspreiden van baggerspecie zal in de praktijk in de gemeente Heemstede weinig worden gedaan. Wel zijn er mogelijkheden om te verspreiden op landbouwgronden binnen de 10km-grens. Weilanddepots Een bijzondere vorm voor het verspreiden van baggerspecie is het realiseren van een weilanddepot. Een weilanddepot mag gerealiseerd worden op aan dezelfde watergang gelegen percelen en op percelen met een landbouwfunctie tot 10 km van de te baggeren watergang. Na indroging moet de baggerspecie ter plaatse nuttig worden toegepast (drooglegging, structuurverbetering) of binnen de afstand van 10 km van diezelfde watergang worden verwerkt. Bij het inrichten van een weilanddepot wordt een deel van het terrein ontgraven voor het aanleggen van de kades rondom. Hiervoor is in de sommige gevallen wel een omgevingsvergunning nodig (ontgraven terrein voor kades >0,2 meter of meer dan 1.000 m3). De nuttige toepassing moet altijd gemeld worden. Het inrichten van een weilanddepot wordt als een goede verwerkingsmogelijkheid gezien voor verspreidbare baggerspecie in stedelijk gebied. De gemeente Heemstede heeft een viertal mogelijke locaties voor verspreiding van baggerspecie binnen de gemeente aangegeven. Deze locaties liggen buiten het stedelijk gebied en zijn in eigendom van de gemeente en worden gebruikt door een pachter.
Als een perceel kan worden gebruikt, zullen er afspraken gemaakt moeten worden over de periode dat het perceel niet gebruikt kan worden en de oplevering van het perceel na het verspreiden van de baggerspecie. Eventueel kan een onkostenvergoeding voor het gebruik van het perceel worden afgesproken. In de raming van de baggerkosten is hier geen rekening mee gehouden. De kosten voor een weilanddepot inclusief onkostenvergoeding zijn in de regel lager dan de kosten voor afvoeren van de baggerspecie.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
21
Afbeelding 4.2: Mogelijke verspreidingslocaties baggerspecie in de gemeente Heemstede Baggerspeciedepot in eigen gemeente De gemeente Heemstede heeft op dit moment geen eigen baggerspeciedepot. Het opzetten, beheren en administreren van een eigen, klein, baggerdepot, is onder de huidige regelgeving voor de gemeente te tijdrovend en specialistisch. Hergebruik of direct toepassen van baggerspecie Onder hergebruik wordt verstaan het verwerken van de baggerspecie door een erkende (gecertificeerde) verwerker. Dit kan bijvoorbeeld voor niet toepasbare baggerspecie die door een erkend verwerker wel mag worden bewerkt tot toepasbaar materiaal. Ook verspreidbare of toepasbare baggerspecie waarvoor geen locatie beschikbaar is, kan worden hergebruikt bij een erkende verwerker. Nuttig toepassen binnen de kaders van het Bbk is bijvoorbeeld het verondiepen van een voormalige zandwinput. Deze optie is interessant bij grootschalige baggerwerken waarbij de toepassingslocatie op redelijk korte afstand ligt. Toepassen is ook het direct toepassen van baggerspecie op landbodem of als waterbodem. Voor de tijdelijke opslag en hergebruik van de baggerspecie of de verwerking van baggerspecie in voormalige zandwinputten komen op dit moment de volgende locaties in aanmerking: ● Honswijkerplas, Tull en ’t Waal; ● Baggerdepot Van Ooien, Woerden.
Storten van baggerspecie Onder het storten wordt verstaan het binnen een inrichting op of in de bodem brengen van baggerspecie om zich van deze stoffen te ontdoen. Een definitieve stortplaats kan zowel voor natte als gedroogde specie worden ingericht en kan zowel onder als boven water liggen. Voor het verkrijgen van vrijstelling van afvalstoffenbelasting bij het storten van baggerspecie op een stortplaats waar ook andere afvalstoffen worden gestort, moet sinds 1 april 2014 een
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
22
baggerspecieverklaring worden overgelegd.. Als een baggerspecieverklaring niet geleverd kan worden dient een extra heffing betaald te worden. Bij het uitvoeren van het waterbodemonderzoek en het zoeken naar een geschikte afzetlocatie dient hiermee rekening gehouden te worden.
