260610 Antwoord vragen HBB over uitgangspuntennotitie warmteprogramma.pdf
Tekst van het document
Vragen HBB over Uitgangspuntennotitie Warmteprogramma (agendapunt 6. in commissie Ruimte van 11 juni 2026 Beste griffie, bij deze enkele vragen inzake het Warmteprogramma dat komende commissie ruimte wordt behandeld. 1. De voorloper van het warmteprogramma is de Transitievisie Warmte (TW). Deze laatste is door de Raad vastgesteld. Het warmteprogramma gaat verder dan TW. Waarom is het college nu het orgaan dat deze vaststelt? Het verschil tussen de Transitievisie Warmte en het warmteprogramma komt voort uit de nieuwe wetgeving die in de tussentijd is vastgesteld. Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. In de Omgevingswet is opgenomen dat de gemeente een Omgevingsvisie vaststelt, deze is in Heemstede op 6 november 2025 vastgesteld door de raad. De Omgevingsvisie geeft de kaders voor de ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente. Het warmteprogramma is een programma onder de Omgevingswet. Voor een programma onder de Omgevingswet is het college bevoegd gezag omdat het de uitvoering beschrijft van het strategische plan uit de Omgevingsvisie. 2. Een van de verantwoordelijkheden van de raad is het stellen van kaders. Zoals ik heb begrepen worden die vastgelegd in het omgevingsplan.
Waarom meent het college die kaders dan zelf vast te stellen via de uitgangspuntennotitie warmteprogramma zijnde een collegebesluit? Met het vaststellen van de Omgevingsvisie heeft de raad de kaders gesteld voor de warmtetransitie. Het warmteprogramma is onderdeel van de uitvoering van de Omgevingsvisie. Uiteindelijk leidt het warmteprogramma op termijn tot het wijzigen van het omgevingsplan. Deze wijziging wordt de aanwijsbevoegdheid genoemd en is een raadsbevoegdheid. Op pagina 7 van de uitgangspuntennotitie staat hier meer over beschreven. 3. In de uitgangspuntennotitie van het warmteprogramma heeft het college de TW als basis gebruikt voor het opstellen van het Warmteprogramma. Met belanghebbenden (netbeheerders, woning coöperaties, waterschappen etc) en inwoners (enquête) is gesproken wat heeft geresulteerd de door het college vastgestelde zes uitgangspunten. In deze notitie vinden wij een samenvatting van de participatie. Waar kunnen wij de onderbouwing vinden van de uitkomsten van enquête en routekaart sessies? De onderbouwing van de uitkomsten van de participatiesessies leggen we vast in het participatiejournaal. Deze wordt opgenomen in het concept-warmteprogramma dat aan het eind van dit jaar op de planning staat. Een korte samenvatting van de resultaten van de enquête wordt op korte termijn gepubliceerd in de krant. 4. In de Omgevingsvisie (blz.
42) wordt voor klimaatadaptatie en verduurzaming een wijkgerichte aanpak voorgesteld waarbij de Vogelpark als eerst in beeld komt en de Provinciën buurt de andere kandidaat is. Is deze aanpak nog steeds opportuun? Momenteel zijn we bezig met het opstellen van de wijkvolgorde en de voorkeursoplossingen. In deze volgorde wordt rekening gehouden met eerder vastgesteld beleid.
5.
Ondanks dat het een collegebesluit is komt het volgende argument voor:
“5 – Door in te stemmen met de uitgangspuntennotitie volgt Heemstede de planning om in 2026 een (concept-)warmteprogramma vast te stellen. In 2026 moet de gemeente een warmteprogramma vaststellen, deze deadline wordt mogelijk nog uitgesteld. Op dit moment volgt de gemeente de planning. Door in te stemmen met deze notitie blijft de gemeente op deze koers.” De raad wordt dus gevraagd in te stemmen met deze notitie. Graag een opheldering over de bevoegdheid. De raad wordt niet gevraagd in te stemmen met deze notitie. Het college besluit in te stemmen met de notitie en het college legt het besluit voor aan de commissie om haar ideeën en suggesties over de uitgangspunten kenbaar te maken.