ANTWOORD Vragen GroenLinks 251203 Manpad t.b.v. raadvergadering 17 dec 2025.pdf
Tekst van het document
Vragen Groen Links Manpad Ontvangen 3 december 2025
Vraag 1. Waarom zijn de beheerskosten geheim en kunnen deze niet openbaar besproken worden. Er is ons inzien geen strategisch belang of ander belang in het geding die bij art. 5.1 (WOO) genoemd worden. GEHEIM Antwoord:
Vraag 2. De historische landschapsstructuur en cultuurhistorische stedenbouwkundige structuur gelden als kader voor project ‘gebied Manpad’”. Waar is de toetsing van de ontwikkelvisie aan dat kader? Antwoord Het door de gemeenteraad in 2023 vastgestelde participatieplan vermeldt als landschappelijke en cultuurhistorische kader: Het karakter van de Manpadslaan en het Manpadslaangebied blijft behouden. De ontwerp Ontwikkelvisie Gebied Manpad (Volume 1) gaat in hoofdstuk 3 ‘Landschapsanalyse’ uitgebreid in op het gebied Manpad en omgeving. Aan de hand van de thema’s cultuurhistorie, bodem, natuur, water en ruimtelijk wordt het gebied en omgeving omschreven en verklaard. Op basis van dit onderzoek is het in hoofdstuk 2 van Volume 3 van de ontwikkelvisie opgenomen planconcept voor het plangebied Manpad tot stand gekomen.
In paragraaf 2.2 ‘Het idee achter het plan’ staat de toetsing van het nu voorliggende planconcept dat voldoet aan het hierboven genoemde kader uit het participatieplan.
Vraag 3. Een kader is dat er een groenstructuur zou komen om de verbindingsfunctie voor planten en dieren goed te kunnen vervullen. Hoe kan er dan een plan komen met dwars daar doorheen een ontsluitingsweg? Antwoord Het kader in het door de gemeenteraad vastgestelde participatieplan stelt dat er een natuurpark Manpad wordt gecreëerd (…) dat een (groene) verbinding met het Groenendaalse Bos vormt. Een ander kader uit het participatieplan is dat de toegang tot de bebouwing via de Herenweg komt. Aan beide kaders wordt voldaan. Het plan wordt een belangrijke schakel om nabij gelegen ecologische verbindingszones met elkaar te verbinden en houdt rekening met verbindingen richting het Groenendaalse Bos en Huis te Manpad. De aanwezigheid van de nieuwe weg vanaf de Herenweg richting de nieuwe woningen doet niets af aan de toekomstige ecologische functie van het gebied. Door de lage woningdichtheid kent het plan ook een lage verkeersintensiteit. Door deze lage verkeersintensiteit is de negatieve invloed van de weg op het ecologisch functioneren van de weg beperkt. Vraag 4. Het STOMP-principe is uitgangspunt voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Waar is de toetsing van de ontwikkelvisie aan dat kader? Antwoord Het STOMP-principe is een beleidsprincipe/voorkeursvolgorde, geen genormeerde standaard.
In het plan voor plangebied Manpad zijn de ontsluitingswegen ook met fietsroutes uitgerust, waardoor fietsers en voetgangers zich veilig kunnen bewegen en naar de bushalte op de Herenweg kunnen lopen. Door ook langzaamverkeerroutes vanuit de Rivierenwijk en de Manpadslaan op te nemen, wordt het STOMP-principe ondersteund en versterkt. Ook de huidige bewoners van de omringende wijken kunnen wandelen en fietsen in het plangebied Manpad. Vraag 5. Voldoet de ontwikkelvisie aan de Nota Ecologie en het groenbeleidsplan? Waar is de toetsing van de ontwikkelvisie aan deze nota’s? Antwoord In de Nota ecologie zijn 7 thema’s verwerkt (ecologische verbindingen, groengebieden, watergangen, openbaar groen, openbare ruimte, particulier groen, sociale verbinding). De visie zoals die er nu ligt voldoet aan alle 7 thema’s. In het Groenbeleidsplan worden drie uitgangspunten gegeven. 1. Openbaar groen is de basis voor ecologisch inrichten, beheer en onderhoud 2. Openbaar groen draagt bij aan alle maatschappelijke- en klimaatopgaven 3. Openbaar groen is er voor iedereen en we doen het samen
Het plan schetst de kaders om te voldoen aan gestelde uitgangspunten. Een ontwikkelvisie is echter een abstractieniveau te hoog om te kunnen toetsen of we voldoen aan de concrete normen. Dit wordt in een volgende fase getoetst als de plannen concreter zijn ingevuld.