4.5 Controlepeilingen en actualiseren baggerplan De looptijd van dit baggerplan is 10 jaar. De hoeveelheden en kosten worden berekend op basis van een aantal uitgangspunten, waaronder een inschatting van de slibaanwas. Om beter inzicht te krijgen in de onderhoudstoestand en de reële slibaanwas, wordt in 2030 een volgende actualisatie van het baggerplan geadviseerd. Bij de actualisatie wordt allereerst een geometrie-update uitgevoerd. Dit betreft een controle, en zo nodig aanpassing van de te onderhouden scope. Daarnaast worden controlepeilingen uitgevoerd in alle watergangen die nog niet gebaggerd zijn. Voor de meetinspanning wordt een raaiafstand aangehouden van 250 meter. Op basis van de laatste uitpeilingen en controlepeilingen: • wordt een betrouwbaar beeld verkregen van de actuele onderhoudstoestand; • worden knelpunten (watergangen met een onderhoudsachterstand) opgespoord; • kan de actuele baggerplanning waar nodig worden bijgesteld; • wordt beter inzicht verkregen in de lokale slibaanwascijfers. Daarnaast wordt tegelijkertijd een actualisatie van de wet- en regelgeving uitgevoerd en bekeken of de uitgangspunten van het baggerplan nog aansluiten bij de wensen en ambities van de gemeente Heemstede.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
23
5
Kosten baggerwerkzaamheden
In deze paragraaf worden de kosten weergegeven die als uitgangspunt zijn aangehouden voor de berekeningen van de baggerplanning (prijspeil 2025). De kosten worden uitgedrukt als eenheidsprijs per m3 in-situ. Hierdoor kan op basis van de hoeveelheidgegevens een vertaalslag worden gemaakt naar de kosten per te baggeren watergang.
5.1 Kosten methode, verwerking en uitvoering Voor de mogelijk toepasbare baggermethoden binnen de gemeente, zoals beschreven in paragraaf 4.3, zijn eenheidsprijzen vastgesteld. Deze zijn opgenomen in tabel 5.1. Tabel 5.1: Eenheidsprijzen baggermethode Baggermethode
Kosten (€/m3)
Kraan vanaf de kant, afzet op aanliggend terrein
€ 4,00
Kraan vanaf de kant, overslaan in vrachtwagens
€ 5,00
Schuifboot en kraan
€ 14,00
Kraan op ponton
€ 12,50
Verwerkingskosten In paragraaf 4.4 zijn de verwerkingslocaties voor herbruikbare en niet herbruikbare specie besproken. In tabel 5.2 en 5.3 zijn de kosten per locatie voor het transport en de verwerking aangegeven. Tabel 5.2: Eenheidskosten per in-situ m3 bij herbruikbare baggerspecie Onderdeel
Eigen perceel
Depot Woerden
Honswijkerplas
Transport
€ 6,50
€ 16,05
€ 18,65
Verwerking
€ 3,00
€ 18,00
€ 9,00
Totaal
€ 9,50
€ 34,05
€ 27,65
Tabel 5.3: Eenheidskosten per in-situ m3 per onderdeel bij niet-herbruikbare baggerspecie Onderdeel
Depot De Slufter
Afvalzorg Middenmeer
Transport
€ 20,40
€ 16,05
Verwerking
€ 12,00
€ 28,00
Totaal
€ 32,40
€ 44,05
