ANTWOORD vragen nota activabeleid cie MID.pdf
Tekst van het document
Vragen & antwoorden - Commissie middelen woensdagavond 24 mei 2023 Op woensdagavond 24 mei 2023 heeft de vergadering van de commissie middelen plaatsgevonden. Naar aanleiding van deze vergadering zijn een aantal vragen gesteld die aan de hand van deze mail beantwoord worden. 1. Waarom worden andere gebouwen dan onderwijsgebouwen in 40 jaar afgeschreven? Antwoord: Het overgrote deel van de gebouwen die bij ons nog op de balans staan (niet schoolgebouwen), zijn al vrij oud en hierdoor niet duurzaam om een afschrijvingstermijn van 60 jaar te hanteren. Om deze reden hebben wij deze categorie niet meegenomen in de laatste actualisatie van het activabeleid. Als de raad het gelijk wil trekken, dan kan dit uiteraard overwogen worden. 2. Wat zijn de kosten als de afschrijvingstermijn wordt teruggebracht van 60 jaar naar 40 jaar? Antwoord: Gekeken naar de investeringen binnen de termijn van de kadernota 2024-2027 zijn er twee locaties die in het investeringsprogramma zijn opgenomen. Dit zijn de verbouwing van de Overboslaan en de Crayenesterschool. De totale investering van beide locaties betreft €11.857.746,-. Indien de afschrijvingstermijn wordt aangepast van 60 jaar naar 40 jaar, betekent dit een stijging van de kapitaallasten van ongeveer €100.000,- structureel. Uiteraard werkt dit nog door voor het hele IHP, alleen vallen deze nog buiten de scope van de kadernota.
De kapitaallasten voor het hele IHP worden uiteraard ook nog hoger, dit wordt duidelijk bij de eerste actualisatie van HEVO. Zie voor een overzicht de bijlage ‘verschillenanalyse afschrijvingstermijnen IHP’. 3. Waarom kiezen wij voor een afschrijvingstermijn van 60 jaar? Antwoord: De compensatie die de gemeente via het gemeentefonds ontvangt voor onderwijshuisvesting is gebaseerd op een afschrijvingstermijn van 60 jaar en niet op 40 jaar. Dit houdt in dat bij een afschrijvingsduur van 40 jaar de gemeente het verschil uit eigen middelen moet bijleggen. De architect en de accountant adviseren om ook gedifferentieerd af te schrijven (componentenbenadering). Dit is overeenkomstig de richtlijnen vanuit het BBV die dit mogelijk maken. 4. Waarom wordt er bij sommige afschrijvingen voor annuïtair afschrijven gekozen? Antwoord: In paragraaf 4.2 van de nota activabeleid 2023 (Methoden van afschrijven) wordt onderscheid gemaakt tussen lineair en annuïtair afschrijven. In deze paragraaf wordt toegelicht dat annuïtair afschrijven alleen wordt toegepast op een aantal sportaccommodaties, sportvelden en hieraan gerelateerde activa omdat de kapitaallasten van deze investeringen veelal worden gedekt door huuropbrengsten (zie afspraak 6 in de nota activabeleid). 5.
Wat is de hoogte van de inhaalafschrijving voor de Nicolaas Beetsschool? Antwoord: De inhaalafschrijvingen van de Nicolaas Beetsschool bedragen circa €250.000. Een specificatie is te vinden in het financieel overzicht van het IHP. Met deze inhaalafschrijvingen is rekening gehouden en worden conform de nota reserves en voorzieningen gedekt uit de reserve IHP. 6. Wat staat er in de verordening onderwijshuisvesting? Antwoord: In de verordening onderwijshuisvesting staat het volgende: permanent gebouw: ruimte die door de keuze van het ontwerp en de aard van de constructie en materialen ten minste 60 jaren als volwaardige huisvesting voor het onderwijs kan functioneren. Totale investeringen 70% bouwkosten € 11.857.746,00
Verschil
2026 € 316.207,00 € 415.021,00
2027 € 325.891,00 € 423.618,00
€ 98.814,00
€ 97.727,00
kapitaallasten 60 jaar kapitaallasten 40 jaar