Vraag 6. a. Zijn er stikstof berekening gemaakt Antwoord Ja. Deze zijn in opdracht van de ontwikkelaar gemaakt. b. Is er een natuurvergunning aangevraagd Antwoord Nee. ==================== Toelichting vragensteller
Artikel 5.1 Uitzonderingen 1.Het openbaar maken van informatie ingevolge deze wet blijft achterwege voor zover dit: a. de eenheid van de Kroon in gevaar zou kunnen brengen; b. de veiligheid van de Staat zou kunnen schaden; c. bedrijfs- en fabricagegegevens betreft die door natuurlijke personen of rechtspersonen vertrouwelijk aan de overheid zijn meegedeeld; d. persoonsgegevens betreft als bedoeld in paragraaf 3.1 onderscheidenlijk paragraaf 3.2 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming, tenzij de betrokkene uitdrukkelijk toestemming heeft gegeven voor de openbaarmaking van deze persoonsgegevens of deze persoonsgegevens kennelijk door de betrokkene openbaar zijn gemaakt; e. nummers betreft die dienen ter identificatie van personen die bij wet of algemene maatregel van bestuur zijn voorgeschreven als bedoeld in artikel 46 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming, tenzij de verstrekking kennelijk geen inbreuk op de levenssfeer maakt. 2. Het openbaar maken van informatie blijft eveneens achterwege voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen de volgende belangen: a. de betrekkingen van Nederland met andere landen en staten en met internationale organisaties;
b. de economische of financiële belangen van de Staat, andere publiekrechtelijke lichamen of bestuursorganen, in geval van milieu-informatie slechts voor zover de informatie betrekking heeft op handelingen met een vertrouwelijk karakter; c. de opsporing en vervolging van strafbare feiten; d. de inspectie, controle en toezicht door bestuursorganen; e. de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer; f. de bescherming van andere dan in het eerste lid, onderdeel c, genoemde concurrentiegevoelige bedrijfs- en fabricagegegevens; g. de bescherming van het milieu waarop deze informatie betrekking heeft; h. de beveiliging van personen en bedrijven en het voorkomen van sabotage; i. het goed functioneren van de Staat, andere publiekrechtelijke lichamen of bestuursorganen. 3. Indien een verzoek tot openbaarmaking op een van de in het tweede lid genoemde gronden wordt afgewezen, bevat het besluit hiervoor een uitdrukkelijke motivering. 4. Openbaarmaking kan tijdelijk achterwege blijven, indien het belang van de geadresseerde van de informatie om als eerste kennis te nemen van de informatie dit kennelijk vereist. Het bestuursorgaan doet mededeling aan de verzoeker van de termijn waarbinnen de openbaarmaking alsnog zal geschieden. 5.
In uitzonderlijke gevallen kan openbaarmaking van andere informatie dan milieuinformatie voorts achterwege blijven indien openbaarmaking onevenredige benadeling toebrengt aan een ander belang dan genoemd in het eerste of tweede lid en het algemeen belang van openbaarheid niet tegen deze benadeling opweegt. Het bestuursorgaan baseert een beslissing tot achterwege laten van de openbaarmaking van enige informatie op deze grond ten aanzien van dezelfde informatie niet tevens op een van de in het eerste of tweede lid genoemde gronden. 6. Het openbaar maken van informatie blijft in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, in geval van milieu-informatie eveneens achterwege voor zover daardoor het in het eerste lid, onderdeel c, genoemde belang ernstig geschaad wordt en het algemeen belang van openbaarheid van informatie niet opweegt tegen deze schade. 7. Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op milieu-informatie die betrekking heeft op emissies in het milieu.