Eenmalige kosten aannemer In de eenheidsprijzen van een baggerwerk neemt de aannemer, naast de kosten voor baggeren, transport en verwerking van de baggerspecie, ook eenmalige kosten (uitvoeringskosten, algemene kosten, winst en risico) en overige werkzaamheden mee (aan- en afvoer materieel, opstellocaties, snoeiwerk, etc.) Uit analyse van gelijksoortige, uitgevoerde baggerwerkzaamheden in de afgelopen jaren blijkt dat de deze kosten ca. 25% zijn van de kosten voor het baggeren en bestemmen van de specie. De kosten van de baggerwerkzaamheden zijn gebaseerd op de eenheidstarieven als opgegeven in voorgaande alinea’s en opgehoogd met een percentage ‘algemene kosten aannemer’ van 25%.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
24
5.2 Uitgangspunten eenheidstarieven Bij het opstellen van dit baggerplan is niet exact bekend welke baggermethode of verwerkingslocatie per watergang wordt gekozen. Ook is nu niet bekend waar baggerspecie op de kant kan worden verwerkt of een weilanddepot kan worden ingericht. Daarom zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd voor baggeren en het verwerken van de vrijkomende baggerspecie: ● De meeste watergangen worden gebaggerd met een schuifboot met kraan; ● Bij enkele grote, brede watergangen wordt gebaggerd met een kraan op ponton; ● De vrijkomende specie wordt vervoerd naar een verspreidingslocatie of weilanddepot of een extern verwerkingsdepot; ● Op enkele locaties is verspreiden op de kant mogelijk. (Deze locaties zijn niet meegenomen in de kostenbepaling). In tabel 5.4 zijn de gehanteerde eenheidstarieven voor het baggeren samengevat. Tabel 5.4: Eenheidstarieven Methode
Kosten methode
Kosten incl. aannemerskosten
Baggeren Schuifboot met kraan
€ 14,00
€ 17,50
Kraan op ponton
€ 12,50
€ 15,65
Afvoeren naar weilanddepot
€ 9,50
€ 11,90
Afvoeren naar depot – herbruikbaar
€ 27,65
€ 34,60
Afvoeren naar depot – niet herbruikbaar
€ 32,40
€ 40,50
Verwerking (incl. transport)
5.3 Voorbereiding en begeleiding Naast de kosten voor de uitvoering van een baggerwerk moet ook rekening gehouden worden met voorbereidings- en begeleidingskosten: ● Uitvoeren van waterbodem- en asbestonderzoek en ecologisch onderzoek. ● Aanvragen van vergunningen, opstellen bestek, milieukundige begeleiding, het houden van toezicht en voeren van directie op de uitvoering van de baggerwerkzaamheden. ● Uitpeilen van de watergangen (nieuwe nulsituatie vastleggen) Deze kosten bedragen circa € 10.000 tot 15.000,- per km watergang, uitgaande van een gemiddelde scope van 1 tot 3 kilometer per jaar, zoals opgenomen in de planning. We gaan dan uit van 1 onderzoek (WBO) per jaar en een scope die ruimtelijk aaneengesloten is. Bij een kleinere scope of uitvoering in delen kunnen de eenheidstarieven fors hoger zijn. De kosten voor voorbereiding en uitvoering zijn niet in WIT opgenomen.
5.4 Ontvangstplicht baggerspecie De gemeente Heemstede is ontvangstplichtig voor verspreidbare baggerspecie die vrijkomt bij baggerwerkzaamheden van het Hoogheemraadschap van Rijnland waarvan de gemeente aanliggend eigenaar is. Hoeveel baggerspecie dit betreft, verschilt per jaar en is afhankelijk van de baggerplanning van het waterschap. In het baggerbeheerplan wordt hier per jaar een reservering voor gemaakt. De gemeente is alleen verantwoordelijk voor de afvoer van de baggerspecie (transport en verwerking) en niet voor het baggeren.
