24. ingekomen e-mail 12 aangaande openbaar water ANONIEM.pdf
Tekst van het document
Van: Verzonden: Aan: Onderwerp: Bijlagen:
dinsdag 14 januari 2025 20:34 Raadsgriffier Heemstede Schriftelijke inspraak vergadering 16 januari commissie Ruimte Raadsvoorstel%20Vaststellen%20verordening%20openbaar%20water%20Heemstede% 202025%20.pdf
Geachte heer/mevrouw, Wij hebben onlangs kennisgenomen van bijgaand voorgenomen raadsbesluit m.b.t. de verordening openbaar water, dat in de Raadsvergadering van 30 januari 2025 zal worden besproken. Hiervoor wordt op 16 januari a.s. een inspraak vergadering gehouden en ten behoeve van deze vergadering doen wij u hierbij onze schriftelijke inspraak toekomen. Ondergetekenden wonen aan de te Heemstede en onze achtertuin grenst direct aan de . Om de volgende redenen willen wij bezwaar maken tegen het voorgenomen besluit inzake het invoeren van een vergunningsplicht en precariobelasting (liggeld) voor ligplaatsen aan prive oevers: -
-
-
-
Dit zijn ligplaatsen die exclusief bestemd zijn voor de bewoners van de betreffende percelen, dus dit draagt niet bij aan het verkorten van de wachtlijst. Aan de ligplaatsen op openbare grond zijn voor de gemeente extra kosten verbonden, want zij zijn immers verantwoordelijk voor onderhoud, aanleggen van voorzieningen, zorgen voor bereikbaarheid, etc. Deze extra kosten zijn niet van toepassing op ligplaatsen die direct grenzen aan particuliere grond, want de eigenaren hiervan zijn namelijk zelf verantwoordelijk voor het onderhouden van de oevers en beschoeiingen. Het gelijk stellen van een openbare ligplaats aan een ligplaats die grenst aan een prive oever is daarom volledig onjuist. De prijzen van onze huizen die direct grenzen aan open vaarwater zijn beduidend hoger dan vergelijkbare huizen die deze voorziening niet hebben. Op grond daarvan betalen zij ook een veel hoger bedrag aan onroerendzaakbelasting en dit levert voor de gemeente derhalve ook hogere inkomsten op. Dit voorgenomen besluit kan mogelijk leiden tot een directe waardevermindering van ons huis en wij zijn van mening dat het financieel nadeel dat hierdoor ontstaat door de gemeente zal moeten worden gecompenseerd. De gemeente wil bepaalde restricties gaan opleggen, zoals slechts 1 ligplaats per kavel, vaartuig uitsluitend van huiseigenaar, etc. Ook hier willen wij bezwaar tegen maken.
De volledige oever en beschoeiing aan de waterkant behoort tot de grond van de huiseigenaar en wij vinden het daarom een onaanvaardbare inperking van onze zeggenschap als wij niet meer volledig zelf kunnen bepalen wie of wat er aan de oever van onze achtertuin mag worden aangelegd. Eerder heeft de VNG al bepaald dat het is toegestaan om in het beleid een onderscheid te maken in vaartuigen die worden aangemeerd aan openbare grond en vaartuigen die aan particulier terrein worden aangemeerd, omdat de gemeente aan particuliere gronden – in tegenstelling tot openbare gronden - geen aanlegvoorzieningen realiseert, er geen ligplaatsnummer nodig is noch een sticker op het vaartuig. Voor de gemeente bestaat dus de mogelijkheid om onderscheid te maken tussen openbare ligplaatsen en ligplaatsen die grenzen aan prive oevers en wij vinden dat de gemeente van dit gerechtvaardigd onderscheid gebruik dient te maken. 1
Wij verzoeken u hierbij onze bezwaren zorgvuldig mee te nemen in de beoordeling van het voorgenomen besluit en roepen u op dit voornemen in te trekken. Mocht deze verordening onverhoopt definitief worden bekrachtigd, dan overwegen wij te zijner tijd hiertegen formeel bezwaar te maken. Wij zien uw reactie met belangstelling tegemoet, Met vriendelijke groet,
2