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
25
Voor de periode 2027-2028 staan in de gemeente Heemstede weer baggerwerkzaamheden door HHR gepland. Om de hoeveelheid te ontvangen slib te bepalen zijn de volgende uitgangspunten gebruikt: ● De hoeveelheden zijn door HHR bepaald op basis van inpeilingen met aanwasberekening; ● De specie uit de te baggeren watergangen is kwalitatief verspreidbaar; ● De vrijkomende baggerspecie kan niet op de kant verspreid worden en moet worden afgevoerd. Hiervoor betaalt de gemeente 100% van de afvoerkosten. Op basis van bovenstaande uitgangspunten is de gemeente verantwoordelijk voor de afvoer van circa 3.100 m³ slib. Het is nog onzeker in welk jaar de baggerwerkzaamheden worden uitgevoerd. In het baggerplan worden de kosten daarom verdeeld over de jaren 2027 en 2028. Daarnaast worden deze kosten geïndexeerd met een percentage van 6% per jaar (zie paragraaf 5.6 voor de onderbouwing). Op basis van deze uitgangspunten komt dit neer op circa € 124.133. In de meerjarenplanning worden onderstaande bedragen als reservering opgenomen. Tabel 5.5: kosten ontvangstplicht baggerwerk HHR Jaartal
Hoeveelheid te baggeren (m3)
Kosten per m3
Kosten voor de gemeente Heemstede
2027
1.550
38,88
€ 60.259
2028
1.550
41,21
€ 63.874
Totaal
3.100
€ 124.133
Een aantal primaire watergangen is door de gemeente aangewezen als vaarweg. HHR zal deze op de gewenste vaardiepte houden, hierbij wordt aangesloten op de reguliere baggerplanning van HHR. De betreffende watergangen zijn opgenomen in bijlage 3. Voor deze watergangen is een afwijkende kostenverdeling overeengekomen. ● Bij verspreidbare baggerspecie: ▪ Baggerkosten: 50% gemeente en 50% Rijnland ▪ Ontvangst bagger: 100% gemeente ● Bij niet verspreidbare baggerspecie: ▪ Baggerkosten: 50% gemeente en 50% Rijnland ▪ Ontvangst bagger: 50% gemeente en 50% Rijnland
Baggerplan gemeente Heemstede / Actualisatie Baggerbeleid- en beheerplan 2025 – 2034
26
5.5 Controlepeilingen en actualiseren baggerplan In 2030 worden in de watergangen die afgelopen jaren niet zijn gebaggerd controlepeilingen uitgevoerd (zie §4.5) volgens de SIKB-richtlijn Baggervolumebepalingen. Voor het berekenen van de kosten is uitgegaan van een profielafstand van gemiddeld 250 meter. Op basis van de controlepeilingen en uitgevoerde uitpeilingen in de periode 2025-2030 wordt de meerjarenplanning voor 2030 -2035 opgesteld. Daarnaast worden de uitgangspunten van dit baggerplan getoetst aan de op dat moment actuele wet- en regelgeving en zo nodig geactualiseerd. In onderstaande tabel is een overzicht gegeven van de te verwachten kosten voor de controlepeilingen en het updaten van het baggerplan. Tabel 5.6: kosten controlepeilingen en actualiseren baggerplan Jaartal
2030
Onderdeel Inmeten areaal
Lengte watergang (m)
Aantal profielen
Kosten per profiel
Kosten verwerking/ voorbereiding
Kosten totaal
2.000
8
€ 60,00
€ 500
€ 980
€ 12.500
€ 12.500
Updaten baggerplan
Totaal
€ 13.480
5.6 Indexatie Prijzen van producten en diensten zijn aan verandering onderhevig. De mate van verandering is wisselend en afhankelijk van externe, en soms onzekere, factoren. De verwachting is dat de prijzen over een periode van 10 jaar (de looptijd van dit baggerplan) zullen stijgen. Met welk percentage, is niet vooraf te bepalen. Aan de hand van de indexatiecijfers van de afgelopen 10 jaar, kan wel een inschatting worden gedaan. Hiervoor zijn de indexatiecijfers Grond-, weg- en waterbouw (GWW) en deelcategorie waterbouwkundige werken en bouw geanalyseerd. Voor beide categorieën is het gemiddelde indexatiecijfer over de periode 2019-2024 6%. De kosten voor het baggerwerk zullen hiermee jaarlijks verhoogd worden.